Zoekresultaat: 159 artikelen

x
Artikel

Pro-cycling’s doping pentiti

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 2 2020
Trefwoorden doping, cycling, cultural criminology, crime facilitative system, organisational crime
Auteurs Dr. mr. Roland Moerland en Giulio Soana
SamenvattingAuteursinformatie

    Throughout the last decade several cyclists have published memoirs in which they account for their doping use. In previous literature such autobiographical accounts have been characterized as attempts of fallen sports stars to sanitize their spoiled public image. In contrast, the analysis in this article will show that the accounts are of relevance when it comes to understanding the problem of doping in professional cycling. Their accounts break the omertà regarding doping, providing insights about the motivation and opportunity structures behind doping and how such structures are endemic to the system of professional cycling.


Dr. mr. Roland Moerland
Dr. mr. Roland Moerland is universitair docent criminologie aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit Maastricht.

Giulio Soana
Giulio Soana is afgestudeerd Master Forensica, Criminologie en Rechtspleging, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit Maastricht.
Artikel

Is datagedreven risicogebaseerd toezicht op termijn effectief?

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3-4 2020
Trefwoorden data, risicogebaseerd toezicht,, sciencedatagedreven toezicht, agentgebaseerd modelleren, inspecteurs
Auteurs Haiko van der Voort, Ivo Sedee, Tom Booijink e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Welke effecten kunnen we op termijn verwachten als inspecteurs op basis van data risicogebaseerd gaan werken? We hebben een agentgebaseerd model ontwikkeld waarmee we verschillende scenario’s kunnen testen. Het model bevestigt het potentieel van datagedreven toezicht op de effectiviteit voor inspecties. Maar het waarschuwt ook voor bias, omdat met datagedreven toezicht alleen data van risicovolle bedrijven worden verkregen. Een beperkt aantal willekeurige inspecties kan de datakwaliteit al fors doen toenemen. Daarmee waarschuwen we voor te veel optimisme over de efficiëntie van datagedreven risicogebaseerd toezicht. Bovendien reiken we een model aan waarmee een optimum tussen datagedreven en willekeurige inspecties te bepalen is.


Haiko van der Voort
Dr. H.G. van der Voort is universitair docent Organisatie & Governance aan de TU Delft, Faculteit Techniek, Bestuur en Management.

Ivo Sedee
I.R. Sedee Msc is junior adviseur bij Antea Group.

Tom Booijink
Ir. T.J.P. Booijink is coördinator van het data science cluster bij de NVWA.

Elske van der Vaart
Dr. E.E. van der Vaart is data scientist bij de NVWA.
Artikel

Access_open Toezicht op de rechtspersoon-bestuurder. De (on)mogelijkheden vanuit het perspectief van de commissaris

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2020
Trefwoorden governance, informatieverschaffing, taakuitoefening, samenstelling bestuur, verantwoording
Auteurs Mr. M.A.C Appels
SamenvattingAuteursinformatie

    In de praktijk komt het voor dat een rechtspersoon fungeert als bestuurder van een andere rechtspersoon. In deze bijdrage wordt vanuit het perspectief van de commissaris stilgestaan bij de figuur van de rechtspersoon-bestuurder en wordt ingegaan op (mogelijke) knelpunten die kunnen spelen bij de taakuitoefening door de toezichthouder.


Mr. M.A.C Appels
Mr. M.A.C. Appels is counsel en toegevoegd notaris bij Van Doorne te Amsterdam.
Uit het veld

Nut en noodzaak van toezicht op artificiële intelligentie

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden artificiële intelligentie (AI), algoritmes, data, AI-risico’s, ethiek
Auteurs Frans van Bruggen en Joep Beckers
SamenvattingAuteursinformatie

    Artificiële intelligentie (AI) is een revolutionaire technologie die een grote impact heeft op ons leven. Naast de aanzienlijke voordelen die AI ons oplevert, gaan ook significante risico’s met deze ontwikkeling gepaard. Tegen deze achtergrond zien we dat steeds meer toezichthouders zich aantoonbaar bezighouden met AI. De hamvraag voor veel toezichthouders is hoe zij zich moeten verhouden tot AI. Dit is geen eenvoudige zoektocht. Met onze bijdrage hopen wij deze zoektocht te faciliteren door de risico’s die gepaard gaan met AI-toepassingen overzichtelijk op een rijtje te zetten en vervolgens een zestal handvatten aan te reiken die toezichthouders kunnen gebruiken bij het inrichten van hun toezicht op AI.


Frans van Bruggen
Drs. F. van Bruggen is buitenpromovendus en toezichthouder integere bedrijfsvoering bij de NZa en redactielid van Tijdschrift voor Toezicht.

Joep Beckers
Dr. J. Beckers is gedragswetenschapper en manager Toezicht Zorgaanbieders bij de NZa en hoofdredacteur van Tijdschrift voor Toezicht.
Artikel

Access_open ‘Radicalisering’ en herstelrecht: bevindingen van het Belgische CONRAD-project

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden radicalisering, CONRAD, frame, counterframe, frameanalyse
Auteurs Ivo Aertsen, Mattias De Backer en Marie Figoureux
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article, some of the findings of a practice and policy oriented research project on ‘radicalisation’ are discussed. The research was carried out in a partnership between three Belgian universities and two field organisations during the years 2017-2019. The project aimed at a ‘Constructive analysis on the attitudes, policies and programmes that relate to “radicalisation”’ (CONRAD). Restorative justice offered the initial framework to design and to set up the project. This article offers some findings and reflections on the opportunities (and the limits) that were found in the project with respect to the relevance of restorative justice. This part of the research was done on the basis of a frame-analysis on the one hand, and field work on the other. The article first presents the restorative justice assumptions that formed the backbone of the project. Then, the method of ‘inductive frame-analysis’ is presented as this was applied to a sample of media and policy documents that reported about ‘radicalisation’ and ‘de-radicalisation’ related issues in Belgium. This resulted in the identification of four frames and eight counterframes. The field work in the form of ‘participatory action research’ with young persons and their organisations in the cities of Brussels and Verviers is then discussed, revealing a complex situation of social tensions. It is argued then that the use of frames and counterframes can help those involved in, or concerned about, social problems to look at these issues from another perspective, through another lens. Based on the method of photo-elicitation, cartoons related to frames and counterframes were designed in the project as a tool to facilitate talking about ‘radicalisation’ from different perspectives. The article ends with reflections on the relevance of restorative justice in dealing with ‘radicalisation’ and violent extremism. A broad relational and participatory approach to respond to these ‘phenomena’ at societal level is proposed.


Ivo Aertsen
Ivo Aertsen is emeritus hoogleraar aan de KU Leuven, Leuvens Instituut voor Criminologie en hoofdredacteur van The International Journal of Restorative Justice.

Mattias De Backer
Mattias De Backer is postdoctoraal onderzoeker, KU Leuven en Université de Liège.

Marie Figoureux
Marie Figoureux is doctoraatsonderzoeker aan het Instituut voor Mediastudies, KU Leuven.

    In former times, citizens themselves were responsible for ensuring and protecting their own safety. Over the years, this responsibility largely shifted to the government, partly due to the establishment of an institutionalized police force. In recent years, citizens have increasingly reestablishing themselves in domain of social security. Citizens are engaged in tasks that are traditionally seen as primarily the responsibility of the police, such as law enforcement, criminal investigation and immediate in case of emergencies.
    Technology can be considered as one of the major driving forces behind this increasing contribution of citizens in the field of security. Technology makes it possible to quickly find and share information and enhances people’s ability to deal with cognitively complex tasks. In a certain way, technology democratizes police work by making the skills and tools available for every citizen.
    In this article we will discuss the value of a specific form of technological support for citizens in their search for missing persons: the missing persons app ‘Sarea’. The Netherlands has a high number of missing persons and in many incidents citizens start searching themselves. Often, this citizen initiatives are uncoordinated. Therefore, an app has been developed by the police to help citizens start and coordinate their own searches for a missing person.


Jerôme Lam
Jerôme Lam is werkzaam bij de Politieacademie.

Nicolien Kop
Nicolien Kop is werkzaam bij de Politieacademie.

Celest Houtman
Celest Houtman is als onderzoeker werkzaam bij Politie Nederland, Eenheid Oost-Nederland, Dienst Informatie.
Artikel

Digitale coproductie van preventie en opsporing met burgers

Een verkenning naar de contouren van een nieuw beleidsregime

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden Digitale coproductie, digitaal burgerschap, digitale buurtpreventie, digitale opsporing, Technologieregime
Auteurs Steven van den Oord en Ben Kokkeler
SamenvattingAuteursinformatie

    Over the years, the use of data and digital technology in neighbourhood watch groups for prevention and detection of crime and citizens initiatives to enhance public safety has increased due to social and technological changes of citizen participation in coproduction of safety and digitization of economy and society. This causes a transition towards a new technology regime, a shift from a ‘closed’ information and communication technology regime owned by governmental organizations towards (inter)national ‘open’ platforms, which in turn challenges the current policy regime. This transition creates new societal expectations and challenges, often with contrasting dynamics. For instance, citizens are becoming the so-called ‘eyes and ears’ for government in prevention and detection of crime in neighbourhoods, while professionals are increasingly expected to coproduce safety with citizens through new forms of prevention and detection. With the rise of data and digital technology such as platforms and applications citizens are increasingly enabled to take the lead and initiate collaboration and organize new forms of prevention and surveillance in their own neighbourhoods.
    Both in literature as in public policy practice, neighbourhood prevention and crime detection in general is addressed. However, less attention is spent on the role and impact of data and digital technology. We propose this is an issue because the emerging digital technology regime requires a new conceptual view wherein citizen initiatives are no longer perceived as merely instrumental to government interventions, but are understood as coproducers of public safety in their neighbourhoods, as part of a broader societal shift in which citizens are enabled by digital technology to organize their own data environments. Based on the introduction of digital coproduction, we illustrate four case examples to explain which opportunities for safety professionals and local governments arise to create a policy regime that suits the emerging digital technology regime.


Steven van den Oord
Steven van den Oord is werkzaam aan Avans Hogeschool ’s-Hertogenbosch.

Ben Kokkeler
Ben Kokkeler is is lector Digitalisering en Veiligheid aan Avans Hogeschool ’s-Hertogenbosch.
Artikel

Met autonome auto’s de weg op: enkele vragen van aansprakelijkheid

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2020
Trefwoorden productaansprakelijkheid, producent, software, ontwikkelingsrisicoverweer, zelfrijdend
Auteurs Mr. dr. N.E. Vellinga
SamenvattingAuteursinformatie

    De komst van volledig zelfrijdende auto’s roept veel juridische problemen op. Aan de hand van een scenario wordt onderzocht welke vragen van aansprakelijkheid rijzen en hoe deze dienen te worden beantwoord. De nadruk zal daarbij liggen op de productaansprakelijkheid. Daarbij zal de auteur in hoofdzaak putten uit haar recent afgeronde promotieonderzoek.


Mr. dr. N.E. Vellinga
Mr. dr. N.E. Vellinga is als postdoc-onderzoeker verbonden aan de faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen.

    Op 19 maart 2019 is de Screeningverordening aangenomen, waarmee een kader verschaft is voor coördinatie en samenwerking tussen lidstaten en de Europese Commissie ten aanzien van de screening van FDI. In dit artikel bespreekt de auteur investeringsscreening in de EU en VS, en of de Screeningverordening een stap is in de richting van een Europese CFIUS.


Mr. L. Gasseling
Mr. L. Gasseling is jurist Litigation & Insolvency bij AKD te Rotterdam.
Artikel

Access_open Met datascience op zoek naar indicatoren van georganiseerde criminaliteit en ondermijning

Tijdschrift PROCES, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Georganiseerde criminaliteit Organized crime, Ondermijning Drugs, Datascience Data science, Voorspellende indicatoren Indicators
Auteurs Dr. Patricia Prüfer en Prof. dr. Emile Kolthoff
SamenvattingAuteursinformatie

    Increasing digitization and datafication lead to an increasingly important role of data in our society and to changes in the way institutions work and decisions are made. Although it can lead to changes in the type of crime (e.g. cybercrime), datafication also facilitates shifts from visible and registered crime to crime that has not (yet) been measured and registered, like manifestations of organized crime. Analyzing so-called big data can help to recognize new forms of crime, predict risk factors, and decrease the dark number of these forms of crime.
    In this study, we illustrate which indicators determine the stage of an industrial area regarding the occurrence of organized crime. Our supervised machine learning analysis shows that a number of indicators actually have predictive value for the degree of organized crime. These indicators could be used in the future to distinguish which industrial areas run an increased risk of organized and subversive crime.


Dr. Patricia Prüfer
Dr. Patricia Prüfer is groepsleider Data Science bij CentERdata, Tilburg.

Prof. dr. Emile Kolthoff
Prof. dr. Emile Kolthoff is hoogleraar Criminologie aan de Open Universiteit en lector Ondermijning bij Avans Hogeschool.
Artikel

Trials in absentia of foreign terrorist fighters in the Netherlands and Belgium

Tijdschrift Crimmigratie & Recht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden the right to be present, trials in absentia, foreign terrorist fighters, The Netherlands, Belgium
Auteurs Mr. Zoë Heij
SamenvattingAuteursinformatie

    Judgements rendered in the accused’s absence form a special category of criminal judgements that undoubtedly do not provide for the same safeguards that would be in place when a judgement is rendered in the accused’s presence. Nonetheless, provided that strict conditions are adhered to, trials in absentia can be compatible with the accused’s right to be present. This article examines the standards that have been developed under international human rights law, providing for the normative framework, to see to what extent the trials in absentia of foreign terrorist fighters in the Netherlands and Belgium comply therewith. By pointing to analogies and contrasts, this article wishes to contribute to finding answers to this dilemma.


Mr. Zoë Heij
Mr. Z. Heij behaalde de research master in Public International Law aan de Universiteit van Amsterdam. Zij liep ten tijde van het schrijven van dit artikel stage bij Prakken d’Oliveira.
Peer-reviewed artikel

De mechanismes van algoritmische collusie

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden algoritmes, collusie, kunstmatige intelligentie, mededinging
Auteurs Jan Sviták en Rob van der Noll
SamenvattingAuteursinformatie

    De populariteit van zelflerende algoritmes heeft zorgen gewekt bij academici en mededingingstoezichthouders over het mogelijk prijsverhogende effect van algoritmes voor prijszetting. Experts waarschuwen dat zelflerende algoritmes stilzwijgend zouden kunnen samenspannen en hogere prijzen kunnen bewerkstelligen (colluderen). Aan de andere kant zijn er auteurs die stellen dat coördinatie zelfs voor algoritmes te complex is om zonder verboden informatie-uitwisseling te bereiken. Wij overbruggen het gat tussen theoretische zorgen en dit praktisch scepticisme. In dit artikel analyseren wij mechanismes die ervoor zorgen dat zelflerende algoritmes in een setting met concurrentie relatief hoge prijzen kunnen bereiken, met een onderscheid tussen vorming en stabiliteit van stilzwijgende samenspanning. We analyseren de praktische toepasbaarheid van deze mechanismes. Stabiliteit-bevorderende mechanismes kunnen vóórkomen, maar we vinden het minder aannemelijk dat ook de prijsverhogende mechanismes in de praktijk kunnen worden gerealiseerd, vanwege de aanzienlijke kosten van experimentatie met prijzen, die essentieel is voor deze mechanismes. We concluderen dat het gebruik van AI (Artifical Intelligence) voor prijszetting mechanismes biedt die het risico op algoritmische collusie verhogen, maar de praktische belemmeringen betekenen dat het risico op dit moment beperkt lijkt te zijn tot specifieke markten of samenloop van omstandigheden.


Jan Sviták
Dhr. J. Sviták is econometrist bij het Economisch Bureau van de Autoriteit Consument en Markt en extern PhD student aan Tilburg University.

Rob van der Noll
Dr. R. van der Noll is senior econoom bij het Economisch Bureau van de Autoriteit Consument en Markt.
Essay

Tussen data en theorie

Het venijn zit in de aard

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden algoritmen, artificiële intelligentie, AI, machine learning, CRISP-DM
Auteurs Jeroen Goudsmit en Jonas Teuwen
SamenvattingAuteursinformatie

    Algoritmen helpen om op grote schaal beslissingen te nemen. Het is echter lastig om achteraf toe te zien op de kwaliteit van deze beslissingen. Toezicht zou zich met name moeten richten op het wordingsproces van algoritmes: de stappen die genomen worden om te komen van probleemomschrijving tot een geïmplementeerd algoritme. In dit proces worden immers de principiële keuzes gemaakt die bepalend zijn voor de manier waarop het algoritme zal handelen en de wijze waarop het uitwerking heeft op de maatschappij. Door deze keuzes expliciet en onder de juiste overwegingen te maken verkleint het risico op misdragingen. Toezichthouders en ontwikkelaars van algoritmen tezamen kunnen hier een handreiking voor opstellen.


Jeroen Goudsmit
Dr. J.P. Goudsmit is kerndocent Compliance en Integriteit Management bij de Vrije Universiteit Amsterdam.

Jonas Teuwen
Dr. J.J.B. Teuwen is Associate Staff Scientist bij het Nederlands Kanker Instituut en tenure-track researcher bij de afdeling radiologie, nucleaire geneeskunde en anatomie aan het Radboud Universitair Medisch Centrum.
Artikel

Plas/Valburg na CBB/JPO?

Een netwerkanalyse van rechtspraak over afgebroken onderhandelingen in de precontractuele fase

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2020
Trefwoorden precontractuele fase, aansprakelijkheid, CBB/JPO, Plas/Valburg, netwerkanalyse
Auteurs Prof. mr. dr. G. van Dijck en Mr. J. Cleuters
SamenvattingAuteursinformatie

    In de literatuur wordt betoogd dat CBB/JPO het leidende arrest is bij afgebroken onderhandelingen, en niet langer Plas/Valburg. Uit een uitgevoerde netwerkanalyse volgt dat Plas/Valburg minder vaak, maar nog altijd geregeld is aangehaald nadat CBB/JPO is gewezen. Een nadere inspectie laat zien dat er een tweedeling in de lagere rechtspraak bestaat: een groep uitspraken stelt onaanvaardbaar afbreken als voorwaarde voor de mogelijkheid om gemaakte kosten voor vergoeding in aanmerking te laten komen, in een andere groep uitspraken geldt die voorwaarde niet. Plas/Valburg wordt met name in de laatstgenoemde groep uitspraken geciteerd. Geconcludeerd wordt dat drie situaties denkbaar zijn: (1) afbreken staat vrij, geen verplichting tot het vergoeden van schade; (2) afbreken staat vrij, maar niet zonder vergoeding; en (3) afbreken is onaanvaardbaar. Plas/Valburg biedt voor geen van de situaties handvatten. CBB/JPO is leidend voor de laatste categorie, maar niet om te beoordelen of sprake is van welke van de twee andere scenario’s.


Prof. mr. dr. G. van Dijck
Prof. mr. dr. G. van Dijck is hoogleraar Privaatrecht aan de Maastricht University.

Mr. J. Cleuters
Mr. J. Cleuters was ten tijde van het verrichten van het onderzoek als masterstudent verbonden aan Maastricht University.
Article

Access_open Changes in the Medical Device’s Regulatory Framework and Its Impact on the Medical Device’s Industry: From the Medical Device Directives to the Medical Device Regulations

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Medical Device Directive, Medical Device Regulation, regulatory, European Union, reform, innovation, SPCs, policy
Auteurs Magali Contardi
SamenvattingAuteursinformatie

    Similar to pharmaceutical products, medical devices play an increasingly important role in healthcare worldwide by contributing substantially to the prevention, diagnosis and treatment of diseases. From the patent law perspective both, pharmaceutical products and a medical apparatus, product or device can be patented if they meet the patentability requirements, which are novelty, inventiveness and entail industrial applicability. However, regulatory issues also impact on the whole cycle of the innovation. At a European level, enhancing competitiveness while ensuring public health and safety is one of the key objectives of the European Commission. This article undertakes literature review of the current and incoming regulatory framework governing medical devices with the aim of highlighting how these major changes would affect the industry at issue. The analysis is made in the framework of an on-going research work aimed to determine whether SPCs are needed for promoting innovation in the medical devices industry. A thorough analysis the aforementioned factors affecting medical device’s industry will allow the policymakers to understand the root cause of any optimal patent term and find appropriate solutions.


Magali Contardi
PhD candidate; Avvocato (Italian Attorney at Law).
Article

Access_open Access and Reuse of Machine-Generated Data for Scientific Research

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2019
Trefwoorden machine-generated data, Internet of Things, scientific research, personal data, GDPR
Auteurs Alexandra Giannopoulou
SamenvattingAuteursinformatie

    Data driven innovation holds the potential in transforming current business and knowledge discovery models. For this reason, data sharing has become one of the central points of interest for the European Commission towards the creation of a Digital Single Market. The value of automatically generated data, which are collected by Internet-connected objects (IoT), is increasing: from smart houses to wearables, machine-generated data hold significant potential for growth, learning, and problem solving. Facilitating researchers in order to provide access to these types of data implies not only the articulation of existing legal obstacles and of proposed legal solutions but also the understanding of the incentives that motivate the sharing of the data in question. What are the legal tools that researchers can use to gain access and reuse rights in the context of their research?


Alexandra Giannopoulou
Institute for Information Law (IViR) – University of Amsterdam.
Artikel

Informatiegestuurd politiewerk: met reflecties voor de strafrechtsketen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2019
Trefwoorden Informatiegestuurd politiewerk, Kennismanagement, Organisatiefactoren, Strafrechtsketen
Auteurs Flore van Rosmalen MSc, Dr. ir. Annette de Boer, Dr. ir. Mariëlle den Hengst e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Intelligence-led policing (ILP) has been adopted by police organisations worldwide, yet organisational implementation appears to be difficult. Results of this study uncover organisational factors that affect ILP and give insight on how these facilitate or hinder ILP. The organisational factors can be categorised into technological, structural, cultural and people related factors. This research was conducted by means of a literature review and two case studies on the investigation of organised drug-related crime and on football and safety in two different units of the Dutch police. The results of this study can be considered as relevant input regarding future implementation of intelligence-led operations in the whole criminal justice chain.


Flore van Rosmalen MSc
Flore van Rosmalen MSc is consultant veiligheid en crisismanagement bij Berenschot.

Dr. ir. Annette de Boer
Dr. ir. Annette de Boer is directeur van GGD Haaglanden.

Dr. ir. Mariëlle den Hengst
Dr. ir. Mariëlle den Hengst is projectleider bij RTI-lab politie.

Ir. Pascal Gemke
Ir. Pascal Gemke is strategieconsultant bij YGroup Companies.
Interview

De grote toezichtinterviewestafette – deel 1: Kansspelautoriteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Kansspelautoriteit
Auteurs Joep Beckers en Caelesta Braun
SamenvattingAuteursinformatie


Joep Beckers
Dr. J.J.H. Beckers is manager Toezicht Zorgaanbieders bij de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) en hoofdredacteur van het Tijdschrift voor Toezicht.

Caelesta Braun
Dr. C.H.J.M. Braun is universitair hoofddocent aan het instituut Bestuurskunde van de Universiteit Leiden en redacteur van Tijdschrift voor Toezicht.
Artikel

Uitdagingen in publiek-private samenwerking in de aanpak van drugscriminaliteit in de Rotterdamse haven

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 5 2019
Trefwoorden public private partnerships, Rotterdam harbor, security, drugs, crime
Auteurs Dr. Lieselot Bisschop, Dr. Robby Roks, Prof.dr. Richard Staring e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    This article focuses on the challenges associated with public-private partnerships in tackling drug crime in the port of Rotterdam. The authors identified the actors involved in the fight against drug crime and, more generally, security in the port. The authors show how these various actors view the subject of drug crime (so-called mentalities), what they set as objectives (finalities) and how they try to achieve these objectives. Subsequently the various aspects of the interactions between these actors are being analyzed. The article is empirically based on 76 interviews with public and private actors in the port of Rotterdam, that were conducted in the period from January 2018 to February 2019, and an analysis of literature, news items, government reports and other documents.


Dr. Lieselot Bisschop
Dr. L.C.J. Bisschop is als universitair docent werkzaam bij de sectie Criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Dr. Robby Roks
Dr. R. Roks is als universitair docent werkzaam bij de sectie Criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Prof.dr. Richard Staring
Prof.dr. R. Staring is als hoogleraar Criminologie verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Elisabeth Brein MSc
E. Brein MSc is als onderzoeker en programmamanager verbonden aan de Rotterdam School of Management van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Top-down and out?

Reassessing the labelling approach in the light of corporate deviance

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 2 2019
Trefwoorden labelling, corporate crime, moral entrepreneurs, peer group, late modernity
Auteurs Anna Merz M.A.
SamenvattingAuteursinformatie

    Multi-national corporations are increasingly facing attention and disapproval by different actors, including authorities, public and (non-) commercial organizations. Digital globalization and especially social media as a low-cost, highly interactive and multidirectional platform shape a unique context for this rising attention. In the literature, much attention has been devoted to top-down approaches and strategies that corporations use to avoid stigmatization and sanctioning of their behaviour. Reactions to corporate harm are, however, seldom researched from a labelling perspective. As a result, corporations are not considered as objects towards whom labelling is targeted but rather as actors who hamper such processes and who, as moral entrepreneurs, influence which behaviour is labelled deviant. Based on theoretical analysis of literature and case studies, this article will discuss how the process of labelling has changed in light of the digitalized, late-modern society and consequently, how the process should be revisited to be applicable for corporate deviance. Given a diversification of moral entrepreneurs and increasingly dependency of labelling and meaning-making on the online sphere, two new forms of labelling are introduced that specifically target institutions; that is bottom-up and horizontal labelling.


Anna Merz M.A.
Anna Merz is promovendus aan de Sectie Criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Toont 1 - 20 van 159 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.