Zoekresultaat: 29 artikelen

x
Artikel

Access_open Kan een non disclosure agreement worden ontbonden?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2020
Trefwoorden ontbinding, Non disclosure agreement, Samenhangende overeenkomsten, geheimhoudingsovereenkomst, Wet bescherming bedrijfsgeheimen
Auteurs Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem en Mr. A.J. Rijsterborgh
SamenvattingAuteursinformatie

    Het in handelsrelaties contractueel verankeren van geheimhouding ter zake van bedrijfsgeheimen is als gevolg van de Wet bescherming bedrijfsgeheimen belangrijk(er) geworden. Partijen kunnen in de regel kiezen voor een NDA of een geheimhoudingsbeding in een meeromvattende overeenkomst. De schending van een geheimhoudingsverplichting zal in rechte veelal moeilijk zijn aan te tonen en ontbinding van de NDA wordt vaak uitgesloten. Toch onderzoeken de auteurs de juridische kwalificatie van de NDA en de gevolgen hiervan met betrekking tot de mogelijkheden tot ontbinding. Zij betogen dat een NDA veelal zal kwalificeren als een obligatoire overeenkomst, maar niet als een wederkerige overeenkomst, waardoor een NDA in geval van een tekortkoming niet kan worden ontbonden. De rechtsgevolgen van ontbinding zouden volgens de auteurs sowieso beperkt zijn geweest. In het geval vertrouwelijkheid is gewaarborgd in de vorm van een geheimhoudingsbeding in een meeromvattende overeenkomst, ligt dit anders. Gezien de verstrekkende rechtsgevolgen die een ontbinding in dat geval kan hebben, betogen auteurs dat het goed is dat de opstellers van contracten zich hier bewust van zijn.


Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem
Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem is hoogleraar Corporate Legal Counselling aan de Open Universiteit en zelfstandig juridisch adviseur te Amsterdam.

Mr. A.J. Rijsterborgh
Mr. A.J. Rijsterborgh is schrijfjurist in het gerechtshof Den Haag en werkt als buitenpromovendus aan de Open Universiteit aan een proefschrift over partiële aantasting van overeenkomsten.
Artikel

Access_open De WHOA: een nieuw herstructureringsinstrument

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2020
Trefwoorden insolventierecht, faillissementsrecht, herstructurering, akkoord
Auteurs Prof. mr. R.D. Vriesendorp en Mr. dr. O. Salah
SamenvattingAuteursinformatie

    De WHOA introduceert een nieuwe akkoordprocedure (bestaande uit twee varianten) in de Faillissementswet. Hiermee kan een schuldenaar een onderhands akkoord aanbieden aan zijn schuldeisers en aandeelhouders. Indien aan bepaalde voorwaarden is voldaan, kan de rechter het akkoord homologeren. Dan zijn alle stemgerechtigde schuldeisers en aandeelhouders gebonden aan het gehomologeerde akkoord.


Prof. mr. R.D. Vriesendorp
Prof. mr. R.D. Vriesendorp is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam en hoogleraar Insolventierecht aan de Universiteit Leiden.

Mr. dr. O. Salah
Mr. dr. O. Salah is als advocaat werkzaam bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Artikel

De (on)zin van strategisch contracteren bij gebruik en levering van zaken

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2020
Trefwoorden uitleg, kwalificatie, medische behandelingsovereenkomst, koopovereenkomst, hulpzaken
Auteurs Mr. dr. J.T. Hiemstra
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt onderzocht of een poging tot strategisch contracteren effect heeft in het licht van de uitleg en kwalificatie van de overeenkomst. Dit wordt besproken aan de hand van een voorbeeld waarin een hulpverlener met een patiënt overeenkomt dat een zaak aan de patiënt wordt geleverd met als doel de toepassing van art. 7:24 lid 2 BW te activeren.


Mr. dr. J.T. Hiemstra
Mr. dr. J.T. Hiemstra is advocaat bij Hausfeld te Amsterdam.
Artikel

Access_open Collectieve acties van franchisenemers

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Franchise, Franchiseovereenkomst, Collectieve actie, Franchisenemersvereniging, Franchisenemers
Auteurs Mr. A.W. Dolphijn
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan de orde komt dat als franchisenemers hun belangen jegens de franchisegever collectief organiseren, zij in beginsel materieel verdergaande bevoegdheden kunnen hebben om te ageren tegen (voorgenomen wijzigingen van) bepalingen in de modelfranchiseovereenkomst.


Mr. A.W. Dolphijn
Mr. A.W. Dolphijn is advocaat te Rotterdam bij Ludwig & Van Dam advocaten.
Artikel

Lotsverbonden overeenkomsten en de ontbindende voorwaarde

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2019
Trefwoorden lotsverbonden overeenkomst, ontbindende voorwaarde
Auteurs Mr. L.F. Kloppenburg
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt onderzocht of een lotsverbonden overeenkomst te kwalificeren is als een voorwaardelijke overeenkomst met een ontbindende voorwaarde in de zin van de artikelen 6:21 en 6:22 BW. Dit kan onder omstandigheden aan de orde zijn indien lotsverbondenheid de grondslag vindt in de uitleg van de lotsverbonden overeenkomst of (wellicht) in de aanvullende werking van de redelijkheid en de billijkheid. Dit kan met name van belang zijn omdat het vervullen van de ontbindende voorwaarde in de zin van artikel 6:22 BW, in tegenstelling tot ontbinding in de zin van artikel 6:265 BW, goederenrechtelijke werking heeft.


Mr. L.F. Kloppenburg
Advocaat bij Groenendijk & Kloppenburg Advocaten
Contracten maken

Access_open Leren exonereren: een aantal gezichtspunten ten aanzien van het contractueel reguleren van aansprakelijkheid

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Exoneratie, Schadeplichtigheid, Verzuim, Opzet of bewuste roekeloosheid, Beperkende werking redelijkheid en billijkheid
Auteurs Prof. mr. T.H.M. van Wechem
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de rol die exoneraties in b2b-verhoudingen spelen besproken en formuleert de auteur regels die bij het opstellen van een goede exoneratiebepaling van nut kunnen zijn. De auteur wijst op het belang van het juridisch (logistiek) kwalificeren van de overeenkomst, de vraag of de schadeplicht voortvloeit uit een temporeel of kwalitatief ten achter blijven en op de uitleg van exoneraties. Onderzocht wordt ook of toetsing van het beding aan de beperkende werking van de redelijkheid veel verschilt van de norm ‘onredelijk bezwarend’ uit artikel 6:233 sub a Burgerlijk Wetboek en de omstandigheden die in de rechtspraak een rol spelen bij de beantwoording van de vraag of een exoneratie terzijde moet worden gesteld.


Prof. mr. T.H.M. van Wechem
Prof. mr. T.H.M. van Wechem is hoogleraar Corporate Legal Counseling aan de Open Universiteit, raadsheer-plaatsvervanger in het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch en zelfstandig juridisch adviseur te Amsterdam.
Artikel

Access_open Het beslechten van dekkingsgeschillen

Een uiteenzetting naar aanleiding van Geschillencommissie Verzekeringen Curaçao 6 november 2015, nr. 2015-001

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2019
Trefwoorden dekkingsgeschillen, uitleg polisvoorwaarden, redelijkheid en billijkheid, verzekeringsovereenkomst, Geschillencommissie Verzekeringen Curaçao
Auteurs Mr. dr. M.V.R. Snel
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van de uitspraak van de Geschillencommissie Verzekeringen Curaçao van 6 november 2015 verkent dit artikel de stand van zaken met betrekking tot de wijze(n) waarop een dekkingsgeschil tussen verzekeraar en verzekerde (kan) worden beslecht. Aangetoond wordt dat dit met name een kwestie van uitleg van de verzekeringsovereenkomst is, maar dat ook de redelijkheid en billijkheid een – afzonderlijke – rol kan spelen. Voor de toepassing van beide leerstukken is van belang eerst vast te stellen onder welke omstandigheden de verzekeringsovereenkomst tot stand is gekomen en wat de aard van de polisvoorwaarde(n) die in geding zijn is.


Mr. dr. M.V.R. Snel
Mr. dr. M.V.R. Snel is wetenschappelijk hoofdmedewerker privaatrecht verbonden aan de University of Curaçao, als research fellow aan het Tilburgs Instituut voor Privaatrecht en als visiting lecturer aan de Nyenrode Business University.
Artikel

Big data: vatbaar voor (faillissements)beslag?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2019
Trefwoorden big data, beslag, verhaalsbeslag, faillissement
Auteurs Mr. F.S.M. Ruitinga
SamenvattingAuteursinformatie

    Big data lijkt waarde te vertegenwoordigen en dat maakt deze data een interessant object voor een (faillissements)beslag. Gelet op het onstoffelijke karakter van data brengt dit ook de nodige vragen met zich. In dit artikel wordt de mogelijkheid tot het leggen van beslag en faillissementsbeslag op data onderzocht en worden de gevolgen van een (faillissements)beslag op data verkend.


Mr. F.S.M. Ruitinga
Mr. F.S.M. Ruitinga is wetenschappelijk docent bij Erasmus School of Law.
Artikel

Verhaalsbeslag op bitcoins

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2019
Trefwoorden bitcoin, conservatoir beslag, executoriaal beslag, verhaal, waardepapier
Auteurs Tycho de Graaf
SamenvattingAuteursinformatie

    Verhaalsbeslag op bitcoins is mogelijk door (1) de drager waarop de privésleutel staat waarmee over bitcoins kan worden beschikt (de paper of hardware wallet) als waardepapier te kwalificeren, (2) op die wallet conservatoir verhaalsbeslag te leggen en als de toegang tot die wallet beveiligd is met een code, de schuldenaar te dwingen die code prijs te geven, (3) de bitcoins naar een andere, door een bank of DNB nieuw geopende bitcoinrekening over te maken, en (4) de paper of hardware wallet van die nieuwe bitcoinrekening te zijner tijd executoriaal te verkopen.


Tycho de Graaf
Mr. dr. T.J. de Graaf is universitair docent burgerlijk recht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open De informatieplicht voor de franchisegever naar Nederlands recht

Beschouwingen naar aanleiding van het Albert Heijn-arrest

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2019
Trefwoorden franchising, informatieplicht, omzetprognose, franchise overeenkomst en Wer (Wetboek van economisch recht).
Auteurs Mr. dr. S.A. Kruisinga en Mr. M.I. Nijenhof-Wolters
SamenvattingAuteursinformatie

    In het Albert Heijn-arrest heeft de Hoge Raad opnieuw bevestigd dat naar huidig Nederlands recht geen algemene regel geldt dat een franchisegever een (toekomstige) franchisenemer moet inlichten omtrent de te verwachten omzet of omtrent de winstverwachting. De bijzondere omstandigheden van het geval kunnen echter wel een zodanige verplichting meebrengen. De vraag rijst of in het voorontwerp van de Wet Franchise dat op 12 december 2018 werd gepubliceerd een andere benadering is gekozen. In dit voorontwerp wordt voorgesteld een – vrij ruim geformuleerde – informatieplicht voor de franchisegever te introduceren. In deze bijdrage wordt ingegaan op het Albert Heijn–arrest en wordt de uitkomst van deze procedure afgezet tegen het Nederlandse conceptwetsvoorstel en de Belgische regelgeving voor franchiseovereenkomsten.


Mr. dr. S.A. Kruisinga
Mr. dr. S.A. Kruisinga is universitair hoofddocent bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en professional support lawyer bij Van Benthem & Keulen.

Mr. M.I. Nijenhof-Wolters
Mr. M.I. Nijenhof-Wolters is advocaat bij Van Benthem & Keulen.
Wetenschap en praktijk

Smart contracts

Voer voor juristen?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2018
Trefwoorden blockchain, smart contract
Auteurs Mr. J. Naves
SamenvattingAuteursinformatie

    De afgelopen twee jaren heeft de blockchaintechnologie veel aandacht gekregen. In één adem met deze technologie wordt vaak het smart contract genoemd. De naam veronderstelt impact op de werkzaamheden van juristen. Maar is dat wel zo? De reikwijdte van het begrip smart contract zoals dat in een blockchaincontext wordt gebruikt, is dermate breed dat veel softwareprotocollen als zodanig kunnen worden aangeduid. Lang niet al deze protocollen hebben juridische betekenis. In dit artikel geeft de auteur nadere duiding aan het begrip smart contract en de betekenis daarvan voor de juridische praktijk.


Mr. J. Naves
Mr. J.L. (Jeroen) Naves is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag gespecialiseerd in technologie en recht.
Artikel

Nieuw in België: Collaboratieve Onderhandelingen Wettelijk Geregeld

(New in Belgium: A Statutory Basis for Collaborative Negotiations)

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Collaboratieve onderhandelingen, Bemiddelingswet, conflictoplossing, België, Collaboratieve advocaat
Auteurs Willem Meuwissen
SamenvattingAuteursinformatie

    The ADR Act of 18 June 2018 provides for an insertion into the ‘Gerechtelijk Wetboek’ (Judicial Code), entitled ‘Collaboratieve onderhandelingen’ (Collaborative Negotiations), which came into force on 1 January 2019.


Willem Meuwissen
Willem Meuwissen is an attorney and accredited mediator with the Belgian Federal Mediation Commission and a member of the Belgian Association of Collaborative Professionals. He teaches negotiation and mediation at the universities of Antwerp and Brussels. He trains students becoming certified mediator at bMediaton and EMTPJ.
Artikel

De bewaarentiteit: het ei van Columbus of een vreemde eend in de bijt?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2018
Trefwoorden bewaarentiteit, fonds voor gemene rekening, vermogensscheiding, beleggingsfondsen, AIFM/UCITS-richtlijn
Auteurs Mr. dr. S.N. Hooghiemstra
SamenvattingAuteursinformatie

    Het fonds voor gemene rekening als rechtsvorm is in Nederland niet gecodificeerd. Een bewaarentiteit wordt daarom gebruikt om vermogensscheiding te bewerkstelligen. Buitenlandse jurisdicties kennen een dergelijke entiteit niet. Codificatie van deze rechtsvorm zorgt daar al voor de benodigde vermogensscheiding. De Nederlandse bewaarentiteit is daarom ‘een vreemde eend in de bijt’.


Mr. dr. S.N. Hooghiemstra
Mr. dr. S.N. Hooghiemstra is een associate bij NautaDutilh en werkt momenteel als onderdeel van een international secondment in de fondsenpraktijk van NautaDutilh Luxemburg.
Artikel

Access_open Vermogensscheiding door beleggingsondernemingen: een perfecte symbiose van toezichtrecht en civiel recht (I)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2018
Trefwoorden vermogensscheiding, effectenbewaring, MiFID II, EMIR, CSD-verordening
Auteurs Prof. mr. W.A.K. Rank
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit – in twee delen te verschijnen – artikel worden de toezichtrechtelijke en civielrechtelijke aspecten van vermogensscheiding bij beleggingsondernemingen op een rijtje gezet en geanalyseerd. Dit eerste deel betreft een beschrijving van de Europese toezichtregels. Het tweede deel – te verschijnen in MvV 2018, afl. 6 – betreft de Nederlandse toezichtregels en de privaatrechtelijke implementatie van de vermogensscheiding. Uit dit deel blijkt ook hoe beide soorten rechtsregels zich tot elkaar verhouden.


Prof. mr. W.A.K. Rank
Prof. mr. W.A.K. Rank is hoogleraar Financieel Recht aan de Universiteit Leiden en Of Counsel bij NautaDutilh te Amsterdam.
Diversen: Boilerplates etc.

Overleeft de survival clause?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Survival clause, Boilerplate, Uitleg, Ontbinding, vernietiging
Auteurs Prof. mr. T.H.M. Van Wechem en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    De survival clause wordt in veel contracten aangetroffen en heeft tot doel te bewerkstelligen dat de daarin genoemde artikelen het einde van de overeenkomst overleven. In dit artikel onderzoeken de schrijvers of de survival clause nodig is, dan wel dat de wettelijke regelingen over ontbinding en vernietiging het onderwerp al afdoende regelen. De schrijvers concluderen dat de survival clause nut heeft.


Prof. mr. T.H.M. Van Wechem
Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem is hoogleraar Professional Legal Counseling aan de Open Universiteit.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Praktijk

Het afgescheiden vermogen van beleggingsfondsen: art. 4:37j Wft, een geschikte regeling voor de cv én het fgr?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2016
Trefwoorden afgescheiden vermogen, art. 4:37j Wft, beleggingsfonds, commanditaire vennootschap, fonds voor gemene rekening
Auteurs Mr. M.C. Maters
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds de implementatie van de AIFMD in de Wet op het financieel toezicht is art. 4:37j van toepassing op Nederlandse beheerders van beleggingsinstellingen. Art. 4:37j bepaalt dat beleggingsinstellingen (waaronder beleggingsfondsen) een afgescheiden vermogen hebben. Sommige beleggingsfondsen zijn personenvennootschappen (zoals de cv) en hebben op grond van jurisprudentie reeds een afgescheiden vermogen. Het artikel bespreekt deze civiele en financiële regels en behandelt de vraag of art. 4:37j Wft voldoende rekening houdt met de kenmerken van de cv, en of dat wenselijk is.


Mr. M.C. Maters
Mr. M.C. Maters is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Een gebouw van contracten: de contractengroep als juridisch kader voor bouwprocessen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2016
Trefwoorden contractengroep, relativiteitsbeginsel, bouwcontracten, samenhangende overeenkomsten
Auteurs Mr. S. van Gulijk en Mr. L.H. Muller
SamenvattingAuteursinformatie

    De positie van derden in het contractenrecht heeft zich sterk ontwikkeld. Zo zijn door de rechtspraak bij samenhangende rechtsverhoudingen uitzonderingen op het relativiteitsbeginsel aangenomen. Samenhangende rechtsverhoudingen komen veel voor in het bouwcontractenrecht, waardoor problemen kunnen ontstaan bij het vestigen van aansprakelijkheid. Mogelijk biedt de contractengroep als overkoepelend juridisch kader voordelen voor de regulering van samenhangende rechtsverhoudingen in het bouwcontractenrecht.


Mr. S. van Gulijk
Mr. S. van Gulijk is universitair hoofddocent privaatrecht aan Tilburg University.

Mr. L.H. Muller
Mr. L.H. Muller is advocaat bouwrecht te Nijmegen.
Artikel

Contracteren met arbiters

Aandachtspunten bij de rechtsrelatie tussen arbiters en procespartijen

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2014
Trefwoorden overeenkomst, arbiters, procespartijen, verschoning, opdracht
Auteurs B. van Zelst
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de aard en inhoud van de rechtsverhouding tussen het scheidsgerecht en de procespartijen nader geanalyseerd. Aan de orde komen: het toepasselijk recht, de verplichtingen van partijen en de rol van het scheidsgerecht in post-arbitrage geschillen.


B. van Zelst
B. van Zelst is advocaat bij Van Doorne N.V. te Amsterdam en als onderzoeker verbonden aan het Onderzoekscentrum Onderneming en Recht van de Radboud Universiteit.
Artikel

Vermogensrechtelijke aspecten van ongedaanmaking onwettige staatssteun

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2014
Trefwoorden Staatssteun, Nietigheid, Onverschuldigde betaling, Ongerechtvaardigde verrijking
Auteurs Mr. G.J. van Midden en Mr. G.C. Nieuwland
SamenvattingAuteursinformatie

    Voor de ongedaanmaking van onrechtmatige staatssteun dient een grondslag te bestaan in het nationale recht. Het beschikbare instrumentarium om staatssteun die is verleend in een civielrechtelijke context ongedaan te maken, is naar de mening van auteurs niet steeds toereikend en kan leiden tot ongewenste neveneffecten.


Mr. G.J. van Midden
Mr. G.J. van Midden is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn.

Mr. G.C. Nieuwland
Mr. G.C. Nieuwland is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn.

Koen Geens
Koen Geens is verbonden aan het Jan Ronse Instituut voor Vennootschaps- en Financieel recht, KU Leuven.

Marieke Wyckaert
Marieke Wyckaert is verbonden aan het Jan Ronse Instituut voor Vennootschaps- en Financieel recht, KU Leuven.
Toont 1 - 20 van 29 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.