Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 838 artikelen

x
Artikel

Reactie op ‘Verstoppertje in het enquêterecht’ van mr. P.H.M. Broere

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2020
Trefwoorden verschoningsrecht, weigeringsrecht, SNS, enquête, geprivilegieerd
Auteurs Mr. J. Winkels
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur geeft een reactie op het artikel van Broere over het verschoningsrecht en weigeringsrecht in enquêteprocedures. Ze bespreekt het belang, de grondslag en de reikwijdte van het verschoningsrecht en haar bezwaren tegen de door Broere geopperde mogelijkheden om aan de gevolgen van een beroep op het weigeringsrecht te ontkomen.


Mr. J. Winkels
Mr. J. Winkels is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

De Mobiliteitsrichtlijn en implementatie van deze richtlijn voor grensoverschrijdende verrichtingen

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2020
Trefwoorden Richtlijn (EU) 2019/2121, grensoverschrijdende omzetting, vrijheid van vestiging, grensoverschrijdende splitsing, rechtmatigheidstoezicht
Auteurs Mr. M.H. Baldee en Mr. J. Nijland
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel beschrijft de voorgeschiedenis, totstandkoming en inhoud van Richtlijn (EU) 2019/2121. Auteurs bespreken relevante jurisprudentie en de volgens de Mobiliteitsrichtlijn te volgen procedure om een grensoverschrijdende verrichting tot stand te brengen. Daarnaast bezien zij aan welke instantie het toezicht op de rechtmatigheid van de grensoverschrijdende verrichting kan worden opgedragen.


Mr. M.H. Baldee
Mr. M.H. Baldee is van nov. 2018 t/m dec. 2019 als docent verbonden geweest aan de afdeling Ondernemingsrecht van de Universiteit Leiden.

Mr. J. Nijland
Mr. J. Nijland is als universitair docent verbonden aan de afdeling Ondernemingsrecht van de Universiteit Leiden.
Actualiteiten rechtspraak

NTS 2020/94

HR 23 juni 2020, 19/00373, ECLI:NL:HR:2020:1097

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 4 2020
Artikel

Over de omvang van het hoger beroep

De uitleg van de tenlastelegging en de beperking van het hoger beroep nader beschouwd

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden artikel 407 Sv, artikel 423 Sv, partieel appel, uitleg, tenlastelegging
Auteurs Mr. M. (Menco) Rasterhoff en Mr. D. (Dino) Bektesevic
SamenvattingAuteursinformatie

    In hoger beroep bestaat regelmatig onduidelijkheid over de uitleg van de tenlastelegging en de vraag of sprake is van cumulatieve feiten. In deze bijdrage verkennen de auteurs het wettelijk systeem en de mogelijke belangen bij beperking van het hoger beroep. Vervolgens analyseren zij de rechtspraak van de gerechtshoven en doen zij enkele aanbevelingen.


Mr. M. (Menco) Rasterhoff
M. Rasterhoff is advocaat bij De Roos & Pen advocaten te Amsterdam.

Mr. D. (Dino) Bektesevic
Mr. D. Bektesevic is advocaat bij Ficq & Partners te Amsterdam.
Wetenschap

Related party transactions, de tegenstrijdigbelangregeling en het voorkomen van belangenverstrengeling in de Nederlandse Corporate Governance Code: waar zijn we nu aan toe?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2020
Trefwoorden belangenconflicten, tegenstrijdig belang, Herziene Europese Aandeelhoudersrichtlijn, transactiecommissie, corporate governance
Auteurs Mr. A.C. Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    In Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek (BW) is een nieuwe regeling voor related party transactions geïmplementeerd. De nieuwe regeling is een aanvulling op de bestaande tegenstrijdigbelangregeling in Boek 2 van het BW en hetgeen met betrekking tot belangenverstrengeling is geregeld in principe 2.7 van de Nederlandse Corporate Governance Code. Deze bijdrage bespreekt de onderlinge verhoudingen tussen deze regelingen en geeft het gebruik van een speciale overnamecommissie, zoals in de Verenigde Staten van toepassing, als mogelijke oplossing voor ook de Nederlandse praktijk om met belangenverstrengeling bij gevoelige transacties en deze drie regelingen om te kunnen gaan.


Mr. A.C. Jansen
Mr. A.C. (Alette) Jansen is als docent ondernemingsrecht verbonden aan de Universiteit Leiden.

    Applying the ECJ’s Maschek judgment, the Zutphen subdistrict court has found that an employee was not entitled to an allowance in lieu of untaken paid annual leave at the end of the employment relationship, as she had already received special leave. Moreover, the obligation to inform the employee concerning the right to (exercise) paid annual leave did not rest upon the employer.


Lisa de Vries
Lisa de Vries is a student at Erasmus School of Law and Editorial Assistant of EELC.

Jan-Pieter Vos
Jan-Pieter Vos is Labour Law teacher and PhD candidate at Erasmus School of Law and editor of EELC.

    The dismissal of an employee for gross misconduct was unfair because the investigating officer failed to share significant new information with the manager conducting the disciplinary hearing who decided to dismiss, the Employment Appeal Tribunal has ruled.


Ludivine Gegaden
Ludivine Gegaden is an Associate at Lewis Silkin LLP.
Artikel

Access_open Restraint as a Source of Judicial ‘Apoliticality’

A Functional Reconstruction

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Urgenda, Miller v. Secretary of State, Norm of judicial apoliticality, Ronald Dworkin, Judicial restraint
Auteurs Maurits Helmich
SamenvattingAuteursinformatie

    Few legal theorists today would argue that the domain of law exists in isolation from other normative spheres governing society, notably from the domain of ‘politics’. Nevertheless, the implicit norm that judges should not act ‘politically’ remains influential and widespread in the debates surrounding controversial court cases. This article aims to square these two observations. Taking the Miller v. Secretary of State and Urgenda cases as illustrative case studies, the article demonstrates that what it means for judges to adjudicate cases ‘apolitically’ is itself a matter of controversy. In reflecting on their own constitutional role, courts are forced to take a stance on substantive questions of political philosophy. Nevertheless, that does not mean that the ‘norm of judicial apoliticality’ should therefore be rejected. The norm’s coherence lies in its intersocial function: its role in declaring certain modes of judicial interpretation and intervention legitimate (‘legal’/‘judicial’) or illegitimate (‘political’).


Maurits Helmich
Maurits Helmich is promovendus aan de afdeling Sociologie, Theorie en Methodologie van het Recht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Kroniek Vermogensrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 8 2020
Auteurs Coen Drion, Anna Zwalve, Bastiaan Kout e.a.

Coen Drion

Anna Zwalve

Bastiaan Kout

Xandra van Heesch
Kroniek rechtspraak

Kroniek rechtspraak bestuursrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 5 2020
Trefwoorden toezicht, handhaving, kwaliteit van zorg, geneesmiddelen, openbaarheid
Auteurs Mr. M.L. Batting en mr. M.A. de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek bespreken de auteurs de relevante bestuursrechtelijke uitspraken en ontwikkelingen op het terrein van de gezondheidszorg. Deze kroniek ziet op de periode van 1 februari 2019 tot en met 1 juni 2020.


Mr. M.L. Batting
Marije Batting is werkzaam als advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag.

mr. M.A. de Vries
Merle de Vries is werkzaam als advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag.
Artikel

Online jeugdcriminaliteit en ‘verkeerde vrienden’: wanneer is de samenhang het sterkst?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden cyber delinquency, cyber offenders, peer deviance, social network
Auteurs Yaloe van der Toolen MSc, Dr. Marleen Weulen Kranenbarg en Prof. dr. Frank Weerman
SamenvattingAuteursinformatie

    This article investigates whether cyber delinquent behaviour of school friends, other offline friends and online contacts is related to cyber delinquent behaviour of individuals, and whether this relation differs for cyber dependent, cyber enabled and traditional crime. We used both direct and indirect measures of cyber delinquency of friends. We employed data from the first wave of a large-scale study on the causes of online delinquency among Dutch juveniles (n=889; mean age=16.8 years). The results suggest that both direct and indirect measures of levels of friend delinquency were related to levels of individual cyber offending. However, indirect measures had a stronger association with individual online delinquency than direct measures. This suggests that respondents make incorrect estimates of their friends’ levels of online delinquency. Moreover, no differences were found in the strength of the relation between individual online offending and indirect measures of online offending of school friends, offline friends and online friends. This suggests that friends of different types all play an important role in individual online offending.


Yaloe van der Toolen MSc
Y. van der Toolen MSc is junior onderzoeker bij de sectie Criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam en junior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) in Amsterdam.

Dr. Marleen Weulen Kranenbarg
Dr. M. Weulen Kranenbarg is universitair docent Criminologie bij de sectie Criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Prof. dr. Frank Weerman
Prof. dr. F.M. Weerman is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) in Amsterdam en bijzonder hoogleraar Jeugdcriminologie bij de sectie Criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Delinquentie, vrienden en ‘boosheid met liefde’

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden peer delinquency, authoritative control, working alliance, prevention
Auteurs Dr. Adriaan Denkers en Dr. Jan Dirk de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Young people’s delinquent behavior remains a social problem of concern to parents, local residents, teachers, police officers and administrators. With respect to effective interventions, the dominant focus is on ‘what works’. Relatively little is known about ‘who works’. In this study, based on a survey of 679 vmbo-pupils, it was investigated to what extent receiving ‘sternness with love’ from a professional may contribute to mitigating delinquency. For this research, unique graphically supported measuring instruments were developed that enable participants of the target group – including those who suffer from mild intellectual disabilities – to independently fill out the questionnaire. The results based on regression analyses suggest that there is no support for the supposed contribution of the interaction between sternness and love or of the three-way interaction between delinquent friends, sternness and love in explaining the variance of delinquent behavior. The results further show that having delinquent friends is related to participants’ delinquency. The results of these analyses also suggest that the relevant professional’s approach with ‘sternness’ or with ‘love’ moderates the relationship between delinquent friends and committing theft.


Dr. Adriaan Denkers
Dr. A.J.M. Denkers is zelfstandig sociaal wetenschapper en verbonden aan de sectie Criminologie, Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Dr. Jan Dirk de Jong
Dr. J.D.A. de Jong is lector Aanpak Jeugdcriminaliteit aan de Hogeschool Leiden en verbonden aan de sectie Criminologie, Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Access_open Een eerste blik op online delinquentie

Verkennend onderzoek bij Vlaamse jongeren en vergelijking met offline delinquentie

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden online crime, juveniles, self-reported delinquency, risk profiles, prevalence
Auteurs Ena Coenen
SamenvattingAuteursinformatie

    Given that the social life of youngsters develops more and more online, attention for cybercrime has grown as well. However, no Flemish data is available yet. This study uses data from two representative samples of the Flemish youth to research the prevalence and risk profiles of on- and offline crime. Compared to offline crime, online crime is relatively limited. In addition, results showed that online offenders had the least severe risk profile, while offenders of both on- and offline delinquency had the most severe profile. For victimization, it appeared that it is important to consider individual types of offences, since complex differences were found between various crime types. These results indicate a limited, but not ignorable, occurrence of online crime, and a difference in risk profiles for offline and online crime.


Ena Coenen
E. Coenen is wetenschappelijk medewerker bij het Leuvens Instituut voor Criminologie aan de KU Leuven.
Artikel

Risicogedrag van jongeren

In hoeverre verschilt de invloed van leeftijdsgenoten op het beginnen met risicogedrag en aanpassen in risicogedrag?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden antisocial behavior, social network analysis, SIENA, subtance use, onset
Auteurs Dr. Aart Franken, Dr. Jan Kornelis Dijkstra, Dr. Zeena Harakeh e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Studies investigating peer influence on risk behaviors, such as antisocial behavior and substance abuse, mostly study the amount of change in which adolescents adapt their risk behavior to become more similar to their friends. Onset of risk behavior, changing form having no experience to having any experience with risk behavior, has been studies far less. This study investigates friends’ influence on the onset of risk behavior and their influence in changes in risk behavior. Hypotheses were tested using SNARE (Social Network Analysis of Risk behavior in Early adolescence) data (N=1.144), containing information on risk behavior (i.e. antisocial behavior, alcohol use, and tobacco use) and friendship networks at three timepoints during the first year of secondary education (Mage= 12.7; SD=0.47). Analyses, using longitudinal social network analysis (RSIENA), showed that although adolescents adapt their risk behavior to become more similar to their friends, they are not influence in by their friends in the onset of risk behavior. These findings suggest s more nuanced role of friends in the onset of risk behavior. Interventions aiming at friends might benefit from differentiating between the onset and further (dis)continuation of risk behavior as these friendship influence processes might be less relevant for the onset of risk behavior.


Dr. Aart Franken
Dr. A. Franken is psycholoog NIP (i.o.t. gz-psycholoog) bij de Praktijk voor leer- en gedragsadviezen.

Dr. Jan Kornelis Dijkstra
Dr. J.K. Dijkstra is UHD Sociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en senior-analist RIEC Noord.

Dr. Zeena Harakeh
Dr. Z. Harakeh is onderzoeker bij TNO, expertisegebied Child Health.

Dr. Wilma Vollebergh
Prof. dr. W.A.M. Vollebergh is emeritus hoogleraar Jeugdstudies aan de Universiteit Utrecht.
Recent

Blijven innoveren

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 7 2020
Auteurs Sabine Droogleever Fortuyn

Sabine Droogleever Fortuyn
Artikel

Van de gesloten smart city naar een open slimme stad

Lessen uit Quayside, Toronto

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Toronto, Quayside, Sidewalk Labs, open data, open smart city
Auteurs Saskia Naafs MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    The recently cancelled Quayside smart city project in Toronto by Sidewalk Labs is an example of a top-down, tech-driven, intransparant model of a smart city, where government and citizens got sidetracked in the planning process. This article analyses what went wrong and proposes an alternative approach. Experts in the field – from data scientists to philosophers, sociologists and activists – propose a different kind of smart city. The open smart city is based on principles of open data, public digital infrastructure, and civic participation. It uses technology to strengthen public values, civic participation and human rights, instead of undermining them.


Saskia Naafs MSc
S. Naafs MSc is stadssocioloog en strategisch adviseur bij het Atelier Rijksbouwmeester in Den Haag.
Artikel

De AVG en ontslag: twee jaar na inwerkingtreding AVG

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Algemene Verordening Gegevensbescherming, Privacy, Ontslag, Arbeidsverhouding, Normenkader
Auteurs mr. Karolina Dorenbos
SamenvattingAuteursinformatie

    Twee jaar na inwerkingtreding van de Algemene verordening gegevensbescherming zet de auteur in dit artikel een aantal recente ontwikkelingen op het gebied van gegevensverwerking en -bescherming op de werkvloer uiteen. In het eerste deel van het artikel gaat zij in op de meer institutionele aspecten waaronder de evaluatie van de (U)AVG. De auteur ziet ingrijpende ontwikkelingen op het gebied van wetgeving en toezicht zoals de voorgenomen wetgeving over het gebruik van alcohol- en drugstesten op de werkvloer en de ontwikkelingen op het gebied van biometrie waaronder een hoge boete van Autoriteit Persoonsgegevens voor het gebruik van de vingerscan bij toegangscontrole. In deel 2 van dit artikel zal de huidige stand van de rechtspraak worden afgezet tegen de strengere normen uit de AVG.


mr. Karolina Dorenbos
Karolina Dorenbos is data privacy manager bij een Nederlands bouwconcern en gespecialiseerd in dataprivacy, gegevensbescherming en (HR-gerelateerde) privacywetgeving.
Artikel

Conflicten bij pensioenontslag

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 3 2020
Trefwoorden pensioenonstslag, pensioenontslagbeding, doorwerken, pensioenleeftijd, ouderenregeling
Auteurs mr. Cornelien Donner-Broersma
SamenvattingAuteursinformatie

    De centrale vraag in dit artikel is tegen welke juridische discussies werkgevers kunnen aanlopen indien zij de leeftijd van de werknemer als reden hanteren voor het beëindigen van de arbeidsovereenkomst dan wel het aftoppen van de vergoeding in een sociaal plan. Voor het beantwoorden van deze vraag worden achtereenvolgens de volgende onderwerpen behandeld: het pensioenontslagbeding, een ouderenregeling in een sociaal plan en een vermeend recht op doorwerken. Vervolgens worden – mede aan de hand van de in dit artikel aangehaalde jurisprudentie – enkele aanbevelingen voor werkgevers geformuleerd.


mr. Cornelien Donner-Broersma
Cornelien Donner-Broersma is advocaat pensioenrecht en legal director bij KWPS Employee Benefits & Risk Management. Zij publiceert regelmatig over pensioengerelateerde onderwerpen.

    Het Burgerlijke Procesrecht heeft zowel in Duitsland alsook in Nederland in de afgelopen decennia belangrijke wijzigingen ondergaan. Op een aantal punten kan een benadering worden vastgesteld. Maar er blijven ook kenmerkende verschillen. Deze bijdrage levert een korte schets van de Duitse civiele procedure in eerste aanleg en geeft daarbij ook aan waar met de Nederlandse procedure overeenkomsten zijn en waar nog steeds verschillen bestaan.


Eckhard Mehring
Mr. E.W. Mehring is Rechtsanwalt en advocaat bij Ekelmans & Meijer Advocaten te Den Haag.
Toont 1 - 20 van 838 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 41 42
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.