Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 593 artikelen

x
Rechtsbescherming

Het nieuwe rechtsstaatmechanisme: een panacee voor alle schendingen van EU-recht?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9-10 2021
Trefwoorden grondrechten, rechtsbescherming, begroting, Conditionaliteitsverordening, rechtsstaat
Auteurs Mr. T.P.J.N. van Rijn
SamenvattingAuteursinformatie

    De laatste maanden werd de Unie opgeschrikt door wetgeving in Hongarije en Polen die door veel lidstaten werd beschouwd als ernstige schending van de rechtsstaat. Er kwamen reacties dat dergelijke inbreuken op de waarden van de EU niet geaccepteerd konden worden en dat beide landen daarvoor via het nieuwe rechtsstaatmechanisme gekort moesten worden in hun subsidies uit de EU-begroting en met name het herstelinstrument. In deze bijdrage ga ik na wat het rechtsstaatmechanisme precies inhoudt en in hoeverre inbreuken op het EU-recht en met name de waarden die in artikel 2 VEU zijn neergelegd daarmee gesanctioneerd kunnen worden. De auteur komt in de analyse tot de conclusie dat dit niet zo eenvoudig is als sommigen aanvankelijk dachten.
    Verordening (EU) 2020/2092 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2020 betreffende een algemeen conditionaliteitsregime ter bescherming van de Uniebegroting (PbEU 2020, L 433/1).


Mr. T.P.J.N. van Rijn
Mr. T.P.J.N. (Thomas) van Rijn is gewezen juridisch hoofdadviseur bij de Juridische Dienst van de Europese Commissie.
Artikel

Het nieuw opgerichte FIFA Football Tribunal

Kort overzicht van de belangrijkste procedurele wijzigingen

Tijdschrift Voetbal- & Sportjuridische Zaken, Aflevering 2 2021
Trefwoorden FIFA, sportbonden, geschilbeslechting
Auteurs Nick Poggenklaas
SamenvattingAuteursinformatie

    Verschillende internationale sportbonden voorzien in mogelijkheden voor geschilbeslechting voor hun leden. FIFA heeft in 2001 de FIFA Dispute Resolution Chamber (FIFA DRC) in het leven geroepen en voorziet haar leden via die instantie in de mogelijkheid voor interne geschilbeslechting. Er worden jaarlijks zo’n 2.000 zaken per jaar aan de FIFA DRC voorgelegd. Deze zaken betreffen arbeidsrechtelijke geschillen met een internationale dimensie, geschillen rondom het afgeven van een internationaal transfercertificaat of geschillen met betrekking tot te betalen opleidingsvergoedingen en solidariteitsbijdragen. In deze bijdrage gaat de auteur kort in op de organisatie van het nieuw opgerichte FIFA Football Tribunal en de belangrijkste procedurele aspecten onder de nieuwe reglementen.


Nick Poggenklaas
Mr. N. (Nick) Poggenklaas is advocaat sportrecht en betrokken bij www.drcdatabase.com.
Artikel

De strijd tegen racisme op en naast het voetbalveld

Tijdschrift Voetbal- & Sportjuridische Zaken, Aflevering 2 2021
Trefwoorden voetbal, racisme, antidiscriminatierecht, tuchtrecht, specificiteit van de sport
Auteurs Frea De Keyzer
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de waardenoverlap inzake racisme tussen voetbal en samenleving verduidelijkt, welke een basis en verklaring vormt voor een repressief optreden van zowel de overheid als de sportwereld binnen een voetbalcontext. De verscheidene (Europese, Belgische en Nederlandse) handhavingsinstrumenten en hun tekortkomingen en uitdagingen komen hierbij aan bod.


Frea De Keyzer
F. (Frea) De Keyzer is doctoraatsonderzoekster en onderwijsassistent sportrecht aan de Katholieke Universiteit Leuven, Instituut voor Arbeidsrecht. Daarnaast is zij zetelend lid van de Disciplinaire Raad voor het profvoetbal bij de Koninklijke Belgische Voetbalbond.
Actualia

Diversen

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 4 2021
Auteurs Mr. T. de Vette

Mr. T. de Vette
Artikel

Geen coulance maar recht: de actieve raadsman bij het politieverhoor

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2021
Trefwoorden verhoorbijstand, Richtlijn 2013/48/EU, fair trial, Besluit inrichting en orde politieverhoor, tuchtrecht
Auteurs Mr. dr. M. (Marianne) Lochs
SamenvattingAuteursinformatie

    De strafvorderlijke regulering van de verhoorbijstand in Nederland beperkt de advocaat in het op actieve wijze verlenen van bijstand tijdens het politieverhoor. Naar aanleiding van een uitspraak van het Hof van Discipline waarin een klacht over een actief optredende advocaat tijdens een politieverhoor ongegrond werd verklaard, wordt in dit artikel uiteengezet waarom de Nederlandse regeling niet (langer) verenigbaar is met de rechtspraak van het EHRM en Richtlijn 2013/48/EU.


Mr. dr. M. (Marianne) Lochs
Marianne Lochs is universitair docent straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Juridische wapenbroeders

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 8 2021
Auteurs Marco de Vries

Marco de Vries

Annie de Roo
Dr. Annie de Roo is als universitair hoofddocent verbonden aan Erasmus University Law School Rotterdam. Zij is hoofdredacteur van TMD en vicevoorzitter van SKM Examencommissie Mediatorsfederatie Nederland. Haar aandachtsgebied in onderwijs en onderzoek is rechtsvergelijking, met accent op geschiloplossing in vergelijkend perspectief.

Oswald Jansen
Advocaat bij Van Ardenne & Crince le Roy Advocaten te Rotterdam, adjunct professor aan de American University Washington College of Law en verbonden aan Tilburg University.

    This year, 2021, TMD has reached a milestone: its 25th volume. To celebrate this event, the issues to be published this year will highlight what has been achieved over the past 25 years, in mediation practice, and in respect of scientific knowledge on the various modes of dispute resolution. The question which targets to set for the future, will equally be addressed.
    Geographically, the focus of this first issue is on the Netherlands, whereas the third issue will be addressing developments in Belgium. The fourth issue this year will highlight international developments, ranging from the USA to China. The second issue will be a special surprise for our subscribers.
    The present issue, dealing with the Netherlands, starts with a tribute to the pioneer of family mediation in this country, the late professor Peter Hoefnagels. His original article, published in the very first volume of TMD (1997) and reproduced here in its entirety, describes his own experience when pioneering divorce mediation from 1974 onwards. In 1997, the year of original publication, mediation was not yet widely acknowledged nor embraced. Brigitte Chin-A-Fat responds to Peter Hoefnagels through a personal letter following his article, reassuring the great pioneer that 25 years further on, mediation has become well established in the family domain.
    The issue continues with three interviews, organized by editors Roger Ritzen and/or Rob Jagtenberg, with individuals who have (sometimes inadvertently) become leading authorities in the field.
    Steve Whittaker, an English solicitor who moved to the Netherlands in 1988 to work in the construction industry and became inspired by the use of ADR in Hongkong, became the founder of the Netherlands Mediation Institute (NMI), in the mid 1990s. For 20 years, NMI was the umbrella structure for (almost) all mediators in the Netherlands and the interface between the mediation community and government. Compared with those early years, today, interests seem to diverge increasingly, at the risk of fragmentation.
    The second interview is with former President of the Court of Appeal in Arnhem, Ms. Machteld Pel. For many years, she spearheaded the Dutch national research program on court-referred mediation, thereby acting as the trait-d’union between the judiciary and the mediation community. Judges who were sceptics at first, often became interested after having taken the special training courses co-designed by Machteld Pel. Her book ‘Referral to Mediation’, which is packed with checklists and practical tips for formulating questions, has become a genuine classic.
    The interview with Fred Schonewille takes the reader to the past decade in particular. Fred Schonewille has been the driving force behind various proposals for mediation legislation, aiming to secure a more prominent place for mediation, while improving professional quality standards. The Netherlands and Belgium constitute contrasting cases, where in the Netherlands legislation proposals were hitherto torpedoed, whereas Belgium has comprehensive legislation in place for some time now.
    Fred Schonewille has also pioneered premarital mediation and new varieties of mediation in the domain of family-owned companies. Some fascinating insights gained in these areas are also shared in this third interview.
    This first issue in the special year 2021 is concluded by two smaller contributions; in the first of these, Médiation à la française, Paris-based Dutch lawyer-mediators Marinka Schillings and Thom Verkuilen provide an overview of recent developments in France. Legislative action as well as some recent research outcomes are addressed. The second of the smaller contributions highlights a conference organized by a professorial team from the Radboud University in Nijmegen, addressing the position of the judge vis-a-vis various modes of dispute resolution. The proceedings of the conference will be published as a book later this year.


Annie de Roo
Annie de Roo is associate professor of ADR and comparative law at Erasmus University Law School in Rotterdam, editor-in-chief of TMD, and vice chair of the exams committee of the Mediators Federation of the Netherlands MFN. She has published extensively on mediation and has inter alia been a Rapporteur three times for the European Commission on the use of mediation in employment disputes.

Roger Ritzen
Roger Ritzen is advocaat aan de Balie te Breda-Middelburg (Nederland) en EU-Advocaat aan de Balie te Antwerpen. Tevens erkend bemiddelaar, erkend door de Federale Bemiddelingscommissie (België) en redacteur van TMD.

Rob Jagtenberg
Rob Jagtenberg is onder andere verbonden aan de Erasmus Universiteit en is TMD-redactielid. Hij trad enkele malen op als rapporteur-generaal voor de Raad van Europa op het gebied van ADR/mediation.
Artikel

Access_open Rapport ‘Ongelijke leggers’ besproken

Tijdschrift Voetbal- & Sportjuridische Zaken, Aflevering 1 2021
Trefwoorden governance, tuchtrecht, grensoverschrijdend gedrag
Auteurs Dolf Segaar
SamenvattingAuteursinformatie

    Het op 28 april 2021 gepresenteerde rapport ‘Ongelijke Leggers’ doet verslag van het onderzoek naar grensoverschrijdend gedrag in de gymsport. Grensoverschrijdend gedrag wordt daarin gedefinieerd als ‘elke vorm van verbaal, non-verbaal of fysiek gedrag met een (al dan niet seksuele) connotatie (duiding) dat als doel of gevolg heeft dat de waardigheid van de persoon wordt aangetast, in het bijzonder wanneer een gewelddadige, manipulatieve, bedreigende, vijandige, beledigende, vernederende, of kwetsende situatie wordt gecreëerd’.


Dolf Segaar
Mr. C.A. (Dolf) Segaar is advocaat bij Segaarlaw, gespecialiseerd in sportrecht, en tevens redactielid van het tijdschrift Voetbal- & Sportjuridische Zaken.

    Ter verbetering van het tuchtrecht zijn diverse zaken in de Wet BIG aangepast. Het betreft onder meer de overgang van de taken van het CMT naar de tuchtcolleges en de verwijsbevoegdheid van de tuchtcolleges naar de inspectie. In dit artikel wordt erbij stilgestaan welke gevolgen de wijzigingen hebben voor de praktijk.


Mr. I. de Groot
Ilse de Groot is werkzaam bij de IGJ.

mr. H. de Hek
Bert de Hek is senior raadsheer bij het hof Arnhem-Leeuwarden en redacteur van dit tijdschrift.

    Deze analyse bespreekt uitvoerig de argumenten van voor- en tegenstanders van het wetsvoorstel ter versoepeling van de Belgische abortuswetgeving (2019-…). Het fel bediscussieerde wetsvoorstel beoogt het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon uit te breiden en abortus te destigmatiseren. Door vrijwillige zwangerschapsafbreking als gezondheidszorg te kwalificeren geven de indieners van het wetsvoorstel tevens de voorkeur aan een gezondheidsrechtelijk traject op maat van de zwangere persoon als patiënt. De inkorting van de wachtperiode-en het schrappen van abortusspecifieke informatieverplichtingen geven in die zin blijk van vertrouwen in de zwangere persoon, in het kwalitatief handelen van de zorgverlener en in de waarborgen die het gezondheidsrecht reeds biedt. De wetgever dient met andere woorden uit te maken (1) welke regels hij in de context van abortus nodig acht, (2) of deze regels reeds worden gewaarborgd door de algemene gezondheidswetten- en deontologie, en (3) of de vooropgestelde regels hun doel bereiken. Een uitbreiding van het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon wordt tevens bewerkstelligd door de termijnuitbreiding van twaalf naar achttien weken voor abortus op verzoek. Een keuze voor een termijn is steeds in zekere mate willekeurig, doch reflecteert een beleidsethische keuze waarbij wordt gezocht naar een evenwicht tussen de bescherming van ongeboren leven en het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon. Praktische bekommernissen vormen hierbij geen fundamenteel bezwaar tegen een termijnuitbreiding maar dienen, in overleg met de betrokken sector, te worden geanticipeerd en maximaal te worden opgevangen door middel van organisatorische (niet-noodzakelijk juridische) initiatieven. Ten slotte beogen de indieners van het wetsvoorstel opheffing van alle strafsancties voor vrijwillige zwangerschapsafbreking. Op rechtstheoretisch vlak blijven echter vragen bestaan omtrent de manier waarop dit voorstel een volledige depenalisering doorvoert. Hoewel het tuchtrecht enige rol kan spelen bij gebrek aan strafsancties, creëert de vooropgestelde depenalisering van ongeoorloofde zwangerschapsafbreking door een arts een rechtsonzekere situatie.
    ---
    This analysis extensively discusses the arguments of supporters and opponents of the legislative proposal to relax the Belgian abortion legislation (2019-…). The heavily debated proposal primarily aims to expand the pregnant person’s right to self-determination and to destigmatise abortion. By qualifying consensual termination of pregnancy as health care, the supporters of the proposal also prioritise an individualised, health-oriented approach towards the pregnant person as patient. In the same vein, the diminished waiting period and the removal of abortion-specific information duties express trust in the pregnant person, in the qualitative conduct of the health care provider, and in the guarantees that the health law already provides. In other words, the legislator must determine 1) which regulations it deems necessary in the context of abortion, 2) whether these regulations are already guaranteed by general health laws and ethics, and 3) whether the proposed regulations achieve their intended purpose. An expansion of the pregnant person’s right to self-determination is also achieved by the extension from twelve to eighteen weeks as a limit for abortion on request. Although a time limit is always arbitrary to some extent, it mainly reflects a policy-ethical decision in which a balance is sought between the protection of unborn life and the pregnant person’s right to self-determination. Practical concerns do not establish a fundamental objection to the extension of such limit, but must, in consultation with the medical profession, be anticipated and dealt with as much as possible by means of organisational (not necessarily legal) initiatives. Finally, the proposal lifts all criminal sanctions currently applicable to consensual termination of pregnancy. On a legal-theoretical level, however, questions remain about the way in which the proposal implements full depenalisation. Although disciplinary law can play some role in the absence of criminal sanctions, the depenalisation of unlawful termination of pregnancy by a health care professional produces legal uncertainty.


F. De Meyer
Fien De Meyer doet doctoraatsonderzoek naar regelgeving inzake abortus aan de Universiteit van Antwerpen.

C. De Mulder
Charlotte De Mulder doet doctoraatsonderzoek naar het statuut van ongeboren leven aan de Universiteit van Antwerpen.
Column

Dubbelrol

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 6 2021
Auteurs Najima Khan

Najima Khan
Artikel

Doe de zelftest

Tuchtquiz 2021

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 6 2021
Auteurs Trudeke Sillevis Smitt

Trudeke Sillevis Smitt
Artikel

Access_open Zes jaar later: met z’n allen verstrikt geraakt in het stelsel?!

Actuele ontwikkelingen op het gebied van de Jeugdwet en jeugdbescherming

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Jeugdwet, Stelsel, Corona, Klacht- en tuchtrecht, kinderbeschermingsmaatregelen
Auteurs Mr. E. Lam en Mr. I.J.M. Schepens
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel borduurt voort op de in 2014 en 2017 verschenen overzichtsartikelen over de twee belangrijke wetswijzigingen op het gebied van de jeugdbescherming en de jeugdzorg: de herziening van de kinderbeschermingsmaatregelen en de jeugdwet . De bedoeling van dit artikel is om een overall beeld te schetsen: een beeld dat duidelijk maakt hoe complex de ondersteuning aan kinderen en gezinnen is georganiseerd waarbij het recht op bescherming van de kinderen door de overheid ernstig onder druk staat. In het eerste deel van dit artikel wordt stilgestaan bij actuele ontwikkelingen stelselbreed. Vervolgens wordt stilgestaan bij de praktijk van de kinderbeschermingsmaatregelen. Achtereenvolgens komen aan de orde de evaluatie herziening kinderbeschermingsmaatregelen, het aantal kinderbeschermingsmaatregelen, de krapte bij de Gecertificeerde Instellingen (hierna: GI): wachtlijsten en de rechtspraak, corona en de invloed op jeugdbescherming, Perspectiefbesluit, Machtiging uithuisplaatsing en reikwijdte, Vaststelling omgangsregeling en Ineffectieve OTS. In het laatste deel van het artikel staan de bevindingen betreffende de Jeugdwet centraal. Daarbij wordt aandacht besteed aan onder meer de zogenaamde ‘drangtrajecten’, het woonplaatsbeginsel, de informatieplicht jegens de gezinsvoogd en het klacht- en tuchtrecht.


Mr. E. Lam
Mr. E. Lam is werkzaam bij &jeugd. &jeugd richt zich op juridische ondersteuning van organisaties en (jeugd)professionals. Zij maakt deel uit van de redactie van dit tijdschrift.

Mr. I.J.M. Schepens
Mr. I.J.M. Schepens is werkzaam bij &jeugd. &jeugd richt zich op juridische ondersteuning van organisaties en (jeugd)professionals. Zij maakt deel uit van de redactie van dit tijdschrift.
Artikel

De verplichting tot het aanbieden van excuses

Over hoe de medische tuchtrechtspraak inspiratie kan bieden voor de civiele rechtspraak

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2021
Trefwoorden excuses, verplichting, vordering, aansprakelijkheid, tuchtrecht
Auteurs Mr. dr. L.A.B.M. Wijntjens
SamenvattingAuteursinformatie

    Er is in de literatuur de afgelopen jaren veel aandacht geweest voor de rol van excuses in het civiele recht. Een vraag die hierbij aan bod komt, is in hoeverre en onder welke omstandigheden een juridische verplichting kan bestaan voor het aanbieden van excuses. Op basis van een jurisprudentieanalyse wordt in dit artikel inzichtelijk gemaakt hoe de medische tuchtprocedure en de civiele procedure invulling geven aan de verplichting tot het aanbieden van excuses. Hoewel de geconstateerde verschillen deels te verklaren zijn door te kijken naar de doelen van de procedures, wordt betoogd dat de civiele rechter inspiratie kan ontlenen aan de wijze waarop het medisch tuchtcollege hiermee omgaat.


Mr. dr. L.A.B.M. Wijntjens
Mr. dr. L.A.B.M. Wijntjens is universitair docent bij Tilburg Law School, Tilburg University. Zij promoveerde 11 september 2020 cum laude aan Tilburg University op haar proefschrift ‘Als ik nu sorry zeg, beken ik dan schuld?’ Over het aanbieden van excuses in de civiele procedure en de medische tuchtprocedure.
Artikel

Access_open Professionele ethiek in het academisch juridisch onderwijs - Enige inhoudelijke en didactische aanknopingspunten

Special issue on Education in (Professional) Legal Ethics, ­Emanuel van Dongen & Jet Tigchelaar (eds.)

Tijdschrift Law and Method, juni 2021
Auteurs Emanuel van Dongen en Jet Tigchelaar
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs inhoudelijke en didactische aanknopingspunten voor de integratie van professionele ethiek in de academische juridische opleiding. Dat gaat wat de auteurs betreft verder dan (enkel) het leren van gedragsregels, maar betreft ook de (kritisch-)ethische reflectie (op de professionele rol) van de jurist en ethische oordeelsvorming. Aanknopingspunten uit rechtstheoretische en onderwijskundige literatuur vragen om een curriculum brede, stapsgewijze, inbedding met passende toetsing. Dit onderwijs dient idealiter een combinatie te zijn van afzonderlijke meta-juridische vakken over recht en ethiek, positiefrechtelijke vakken die ethische elementen bevatten, klinische training en specifieke vakken over beroeps- of professionele ethiek. In dit artikel bespreken de auteurs diverse methoden die kunnen worden gebruikt om het onderwijs vorm te geven en illustreren dit met enkele voorbeelden uit het Utrechts universitair juridisch onderwijs. Actieve participatie, reflectie en – idealiter – eigen ervaringen zijn daarbij van groot belang. Een aantal modellen uit niet-juridische disciplines kan behulpzaam zijn bij het bieden van structuur voor ethische reflectie, voor zover het morele sensitiviteit en morele oordeelsvorming stimuleert. Verscheidene toetsingselementen op het terrein van de ethiek zijn door het curriculum heen nodig. Leeractiviteiten en toetsing kunnen worden opgebouwd in het curriculum van kennis en begrip, naar competenties ten aanzien van ethische dilemma’s en moreel oordelen.


Emanuel van Dongen
Dr. Emanuel van Dongen is Assistant Professor Private Law at the Molengraaff Institute for Private Law, researcher at the Utrecht Centre for Accountability and Liability Law and the Montaigne Centre for Rule of Law and Administration of Justice, Utrecht School of Law.

Jet Tigchelaar
Dr. Jet Tigchelaar is Assistent Professor Legal Theory at the Institute for Jurisprudence, Constitutional and Administrative Law, researcher at the Utrecht Centre for European Research into Family Law, Utrecht School of Law.
Artikel

Access_open Wat betekenen advocaten voor het gezondheidsrecht?

Confraternele bijdragen voor Willemien Kastelein en Jaap Sijmons

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2021
Auteurs Mr. A.C. De Die, Mr. dr. L.A.P. Arends, Mr. W.K. Bischot e.a.
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. A.C. De Die
Mieke de Die is advocaat bij Velink & De Die advocaten te Amsterdam.

Mr. dr. L.A.P. Arends
Luuk Arends is advocaat bij Dirkzwager te Nijmegen.

Mr. W.K. Bischot
Willemien Bischot is advocaat bij Van Doorne te Amsterdam.

Mr. drs. M.J.J. de Ridder
Michel de Ridder is advocaat bij KBS te Utrecht.

Mr. dr. W.I. Koelewijn
Wouter Koelewijn is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht.

Mr. dr. M.F. Vermaat
Matthijs Vermaat is advocaat bij Van der Woude De Graaf te Amsterdam.

Mr. T.A.M. van den Ende
Tessa van den Ende is advocaat bij Nysingh te Utrecht.
Toont 1 - 20 van 593 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 29 30
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.