Zoekresultaat: 46 artikelen

x
Artikel

Medisch tucht(proces)recht in vogelvlucht

Tijdschrift Afwikkeling Personenschade, Aflevering 3-4 2020
Trefwoorden Medisch tucht(proces)recht, Aansprakelijkheidsrecht, Wijziging Wet BIG, Tuchtnormen, Griffierecht en kostenveroordeling
Auteurs Mr. O.L. Nunes en Mr. C.I.M. de Haan
SamenvattingAuteursinformatie

    In het medisch tuchtrecht, zoals neergelegd in de Wet BIG, beoordeelt het tuchtcollege of een zorgverlener volgens de (medisch) professionele standaard heeft gehandeld. Het wettelijk tuchtrecht is bedoeld om de kwaliteit van de individuele beroepsuitoefening te bevorderen en te bewaken.
    Oswald Nunes en ChiChi de Haan beschrijven de tuchtrechtelijke procedure en gaan daarbij ook in op recente wijzigingen in het tuchtrecht.


Mr. O.L. Nunes
Mr. O.L. (Oswald) Nunes is werkzaam als advocaat bij KBS Advocaten N.V. in Utrecht.

Mr. C.I.M. de Haan
Mr. C.I.M. (ChiChi) de Haan is werkzaam als advocaat bij KBS Advocaten N.V. in Utrecht.

Tijn van Osch
Tijn van Osch is sr. raadsheer bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en plaatsvervangend voorzitter van de Raad voor Discipline.

Mr. R.P.F. van der Mark
Ruud van der Mark was tot 1 januari 2020 advocaat bij KBS Advocaten en tot 1 juli 2019 lid van de Raad van Discipline in het ressort Arnhem-Leeuwarden.
Artikel

Klagen over collega’s binnen het tuchtrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 1 2019
Trefwoorden tuchtrecht, klachtgerechtigde, BIG-geregistreerde klager
Auteurs Mr. C.A. Bol, mr. E. Steendam Visser en prof. mr. J.C.J. Dute
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt nagegaan hoe er in de tuchtrechtelijke jurisprudentie vorm gegeven wordt aan de rol van de BIG-geregistreerde beroepsbeoefenaar die in die hoedanigheid klaagt over een collega. Geconstateerd wordt dat de tuchtrechter niet altijd eenduidig en helder toetst op welke gronden een beroepsbeoefenaar in die hoedanigheid toegang heeft tot de procedure. Gewezen wordt op de wenselijkheid van consistente en heldere toetsing van de ontvankelijkheid, zowel ten aanzien van de vraag wanneer een beroepsbeoefenaar klachtgerechtigd is als ten aanzien van de vraag wanneer het verweten handelen binnen de reikwijdte van het tuchtrecht valt.


Mr. C.A. Bol
Caressa Bol is promovenda gezondheidsrecht, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Radboud Universiteit Nijmegen en docent/onderzoeker gezondheidsrecht, Erasmus School of Health Policy & Management, Erasmus Universiteit Rotterdam.

mr. E. Steendam Visser
Emilia Steendam Visser is junior docent aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht, Universiteit Utrecht.

prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is hoogleraar gezondheidsrecht, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Radboud Universiteit Nijmegen en lid van de redactie van dit tijdschrift.

    Aan de hand van twee arresten van de Hoge Raad wordt stilgestaan bij de zorgplicht die op een beroepsbeoefenaar bij het opstellen van een rapport voor een cliënt jegens derden kan rusten en de manier waarop de beroepsbeoefenaar met die zorgplicht kan omgaan.


Mr. P.H. Kramer
Mr. P.H. Kramer is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.
Artikel

De afwikkeling van medische schade onder de Wkkgz

De beloften van het klachtrecht voor patiënten, de eerste stappen naar verwezenlijking door de ziekenhuizen en de eerste verrichtingen van de Wkkgz-geschilleninstanties

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2017
Trefwoorden schadeafwikkeling, medisch, klacht, claim, Wkkgz
Auteurs Mr. B.S. Laarman en Prof. mr. A.J. Akkermans
SamenvattingAuteursinformatie

    Door de Wkkgz vindt de buitengerechtelijke afwikkeling van medische schadeclaims plaats in het klachtrecht in plaats van het aansprakelijkheidsrecht. Zorgaanbieders moeten zelf proactief en oplossingsgericht schadeclaims onderzoeken en beoordelen. De rol van de patiëntencontactpersoon in het ziekenhuis, van de zorgverlener en de samenwerking tussen ziekenhuis en verzekeraar zijn daarmee ingrijpend veranderd. Dit overzichtsartikel bespreekt de eerste stappen naar implementatie van de Wkkgz, de aard van het klachtrecht, de noodzaak van triage, de werkwijzen van zelfregelende ziekenhuizen, de noodzaak van informed consent, BGK , de zeswekentermijn, de eerste resultaten van de Wkkgz-geschilleninstanties, en het wetsvoorstel tot wijziging van de Wet BIG.


Mr. B.S. Laarman
Mr. B.S. Laarman is onderzoeker aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit Amsterdam en verbonden aan het Amsterdam Centre for Comprehensive Law (ACCL).

Prof. mr. A.J. Akkermans
Prof. mr. A.J. Akkermans is hoogleraar privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en geeft leiding aan het Amsterdam Centre for Comprehensive Law (ACCL).

Mr. M.M. den Boer
Mr. M.M. (Rien) den Boer is directeur van de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en redacteur van RegelMaat.

    In deze bijdrage wordt de reikwijdte van de tweede tuchtnorm van de Wet BIG in kaart gebracht. Daarbij wordt nagegaan of wijziging van de betreffende norm noodzakelijk c.q. wenselijk is. Geconstateerd wordt dat de tuchtrechter de afgelopen jaren geen consistente lijn heeft gevolgd bij de uitleg van de tweede tuchtnorm, hetgeen onwenselijk is. Aanbevolen wordt om de tuchtnorm(en) te wijzigen in een zogenoemde betamelijkheidsnorm en om in het kader van de ontvankelijkheid niet langer te toetsen aan de reikwijdte van de tuchtnorm(en).


Mr. C.A. Bol
Caressa Bol is docent/onderzoeker aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit te Nijmegen.

prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Radboud Universiteit; lid College voor de Rechten van de Mens en redacteur van dit tijdschrift.
Praktijk

Kroniek wetgeving gezondheidsrecht 2015

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Kroniek, Wetgeving, Gezondheidsrecht, 2015
Auteurs Mr.drs. J.J. Rijken en Mr. W.F. van der Wel
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze kroniek beschrijft de ontwikkelingen op het gebied van wetgeving in het gezondheidsrecht in 2015. De parlementaire behandeling van de grote wetsvoorstellen over gedwongen zorg lijkt zo goed als tot stilstand gekomen. Op het gebied van kwaliteit zijn wel duidelijke vorderingen te melden: de Wkkgz trad in werking en een conceptwetsvoorstel over wijzigingen in de Wet BIG (beroepenregulering en tuchtrecht) zag het licht. De wetgevingsactiviteit ten aanzien van de marktordening lijkt onderhevig aan veranderlijke politieke windrichtingen: de NZa moet tegelijkertijd méér en minder bevoegdheden krijgen.


Mr.drs. J.J. Rijken
Joris Rijken is advocaat bij AKD N.V. en redacteur van dit tijdschrift.

Mr. W.F. van der Wel
Willemijn van der Wel is juridisch medewerker bij AKD N.V.
Praktijk

Kroniek rechtspraak tuchtrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2015
Trefwoorden tuchtrecht, ontvankelijkheid, ouderlijk gezag, voorbehouden handelingen, tuchtmaatregel
Auteurs mr. E.J.C. de Jong en mr. W.R. Kastelein
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze zevende kroniek rechtspraak tuchtrecht die in TvGR wordt gepubliceerd, worden in grote lijnen dezelfde onderwerpen als in de vorige kroniek behandeld, namelijk opvallende uitspraken over ontvankelijkheid en aanverwante procesrechtelijke onderwerpen, vraagstukken rond ouderlijk gezag, voorbehouden handelingen, verantwoordelijkheidsverdeling, (de zwaarte van) de door de tuchtcolleges opgelegde tuchtmaatregelen, verwisselingen, rapporten en verklaringen, alsmede dossiervoering.


mr. E.J.C. de Jong
Ernst de Jong is advocaat bij KBS Advocaten N.V. te Utrecht.

mr. W.R. Kastelein
Willemien Kastelein is advocaat/compagnon bij Nysingh advocaten-notarissen N.V. te Zwolle en hoofdredacteur van dit tijdschrift.
Column

Klachtgerechtigdheid van een nabestaande in het BIG-tuchtrecht ten onrechte beperkt

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 5 2015
Trefwoorden tuchtrecht, nabestaande, rechtstreeks belanghebbende, ontvankelijkheid
Auteurs Mr. L.E. Kalkman-Bogerd
SamenvattingAuteursinformatie

    De afgelopen jaren heeft het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg (CTG) een aantal uitspraken gedaan over de klachtgerechtigdheid van een naaste betrekking die na het overlijden van de patiënt als nabestaande een tuchtklacht indient over aan de patiënt verleende zorg. Het CTG zoekt bij het antwoord op de vraag of de nabestaande rechtstreeks belanghebbend is ten onrechte aansluiting bij de vertegenwoordigingsregeling van de geneeskundige behandelingsovereenkomst (art. 7:465 BW). Deze vertegenwoordiging eindigt met het overlijden van de patiënt en heeft geen betrekking op het indienen van een tuchtklacht. De benadering van het CTG doet ook geen recht aan het primaire doel van het tuchtrecht: handhaving en waar nodig verbetering van de kwaliteit van de zorgverlening. Het tuchtrecht is niet primair bedoeld voor genoegdoening van de patiënt. De klachtgerechtigdheid van een nabestaande vloeit voort uit zijn verwantschap aan de patiënt. Die verwantschap maakt hem, behoudens bijzondere omstandigheden, rechtstreeks belanghebbend, niet het antwoord op de vraag of de nabestaande geacht wordt de patiënt te vertegenwoordigen.


Mr. L.E. Kalkman-Bogerd
Laura Kalkman-Bogerd is juridisch adviseur gezondheidsrecht te Leiden.
Artikel

Bedreigende rap en de kunstexceptie

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2015
Trefwoorden Kunstexceptie, Bedreiging, Artistieke vrijheid, Vrijheid van meningsuiting, Strafuitsluitingsgronden
Auteurs Mr. Sven Bakker en Veerle van de Wetering LL.B.
SamenvattingAuteursinformatie

    In several Dutch criminal cases rap artists have invoked the ‘exceptio artis’ as a ground for justification in court. In this article Bakker and Van de Wetering research the possibilities of successful appeals in such cases. Both the meaning and scope of the ‘exceptio artis’ are taken into consideration, consulting the literature and ECtHR case law on article 10 ECHR. Furthermore the contribution also deals with Dutch case law on the ‘exceptio artis’ and rap lyrics that were held punishable so as to clarify the seldom discussed relationship between rap and the ‘exceptio artis’.


Mr. Sven Bakker
Mr. Sven Bakker is als wetenschappelijk docent en onderzoeker verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en verricht promotieonderzoek naar ‘uitzonderlijke excepties’.

Veerle van de Wetering LL.B.
Veerle van de Wetering LL.B. is masterstudente Strafrecht en werkzaam als student-assistent bij de afdeling Strafrecht van de Erasmus School of Law.
Praktijk

Kroniek rechtspraak EU

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2015
Trefwoorden gezondheidsrecht, Hof van Justitie van de EU, zorg in het buitenland, beroepen, aanbesteding
Auteurs Mr. M.T. de Gans en mr. H.M. Stergiou
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek wordt een overzicht gegeven van de jurisprudentie van het EU Hof op het terrein van het gezondheidsrecht in de periode van 1 september 2011 tot 1 januari 2015. De behandelde arresten hebben betrekking op de aanbesteding, organisatie en financiering van de gezondheidszorg, genees- en hulpmiddelen, discriminatie op grond van handicap, zorg in het buitenland en beroepen.


Mr. M.T. de Gans

mr. H.M. Stergiou
Tom de Gans en Hélène Stergiou zijn werkzaam bij de afdeling Europees recht van de directie Juridische Zaken van het Ministerie van Buitenlandse Zaken.

    Voormalig Inspecteur IGZ (chirurg); voormalige patiënten Jansen Steur; ontvankelijk; waarschuwing

Artikel

De Tweede Evaluatie Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4 2014
Trefwoorden Wet BIG, evaluatie, kwaliteitswetgeving, tuchtrecht
Auteurs Prof. mr. J.G. Sijmons en prof. mr. J.H. Hubben
SamenvattingAuteursinformatie

    De tweede evaluatie van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg, ruim tien jaar na de eerste evaluatie verschenen, komt tot gelijksoortige bevindingen als die eerste evaluatie uit 2002. De wettelijke regeling is niet erg bekend. Het tuchtrecht is aan herziening toe. Toch is er sprake van een gewijzigde context, waarin de Wet BIG door nieuwe kwaliteitsregulering de meer bescheiden status heeft gekregen van een borging van de basiskwaliteit van de beroepsbeoefenaar via opleiding. De evaluatie ziet nadrukkelijker een rol voor de IGZ in het tuchtrecht, dat concurreert met het bestuursrecht.


Prof. mr. J.G. Sijmons
Jaap Sijmons is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen, hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Utrecht en redactielid van dit tijdschrift.

prof. mr. J.H. Hubben
Joep Hubben is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Groningen en adviseur voor het gezondheidsrecht bij Nysingh advocaten-notarissen.

    Klacht tegen voorzitter Raad van Bestuur; geen directe zorgrelatie; terughoudende toepassing tuchtrecht; klaagster niet ontvankelijk

Toont 1 - 20 van 46 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.