Zoekresultaat: 86 artikelen

x
Artikel

Access_open Klimaatverandering en strafrecht: een verkenning

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Milieustrafrecht, Klimaatverandering, Handhaving klimaatwetgeving, Broeikasgas, Co2
Auteurs Mr. S.J. (Sjoerd) Lopik en Mr. S.H. (Seppe) Stax
SamenvattingAuteursinformatie

    Klimaatverandering is niet meer weg te denken uit het publieke debat. In het afgelopen jaar stond het onderwerp vaak op de politieke agenda, werd Greta Thunberg uitgeroepen tot Time Person of the Year en was het Urgenda-arrest een van de meest besproken gerechtelijke uitspraken van het jaar. Binnen het strafrecht wordt nog weinig aandacht aan klimaatverandering besteed, maar dat zal op korte termijn veranderen. Dit artikel bevat een verkenning naar de strafrechtelijke aansprakelijkheid van partijen die bijdragen aan klimaatverandering en de strafrechtelijke handhaving van klimaatwetgeving.


Mr. S.J. (Sjoerd) Lopik
Mr. S.J. (Sjoerd) Lopik is advocaat bij Allen & Overy te Amsterdam.

Mr. S.H. (Seppe) Stax
Mr. S.H. (Seppe) Stax is advocaat bij Allen & Overy te Amsterdam.
Artikel

De beperkte toepasbaarheid van artikel 173a en 173b Sr in de praktijk

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Milieustrafrecht, Gemeengevaarlijke milieudelicten, Vervolging milieudelicten, Bijzondere opsporingsinstanties
Auteurs Mr. M. (Marleen) Velthuis
SamenvattingAuteursinformatie

    In milieuzaken wordt met enige regelmaat door (bijzondere) opsporingsinstanties een verdenking geuit van overtreding van artikel 173a of 173b Sr. Kort gezegd wordt een (rechts)persoon er dan van verdacht dat hij opzettelijk, of door zijn schuld, een stof in de bodem, lucht of het oppervlaktewater heeft gebracht, waardoor gevaar voor de openbare gezondheid te duchten was. Tot een vervolging voor deze gemeengevaarlijke milieudelicten komt het minder vaak. Bovendien blijkt dat in de zaken waar het Openbaar Ministerie (OM) wel besluit tot vervolging, dit niet zelden tot een vrijspraak leidt. In dit artikel wordt onderzocht in hoeverre de artikelen 173a en 173b Sr in de praktijk met succes worden toegepast en of een uitbreiding of aanpassing van de wetgeving noodzakelijk is in dat licht.


Mr. M. (Marleen) Velthuis
Marleen Velthuis is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam
Artikel

Het gelijkwaardigheidsbeginsel van de Omgevingswet

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2019
Trefwoorden gelijkwaardigheidsbeginsel, algemene regels, Omgevingswet, Bouwbesluit 2012, flexibiliteit
Auteurs Drs. J. in ’t Hout
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage beschrijft het gelijkwaardigheidsbeginsel dat straks in de Omgevingswet en nu onder meer in het Bouwbesluit 2012 is opgenomen. Het gelijkwaardigheidsbeginsel biedt een initiatiefnemer het recht om op een andere manier aan een regel te voldoen dan in de regel is aangegeven. Voorwaarde is wel dat het met de regel beoogde doel ook met die andere oplossing wordt bereikt. Of de andere oplossing gelijkwaardig is, wordt beoordeeld door het bevoegd gezag. De bewijslast van de gelijkwaardigheid berust bij de initiatiefnemer. Een geschil over de gelijkwaardigheid van een alternatieve maatregel kan soms voor advies worden voorgelegd aan een adviescommissie. Deze bijdrage gaat in op een aantal juridische, inhoudelijke, procedurele en uitvoeringsaspecten van het gelijkwaardigheidsbeginsel.


Drs. J. in ’t Hout
Drs. J. (Hans) in ’t Hout is coördinator Bouwregelgeving bij de directie Bouwen & Energie van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Vanuit die hoedanigheid heeft hij als lid van het schrijfteam Omgevingswet en projectleider van het Besluit bouwwerken leefomgeving bijgedragen aan het opstellen van de Omgevingswet en de daarbij behorende uitvoeringsregels.
Artikel

Access_open Burgerparticipatie onder de Omgevingswet: niet omdat het moet, maar omdat het kan?!

De juridische waarborging van burgerparticipatie in de Omgevingswet

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Burgerparticipatie, Omgevingswet, Rechtsbescherming, Inspraak, maatschappelijk draagvlak, Kerninstrumenten, snellere en betere aanpak
Auteurs Mr. dr. Marlon Boeve en Mr. dr. Frank Groothuijse
SamenvattingAuteursinformatie

    Public participation is an important issue in the forthcoming Dutch Environment and Planning Act (2021). The importance of participation is emphasized in numerous places in the parliamentary documents to the Act. This contribution discusses how the new Act gives legal substance to the objectives that the government is pursuing regarding participation and whether the involvement of citizens is indeed better imbedded by this act. It addresses the important subject of the ‘right moment of participation’ in the fragmented Dutch policy and decision system. Consecutively it deals with the question of potential legal consequences for non-compliance by administrative bodies to the legal participation obligations when drawing up plans and decisions. Can a citizen enforce (substantive) participation in the administrative court after the Environmental and Planning Act comes into force? The possibilities are limited. Findings show that the new Environment and Planning Act does not address the essential problems that arise with participation. The successful creation of local support, better quality and faster decision-making through participation all depend on how the (local) government shapes participation. From a legal perspective, the Environment and Planning Act makes little contribution to this. In the view of the authors this is not surprising, because the role of legislation in safeguarding substantive participation should not be overestimated.


Mr. dr. Marlon Boeve
Marlon Boeve is universitair docent omgevingsrecht aan de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainability Law.

Mr. dr. Frank Groothuijse
Frank Groothuijse is universitair hoofddocent omgevingsrecht aan de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainability Law.

Prof. dr. R.A.J. van Gestel
Prof. dr. R.A.J. van Gestel is hoogleraar Regulering en Juridische methoden en technieken aan de Tilburg Law School.

Mr. dr. J. Sybesma
Mr. dr. J. Sybesma is lid van de redactie van het Caribisch Juristenblad.
Signalering

Geconsolideerde teksten

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2019
Trefwoorden geconsolideerde teksten, wetgeving
Auteurs Mr. dr. J. Sybesma
Auteursinformatie

Mr. dr. J. Sybesma
Mr. dr. J. Sybesma is redactielid van het Caribisch Juristenblad.
Artikel

Omgevingsrecht en mobiliteit in ruimtelijke planvorming: meer samenhang is nodig

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden infrastructuur, verkeer, bestemmingsplan, CROW
Auteurs Mr. J.R. (Jan Reinier) van Angeren
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur onderzoekt wat de rol is van mobiliteitsvraagstukken bij gemeentelijke bestemmingsplannen en concludeert aan de hand van de bespreking van de jurisprudentie over de toepassing van de CROW-publicatie 317 bij de vraag hoeveel autoverkeer een ruimtelijke ontwikkeling genereert, dat een integrale beoordeling van de gevolgen van een ruimtelijke ontwikkeling op de mobiliteitsvraag en behoefte ontbreekt. In zijn artikel kijkt de auteur ook naar de (beperkte) rol van mobiliteit in de Omgevingswet en onderzoekt hij wat de verhouding is tussen de Omgevingswet en de Wet Infrastructuurfonds.


Mr. J.R. (Jan Reinier) van Angeren
Mr. J.R. van Angeren is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Milieuzones: leiden alle wegen nog naar Rome?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2019
Trefwoorden milieuzone, luchtkwaliteit, luchtverontreiniging, harmonisering milieuzones, verkeersbesluit
Auteurs Mr. dr. F.A.G. Groothuijse, Mr. K.M. Landman en Mr. W.S. Zorg
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel gaan auteurs in op de opkomst van milieuzones en een aantal daarmee gepaard gaande juridische knelpunten. De op handen zijnde harmonisering van milieuzones, de verhouding tussen decentralisatie en harmonisatie, de (beperkte) democratische legitimering van milieuzones en de (toetsing van de) evenredigheid van verkeersbesluiten passeren hierbij de revue. Afsluitend komen ook de Omgevingswet, en de eventuele gevolgen van deze wet voor het instellen van milieuzones en de gesignaleerde knelpunten aan bod.


Mr. dr. F.A.G. Groothuijse
Mr. dr. F.A.G. (Frank) Groothuijse is werkzaam op de afdeling Staats- en Bestuursrecht van de Universiteit Utrecht en tevens verbonden aan het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainability Law.

Mr. K.M. Landman
Mr. K.M. (Karlijn) Landman is werkzaam op de afdeling Staats- en Bestuursrecht van de Universiteit Utrecht en tevens verbonden aan het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainability Law.

Mr. W.S. Zorg
Mr. W.S. (Wouter) Zorg is werkzaam op de afdeling Staats- en Bestuursrecht van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open Het schadefonds Van Vollenhoven

Hoe om te gaan met gedupeerden van acute overheidsmaatregelen ten behoeve van de gezondheid of veiligheid

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2018
Trefwoorden schadefonds, schadevergoeding, nadeelcompensatie, insolventie, onrechtmatige overheidsdaad
Auteurs Mr. C.N.J. Kortmann
SamenvattingAuteursinformatie

    Omwille van de veiligheid moet de overheid soms ingrijpende maatregelen nemen, zoals recent de schorsing van de Stint als toegelaten voertuig op de weg. Van Vollenhoven vindt dat goed, maar er zou volgens hem wel een fonds moeten zijn voor de gedupeerden van zo’n maatregel. Het is niet moeilijk dit voorstel te bekritiseren, maar bij nadere beschouwing kan zo’n fonds, mits goed opgezet, best meerwaarde hebben.


Mr. C.N.J. Kortmann
Mr. C.N.J. Kortmann is advocaat bij Stibbe te Amsterdam en is tevens verbonden aan de Universiteit Utrecht.

    In dit redactioneel wordt naar aanleiding van de Invoeringswet omgevingsrecht verkend of de term ‘Onze Minister die het aangaat’ voldoende kenbaar maakt welke minister een bevoegdheid uit de wet kan inzetten. Aan het slot van deze bijdrage wordt de verdere inhoud van dit nummer van TO toegelicht.


Mr. H.A.J. (Henk) Gierveld
Mr. H.A.J. Gierveld is voorzitter van de redactie van het Tijdschrift voor Omgevingsrecht.
Artikel

Access_open Totstandkoming, systeem en doelen van de Omgevingswet

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2018
Auteurs Mr. dr. H.A. (Harald) Oldenziel en Mr. H.W. (Wilco) de Vos
Auteursinformatie

Mr. dr. H.A. (Harald) Oldenziel
Mr. dr. H.A. (Harald) Oldenziel is werkzaam bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Hij is als juridisch projectleider betrokken bij de totstandkoming van de nieuwe omgevingswetgeving.

Mr. H.W. (Wilco) de Vos
Mr. H.W (Wilco) de Vos is werkzaam bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Hij is als juridisch projectleider betrokken bij de totstandkoming van de nieuwe omgevingswetgeving.
Artikel

Naar een non-antropocentrische criminologie

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2018
Trefwoorden green criminology, non-anthropocentric criminology, environmental crime, speciesism, animal rights
Auteurs Dr. Daan van Uhm
SamenvattingAuteursinformatie

    Changing ecological conditions in a globalizing world pose new challenges for human societies. Global warming, large-scale pollution, deforestation and species extinction have increasingly become topics on the international agenda. Even though many of these harmful activities are criminogenic, criminology pays rather little attention to environmental crimes and harms.
    Therefore, this article discusses the anthropocentric perspective within criminology and argues that a non-anthropocentric criminology can lead to new theoretical insights.


Dr. Daan van Uhm
Dr. Daan van Uhm is als universitair docent verbonden aan de sectie criminologie van het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen, Universiteit Utrecht.

    Het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) voldoet niet aan de daarvoor in de Europese en Nederlandse regelgeving gestelde eisen. Opdracht om een luchtkwaliteitsplan vast te stellen dat aan de regelgeving voldoet.

Artikel

Het juridische instrumentarium voor actief waterbeheer

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Omgevingswet, legger, peilbesluit, projectplan, gedoogplichten, waterrecht
Auteurs Mr. L.C.E. (Lizzy) Augustinus en Mr. ir. S. (Simon) Handgraaf
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat het juridische instrumentarium voor actief waterbeheer centraal. Onder actief beheer worden de concrete maatregelen van de waterbeheerder verstaan om de doelen van de Wtw voor de watersystemen in zijn beheer te realiseren. Actief beheer wordt onderscheiden van passief beheer: de planvorming, het stellen van regels, vergunningverlening en handhaving. De juridische instrumenten voor het actieve beheer zijn de legger, het peilbesluit, het projectplan en gedoogplichten. In dit artikel worden deze instrumenten achtereenvolgens behandeld.


Mr. L.C.E. (Lizzy) Augustinus
Mr. L.C.E. Augustinus is werkzaam als jurist omgevingsrecht bij FLO Legal.

Mr. ir. S. (Simon) Handgraaf
Mr. ir. S. Handgraaf is mede-eigenaar van Colibri Advies en mede-eigenaar van FLO Legal. Hij werkt in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Milieu aan de totstandkoming van de Omgevingswet en de daarbij behorende uitvoeringsregelgeving.

    Dit artikel is een onderdeel van het themanummer naar aanleiding van de Vlaams-Nederlandse bijeenkomst over het omgevingsrecht met de titel: ‘Omgevingsrecht in de Lage Landen: Toren van Babel of Tuin der Lusten?’
    In deze bijdrage schetst de auteur het Vlaamse systeem van milieukwaliteitseisen.


Jan Verheeke
Jan Verheeke is algemeen secretaris van de Strategische Adviesraad Milieu en Natuur, Minaraad.

    Voor inrichtingen zonder IPPC-installatie staan de voorschriften met betrekking tot de emissies naar lucht (waaronder geur) sinds 1 januari 2016 in het Activiteitenbesluit. Daarvan kan enkel bij maatwerkvoorschrift worden afgeweken.


Elbert de Jong
Elbert de Jong is postdoc aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL). Zijn expertise richt zich in het bijzonder op het aansprakelijkheidsrecht en (rechterlijke) risicoregulering. Hij heeft veel gepubliceerd op het terrein van gezondheids- en milieurisico’s en het aansprakelijkheidsrecht. In zijn proefschrift ‘Voorzorgverplichtingen’ behandelt hij hoe de civiele rechter de vereiste omgang met onzekere risico’s dient vast te stellen, en hoe verschillende wetenschappelijke onzekerheden over risico’s daarbij dienen mee te wegen. Thans onderzoekt hij hoever de rechter mag gaan in het corrigeren van (vermeend) falend overheidsbeleid bij gezondheids- en milieurisico’s.
Artikel

De bestraffende handhaving van de Omgevingswet: bestuurlijke strafbeschikking of bestuurlijke boete?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2016
Trefwoorden strafrecht, bestuursrecht, omgevingsrecht, handhaving, sanctiestelsels
Auteurs Prof. mr. B.F. Keulen en Prof. mr. H.E. Bröring
SamenvattingAuteursinformatie

    In juni 2014 is het voorstel voor de Omgevingswet bij de Tweede Kamer ingediend. Aanvankelijk was het kabinet van plan over de volle breedte van de Omgevingswet de mogelijkheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete in te voeren. De Raad van State heeft zich daar in zijn advies tegen gekeerd. Dat heeft het kabinet ertoe gebracht opdracht te geven tot nader onderzoek. Dit artikel bouwt voort op dat onderzoek, dat vanaf de zomer van 2014 tot in maart 2015 is uitgevoerd door medewerkers van de Groningse rechtenfaculteit, onder wie de auteurs van dit artikel. In deze bijdrage richten wij ons vooral op de voorstellen die in de slotbeschouwing zijn gedaan. Het accent ligt op de samenwerking tussen bestuurlijke en justitiële autoriteiten.


Prof. mr. B.F. Keulen
Prof. mr. B.F. Keulen is hoogleraar Straf(proces)recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Prof. mr. H.E. Bröring
Prof. mr. H.E. Bröring is hoogleraar Integrale rechtsbeoefening aan de Rijksuniversiteit Groningen.

    De gemeente mocht in redelijkheid als verkeersmaatregel de milieuzone instellen. Het feit dat de positieve milieueffecten van de zone mogelijk beperkt zijn, doet daar niets aan af.  


Mr. K. Frielink
Mr. K. Frielink is advocaat te Curaçao.

Prof. mr. L.J.J. Rogier
Prof. mr. L.J.J.‍ Rogier is emeritus hoogleraar Staats- en Bestuursrecht van de Erasmus Universiteit Rotterdam en als bijzonder hoogleraar Staats- en Bestuursrecht verbonden aan de Universiteit van Curaçao.
Toont 1 - 20 van 86 gevonden teksten
« 1 3 4 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.