Zoekresultaat: 9 artikelen

x
Titel

De Arubaanse rechter oog-in-oog met het ontvoerde kind

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2020
Trefwoorden internationale bevoegdheidsrecht, internationale kinderontvoering, Haags Kinderbeschermingsverdrag, artikel 429c Rv, Koninkrijk
Auteurs Mr. G. Jacobs
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel geeft de resultaten weer van een literatuurstudie naar de rechterlijke bevoegdheid in zaken van internationale ouderlijke kinderontvoering voor de periode 1965-2019. Hierbij is het oude en huidige internationale bevoegdheidsrecht van Nederland geanalyseerd en is ook onderzocht of deze regelingen door de Arubaanse rechter gebruikt kunnen worden.
    Uit het onderzoek is gebleken dat de rechters van Aruba en Sint Maarten enkel het HKV 1961 kunnen gebruiken als grondslag voor hun internationale bevoegdheid. Dit omdat een beslissing op een teruggeleidingsverzoek een kinderbeschermingsmaatregel is die binnen het materieel toepassingsgebied van het HKV 1961 valt. Valt de ontvoering ook binnen het formeel toepassingsgebied van het verdrag, dan betekent dit dat de rechters van Aruba en Sint Maarten hun internationale bevoegdheid kunnen vaststellen op grond van artikel 9 HKV 1961.
    Ook kan de Arubaanse rechter zijn internationale bevoegdheid ontlenen aan artikel 429c lid 3 RvNA (met toepassing van het ‘distributie bepaalt attributie’-beginsel).


Mr. G. Jacobs
Mr. G. Jacobs is jurist en klachtenfunctionaris bij het Instituto Medico San Nicolas te Aruba.
Artikel

Nieuwe Europese IPR-verordeningen inzake huwelijksvermogensrecht en vermogensrechtelijke gevolgen van geregistreerde partnerschappen

Belangrijkste wijzigingen voor de notariële praktijk

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Huwelijksvermogensrechtverordening, geregistreerd partnerschap, toepasselijk recht, IPR, notariële praktijk
Auteurs Mr. J.G. Knot en Mr. J.L.D.J. Maasland
SamenvattingAuteursinformatie

    IPR-vragen omtrent huwelijksvermogens- en partnerschapsvermogensrecht worden vanaf 29 januari 2019 beantwoord aan de hand van de regels uit twee nieuwe Europese verordeningen. Dit artikel beoogt een overzicht te geven van de hoofdlijnen van deze verordeningen. De nadruk ligt daarbij op het toepassingsgebied van beide verordeningen (welke onderwerpen regelen de verordeningen zoal?) en met name de regels van toepasselijk recht. Welke mogelijkheden zijn er tot het uitbrengen van een rechtskeuze en welk recht beheerst het huwelijksvermogens- of partnerschapsvermogensregime als partijen geen rechtskeuze hebben uitgebracht? Beide verordeningen worden besproken vanuit hun belang voor de notariële praktijk. In dat kader komen ook het overgangsrecht en het geldingsbereik van artikel 1:88 BW in grensoverschrijdende gevallen uitdrukkelijk aan de orde.


Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is universitair docent aan de Rijksuniversiteit Groningen, raadsheer-plaatsvervanger in het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en IPR-adviseur bij PlasBossinade Notarissen te Groningen.

Mr. J.L.D.J. Maasland
Mr. J.L.D.J. Maasland is kandidaat-notaris/partner bij Bluelyn te Rotterdam en universitair gastdocent bij de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

De Erfrechtverordening in een notendop: toepassingsgebied, toepasselijk recht en de Europese verklaring van erfrecht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Europese Erfrechtverordening, toepasselijk recht, Europese erfrechtverklaring, erfrecht, IPR
Auteurs Mr. J.G. Knot
SamenvattingAuteursinformatie

    IPR-vragen in nalatenschappen die op of na 17 augustus 2015 openvallen, worden in Nederland en de meeste andere EU-lidstaten beantwoord aan de hand van de regels uit de Erfrechtverordening. Dit artikel beoogt – in het kader van het onderhavige themanummer over de Erfrechtverordening – een overzicht te geven van de hoofdlijnen van deze verordening. Daarbij wordt onder meer ingegaan op het toepassingsgebied (welke onderwerpen regelt de verordening zoal en welke niet?) en het door de verordening als toepasselijk aangewezen erfrecht, zowel met als zonder rechtskeuze van de erflater. Ook wordt het in de verordening nieuw geïntroduceerde instrument van de Europese verklaring van erfrecht nader beschouwd.


Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en adviseur bij PlasBossinade advocaten en notarissen te Groningen.

Mr. Jan de Boer
Mr. J. de Boer is lid van het Gemeenschappelijk Hof.

Mr. W.E. Haak
Mr. W.E. Haak is oud-president van de Hoge Raad der Nederlanden, oud-president van de Centrale Commissie voor de Rijnvaart in Straatsburg, heeft zitting genomen in de Hof van Discipline voor de advocatuur en is Appointing Authority ten behoeve van het Iran-United States Claims Tribunal geweest.
Artikel

Mijn en dijn in het huwelijk

Een Europese oplossing ook voor Nederland?

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2012
Trefwoorden Europees eenvormig huwelijksvermogensrecht, internationaal huwelijksvermogens- en erfrecht, rechtsvergelijkend huwelijksvermogens- en erfrecht
Auteurs Prof. mr. A.L.G.A. Stille
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 4 februari 2010 is tussen de Bondsrepubliek Duitsland en de Franse Republiek een overeenkomst gesloten, waarin aan (aanstaande) gehuwden de mogelijkheid wordt geboden om het keuzestelsel van de Wahl-Zugewinngemeinschaft of de régime matrimonial optionnel de la participation aux acquêts als huwelijksvermogensstelsel te kiezen. In dit opstel wordt dit nieuwe stelsel inhoudelijk besproken. Ook de ermee verbonden erfrechtelijke regelingen naar Duits, Frans en Nederlands recht komen kort aan de orde. De auteur stelt dat dit stelsel mogelijk in de plaats van het huidige Nederlandse stelsel van de wettelijke gemeenschap van goederen kan komen en doet suggesties voor nader onderzoek.


Prof. mr. A.L.G.A. Stille
A.L.G.A. Stille was verbonden aan de Universiteit van Amsterdam (zie noot 1), alwaar hij bij de Faculteit der Rechtsgeleerdheid nog steeds gastvrijheid geniet; hij was voorts directeur van de Stichting Internationaal Juridisch Instituut te ’s-Gravenhage en vicepresident van het gerechtshof te ’s-Gravenhage; thans is hij in dat hof raadsheer.
Artikel

Internationale estate planning: ook regels van internationaal huwelijksvermogensrecht binnen EU geharmoniseerd

Hoofdlijnen van het voorstel voor een Europese Huwelijksvermogensrechtverordening

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2011
Trefwoorden Europees internationaal privaatrecht (IPR), internationaal huwelijksvermogensrecht, Europese Huwelijksvermogensrechtverordening, Haags Huwelijksvermogensverdrag 1978, estate planning
Auteurs Mr. J.G. Knot
SamenvattingAuteursinformatie

    In navolging van het internationaal erfrecht wordt nu voorgesteld ook het internationaal huwelijksvermogensrecht op Europees niveau te harmoniseren. Vragen van bevoegdheid, toepasselijk recht en erkenning en tenuitvoerlegging in kwesties van huwelijksvermogensrecht met internationale elementen worden in de toekomst aan de hand van regels uit een Europese verordening beantwoord.Voor de advisering op het terrein van de internationale civielrechtelijke estate planning is dit een belangrijke ontwikkeling. Daarom worden de hoofdlijnen van het Europese voorstel uitvoerig geanalyseerd. Daarnaast wordt onderzocht of, en zo ja, in hoeverre dit voorstel is afgestemd op en in lijn is met het eerdere erfrechtelijke voorstel.De conclusie luidt dat de voorgestelde regeling vooralsnog de nodige onduidelijkheden in zich bergt, die in het kader van de, mede voor de estate planning gewenste, rechtszekerheid en voorspelbaarheid nadere opheldering en toelichting behoeven.


Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en wetenschappelijk adviseur bij PlasBossinade te Groningen.
Artikel

Naar een Europees Burgerlijk Wetboek? Het Draft Common Frame of Reference (DCFR)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2011
Trefwoorden DCFR, Europees Burgerlijk Wetboek, optional instrument, toolbox, Europees verbintenissenrecht, Europees goederenrecht
Auteurs Mr. P.C.J. De Tavernier en Mr. J.A. van der Weide
SamenvattingAuteursinformatie

    Het DCFR bevat een blauwdruk voor een toekomstig Europees verbintenissen- en goederenrecht. In deze bijdrage wordt ingegaan op de achtergrond, de opzet en inhoud van het DCFR, controversiële en ongeregelde kwesties, evenals de invloed van het DCFR op de bestaande rechtspraktijk.


Mr. P.C.J. De Tavernier
Mr. P.C.J. De Tavernier is werkzaam bij de afdeling Burgerlijk recht van de Universiteit Leiden en lid van het bijzonder academisch personeel van de Universiteit Antwerpen.

Mr. J.A. van der Weide
Mr. J.A. van der Weide is werkzaam bij de afdeling Burgerlijk recht van de Universiteit Leiden.
Artikel

Boek 10 BW: consolidatie en codificatie van het Nederlandse IPR

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2010
Trefwoorden Boek 10 BW, internationaal privaatrecht, consolidatie, codificatie, nieuwe wetgeving
Auteurs Mr. J.A. van der Weide
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 18 september 2009 is de Vaststellings- en Invoeringswet Boek 10 BW bij de Tweede Kamer ingediend. In Boek 10 BW is het Nederlandse (materiële) IPR geconsolideerd en gecodificeerd. Welke onderwerpen regelt Boek 10 BW en welke niet?


Mr. J.A. van der Weide
Mr. J.A. van der Weide is universitair docent burgerlijk recht aan de Universiteit Leiden.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.