Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 973 artikelen

x
Artikel

Een andere betekenis van het dossier J.A. Poch voor het Nederlandse strafrecht

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 4 2021
Trefwoorden de zaak Poch, uitlevering en kleine rechtshulp, terugwerkende kracht en artikel 7 EVRM respectievelijk 15 IVBPR, vertrouwensbeginsel, verkapte uitlevering
Auteurs Prof. mr. dr. lic. A.J. (Ad) Machielse en Prof. mr. B.E.P. (Egbert) Myjer
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage is een reactie op een eerdere publicatie in NTS van de hand van Rozemond en Van der Wilt. Machielse en Myjer schrijven dat Rozemond en Van der Wilt kennelijk geen oog hebben gehad voor de inhoud van de onderzoeksopdracht aan de Commissie Dossier J.A. Poch. De Nederlandse autoriteiten waren in de zaak Poch gebonden aan verdragen, wetgeving, rechtspraak en internationale omgangsvormen. Nederland heeft zich altijd voorstander getoond van internationale samenwerking op het gebied van opsporing en vervolging. Toen Argentinië aan Nederland verzocht rechtshulp te verlenen en inlichtingen te verschaffen nadat tegen Poch verdenking was gerezen van medeplegen van internationale misdrijven heeft Nederland aan dat verzoek gehoor gegeven.


Prof. mr. dr. lic. A.J. (Ad) Machielse
Prof. mr. dr. lic. A.J. (Ad) Machielse was advocaat-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden en hoogleraar straf- en strafprocesrecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Prof. mr. B.E.P. (Egbert) Myjer
Prof. mr. B.E.P. (Egbert) Myjer was rechter in het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en hoogleraar rechten van de mens aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Antitrust opkrikken: het nieuwe artikel 19a van de Duitse Gesetz gegen Wettbewerbsbeschränkungen (GWB)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4-5 2021
Trefwoorden Duitsland, artikel 19a GBW, Gesetz gegen Wettbewerbsbeschränkungen, Bundeskartellamt, digitale platforms
Auteurs Jens-Uwe Franck en Martin Peitz
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 18 januari 2021 heeft de Duitse wetgever een wijziging van de Duitse mededingingswet (GWB) goedgekeurd, die een aantal wetswijzigingen bevat die de mededinging moeten beschermen in tijden van digitalisering. De belangrijkste vernieuwing is het mededingingsinstrument dat in artikel 19a GWB is vervat. Hiermee krijgt het Bundeskartellamt, de Duitse mededingingsautoriteit, nieuwe bevoegdheden wanneer het grote digitale platforms aanpakt. Het nieuwe instrument wijkt qua inhoud en procedure af van het traditionele mededingingsrecht en benadert de rol van een reguleringsinstrument dat op de digitale platformindustrie is gericht.


Jens-Uwe Franck
Prof. dr. J.-U. Franck LLM is werkzaam bij de Rechtenfaculteit en het Mannheim Centre for Competition and Innovation (MaCCI) van de Universiteit van Mannheim.

Martin Peitz
Prof. dr. M. Peitz is werkzaam bij de Economiefaculteit en het Mannheim Centre for Competition and Innovation (MaCCI) van de Universiteit van Mannheim.
Artikel

Aansprakelijkheid van accountants jegens derden

Beroepsaansprakelijkheid bij de uitoefening van wettelijke en niet-wettelijke taken nader bezien in het licht van het Jachthavencomplex-arrest

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden zorgplicht, Vie d’Or, beroepsbeoefenaar, voorzienbaarheid, jachthaven
Auteurs Mr. L.A. van Amsterdam
SamenvattingAuteursinformatie

    In het Vie d’Or-arrest is bepaald dat accountants bij de uitoefening van wettelijke taken een zorgplicht jegens derden hebben. Tot voor kort was onduidelijk welk toetsingskader geldt bij niet-wettelijke taken. Aan de hand van het recente ‘Jachthavencomplex-arrest’ wordt nader ingegaan op accountantsaansprakelijkheid bij dergelijke werkzaamheden.


Mr. L.A. van Amsterdam
Mr. L.A. van Amsterdam is advocaat bij NautaDutilh en staat professionele beroepsbeoefenaars zoals accountants bij in civiele geschillen.
Artikel

Gezien

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 7 2021
Auteurs Kees Pijnappels

Kees Pijnappels
Artikel

Geschil-beslechter voor ruziënde exen

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 7 2021
Auteurs Sabine Droogleever Fortuyn

Sabine Droogleever Fortuyn
Artikel

Kroniek Asiel- en vreemdelingenrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 7 2021
Auteurs Eva Bezem, Dora Brouwer, Marieke van Eik e.a.

Eva Bezem

Dora Brouwer

Marieke van Eik

Wil Eikelboom

Isa van Krimpen

Marq Wijngaarden
Wetenschap en praktijk

Blind date

Over hoe je als contractspartij van een beleggingsinstelling niet voor verrassingen komt te staan bij de vraag op welk vermogen je vorderingen kunt verhalen

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2021
Trefwoorden art. 4:37j Wft, vermogensafscheiding, beleggingsfonds, commanditaire vennootschap, subfonds
Auteurs M.C. Maters en S. Verkerk
SamenvattingAuteursinformatie

    Met het oog op bescherming van beleggers tegen besmettingsrisico’s bepaalt de Wet op het financieel toezicht (Wft) in artikel 4:37j dat beleggingsinstellingen een afgescheiden vermogen hebben. Bij beleggingsfondsen wordt deze vermogensafscheiding mede bereikt doordat de juridische eigendom van de activa van het fonds wordt gehouden door een separaat opgerichte bewaarentiteit. Ook regelt artikel 4:37j Wft dat de afgescheiden vermogens van verschillende beleggingsinstellingen, of subfondsen daarvan, bij één rechtspersoon kunnen worden ondergebracht. In de praktijk leidt de regeling tot misverstanden over de tenaamstelling van bijvoorbeeld overeenkomsten. Dit artikel beoogt de praktijk enkele handvatten te bieden ter voorkoming van bedoelde misverstanden.


M.C. Maters
Mr. M.C. (Michaël) Maters is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

S. Verkerk
Mr. S. (Sebastiaan) Verkerk is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Geregistreerd partnerschap is huwelijk? Via uitleg of overgangsrecht?

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 28 2021
Trefwoorden Huwelijkse voorwaarden
Auteurs Prof. mr. dr. F.W.J.M. Schols

Prof. mr. dr. F.W.J.M. Schols
Artikel

Naar een effectieve handhaving op maat in het omgevingsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Sanctie, handhaving, institutioneel, overtreding, omgevingsdienst
Auteurs Mr. dr. O.F. (Oda) Essens
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 26 november 2019 promoveerde Oda Essens aan de Universiteit Utrecht op haar proefschrift getiteld ‘Operationalising Effective Public Enforcement of Environmental Law in the European Union, with a focus on England, Germany and the Netherlands’. In haar proefschrift heeft zij een model voor effectieve handhaving op maat ontworpen. Dit model bevat eisen aan de handhavingsorganisatie (institutionele eisen) en eisen aan de sancties (instrumentele eisen), zoals vastgelegd in wet- en regelgeving voor de publiekrechtelijke handhaving van het omgevingsrecht. Vervolgens heeft zij dat model toegepast op de publiekrechtelijke handhavingsorganisatie en sancties voor het omgevingsrecht in Nederland, Engeland en Duitsland. De toepassing heeft geleid tot good practices voor een ‘effectieve handhaving op maat’ in de drie landen en vanuit die good practices heeft zij aanbevelingen gedaan voor verbetering van de handhavingsorganisatie en de beschikbare sancties in de drie landen onderling. In dit artikel zet zij haar model voor effectieve handhaving op maat uiteen en belicht zij enkele belangrijke uitkomsten van de toetsing van de Nederlandse organisatie en sancties voor de publiekrechtelijke handhaving van het omgevingsrecht.


Mr. dr. O.F. (Oda) Essens
Mr. dr. O.F. Essens is op 26 november 2019 gepromoveerd aan de Universiteit Utrecht op haar proefschrift getiteld ‘Operationalising Effective Public Enforcement of Environmental Law in the European Union, with a focus on England, Germany and the Netherlands’.
Jurisprudentie

Civiele jurisprudentie van GEA en GHvJ

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2021
Auteurs Prof. mr. dr. J. de Boer
Auteursinformatie

Prof. mr. dr. J. de Boer
Prof. mr. dr. J. de Boer is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Ook is hij lid van de redactie van het Caribisch Juristenblad.
Uit het veld

Toezicht in het sociaal domein, door samenwerken bereik je meer

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden lokaal toezicht, regionaal toezicht, rijktoezicht, samenwerken, proeftuinen
Auteurs Nelleke Verdonk, Muzaffer Yuksekyildiz en Gerrie van Gent
SamenvattingAuteursinformatie

    Het toezicht in het sociaal domein is verdeeld over meerdere toezichthouders, die allemaal op een andere manier georganiseerd zijn (op lokaal, regionaal of rijksniveau). Goed toezicht houden, waarbij de zorg- en ondersteuningsbehoefte van de inwoner centraal staat, vraagt van deze toezichthouders dat ze samenwerken. In dit artikel worden twee voorbeelden gegeven van de wijze waarop die samenwerking tot stand kan komen. Met daarbij een overzicht wat de samenwerking oplevert en welke inspanning het kost om het voor elkaar te krijgen. Het artikel eindigt met enkele wensen en hartenkreten van de auteurs.


Nelleke Verdonk
Drs. N. Verdonk is projectcoördinator Toezicht Sociaal Domein en projectleider traject ‘vernieuwen van integraal toezicht in het sociaal domein’.

Muzaffer Yuksekyildiz
M. Yuksekyildiz, MMI, is toezichthouder Wmo bij de GGD Rotterdam-Rijnmond (kwaliteit).

Gerrie van Gent
G. van Gent, bc., is sociaal rechercheur en toezichthouder Wmo/Jeugdwet bij de gemeente Zoetermeer (rechtmatigheid).
Artikel

Access_open Eerste stappen in Europese regulering van artificiële intelligentie: algoritmes en patiëntenrechten

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4 2021
Trefwoorden kunstmatige intelligentie, Europees gezondheidsrecht, Artificial Intelligence Act, AI
Auteurs Mr. H.B. van Kolfschooten
SamenvattingAuteursinformatie

    AI kan de kwaliteit en toegankelijkheid van zorg verbeteren, maar gaat ook gepaard met grote risico’s voor patiënten. Deze bijdrage bespreekt de recente Europese ontwikkelingen met betrekking tot regulering van AI in de gezondheidszorg en de gevolgen daarvan voor de rechten van de patiënt.


Mr. H.B. van Kolfschooten
Hannah van Kolfschooten is docent en promovendus bij het Law Center for Health and Life, Universiteit van Amsterdam.
Kroniek

Hoger beroep

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2021
Auteurs Gerard Lewin en Henk Wattel
Auteursinformatie

Gerard Lewin
Mr. G.C.C. Lewin is senior raadsheer in het gerechtshof Amsterdam.

Henk Wattel
Mr. H.L. Wattel is senior raadsheer in het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

    Deze analyse bespreekt uitvoerig de argumenten van voor- en tegenstanders van het wetsvoorstel ter versoepeling van de Belgische abortuswetgeving (2019-…). Het fel bediscussieerde wetsvoorstel beoogt het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon uit te breiden en abortus te destigmatiseren. Door vrijwillige zwangerschapsafbreking als gezondheidszorg te kwalificeren geven de indieners van het wetsvoorstel tevens de voorkeur aan een gezondheidsrechtelijk traject op maat van de zwangere persoon als patiënt. De inkorting van de wachtperiode-en het schrappen van abortusspecifieke informatieverplichtingen geven in die zin blijk van vertrouwen in de zwangere persoon, in het kwalitatief handelen van de zorgverlener en in de waarborgen die het gezondheidsrecht reeds biedt. De wetgever dient met andere woorden uit te maken (1) welke regels hij in de context van abortus nodig acht, (2) of deze regels reeds worden gewaarborgd door de algemene gezondheidswetten- en deontologie, en (3) of de vooropgestelde regels hun doel bereiken. Een uitbreiding van het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon wordt tevens bewerkstelligd door de termijnuitbreiding van twaalf naar achttien weken voor abortus op verzoek. Een keuze voor een termijn is steeds in zekere mate willekeurig, doch reflecteert een beleidsethische keuze waarbij wordt gezocht naar een evenwicht tussen de bescherming van ongeboren leven en het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon. Praktische bekommernissen vormen hierbij geen fundamenteel bezwaar tegen een termijnuitbreiding maar dienen, in overleg met de betrokken sector, te worden geanticipeerd en maximaal te worden opgevangen door middel van organisatorische (niet-noodzakelijk juridische) initiatieven. Ten slotte beogen de indieners van het wetsvoorstel opheffing van alle strafsancties voor vrijwillige zwangerschapsafbreking. Op rechtstheoretisch vlak blijven echter vragen bestaan omtrent de manier waarop dit voorstel een volledige depenalisering doorvoert. Hoewel het tuchtrecht enige rol kan spelen bij gebrek aan strafsancties, creëert de vooropgestelde depenalisering van ongeoorloofde zwangerschapsafbreking door een arts een rechtsonzekere situatie.
    ---
    This analysis extensively discusses the arguments of supporters and opponents of the legislative proposal to relax the Belgian abortion legislation (2019-…). The heavily debated proposal primarily aims to expand the pregnant person’s right to self-determination and to destigmatise abortion. By qualifying consensual termination of pregnancy as health care, the supporters of the proposal also prioritise an individualised, health-oriented approach towards the pregnant person as patient. In the same vein, the diminished waiting period and the removal of abortion-specific information duties express trust in the pregnant person, in the qualitative conduct of the health care provider, and in the guarantees that the health law already provides. In other words, the legislator must determine 1) which regulations it deems necessary in the context of abortion, 2) whether these regulations are already guaranteed by general health laws and ethics, and 3) whether the proposed regulations achieve their intended purpose. An expansion of the pregnant person’s right to self-determination is also achieved by the extension from twelve to eighteen weeks as a limit for abortion on request. Although a time limit is always arbitrary to some extent, it mainly reflects a policy-ethical decision in which a balance is sought between the protection of unborn life and the pregnant person’s right to self-determination. Practical concerns do not establish a fundamental objection to the extension of such limit, but must, in consultation with the medical profession, be anticipated and dealt with as much as possible by means of organisational (not necessarily legal) initiatives. Finally, the proposal lifts all criminal sanctions currently applicable to consensual termination of pregnancy. On a legal-theoretical level, however, questions remain about the way in which the proposal implements full depenalisation. Although disciplinary law can play some role in the absence of criminal sanctions, the depenalisation of unlawful termination of pregnancy by a health care professional produces legal uncertainty.


F. De Meyer
Fien De Meyer doet doctoraatsonderzoek naar regelgeving inzake abortus aan de Universiteit van Antwerpen.

C. De Mulder
Charlotte De Mulder doet doctoraatsonderzoek naar het statuut van ongeboren leven aan de Universiteit van Antwerpen.
Artikel

Genealogische DNA-databanken: consequenties van het delen van ons DNA

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 1 2021
Trefwoorden direct-to-consumer (DTC) genetic testing, spreading of DNA data, risks, function creep, ownership of DNA
Auteurs Nico Kaptein
SamenvattingAuteursinformatie

    This article aims to contribute to the public debate on the consequences and risks of the spreading of DNA data related to direct-to-consumer (DTC) genetic testing. Market developments drive DTC companies to find new business models. As a result of mergers and acquisitions and of the developments of new products and services, DNA data are often used differently than what they were originally collected for. Since DTC DNA data are not protected as well as health-related data generally are, it is hard to keep track of these data. This is partly due to legal and ethical issues such as unclarity of who owns DNA and problems with informed consent. Risks are identified with regards to privacy, information security, the right not to know, (un)equal opportunities, and national security. The author calls for an investment in knowledge and awareness in order to allow for a fair balance between opportunity and risk of DTC DNA products and services.


Nico Kaptein
Drs. N. Kaptein is directeur van advies- en onderzoeksbureau Maruda.
Artikel

Access_open Tijd voor een Wet maatregelen virusuitbraak?

Over grondslagen voor afdwingbare gedragsvoorschriften

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2021
Trefwoorden veiligheidsregio, noodverordening, corona, grondrechten, COVID-19
Auteurs M.A.D.W. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Bestrijding van een virusuitbraak die noodzaakt tot het opleggen van gedragsvoorschriften aan vrijwel de gehele bevolking moet wettelijk worden geregeld. De kans op een dergelijke uitbraak in de toekomst is reëel en de impact op het maatschappelijke leven is enorm. Dit gegeven én de taak die op de wetgever rust om de beperking van grondwettelijk beschermde grondrechten door middel van een wet in formele zin te regelen, vereisen dat er een opvolger komt voor de Tijdelijke wet maatregelen covid-19. Aan regionale regulering met noodverordeningen kleven meerdere grote nadelen, onder meer betreffende grondrechtenbescherming en democratische legitimatie.


M.A.D.W. de Jong
Mr. dr. M.A.D.W. (Rian) de Jong is universitair hoofddocent bij de Radboud Universiteit Nijmegen.
Het ambacht

Departementale herindeling en ministers zonder portefeuille

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2021
Trefwoorden formatie, artikel 44 Grondwet, portefeuilleverdeling, ministeries, benoemings-KB
Auteurs T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    Vaste jurisprudentielijn is dat de op grond van artikel 43 of 44 Grondwet bij koninklijk besluit vastgestelde departementale indeling of taakomschrijving van een minister bepalend is voor diens bevoegdheid. Dat betekent dat soms een andere minister bevoegd is dan de minister die in de wet wordt genoemd. Het actueel houden van benamingen in wetgeving verdient aanbeveling, maar het betere is hier al snel de vijand van het goede. Bij ministers zonder portefeuille doet zich de moeilijkheid voor dat hun taak in het benoemings-KB slechts in zeer algemene termen pleegt te worden omschreven. Dat kan vragen oproepen over de reikwijdte van hun bevoegdheden. De auteur pleit voor een gedetailleerdere vaststelling van taken van ministers zonder portefeuille in hun benoemings-KB. Verder is er veel voor te zeggen om in de wet uit 1951 die enkele regels bevat over het ambt van minister zonder portefeuille, de tot misverstanden aanleiding gevende aanduiding “minister zonder portefeuille” te moderniseren.


T.C. Borman
Mr. T.C. (Tim) Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Artikel

Access_open Inheemse conflictbeslechting in Suriname

Een antropologie van herstelrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Suriname, Inheemsen, herstelrecht, gewoonterecht, Krutu
Auteurs Makiri Mual
SamenvattingAuteursinformatie

    This article deals with restorative justice practices in Surinam. It is based mainly on anthropological literature and preliminary research findings of four indigenous villages in Surinam, and is part of a broader study of Indigenous and Marron communities. In these villages the age-old customary law approach to conflict remains a lively practice, especially in the rainforests where central authority has little influence. The author highlights a number of restorative aspects of indigenous (criminal) justice practices, such as the group conferencing model of the Krutu and the role of the community (rehabilitation). Other aspects are not at all restorative, such as cases of double punishment (ne bis in idem), corporal punishment and the lack of the possibility of appeal. Because the trend of opening the hinterland seems to be unstoppable, it is recommended to coordinate national law and customary law and improve cooperation between indigenous and central authority. The article gives some suggestions for reforming the Surinamese Penal Code.


Makiri Mual
Makiri Mual is MfN-registermediator in strafzaken en familiezaken, relatietherapeut en MFT expert. Hij is ook duovoorzitter van de Vereniging van Mediators in Strafzaken (VMSZ).
Actualia

Diversen

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 2 2021
Auteurs Mr. T. de Vette
Auteursinformatie

Mr. T. de Vette
Deze rubriek is samengesteld door mr. T. de Vette. De jurisprudentie is gepubliceerd op rechtspraak.nl tussen 13 november 2020 en 21 maart 2021.
Toont 1 - 20 van 973 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 48 49
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.