Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 2394 artikelen

x
Artikel

Publieke en private handhaving van het kartelverbod – een convergente toepassing van dezelfde norm?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2021
Trefwoorden kartel, kartelverbod, publieke handhandhaving, private handhaving
Auteurs Ellen Römkens, Anke Prompers, Aron Bouman e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit tweeluik zal aan de hand van rechtspraak worden geïnventariseerd of ten aanzien van (a) het bewijzen van kartelafspraken en (b) de wijze van toerekening, we op het eerste oog kunnen spreken van een convergente toepassing van het kartelverbod door de Nederlandse bestuursrechter en de civiele rechter.


Ellen Römkens
Mr. H.B.M. Römkens is senior medewerker toezicht bij de Directie Juridische Zaken van de ACM.

Anke Prompers
Mr. A.S.M.L. Prompers is coördinator beroepen bij de Directie Juridische Zaken van de ACM.

Aron Bouman
Mr. A. Bouman is medewerker toezicht bij de Directie Juridische Zaken van de ACM.

Marc Kuijper
Mr. M. Kuijper is advocaat/partner bij Dentons Europe LLP.

Reinier Lamberti
Mr. R.J.G. Lamberti is advocaat bij Dentons Europe LLP.

Mr. dr. G.T.J. Hoff

Ruth de Bock
Mr. dr. R.H. de Bock is advocaat-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden en deeltijdhoogleraar Civiele rechtspleging aan de Universiteit van Amsterdam.
Boekbespreking

Cassatie

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2020
Auteurs Freerk Vermeulen
Auteursinformatie

Freerk Vermeulen
Mr. F.E. Vermeulen is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.

Floris Bakels
Mr. F.B. Bakels is onder meer oud-lid van de toenmalige kortgedingkamer van het gerechtshof Amsterdam, oud-vicepresident van de Hoge Raad en oud-voorzieningenrechter in de rechtbank Amsterdam. Hij is inmiddels rechter-plaatsvervanger in die rechtbank.
Artikel

Access_open ‘Ik verblijf in een gevangenis, daar is niets moreels aan.’ Ervaren procedurele rechtvaardigheid bij binnenkomst in vreemdelingenbewaring.

Tijdschrift Crimmigratie & Recht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden procedurele rechtvaardigheid, legitimiteit, vreemdelingenbewaring, binnenkomstprocedure, vreemdelingen
Auteurs Nicolien de Gier MSc, Mieke Kox MA, Prof. mr. dr. Miranda Boone e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Qualitative research in an immigration detention center in the Netherlands shows that detained unauthorized migrants consider the entry procedure in Immigration Centre Rotterdam procedurally just. These migrants are generally positive on the fairness of the entry procedure as their safety and welfare are guaranteed and existing procedural justice criteria are respected. However, they believe that immigration detention in itself is illegitimate and that they do not deserve to be detained. This shows that the focus on procedures and interactions is insufficient to understand the perceived legitimacy of immigration detention if shared values and consent with the legal basis of immigration detention are lacking.


Nicolien de Gier MSc
C.N. de Gier MSc is docent Criminologie bij de Universiteit Leiden.

Mieke Kox MA
M.H. Kox MA is postdoc Sociale Geografie bij de Universiteit Utrecht.

Prof. mr. dr. Miranda Boone
Prof. mr. dr. M.M. Boone is hoogleraar Criminologie en Vergelijkende Penologie bij de Universiteit Leiden.

Dr. Gabry Vanderveen
Dr. G.N.G. Vanderveen is universitair docent Erasmus School of Law bij de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Highlights vreemdelingenbewaring

Tijdschrift Crimmigratie & Recht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden vreemdelingenbewaring, Terugkeerrichtlijn, Opvangrichtlijn, Dublinverordening
Auteurs Jim Waasdorp
SamenvattingAuteursinformatie

    This article focuses on some key features of immigration detention. It contains information about the Return Directive, the Reception Directive and the Dublin Regulation. By doing so, this article aimes at providing an overview of immigration detention in a European law perspective. Furthermore, it adresses some recent developments in Dutch case law.


Jim Waasdorp
Mr. J.R.K.A.M. Waasdorp is rechter in opleiding in de rechtbank Den Haag en buitenpromovendus bij de Universiteit Utrecht en redacteur van dit blad.
Artikel

Gelijkebehandelingswetgeving en identiteitsgebonden benoemingsbeleid van orthodox-protestantse scholen

Onzekerheid over consistentie en het enkele feit

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Equal treatment / anti-discrimination, Orthodox-protestant schools, Religious norms, Semi-autonomous social fields, Uncertainty
Auteurs Mr. dr. Niels Rijke
SamenvattingAuteursinformatie

    Within orthodox-protestant schools in The Netherlands there is growing diversity and uncertainty about internal religious, cultural and social norms. Though orthodox-protestant schools are among the strongest semi-autonomous social fields, where it is difficult for equal treatment law to pervade, this growing diversity and uncertainty about internal norms can make this pervasion possible. The uncertainty about the meaning of the exception clause in equal treatment legislation for the appointment policy of religious schools also affects this.
    Because of the uncertainty about the meaning of the exception clause the position of the school board was strengthened in comparison to the employee, even though the intention of the equal treatment law was the opposite. At a later stage the clarification of the anti-discrimination norm by changing the exception clause has strengthened the position of the employee. Though this is only possible when religious, cultural and social norms are changing. In that case orthodox-protestant schools, as semi-autonomous fields, are more open for the effects of this legal norm.
    Uncertainty about the meaning of the requirement of a consistent appointment policy has led both to tightening as well as relaxation of the policy. In the first place tightening or relaxation of policies depends on the development of religious, cultural and social norms within different school denominations. Thus, uncertainty about internal norms works both contrary as well as strengthening to uncertainty about equal treatment legislation.


Mr. dr. Niels Rijke
Niels Rijke was van 2015 tot 2019 als buitenpromovendus verbonden aan de Universiteit Utrecht en voerde hij onderzoek uit naar identiteitsgebonden benoemingsbeleid ten aanzien van personeel op orthodox-protestantse basis- en middelbare scholen in Nederland in relatie tot mensenrechten.
Kroniek rechtspraak

Kroniek rechtspraak rechten van de mens

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2020
Trefwoorden EVRM, EHRM, rechten van de mens, schending, schadevergoeding
Auteurs Prof. mr. A.C. Hendriks
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM of Hof) heeft in de periode van september 2019 tot en met augustus 2020 weer diverse uitspraken gedaan over gezondheidsrechtelijke onderwerpen. Veel uitspraken borduren voort op of geven een nadere uitleg aan zaken waarover het Hof zich eerder heeft gebogen. Tegelijkertijd komt uit de uitspraken van afgelopen jaar het beeld naar voren dat het Hof in toenemende mate belang hecht aan de beschermingsplicht van de overheid, in het bijzonder bij gedetineerden, psychiatrische en verstandelijk beperkte patiënten en personen die anderszins kwetsbaar zijn.


Prof. mr. A.C. Hendriks
Aart Hendriks is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Vrije aanbiederskeuze binnen het sociaal domein: een vergelijking met het hinderpaalcriterium

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2020
Trefwoorden vrije artsenkeuze, persoonsgebonden budget, sociaal domein, hinderpaalcriterium
Auteurs Mr. B. Wallage en mr. dr. W.I. Koelewijn
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel onderzoeken de auteurs op welke wijze het recht op vrije artsenkeuze is uitgewerkt binnen het sociaal domein. Daarbij wordt een vergelijking gemaakt met artikel 13 lid 1 Zvw en het daaruit volgende hinderpaalcriterium.


Mr. B. Wallage
Bastiaan Wallage is advocaat te Utrecht bij Van Benthem & Keulen en als buitenpromovendus verbonden aan de Universiteit Leiden. Tevens is hij als docent verbonden aan de Universiteit van Amsterdam.

mr. dr. W.I. Koelewijn
Wouter Koelewijn is advocaat-partner te Utrecht bij Van Benthem & Keulen en als universitair docent en onderzoeker verbonden aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Geluidregulering van industrieterreinen onder de Omgevingswet

Verbeterde woningbouwmogelijkheden nabij industrieterreinen, hoger beschermingsniveau tegen industrielawaai?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden geluidhinder, geluidproductieplafond, bedrijventerrein
Auteurs Mr. J. (Joeri) de Haas
SamenvattingAuteursinformatie

    Auteur gaat in dit artikel in op de vraag in hoeverre de toekomstige geluidregulering, na inwerkingtreding van de Omgevingswet, ten opzichte van het huidige recht verbeterde mogelijkheden biedt voor het realiseren van woningbouw nabij industrie- en bedrijventerreinen.


Mr. J. (Joeri) de Haas
Mr. J. de Haas is werkzaam als junior docent aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open Detailhandel & Dienstenrichtlijn

De pakketbenadering: toverwoord of hellend vlak?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden ruimtelijke ordening, Europees recht, pakketbenadering, evenredigheid
Auteurs Mr. G.H.J. (Gijs) Heutink
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel gaat auteur in op een aantal uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak in navolging op de zaak Appingedam. Auteur bespreekt hoe de Afdeling de ‘pakketbenadering’ toepast in deze jurisprudentie.


Mr. G.H.J. (Gijs) Heutink
Mr. G.H.J. Heutink is advocaat bij Hemwood te Amsterdam.
Artikel

Duurzaamheidsinitiatieven en het kartelverbod – wie is aan zet?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4-5 2020
Trefwoorden duurzaamheid, kartelverbod, Concept Leidraad Duurzaamheidsafspraken, ACM, Europese Commissie
Auteurs Jori de Goffau en Greetje van Heezik
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel gaat in op de beperkte mogelijkheden die er zijn onder het kartelverbod voor ondernemingen die duurzaamheidsafspraken willen maken om definitieve rechtszekerheid te krijgen over de toelaatbaarheid van deze afspraken. In deze bijdrage bespreken wij waarom de procedurele instrumenten die in de huidige systematiek kunnen worden toegepast onvoldoende ruimte bieden voor checks and balances en daardoor ook niet tot rechtsontwikkeling kunnen leiden. Vervolgens doen wij suggesties voor de inzet van bestaande en nieuwe instrumenten om tot aanvullende rechtszekerheid te komen en/of rechtsontwikkeling mogelijk te maken, teneinde de totstandkoming van de genoemde samenwerkingen maximaal te stimuleren.


Jori de Goffau
Mr. J.C. de Goffau is advocaat bij Houthoff te Amsterdam en Brussel.

Greetje van Heezik
Mr. M.C. van Heezik is advocaat bij Houthoff te Brussel.
Artikel

Een decennium oordelen over doorlopende kredieten: uiteenlopende interpretaties van het contractuele rentewijzigingsbeding

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2020
Trefwoorden rentewijzigingsbeding, kredietovereenkomsten, marktrente, doorlopend krediet, Kifid
Auteurs Mr. drs. Ruud van de Meerakker
SamenvattingAuteursinformatie

    Recent hebben zowel de Commissie van Beroep financiële dienstverlening als diverse rechters uitspraken gedaan over rentewijzigingsbedingen. Dergelijke bedingen gebruikten kredietverstrekkers van doorlopende kredietovereenkomsten om de variabele rente van die kredieten aan te passen. De uitspraken markeren de verschuiving van een nadruk op contractvrijheid en marktwerking naar de focus op een zekere mate van marktregulering en consumentenbescherming. In deze bijdrage wordt uiteengezet via welke weg deze verschuiving het afgelopen decennium heeft plaatsgevonden en wordt bijzondere aandacht gegeven aan de huidige stand van zaken, waarin twee wegen te herkennen zijn. Door de Commissie van Beroep is het beding uitgelegd – zodat consumenten mochten verwachten dat hun rente in de pas zou blijven met de marktrente. In de rechtspraak is in veel gevallen besloten tot vernietiging van het beding. Geconcludeerd wordt welke van de beide oordelen het meest overtuigt.


Mr. drs. Ruud van de Meerakker
Mr. drs. R.P.W. van de Meerakker is als buitenpromovendus verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en werkzaam als Secretaris Specialist bij het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid). Hij schrijft deze bijdrage op persoonlijke titel.
Artikel

Access_open Franchise: is artikel 7:922 BW een voorrangsregel waar de praktijk op moet voorsorteren?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Franchisewet, voorrangsregel, internationaal privaatrecht, artikel 9 Rome I Verordening
Auteurs Prof. mr. dr. Edwin van Wechem en Mr. Michiel Bijloo
SamenvattingAuteursinformatie

    Artikel 7:922 BW van de nieuwe Wet franchise bepaalt dat ten aanzien van in Nederland gevestigde franchisenemers niet ten nadele kan worden afgeweken van de Titel franchise en dat een beding in strijd met artikel 920 nietig is, ongeacht het recht dat de franchiseovereenkomst beheerst. In deze bijdrage wordt onderzocht of dit de betekenis en status kan hebben van een voorrangsregel in het internationaal privaatrecht, meer precies in de zin van art. artikel 9 Rome I Verordening.


Prof. mr. dr. Edwin van Wechem
Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem is hoogleraar Corporate Legal Counseling aan de Open Universiteit en redacteur van Contracteren.

Mr. Michiel Bijloo
Mr. M. Bijloo is advocaat en counsel bij BakerMcKenzie advocaten en notarissen te Amsterdam.
Annotatie

Bindende minimumtarieven voor echte zelfstandigen: een analyse van Nederlands en Europees recht

HvJ EU 4 juli 2019, C-377/17, ECLI:EU:C:2019 (Commissie/Duitsland)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Minimumtarief, Zelfstandigen, Verkeersvrijheden, Mededingingsrecht, Avv-cao’s
Auteurs Prof. mr. Femke Laagland
SamenvattingAuteursinformatie

    Het zzp-dossier houdt de politieke gemoederen in Nederland al geruime tijd bezig. Een van de maatregelen waarover wordt nagedacht is een minimumtarief voor zelfstandigen. Een conceptwetsvoorstel minimumtarief zelfstandigen kon op draagvlak rekenen in politiek, wetenschap en praktijk, maar sneuvelde op de uitvoerbaarheid. De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft zijn hoop nu gevestigd op de sociale partners. Ook andere landen trachten bindende minimumtarieven voor zelfstandigen te realiseren. In 2019 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie zich uitgelaten over de Duitse HOAI, waarin vaste honoraria voor architecten en ingenieurs zijn vastgelegd. De Duitse wet bleek in strijd met de vrijheid van vestiging. In deze annotatie wordt het arrest geanalyseerd en wordt nagegaan hoe de Nederlandse initiatieven zich verhouden tot het Europese recht. De annotatie sluit af met aanbevelingen voor een Nederlandse coherente aanpak die de Europese toets kan doorstaan.


Prof. mr. Femke Laagland
Prof. mr. F.G. Laagland is hoogleraar Europees arbeidsrecht aan de Radboud Universiteit te Nijmegen.
Wetenschap en praktijk

Selectieve betalingen in het zicht van (mogelijke) insolventie – ruim baan voor de bestuurder?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Ontvanger/Roelofsen, faillissement, bestuurdersaansprakelijkheid, Ingwersen q.q./Kromme Leek c.s., verhaalsfrustratie
Auteurs Mr. L.M. Linskens en Mr. S.C.M. van Thiel
SamenvattingAuteursinformatie

    Een bestuurder van een bv of nv wordt in tijden van financiële krapte veel vrijheid gegund om zelf te bepalen welke schuldeisers hij wel en welke hij (nog) niet voldoet. Deze vrijheid wordt slechts begrensd door de wet (pauliana) en door de jurisprudentie omtrent selectieve betalingen. Op grond van die jurisprudentie is een bestuurder die in een situatie waarin er blijvend meer schulden dan middelen zijn gelieerde crediteuren boven andere crediteuren behandelt, in beginsel persoonlijk aansprakelijk jegens die andere crediteuren. In de literatuur is bepleit dat deze ‘in beginsel’-regel zou moeten gelden voor alle betalingen die een bestuurder verricht nadat het faillissement van de vennootschap onvermijdelijk is geworden. Uit het arrest Ingwersen q.q./Kromme Leek c.s., dat eerder dit jaar werd gewezen, volgt dat de Hoge Raad hier echter geen aanleiding voor zag. In deze bijdrage staat de vraag centraal of dit betekent dat de Hoge Raad de bestuurder zelfs in een dergelijke situatie nog ruim baan geeft om zijn eigen keuzes te maken. Aan het einde wordt bezien hoe de lagere jurisprudentie tot nu toe hierop heeft gereageerd.


Mr. L.M. Linskens
Mr. L.M. (Lisa) Linskens is advocaat bij Evers Soerjatin te Amsterdam.

Mr. S.C.M. van Thiel
Mr. S.C.M. (Stein) van Thiel is advocaat bij Evers Soerjatin te Amsterdam.
Artikel

Kroniek materieel strafrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 10 2020
Auteurs Rachel Bruinen, Dirk Dammers, Alexandra Emsbroek e.a.

Rachel Bruinen

Dirk Dammers

Alexandra Emsbroek

Chaimae Ihataren

Inge Raterman

Melissa Slaghekke

Paul Verweijen

Ben Polman

Robert Malewicz

Debora Middelburg
Toont 1 - 20 van 2394 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.