Zoekresultaat: 53 artikelen

x
Discussie

Commissie Regulering van Werk (commissie-Borstlap): iemand moet hardop zeggen wat we niet willen horen (maar stiekem allang wisten)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Arbeidsmarkt, Commissie-Borstlap, Zelfstandigen, Arbeidsverhoudingen, Fiscaliteit en sociale zekerheid
Auteurs Prof. mr. A.R. Houweling
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt het rapport van de Commissie Regulering van Werk (commissie Borstlap) geanalyseerd. De inhoud van het rapport wordt besproken en voorzien van kritiek. Tevens worden op onderdelen voorstellen gedaan voor nadere uitwerking en/of verbetering. De algemene indruk is dat het rapport van waarde is. Het brengt een integrale benadering van de arbeidsmarkt mooi in kaart en reikt denkrichtingen aan waarlangs toekomstig beleid kan worden vormgegeven. Kritiek is er ook. Denkrichtingen zijn niet allemaal op eenzelfde wijze uitgewerkt en op onderdelen blijft de zoektocht naar de mate van insluiting en uitsluiting van bescherming ambigu. De auteur doet aan het slot een aantal voorstellen voor een (nog beter) spoorboekje naar modernisering van het arbeidsrecht.


Prof. mr. A.R. Houweling
Prof. mr. A.R. (Ruben) Houweling is hoogleraar Arbeidsrecht aan de Erasmus School of Law.

Léon Korsten
Mr. L.E.J. Korsten is advocaat en partner bij DLA Piper Nederland N.V.

Jolein Movig
Mr. J.D. Movig is advocaat bij DLA Piper Nederland N.V.
Artikel

Triangulaire arbeidsrelaties in de platformeconomie: een voorstel tot een vermoeden van uitzendbureau

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Platformen, Platformwerk, Arbeidsbemiddeling, Uitzendarbeid, Terbeschikkingstelling
Auteurs Prof. dr. V. De Stefano en Mr. M. Wouters
SamenvattingAuteursinformatie

    De opkomst van de platformeconomie, met als prominente voorbeelden Uber en Deliveroo, deed de discussies omtrent de aard van de arbeidsrelatie heropleven. Zijn deze platformwerkers in werkelijkheid werknemers, en is het arbeidsrecht aan hervorming toe indien ze het wel of niet zijn? Deze bijdrage heeft eveneens tot doel om de werkingssfeer van het arbeidsrecht ter discussie te stellen door de regelgeving omtrent private arbeidsbemiddeling en uitzendarbeid toe te passen op platformen. Dienaangaande bepleit deze bijdrage om ten eerste de regelgeving omtrent private arbeidsbemiddeling aan te wenden om ook de bemiddeling van dienstverleningsovereenkomsten tussen werkzoekenden en opdrachtgevers te omkaderen. Ten tweede wijst de bijdrage op de mogelijke totstandkoming van ‘verdoken’ uitzendarbeid door middel van digitale platformen. Om dit te voorkomen stellen de auteurs een ‘vermoeden van uitzendbureau’ voor.


Prof. dr. V. De Stefano
Prof. dr. V. De Stefano is BOF-ZAP onderzoekprofessor aan de KU Leuven.

Mr. M. Wouters
Mr. M. Wouters is doctoraatsonderzoeker aan de KU Leuven.
Article

Access_open The Brussels International Business Court: Initial Overview and Analysis

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2019
Trefwoorden international jurisdiction, English, court language, Belgium, business court
Auteurs Erik Peetermans en Philippe Lambrecht
SamenvattingAuteursinformatie

    In establishing the Brussels International Business Court (BIBC), Belgium is following an international trend to attract international business disputes to English-speaking state courts. The BIBC will be an autonomous business court with the competence to settle, in English, disputes between companies throughout Belgium. This article focuses on the BIBC’s constitutionality, composition, competence, proceedings and funding, providing a brief analysis and critical assessment of each of these points. At the time of writing, the Belgian Federal Parliament has not yet definitively passed the Bill establishing the BIBC, meaning that amendments are still possible.


Erik Peetermans
Erik Peetermans is a legal adviser at the Federation of Enterprises in Belgium (FEB).

Philippe Lambrecht
Philippe Lambrecht is the Director-Secretary General at the Federation of Enterprises in Belgium (FEB).

    This article is part of a broader discussion about attaining a full-fledged child-friendly (criminal) justice. Attaining that goal is particularly challenging in cases of international parental abduction, due to the involvement of two branches of law. It is examined to what extent the current interaction guarantees a decision in the best interests of the child. More specifically, the implications of the adage le criminel tient le civil en état are scrutinised from a children’s rights perspective.
    The central research question reads: “to what extent can the adage le criminal tient le civil and état be upheld when further elaborating the best interests of the child in criminal law, more specifically in the interaction between civil and criminal law?” The research wants to contribute to the debate of the difficult triangular relationship between civil law, criminal law and children's rights law.
    In cases of child abduction, the link and interaction between the two procedures goes beyond the traditionally accepted scope of civil damages arising from a criminal offense. Nevertheless, both procedures following a parental abduction are based on the same facts and are inextricably linked, which means that they have to be assessed together, which means that they should be judged together. The question arises as to how the two parallel procedures can be coordinated better, now that it is clear that they may significantly influence each other.
    A full-fledged application of the adage means that a decision concerning the return of the child can only be handed down from the moment when the criminal proceeding (concerning the prosecution of the parent) is completed. It is immediately clear that this cannot be in the best interests of the child.
    It is argued that the adage must be abandoned or reversed to guarantee article 3 CRC. This statement is substantiated with arguments of both practical (referring to the time course) and fundamental (importance of the child best interets as a first consideration) nature. Thereby counterarguments are anticipated.
    ---
    Dit artikel kadert binnen de bredere discussie inzake het streven naar een kindvriendelijk (straf)rechtssysteem. In zaken van internationale parentale ontvoering, waarbij twee rechtstakken betrokken zijn, is dit bijzonder uitdagend. Er wordt onderzocht in welke mate de huidige interactie tussen beide rechtstakken het belang van het kind waarborgt. Concreet wordt het adagium le criminel tient le civil en état vanuit een kinderrechten-perspectief aan een kritische blik onderworpen.
    De centrale onderzoeksvraag luidt: “in welke mate is het adagium le criminel tient le civil and état houdbaar in de verdere uitwerking van het belang van het kind in het strafrecht, meer bepaald in de wisselwerking tussen burgerlijk en strafrecht?” Het artikel wil aan het belang van het kind een duidelijkere positie geven in de moeilijke driehoeksverhouding tussen burgerlijk recht, strafrecht en kinderrechten.
    In zaken van kinderontvoering gaat het de toepassing van het adagium verder dan de traditioneel aanvaarde reikwijdte van civielrechtelijke schadevergoedingen die voortvloeien uit een strafbaar feit. Niettemin zijn beide procedures, volgend op een parentale ontvoering, gebaseerd op dezelfde feiten en onlosmakelijk verbonden met elkaar, wat betekent dat ze samen moeten worden beoordeeld. De vraag rijst hoe de twee parallelle procedures beter gecoördineerd kunnen worden, nu duidelijk is dat ze elkaar op een significante manier kunnen beïnvloeden.
    Onverkorte toepassing van het adagium betekent dat de burgerlijke beslissing betreffende de terugkeer van het kind pas kan plaatsvinden vanaf het moment dat de strafrechtelijke procedure (betreffende de vervolging van de ouder) is voltooid. Het is meteen duidelijk dat dit niet in het belang van het kind kan zijn.
    Er wordt geargumenteerd dat het adagium moet worden verlaten dan wel omgedraaid om artikel 3 IVRK te garanderen. Argumenten van zowel praktische (verwijzend naar de tijdsverloop) als fundamentele (belang van het kind als eerste overweging) aard onderbouwen dit standpunt. Daarbij wordt geanticipeerd op tegenargumenten.


Elise Blondeel MSc
Doctoraal onderzoekster Strafrecht & Rechten van het Kind (BOF-mandaat). Onderzoeksdomein: Internationale Parentale Ontvoering. Lid van het IRCP (Institute for International Research on Criminal Policy) en het HRC (Human Rights Centre).

prof. dr. Wendy De Bondt
Professor Strafrecht/Rechten van het Kind/Jeugdrecht aan Universiteit Gent. Onderzoeksdomein: (Europees) strafrecht(elijk beleid) & Rechten van het Kind. Lid van het IRCP (Institute for International Research on Criminal Policy) en het HRC (Human Rights Centre).
Artikel

Economische ongelijkheid: een verkenning vanuit de grondslagen van het arbeidsrecht

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Economische ongelijkheid, Ongelijkheidscompensatie, Collectieve arbeidsvoorwaardenvorming, Gelijke behandeling, Flexibele arbeid
Auteurs Mr. dr. N. Zekić
SamenvattingAuteursinformatie

    De groei van de inkomens- en welvaartsongelijkheid – samen ook wel als economische ongelijkheid aangeduid – wordt gezien als een van de grootste hedendaagse maatschappelijke problemen. Redistributie (herverdeling) van middelen, macht en risico’s kan de groei van economische ongelijkheid tegengaan. Dit artikel verkent de relatie tussen het Nederlandse arbeidsrecht en redistributie. Dit gebeurt door aan te haken bij de (internationale) discussie over de grondslagen van het arbeidsrecht. Op drie onderdelen van het arbeidsrecht wordt in dit kader dieper ingegaan: (1) collectieve arbeidsvoorwaardenvorming, (2) gelijke behandeling en (3) de regulering van atypische of flexibele arbeid. De auteur betoogt dat redistributie als een van de doelen van het arbeidsrecht gezien kan worden. Redistributie is sterk verbonden met ongelijkheidscompensatie, toch kan het onder omstandigheden nuttig zijn om de focus specifieker op redistributie te leggen.


Mr. dr. N. Zekić
Mr. dr. N. Zekić is universitair hoofddocent Arbeidsrecht aan Tilburg University, Tilburg Law School, Departement Sociaal Recht en Sociale Politiek.
Artikel

Kan de aangepaste Belgische abortuswet ook Nederland inspireren?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4 2019
Trefwoorden abortus, abortus in België, abortus in Nederland, Wet afbreking zwangerschap
Auteurs Mr. P.L. Garré
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel bespreekt de recente wijzigingen aan de Belgische abortuswetgeving en gaat na of sommige aanpassingen ook nuttig kunnen zijn voor een hervorming van de Waz. Deze wijzigingen in de Belgische wetgeving dienen slechts in beperkte mate als inspiratiebron voor een mogelijke aanpassingen aan de Nederlandse wetgeving.


Mr. P.L. Garré
Patrick Garré is jurist en economist bij de Belgische Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid.

    This research aims to contribute to the development of an adequate handling of the complex, conflictual family situation that occurs during a parental abduction. The following research question is answered: to what extent can the methods of conflict resolution – in the Belgian context – be optimized so that the interests of the child are guaranteed, in the light of the theoretical insights provided by Glasl’s conflict theory? Attention is paid to the limited effectiveness of legal procedures on the one hand and the mediation on the other. The method of de-escalation, developed by Glasl, offers a useful diagnostic tool for the conflict counsellor. In addition, the metaphor of the ladder he uses is extremely valuable as a tool for gaining insight into the mechanisms of conflict-escalation. A clear theoretical framework for the judiciary in the interpretation of an escalated conflict can lead to a better understanding of the possibilities and limits of cooperation between ex-partners, which benefits the best interests of the child.


Elise Blondeel
Elise Blondeel is doctoraatsstudent aan de Universiteit Gent in het domein van Strafrecht en Kinderrechten. Master in de Criminologie en gestart aan een doctoraat in de Rechten op 1 oktober 2018. Het doctoraat handelt over de wisselwerking tussen burgerlijk recht en strafrecht in zaken van internationale parentale ontvoering. Het doctoraat vindt plaats onder de supervisie van Prof. Dr. Wendy De Bondt.
Artikel

Faillissementsfraude: een queeste naar remedies voor gedupeerden in België

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1-2 2019
Trefwoorden faillissementsfraude, bestuursaansprakelijkheid, schuldeiserscontrole, financieringsproblematiek
Auteurs Mr. R. Verheyden
SamenvattingAuteursinformatie

    In faillissementen met een sterk maatschappelijk belang en/of waarbij er kennelijke aanwijzingen zijn van fraude moet het Openbaar Ministerie het onderzoek voeren in België. De curator heeft daarbij een ondersteunende rol, maar moet ook in andere gevallen door de rechter-commissaris gedwongen kunnen worden onderzoek te verrichten. Bij lege boedels moet de Staat de procedurekosten dragen.


Mr. R. Verheyden
Mr. R. Verheyden is doctoraatsbursaal bij het Instituut voor Handels- en Insolventierecht van de KU Leuven.
Artikel

De katholieke sociale leer over de relatie gelovige/burger, samenleving en seculiere staat

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2018
Trefwoorden kerk-staatverhoudingen, canoniek recht, katholieke sociale leer, Geschiedenis, Staatsleer; Rooms-Katholieke Kerk
Auteurs Mr. dr. Maurice van Stiphout
SamenvattingAuteursinformatie

    In the 19th century in many Western states, the close relationship between Church and State came to an end and the Roman Catholic Church developed into a major and active player on social and educational level in society separate from the State.
    This was due, on the one hand, to the constitutional changes in the Western states from the end of the 18th century, which led to the gradual introduction of the formal principle of separation of Church and State. On the other hand, it was a result of the search for a new position of the Roman Catholic Church in society that also influenced the theological reflection of the Church on society.
    The ecclesiastical reflection on the ideal relationship between Church and State took shape in the course of this process in the Ius Publicum Ecclesiasticum. The ecclesiastical view on the relationship between believers/citizens, society and State simultaneously took shape in Catholic social doctrine, which today still offers a model for modern society. In Catholic social doctrine, the believer/citizen is the connecting element between Church and State in a secular society. The ‘state doctrine’ of the Catholic Church is presented in Catholic social doctrine as an ideal image of the democratic constitutional state in which man is central and forms the central link between Church, society and secular State.


Mr. dr. Maurice van Stiphout
Mr. dr. M. van Stiphout studeerde rechten in Leiden en canoniek recht en theologie in Leuven. Hij promoveerde in de rechtsgeleerdheid in Groningen. Hij is werkzaam bij de Belgische rooms-katholieke kerkprovincie in Brussel (Juridische dienst & Erkende Instantie rooms-katholieke godsdienst). Daarnaast is hij vrijwillig wetenschappelijk medewerker van de faculteit Theologie en Religiewetenschappen van de KU Leuven (afdeling Geschiedenis van Kerk en Theologie).

Yves Van Den Berge
Yves Van Den Berge is substituut-procureur-generaal bij het Hof van Beroep van Gent en adjunct-kabinetschef van minister van Justitie Koen Geens.

    With a Belgian law of June, 18 2018, the principle of the voluntary nature of mediation was affected. A lot of critical comments can be made at this point. The scope of the obligation is not clear. Mandatory mediation raises the threshold to the court and has as effect that many cases are not handled in the most appropriate way. The bar doesn’t support the measure. Research is needed to find out if the new measure is justified.


Tom Wijnant
Tom Wijnant is assistent en doctoraatsonderzoeker aan de UGent. Zijn onderzoek legt de nadruk op de optimalisering van bemiddeling in België, met een focus op de faciliterende rol van de advocatuur.

    Recently, a new law with articles concerning mandatory mediation was approved in Belgium. From January 1st, 2019, the judge will be able to refer parties to mediation on a mandatory basis. This article considers if mandatory mediation is a realistic and feasible track in Belgium, focusing on the evolution of alternative dispute resolution in Belgium and in the European Union. The first part will define mediation in Belgium, followed by an analysis of the articles concerning mandatory mediation of the newly passed law. The article will also have a gander at Belgian legal developments to see which initiatives have already been taken towards mandatory dispute resolution. To conclude, an assessment is made if mandatory mediation is a realistic and feasible track in light of the existing evolutions of ADR in Belgium.


Céline Jaspers
Céline Jaspers is doctoraatsbursaal aan de UHasselt. Voordien was zij advocaat-stagiair. Zij behaalde een LLM ‘Dispute Resolution’ aan Pepperdine University. Momenteel bereidt zij een proefschrift voor over ‘De verplichte ADR-poging in scheidingssituaties’.
Jurisprudentie en wetgeving

Sahyouni/Mamisch: de erkenning van islamitische verstotingen en het discriminatieverbod in Europa

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2018
Trefwoorden erkenning verstotingen, islamitische echtscheiding, gelijkheidsbeginsel, Europa
Auteurs Prof. dr. mr. Susan Rutten
SamenvattingAuteursinformatie

    On 20 December 2017, the Court of Justice of the EU ruled that an extrajudicial unilateral divorce brought about in Syria does not come within the substantive scope of the European regulation on the law applicable to divorces (Rome III Regulation). In response to this decision, the inequality between men and women in the divorce law of Muslim countries, the developments that are going on in this area, as well as the role the non-discrimination-principle plays in the recognition policies in European states on Islamic repudiations, are discussed in this contribution.


Prof. dr. mr. Susan Rutten
Prof. dr. mr. S.W.E. Rutten is hoogleraar Islamitisch familierecht in een Europese context aan de Universiteit Maastricht, voorzitter van de Vereniging tot bestudering van het Recht van de Islam en het Midden Oosten (RIMO) en lid van de Staatscommissie IPR.
België

Access_open Belgisch erfrecht grondig herzien

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Belgisch erfrecht, inbreng, erfovereenkomst, legitieme portie
Auteurs Prof. mr. W.D. Kolkman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Belgische erfrecht is per 1 september 2018 gewijzigd. Deze bijdrage gaat in op de belangrijkste veranderingen: de erfrechtelijke reserve, de inbreng van giften en de erfovereenkomsten.


Prof. mr. W.D. Kolkman
Prof. mr. W.D. Kolkman is hoogleraar Algemene Rechtswetenschap en Familievermogensrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en adviseur bij Elan Notarissen.
Over de grens

Het nieuwe Belgisch Burgerlijk Wetboek; een slag bij Waterloo? Over het nieuwe contractenrecht van onze zuiderburen

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Verbintenissenrecht in België, Code Napoléon, Hervorming Belgisch Burgerlijk Wetboek, Codificatie, Code Civil
Auteurs Prof. mr. A.L.M. Keirse en J.C. Duyster
SamenvattingAuteursinformatie

    Er komt een Nieuw Belgisch Burgerlijk Wetboek aan. Tot op heden hanteert België nog een minimaal aangepaste versie van de Code Civil Napoléon uit 1804. De bejaarde leeftijd van het wetboek laat zich echter op meerdere fronten gevoelen, waardoor de wetgever de tijd nu rijp acht om het Burgerlijk Wetboek te hervormen. Het Voorontwerp Boek 5 «Verbintenissen» komt in de hervorming van het Belgische burgerlijk recht een centrale plaats toe. Het zal mogelijk worden ingevoerd zonder dat wordt gewacht op de voltooiing van de andere onderdelen van het wetboek. Voor het contractenrecht betekent dit dat een nieuw evenwicht wordt gezocht tussen de autonomie van partijen en de mogelijkheden voor de rechter om op te treden in het algemeen belang of in het belang van de zwakkere partij. Deze bijdrage belicht de achtergrond van het Voorontwerp, alsook de redenen en doelstellingen van de hercodificatie. Daarbij wordt ook ingezoomd op de inhoud van het nieuwe Belgische contractenrecht en worden enkele belangrijke wijzigingen besproken.


Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is als hoogleraar Privaatrecht verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) en het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht. Daarnaast is zij (parttime) raadsheer bij het Gerechtshof Amsterdam.

J.C. Duyster
J.C. Duyster is masterstudent Privaatrecht aan de Universiteit Utrecht.

    In 2017, empirical research has been conducted at Ghent University regarding the attitude of Belgian lawyers on mediation in the current and future legal and social context. This article explains the background, goals and methodology of the research and unveils some of the results by sharing the first remarkable findings.


Tom Wijnant
Tom Wijnant is assistent en doctoraatsonderzoeker aan de UGent. Zijn onderzoek legt de nadruk op de optimalisering van bemiddeling in België, met een focus op de faciliterende rol van de advocatuur.
Redactioneel

Kwart eeuw NBW

Een redactionele beschouwing

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2017
Trefwoorden NBW, E.M. Meijers, codificatie, privaatrecht, rechtsvergelijking
Auteurs Mr. J.A. van der Weide
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit redactioneel reflecteert de redactie van het Maandblad voor Vermogensrecht op 25 jaar NBW.


Mr. J.A. van der Weide
Mr. J.A. van der Weide is universitair hoofddocent aan de Universiteit Leiden en hoofdredacteur van MvV.

Philip Traest
Prof. dr. Philip Traest is buitengewoon hoogleraar in de vakgebieden strafrecht en strafvordering aan de Universiteit Gent (faculteit Recht en Criminologie, vakgroep criminologie, strafrecht en sociaal recht).
Artikel

Over de grens

De verschillen en overeenkomsten tussen Nederlandse advocaten en hun Europese collega’s

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 4 2017
Auteurs Francisca Mebius

Francisca Mebius
Toont 1 - 20 van 53 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.