Zoekresultaat: 4 artikelen

x
Artikel

Access_open Duidelijke taal: wat heb je eraan?

Over in voorlichting ‘vertaalde’ (belasting)wetgeving

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2020
Trefwoorden vertrouwensbeginsel, voorlichting, inlichtingen, taal, rechtsbescherming
Auteurs Mr. drs. T.A. Cramwinckel
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij voorlichting aan burgers ‘vertaalt’ de Belastingdienst complexe belastingwetgeving naar begrijpelijke teksten voor burgers. Deze bijdrage behandelt een aantal praktische en fundamentele vragen die zich voordoen bij deze vertaalslag, zoals: wat is de juridische status van voorlichting? Welke ‘ingrepen’ zijn nodig in de vertaling? Is begrijpelijke taal alleen maar ‘goed’, of zijn er ook nadelen? Kunnen burgers rechten ontlenen aan ‘vertaalde’ belastingwetgeving? En wat betekent dat voor de belastingwetgever? Duidelijk wordt dat begrijpelijke taal nodig is, maar dat het juristen ook voor praktische en fundamentele vraagstukken stelt, waarbij burgers niet uit het oog mogen worden verloren.


Mr. drs. T.A. Cramwinckel
Mr. drs. T.A. (Tirza) Cramwinckel is verbonden aan de Universiteit Leiden als PhD-onderzoeker en docent. Zij is tevens verbonden aan Stibbe te Amsterdam.

    Op 11 juni 2014 heeft de Europese Commissie een formeel onderzoek ingesteld naar de door de Nederlandse belastingdienst afgegeven tax ruling aan koffieketen Starbucks. De Commissie heeft ernstige twijfels omtrent de verenigbaarheid van wat werd overeengekomen in deze ruling met de Europese staatssteunregels. De uiteindelijke uitkomst van deze zaak is vanuit het oogpunt van tax planning van een niet te onderschatten belang. Zij zal namelijk iets kunnen zeggen over de beleidsmarge die de Commissie de belastingdienst laat wanneer zij in concrete situaties invulling geeft aan de beginselen voor transfer pricing, zoals neergelegd in de Nederlandse belastingwetgeving en de OESO-regels.
    Openingsbesluit van de Europese Commissie SA.38374 (2014/C) (Nederland) van 11 juni 2014


Mr. H. Buelens
Mr. H. (Hannelore) Buelens is als wetenschappelijk onderzoeker verbonden aan het instituut Consument, Concurrentie en Markt van de Faculteit Rechtsgeleerdheid aan de KU Leuven, België. Deze bijdrage vertolkt louter de persoonlijke mening van de auteurs. Het artikel werd gefinaliseerd op 26 februari 2015. Met dank aan Joris Luts en Filip Debelva voor hun commentaren.

Mr. P. Jansen
Mr. P. (Pim) Jansen is als wetenschappelijk onderzoeker verbonden aan het instituut Consument, Concurrentie en Markt van de Faculteit Rechtsgeleerdheid aan de KU Leuven, België. Deze bijdrage vertolkt louter de persoonlijke mening van de auteurs. Het artikel werd gefinaliseerd op 26 februari 2015. Met dank aan Joris Luts en Filip Debelva voor hun commentaren.
Artikel

Åkerberg Fransson: ruim toepassingsgebied van Handvest op handelingen van lidstaten

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden Toepassingsgebied recht van de Europese Unie, Handvest, beginselen van het recht van de Europese Unie, ne bis in idem-beginsel, volle werking van het recht van de Europese Unie, prejudiciële procedure
Auteurs Mr. drs. M.A. Fierstra
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 26 februari 2013 heeft het Hof van Justitie het lang verwachte arrest Åkerberg Fransson gewezen. Gespannen werd naar dit arrest uitgekeken omdat de beantwoording van de prejudiciële vragen van de Zweedse verwijzende rechter duidelijkheid moesten brengen over de vraag wanneer lidstaten aan de verplichtingen van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (hierna: Handvest) zijn gebonden. Het arrest Åkerberg Fransson is daarmee van betekenis voor de rechtsgevolgen van het Handvest in de rechtsordes van de lidstaten. Deze bijdrage duidt de betekenis van dit arrest door het te plaatsen tegen de achtergrond van eerdere rechtspraak en de ontwikkelingen die hebben geleid tot een juridisch bindend Handvest en de analyse van het hoofdgeding op grond waarvan de verwijzende rechter heeft besloten het Hof van Justitie te adiëren.
    HvJ EU 26 februari 2013, zaak C-617/10, Åklagaren/Hans Åkerberg Fransson


Mr. drs. M.A. Fierstra
Mr. drs. M.A. Fierstra is raadsheer in de Hoge Raad der Nederlanden en redactielid van NTER.
Jurisprudentie

Doorprocederen na een geslaagde fiscale mediation: misbruik van procesrecht?

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 01 2005
Trefwoorden Vaststellingsovereenkomst, Belastingdienst, Mediation, Fiscaal, Belastingplichtige, Belastingadministratie, Belastingrechter, Belastingprocesrecht, Administratief proces, Overeenkomst
Auteurs Schelven, P.C. van

Schelven, P.C. van
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.