Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 552 artikelen

x

    This article builds upon the work of James Boyd White as well as on Shelley’s ‘A defence of Poetry’ (1840) and reports upon an experiment in which students use poetry as a means to understand philosophical texts. The experiment had a double goal: first, I sought to challenge students in reading a philosophical text differently with an aim to better understand the text. The second goal was to challenge students to think about the text differently, more critically and analyse its relevance for the contemporary world. In the end, using imagination, is the claim, contributes to students finding their own ‘voice’.


Bald de Vries
Dr Bald de Vries is lecturer at the Department of Jurisprudence, Constitutional and Administrative Law of the Faculty of Law (JCAL), Utrecht University, Utrecht, The Netherlands, u.devries@uu.nl.
Artikel

Inspraak in de rechtspraak; de rol van derden in de procedure

Verslag van de voorjaarsvergadering 2018 van de Nederlandse Vereniging voor Procesrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2018
Auteurs Jacobus Dammingh en Marijn van den Berg
Auteursinformatie

Jacobus Dammingh
Mr. J.J. Dammingh is universitair hoofddocent burgerlijk (proces)recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Marijn van den Berg
Mr. L.M. van den Berg is stafjurist in de Rechtbank Gelderland.

Eric van Damme
Prof. dr. E. van Damme is verbonden aan Tilburg University en aan het onderzoeksinstituut Tilec aldaar.
Peer reviewed

De twitterende wijkagent, veiligheidsbeleving en het beeld van de politie

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2018
Trefwoorden Police, perception of safety, sociale media, Twitter
Auteurs Dr. Imke Smulders
SamenvattingAuteursinformatie

    This article reports briefly on research into the relationship between Twitter use by community police officers and citizens’ perceived safety. To this end, multiple relevant determinants of safety perceptions were included in the study: assessment of objective safety, perceptions of quality of life and social capital, risk perception and opinion on the police. The use of Twitter proved to have a modest, yet significant impact: followers on Twitter report a lower assessment of objective safety and a more positive opinion on the police. No direct, significant relation was found between the use of Twitter by the neighbourhood police officer and citizens’ perceived safety.


Dr. Imke Smulders
Dr. I.M.P. Smulders is onderzoeker bij het Expertisecentrum Veiligheid van Avans Hogeschool in ’s-Hertogenbosch.
Peer reviewed

Dierenliefde en onderwereld-pr

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2018
Trefwoorden Dieren, Georganiseerde misdaad, Ondermijning, Media
Auteurs Janine Janssen en Prof. Emile Kolthoff
SamenvattingAuteursinformatie

    Criminological literature shows that criminals involved in organized crime benefit from positive images in the media. By opening a hospital or donating funds for the development of a football field they try to present themselves in a cordial way and as good citizens to the public. Using the media to present themselves as animal lovers is a very effective manner to go for public admiration and sympathy. In this contribution is investigated how this mechanism works and why it is so effective.


Janine Janssen
Janine Janssen is hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld (LEC EGG) van de Nationale Politie, lector Veiligheid in afhankelijkheidsrelaties aan Avans Hogeschool en tevens voorzitter van de redactie van PROCES.

Prof. Emile Kolthoff
Prof. Emile Kolthoff is hoogleraar Criminologie aan de Open Universiteit en lector Ondermijning aan Avans Hogeschool.

    Enige tijd terug zijn verschillende samenstellers van aandelenindices consultatieprocedures gestart over de opname van beursvennootschappen met een dual class-aandelenstructuur. In deze bijdrage wordt de opkomst van het fenomeen indexbeleggen beschreven en betoogd dat het uitsluiten van dual class-vennootschappen het rendement van beleggers negatief zal beïnvloeden.


Mr. T.A. Keijzer
Mr. T.A. Keijzer is als promovendus verbonden aan de Sectie Ondernemingsrecht & Financieel recht van de Erasmus School of Law, het Instituut voor Ondernemingsrecht (IvO) en het IvO Center for Financial Law & Governance (ICFG).
Artikel

De geschatte waarde van het preventieprogramma Brandveilig Leven op basis van de contingente waarderingsmethode (CV – Contingent Valuation)

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 3 2018
Trefwoorden willingness-to-pay, contingent valuation, impact assessment, community fire safety
Auteurs David Bornebroek, Ron de Wit, Marc van Buiten e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    The Dutch Regional Fire Services collectively aim at preventing fire, casualties and damage. The main activity is informing citizens about fire risks and the appropriate measures they can take. From both a political and social perspective, it is valuable to know what the return of the Community Fire Safety program is. One way to chart the return of the program is a comparison of the cost of, and society’s willingness-to-pay for, the program. To estimate this willingness-to-pay, this article applies the contingent valuation method to a national representative sample of 806 Dutch citizens. The results show that willingness-to-pay of an average Dutch household is estimated to be between € 25.00 and € 35.67 per year provided the Community Fire Safety program improves the fire safety by 10%. At the national level, this amounts to 200 – 270 million euro annually. This value is seven to ten times more than the approximate costs of the current Community Fire Safety program.


David Bornebroek
David Bornebroek is manager/directeur van Twente Safety Campus en Teamleider (Brand) Veilig Leven en projectleider Risk Factory bij Brandweer Twente.

Ron de Wit
Ron de Wit is plaatsvervangend commandant van de Brandweer Twente.

Marc van Buiten
Marc van Buiten is universitair docent aan de faculteit Engeneering Technology aan de Universiteit Twente.

Ira Helsloot
Ira Helsloot is hoogleraar Besturen van Veiligheid aan de Radboud Universiteit.

Marnix Croes
Marnix Croes is als onderzoeker verbonden aan het WODC van het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Artikel

Deregulering van prestaties in de zorg (wetsvoorstel 34445) – nut en noodzaak

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 5 2018
Trefwoorden Wet marktordening gezondheidszorg, prestatie- en tariefregulering, wetsvoorstel 34445
Auteurs Mr. B.A. van Schelven en mr. drs. C.J. de Boer
SamenvattingAuteursinformatie

    Het wetsvoorstel Wet deregulering Wmg laat de Wmg beter aansluiten bij de – nog altijd beoogde – marktwerking in de zorg. Onder de huidige omstandigheden komen evenwel weinig zorgsectoren in aanmerking voor deregulering, waardoor het praktische nut van het wetsvoorstel de komende jaren beperkt is. Hamvraag is daarom of op dit moment een krachtig signaal naar verdere deregulering nodig is of dat met het oog op regelrust temporisering gewenst is.


Mr. B.A. van Schelven
Bas van Schelven is advocaat bij Van Doorne.

mr. drs. C.J. de Boer
Cees Jan de Boer is advocaat bij Van Doorne.
Artikel

Wraken moeilijker?

Hoge Raad stelt nieuwe grenzen aan wraken

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 9 2018
Auteurs Francisca Mebius en Inge van Mil
Auteursinformatie

Francisca Mebius

Inge van Mil
Beeld
Artikel

Red de rechtsbijstand

Sta resultaatgerelateerde beloningen meer toe

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 9 2018
Auteurs Aldert van der Bent
Auteursinformatie

Aldert van der Bent
Aldert van der Bent is advocaat bij Wybenga advocaten in Rotterdam en advocaat-redactielid van dit blad.
Article

Access_open Evidence-Based Regulation and the Translation from Empirical Data to Normative Choices: A Proportionality Test

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2018
Trefwoorden evidence-based, regulation, proportionality, empirical law studies, law and society studies
Auteurs Rob van Gestel en Peter van Lochem
SamenvattingAuteursinformatie

    Studies have shown that the effects of scientific research on law and policy making are often fairly limited. Different reasons can be given for this: scientists are better at falsifying hypothesis than at predicting the future, the outcomes of academic research and empirical evidence can be inconclusive or even contradictory, the timing of the legislative cycle and the production of research show mismatches, there can be clashes between the political rationality and the economic or scientific rationality in the law making process et cetera. There is one ‘wicked’ methodological problem, though, that affects all regulatory policy making, namely: the ‘jump’ from empirical facts (e.g. there are too few organ donors in the Netherlands and the voluntary registration system is not working) to normative recommendations of what the law should regulate (e.g. we need to change the default rule so that everybody in principle becomes an organ donor unless one opts out). We are interested in how this translation process takes place and whether it could make a difference if the empirical research on which legislative drafts are build is more quantitative type of research or more qualitative. That is why we have selected two cases in which either type of research played a role during the drafting phase. We use the lens of the proportionality principle in order to see how empirical data and scientific evidence are used by legislative drafters to justify normative choices in the design of new laws.


Rob van Gestel
Rob van Gestel is professor of theory and methods of regulation at Tilburg University.

Peter van Lochem
Dr. Peter van Lochem is jurist and sociologist and former director of the Academy for Legislation.
Annotatie

Wat is een nadeel voor de mededinging en wie bepaalt dat? Over de rol van deskundigen en de bewijsstandaard in het kader van discriminatie door een dominant platform

Rechtbank Amsterdam 21 maart 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:1654

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2018
Trefwoorden misbruik van een economische machtspositie, deskundigenrapport, discriminatie, uitsluiting, digitale economie, platform markt
Auteurs Jotte Mulder
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze uitspraak van de rechtbank Amsterdam ziet op een langslepend conflict tussen Funda en VBO makelaars. De rechtbank stelt op basis van een deskundigenrapport vast dat Funda in het bezit is van een machtspositie. De uitspraak is interessant vanwege de belangrijke rol van het deskundigenrapport en de centraal staande schadetheorie die atypisch is en aanleiding geeft tot enige reflectie op de verhouding tussen zogenoemde uitsluitings- en exploitatie/discriminatoire vormen van misbruik en de verschillende bewijsstandaarden die daarvoor gelden.


Jotte Mulder
Mr. dr. J. Mulder is werkzaam bij de ACM en tevens universitair docent aan de Universiteit van Utrecht.
Consumenten

Oude wijn in nieuwe zakken? Modernisering van het Europese consumentenrecht (II)

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2018
Trefwoorden consumentenbescherming, Fitness check
Auteurs Prof. dr. M.B.M. Loos
Auteursinformatie

Prof. dr. M.B.M. Loos
Prof. dr. M.B.M. (Marco) Loos is als hoogleraar verbonden aan het Centre for the Study of European Contract Law van de Universiteit van Amsterdam.
Kroniek

Kroniek wetgeving gezondheidsrecht 2016-2018

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden patiëntenrechten, derdenbelangen, kwaliteit van zorg, geneesmiddelen, medische hulpmiddelen
Auteurs Mr. drs. J.J. Rijken en mr. W.F. van der Wel
SamenvattingAuteursinformatie

    De Kroniek wetgeving gezondheidsrecht geeft de lezer een overzicht van de ontwikkelingen op het gebied van Nederlandse wetgeving in het gezondheidsrecht. De selectie van wetgeving is gemaakt met behulp van de zoekmachine op de website van de Eerste Kamer, en behelst aanhangige en aangenomen wetsvoorstellen van 1 januari 2016 t/m 1 juni 2018 van de ministeries van VWS en VenJ, en consultaties van beide ministeries.


Mr. drs. J.J. Rijken
Joris Rijken is advocaat bij AKD en redacteur van dit tijdschrift.

mr. W.F. van der Wel
Willemijn van der Wel is advocaat bij AKD.
Redactioneel

Inleiding

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2018
Auteurs Mr. drs. Marit Scheepmaker
Auteursinformatie

Mr. drs. Marit Scheepmaker
Mr. drs. Marit Scheepmaker is hoofdredacteur van Justitiële verkenningen.
Artikel

Access_open Experimentenwet: carte blanche verdient nadere overweging

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Experimenteren, Fundamentele beginselen van procesrecht, Innovatie, Artikel 86 Rv
Auteurs Mr. P. Ingelse
SamenvattingAuteursinformatie

    Tot 1 juni lag een wetsvoorstel Experimentenwet rechtspleging ter consultatie voor. Volgens dit voorstel krijgt de regering met het oog op innovatie van de rechtspraak voor onbepaalde tijd de bevoegdheid om bij AMvB te experimenteren met het Nederlands burgerlijk procesrecht. Concreet wordt onder meer gedacht aan experimenten met een eenvoudige procedure voor het MKB, met een deskundige lekenrechter naast de gewone rechter en met een harmonieuze alternatieve echtscheidingsprocedure. De experimenten moeten blijven binnen de grenzen van EU-recht, verdragen en de fundamentele beginselen van procesrecht, maar verder is de bevoegdheid vrijwel ongeclausuleerd.
    Het is de vraag of deze bevoegdheid strookt met (de strekking van) de Grondwet en past binnen de staatrechtelijke verhoudingen. De bevoegdheid is hoe dan ook te ruim doordat het experimenten mogelijk maakt en ook daadwerkelijk beoogt die de verwezenlijking van burgerlijke rechten en verplichtingen – tegen de wil van (een van) partijen – kan aantasten.
    De wetgever moet zich driemaal bedenken voordat hij een dergelijke twijfelachtige en grotendeels onnodige carte blanche in handen van de AMvB-regelgever speelt.
    Dat neemt niet weg dat de rechtspraak er zeker naar moet streven de civiele procedure eenvoudiger, sneller, flexibeler en effectiever te maken, waar nodig en aanvaardbaar met experimenten. Nog lang niet alle inventiviteit en creativiteit is uitgeput. Die experimenten hebben echter alleen zin, indien de financiële middelen worden verschaft om de consequenties te trekken uit een geslaagd experiment.


Mr. P. Ingelse
Mr. P. Ingelse is mediator/arbiter bij ReulingSchutte te Amsterdam. Tot begin 2015 was hij lid van het Gerechtshof Amsterdam, laatstelijk als voorzitter van de Ondernemingskamer.
Interview

Experimenteren met de vrederechter is de moeite waard!

Een gesprek met kantonrechter Rik Kruisdijk en vrederechter Lode Vrancken

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2 2018
Auteurs Emese von Bóné
Auteursinformatie

Emese von Bóné
Emese von Bóné is als rechtshistorica verbonden aan de Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit te Rotterdam.
Artikel

Access_open Oververtegenwoordiging van jongeren met een migratieachtergrond in de strafrechtketen

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2018
Trefwoorden disproportionate minority contact, DMC, juvenile justice, ethnicity, adolescents
Auteurs Dr. Albert Boon, Melissa van Dorp MSc en Drs. Sjouk de Boer
SamenvattingAuteursinformatie

    In the United States, the term disproportionate minority contact (DMC) is used to refer to the disproportionate number of minority youth who come into contact with the juvenile justice system. Statistics on DMC in the United States put the issue on the political agenda and measures have been taken to reduce the inequality. In the Netherlands, there are some studies on the representation of ethnic minority groups in suspect statistics, but data regarding all ethnic groups at various stages of the juvenile justice chain are lacking. Due to this lack of information, DMC is not mentioned in Dutch research literature and is not a political issue. Therefore, the purpose of this article was to explore whether DMC existed in the Netherlands and whether elements of the US policy could be applied to the Dutch situation. To investigate this, the likelihood (odds ratio (OR)) was calculated for young people with a migration background to be registered and held as a suspect, to participate in an alternative punishment program (Halt) and their likelihood of incarceration. It turned out that the OR for young people with a non-Western migration background to be registered as a suspect was more than three times as high, with an OR of 5 or higher for some ethnic groups. The chances of a Halt-settlement were much lower for young people with a non-Western background. The odds of ending up in a youth prison was over six times higher for youngsters with a non-Western background compared to their Dutch native peers. For young people of Caribbean and Moroccan origin the likelihood was more than ten times higher. These results showed that DMC is present at all examined stages in the Dutch juvenile justice chain. The large overrepresentation of young people with a migration background (especially of Moroccan and Caribbean origin) shows that further research is needed in order to develop programs to reduce DMC. To establish this, it is important to register the ethnic origin of the individuals at all stages of the juvenile justice chain.


Dr. Albert Boon
Dr. A.E. Boon is psycholoog/onderzoeker bij Lucertis/De Jutters: kinder- en jeugdpsychiatrie (Parnassia Groep) en bij Curium-LUMC, de afdeling kinder- en jeugdpsychiatrie Universiteit Leiden.

Melissa van Dorp MSc
M. van Dorp, MSc is psycholoog/onderzoeker bij Lucertis/De Jutters: kinder- en jeugdpsychiatrie (Parnassia Groep) en bij de Academische Werkplaats Risicojeugd.

Drs. Sjouk de Boer
Drs. S.B.B. de Boer is psycholoog/onderzoeker bij Lucertis/De Jutters: kinder- en jeugdpsychiatrie (Parnassia Groep).
Artikel

Het verloop van de partnerrelaties van gedetineerden tijdens en na detentie

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2018
Trefwoorden detention, partnerships, relationship quality, longitudinal
Auteurs Anne Brons MSc, Prof. dr. Paul Nieuwbeerta en Dr. Anja Dirkzwager
SamenvattingAuteursinformatie

    In the current criminological literature surprisingly little is known about the development of partnerships of detainees during and after detention. In particular, it is unknown to what extent existing differences in the relationship quality at the start of the detention period continue. Therefore, this study examined how the partnerships of detainees developed by using data from the Prison Project. This is a longitudinal study in which 747 detainees with a partner were interviewed at various moments during detention and six months after detention. The results show that bad partnerships at the beginning of detention remain in general bad or end during and/or after detention, while the average to good relationships remain the same.


Anne Brons MSc
M.D. Brons, MSc is PhD student bij het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI).

Prof. dr. Paul Nieuwbeerta
Prof. dr. P. Nieuwbeerta is hoogleraar Criminologie bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Dr. Anja Dirkzwager
Dr. A.J.E. Dirkzwager is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).
Toont 1 - 20 van 552 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 27 28
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.