Zoekresultaat: 145 artikelen

x
Annotatie

Wanneer wordt een prijs op billijke wijze vastgesteld?

HvJ EU 25 november 2020, zaak C-372/19, ECLI:EU:C:2020:959 (SABAM/Weareone.World en Wecandance)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2021
Auteurs Jotte Mulder en Wolf Sauter
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze noot bespreken wij de uitspraak van het Hof van Justitie in SABAM/Weareone.World en Wecandance. De uitspraak draagt bij aan een verder gedifferentieerd jurisprudentieel kader voor onbillijke prijzen en voorwaarden. De uitspraak verrijkt de bestaande rechtspraak waarin de onderliggende berekeningsmethode van vergoedingenmodellen van collectieve beheersorganisaties op billijkheid worden getoetst. In navolging van de conclusie van advocaat-generaal Pitruzzella in deze zaak reflecteren wij tevens op de toepasbaarheid van het oordeel van het Hof van Justitie in farmaceutische en platformmarkten.


Jotte Mulder
Mr. dr. J. Mulder is werkzaam bij de Universiteit Utrecht en de ACM.

Wolf Sauter
Prof. mr. dr. drs. W. Sauter werkt bij de VU Amsterdam en eveneens bij de ACM.

    In deze bijdrage analyseert de auteur de gevolgen van het Skanska-arrest in een schadeprocedure voor overtreding van het Europese mededingingsrecht. Op grond van de jurisprudentie en literatuur concludeert de auteur dat de doorwerking van het ondernemingsbegrip, als gevolg van het Skanska-arrest, de benadeelde een significante uitbreiding van aansprakelijkheidsmogelijkheden kan bieden.


S.W. Bothof
S.W. Bothof is juridisch medewerker bij Newground Law te Amsterdam.
Artikel

Publieke en private handhaving van het kartelverbod – een convergente toepassing van dezelfde norm?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2020
Trefwoorden kartel, kartelverbod, publieke handhandhaving, private handhaving
Auteurs Ellen Römkens, Anke Prompers, Aron Bouman e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit tweeluik zal aan de hand van rechtspraak worden geïnventariseerd of ten aanzien van (a) het bewijzen van kartelafspraken en (b) de wijze van toerekening, we op het eerste oog kunnen spreken van een convergente toepassing van het kartelverbod door de Nederlandse bestuursrechter en de civiele rechter.


Ellen Römkens
Mr. H.B.M. Römkens is senior medewerker toezicht bij de Directie Juridische Zaken van de ACM.

Anke Prompers
Mr. A.S.M.L. Prompers is coördinator beroepen bij de Directie Juridische Zaken van de ACM.

Aron Bouman
Mr. A. Bouman is medewerker toezicht bij de Directie Juridische Zaken van de ACM.

Marc Kuijper
Mr. M. Kuijper is advocaat/partner bij Dentons Europe LLP.

Reinier Lamberti
Mr. R.J.G. Lamberti is advocaat bij Dentons Europe LLP.
Actualiteiten rechtspraak

NTS 2020/115

HR 22 september 2020, 18/04172, ECLI:NL:HR:2020:1457

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 5 2020
Actualia contractspraktijk

Lessen uit de eerste rechterlijke uitspraken over de COVID-19-crisis en onvoorziene omstandigheden en overmacht bij commerciële contracten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2020
Trefwoorden COVID-19, Onvoorziene omstandigheden, Overmacht, Commerciële contracten, Overheidsmaatregelen
Auteurs Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes en Mr. J.V. Tetelepta
SamenvattingAuteursinformatie


Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes
Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes is advocaat bij BarentsKrans en hoogleraar Privaatrecht VU.

Mr. J.V. Tetelepta
Mr. J.V. Tetelepta is advocaat en senior medewerker bij BarentsKrans.
Annotatie

ACM-besluit gemeente Heumen: de overheid als onderneming?

ACM 3 april 2020, zaken ACM/19/036491 en ACM/19/036503 (Besluit op de bezwaren van de gemeente Heumen en Laco Malden B.V. tegen het besluit van de ACM van 16 augustus 2019)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Wet Markt en Overheid, economische activiteit, exploitatiebijdrage, onteigening, subsidie
Auteurs Cees Dekker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze zaak beoordeelt de ACM in het kader van de Wet Markt en Overheid een minnelijke verwerving in het kader van een onteigening als een economische activiteit. Tevens is de ACM van oordeel dat een exploitatiebijdrage die een overheid verstrekt aan een exploitant van door de overheid verhuurde infrastructuur moet worden verrekend met de huur die de overheid in rekening brengt. Met de toetsing die de ACM in deze zaak uitvoert, rekt de ACM de reikwijdte van de Wet Markt en Overheid aanzienlijk op en treedt zij in een beoordeling van subsidies.


Cees Dekker
Mr. C.T. Dekker is partner bij Nysingh en lid van de redactie van Markt & Mededinging.

    In this article, the authors draw on a netnographic study conducted between May and July 2019 on phishing on Telegram Messenger. The results indicate that Telegram, just like cryptomarkets and online forums, seems to function as a criminal marketplace. In the groups analyzed the authors see users who both offer and are looking for specific goods and services related to the crime script of phishing. Furthermore, the information on Telegram contains specific modi operandi that are offering comprehensive and step-by-step guides to successfully complete specific financial cybercrimes. Therefore, based on this explorative study the authors argue that Telegram can be seen as a digital offender convergence setting.


Dr. Robby Roks
Dr. R.A. Roks is als universitair docent verbonden aan de sectie Criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Nahom Monshouwer MSc
R.N. Monshouwer MSc is CCD Analist bij Rabobank.
Artikel

(Potestatieve) voorwaarden in overnamecontracten: van theorie naar praktijk

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2020
Trefwoorden potestatieve voorwaarde, opschortende voorwaarde, goedkeuringsvoorbehoud, koopovereenkomst, SPA
Auteurs Mr. R.P. Schrooten en Mr. B.C. Elion
SamenvattingAuteursinformatie

    In de (internationale) overnamepraktijk wordt in overnamecontracten veelvuldig gecontracteerd onder één of meer opschortende voorwaarden. Veel van de opschortende voorwaarden die partijen overeenkomen, bevatten een potestatief element: de vervulling van de voorwaarde is (grotendeels) afhankelijk van de wil van een van de contractspartijen. In dit artikel bespreken de auteurs veelgebruikte voorwaarden uit de praktijk. De auteurs gaan in op de vraag of deze voorwaarden potestatief zijn en wat het effect daarvan zou zijn op (verbintenissen uit) het overnamecontract. De auteurs sluiten af met enkele aanbevelingen voor het gebruik van voorwaarden in de praktijk.


Mr. R.P. Schrooten
Mr. R.P. Schrooten is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. B.C. Elion
Mr. B.C. Elion is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Georges Dictus
Mr. G.A. Dictus is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag.

Sebastiaan Cnossen
Mr. S.H.G. Cnossen is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag.
Artikel

Triangulaire arbeidsrelaties in de platformeconomie: een voorstel tot een vermoeden van uitzendbureau

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Platformen, Platformwerk, Arbeidsbemiddeling, Uitzendarbeid, Terbeschikkingstelling
Auteurs Prof. dr. V. De Stefano en Mr. M. Wouters
SamenvattingAuteursinformatie

    De opkomst van de platformeconomie, met als prominente voorbeelden Uber en Deliveroo, deed de discussies omtrent de aard van de arbeidsrelatie heropleven. Zijn deze platformwerkers in werkelijkheid werknemers, en is het arbeidsrecht aan hervorming toe indien ze het wel of niet zijn? Deze bijdrage heeft eveneens tot doel om de werkingssfeer van het arbeidsrecht ter discussie te stellen door de regelgeving omtrent private arbeidsbemiddeling en uitzendarbeid toe te passen op platformen. Dienaangaande bepleit deze bijdrage om ten eerste de regelgeving omtrent private arbeidsbemiddeling aan te wenden om ook de bemiddeling van dienstverleningsovereenkomsten tussen werkzoekenden en opdrachtgevers te omkaderen. Ten tweede wijst de bijdrage op de mogelijke totstandkoming van ‘verdoken’ uitzendarbeid door middel van digitale platformen. Om dit te voorkomen stellen de auteurs een ‘vermoeden van uitzendbureau’ voor.


Prof. dr. V. De Stefano
Prof. dr. V. De Stefano is BOF-ZAP onderzoekprofessor aan de KU Leuven.

Mr. M. Wouters
Mr. M. Wouters is doctoraatsonderzoeker aan de KU Leuven.
Staatssteun

Stimulerende steunverlening volgens het arrest Eesti Pagar

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2019
Trefwoorden stimulerend effect, onrechtmatige staatssteun, terugvordering, rente, verjaring
Auteurs Mr. dr. P.C. Adriaanse
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest Eesti Pagar heeft het Hof van Justitie de taak van steunverleners bij beoordeling van het stimulerend effect van steunverlening afgebakend. Verder heeft het Hof van Justitie een verplichting voor steunverleners uitgesproken om op eigen initiatief alle consequenties te trekken uit niet-naleving van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening, waaronder verplichte terugvordering met inbegrip van rente. In dat kader heeft het Hof van Justitie zich ook uitgelaten over het vertrouwensbeginsel, verjaring en de vordering van rente. Het arrest is voor de praktijk van belang omdat het meer duidelijkheid geeft over de toepassing van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening.
    HvJ 5 maart 2019, zaak C-349/17, Eesti Pagar AS/EAS, ECLI:EU:C:2019:172


Mr. dr. P.C. Adriaanse
Mr. dr. P.C. (Paul) Adriaanse is advocaat bij Justion Advocaten en universitair hoofddocent bij de afdeling Staats- en bestuursrecht van de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Conservatrix: afwikkeling van verzekeraars in de praktijk

Lessen uit de Conservatrix-uitspraak en de Wet herstel en afwikkeling verzekeraars

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2019
Trefwoorden verzekeraar, noodregeling, DNB, afwikkeling, bail-in
Auteurs Mr. B. Bierman en Mr. P. Kerckhaert
SamenvattingAuteursinformatie

    Bierman en Kerckhaert onderzoeken de Conservatrix-casus en gaan in op de vraag of er, na de introductie van de Wet herstel en afwikkeling verzekeraars, lessen uit deze zaak zijn te trekken. Uiterst actueel, nu een aantal verzekeraars de afgelopen jaren (bijna) in de problemen is gekomen, meest recent Yarden in oktober 2019.


Mr. B. Bierman
Mr. B. Bierman is advocaat bij Finnius te Amsterdam en is daarnaast verbonden als visiting faculty aan het Hazelhoff Centre for Financial Law van de Universiteit Leiden.

Mr. P. Kerckhaert
Mr. P. Kerckhaert is advocaat bij Finnius te Amsterdam.
Article

Access_open Impact of International Law on the EU Customs Union

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 3 2019
Trefwoorden European Union, customs union, international law, customs legislation, autonomous standards
Auteurs Achim Rogmann
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution examines the various international instruments, in both hard and soft law, that have been established by international organisations such as the WTO and WCO and scrutinises how they have been implemented into EU legislation governing the EU Customs Union, thus demonstrating the substantial influence of international instruments on the Customs Union. As the relevant international instruments affect not only the traditional elements of European customs law, but also the EU’s entire export control regime and the framework of the internal market, this contribution demonstrates, moreover, how the Customs Union functions in a globalised world.


Achim Rogmann
Achim Rogmann, LL.M is professor of law at the Brunswick European Law School at Ostfalia Hochschule fur angewandte Wissenschaften.
Rulings

ECJ 29 July 2019, case C-659/17 (Azienda Napoletana Mobilità SpA), Miscellaneous

Istituto nazionale della previdenza sociale (INPS) – v – Azienda Napoletana Mobilità SpA, Italian case

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Miscellaneous
Samenvatting

Article

Access_open Requirements upon Agreements in Favour of the NCC and the German Chambers – Clashing with the Brussels Ibis Regulation?

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2019
Trefwoorden international commercial courts, the Netherlands Commercial Court (NCC), Chambers for International Commercial Disputes (Kammern für internationale Handelssachen), Brussels Ibis Regulation, choice of court agreements, formal requirements
Auteurs Georgia Antonopoulou
SamenvattingAuteursinformatie

    In recent years, the Netherlands and Germany have added themselves to the ever-growing number of countries opting for the creation of an international commercial court. The Netherlands Commercial Court (NCC) and the German Chambers for International Commercial Disputes (Kammern für internationale Handelssachen, KfiH) will conduct proceedings entirely in English and follow their own, diverging rules of civil procedure. Aspiring to become the future venues of choice in international commercial disputes, the NCC law and the legislative proposal for the establishment of the KfiH allow parties to agree on their jurisdiction and entail detailed provisions regulating such agreements. In particular, the NCC requires the parties’ express and in writing agreement to litigate before it. In a similar vein, the KfiH legislative proposal requires in some instances an express and in writing agreement. Although such strict formal requirements are justified by the need to safeguard the procedural rights of weaker parties such as small enterprises and protect them from the peculiarities of the NCC and the KfiH, this article questions their compliance with the requirements upon choice of court agreements under Article 25 (1) Brussels Ibis Regulation. By qualifying agreements in favour of the NCC and the KfiH first as functional jurisdiction agreements and then as procedural or court language agreements this article concludes that the formal requirements set by the NCC law and the KfiH proposal undermine the effectiveness of the Brussels Ibis Regulation, complicate the establishment of these courts’ jurisdiction and may thus threaten their attractiveness as future litigation destinations.


Georgia Antonopoulou
PhD candidate at Erasmus School of Law, Rotterdam.
Artikel

Skanska, de onderneming en de laedens: gamechanger of buitencategorie?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2019
Trefwoorden kartelschade, Skanska, ondernemingsbegrip, economische continuïteit, follow-on litigation
Auteurs Mr. S.L. Boersen en Mr. S. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europese Hof van Justitie oordeelde in het Skanska-arrest van 14 maart 2019 dat de vraag wie aansprakelijk is voor de schade die is veroorzaakt door een kartelinbreuk wordt beantwoord aan de hand van het Unierechtelijke ondernemingsbegrip. In dit artikel wordt onderzocht wat de effecten zijn van dit oordeel.


Mr. S.L. Boersen
Mr. S.L. Boersen is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

Mr. S. de Jong
Mr. S. de Jong is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Access_open Werkzame en toekomstbestendige wetgeving

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2019
Trefwoorden effectiviteit, toekomstbestendigheid, evaluatie
Auteurs Prof. mr. E. Niemeijer en Dr. P.W. van Wijck
SamenvattingAuteursinformatie

    Het ontwikkelen van werkzame wetgeving vergt een beleidstheorie. Die theorie omvat een omschrijving van het probleem, een toeschrijving van het probleem aan oorzaken en een beschrijving van hoe wetgeving helpt om het probleem terug te dringen. Het Integraal Afwegingskader voor beleid en regelgeving (IAK) bevat nuttige vragen, maar er is extra aandacht nodig voor het expliciteren van veronderstelde oorzaken van de problematiek. Werkzame wetgeving is niet automatisch toekomstbestendig. Toekomstbestendigheid is het voorbereid zijn op onzekere toekomstige ontwikkelingen. Het ontwikkelen van toekomstbestendige wetgeving vergt daarom het expliciteren van onzekerheid over toekomstige ontwikkelingen, het toetsen van hoe wetgeving in verschillende omstandigheden werkt, en het maken van een keuze over hoe met onzekerheid om te gaan.


Prof. mr. E. Niemeijer
Prof. mr. E. (Bert) Niemeijer is rector van de Academie voor Wetgeving en de Academie voor overheidsjuristen en hoogleraar rechtssociologie aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Dr. P.W. van Wijck
Dr. P.W. (Peter) van Wijck is universitair hoofddocent rechtseconomie aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Artikel

Het mededingingsrechtelijke speelveld bij bestuursakkoorden

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2019
Trefwoorden bestuursakkoorden, mededingingsrecht, Unietrouw, nuttig effect, wetsvoorstel duurzaamheidsinitiatieven
Auteurs Mr. G.J. van Midden
SamenvattingAuteursinformatie

    Afspraken die overheden en ondernemingen in bestuursakkoorden maken kunnen in strijd komen met de (Europese) mededingingsregels. Daarbij lopen niet alleen de ondernemingen een risico, ook overheden riskeren het verwijt tot mededingingsbeperkende gedragingen ‘aan te zetten’ en daarmee de nuttige werking van de mededingingsregels in gevaar te brengen. In een recent wetsvoorstel heeft de regering een wettelijk systeem voorgesteld, waarmee duurzaamheidsinitiatieven van de mededingingsregels kunnen worden uitgezonderd. Dit wetsvoorstel lijkt ook interessant voor bestuursakkoorden. Het is echter onzeker of deze wet in lijn is met het Europese recht. Alternatieven, waaronder de leer van de inherente beperkingen, zijn denkbaar. Zekerheid hierover zal echter van de Commissie of het Hof van Justitie moeten komen.


Mr. G.J. van Midden
Mr. G.J. (Gijs) van Midden is EU-jurist bij de Afdeling advisering van de Raad van State.

Cees Dekker
Mr. C.T. Dekker is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen N.V. en redacteur van dit tijdschrift.

Ekram Belhadj
Mr. E. Belhadj is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen N.V.
Staatssteun

Naar een nieuwe selectiviteitstoets in het staatssteunrecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2019
Trefwoorden Staatssteun, Selectiviteit, Artikel 107 lid 1 VWEU, Effects based approach, Referentieregeling
Auteurs Mr. dr. A.D.L. Knook
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van artikel 10 lid 1 VWEU is slechts sprake van staatssteun indien bepaalde ondernemingen of bepaalde producties worden begunstigd. In de praktijk wordt al snel aangenomen dat aan dit selectiviteitscriterium wordt voldaan. Uit twee ontwikkelingen sinds eind 2016 in de jurisprudentie over dit criterium volgt echter dat deze aanname relativering behoeft. In dit artikel wordt stilgestaan bij de vraag welke gevolgen deze twee ontwikkelingen in de praktijk (kunnen) hebben.

    • HvJ 14 januari 2015, zaak C-518/13, Eventech, ECLI:EU:C:2015:9.

    • HvJ 21 december 2016, zaak C-524/14 P, Lübeck, ECLI:EU:C:2016:971.

    • HvJ 20 december 2017, zaak C-70/16 P, Comunidad Autónoma de Galicia en Retegal/Commissie, ECLI:EU:C:2017:1002.


Mr. dr. A.D.L. Knook
Mr. dr. A.D.L. (Allard) Knook is Partner Staatssteun/EU bij PwC.
Toont 1 - 20 van 145 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.