Zoekresultaat: 33 artikelen

x
Artikel

Access_open Mandaat voor de zitting

Een onderzoek naar de rol van gemachtigden bij de ­bestuursrechter in eerste aanleg

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2021
Trefwoorden bestuursrecht, zitting, gemachtigde, verweerder
Auteurs Klaske de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    This article deals with the different expectations that government representatives face in court, where they need on the one hand be responsive to the demands of the judge and on the other hand are expected to defend the decision that was taken by the government body.


Klaske de Jong
Klaske de Jong is universitair docent bestuursrecht aan de Universiteit van Amsterdam. Ze verzorgt onderwijs in de bachelor en de master en doet traditioneel en empirisch onderzoek naar het bestuursprocesrecht, met name de gang van zaken rond de zitting.

    Een gegarandeerde beschikbaarheid van innovatieve vaccins is onmisbaar in een wereld waar levensbedreigende infectieziekten steeds vaker voorkomen. Het risico dat vaccins bijwerkingen hebben en tot letsel leiden is daarbij onvermijdelijk. Het verhalen van vaccinatieschade via het aansprakelijkheidsrecht blijkt gecompliceerd. De auteur onderzoekt alternatieve systemen voor vergoeding van schade door vaccinaties. Vertrekpunt daarbij is Amerikaans onderzoek op dit terrein. Zij concludeert dat een no-faultschadefonds met een gedeeltelijke immuniteit van vaccinproducenten de meest geschikte weg is om vaccinatieschade te vergoeden zonder dat de ontwikkeling van vaccins in gevaar komt. De auteur doet enkele suggesties over de invulling van een dergelijk fonds.


Mr. drs. I. Haazen
Mr. drs. I. Haazen is docent bij de sectie Burgerlijk recht van de Radboud Universiteit Nijmegen en verbonden aan het Onderzoekscentrum Onderneming en Recht.

    The theme of the special issue of Law and Method on Education in (Professional) Legal Ethics consists both of content-related as well as didactical-oriented contributions, of which most are written in the Dutch language and two are written in the English language. The content-related approaches show that in education in legal ethics use can be made of professional standards, constitutional principles as well as general ethical theories (such as utilitarianism, deontology, and virtue ethics). Because lawyers work with ‘the law’, broader or narrower conceptions of law (in relation to morality) also affect legal reasoning and are therefore relevant to education in professional legal ethics. However, these approaches are also put into perspective: the leap forward from moral reasoning based on abstract core values and ethical principles to morally correct action in concrete moral dilemmas in legal practice is a large one. Several solutions are proposed: I. teach ethics indirectly, stressing the importance of facts and of professional role consciousness, and of the importance of formal and informal respect for all concerned, as an essential part of the professional lawyers’ role (Kaptein – written in English); II. use insights from social psychology to overcome barriers to actual ethical behaviour (Becker and Mackor); III. use dialogues about case studies that demonstrate different aspects of judicial ethics for judges (Brenninkmeijer&Bish – written in English) or IV. give (to future governmental lawyers) context-sensitive bottom-up moral dilemmas to enhance realism, alertness and role resistance against opposing forces (Van Lochem). A relevant theme in the didactical approaches to legal ethics is the absence or limited practical professional experience law students have, so that, for example, conversation techniques based on personal experience have limited value. At university level, this can be remedied to some extent by reinforcing one’s own experience, i.e. experiential learning, or by bringing the experiences of others into the classroom, for example with guest lecturers from the field, or by telling and discussing fictional or true stories (Van Dongen & Tigchelaar). Education at university gives a good starting point for (professional) legal ethics, followed by post-academic legal ethics education and legal practice as lifelong learning school. A contribution with a focus on the notary (Waaijer) highlights the different approaches within this continuum.


Emanuel van Dongen
Dr. Emanuel van Dongen is Assistant Professor Private Law at the Molengraaff Institute for Private Law, researcher at the Utrecht Centre for Accountability and Liability Law and the Montaigne Centre for Rule of Law and Administration of Justice, Utrecht School of Law.

Jet Tigchelaar
Dr. Jet Tigchelaar, Assistent Professor Legal Theory, researcher at Utrecht Centre for European Research into Family Law, Utrecht School of Law.
Artikel

Access_open Professioneel ethiekonderwijs voor de ­aankomend overheidsjurist

Special issue on Education in (Professional) Legal Ethics, ­Emanuel van Dongen & Jet Tigchelaar (eds.)

Tijdschrift Law and Method, april 2021
Trefwoorden beroepsethiek, overheidsjuristen, onderwijs
Auteurs Peter van Lochem
SamenvattingAuteursinformatie

    De beroepsethiek van overheidsjuristen wordt traditioneel gericht op het functioneren als poortwachter van de rechtsstaat. Zij ontlenen hun beroepsethisch normenkader aan bovenliggende normen van democratie en rechtsstaat. Beroepsdilemma’s komen daarbij voort uit zich voordoende spanning tussen ambtelijke en juridische verantwoordelijkheden, bijvoorbeeld die tussen loyaliteit aan de politieke leiding versus het bevorderen van proportionaliteit van bevoegdheden (case Tijdelijke wet maatregelen covid-19) en die van handhaving (case kinderopvangtoeslagen). In de praktijk van de overheidsjurist is de beroepsethiek het resultaat van het omgaan met genoemde dilemma’s. Deze contextuele beroepsethiek van onderop wijkt af van de aan de rechtstaat ontleende beroepsethiek van bovenaf. Er zijn de nodige argumenten om het professionele (universitaire) ethiekonderwijs voor aankomend overheidsjuristen te richten op een normatieve oriëntatie van onderop. Het bevordert realisme, waakzaamheid voor tegenkrachten en rolvastheid. In het ethiekonderwijs voor aankomend overheidsjuristen zou dan een empirische en op verantwoording gerichte attitude centraal moeten staan.


Peter van Lochem
Mr. dr. P.J.P.M. (Peter) van Lochem is Fellow van het Meijers Instituut (Universiteit Leiden).
Uit het veld

Kijken naar het toezicht op de politie

Selectiviteit, prudentie en responsiviteit bij de Inspectie JenV

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden inspectie, politie, selectiviteit, responsiviteit, prudentie
Auteurs Ira Helsloot en Peter van Lochem
SamenvattingAuteursinformatie

    De Inspectie Justitie en Veiligheid (Inspectie JenV) houdt toezicht op de politie. In dit artikel kijken we of dat toezicht voldoet aan daaraan te stellen eisen van selectiviteit, responsiviteit en prudentie. Aan de hand van de zaak Hümeyra concluderen we dat de Inspectie JenV kennelijk niet heeft overwogen om de evaluatie over te laten aan interne of (andere) externe toezichthouders en zich ook niet heeft gebaseerd op een voorafgaande risicoanalyse (selectiviteit). Daarnaast heeft de Inspectie JenV haar onderzoek maar zeer beperkt in dialoog en interactie met de politie uitgevoerd en niet (ook) het perspectief vanuit de politie in beeld gebracht (responsiviteit). Bovendien heeft de Inspectie JenV geen rekening gehouden met de bijzondere positie van de politie (prudentie).


Ira Helsloot
Prof. dr. I. Helsloot is hoogleraar besturen van veiligheid aan de Radboud Universiteit Nijmegen en editor van het Journal of Contingencies and Crisis Management.

Peter van Lochem
Mr. dr. P. van Lochem is Fellow van het Meijers Instituut van de Universiteit Leiden en senior onderzoeker bij het Crisislab.
Redactioneel

De rol van de wetgevingsjurist

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2020
Auteurs Prof. mr. F.J. van Ommeren
Auteursinformatie

Prof. mr. F.J. van Ommeren
Prof. mr. F.J. (Frank) van Ommeren is hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en voorzitter van de redactie van RegelMaat.
Uit de wetgevingspraktijk

De overheidsjurist: bondgenoot en bewaker

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2020
Trefwoorden rijksoverheid, juridische functie, Raad van State, rechtsstaat, wetgeving
Auteurs Mr. Th.C. de Graaf
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage is een lichte bewerking van een voordracht, gehouden op het lustrumsymposium van de Academie voor Overheidsjuristen op 10 september 2019, met als titel: ‘Fake lawyers? Over de rol en positie van overheidsjuristen bij het Rijk’.


Mr. Th.C. de Graaf
Mr. Th.C. (Thom) de Graaf is vicepresident van de Raad van State.
Artikel

Access_open Met recht positie kiezen in een politiek-bestuurlijke omgeving

Omgaan met de spanning tussen rechtsstatelijke waarden en politiek-bestuurlijke wensen

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2020
Trefwoorden positiekeuzes, bestuurskundig onderzoek, recht en overheid, overheidsjuristen
Auteurs Mr. W. Wierenga
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat de omgang van overheidsjuristen met de spanning tussen rechtsstatelijke waarden en politiek-bestuurlijke wensen centraal. Daartoe worden twee vragen beantwoord: Wat verklaart de manier waarop overheidsjuristen met deze spanning omgaan? En op welke manieren kan er worden gestuurd op de manier waarop overheidsjuristen met deze spanning omgaan? Bij het beantwoorden van deze vragen wordt bestuurskundig onderzoek naar positiekeuzes van overheidsjuristen gebruikt. Op basis van dit onderzoek komt de auteur tot drie adviezen voor overheidsjuristen voor het omgaan met de spanning tussen rechtsstatelijke waarden en politiek-bestuurlijke wensen.


Mr. W. Wierenga
Mr. W. (Wubbo) Wierenga werkt momenteel als bestuurlijk en juridisch adviseur voor adviesbureau Berenschot en werkte daarvoor zes jaar als juridische adviseur en wetgevingsjurist voor de juridische directie van Infrastructuur en Waterstaat (HBJZ). Aan het Tilburg Institute of Governance bereidt hij een proefschrift voor over positiekeuzes van overheidsjuristen.
Artikel

RegelSpraak: een brug tussen wetgeving en ICT

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2020
Trefwoorden wetgeving, regelbeheer, digitale uitvoering, ICT, semantiek
Auteurs Drs. A.J.C. Wolferink, Mr. A. Ausems, Ing. D.P.H. Dulfer e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    De Belastingdienst heeft in de afgelopen jaren gewerkt aan een nieuwe werkwijze om wetgeving te vertalen naar specificaties voor ICT-systemen en -toepassingen. Daarbij is de taal RegelSpraak ontwikkeld, die aansluit bij de taal van de juristen, maar ook geautomatiseerd omgezet kan worden naar softwarecode.
    Dit artikel gaat in op deze taal en de manier waarop deze bij de vertaling van wetgeving naar ICT wordt gebruikt.
    Ook wordt aandacht besteed aan de lessen die de wetgever kan leren uit de nieuwe werkwijze en het gebruik van RegelSpraak, om daarmee de vertaling van wetgeving naar ICT beter te ondersteunen.


Drs. A.J.C. Wolferink
Drs. A.J.C. (Caren) Wolferink is regelanalist bij de Directie Informatievoorziening van het DG Belastingdienst.

Mr. A. Ausems
Mr. A. (Anouschka) Ausems is jurist bij de Directie Informatievoorziening van het DG Belastingdienst.

Ing. D.P.H. Dulfer
Ing. D.P.H. (Diederik) Dulfer is architect Business Rules Management bij de Directie Informatievoorziening van het DG Belastingdienst.

Ing. H.M. Bouwmeester
H.M. (Hennie) Bouwmeester BBI is regelanalist bij de Directie Informatievoorziening van het DG Belastingdienst.

Mr. dr. M.H.A.F. Lokin
Mr. dr. M.H.A.F. (Mariette) Lokin is strategisch adviseur bij de Directie Douane van het DG Belastingdienst.
Artikel

Manoeuvreren binnen smalle marges

Over de rol van wetgevingsjuristen bij de totstandkoming van wet- en regelgeving

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Legislation, Legislative drafting, Professionalism, Legal Ethics, Sociology of Law
Auteurs Dr. Nienke Doornbos en Mr. dr. Arnt Mein
SamenvattingAuteursinformatie

    In the past five years, the Council of State, the National Ombudsman and several academics have criticized the way in which new legislation has been made. In their view, principles of law and the rule of law are insufficiently uphold due to an instrumentalist view on law. This criticism urged the authors to conduct an empirical study into the question how legislative drafters deal with legislative plans which are problematic from a legal or rule of law point of view, and how they justify their role in the legislative process. This study is explorative and qualitative in nature. During the summer of 2018, 24 legislative lawyers from five different Dutch ministries have been interviewed. The results show that the role of legislative lawyers can best be characterized as constructively critical. As their tasks encompass much more than solely the actual drafting of legislation, they more and more resemble their colleagues from the policy department. The authors suggest that legislative lawyers should articulate their distinctive professional ethics in order to strengthen the checks and balances within the ministries.


Dr. Nienke Doornbos
Nienke Doornbos is universitair docent aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Amsterdam. Haar onderzoek richt zich onder meer op beroepsethische kwesties bij juridische beroepen.

Mr. dr. Arnt Mein
Arnt Mein is lector Legal Management aan de Hogeschool van Amsterdam, faculteit Maatschappij en Recht. Hij doet onderzoek naar onder meer de beroepshouding van juristen.
Artikel

De provinciale verordening

Heeft de centrale wetgever voldoende oog voor de decentrale wetgever?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2019
Trefwoorden provinciale verordening, wettelijke grondslag, Aanwijzingen voor de regelgeving, digitalisering, regelgevingsjurist
Auteurs Mr. A.J. van Helden
SamenvattingAuteursinformatie

    Vanuit het gezichtspunt van de wetgevingsjurist wordt gekeken naar de provinciale verordeningen en de wettelijke grondslagen voor die decentrale verordeningen. Bij de formulering van die grondslagen worden enkele kritische kanttekeningen geplaatst. Vervolgens worden suggesties gedaan voor de Aanwijzingen voor de regelgeving om deze wettelijke grondslagen te verduidelijken. Een belangrijke conclusie is dat de nationale wetgever via die Aanwijzingen voor de regelgeving te weinig aandacht heeft voor de digitale aspecten van de provinciale planologische verordening en de aanstaande omgevingsverordening.


Mr. A.J. van Helden
Mr. A.J. (Arko) van Helden is sinds juni 2017 werkzaam als juridisch adviseur bij de provincie Gelderland. Hij is voormalig wetgevingsjurist van het ministerie van Infrastructuur en Milieu.
Artikel

‘Versterk stelsel, gooi het niet weg’

Plannen gefinancierde rechtsbijstand Advocatuur

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 7 2019
Auteurs Sabine Droogleever Fortuyn en Francisca Mebius

Sabine Droogleever Fortuyn

Francisca Mebius

Michel Knapen
Objets trouvés

Het voortbestaan van de landsadvocaat; overwegingen bij een 50-jarig bestaan

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Landsadvocaat, Overheidsjuristen, Rechtsstaat, Expertise, Attorney General
Auteurs Mr. dr. P.J.P.M. van Lochem
SamenvattingAuteursinformatie

    Het historische argument voor inschakeling van de landsadvocaat ligt in het gebrek aan juristen binnen de overheid. Inmiddels is een groot aantal juristen binnen de overheid werkzaam, maar de landsadvocaat is gebleven. De drie later opgekomen argumenten – het rechtstatelijke, het expertise- en het eenheidsargument – kunnen het voortbestaan van de landsadvocaat met de huidige omvangrijke inschakeling nauwelijks verklaren. Voorstellen om de rol van de landsadvocaat terug te dringen, meest uitdrukkelijk gedaan door de Visitatiecommissie Juridische functie en Wetgeving, heeft het kabinet niet gehonoreerd. Zijn deskundigheidsprestige en de steun van overheidsjuristen schragen de functie van de landsadvocaat. Niettemin lijkt plaats te zijn voor een Nederlandse variant van de attorney general.


Mr. dr. P.J.P.M. van Lochem
Mr. dr. P.J.P.M. (Peter) van Lochem is Fellow van het Meijers Instituut (Universiteit Leiden).
Signalering

Wetgeving met een haakje … haken en ogen aan het wetgevingsproces. Over kwaliteit en kwantiteit

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2018
Trefwoorden wetgeving, wetgevingsproces, kwalieteit, capaciteitsproblemen, Curaçao
Auteurs Mr. P. Klik
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat de auteur stil bij de capaciteitsproblemen bij het produceren van wetgeving te Curaçao. Daarbij zal de auteur tevens ingaan op de vraag in hoeverre Nederlandse wetgeving integraal dient te worden overgenomen op Curaçao.


Mr. P. Klik
Mr. P. Klik was voorheen lector aan de University of Curaçao Dr. Moises da Costa Gomez en is thans werkzaam als consultant. Deze publicatie werd eind januari 2018 geschreven. De auteur dankt zijn mederedactieleden voor hun input.
Casus

Verder met rechtsstatelijke toetsing van verkiezingsprogramma’s

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2017
Trefwoorden Rechtsstatelijkheid, Rechtsstaat, Rule of law
Auteurs mr. dr. P.J.P.M. van Lochem
SamenvattingAuteursinformatie

    Politici spelen een belangrijke rol bij de bescherming van de rechtsstaat, maar er wordt soms betwijfeld of zij die rol waarmaken dan wel voldoende serieus nemen. Het toetsen van verkiezingsprogramma’s van politieke partijen kan een goed middel zijn om in beeld te brengen hoeveel aandacht er daadwerkelijk is voor de rechtsstaat. Dat is echter geen sinecure; zoals uit deze bijdrage blijkt is het al lastig om tot een gedeelde opvatting te komen van wat de rechtsstaat inhoudt. Immers, als de onderzochte partijen zich niet herkennen in het gehanteerde concept zullen zij zich daar ook niet door aangesproken voelen. Internationaal, bijvoorbeeld binnen de VN en Europese Unie is er al enige ervaring opgedaan met het meten van rechtsstatelijkheid binnen staten. Welke indicatoren daarbij worden gebruikt zijn van groot belang voor de uitkomsten van de toetsing, waarbij het risico op versimpeling van de werkelijkheid op de loer ligt. De ervaringen van internationale organisaties hiermee kunnen als bron van inspiratie dienen voor toetsing van verkiezingsprogramma’s op rechtsstatelijkheid en tevens kunnen daar lessen uit worden getrokken. Deze vraag staat in deze bijdrage centraal.


mr. dr. P.J.P.M. van Lochem
Mr. dr. P.J.P.M. (Peter) van Lochem is Fellow van het Meijers Instituut (Universiteit Leiden).
Artikel

Naar een succesformule voor empirisch-juridisch onderzoek

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2016
Trefwoorden empirical legal research, Relevance of ELR, United States, legal community, education
Auteurs Prof. mr. dr. G. van Dijck
SamenvattingAuteursinformatie

    How to make empirical legal research successful? This article seeks to find an answer. It does so by building on experiences in the US with empirical legal research. Three themes are identified that should be considered when thinking about advancing empirical legal research in the Netherlands, and possibly in other countries. First, empirical legal research should address topics that the legal community can relate to and that are considered relevant. Second, empirical legal research should educate the legal community about the possibilities and pitfalls of empirical legal research in addition to conducting empirical legal research. Third, legal scholars should be educated in conducting empirical legal research. The combination of these three elements is likely to determine empirical legal research’s success.


Prof. mr. dr. G. van Dijck
Prof. mr. dr. Gijs van Dijck is hoogleraar Privaatrecht aan Maastricht University.
Casus

Macht aus dem Rechtsstaat keinen Gurkensalat

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2016
Trefwoorden rechtsstaat, rechtsstatelijkheid, empirische data, bronnenonderzoek, rechtswetenschappelijk onderzoek
Auteurs Prof. dr. R.A.J. van Gestel en Mr. dr. P.J.P.M. van Lochem
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage is een reactie op het artikel ‘De rechtsstaat: van sluitpost naar “Leitmotiv”’ van Zouridis, Wierenga en Niemeijer in het Nederlands Juristenblad, waarin kritiek wordt geleverd op het eerste hoofdstuk van het jaarverslag van de Raad van State. De Raad waarschuwt daarin voor het zien van rechtsstatelijke overwegingen in de politiek als een soort van sluitpost. Zouridis, Wierenga en Niemeijer vragen zich af op basis van welke empirische feiten de conclusies van de Raad van State zijn gebaseerd en of deze wel de juiste oorzaken voor het afkalven van de rechtsstaat in het vizier heeft. De auteurs van deze reactie vragen zich op hun beurt echter af of het betoog in dat artikel op zijn beurt wel op voldoende empirische onderbouwing steunt. Het gaat de auteurs daarbij met name om de onderbouwing van de stelling dat bestuur en wetgever ‘regelverslaafd’ zijn, de vraag wat het aantal wettelijke regels zegt over het rechtsstatelijke gehalte van de samenleving en welke rol overheidsjuristen vervullen bij het bewaken van rechtsstatelijke normen. Aan het slot van de bijdrage gaan de auteurs in op de vraag of er niet sprake is van een bredere trend, die twijfels oproept over de wijze waarop binnen het rechtswetenschappelijk onderzoek met empirische data en bronnenonderzoek wordt omgegaan.


Prof. dr. R.A.J. van Gestel
Prof. dr. R.A.J. (Rob) van Gestel is hoogleraar Regulering en Juridische methoden en technieken aan de Tilburg Law School.

Mr. dr. P.J.P.M. van Lochem
Mr. dr. P.J.P.M. (Peter) van Lochem is Fellow van het Meijers Instituut (Universiteit Leiden) en voormalig rector van de Academie voor Wetgeving en de Academie voor Overheidsjuristen.
Toont 1 - 20 van 33 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.