Zoekresultaat: 168 artikelen

x

    The Supreme Court has ruled that a baker’s refusal to provide a cake with a slogan supporting gay marriage was not sexual orientation discrimination, nor discrimination on grounds of political belief. The Northern Ireland bakery was owned by Christians who had religious objections to gay marriage (they thought Christian doctrine holds that marriage can only take place between a man and a woman). Gay marriage is not legal in Northern Ireland, although it is in the rest of the United Kingdom. Gay couples can enter into a ‘civil partnership’ in Northern Ireland, which formalises the relationship and provides it with legal recognition in a similar way to marriage.


Soren Kristophersen
Soren Kristophersen is a Legal Assistant at Lewis Silkin LLP.
Law Review

2019/1 EELC’s review of the year 2018

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 1 2019
Auteurs Ruben Houweling, Catherine Barnard, Filip Dorssemont e.a.
Samenvatting

    For the second time, various of our academic board analysed employment law cases from last year. However, first, we start with some general remarks.


Ruben Houweling

Catherine Barnard

Filip Dorssemont

Jean-Philippe Lhernould

Francesca Maffei

Niklas Bruun

Anthony Kerr

Jan-Pieter Vos

Luca Ratti

Daiva Petrylaite

Andrej Poruban

Stein Evju
Artikel

Het grondrecht op collectief onderhandelen van zelfstandigen versus het Europese mededingingsrecht

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Mededingingsrecht, Zelfstandige, Cao-exceptie, Vrijheid van vakvereniging, Recht op collectief onderhandelen
Auteurs Mr. R.F. Hoekstra
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat centraal dat de beperking van de door het Hof van Justitie geformuleerde ‘cao-exceptie’ op het Europese mededingingsrecht tot ‘werknemers’ en ‘schijnzelfstandigen’ zich moeilijk tot een grondrechtenbenadering lijkt te verhouden. Zelfstandigen met een zwakke arbeidsmarktpositie hebben namelijk evenzeer behoefte aan collectieve middelen om hun arbeidsvoorwaarden te verbeteren en vallen ook onder grondrechtenverdragen. Door een uitgebreide beschouwing van de relevante rechtsinstrumenten van de VN, de IAO en de Raad van Europa en de uitleg die de toezichtorganen hieraan geven blijkt dat het grondrecht op vrijheid van (vak)vereniging, collectief onderhandelen en collectieve actie evenzeer aan deze groep lijkt toe te komen, en een te rigoureuze inperking vanwege het mededingingsrecht niet gerechtvaardigd wordt geacht. De conclusie bevat enkele gedachten over hoe het Europese mededingingsrecht met een grondrechtenbenadering overeenstemming te brengen. Daarbij passeren zowel de recente ontwikkelingen rondom het zelfstandigenvraagstuk in Nederland als initiatieven op Europees niveau de revue.


Mr. R.F. Hoekstra
Mr. R.F. (Robert) Hoekstra is werkzaam als onderzoeker bij de Wiardi Beckman Stichting Den Haag. Daarnaast is hij als promovendus verbonden aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Zijn promotieonderzoek ziet op het snijvlak van cao’s en grondrechten.
Artikel

Access_open Het belemmeren van buitenlandse financiering van geloofsgemeenschappen

Een grondrechtengevoelige kwestie

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2018
Trefwoorden godsdienstvrijheid, EVRM, Islam, financiering geloofsgemeenschappen
Auteurs Dr. Adriaan Overbeeke
SamenvattingAuteursinformatie

    According to the Coalition Agreement 2017-2021, the Dutch government intends to develop policy to prevent religious communities from receiving support from abroad if this support comes from so-called ‘unfree countries’. In the article, the author argues that restrictive measures in this area touch upon the collective freedom of religion, which is protected by the ECHR, measures that can only be justified under strict conditions in the light of religious freedom as guaranteed in article 9 ECHR.


Dr. Adriaan Overbeeke
Dr. A.J. Overbeeke is als universitair docent verbonden aan de afdeling Staats- en bestuursrecht van de faculteit Rechtsgeleerdheid van de VU Amsterdam en is onderzoeker aan de Universiteit Antwerpen. Hij studeerde politicologie aan de KU Leuven en rechtsgeleerdheid aan de Universiteit Antwerpen.
Artikel

John Griffiths’ streven naar een theoretisch kader voor de rechtssociologie

Een kritische analyse

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2018
Trefwoorden socio-legal theory, social control, Rules, legal pluralism, Law
Auteurs Roel Pieterman
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution focuses on John Griffiths’ relentless attempt at developing a general theoretical perspective for socio-legal studies. Hence, attention to Griffiths’ important contributions to legal pluralism and the social working of law approach is paid only in passing. Similar to a much earlier assessment, the analysis of Griffiths’ proposal in this contribution is quite critical. Measured against five criteria this author deems important for any socio-legal theoretical framework, the verdict is that Griffiths’ proposal falls short of all of them. The analysis itself focuses primarily on Griffiths’ attempt to redefine the subject for socio-legal studies in terms of social control, the way he uses the concept ‘law’, and his primary focus on rules and rule following. One overall conclusion is that Griffiths remained a legal scholar to a much greater extent than he would have liked.


Roel Pieterman
Roel Pieterman (1953) is hoofddocent rechtssociologie aan Erasmus School of Law. Zijn onderzoeksbelangstelling is vooral gericht op de politiek-juridische omgang met ‘risico’s’. In die lijn schreef hij De voorzorgcultuur (2008) en Gewicht zit niet tussen je oren (2017). Zijn voornaamste onderwijstaak betreft het verzorgen van inleidend onderwijs in de rechtssociologie. In die lijn heeft hij, vooral in de jaren 1990, veel gebruikgemaakt van de door John Griffiths geredigeerde ‘RUG-bundel’. In die periode hield hij zich, evenals John, bezig met onderzoek naar een geschikt theoretisch kader voor de rechtssociologie. Het resultaat daarvan publiceerde hij in 1998 in Recht der Werkelijkheid. In dat tijdschrift discussieerde hij in die periode diverse malen met John over de vraag wat een goede benadering zou zijn.
Article

Access_open Right to Access Information as a Collective-Based Approach to the GDPR’s Right to Explanation in European Law

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 3 2018
Trefwoorden automated decision-making, right to access information, right to explanation, prohibition on discrimination, public information
Auteurs Joanna Mazur
SamenvattingAuteursinformatie

    This article presents a perspective which focuses on the right to access information as a mean to ensure a non-discriminatory character of algorithms by providing an alternative to the right to explanation implemented in the General Data Protection Regulation (GDPR). I adopt the evidence-based assumption that automated decision-making technologies have an inherent discriminatory potential. The example of a regulatory means which to a certain extent addresses this problem is the approach based on privacy protection in regard to the right to explanation. The Articles 13-15 and 22 of the GDPR provide individual users with certain rights referring to the automated decision-making technologies. However, the right to explanation not only may have a very limited impact, but it also focuses on individuals thus overlooking potentially discriminated groups. Because of this, the article offers an alternative approach on the basis of the right to access information. It explores the possibility of using this right as a tool to receive information on the algorithms determining automated decision-making solutions. Tracking an evolution of the interpretation of Article 10 of the Convention for the Protection of Human Right and Fundamental Freedoms in the relevant case law aims to illustrate how the right to access information may become a collective-based approach towards the right to explanation. I consider both, the potential of this approach, such as its more collective character e.g. due to the unique role played by the media and NGOs in enforcing the right to access information, as well as its limitations.


Joanna Mazur
Joanna Mazur, M.A., PhD student, Faculty of Law and Administration, Uniwersytet Warszawski.

    Jurisprudence is a domain related to terms such as rules, morality, principles, equality, justice, etc. Legal scholars have to teach the meaning of these terms. However, these are not terms, one can comprehend by just reading their standard definition. These are terms one must digest and learn to use. My argument is that literature or the law and literature movement can be used as a tool in order to explain and discuss these terms. For instance, beyond simply explaining or teaching legal positivism and natural law, Antigone helps students reflect upon the distinction between them. To cite another example, reading Nana can help students think about sex-workers in a way they would never think before. Moreover, the literature can be a useful means in teaching critical movements in law, such as critical legal studies, feminist legal theory and critical race theory. Finally, the terms I stated at the beginning are not only terms of jurisprudence, they are terms we should use properly in order to construct a healthy legal environment. Therefore, to get students comprehend these terms is a crucially important aim. I argue that literature can be a tool in order to achieve this aim.


E. Irem Aki
Dr. E.I. Aki was a research assistant at Ankara University Faculty of Law until 2017; iremaki@gmail.com.

    In its follow-up judgment to the ECJ’s preliminary ruling in the Hälvä case (C-175/16), the Finnish Supreme Court has held that ‘relief parents’ relieving foster parents in a child protection association on the latter’s holidays fall within the scope of the Finnish Working Hours Act even though the work was performed in the homes provided by the association for the children to live in. Therefore, the relief parents were entitled to the rights guaranteed by the Act (subject to the fact that some of their claims had expired).


Janne Nurminen
Janne Nurminen is a Senior Associate with Roschier in Helsinki, www.roschier.com.
Case Reports

2018/22 What is a collective agreement? Part two (DK)

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Collective agreements
Auteurs Christian K. Clasen
SamenvattingAuteursinformatie

    The Danish Supreme Court has upheld the decision from the Danish Eastern High Court (reported in EELC 2017/26) on the implementation of the Working Time Directive to the effect that an ‘intervention act’ can be deemed to be a collective agreement within the meaning of Article 18 of the Working Time Directive.


Christian K. Clasen
Christian K. Clasen is a partner at Norrbom Vinding, Copenhagen.

    In the aftermath of the ECJ’s ruling in the Asklepios case (C-680/15), the German Federal Employment Court (Bundesarbeitsgericht, hereinafter: BAG) held a dynamic referral clause valid following a transfer.


Othmar K. Traber
Othmar K. Traber is a partner at Ahlers & Vogel Rechtsanwälte PartG mbB in Bremen, www.ahlers-vogel.com.
Article

Access_open Evidence-Based Regulation and the Translation from Empirical Data to Normative Choices: A Proportionality Test

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2018
Trefwoorden evidence-based, regulation, proportionality, empirical law studies, law and society studies
Auteurs Rob van Gestel en Peter van Lochem
SamenvattingAuteursinformatie

    Studies have shown that the effects of scientific research on law and policy making are often fairly limited. Different reasons can be given for this: scientists are better at falsifying hypothesis than at predicting the future, the outcomes of academic research and empirical evidence can be inconclusive or even contradictory, the timing of the legislative cycle and the production of research show mismatches, there can be clashes between the political rationality and the economic or scientific rationality in the law making process et cetera. There is one ‘wicked’ methodological problem, though, that affects all regulatory policy making, namely: the ‘jump’ from empirical facts (e.g. there are too few organ donors in the Netherlands and the voluntary registration system is not working) to normative recommendations of what the law should regulate (e.g. we need to change the default rule so that everybody in principle becomes an organ donor unless one opts out). We are interested in how this translation process takes place and whether it could make a difference if the empirical research on which legislative drafts are build is more quantitative type of research or more qualitative. That is why we have selected two cases in which either type of research played a role during the drafting phase. We use the lens of the proportionality principle in order to see how empirical data and scientific evidence are used by legislative drafters to justify normative choices in the design of new laws.


Rob van Gestel
Rob van Gestel is professor of theory and methods of regulation at Tilburg University.

Peter van Lochem
Dr. Peter van Lochem is jurist and sociologist and former director of the Academy for Legislation.
Artikel

De constitutionele advisering door de Venice Commission

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2018
Auteurs Prof. mr. drs. B.P. Vermeulen en Mr. dr. A. Jasiak
SamenvattingAuteursinformatie

    De Venice Commission heeft zich sinds 1990 ontwikkeld tot een gezaghebbende constitutioneel raadgever met betrekking tot de verenigbaarheid van (grond)wetgeving met de beginselen van de rule of law, mensenrechten en democratie voor de lidstaten van de Raad van Europa. Besproken wordt wat de Commissie is, wat zij doet en hoe zij dat doet. Vervolgens wordt ingegaan op de maatstaven die zij hanteert, en de specifieke uitdagingen die haar internationale positie, mede gezien het opkomend populisme en het spanningsveld tussen democratie en rechtsstaat, met zich brengen voor de mate van terughoudendheid in haar oordeelsvorming. Daarbij wordt specifiek ingegaan op de ‘casus Polen’.


Prof. mr. drs. B.P. Vermeulen
Prof. mr. drs. B.P. (Ben) Vermeulen is lid van de Raad van State en lid van de Venice Commission (2007-2011 substituut-lid).

Mr. dr. A. Jasiak
Mr. dr. A. (Anna) Jasiak is sectorhoofd (sectie III) in de Afdeling advisering van de Raad van State; in 2014 was zij gedetacheerd bij het secretariaat van de Venice Commission.
Artikel

Machtsmisbruik op basis van big data

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2018
Auteurs Eric van Damme, Inge Graef en Wolf Sauter
Auteursinformatie

Eric van Damme
Prof. dr. E. van Damme is verbonden aan Tilburg University en aan het onderzoeksinstituut TILEC aldaar.

Inge Graef
Dr. mr. I. Graef is verbonden aan Tilburg University en aan de onderzoeksinstituten TILEC en TILT aldaar.

Wolf Sauter
Prof. mr. dr. drs. W. Sauter is verbonden aan Tilburg University en aan het onderzoeksinstituut TILEC aldaar en daarnaast in dienst bij de ACM. Zijn bijdrage is op persoonlijke titel.
Artikel

De verbodenverklaring en ontbinding van outlaw motorcycle gangs

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2018
Trefwoorden bestuurlijke verbodenverklaring, criminele motorclubs, ontbinding rechtspersoon, ontwrichting samenleving, verboden rechtspersoon
Auteurs Mr. J.L.W. Broeksteeg
SamenvattingAuteursinformatie

    De rechter heeft recent twee criminele motorclubs, waaronder de Bandidos, verboden en ontbonden. Volgens hem bestaat er een direct verband tussen gedragingen van leden en de werkzaamheid van de vereniging. De cultuur van de motorclub en de daaruit voortvloeiende gedragingen zijn dermate kenmerkend en structureel, dat zij de samenleving kunnen ontwrichten.


Mr. J.L.W. Broeksteeg
Mr. J.L.W. Broeksteeg is universitair hoofddocent staatsrecht aan de Radboud Universiteit.
Rulings

ECtHR 24 April 2018, application no. 56237/08 (Sadrettin Güler), Freedom of assembly and association

Sadrettin Güler – v – Turkey, Turkish case

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Freedom of assembly and association
Samenvatting

    Giving an employee an official warning after he participated in a large pre-announced Labour Day demonstration is found to be in breach of the right to freedom of association.

Discussie

Access_open De ILO en het Nederlandse arbeidsrecht

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Impact van de ILO op het Nederlandse arbeidsrecht
Auteurs Prof. mr. Paul F. van der Heijden
SamenvattingAuteursinformatie

    De ILO bestaat in 2019 honderd jaar. Nederland is vanaf het begin lid geweest van deze tripartite internationale organisatie, die na 1945 onder de paraplu van de Verenigde Naties is komen te vallen.
    Nederland heeft zich doorgaans opgesteld als een actief en betrokken lid; het heeft in vergelijking met andere lidstaten veel ILO-verdragen geratificeerd, te weten 106.
    Met dit grote aantal ratificaties heeft de ILO relatief grote impact gehad op het Nederlands arbeidsrecht.
    Er waren ‘kwesties’ met de ILO over onder meer de loonpolitiek, de sterkte van de Arbeidsinspectie, het ontslagrecht en de vakbondsvrijheid.
    Opvallend is dat Nederland ILO-verdrag 158 over het ontslagrecht niet heeft geratificeerd.
    Op terreinen waar veel overheidsgeld mee gemoeid is, zoals bijvoorbeeld de loonpolitiek, de sterkte van de Arbeidsinspectie of de sociale zekerheid, leeft de Nederlandse overheid pas na veel tijdsverloop en druk van de ILO de aangegane verplichtingen na.


Prof. mr. Paul F. van der Heijden
Prof. mr. P.F. van der Heijden is hoogleraar Internationaal Arbeidsrecht aan de Universiteit Leiden. Hij was gedurende 22 jaar in verschillende rollen actief binnen de ILO, de laatste 15 jaar als onafhankelijk voorzitter van de Committee on Freedom of Association (CFA).
Artikel

Access_open Crisis in the Courtroom

The Discursive Conditions of Possibility for Ruptures in Legal Discourse

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2018
Trefwoorden crisis discourse, rupture, counterterrorism, precautionary logic, risk
Auteurs Laura M. Henderson
SamenvattingAuteursinformatie

    This article addresses the conditions of possibility for the precautionary turn in legal discourse. Although the precautionary turn itself has been well-detailed in both legal and political discourse, insufficient attention has been paid to what made this shift possible. This article remedies this, starting by showing how the events of 9/11 were unable to be incorporated within current discursive structures. As a result, these discursive structures were dislocated and a new ‘crisis discourse’ emerged that succeeded in attributing meaning to the events of 9/11. By focusing on three important cases from three different jurisdictions evidencing the precautionary turn in legal discourse, this article shows that crisis discourse is indeed employed by the judiciary and that its logic made this precautionary approach to counterterrorism in the law possible. These events, now some 16 years ago, hold relevance for today’s continuing presence of crisis and crisis discourse.


Laura M. Henderson
Laura M. Henderson is a researcher at UGlobe, the Utrecht Centre for Global Challenges, at Utrecht University. She wrote this article as a Ph.D. candidate at the Vrije Universiteit Amsterdam.
Article

Access_open Afterword

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2018
Auteurs Stuart Kirsch
Auteursinformatie

Stuart Kirsch
Professor of Anthropology, University of Michigan.

    This paper examines three Inter-American Court (IACtHR) cases on behalf of the Enxet-Sur and Sanapana claims for communal territory in Paraguay. I argue that while the adjudication of the cases was successful, the aftereffects of adjudication have produced new legal geographies that threaten to undermine the advances made by adjudication. Structured in five parts, the paper begins with an overview of the opportunities and challenges to Indigenous rights in Paraguay followed by a detailed discussion of the adjudication of the Yakye Axa, Sawhoyamaxa, and Xákmok Kásek cases. Next, I draw from extensive ethnographic research investigating these cases in Paraguay to consider how implementation actually takes place and with what effects on the three claimant communities. The paper encourages a discussion between geographers and legal scholars, suggesting that adjudication only leads to greater social justice if it is coupled with effective and meaningful implementation.


Joel E. Correia Ph.D.
Postdoctoral Research Associate in the Center for Latin American Studies at the University of Arizona.

    Racist ‘liking’ on Facebook may justify dismissal for serious misconduct, says the Labour Court of Liège in a decision of 24 March 2017. This case is interesting because, to the author’s knowledge, it is the first time that a simple ‘like’ (as opposed to a proper comment) on Facebook is assessed by a Belgian judge with a view to validate a dismissal for serious misconduct. This case also raises serious questions about the limits to the freedom of expression in social media.


Gautier Busschaert
Gautier Busschaert is an attorney at Van Olmen & Wynant in Brussels, www.vow.be.
Toont 1 - 20 van 168 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.