Zoekresultaat: 26 artikelen

x
Artikel

Schadevaststelling en tijd

Bespreking van het proefschrift van mr. M.R. Hebly

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden immateriële schade, smartengeld, wettelijke rente, lijdensduur, herstel
Auteurs Mr. P. Woudenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze proefschriftbespreking wordt ingezoomd op drie tijdsaspecten die invloed hebben op immateriële schade: de consequenties van het aanmerken van smartengeld als momentschade of duurschade; de invloed van de lijdensduur op de omvang immateriële schade; en de looptijd van letselschadezaken en het effect daarvan op het herstel van benadeelden.


Mr. P. Woudenberg
Mr. P. Woudenberg is advocaat bij Van Wassenaer Wytema Letselschade-advocaten & Mediation te Haarlem.
Artikel

Een billijke schadevergoeding als bedoeld in de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg: volledig en deels forfaitair

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2019
Trefwoorden schadevergoeding, klachtenprocedure, klachtencommissie, psychiatrische patiënt
Auteurs Mr. dr. R.P. Wijne
SamenvattingAuteursinformatie

    De komst van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg gaat gepaard met de mogelijkheid om in de klachtenprocedure een verzoek te doen tot toekenning van een schadevergoeding naar billijkheid. Dit artikel beoogt te verduidelijken wat onder een billijke schadevergoeding kan worden verstaan en hoe een verzoek om schadevergoeding zou moeten worden onderbouwd. Ook wordt toegelicht welke rol een forfaitair stelsel daarin zou kunnen spelen.


Mr. dr. R.P. Wijne
Rolinka Wijne is docent Gezondheidsrecht en onderzoeker aan de Universiteit van Amsterdam. Daarnaast bekleedt zij enkele andere functies op het terrein van het gezondheidsrecht.
Artikel

Een goed begin is het halve werk

Hoe kunnen we de behandeling en afwikkeling van kindschades samen verder verbeteren

Tijdschrift Afwikkeling Personenschade, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Kindschades, Zorgschade, Aansprakelijkheid, Klachtenfunctionaris, Schaderegeling
Auteurs Mr. J.G. Vos
SamenvattingAuteursinformatie

    Als schaderegelaar word je regelmatig geconfronteerd met complexe schades van jonge kinderen. Gedurende een lange looptijd werken veel partijen met, naast maar ook langs elkaar. Met dit artikel hoop ik enkele praktische tips te geven voor een betere aanpak van deze schades, voor alle betrokken partijen.


Mr. J.G. Vos
Mevr. mr. J.G. Vos is personenschade- en aansprakelijkheidsdeskundige bij Andriessen Expertise.
Artikel

De jurisprudentiële ontwikkeling van immateriële schadevergoeding bij een bijzondere normschending

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2019
Trefwoorden immateriële schadevergoeding, aantasting in de persoon, bijzondere normschending, EBI-arrest, Groningse aardbevingsschade-arrest
Auteurs Mr. P.C. Janssen en Mr. A.S. Bloo-Kroes
SamenvattingAuteursinformatie

    In het EBI-arrest en het Groningse aardbevingsschade-arrest zet de Hoge Raad nader uiteen onder welke voorwaarden er een aanspraak bestaat op immateriële schadevergoeding ex art. 6:106 lid 1 onder b BW vanwege een bijzondere normschending. In deze bijdrage wordt de stand van zaken weergegeven.


Mr. P.C. Janssen
Mr. P.C. Janssen is advocaat bij Dirkzwager N.V. te Arnhem.

Mr. A.S. Bloo-Kroes
Mr. A.S. Bloo-Kroes is advocaat bij Dirkzwager N.V. te Arnhem.

    In deze bijdrage wordt de betekenis van de duur van het lijden bij begroting van immateriële schade in verband met blijvend letsel en wegens dodelijk letsel geanalyseerd. Volgens de Hoge Raad is de duur van het lijden een omstandigheid die de rechter bij de begroting van het smartengeld in het bijzonder dient mee te wegen, maar in de literatuur wordt opgemerkt dat de betekenis van deze factor niet steeds duidelijk is. Deze bijdrage geeft de stand van zaken in de rechtspraak en in de Nederlandstalige literatuur weer en biedt een nadere analyse van de betekenis van de duur van het lijden.


Mr. dr. M.R. Hebly
Mr. dr. M.R. Hebly is als universitair docent verbonden aan de sectie Burgerlijk recht van de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Access_open ‘Affectieschade’ en ‘shockschade’, onderscheid, samenloop, vooruitblik

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2018
Trefwoorden affectieschade, shockschade, wetsvoorstel affectieschade, smartengeld, nabestaanden
Auteurs Prof. mr. S.D. Lindenbergh
SamenvattingAuteursinformatie

    De invoering van het ‘wetsvoorstel affectieschade’ roept een aanspraak op smartengeld in het leven voor naasten en nabestaanden. Dat roept vervolgens de vraag op hoe deze aanspraak zich verhoudt tot het recht op schadevergoeding van iemand die door confrontatie met een schokkende gebeurtenis geestelijk letsel heeft opgelopen. Daarover gaat deze bijdrage.


Prof. mr. S.D. Lindenbergh
Prof. mr. Lindenbergh is hoogleraar privaatrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Jurisprudentie

Een begrensde vergoeding in de zin van artikel 6:96 lid 2 sub a BW: redelijk?

Rb. Den Haag 6 juni 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:6086

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2018
Trefwoorden redelijke kosten, schadebeperkingsplicht, immateriële schade, vermogensschade
Auteurs A.M. Overheul LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze beschikking is relevant voor de kwalificatie van schade. De vraag is of schade als gevolg van een ongeval, bestaande uit gemaakte en te maken kosten in verband met de inschakeling van een derde ten behoeve van de voortzetting van de exploitatie van een boerderij, gekwalificeerd kunnen worden als vermogensschade of als ander nadeel. Ten aanzien van de hoogte van de vergoeding merkt de rechtbank op dat de vergoeding uit haar aard de immateriële schade niet kan overstijgen, en dat de kwalificatie van de gestelde schade niet ter zake doet. Het is de vraag of dit redelijk is.


A.M. Overheul LLM
A.M. Overheul, LLM heeft recent de master Privaatrecht afgerond aan de Universiteit Utrecht en is per 1 oktober 2017 als wetenschappelijk medewerker verbonden aan de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

Schuld en schadevergoeding

Hoe kleurt de zwaarte van de schuld van de aansprakelijke partij het schadevergoedingsdebat?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2017
Trefwoorden schuld, opzet, schade(vergoeding), redelijkheid, aard van de aansprakelijkheid
Auteurs Mr. A.I. Schreuder
SamenvattingAuteursinformatie

    In het schadevergoedingsrecht duikt de mate van de schuld van de aansprakelijke partij steeds op als (mogelijk) relevante factor. Bezien wordt hoe dit element het schadevergoedingsdebat kleurt. De conclusie luidt dat de betekenis van deze factor uiteindelijk beperkt lijkt, vooral omdat hij zich alleen in uiterste vormen goed laat onderscheiden.


Mr. A.I. Schreuder
Mr. A.I. Schreuder is promovenda bij de sectie Burgerlijk Recht van de Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

    De NAM is aansprakelijk voor de door inwoners van het Groningerveld geleden en/of nog te lijden immateriële schade, als gevolg van aardbevingen.

Artikel

Opnieuw beweging in de rechtspraak voor de benadeelden van de Groningse gaswinning

Rb. Noord-Nederland 1 maart 2017, ECLI:NL:RBNNE:2017:715

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2017
Trefwoorden gaswinning, aardbevingen, schade, aansprakelijkheid, immateriële schade
Auteurs Mr. M.J. Journée
SamenvattingAuteursinformatie

    De Rechtbank Noord-Nederland maakt in haar vonnis van 1 maart 2017 een uitzondering op het uitgangspunt dat voor toekenning van immateriële schade bij ‘zuivere’ persoonsaantastingen sprake dient te zijn van een in de psychiatrie erkend ziektebeeld. De benadeelden van de Groningse gaswinning kunnen derhalve voor vergoeding van immateriële schade in aanmerking komen zonder dat sprake is van geestelijk letsel.


Mr. M.J. Journée
Mr. M.J. Journée is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen te Apeldoorn op de sectie Aansprakelijkheid, Verzekering & Vervoer.
Artikel

Schadevergoeding voor gewezen verdachte in de schijnwerpers

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 1 2017
Auteurs Mirthe Docter en Mirjam Ekkart

Mirthe Docter

Mirjam Ekkart
Artikel

Wijzigingen in de Curaçaose Lar: doelmatiger en doeltreffender rechtsbescherming

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2016
Trefwoorden Lar, bestuursprocesrecht, wijziging, rechtsbescherming, Curaçao
Auteurs Mr. M.E.B. de Haseth
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 26 september 2015 zijn enkele fundamentele wijzigingen van de Curaçaose Lar in werking getreden, waarmee wordt voorzien in snellere en doelmatiger procedures. In dit artikel worden de belangrijkste wijzigingen besproken, waarbij in het bijzonder aandacht wordt besteed aan wat alle betrokkenen kunnen en moeten doen om de procedures met toepassing van deze nieuwe bepalingen zo effectief en efficiënt mogelijk te laten verlopen. De bepalingen zijn grotendeels gemodelleerd naar de Nederlandse Awb, zodat wordt verwezen naar voorbeelden uit de Nederlandse rechtspraak ter zake.


Mr. M.E.B. de Haseth
Mr. M.E.B. de Haseth is werkzaam bij de Raad van State en sinds 1 februari 2015 gedetacheerd bij het Gemeenschappelijk Hof, met als doel een projectgroep op te zetten en te leiden ten behoeve van de organisatie van de juridische en administratieve ondersteuning van de bestuursrechtspraak in hoger beroep.
Artikel

Bijstand als schadepost

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2015
Trefwoorden Participatiewet, WWB, bijstandsuitkering, letselschade, schadevergoeding
Auteurs Mr. A.S. Oude Hergelink en Mr. dr. M.F. Vermaat
SamenvattingAuteursinformatie

    Schadevergoedingen en de bijstandswet vormen geen gelukkig paar. Immers, voordat iemand een beroep op de bijstand zoals geregeld in de Participatiewet kan doen, moet er geen sprake meer zijn van vermogen boven de vrijlatingsgrens. Waarom schade vergoeden als de gemeente vervolgens de bijstand beëindigt? In deze bijdrage wordt aan de hand van wetgeving, gemeentelijke regelgeving en jurisprudentie besproken wat de gevolgen voor het recht op bijstand (kunnen) zijn wanneer een bijstandsgerechtigde een letselschadevergoeding ontvangt. Op 16 april 2014 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant geoordeeld dat indien het onderhavige letselschadeslachtoffer haar aanspraak op een bijstandsuitkering (deels) zou verliezen, dat aangemerkt diende te worden als schade en die schade voor vergoeding door de aansprakelijke partij in aanmerking komt. Deze uitspraak werpt een nieuw licht op de problematiek.


Mr. A.S. Oude Hergelink
Mr. A.S. Oude Hergelink is advocaat bij Beer advocaten te Amsterdam.

Mr. dr. M.F. Vermaat
Mr. dr. M.F. Vermaat is advocaat bij Van der Woude de Graaf Advocaten te Amsterdam.
Artikel

QALY-tijd in de vaststelling van smartengeld bij letsel?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2013
Trefwoorden gezondheidseconomie, letselschade, smartengeld, Quality Adjusted Life Year (QALY)
Auteurs Mr. dr. L.T. Visscher
SamenvattingAuteursinformatie

    Er bestaat in Nederland onvrede over de toegekende bedragen aan smartengeld bij letsel, zowel wat betreft de omvang als wat betreft de onderlinge verhouding van de bedragen bij licht en (zeer) ernstig letsel. Op basis van inzichten uit de gezondheidseconomie, in het bijzonder het concept van de Quality Adjusted Life Year (QALY), onderzoekt de auteur of er inderdaad sprake is van scheefgroei en te lage bedragen. De conclusie is dat er geen sprake is van systematische ernstige scheefgroei, maar dat de bedragen over de hele linie wel beduidend lager zijn dan vanuit gezondheidseconomische optiek zou mogen worden verwacht.


Mr. dr. L.T. Visscher
Mr. dr. L.T. Visscher is universitair hoofddocent Rechtseconomie aan het Rotterdam Institute of Law and Economics (RILE), Erasmus School of Law, van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Praktijk

Kroniek rechtspraak civiel recht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden aansprakelijkheid, schending zorgplicht, protocol, veiligheidsnorm, schending toezichthoudende taken
Auteurs Mr. drs. M.J.J. de Ridder
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek worden in het kort de belangrijkste ontwikkelingen in de jurisprudentie besproken in de periode van 1 september 2011 tot en met 1 juni 2013. Daarbij wordt eerst ingegaan op de diverse gronden waarop de aansprakelijkheid kan worden gebaseerd: schenden van de zorgplicht, niet nakomen van een protocol, schenden van een veiligheidsnorm, schenden van een toezichthoudende taak; gebruik maken van een gebrekkige hulpzaak, aansprakelijkheid van een producent en het ontbreken van informed consent. Voorts wordt ingegaan op de voorwaarden die aan het causaal verband en toerekening kunnen worden gesteld, in welk kader ook de ontwikkelingen op het gebied van de omkeringsregel en de proportionaliteit en kansschade aan bod komen. Andere onderwerpen die in de kroniek worden besproken zijn: deskundigenberichten, verjaring en de Wbp.


Mr. drs. M.J.J. de Ridder
Michel de Ridder is werkzaam als advocaat bij KBS Advocaten te Utrecht.
Jurisprudentie

Smartengeld zonder bewuste smart

Rb. Utrecht 6 februari 2013, LJN BZ0813

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2013
Trefwoorden smartengeld, immateriële schadevergoeding, bewustelozen, coma, functies aansprakelijkheidsrecht
Auteurs Mr. B.I. Bethlehem
SamenvattingAuteursinformatie

    In het Coma-arrest bepaalde de Hoge Raad dat comateuze slachtoffers recht hebben op smartengeld. Er bleef echter onduidelijkheid bestaan over de vraag of dergelijke slachtoffers slechts vergoedbaar nadeel hebben geleden wanneer bij hen achteraf sprake is geweest van een zekere mate van bewustzijn (de ‘beperkte opvatting’), of dat zij levensvreugde derven ongeacht de vraag of zij zich ooit nog bewust zullen zijn van het feit dat zij in coma hebben gelegen (de ‘ruime opvatting’). De Rechtbank Utrecht toont zich in haar vonnis van 6 februari 2013 (LJN BZ0813) voorstander van de ruime opvatting door smartengeld toe te kennen aan een comateus slachtoffer dat zich niet (aantoonbaar) bewust is (geweest) van het feit dat hij in coma ligt. Deze uitspraak strookt niet met de functies die met het toekennen van smartengeld worden geacht te worden verwezenlijkt.


Mr. B.I. Bethlehem
Mr. B.I. Bethlehem is advocaat bij Houthoff Buruma.
Jurisprudentie

2004/8 Materiële en immateriële schade ten gevolge van mislukte sterilisatie

Hoge Raad (P. Neleman, vice-president, H.A.M. Aaftink, D.H. Beukenhorst, O. de Savornin-Lohman en P.C. Kop, raadsheren) d.d. 9 augustus 2002

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 2 2004
Auteurs


Jurisprudentie

2003/54 Smartengeld bij coma; bewustzijnsvereiste?

Hoge Raad (G.G. van Erp Taalman Kip-Nieuwenkamp, voorzitter; J.B. Fleers, A.G. Pos, D.H. Beukenhorst en A. Hammerstein, raadsheren) d.d. 20 september 2002, m.nt. prof. mr. B. Sluijters.

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2003
Auteurs


Toont 1 - 20 van 26 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.