Zoekresultaat: 215 artikelen

x
Artikel

Access_open ‘A Person’s a Person, No Matter How Small’: enige literaire intermezzi

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Kinderrechten, burgerschapsopvoeding, Law and literature, Mensenrechten, Kinderliteratuur
Auteurs Prof. mr. dr. A.M.P. (Jeanne) Gaakeer
SamenvattingAuteursinformatie

    De ontwikkeling van de rechten van het kind valt behalve in het recht ook in de (kinder)literatuur te traceren. Literaire werken met juridische thema’s zijn daarom een spiegel voor zowel juristen als minderjarigen in de manier waarop zij in het verhaal dat wordt verteld rechten en plichten in het concrete geval aanschouwelijk maken. Een kleine staalkaart van literaire fragmenten toont de positie van het kind in het recht.


Prof. mr. dr. A.M.P. (Jeanne) Gaakeer
Prof. mr. dr. A.M.P. Gaakeer is senior raadsheer Gerechtshof Den Haag; hoogleraar Jurisprudence: Hermeneutical and Narrative Foundations, Erasmus School of Law, Rotterdam.
Artikel

Access_open General Comment No. 24 – nieuw elan voor het jeugdstrafrecht?

Over leeftijdsgrenzen, ‘diversion’ en de bredere implicaties voor het jeugdstrafrecht

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Kinderrechten, Jeugdstrafrecht, General Comment No. 24, Leeftijdsgrenzen
Auteurs Mr. dr. Y.N. (Yannick) van den Brink en Prof. mr. E.M. (Isabeth) Mijnarends
SamenvattingAuteursinformatie

    Het VN-Kinderrechtencomité heeft recentelijk zijn nieuwe General Comment No. 24 gepubliceerd over kinderrechten in het jeugdstrafrecht. Deze bijdrage verkent de mogelijke implicaties van dit General Comment voor het Nederlandse jeugdstrafrecht, aan de hand van interviews met professionals uit de jeugdstrafrechtspraktijk. Hierbij wordt specifiek aandacht besteed aan de minimumleeftijdsgrens voor jeugdstrafrechtelijke aansprakelijkheid en de buitengerechtelijke afdoening van jeugdstrafzaken (‘diversion’). Ook wordt in bredere zin gereflecteerd op de potentiële meerwaarde van het IVRK en General Comment No. 24 voor het Nederlandse jeugdstrafrecht.


Mr. dr. Y.N. (Yannick) van den Brink
Mr. dr. Y.N. van den Brink is universitair docent Jeugdrecht en Strafrecht aan de Universiteit Leiden en thans als Rubicon research fellow verbonden aan de University of Cambridge, Institute of Criminology (Verenigd Koninkrijk).

Prof. mr. E.M. (Isabeth) Mijnarends
Prof. mr. E.M. Mijnarends is landelijk coördinerend jeugdofficier bij het Openbaar Ministerie en tevens bijzonder hoogleraar Jeugdstrafrecht aan de Universiteit Leiden en heeft op persoonlijke titel als coauteur bijgedragen aan dit artikel.
Artikel

Access_open Kindvriendelijke rechtspraak – wat valt te verwachten voor het jeugdstrafrecht?

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Kinderrechten, Kindvriendelijke rechtspraak, IVRK
Auteurs Mr. E.A.A. (Ellen) van Kalveen
SamenvattingAuteursinformatie

    In Nederland is in de laatste jaren de aandacht voor kindvriendelijke rechtspraak vooral gericht op het jeugdbeschermingsrecht en op familiezaken. In deze bijdrage wordt nagaan welke praktische aspecten in het jeugdstrafrecht aandacht behoeven in het licht van kindvriendelijke rechtspraak.


Mr. E.A.A. (Ellen) van Kalveen
Ellen van Kalveen is senior rechter en voorzitter van de expertgroep jeugdrechter. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Access_open Kinderrechten en de positie van jongvolwassenen

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Kinderrechten, Adolescentie, Jongvolwassenen, Leeftijdsgrenzen
Auteurs E.P. (Eva) Schmidt LLM, BSc
SamenvattingAuteursinformatie

    Internationale kinderrechten genieten enerzijds vrijwel universele erkenning maar worden anderzijds ook stevig bekritiseerd. Vooral kinderrechten binnen het strafrecht worden als controversieel gezien. Tegelijkertijd is op dit gebied sprake van toenemende aandacht voor de ontwikkeling gedurende de adolescentie die door lijkt te lopen na de dominante leeftijdgrens van achttien jaar, alsmede de implicaties daarvan voor de positie van jongvolwassenen in het strafrecht. Deze bijdrage gaat nader in op de toepasselijkheid, en toegevoegde waarde, van het kinderrechtenperspectief voor jongvolwassenen in het strafrecht.


E.P. (Eva) Schmidt LLM, BSc
E.P. Schmidt is als promovendus werkzaam op de Afdeling Jeugdrecht, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit Leiden. Haar onderzoek richt zich op de bestraffing van adolescenten als kinderen of volwassenen en wordt gefinancierd door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) (projectnummer 406.18.503).
Redactioneel

Access_open 30 jaar kinderrechten: zoeken naar nieuw elan, betrokkenheid en inclusiviteit

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 1 2020
Trefwoorden IVRK, Kinderrechten, Mensenrechten
Auteurs Prof. dr. mr. T. (Ton) Liefaard en Mr. T.B. (Tamara) Trotman
Auteursinformatie

Prof. dr. mr. T. (Ton) Liefaard
Prof. dr. mr. T. Liefaard, gastredacteur voor dit nummer, is vice-decaan en hoogleraar kinderrechten, houder van de UNICEF-leerstoel kinderrechten aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.

Mr. T.B. (Tamara) Trotman
Mr. T.B. Trotman is raadsheer bij het Gerechtshof Den Haag.
Externe betrekkingen

Oude wijn in nieuwe zakken: over de oorsprongsmarkering van levensmiddelen uit de door Israël bezette gebieden

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2020
Trefwoorden herkomstaanduiding, oorsprongsmarkering, oorsprongsregels, door Israël bezette gebieden, Verordening (EU) nr. 1169/2011
Auteurs Mr. K.P. Olsthoorn
SamenvattingAuteursinformatie

    In de onderhavige prejudiciële zaak is het Hof van Justitie voor het eerst verzocht om een uitspraak over de uitlegging van de bepalingen van Verordening (EU) nr. 1169/2011 over de vermelding van het ‘land van oorsprong’ en de ‘plaats van herkomst’ met betrekking tot levensmiddelen die uit de door Israël sinds 1967 bezette gebieden afkomstig zijn. In het op 12 november 2019 gewezen arrest in de de zaak Organisation juive européenne en Vignoble Psagot heeft het Hof van Justitie geoordeeld dat uit deze verordening volgt dat op levensmiddelen die afkomstig zijn uit een door Israël bezet gebied, niet alleen dit gebied maar tevens, wanneer die levensmiddelen afkomstig zijn uit een plaats die of een geheel van plaatsen dat een Israëlische nederzetting binnen dat gebied vormt, deze herkomst moet worden vermeld. In deze bijdrage worden de achtergronden en gevolgen van deze uitspraak nader toegelicht.
    HvJ 12 november 2019, zaak C-363/18, ECLI:EU:C:2019:954 (Organisation juive européenne en Vignoble Psagot)


Mr. K.P. Olsthoorn
Mr. K.P. (Kornel) Olsthoorn is advocaat bij Jones Day te Amsterdam.

Mr. T. de Vette
Deze rubriek is samengesteld door mr. T. de Vette. De jurisprudentie is gepubliceerd op rechtspraak.nl tussen 2 december 2019 en 9 maart 2020.
General Comment

De bescherming van kinderen tegen lijfstraffen en andere wrede of vernederende straffen: General Comment No. 8 nader toegelicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden kindermishandeling, vernedering, lijfstraffen, 37 IVRK, General Comment 8
Auteurs Mr. B.L. Lok
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Kinderrechtencomité vaardigt General Comments uit, waarin het duiding geeft aan bepaalde kinderrechten(thema’s). Op dit moment zijn er 24 General Comments. In deze rubriek wordt General Comment 8 uitgelicht. Deze General Comment ziet op het recht van het kind op bescherming tegen fysieke straffen en andere wrede of vernederende vormen van bestraffing.


Mr. B.L. Lok
Mr. B.L. Lok is advocaat personen, familie-, jeugd- & erfrecht bij Bos van der Burg Advocaten te Zoetermeer.

    De grote toestroom van migranten en asielzoekers in de EU houdt vandaag nog steeds verschillende regelgevers wakker. Niet alleen de nationale overheden, maar ook de EU-regelgevers zoeken naarstig naar oplossingen voor de problematiek. Daartoe trachten de EU-regelgevers het Gemeenschappelijk Europees Asielstelsel (GEAS) bij te werken.
    Binnen de groep migranten en asielzoekers bestaat een specifiek kwetsbaar individu: de niet-begeleide minderjarige vreemdeling (NBMV). Hij is zowel vreemdeling als kind en kreeg reeds ruime aandacht binnen de rechtsleer. Nochtans werd deze aandacht niet altijd weerspiegeld in de EU-wetgeving. Het lijkt alsof hij door de regelgevers af en toe uit het oog verloren werd.
    Uit het onderzoek blijkt dat de EU-regelgevers nog een zekere weg te gaan hebben. In de eerste plaats bestaat er wat betreft het geheel aan regels met betrekking tot de NBMV weinig coherentie. De EU-regelgevers zouden bijvoorbeeld meer duidelijkheid kunnen scheppen door een uniforme methode vast te leggen voor de bepaling van de leeftijd van de NBMV. Hetzelfde geldt voor een verduidelijking van de notie ‘het belang van het kind’ binnen asiel en migratie. Verder blijken de Dublinoverdrachten en de vrijheidsontneming van de NBMV nog steeds gevoelige pijnpunten. Hier en daar moet aan de hervorming van het asielstelsel nog wat gesleuteld worden, zodat de rechten van de NBMV optimaal beschermd kunnen worden.
    ---
    Today, the large influx of migrants and asylum seekers into the European Union (EU) keeps several regulators awake. Not only national authorities, but EU regulators too are diligently searching for solutions to the problems. To this end, EU regulators are seeking to update the Common European Asylum System (CEAS).
    There is however a particularly vulnerable individual within the group of migrants and asylum seekers: the unaccompanied alien minor (UAM). These minors already received a great deal of attention within legal doctrine. However, this attention was not always reflected in EU legislation. It seems as if UAM are occasionally lost from sight by the regulators.
    This article shows that the EU regulators still have a certain way to go. First, there is little coherence in the set of rules relating to the UAM. The EU regulators could, for example, create more clarity by laying down a uniform method for determining the age of the UAM. The same applies to a clarification of the notion of 'best interests of the child' within the context of asylum and migration. Second, the proposal for a new Dublin Regulation and the proposal for a new Reception Conditions Directive still appear to be sensitive. Here and there, the reform of the asylum system still needs adjustments, so that the rights of UAM can be optimally protected."


Caranina Colpaert LLM
Caranina Colpaert is PhD researcher
Artikel

Tweede evaluatie Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting: stof tot nadenken

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Wdkb, Sdkb, IVRK, donorbevruchting, anonimiteit
Auteurs Mr. drs. S.E. Garvelink en mr. dr. M.C. Ploem
SamenvattingAuteursinformatie

    In hun bijdrage reflecteren de auteurs op de aanbevelingen van het in april 2019 verschenen rapport inzake de tweede evaluatie van de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting (Wdkb), mede in het licht van het op 26 september 2019 verschenen standpunt van de minister van VWS op de wetsevaluatie. De meeste aanbevelingen lijken zinnig, maar er zijn ook enkele waarover de auteurs hun bedenkingen hebben. Dat geldt in het bijzonder voor de aanbevelingen die gericht zijn op nadere inperking van het recht van donoren van vóór 2004 om anoniem te blijven en van de vrijheid van ouders van donorkinderen om zelf te bepalen hoe en wanneer zij hun kind voorlichten.


Mr. drs. S.E. Garvelink
Sebastiaan Garvelink is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht.

mr. dr. M.C. Ploem
Corrette Ploem is onderzoeker en docent gezondheidsrecht bij Amsterdam UMC en redacteur bij dit tijdschrift.
Artikel

De Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting geëvalueerd: nog steeds veel dorre grond

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden registratie persoonsidentificerende gegevens, afstammingsinformatie, anonimiteitsbelang, kinderrechtenverdrag
Auteurs Prof. dr. H.B. Winter, mr. N.O.M. Woestenburg, mr. dr. J.H.H.M. Dorscheidt e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In het voorjaar van 2019 verscheen het rapport van de tweede evaluatie van de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting. Bij de invoering van deze wet in 2004 was bij velen de gedachte dat het om een beperkte regeling ging die vooral regels stelde over de betrekkelijk overzichtelijke registratie en verstrekking van gegevens van donoren aan donorkinderen. Ruim vijftien jaar later is veel meer zicht ontstaan op het ingrijpende karakter van de materie die in de wet centraal staat en daarmee van de regeling zelf. In dit artikel worden de belangrijkste resultaten van de wetsevaluatie besproken en de reactie van de minister daarop.


Prof. dr. H.B. Winter
Heinrich Winter is parttime hoogleraar Bestuurskunde aan de faculteit Rechtsgeleerdheid, Rijksuniversiteit Groningen en directeur van Pro Facto.

mr. N.O.M. Woestenburg
Nicolette Woestenburg is senior-onderzoeker bij Pro Facto.

mr. dr. J.H.H.M. Dorscheidt
Jo Dorscheidt is universitair docent Gezondheidsrecht aan de faculteit Rechtsgeleerdheid, Rijksuniversiteit Groningen, en aan het UMCG.

mr. dr. B.J.M. Frederiks
Brenda Frederiks is universitair docent Gezondheidsrecht aan het Amsterdam UMC, locatie VUmc.

Berto Winters
Mr. B. Winters is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Artikel

Access_open Van sleutelen aan het stelsel naar bouwen aan inhoudelijke vernieuwing

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2019
Trefwoorden Decentralization Dutch youth care, System change, Pedagogical civil society, Prevention, Social issues
Auteurs Dr. Saskia Wijsbroek, Dr. Marije Kesselring en Dr. Dorien Graas
SamenvattingAuteursinformatie

    This article analyzes the decentralization and transformation of Dutch youth care since 2015. The authors point out that many problems still exist and in some cases have become worse. To fundamentally reform youth care much more is needed than just money or a system change. It is necessary, also according to international research, to create a strong pedagogical basis or ‘pedagogical civil society’. Also prevention on various levels (universal, selective, indicated) should receive a lot of attention, while the same applies to improving primary care support, such as youth health care, GP practice support, youth work and school social work. It would also be wise to invest in intensive youth care with long-lasting effects. Generally there should be a strong focus on tackling local and (supra)regional social issues.


Dr. Saskia Wijsbroek
Dr. S.A.M. Wijsbroek werkt als lector Jeugd bij het Kenniscentrum Sociale Innovatie aan de Hogeschool Utrecht en als universitair docent bij de onderzoeksgroep Jeugd en Gezin aan de Universiteit Utrecht.

Dr. Marije Kesselring
Dr. M. Kesselring is als onderzoeker verbonden aan het lectoraat Jeugd bij het Kenniscentrum Sociale Innovatie aan de Hogeschool Utrecht.

Dr. Dorien Graas
Dr. T.A.M. Graas werkt als lector Jeugd bij het Kenniscentrum Gezondheid en Welzijn aan de Hogeschool Windesheim.

    In de Caribische gebiedsdelen geldt met betrekking tot kwesties van personen-, familie- en erfrechtelijke aard als geschreven regel van conflictenrecht dat het daarop toepasselijke recht het recht is van de ‘gewone verblijfplaats’ van betrokkene(n). Bij de praktische toepassing van deze algemeen geformuleerde regel rijzen de nodige vragen. In deze bijdrage worden de belangrijkste daarvan besproken, om vervolgens met enige handreikingen te komen inzake de omgang daarmee.


Mr. dr. M.V.R. Snel
Mr. dr. M.V.R. Snel is als wetenschappelijk hoofdmedewerker privaatrecht verbonden aan de University of Curaçao en als research fellow aan het Tilburgs Instituut voor Privaatrecht.
Actualia

Diversen

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 3 2019
Auteurs Mr. T. de Vette
Auteursinformatie

Mr. T. de Vette
Deze rubriek is samengesteld door mr. T. de Vette. De jurisprudentie is gepubliceerd op rechtspraak.nl tussen 24 mei 2019 en 12 september 2019.
Artikel

Access_open Vijf jaar ‘passend onderwijs’: een kinderrechtenperspectief

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Onderwijs, Recht (op onderwijs), Inclusief (onderwijs), Passend (onderwijs), Leerrecht
Auteurs Mr. T.R. Veldman
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de evaluatie van de Wet passend onderwijs in het vooruitzicht wordt in dit artikel het daarop toepasselijke kader voor het recht op onderwijs uiteengezet. Hierbij wordt ingezoomd op het recht op onderwijs in een inclusief onderwijssysteem. Gesteld wordt dat het recht op onderwijs zoals vastgelegd in internationale verdragen centraal zou moeten staan bij het evalueren van het huidige systeem en het nemen van stappen om het systeem te veranderen, zoals bij de verankering van het ‘leerrecht’. Want verandering is nodig, blijkt na toetsing aan het internationale kinderrechtenkader.


Mr. T.R. Veldman
Mr. T.R. Veldman is juridisch adviseur Jeugdrecht bij Defence for Children.
Artikel

Access_open Hoe betekenisvol is het participatierecht van het kind in de KNMG-meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld (2018)?

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Participatierecht, KNMG-meldcode, Kindermishandeling, Huiselijk geweld, IVRK
Auteurs Mr. dr. M.P. Sombroek-van Doorm en D.M.A. Conway LLB
SamenvattingAuteursinformatie

    Ieder kind heeft het recht om te participeren in aangelegenheden die hem of haar betreffen (art. 12 IVRK). In de situatie dat een arts vermoedt of weet dat een kind slachtoffer is van kindermishandeling, is betekenisvolle participatie van het kind bovendien cruciaal voor de arts om te kunnen handelen in het belang van het kind (art. 3 IVRK). De KNMG-meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld (2018) regelt de stappen die de arts moet zetten en het afwegingskader dat hij moet volgen voor het doen van een melding van (een vermoeden van) kindermishandeling aan Veilig Thuis. In deze bijdrage wordt nagegaan in hoeverre het participatierecht van het kind gegarandeerd wordt in deze meldcode.


Mr. dr. M.P. Sombroek-van Doorm
Mr. dr. M.P. Sombroek is universitair docent bij de afdeling Jeugdrecht van de Universiteit Leiden.

D.M.A. Conway LLB
D.M.A. Conway LLB is masterstudent Jeugdrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Extra beschermd of extra beschadigd?

De juridische positie en leefomstandigheden van kinderen met een handicap in asielzoekerscentra in Nederland

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Handicap, VN-Kinderrechtenverdrag (IVRK), kinderen met een handicap in asielzoekerscentra, belang van het kin, non-discriminatiebeginsel
Auteurs Mr. M. Goeman en Mr. S. Schuitemaker
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan de hand van drie zaken afkomstig van de Kinderrechtenhelpdesk van Defence for Children illustreren de auteurs verschillende problemen waar kinderen met een handicap in asielzoekerscentra tegenaan lopen. Het artikel bevat een samenvatting van het onderzoek van Defence for Children, ‘Extra beschermd of extra beschadigd? Onderzoek naar de leefomstandigheden van kinderen met een handicap in asielzoekerscentra in Nederland’. Besproken wordt daarbij een recent vernietigend rapport van de Kinderombudsman over medische zorg die aan een doof meisje werd geweigerd omdat zij geen verblijfsvergunning had. De auteurs betogen dat de wetgever, immigratieautoriteiten en opvanginstanties aan zet zijn om ervoor te zorgen dat de rechten van kinderen met een handicap gerespecteerd worden. Dat moet gelden zowel in de verblijfsprocedure als in de opvangprocedures en bij de toegang tot medische zorg.


Mr. M. Goeman
Mr. M. (Martine) Goeman is Programmamanager kinderrechten en migratie.

Mr. S. Schuitemaker
Mr. S. (Sander) Schuitemaker is Juridisch adviseur kinderrechten en migratie bij Defence for Children.
Artikel

Access_open Minderjarige verdachten in een politiecel

Een rechtsvergelijkend onderzoek naar de oplegging van voorlopige vrijheidsbenemende maatregelen bij jeugdigen in Nederland en België in theorie en praktijk

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2019
Trefwoorden Voorlopige vrijheidsbenemende maatregelen, Minderjarige verdachten, Richtlijn 2016/800/EU, Alternatieve wijzen voor tenuitvoerlegging, Voorlopige vrijheidsbenemende maatregelen
Auteurs Mr. Viviane Wennekes
SamenvattingAuteursinformatie

    A comparative law study into the imposition of provisional custodial measures on juveniles in the Netherlands and Belgium in theory and practice.


Mr. Viviane Wennekes
Mr. V.C. Wennekes heeft in 2019 de master Double Degree Programme Toga aan de Maas aan de Erasmus Universiteit Rotterdam afgerond en is momenteel werkzaam als juridisch medewerker bij de Rechtbank Rotterdam.
Artikel

Primaire teen sexting: kinderpornografie of niet?

Over het opnemen van een uitzonderingsgrond in artikel 240b Sr

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2019
Trefwoorden Sexting, Kinderpornografie, Duitsland, Uitzonderingsgrond
Auteurs Mr. Ilona van Angeren
SamenvattingAuteursinformatie

    Teen sexting is an increasingly common phenomenon. It is doubtful whether primary teen sexting – when minors take sexually pictures of themselves and share these voluntarily with peers – should fall within the scope of the Dutch offence description of child pornography. The German Penal Code contains an exception clause for primary teen sexting, whilst the Dutch Penal Code does not. In this article is argued, through comparative law research, that the Netherlands should also adopt an exception clause. This way not only the right of the child to protection against sexual abuse and exploitation, but also the right of the child to sexual development is safeguarded sufficiently.


Mr. Ilona van Angeren
Mr. I.B. (Ilona) van Angeren is juridisch medewerker bij de Rechtbank Den Haag. Zij is afgestudeerd in de masters Jeugdrecht en Straf(proces)recht aan de Universiteit van Leiden. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven en is gebaseerd op haar scriptie voor de master Straf(proces)recht.
Toont 1 - 20 van 215 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 10 11
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.