Zoekresultaat: 152 artikelen

x
Wetenschap

Conflicten, mensenrechtenschendingen en illegale mineralenhandel: een onderzoek naar (de doelstelling van) Verordening (EU) 2017/821

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2021
Trefwoorden conflictmineralen, mijnbouw, EU-importeurs, Democratische Republiek Congo, Dodd-Frank Act
Auteurs S.J. Kingdon en Prof. mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 januari 2021 is Verordening (EU) 2017/821 in werking getreden. De doelstelling van de Verordening is de handel in conflictmineralen nader te reguleren, opdat het verband tussen gewapende conflicten, mensenrechtenschendingen en de illegale exploitatie van conflictmineralen doorbroken kan worden. In dit artikel onderzoeken de auteurs de effectiviteit van de Verordening met betrekking tot haar doelstelling.


S.J. Kingdon
S.J. (Sebastian) Kingdon is masterstudent Ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.

Prof. mr. H. Koster
Prof. mr. H. (Harold) Koster is als hoogleraar Ondernemingsrecht verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht (afdeling Ondernemingsrecht) van de Universiteit Leiden. Hij is tevens verbonden aan de Universiteit van Dubai.
Artikel

Access_open ILO-Conventie 190: een ‘geïntegreerde aanpak’ van geweld en intimidatie?

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2021
Trefwoorden ILO-Conventie 190, Geweld en (seksuele) intimidatie, Gelijke behandeling, Arbeidsomstandigheden
Auteurs Mr. dr. Bas Rombouts
SamenvattingAuteursinformatie

    De twee meest recent aangenomen ILO-instrumenten – Conventie 190 en Aanbeveling 206 – reguleren de aanpak van geweld en intimidatie in de context van werk. Het fundament van deze instrumenten is een ‘inclusive, integrated and gender-reponsive approach’ die middels de routes van preventie en bescherming, handhaving en genoegdoening en advies en scholing dient te worden geïmplementeerd. Conventie 190 hanteert een brede definitie van ‘geweld en intimidatie’ en is van toepassing op formele werknemers, maar ook op andere groepen ‘werkenden’. Maar wat is de inhoud en het belang van deze geïntegreerde aanpak, bezien in nationaal en internationaal perspectief? Hoe verhoudt de bescherming tegen geweld en intimidatie onder gelijkebehandelingswetgeving en arbeidsomstandighedenrecht zich tot elkaar en voldoet het Nederlands juridisch raamwerk aan de voorgestelde ‘integrated approach’? Alhoewel de Conventie als normatieve basis gelijke behandeling en non-discriminatie neemt, geeft zij uitdrukkelijk de opdracht aan ratificerende lidstaten om een geïntegreerde aanpak toe te passen, waarbij geweld en intimidatie niet slechts onder gelijkebehandelingswetgeving, maar tevens onder arbeidsomstandighedenrecht en strafrecht worden ondergebracht om zo lacunes in de juridische bescherming voor slachtoffers te voorkomen. Alhoewel de juridische infrastructuur voor deze ‘integrated approach’ in Nederland aanwezig lijkt, is er nog een aantal aandachtspunten aangaande een effectieve implementatie hiervan, met name in relatie tot criteria voor zorgvuldige klachtbehandeling, risicoanalyse en aanpak en de rol van de vertrouwenspersoon.


Mr. dr. Bas Rombouts
Mr. dr. B. Rombouts is werkzaam als universitair hoofddocent aan het departement Private, Business and Labour Law van Tilburg Law School, Tilburg University. Hij is gespecialiseerd in internationaal arbeidsrecht, fundamentele arbeidsnormen, mensenrechten en duurzame ontwikkeling.
Artikel

De digitale algemene vergadering binnen Nederlandse beursvennootschappen: een volwaardig alternatief?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden digitalisering, empirie, statutenonderzoek, aandeelhoudersrechten, Tijdelijke wet Covid-19
Auteurs Mr. I. Öncü
SamenvattingAuteursinformatie

    Zowel in de praktijk als in de literatuur leeft de vraag of de digitale aandeelhoudersvergadering als volwaardig alternatief kan dienen voor de klassieke (fysieke) algemene vergadering. In dit artikel concludeert de auteur dat dit slechts bij een kleine groep beursvennootschappen het geval is. Deze vennootschappen waarborgen namelijk dat ieder aandeelhoudersrecht behouden blijft wanneer digitaal wordt vergaderd.


Mr. I. Öncü
Mr. I. Öncü is als promovendus en docent verbonden aan het Van der Heijden Instituut (OO&R, Radboud Universiteit Nijmegen).
Article

Access_open Migration and Time: Duration as an Instrument to Welcome or Restrict

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Migration, EU migration law, time
Auteurs Gerrie Lodder
SamenvattingAuteursinformatie

    States apply different material conditions to attract or restrict residence of certain types of migrants. But states can also make use of time as an instrument to design more welcoming or more restrictive policies. States can apply faster application procedures for desired migrants. Furthermore, time can be used in a more favourable way to attract desired migrants in regard to duration of residence, access to a form of permanent residence and protection against loss of residence. This contribution makes an analysis of how time is used as an instrument in shaping migration policy by the European Union (EU) legislator in the context of making migration more or less attractive. This analysis shows that two groups are treated more favourably in regard to the use of time in several aspects: EU citizens and economic- and knowledge-related third-country nationals. However, when it comes to the acquisition of permanent residence after a certain period of time, the welcoming policy towards economic- and knowledge-related migrants is no longer obvious.


Gerrie Lodder
Gerrie Lodder is lecturer and researcher at the Europa Institute of Leiden University.
Artikel

Is datagedreven risicogebaseerd toezicht op termijn effectief?

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3-4 2020
Trefwoorden data, risicogebaseerd toezicht,, sciencedatagedreven toezicht, agentgebaseerd modelleren, inspecteurs
Auteurs Haiko van der Voort, Ivo Sedee, Tom Booijink e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Welke effecten kunnen we op termijn verwachten als inspecteurs op basis van data risicogebaseerd gaan werken? We hebben een agentgebaseerd model ontwikkeld waarmee we verschillende scenario’s kunnen testen. Het model bevestigt het potentieel van datagedreven toezicht op de effectiviteit voor inspecties. Maar het waarschuwt ook voor bias, omdat met datagedreven toezicht alleen data van risicovolle bedrijven worden verkregen. Een beperkt aantal willekeurige inspecties kan de datakwaliteit al fors doen toenemen. Daarmee waarschuwen we voor te veel optimisme over de efficiëntie van datagedreven risicogebaseerd toezicht. Bovendien reiken we een model aan waarmee een optimum tussen datagedreven en willekeurige inspecties te bepalen is.


Haiko van der Voort
Dr. H.G. van der Voort is universitair docent Organisatie & Governance aan de TU Delft, Faculteit Techniek, Bestuur en Management.

Ivo Sedee
I.R. Sedee Msc is junior adviseur bij Antea Group.

Tom Booijink
Ir. T.J.P. Booijink is coördinator van het data science cluster bij de NVWA.

Elske van der Vaart
Dr. E.E. van der Vaart is data scientist bij de NVWA.
Article

Access_open South African Mandatory Offers Regime: Assessing Minorities’ Leverage to Seek Recourse and Equal Treatment in Takeover Bids

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2020
Trefwoorden company takeovers, mandatory offers, minority shareholders, equal treatment, acquisition procedure
Auteurs Paul Nkoane
SamenvattingAuteursinformatie

    A firm intention announcement must be made when the offeror is able and willing to acquire securities, and when a mandatory offer must be made. When the firm intention announcement is implemented, some sort of a contract is created. This rule has helped to determine the particular time the offeror should be liable to minorities. The question of when the offeror should bear the obligation to implement mandatory offers in aborted takeovers is thus no more problematic. Previously, the courts wrestled with this issue, but delivered what appears to be unsatisfactory decisions. This article will discuss the effect of a firm intention announcement and the responsibility that attends the making of that announcement. It intends to illustrate the extent of liability the offeror must bear in the event of a lapsed takeover, before and after the making of the firm intention announcement. The article examines the manner in which takeover rules can be enforced, and whether the current measures afford minorities proper protection. This brings to light the issue of equal treatment in takeovers and the fallacy thereof. A minor appraisal of the takeover rules in two jurisdictions in Europe (the United Kingdom and the Netherlands) is conducted to assess how equal treatment for minorities is promoted. Due to the difficulty minorities may experience in enforcing equal treatment in company takeovers, the article advocates for the alteration of the current South African takeover procedure for the promotion of minorities’ interests and for establishing rules that provide the offeror adequate information.


Paul Nkoane
Paul Nkoane is lecturer at the College of Law of the University of South Africa in Pretoria.
Article

Access_open 2020/27 Freedom of religion: a tale of two cities

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Religious discrimination
Auteurs Filip Dorssemont
SamenvattingAuteursinformatie

    Are the outcomes of the CJEU judgments on religious discrimination essentially different from the outcome of similar cases dealing with restrictions on the freedom of religion ruled by the ECtHR?


Filip Dorssemont
Filip Dorssemont is a Professor of Labour Law at Université catholique de Louvain and Guest Professor at Free University of Brussels.

    The UK Employment Tribunals and England and Wales Court of Appeal (case [2018] EWCA Civ 2748) have ruled that any Uber driver who has the Uber App switched on, is in the territory where he/she is authorised to work, and is able and willing to accept assignments, is working for Uber under a worker contract. The UK courts disregarded some of the provisions of Uber’s driver agreement. They had been entitled to do so because the relevant provisions of the driver agreement did not reflect the reality of the bargain made between the parties. The fact that Uber interviews and recruits drivers, controls the key information, requires drivers to accept trips, sets the route, fixes the fare, imposes numerous conditions on drivers, determines remuneration, amends the driver’s terms unilaterally, and handles complaints by passengers, makes it a transportation or passenger carrier, not an information and electronic technology provider. Therefore the UK courts resolved the central issue of for whom (Uber) and under a contract with whom (Uber), drivers perform their services. Uber is a modern business phenomenon. Regardless of its special position in business, Uber is obliged to follow the rules according to which work is neither a commodity nor an online technology.


Andrzej Świątkowski
Andrzej Marian Świątkowski is a professor at Jesuit University Ignatianum in Krakow. ((ORCID: 0000-0003-1753-7810))
Article

Access_open Basel IV Postponed: A Chance to Regulate Shadow Banking?

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Basel Accords, EU Law, shadow banking, financial stability, prudential regulation
Auteurs Katarzyna Parchimowicz en Ross Spence
SamenvattingAuteursinformatie

    In the aftermath of the 2007 global financial crisis, regulators have agreed a substantial tightening of prudential regulation for banks operating in the traditional banking sector (TBS). The TBS is stringently regulated under the Basel Accords to moderate financial stability and to minimise risk to government and taxpayers. While prudential regulation is important from a financial stability perspective, the flipside is that the Basel Accords only apply to the TBS, they do not regulate the shadow banking sector (SBS). While it is not disputed that the SBS provides numerous benefits given the net credit growth of the economy since the global financial crisis has come from the SBS rather than traditional banking channels, the SBS also poses many risks. Therefore, the fact that the SBS is not subject to prudential regulation is a cause of serious systemic concern. The introduction of Basel IV, which compliments Basel III, seeks to complete the Basel framework on prudential banking regulation. On the example of this set of standards and its potential negative consequences for the TBS, this paper aims to visualise the incentives for TBS institutions to move some of their activities into the SBS, and thus stress the need for more comprehensive regulation of the SBS. Current coronavirus crisis forced Basel Committee to postpone implementation of the Basel IV rules – this could be perceived as a chance to complete the financial regulatory framework and address the SBS as well.


Katarzyna Parchimowicz
Katarzyna Parchimowicz, LLM. Finance (Frankfurt), is PhD candidate at the University of Wrocław, Poland, and Young Researcher at the European Banking Institute, Frankfurt, Germany.

Ross Spence
Ross Spence, EURO-CEFG, is PhD Fellow at Leiden University Law School, and Young Researcher at the European Banking Institute and Research Associate at the Amsterdam Centre for Law and Economics.
Artikel

Access_open Macht, misdaad en exces

Enkele inleidende reflecties

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2020
Auteurs Dr. Bas van Stokkom en Dr. mr. Marc Schuilenburg
Auteursinformatie

Dr. Bas van Stokkom
Dr. Bas van Stokkom is senior onderzoeker bij de Vaksectie Strafrecht & Criminologie, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Radboud Universiteit Nijmegen.

Dr. mr. Marc Schuilenburg
Dr. mr. Marc Schuilenburg is universitair docent Strafrecht en Criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Publieke waarden of publiek conflict: democratische grondslagen voor de slimme stad

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2020
Trefwoorden public values, smart city, citizen participation, anti-technological protest, democratic legitimacy
Auteurs Prof. dr. Liesbet van Zoonen
SamenvattingAuteursinformatie

    Public values and citizen participation are key terms in smart city discourse that are propagated by all its actors, from governments to corporations and civil society. Nevertheless, the design and development of smart cities are hardly ‘public’ as some publics and some forms of participation are never included. This is particularly visible in current protests against a key enabling technology for smart cities, 5G. These contestations tend to be considered ill-informed and irrational, while their methods are seen as conflictual rather than helpful. In this article the author argues that the public value approach to smart cities is rooted in a deliberative perspective of democracy, while the tensions that are produced by 5G and other forms of anti-technological protest are better understood as part of agonistic democracy. Such conflicts about the new smart technologies that are currently hidden from public sight need to be articulated and constructed as contentious issues for electoral politics, in order for the smart city to acquire its democratic legitimacy.


Prof. dr. Liesbet van Zoonen
Prof. dr. E.A. van Zoonen is academisch directeur van het LDE Centrum voor Bold Cities van de Erasmus Universiteit Rotterdam, www.bold-cities.nl.
Artikel

Over het recht op de smart city

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2020
Trefwoorden smart city, right to the city, technological solutionism, participation, disorder
Auteurs Dr. Maša Galič
SamenvattingAuteursinformatie

    While smart city initiatives claim to be ‘citizen-focused’ or ‘citizen-centric’, there are several troubling aspects of how citizenship and social relations are produced within them. First, they prioritize technological solutions to social and urban problems from the perspective of businesses and states, rather than serving local communities. With a focus on digital technology, they also exclude a wide range of marginalized publics from the possibility to participate in the smart city and only rarely address issues of social differences in cities. The smart city thus creates new or exacerbates existing challenges to the possibility of all city dwellers to fully enjoy urban life with all of its services and advantages, as well as taking direct part in the management of cities – in other words, it creates challenges for ‘the right to the city’. In this article, the author thus explores the notion of the right to the city in order to inform and recast the smart city in emancipatory and empowering ways, one that would work for the benefit of all citizens and not just selected populations.


Dr. Maša Galič
Dr. M. Galič is als onderzoeker verbonden aan het Tilburg Institute for Law, Technology and Society (TILT) van de Universiteit Tilburg.
Artikel

Psychomacht: hoe sturen data en algoritmen de veiligheid in smart cities?

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2020
Trefwoorden psychopower, smart cities, Bernard Stiegler, Michel Foucault, security
Auteurs Dr. mr. Marc Schuilenburg
SamenvattingAuteursinformatie

    This article deals with the relationship of smart security technologies to broader modes of exercising power and subjugating individuals. It claims that the notion of psychopower is precisely what is missing from post-Foucaultian accounts of the smart city. In the article psychopower is defined as the manipulation of our consciousness in order to channel our desires toward ‘normal’ social behavior, drawing a line between what is ‘acceptable’ and what is ‘unacceptable’. Psychopower raises a series of concerns related to its democratic legitimacy and accountability as behaviorally informed conditioning of the mind runs the risk of constant surveillance, where human agency is diluted in a techno-utopian vision that promises to improve city-wide efficiency, decision-making, and security.


Dr. mr. Marc Schuilenburg
Dr. mr. M.B. Schuilenburg doceert aan de afdeling Strafrecht en Criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Voorbij het polderen in de slimme stad

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2020
Trefwoorden smart city, public values, civil servants, public involvement, anchored pluralism
Auteurs Dr. Jiska Engelbert
SamenvattingAuteursinformatie

    Steering on public values in Dutch smart cities, let alone their regulation, is complicated. This article situates this difficulty in the vested interests that Dutch local authorities have in public-private smart city projects, and in the fact that public values are narrowly defined in relation to the technology; not in relation to a vision for the city in which its communities thrive. A way out of this deadlock, the article proposes, is to understand smart cities in the Netherlands beyond the typically Dutch consensus politics (the ‘polder’) and, instead, as part of a broader (urban) governance tendency to push urban technologies through the recital of fixed urban problems and public values. Consequently, state regulation of the (Dutch) smart city should principally enable (local) public and political involvement in defining urban problems and urban dreams, and thus in deciding the public values that are at stake.


Dr. Jiska Engelbert
Dr. J. Engelbert is als onderzoeker verbonden aan het Centre for BOLD Cities van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Integriteitstoezicht op aanbieders van cryptodiensten

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden DNB, cryptodiensten, wisseldiensten, custodian wallets, crypto’s
Auteurs Margot Aelen en Hugo Prince
SamenvattingAuteursinformatie

    In Nederland is de herziene vierde anti-witwasrichtlijn (AMLD5) geïmplementeerd in onder andere de Wet ter voorkoming van witwassen en terrorismefinanciering (Wwft). De herzieningen zijn per 21 mei 2020 van kracht geworden. Een van de belangrijkste wijzigingen die in de Wwft is doorgevoerd betreft de uitbreiding van de reikwijdte van de wet naar twee typen aanbieders van cryptodiensten, te weten aanbieders van wisseldiensten voor het wisselen tussen crypto’s en fiat geld en aanbieders van custodian wallets. De Nederlandse Bank (DNB) is toezichthouder op deze nieuwe aanbieders en heeft er daarmee een nieuwe taak bij.


Margot Aelen
Mr. dr. M. Aelen is werkzaam bij De Nederlandsche Bank in het toezicht.

Hugo Prince
Drs. D.H. Prince is werkzaam bij De Nederlandsche Bank in het toezicht.
Artikel

Ecocide als internationaal misdrijf? Perspectieven op vervolging en berechting in Nederland

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Ecocide, Milieustrafrecht, Internationale misdrijven, Internationaal strafhof
Auteurs Prof. mr. G.K. (Göran) Sluiter en Mr. B. (Barbara) van Straaten
SamenvattingAuteursinformatie

    Al geruime tijd leeft de wens ernstige milieumisdrijven (ecocide) onderdeel te laten uitmaken van het internationaal strafrecht, in het bijzonder de misdrijven waarover het Internationaal Strafhof rechtsmacht heeft. Het is op dit moment niet te voorspellen of en op welke wijze ecocide ooit volwaardig onderdeel gaat uitmaken van het positieve internationale strafrecht. Deze bijdrage richt zich op de vraag in hoeverre het actuele internationale strafrecht aanknopingspunten biedt voor vervolging van ecocide en op welke wijze Nederland in de nationale opsporings- en vervolgingspraktijk hiermee rekening zou moeten houden.


Prof. mr. G.K. (Göran) Sluiter
Göran Sluiter is advocaat bij Prakken d’Oliveira Human Rights Lawyers in Amsterdam, hoogleraar internationaal strafrecht aan de Universiteit van Amsterdam en hoogleraar strafrecht aan de Open Universiteit.

Mr. B. (Barbara) van Straaten
Barbara van Straaten is advocaat bij Prakken d’Oliveira Human Rights Lawyers in Amsterdam.
Artikel

Opeens wordt technologie omarmd

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 3 2020
Auteurs Stijn Dunk

Stijn Dunk
Article

Access_open Access and Reuse of Machine-Generated Data for Scientific Research

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2019
Trefwoorden machine-generated data, Internet of Things, scientific research, personal data, GDPR
Auteurs Alexandra Giannopoulou
SamenvattingAuteursinformatie

    Data driven innovation holds the potential in transforming current business and knowledge discovery models. For this reason, data sharing has become one of the central points of interest for the European Commission towards the creation of a Digital Single Market. The value of automatically generated data, which are collected by Internet-connected objects (IoT), is increasing: from smart houses to wearables, machine-generated data hold significant potential for growth, learning, and problem solving. Facilitating researchers in order to provide access to these types of data implies not only the articulation of existing legal obstacles and of proposed legal solutions but also the understanding of the incentives that motivate the sharing of the data in question. What are the legal tools that researchers can use to gain access and reuse rights in the context of their research?


Alexandra Giannopoulou
Institute for Information Law (IViR) – University of Amsterdam.

    This article relies on the premise that to understand the significance of Open Access Repositories (OARs) it is necessary to know the context of the debate. Therefore, it is necessary to trace the historical development of the concept of copyright as a property right. The continued relevance of the rationales for copyright interests, both philosophical and pragmatic, will be assessed against the contemporary times of digital publishing. It follows then discussion about the rise of Open Access (OA) practice and its impact on conventional publishing methods. The present article argues about the proper equilibrium between self-interest and social good. In other words, there is a need to find a tool in order to balance individuals’ interests and common will. Therefore, there is examination of the concept of property that interrelates justice (Plato), private ownership (Aristotle), labour (Locke), growth of personality (Hegel) and a bundle of rights that constitute legal relations (Hohfeld). This examination sets the context for the argument.


Nikos Koutras
Postdoctoral Researcher, Faculty of Law, University of Antwerp.
Artikel

Researching elites at the margins of research ethics frameworks

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 2 2019
Trefwoorden code of ethics, corporate crime, research ethics, gaining access, interviewing elites
Auteurs Daniel Beizsley PhD
SamenvattingAuteursinformatie

    For social scientists undertaking critical research on elites in organisational contexts securing access is a challenging exercise that may rely on the use of several access strategies over extended periods. This process is further complicated by the existence of research ethics frameworks that establish boundaries to access strategies, posing dilemmas on how to best balance access needs with a commitment to ethical practices. This article focuses on such dilemmas – or the ‘ethics of access’ – through a reflection on PhD fieldwork during 2016-2017 in Luxembourg spent researching the European Investment Bank. The paper will conclude by calling for an overhaul of existing frameworks in order to foster more research on elites.


Daniel Beizsley PhD
Daniel Beizsley is a PhD candidate on the European Commission funded Doctorate in Cultural and Global Criminology (DCGC) programme supervised by Utrecht University and ELTE University.
Toont 1 - 20 van 152 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.