Zoekresultaat: 26 artikelen

x
Article

Access_open Basel IV Postponed: A Chance to Regulate Shadow Banking?

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Basel Accords, EU Law, shadow banking, financial stability, prudential regulation
Auteurs Katarzyna Parchimowicz en Ross Spence
SamenvattingAuteursinformatie

    In the aftermath of the 2007 global financial crisis, regulators have agreed a substantial tightening of prudential regulation for banks operating in the traditional banking sector (TBS). The TBS is stringently regulated under the Basel Accords to moderate financial stability and to minimise risk to government and taxpayers. While prudential regulation is important from a financial stability perspective, the flipside is that the Basel Accords only apply to the TBS, they do not regulate the shadow banking sector (SBS). While it is not disputed that the SBS provides numerous benefits given the net credit growth of the economy since the global financial crisis has come from the SBS rather than traditional banking channels, the SBS also poses many risks. Therefore, the fact that the SBS is not subject to prudential regulation is a cause of serious systemic concern. The introduction of Basel IV, which compliments Basel III, seeks to complete the Basel framework on prudential banking regulation. On the example of this set of standards and its potential negative consequences for the TBS, this paper aims to visualise the incentives for TBS institutions to move some of their activities into the SBS, and thus stress the need for more comprehensive regulation of the SBS. Current coronavirus crisis forced Basel Committee to postpone implementation of the Basel IV rules – this could be perceived as a chance to complete the financial regulatory framework and address the SBS as well.


Katarzyna Parchimowicz
Katarzyna Parchimowicz, LLM. Finance (Frankfurt), is PhD candidate at the University of Wrocław, Poland, and Young Researcher at the European Banking Institute, Frankfurt, Germany.

Ross Spence
Ross Spence, EURO-CEFG, is PhD Fellow at Leiden University Law School, and Young Researcher at the European Banking Institute and Research Associate at the Amsterdam Centre for Law and Economics.
Artikel

De benchmarktransitie: van IBOR’s naar RFR’s door een civielrechtelijk labyrint?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2020
Trefwoorden IBOR, benchmark, transitie, fallback, risk-free rate
Auteurs Mr. S. Uiterwijk
SamenvattingAuteursinformatie

    Bekende benchmarks om renteverplichtingen mee te berekenen, zoals LIBOR en EURIBOR, zullen mogelijk verdwijnen. Dit zal een impact hebben op allerlei financiële producten, met een marktwaarde geschat op honderden biljoenen euro’s. Naast professionele partijen kunnen ook consumenten hierdoor worden geraakt. Dit artikel beschrijft de benchmarktransitie en de civielrechtelijke aandachtspunten.


Mr. S. Uiterwijk
Mr. S. Uiterwijk is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Securitisatieverordening van kracht!

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2019
Trefwoorden securitisatie, STS, cessie, CRR, toetsingsvermogen
Auteurs Mr. M. Kuilman
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds 1 januari 2019 is een raamwerk voor simple, transparant and standardised (STS) securitisaties van kracht. In deze bijdrage wordt een aantal vermogensrechtelijke en prudentiële gevolgen van een securitisatie besproken en de impact van het nieuwe raamwerk. Daarbij wordt gekeken naar de richtsnoeren en de toelichting van de EBA.


Mr. M. Kuilman
Mr. M. Kuilman is werkzaam bij De Nederlandsche Bank N.V. op de divisie juridische zaken.
Article

Access_open Chambers for International Commercial Disputes in Germany: The State of Affairs

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Justizinitiative Frankfurt, Law Made in Germany, International Commercial Disputes, Forum Selling, English Language Proceedings
Auteurs Burkhard Hess en Timon Boerner
SamenvattingAuteursinformatie

    The prospect of attracting foreign commercial litigants to German courts in the wake of Brexit has led to a renaissance of English-language commercial litigation in Germany. Leading the way is the Frankfurt District Court, where – as part of the ‘Justizinitiative Frankfurt’ – a new specialised Chamber for International Commercial Disputes has been established. Frankfurt’s prominent position in the financial sector and its internationally oriented bar support this decision. Borrowing best practices from patent litigation and arbitration, the Chamber offers streamlined and litigant-focused proceedings, with English-language oral hearings, within the current legal framework of the German Code of Civil Procedure (ZPO).1xZivilprozessordnung (ZPO).
    However, to enable the complete litigation process – including the judgment – to proceed in English requires changes to the German Courts Constitution Act2xGerichtsverfassungsgesetz (GVG). (GVG). A legislative initiative in the Bundesrat aims to establish a suitable legal framework by abolishing the mandatory use of German as the language of proceedings. Whereas previous attempts at such comprehensive amendments achieved only limited success, support by several major federal states indicates that this time the proposal will succeed.
    With other English-language commercial court initiatives already established or planned in both other EU Member States and Germany, it is difficult to anticipate whether – and how soon – Frankfurt will succeed in attracting English-speaking foreign litigants. Finally, developments such as the 2018 Initiative for Expedited B2B Procedures of the European Parliament or the ELI–UNIDROIT project on Transnational Principles of Civil Procedure may also shape the long-term playing field.

Noten

  • 1 Zivilprozessordnung (ZPO).

  • 2 Gerichtsverfassungsgesetz (GVG).


Burkhard Hess
Burkhard Hess is the Executive Director of the Max Planck Institute Luxembourg for International, European and Regulatory Procedural Law (MPI Luxembourg).

Timon Boerner
Timon Boerner is a Research Fellow at the MPI Luxembourg.
Artikel

Access_open Initiële marge en segregatie van zekerheden. Gelukkig gescheiden?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden EMIR, initial margin, vermogensscheiding, onderpand, bewaarneming
Auteurs Mr. K.J.C. Bader en Mr. D.J. Wickering
SamenvattingAuteursinformatie

    Vanwege de naderende vierde en vijfde fase van de initiëlemargeverplichting voor niet-geclearde otc-derivaten onder EMIR wordt in deze bijdrage stilgestaan bij de vermogensrechtelijke overwegingen ten aanzien van deze verplichting. Het regelgevend kader wordt hierin geschetst, alsmede enige praktische overwegingen ten aanzien van de verplichte vermogensscheiding.


Mr. K.J.C. Bader
Mr. K.J.C. Bader is werkzaam als bedrijfsjurist bij een Nederlandse financiële instelling te Amsterdam.

Mr. D.J. Wickering
Mr. D.J. Wickering is werkzaam als bedrijfsjurist bij een buitenlandse financiële instelling te Amsterdam.
Artikel

Controlevereiste bij FZO’s: beschikken door de pandgever niet (langer) geoorloofd?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2017
Trefwoorden financiëlezekerheidsovereenkomst (FZO), controlevereiste, gebruiksrecht pandgever, beschikken pandgever
Auteurs Prof. mr. W.A.K. Rank
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 10 november 2016 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie een belangrijk arrest gewezen over de betekenis van het controlevereiste bij FZO’s. Onderzocht wordt of de huidige Nederlandse praktijk op dit punt zich verdraagt met de uitspraak van het Hof, en zo nee, wat daarvan de consequenties zijn.


Prof. mr. W.A.K. Rank
Prof. mr. W.A.K. Rank is hoogleraar Financieel Recht aan de Universiteit Leiden en advocaat te Amsterdam.
Artikel

Indirecte clearing verhelderd

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden otc-derivaten, EMIR, clearing, portabiliteit, segregatie
Auteurs Mr. C.A.R. Oudhuis
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Wijzigingswet financiële markten 2016 worden beschermingsvereisten voor beleggers in financiële instrumenten uit de MiFID geïmplementeerd. De Wijzigingswet krijgt mogelijk meer gewicht, omdat deze ook het ‘indirecte clearing’ arrangement voor otc-derivaten faciliteert, zoals omschreven in EMIR. De auteur beschrijft hoe de beschermingsconstructie uit de Wijzigingswet het ‘indirecte clearing arrangement’ uit EMIR faciliteert.


Mr. C.A.R. Oudhuis
Mr. C.A.R. Oudhuis is jurist bij de Nederlandsche Bank te Amsterdam.
Artikel

Van schaduwbankieren en dogmatische bezwaren

Proefschrift van mr. J. Diamant

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2016
Trefwoorden financieel recht, goederenrecht, financiëlezekerheidsovereenkomsten, Collateral Richtlijn
Auteurs Prof. mr. drs. M. Haentjens
SamenvattingAuteursinformatie

    Het proefschrift van Diamant behandelt hoe de Europese Collateral Richtlijn financiëlezekerheidsarrangementen een juridische infrastructuur heeft geboden. Vermogensrechtelijk is deze richtlijn van groot belang omdat hij noviteiten heeft geïntroduceerd in het nationale privaatrecht van alle in dit proefschrift onderzochte jurisdicties. Bovendien staan financiëlezekerheidsarrangementen volop in de schijnwerpers als ‘schaduwbankieren’.


Prof. mr. drs. M. Haentjens
Prof. mr. drs. M. Haentjens is hoogleraar financieel recht aan de Universiteit Leiden.
Casus

De Ontwerpregeling ter bescherming van derivatenbeleggers tegen faillissement van de tussenpersoon nader beschouwd

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2014
Trefwoorden Derivaten, Intermediary risk, Afgescheiden vermogen, Matched Principal, Lastgeving
Auteurs Mr. E.W. Kuijper
SamenvattingAuteursinformatie

    Het consultatiedocument Wijzigingswet financiële markten 2016 omvat een regeling ter bescherming van derivatenbeleggers tegen faillissement van de tussenpersoon. Voorgesteld wordt de regeling op te nemen in de Wge. De regeling beoogt het Nederlandse recht in lijn te brengen met de regels die de MiFID en de EMIR stellen inzake de bescherming van derivatenbeleggers. De auteur beschouwt de voorgestelde regeling nader en signaleert enkele aandachtspunten. Uit de bijdrage blijkt dat het opstellen van een regeling die past binnen het vermogensrecht en aansluit bij de praktijk geen eenvoudige opgave is.


Mr. E.W. Kuijper
Mr. E.W. Kuijper is als promovenda verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht (Universiteit Utrecht). Daarvoor was zij werkzaam als bedrijfsjurist bij KAS BANK te Amsterdam.
Artikel

Regulatory governance by contract: the rise of regulatory standards in commercial contracts

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2014
Trefwoorden contracts, transnational regulation, codes of conduct, private standards, supply chain
Auteurs Paul Verbruggen
SamenvattingAuteursinformatie

    In this paper a literature review is used to explore the role that commercial contracts concluded between private actors play as instruments of regulatory governance. While such contracts are traditionally seen as a means to facilitate exchange between market participants, it is argued in the literature that commercial contracts are becoming increasingly important vehicles for the implementation and enforcement of safety, social and sustainability standards in transnational supply chains. The paper maps the pervasiveness of this development, its drivers, and the governance challenges that arise from it. While doing so, the paper more generally explores the relationship between regulation and contract law.


Paul Verbruggen
Paul Verbruggen is Assistant Professor of Private Law at the Business and Law Research Centre of Radboud University, Nijmegen, the Netherlands. He conducted his PhD research at the European University Institute, Florence, Italy, which resulted in the monograph Enforcing Transnational Private Regulation: A Comparative Analysis of Advertising and Food Safety (Edward Elgar, 2014). Paul writes on the design and operation of regulatory frameworks (both public and private), focusing on questions of legitimacy, accountability and enforcement. His research interests concern European private law, regulatory policy, risk regulation and certification.
Artikel

De Interventiewet en de grenzen van het algemeen vermogensrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2013
Trefwoorden Interventiewet, SNS, onteigening, eigendom, overdracht, actio pauliana
Auteurs Mr. B. Bierens
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van de Interventiewet kan De Nederlandsche Bank (DNB) een bank of verzekeraar die in problemen verkeert, overdragen aan een andere private financiële instelling en kan de minister van Financiën eventueel overgaan tot nationalisatie. Hoewel het grootste deel van de Interventiewet in de publiekrechtelijke Wet op het financieel toezicht (Wft) is opgenomen, is deze wet ook vermogensrechtelijk van belang. Deze bijdrage verkent enkele vermogensrechtelijke aspecten.


Mr. B. Bierens
Mr. B. Bierens is jurist bij Rabobank Nederland en als fellow verbonden aan het Instituut voor Financieel Recht (IFR), onderdeel van het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht (OO&R) van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Van ruilen komt huilen?

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 9 2013
Trefwoorden renteswaps, kredietdocumentatie, ISDA, LMA, EURIBOR
Auteurs Mr. C.E.M. Smeets
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage betoogt de auteur dat swapdocumentatie en kredietdocumentatie beter op elkaar afgestemd zouden moeten worden. Zeker in het geval er in de kredietdocumentatie een 0% floor in de rentedefinitie is opgenomen en er een kans bestaat dat de variabele rente negatief wordt.


Mr. C.E.M. Smeets
Mr. C.E.M. Smeets is advocaat bij Stibbe.
Praktijk

Securitisaties en Islamitisch financieren

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2012
Trefwoorden securitisaties en islamitisch financieren
Auteurs Mr. E.F. Coomans-Piscaer
SamenvattingAuteursinformatie

    Als gevolg van de economische en regulatoire veranderingen van de laatste jaren zijn de investeringsmogelijkheden van Europese investeerders beperkter geworden. Om nieuwe investeerders aan te trekken, zou er gezocht kunnen worden naar investeerders van buiten Europa, zoals investeerders uit het Midden-Oosten en Azië. Een groot gedeelte van de investeerders uit het Midden-Oosten en Azië investeert slechts in structuren die gebaseerd zijn op de beginselen van het islamitisch financieren. Om de Nederlandse securitisatiestructuur voor dergelijke investeerders interessant te maken, dient deze te voldoen aan de vereisten van het islamitisch financieren. Het artikel behandelt globaal de securitisatiestructuur die in Nederland en in het islamitisch financieren worden gebruikt. Ook worden een paar knelpunten aangehaald die van belang kunnen zijn bij het aanpassen van de Nederlandse securitisatiestructuur aan de beginselen van het islamitisch financieren.


Mr. E.F. Coomans-Piscaer
Mr. Coomans-Piscaer is Advocaat bij Loyens & Loeff N.V.
Praktijk

De contractuele gevolgen van een eurodesintegratie

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2012
Trefwoorden eurodesintegratie, uittreding, redenominatie, ISDA, LMA
Auteurs Mr. C.P. Hooft
SamenvattingAuteursinformatie

    Het is niet te voorspellen of en hoe een eurodesintegratie zal plaatsvinden. Ook het precieze juridische kader van een desintegratie valt lastig te voorzien. Uit juridische analyse van redenominatie van eurobetalingsverplichtingen bij een eurodesintegratie volgt dat er aanzienlijke juridische onduidelijkheden daarover bestaan. Terwijl de commerciële gevolgen voor contractspartijen belangrijk kunnen zijn. Het is contractueel verre van eenvoudig om de risico’s te adresseren. Met name indien contracten worden afgesloten waarbij langeduurbetalingsverplichtingen kunnen ontstaan en contractspartijen in verschillende landen zetelen, waarbij aanzienlijke koerswijzigingen tussen die landen kunnen ontstaan bij uittreding, zouden contractspartijen de risico’s in overweging dienen te nemen.


Mr. C.P. Hooft
Mr. C.P. Hooft is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Casus

‘To hedge or not to hedge’; de toekomst van de derivatenmarkt

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2012
Trefwoorden derivaten, derivatentransacties, clearing, EMIR
Auteurs Mr. C.H. Schot
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bespreekt de effecten van de toekomstige derivatenwetgeving voor ondernemingen. Allereerst wordt uiteengezet wat de huidige situatie is ten aanzien van de juridische vormgeving van derivatentransacties (de nulsituatie). Vervolgens wordt gekeken wat de nieuwe wetsvoorstellen inhouden. Tot slot wordt er ingegaan op de effecten van deze wetgevingsdrang op de eindgebruikers, de (mogelijke) nieuwe eindsituatie en eventuele knelpunten voor ondernemingen en andere eindgebruikers. De bijdrage beperkt zich tot over the counter-derivaten, derivaten die niet via de beurs worden verhandeld.


Mr. C.H. Schot
Mw. mr. C.H. Schot is advocaat-partner bij Baker & McKenzie te Amsterdam.
Boekbespreking

Rechtsordes, internationale ondernemingen en criminologie

Gedachten over Wim Huismans Business as usual?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2011
Trefwoorden book review, international crimes, criminality by corporations
Auteurs Prof. dr. Nicholas Dorn
SamenvattingAuteursinformatie

    In this contribution the author reviews: Business as usual? Corporate involvement in international crimes, by Wim Huisman.


Prof. dr. Nicholas Dorn
Prof. dr. N. Dorn is professor International Safety and Governance aan de faculteit der rechtsgeleerdheid, sectie criminologie, van de Erasmus Universiteit Rotterdam, dorn@frg.eur.nl.
Artikel

De Interventiewet: een uitgebreider toezichtinstrumentarium

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 6 2011
Trefwoorden Interventiewet, toezichtmaatregelen, onteigening, gedwongen overdacht
Auteurs Mr. R.P. Vrolijk
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur het (concept)wetsvoorstel voor de Wet bijzondere maatregelen financiële ondernemingen (Interventiewet).


Mr. R.P. Vrolijk
Mr. R.P. Vrolijk is werkzaam als advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

    The concept of risk and the practice of financial risk management are important factors in the present-day financial world. Handbooks explain this focus on risk as a reaction to increased volatility of prices, interest rates and exchange rates since the early 1970s. Financial economists have developed mathematical models and quantitative techniques to hedge the risks of financial transactions. The financial innovations developed in this process, so-called derivatives, are derived from older forms of intertemporal transactions, such as options, futures, forwards and warrants. The use of derivatives has grown rapidly since the early 1970s. A number of authors has pointed out that the widespread use of these financial instruments to hedge risks at the level of banks and corporations has increased systemic risk at the macro-level. Some authors think that risk management is principally impossible, as uncertainty reigns the world. Others have pointed out that financial organizations have used derivatives not only for risk management, but also for other less lofty organizational purposes, such as creating excessive credit and taking highly leveraged positions. While this criticism is generally valid, it should be realized that the use of quantitative techniques and the practice of derivatives cannot be banned from the present-day financial world.


W.G. Wolters
Prof. dr. Willem Wolters is als emeritus hoogleraar economische antropologie verbonden aan de Radboud Universiteit in Nijmegen.
Artikel

De ontvankelijkheid van het Nederlandse privaatrecht voor invloeden uit de Anglo-Amerikaanse financieringspraktijk

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2009
Trefwoorden Anglo-Amerikaanse invloed, financieringspraktijk, rechtskeuze, DCFR, uitleg, security trustee
Auteurs Mr. J. Meijer Timmerman Thijssen
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn bijdrage tracht Meijer Timmerman Thijssen een indruk te geven van de mate waarin het Nederlandse recht zich ontvankelijk heeft betoond voor de adoptie van concepten en modellen uit de Anglo-Amerikaanse rechtspraktijk. De uiteenzetting is in het bijzonder toegespitst op de financieringspraktijk, omdat – door zijn internationale karakter – de invloed van dergelijke modellen en concepten zich daar het sterkst doet gevoelen.


Mr. J. Meijer Timmerman Thijssen
Mr. J. Meijer Timmerman Thijssen is als adviseur verbonden aan Freshfields Bruckhaus Deringer te Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 26 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.