Zoekresultaat: 6 artikelen

x
Artikel

Access_open Just culture en herstelrecht in de afwikkeling van medische schade

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2019
Trefwoorden herstelrecht, restorative justice, just culture, medische aansprakelijkheid, schade
Auteurs Mr. B.S. Laarman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt onderzocht wat er vanuit een ‘herstelgericht’ perspectief te zeggen is over de afwikkeling van medische schade. Biedt restorative just culture aanknopingspunten voor een afwikkeling van medische schade die beter aansluit bij de behoeften van betrokkenen?


Mr. B.S. Laarman
Mr. B.S. Laarman is docent-onderzoeker aan het Amsterdam Centre for Comprehensive Law (ACCL), verbonden aan de afdeling Privaatrecht van de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit, en de uitvoerend onderzoeker in project OPEN.
Article

Access_open Autonomy in old age

Tijdschrift Family & Law, mei 2019
Auteurs prof. dr. Tineke Abma en dr. Elena Bendien
SamenvattingAuteursinformatie

    Background: In many European countries caring responsibilities are being reallocated to the older people themselves to keep the welfare state affordable. This policy is often legitimized with reference to the ethical principle of autonomy. Older people are expected to be autonomous, have freedom to make their own decisions, and be self-reliant and self-sufficient as long as possible.
    Aim: The purpose of this article is to explore whether and how older people can remain autonomous in order to continue living their lives in accordance with their own values in the context of declining professional caring facilities and shrinking social networks, and which concepts of autonomy can guide professionals and other involved parties in facilitating the choices of older people.
    Method: An empirical-ethical approach is used to interpret the moral values enacted in the caring practice for older people. Two cases are presented. One is the narrative of a woman who lives by herself; she has been hospitalized after a fall and hip fracture, but does not want to be operatied. The second is the narrative of man living in a residential home; he wants to be actively involved, doing good deeds like he always did as a Scout. The cases are evaluated with the help of two concepts of autonomy: autonomy as self-determination and relational autonomy.
    Results: In both cases the enactment of autonomy remains problematic. In the case of the woman there was not enough care at home to live up to her own values. After she was admitted to a hospital her wish not to be operated was questioned but ultimately honoured due to compassionate interference by close relatives and her oncologist. In the second case there was not enough space for the man to lead his life in the way he always had; his plans for improving the social environment in the care home were torpedoed by management and ultimately the man decided to step back.
    Conclusion: In order to do justice to the complexity of each empirical case that involves autonomy of an older person more than one concept of autonomy needs to be applied. Relying on self-determination or relational autonomy exclusively will give professionals and all involved parties a restricted view on the situation, where the wishes of older people are at stake. In both cases autonomy was overruled by system procedures and stereotypical ideas about old people as being weak and not able to make their own decisions. Both cases show, however, that older people - even if they are physically and mentally frail - long to remain morally responsible for the direction their lives are taking, in accordance with their own values. They communicate their wish to determine their own future and at the same time they are interdependent on others to realize their (relational) autonomy and require support in their attempt to maintain their identity. This conclusion has implications for the normative behaviour of the professionals who are involved in care and treatment of older people.
    ---
    Achtergrond: In veel landen wordt de verantwoordelijkheid voor de zorg voor ouderen naar de ouderen zelf verplaatst, dit teneinde de welvaartstaat betaalbaar te houden. Dit beleid wordt veelal gelegitimeerd met referentie naar het ethische principe van autonomie. Oudere mensen worden geacht autonoom te zijn, vrij te zijn om hun eigen beslissingen te nemen, en om zo lang mogelijk zelfredzaam te blijven.
    Doel: Het doel van dit artikel is om te onderzoeken of en hoe oudere mensen autonoom kunnen blijven teneinde hun leven in overeenstemming met hun eigen waarden te kunnen voortzetten in de context van teruglopende professionele zorgactiviteiten en krimpende sociale netwerken, en welke concepten van autonomie zorgprofessionals en andere betrokken partijen kunnen helpen bij het faciliteren van de keuzes door ouderen.
    Methode: Een empirisch-ethische benadering wordt gebuikt om de morele waarden in de zorgpraktijk voor ouderen te interpreteren. Twee casussen worden gepresenteerd. De eerste is het verhaal van een vrouw die op zichzelf woont. Ze is na een val waarbij haar heup is gebroken, in een ziekenhuis opgenomen, maar ze wil niet geopereerd worden. De tweede is het verhaal van een man die in een verzorgingshuis woont. Hij wil actief betrokken worden en goede dingen doen zoals hij die altijd heeft gedaan toen hij padvinder was. Beide verhalen worden met behulp van twee concepten van autonomie geëvalueerd: autonomie als zelfbeschikking en relationele autonomie.
    Resultaat: In beide casussen blijft de verwezenlijking van autonomie problematisch. In het geval van de vrouw was er thuis onvoldoende zorg om volgens haar waarden te kunnen leven. Toen zij in het ziekenhuis was opgenomen werd haar wens om niet te worden geopereerd tegen gehouden, maar uiteindelijk ingewilligd als gevolg van bemoeienis uit hoofde van barmhartigheid door directe verwanten en haar oncoloog. In het tweede geval was er voor de man onvoldoende ruimte om zijn leven te leiden op de manier zoals hij dat altijd had gedaan. Zijn plannen om de sociale omgeving in het verzorgingshuis te verbeteren werden door het management getorpedeerd en uiteindelijk heeft hij zich ervan teruggetrokken.
    Conclusie: Teneinde recht te doen aan de complexiteit van beide casussen die betrekking hebben op de autonomie van een oudere, dient meer dan één concept voor autonomie te worden ingezet. Het vertrouwen in zelfbeschikking of relationele autonomie alleen zal aan de professionals en alle andere betrokken partijen een beperkt zicht geven van de situatie wanneer het de wensen van ouderen betreft. In beide gevallen werd de autonomie ter zijde geschoven door protocollen en stereotypische ideeën over ouderen als kwetsbare personen die niet in staat zouden zijn om zelf hun beslissingen te nemen. Echter tonen beide voorbeelden aan dat ouderen, zelfs als ze fysiek en mentaal kwetsbaar zijn, de wens hebben om moreel verantwoordelijk te blijven voor de richting die hun leven zal nemen, in overeenstemming met hun eigen waarden. Zij geven de wens aan om hun eigen toekomst te bepalen en tegelijkertijd zijn ze onderling afhankelijk van anderen om hun (relationele) autonomie te verwezenlijken, én hebben ze behoefte aan steun bij hun poging om hun identiteit te behouden. Deze conclusie heeft gevolgen voor het normatieve handelen van professionals die bij de zorg en behandeling van ouderen betrokken zijn.


prof. dr. Tineke Abma
Professor dr. Tineke A. Abma is a full professor of Participation and Diversity at the Department of Medical Humanities of Amsterdam UMC, location VUmc.

dr. Elena Bendien
Dr. Elena Bendien is a social gerontologist and a senior researcher at the Department of Medical Humanities of Amsterdam UMC, location VUmc.
Artikel

VEILIG THUIS: multidisciplinaire aanpak van intrafamiliaal geweld en kindermishandeling onder één dak

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Family Justice Center, Multidisciplinary approach, Domestic Violence and Child abuse, Client-centered approach
Auteurs Pascale Franck
SamenvattingAuteursinformatie

    The Family Justice Centers are an international model where victims of domestic violence and child abuse can find all help needed under one roof. The FJCs are a collaboration of police, justice, welfare, help centers and authorities. The main target is empowering survivors of violence.
    The development of the FJC-model is situated in an evolution of the approach of these forms of violence, starting with the recognition of violence against women and child abuse towards a multidisciplinary and collaborative model starting from the needs of survivors of violence. The FJC-model is explained from a field worker point of view and further developments and expected evolutions are mentioned.


Pascale Franck
Pascale Franck is de co-director van het Family Justice Center te Antwerpen (vanuit de afdeling Justitiehuizen, departement WVG, Vlaamse overheid) en de vice-president van de European Family Justice Center Alliance. Zij werkt 27 jaar in het veld van intrafamiliaal geweld, seksueel geweld en kindermishandeling.
Artikel

Culturen van letselschadeafwikkeling

Indrukken uit een vergelijkend onderzoek naar de wijze van afwikkeling van letselschades in Engeland, Noorwegen en Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2016
Trefwoorden letselschade, schadeafwikkeling, personenschade, cultuurverschillen, rechtsvergelijking
Auteurs Mr. E.S. Engelhard en Prof. mr. S.D. Lindenbergh
SamenvattingAuteursinformatie

    Onderzoek naar de wijze waarop letselschades worden afgewikkeld in Engeland, Noorwegen en Nederland brengt relevante verschillen in afwikkelingsculturen aan het licht. De Engelse wijze van afwikkeling is sterk gericht op afwikkeling in rechte en is vergaand vercommercialiseerd. De Noorse praktijk kenmerkt zich door een op sociale zekerheid gebaseerde afwikkelingscultuur buiten rechte, die in hoge mate is gebaseerd op onderling vertrouwen. De Nederlandse praktijk van schadeafwikkeling heeft met de Engelse gemeen dat zij vorm krijgt in een commerciële setting tegen de achtergrond van het civiele aansprakelijkheidsrecht. Met de Noorse praktijk heeft zij gemeen dat het proces van afwikkeling in hoge mate is gebaseerd op overleg buiten rechte en op onderling vertrouwen.


Mr. E.S. Engelhard
Mw. mr. E.S. Engelhard is als promovenda verbonden aan de Erasmus School of Law.

Prof. mr. S.D. Lindenbergh
Prof. mr. S.D. Lindenbergh is als hoogleraar privaatrecht verbonden aan de Erasmus School of Law.
Artikel

The government’s roles in transnational forest governance

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2014
Trefwoorden transnational governance, forest certification, legality verification, emerging economies, public-private interaction
Auteurs Liu Jing
SamenvattingAuteursinformatie

    Forest certification schemes and the legality regime are two main methods of transnational forest governance. A recent review of the literature has revealed that the government and forest certification are often intertwined. Based on that review, this contribution argues that governments play divergent roles in forest certification schemes in different aspects of the regulatory process: namely, agenda and standard setting, implementation, monitoring, and enforcement. In most FSC schemes, governments in developed countries play a less active role in most of these aspects than they do in context-based industry-dominated schemes. In the three emerging economies examined – Indonesia, Brazil, and China – the government sometimes plays a more active role in context-based, industry-dominated schemes than it does in developed countries. The rising legality regime might further strengthen the role of the government in forest governance in these emerging economies. Moreover, China may exemplify the fact that forest governance is entering a new phase, because the country not only exports to countries demanding legal verification, but also imports from countries where the risk of illegal logging is high. This illustrates that the role of governments in forest governance is constantly evolving.


Liu Jing
Liu Jing is a postdoctoral researcher in Erasmus University Rotterdam (the Netherlands). She is conducting research on ‘smart mixes in relation to transboundary environmental problems’, especially in the areas of forest, fishery, oil and climate change governance. Her research interests cover regulation and governance, environmental law as well as law and economics.

    Elbers et al. studied the impact of being involved in a compensation process on the health of the claimant/plaintiff. Although there is some evidence that being involved has a negative effect on health, there is contradictory evidence concerning the explanatory factors. The authors review various empirical studies, pinpoint the contradictory conclusions and analyse their methodological strengths and weaknesses. Studies concerning the influence of claim settlement processes on the wellbeing of claimants offer insights from which suggestions can be derived for improvement of the position of claimants.


Nieke Elbers
Nieke Elbers is neuropsychologist and post-doc researcher at the Faculty of Law at the VU University Amsterdam. She wrote her PhD thesis about empowerment of injured claimants, investigating claim factors, procedural justice, and e-health.

Arno Akkermans
Arno Akkermans is professor at the Faculty of Law at the VU University Amsterdam. His research interests concern the impact of law and legal procedure on the wellbeing and health of individuals, in the context of civil procedure in general, and of the settlement of personal injury claims in particular.

Pim Cuijpers
Pim Cuijpers is professor of clinical psychology and head of the Department of Clinical Psychology at the Faculty of Psychology and Education at the VU University Amsterdam. He is specialised in conducting randomised controlled trials and meta-analyses on prevention and psychological treatments of common mental disorders, especially depression and anxiety disorders.

David Bruinvels
David Bruinvels is an epidemiologist and occupational physician working at the Netherlands Society of Occupational Medicine (NVAB), the Netherlands Cancer Institute (NKI), and the VU University Amsterdam. His research concerns developing and investigating interventions to improve return to work.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.