Zoekresultaat: 53 artikelen

x
Jurisprudentie

De predispositie van de verdachte bij het stelen van een lokfiets: creëert de gelegenheid de dief?

Noot bij HR 12 februari 2019 ECLI:NL:HR:2019:149

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Tallon-criterium, Lokmiddelen, Lokfiets, Uitlokverbod, 6 EVRM
Auteurs Mr. W. Albers
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit de bestendige rechtspraak van de Hoge Raad blijkt dat opsporingsambtenaren op basis van de algemene taakstellende bevoegdheden in beginsel bevoegd zijn tot het inzetten van bepaalde lokmiddelen, mits deze inzet binnen de grenzen van het Tallon-criterium blijft. De verdachte mag zodoende niet door het optreden van de opsporingsambtenaar worden gebracht tot andere handelingen dan die waarop zijn opzet reeds van tevoren was gericht. De vraag die naar aanleiding van de onderhavige uitspraak echter kan worden gesteld, is of de verdachte nog wel een voldoende toereikend beroep kan doen op de rechtsbeschermende waarde die het Tallon-criterium – in het kader van de inzet van niet-menselijke lokmiddelen – beoogt te bieden.


Mr. W. Albers
Mr. W. (Willemijn) Albers is docent Straf(proces)recht bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Het leefklimaat in Nederlandse penitentiaire inrichtingen: de Life In Custody–studie

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Quality of prison life, Imprisonment, Prison Climate Questionnaire, LIC-study
Auteurs Dr. Hanneke Palmen, Dr. Anouk Bosma en Dr. Esther van Ginneken
SamenvattingAuteursinformatie

    The Life In Custody-study is a large scale, prospective panel study, aimed to examine the quality of prison life in The Netherlands. This paper describes the LIC-study by giving a detailed overview of the data collection procedure, and strategies to optimize response, and presents the first nationwide results on prison climate in The Netherlands. Results show that the data collection procedures utilized were successful in obtaining a high response rate (which was an exceptional 81%) and reaching a representative group of prisoners. Furthermore, results show that the perceptions of prison climate vary across prison regimes, and to a lesser extent across age groups and time spent in detention.


Dr. Hanneke Palmen
Dr. Hanneke Palmen is universitair docent Criminologie.

Dr. Anouk Bosma
Dr. Anouk Bosma is universitair docent Criminologie.

Dr. Esther van Ginneken
Dr. Esther van Ginneken is universitair docent Criminologie.
Artikel

Een bijzondere groep daders: vrouwelijke langgestraften na afloop van de Tweede Wereldoorlog in Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2018
Trefwoorden female, perpetrators, World War II, empirical study, criminal career
Auteurs Drs. Jantien Stuifbergen MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    Early literature on female perpetrators of World War II focused on labelling the accused as deranged psychopaths, thereby distinguishing the group of perpetrators from the vast subdued and ‘normal’ population. While this perception has changed over the past decades, the perception of female perpetrators has remained limited either way, women are denied having a lot of agency when perpetrating crimes in conflict. Similar to the ‘mad Nazi’-theory these narratives imply that female perpetrators are different from ‘ordinary’ women, as their actions collide with notions of ideal femininity. This empirical research has shown that in the case of female perpetrators of World War II in the Netherlands it seems that they can be seen as ordinary women operating in extraordinary circumstances. In this study, a special group of female war criminals is described. Against the background of early post-war imaging of such women and more recent research on female perpetration during wartime, an analysis of Dutch perpetrators who received severe punishments after the War, is made. Based on unique historical data, the criminal career of these women as World War II perpetrators is analysed. The outcomes show that a notable part already had a criminal record before the war and that the perception of who they were and why they acted the way they did needs reconsideration, since they were not psychologically weak and incompetent. They were generally young, unemployed and low educated and they planned and committed their crimes of treasons in order to create better living conditions for themselves. In fact, one can claim that these women are likely to be ordinary people influenced by dispositional and situational factors.


Drs. Jantien Stuifbergen MSc
Drs. J.A.M. Stuifbergen, MSc is programmacoördinator van de Master International Crimes, Conflict and Criminology en promovenda bij de sectie Strafrecht en Criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam,
Artikel

Het verloop van de partnerrelaties van gedetineerden tijdens en na detentie

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2018
Trefwoorden detention, partnerships, relationship quality, longitudinal
Auteurs Anne Brons MSc, Prof. dr. Paul Nieuwbeerta en Dr. Anja Dirkzwager
SamenvattingAuteursinformatie

    In the current criminological literature surprisingly little is known about the development of partnerships of detainees during and after detention. In particular, it is unknown to what extent existing differences in the relationship quality at the start of the detention period continue. Therefore, this study examined how the partnerships of detainees developed by using data from the Prison Project. This is a longitudinal study in which 747 detainees with a partner were interviewed at various moments during detention and six months after detention. The results show that bad partnerships at the beginning of detention remain in general bad or end during and/or after detention, while the average to good relationships remain the same.


Anne Brons MSc
M.D. Brons, MSc is PhD student bij het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI).

Prof. dr. Paul Nieuwbeerta
Prof. dr. P. Nieuwbeerta is hoogleraar Criminologie bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Dr. Anja Dirkzwager
Dr. A.J.E. Dirkzwager is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).
Artikel

Het toezicht op de strafvorderlijke overheid: een modern artikel 359a Sv?

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 1 2018
Trefwoorden strafprocesrecht, modernisering Wetboek van Strafvordering, vormverzuimen, onrechtmatig handelen politie, artikel 359a Sv
Auteurs Mr. M. Samadi
SamenvattingAuteursinformatie

    In het kader van de modernisering van het Wetboek van Strafvordering heeft de wetgever zich ook gewaagd aan het veelbesproken thema van vormverzuimen en de strafprocessuele gevolgen van onrechtmatig strafvorderlijk overheidsoptreden. Deze bijdrage geeft een globale uiteenzetting van de voorgestelde wijzigingen van artikel 359a Sv en bespreekt deze wijzigingen in het licht van de in de literatuur geconstateerde problemen inzake de rechterlijke controle op vormverzuimen.


Mr. M. Samadi
Mr. M. Samadi is als promovendus werkzaam bij het Instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden. Zij doet onderzoek naar de normering van het strafvorderlijk handelen van de overheid en de wijze waarop wordt toegezien op de naleving van die normen.
Artikel

Psychische problemen tijdens detentie: een overzicht van kernresultaten uit het Prison Project

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1 2018
Trefwoorden mental health, prisoners, longitudinal, Geestelijke gezondheid, Gedetineerden, Longitudinaal
Auteurs Dr. A.J.E. Dirkzwager en Prof. dr. P. Nieuwbeerta
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution summarizes findings from the Prison Project on the longitudinal course of mental health problems during imprisonment. The findings illustrate that prisoners experience high levels of mental health problems. Shortly after their arrival in detention, a quarter of them experienced a high level of mental health problems, which is five times as high as men in the general population. Prisoners’ mental health problems decreased during imprisonment. Both characteristics of the correctional environment (e.g. a fair and respectful treatment by prison staff) and pre-existing characteristics of the prisoners (e.g. personality traits) are related to the course of mental health problems in detention.


Dr. A.J.E. Dirkzwager
Dr. Anja Dirkzwager is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Prof. dr. P. Nieuwbeerta
Prof. dr. Paul Nieuwbeerta is hoogleraar Criminologie aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.
Artikel

Vechten op afspraak

Verklaringen voor georganiseerde vormen van groepsgeweld

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2017
Trefwoorden collective, violence, hooliganism, organized confrontations, group dynamics
Auteurs Drs. Tom van Ham
SamenvattingAuteursinformatie

    Collective violence around football has been a topic of research since the 1980s. In the Netherlands, in recent decades the size and severity of this problem have decreased sharply and the number of incidents has stabilized due to measures taken. At the same time, these measures have resulted in an increase of football-related incidents outside stadiums and on other days than match days. Confrontations based upon prior mutual agreements, so-called arranged confrontations, are an example of this. Based on multiple research methods, in this article the underlying causes of arranged confrontations and processes influencing individual participation are addressed. Results show that this type of collective violence and partaking in it has various causes and explanations. These fit with extant research literature in the area of group crime and collective violence and are incorporated in the recently developed initiation-escalation model.


Drs. Tom van Ham
Drs. T. van Ham is onderzoeker bij Bureau Beke en als buitenpromovendus verbonden aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Criminaliteitsconcentraties en microplaatsen

Een toets van de ‘law of crime concentration at places’

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2017
Trefwoorden law of crime concentration, micro places, crime concentrations, criminology of place
Auteurs Prof. dr. Wim Hardyns, Thom Snaphaan MSc. en Prof. dr. Lieven J.R. Pauwels
SamenvattingAuteursinformatie

    The spatial concentrations of crime are increasingly being studied in smaller units of analysis. This study examines the extent to which crime levels occur at micro places. Weisburd argues there is a law of crime concentration at micro places. His so-called ‘law of crime concentration at places’ states that within an urban context a limited bandwidth of micro places is associated with a specific cumulative proportion of crime (e.g. 25 or 50 percent of crime in a city). In this study the authors investigate Weisburd’s statement in regard to crime concentrations in two large Belgian cities. Official police crime statistics (PCS) for the period 2004-2012 were used. There are several ways to define and operationalize a micro place. Therefore, this study also examines whether the unit of analysis has implications for the concentration of crime at places. Analyses were conducted at two small levels, namely: grid level (using 200 meters by 200 meters grid cells) and the level of the statistical sector (more or less similar to four digit postcode areas or CBS-neighborhoods). This study shows that the concentrations of crime at grid cells are in line with the findings of Weisburd. This trend is consistent in time, for the types of crime as well as for the two cities involved. The concentrations of crime at the level of the statistical sector appear to be less strong and therefore are not in line with the law of crime concentration at places.


Prof. dr. Wim Hardyns
Prof. dr. W. Hardyns is professor aan de Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht van de Universiteit Gent. Als lid van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) bestudeert hij de ruimtelijke context van criminele fenomenen en is hij gespecialiseerd in big data toepassingen in het veiligheidsdomein.

Thom Snaphaan MSc.
J.A.J.M. Snaphaan, Msc behaalde zijn diploma van Master in de Veiligheidswetenschappen aan de Universiteit Antwerpen.

Prof. dr. Lieven J.R. Pauwels
Prof. dr. L.J.R. Pauwels is professor aan de Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht van de Universiteit Gent en co-directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP).
Artikel

Nazorg voor ex-gedetineerden door Exodus: maakt het verschil?

Recidiveonderzoek onder ex-gedetineerden die bij Exodus verbleven in de periode 1999-2012

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Recidive (Reoffending), Nazorg (Aftercare), Quasi-experimenteel onderzoek (Quasi-experimental research), Gevangenis (Prison), Exodus
Auteurs Mr. dr. Sigrid van Wingerden, Suzan Verweij MSc, Dr. Bouke Wartna e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Exodus is an organization aimed at assisting prisoners at their transition to society. In the Exodus halfway houses participants receive help in finding a house and a job, in improving relationships with family and friends and in giving meaning to life. This study uses a quasi-experimental design to investigate whether participating in the Exodus program reduces reoffending: the observed reoffending rate is compared to the reoffending rate that was predicted based on characteristics of the participants. The findings show that two years after leaving Exodus, 46.5% of the participants reoffended. This is 4.1 percent point less than the total population of former prisoners and 4.6 percent point less than the predicted reoffending rate.


Mr. dr. Sigrid van Wingerden
Mr. dr. Sigrid van Wingerden is als universitair docent Criminologie verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden. Zij is tevens voorzitter van de redactie van PROCES.

Suzan Verweij MSc
Suzan Verweij MSc is wetenschappelijk medewerker bij het WODC.

Dr. Bouke Wartna
Dr. Bouke Wartna is senior wetenschappelijk medewerker bij het WODC.

Prof. dr. mr. Martin Moerings
Prof. dr. mr. Martin Moerings is emeritus hoogleraar Penologie aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.
Artikel

Veroordeeld tot (g)een baan

Hoe delict- en persoonskenmerken arbeidsmarktkansen beïnvloeden

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1-2 2017
Trefwoorden employment experiment, employment chances, labour market, conviction, ethnicity
Auteurs Dr. Chantal van den Berg, Dr. Lieselotte Blommaert, Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Previous research showed that job applicants with a criminal record have lower chances of obtaining employment compared to job applicants with no criminal record. At the same time empirical studies showed that having a job is especially beneficial for ex-delinquents, as employment was found to lower recidivism. The current study uses an experimental design to look into the influence of a criminal record on employment chances. For this purpose, 520 resumes and motivation letters were sent in response to vacancies published on the internet. All were identical except for the stated offence type (no offence, violent offence, property offence, or sexual offence), duration between conviction and application, business sector and ethnicity of the applicant. Results show no effect for type of offence or no offence on employment chances. However, a strong effect is found for ethnicity. Ethnic minorities with no conviction were even found to have lower chances of receiving a positive reaction compared to applicants with a Dutch name and a conviction for a violent offence.


Dr. Chantal van den Berg
Dr. C.J.W. van den Berg is onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Dr. Lieselotte Blommaert
Dr. E.C.C.A. Blommaert is postdoctoraal onderzoeker aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld
Prof. dr. mr. C.C.J.H. Bijleveld is directeur van het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en hoogleraar Methoden en Technieken aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Prof. dr. Stijn Ruiter
Prof. dr. S. Ruiter is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en bijzonder hoogleraar Sociale en ruimtelijke aspecten van deviant gedrag aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Eenvoudig witwassen: was het maar zo eenvoudig

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2017
Trefwoorden Eenvoudig witwassen, Onnodig, Reikwijdte, Kwalificatieuitsluitingsgrond
Auteurs Mr. D.E. Hooydonk
SamenvattingAuteursinformatie

    Het artikel richt zich op een kritische beoordeling van de strafbaarstelling van eenvoudig witwassen. Betoogd wordt dat het probleem dat de aanleiding vormde voor het strafbaar stellen van eenvoudig witwassen niet bestaat. Dit heeft als consequentie dat de strafbaarstelling alleen dient als vangnet voor het vervolgen van grondfeiten die niet of moeilijk te bewijzen zijn. De vormgeving van en de wetsgeschiedenis bij het artikel maken het echter mogelijk om (te) makkelijk te vervolgen op grond van eenvoudig witwassen als grondfeiten niet of moeilijk bewezen kunnen worden, ook als deze grondfeiten geen bedreiging vormen voor de integriteit van het financiële en economische verkeer. Deze onwenselijke aanpak moet door het Openbaar Ministerie vermeden worden.


Mr. D.E. Hooydonk
Mr. D.E. Hooydonk is junior docent Straf(proces)recht bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

De relatie tussen racisme en criminaliteit in Nederland

Een verkennende studie onder Surinaamse en Caribische Nederlanders

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Surinaamse en Caribische migranten, Racisme, Huidskleur, Criminaliteit
Auteurs Dr. Katharina J. Joosen
SamenvattingAuteursinformatie

    Surinamese and Dutch Caribbean migrants have been overrepresented in (official) Dutch crime statistics for years. From Hirschi’s Social Control Theory and the Theory of African-American Offending, this study investigates to what degree racism based on skin color is related to self-reported offending among Surinam and Dutch Caribbean migrants in The Netherlands. A total of 91 online questionnaires were filled out regarding skin color, experiences with racism, and offending. Results show that darker-skinned respondents experienced more racism and that more racism was reported by the respondents who committed more offenses; especially regarding violent and drug-related offenses.


Dr. Katharina J. Joosen
Dr. Katharina Joosen is postdoctoraal onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving.
Artikel

Feitelijk leidinggeven

Hoe een weinig vernieuwend arrest toch veel nieuws kan brengen; een kritische beschouwing

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2016
Trefwoorden feitelijk leidinggeven, deelneming, aansprakelijkstelling, (voorwaardelijk) opzet, zorgplicht
Auteurs Mr. dr. M.J. Hornman
SamenvattingAuteursinformatie

    In diens recente overzichtsarrest blijft de Hoge Raad in weerwil van tegengeluiden vanuit de lagere rechtspraak en de literatuur vasthouden aan het opzetvereiste voor feitelijk leidinggeven. Daarmee wordt het deelnemingskarakter van deze aansprakelijkheidsfiguur nogmaals bevestigd. Die bevestiging is geheel terecht, maar het (waarschijnlijk onbedoelde neven)gevolg van de huidige benadering van dat opzetvereiste is wel dat de ondermaats presterende leidinggevende beter af is dan zijn normconform of bovenmaats presterende collega. Dit specifieke punt vergt nog redressering door de Hoge Raad en zou verholpen kunnen worden door een meer zorgplichtgerichte benadering van voorwaardelijk opzet.


Mr. dr. M.J. Hornman
Mr. dr. M.J. Hornman is universitair docent straf- en strafprocesrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam. De auteur is in juni 2016 gepromoveerd aan de Universiteit Utrecht op een proefschrift naar de strafrechtelijke aansprakelijkheid van leidinggevenden van ondernemingen.
Artikel

De behoefte aan bescherming van slachtoffers van misdrijven in verschillende slachtoffer-daderrelaties

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 1 2016
Trefwoorden Protection, victim-offender relationship, victim needs, reasons for reporting
Auteurs Annemarie ten Boom
SamenvattingAuteursinformatie

    An explicit goal in the Dutch victim policy is to offer protection to victims of crime. Based on a EU Directive all member states shall ensure that victims receive a timely and individual assessment, to identify specific protection needs. In this paper the question is: which victims especially do need protection? More specific, it examines whether the victim-offender relationship, controlling for the confounders ‘type of crime’ and ‘gender of the victim’, contributes to the extent in which protection is a reason for reporting crimes to the police. For victims of domestic violence (by partners, ex-partners and (other) family members), the need for protection is an important reason for reporting – not just for women and girls, but also for men and boys. The need for protection is an important reason for reporting for victims by partners, ex-partners and (other) family members of non-violent as well as violent crimes.


Annemarie ten Boom
Annemarie ten Boom is projectbegeleider bij het WODC, het onderzoekscentrum van het Ministerie van Veiligheid en Justitie. Zij werkt aan een proefschrift over het verband tussen de slachtoffer-daderrelatie en de behoeften van slachtoffers met betrekking tot justitie. Zij is als buitenpromovendus aan INTERVICT verbonden.
Artikel

Een eenvoudige diefstal of toch een mishandeling?

Verschillen in type delict tussen zelfrapportage door slachtoffers en registratiesystemen bij instanties

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 1 2016
Trefwoorden Slachtoffers, Registratie misdrijf, slachtofferrapportage, Delictcategorie
Auteurs Maartje Timmermans, Joost van den Tillaart en Annemarie ten Boom
SamenvattingAuteursinformatie

    From a secondary analysis of data from a survey of victims of crime, commissioned by the WODC, it appears that more than occasionally the registration of the type of offence by the police, the Public Prosecution Service and Victim Support Netherlands does not match the victim’s own reporting of the offence. In this article, the differences between victims’ reports and registrations regarding the nature of the victimization are exposed and the background of the differences is explored. Some offences seem to have an increased chance of being classed by victims in offence categories which differ from those of the registrations.
    Based on the secondary analysis, the authors conclude that it is important for the interpretation of future research among victims to identify the registered offence and explicitly verify this with the respondent. It is also good to consider what registration data is useful in samples to be able to identify differences between the registrations and the victims’ reports later. A practical implication of the discrepancy in the nature of victimization is that bottlenecks may occur in the connection between the support needs of victims and the supply.


Maartje Timmermans
Maartje Timmermans is senior onderzoeker bij Regioplan.

Joost van den Tillaart
Joost van den Tillaart is senior onderzoeker bij Regioplan.

Annemarie ten Boom
Annemarie ten Boom is projectbegeleider bij het WODC, het onderzoekscentrum van het Ministerie van Veiligheid en Justitie. Zij werkt aan een proefschrift over het verband tussen de slachtoffer-daderrelatie en de behoeften van slachtoffers met betrekking tot justitie. Zij is als buitenpromovendus aan INTERVICT verbonden.
Artikel

De remmende werking van huwelijk en arbeid op vermogensdelicten. Rotterdam, 1812-1820

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2015
Trefwoorden property crime, marriage, labour, nineteenth century, Netherlands
Auteurs Bjørn Gallée BA en Jaap Ligthart MA
SamenvattingAuteursinformatie

    Within the field of criminology, marriage and labour are important determinants for the decline in criminal behavior. However, these factors are seldom researched in the context of historical criminology. By conducting research into crimes against property in Rotterdam, those brought to the Rotterdam correctional court in the 1812-1820 period, this paper attempts to shed light on the topic. Our findings show that a majority of the delinquents in question were employed, while a minority of those female delinquents were married, yet also in gainful employment in most cases. Male adolescents, who had just entered the labour market, were the largest group of male delinquents. The female population of delinquents consisted mostly of women who were close to marriageable age. Thus, it is suggested that labour and marriage supplied insufficient economical stability to inhibit criminal behavior during the 1812-1820 period.


Bjørn Gallée BA
B. Gallée, BA is werkzaam als onderzoeksassistent in het project ‘Crime and Gender’ aan de Universiteit Leiden.

Jaap Ligthart MA
J. Ligthart, MA was in 2013 werkzaam als onderzoeksassistent in het project ‘Crime and Gender’ en promoveert momenteel aan de Universiteit Leiden op financiële problemen van vorsten in de vijftiende-eeuwse Nederlanden.

    This paper looks at how Dutch newspapers dealt with mental disorders and gender in their crime reports in 1930. The Psychopath Acts, which allowed special restriction orders (‘TBR’) to be imposed on mentally disturbed delinquents who were a danger to society, had just come into effect then. The newspapers did not present such TBR criminals as dangerous or mentally disturbed. Instead, the papers used ‘madness’ to explain apparently motiveless crimes such as killing one’s own children. Female perpetrators were no more likely to be labelled mentally ill than male perpetrators.


Clare Wilkinson MA
C. Wilkinson, MA is promovendus aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Stapels koopwaar als eene bestendige aanlokking voor dieven’. De economische visie op criminaliteit en criminaliteitscontrole in de haven van Antwerpen (1880-1940)

De economische visie op criminaliteit en criminaliteitscontrole in de haven van Antwerpen (1880-1940)

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2015
Trefwoorden governance of security, private security, crime control, situational crime prevention, loss prevention
Auteurs Drs. P. Leloup
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution focuses on the manner in which between 1880 and 1940 private actors in the port of Antwerp, whether or not in cooperation with the public authorities, interpreted crime and crime control in terms of risk management, loss prevention and situational crime prevention through a strict economic approach, as opposed to the then dominant institutionalized and criminological discourse. Whereas crime control by the major criminal justice institutions put an emphasis on the biological, psychological and sociological characteristics of the offender, measures taken by maritime, industrial and commercial organizations were aimed exclusively at manipulating the temporal and spatial dimensions of the opportunity structures in which criminal activities, which posed a threat to the economic profitability, could develop.


Drs. P. Leloup
Drs. P. Leloup is verbonden aan de Crime & Society (CRiS)-onderzoeksgroep van de Vrije Universiteit Brussel, Faculteit Recht en Criminologie, is houder van masterdiploma’s geschiedenis (Universiteit Gent, 2009) en criminologische wetenschappen (Universiteit Gent, 2012) en werkt aan een proefschrift over de ontwikkeling van de private veiligheidszorg in België, getiteld ‘The development of the private security industry in Belgium (1907-1990). A historical-criminological perspective on contemporary changes in security and crime control’.
Artikel

Terugblikken op de aanloop

Dynamische voorspellers van perioden van detentie gedurende de levensloop van vrouwelijke gedetineerden in Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1 2015
Trefwoorden women, incarceration, risk factors, life history calendars, Netherlands
Auteurs Dr. Katharina Joosen en Dr. Anne-Marie Slotboom
SamenvattingAuteursinformatie

    Dynamic predictors of periods of incarceration across the life course of female prisoners in the Netherlands were examined, inspired by a Gendered Pathways to Offending framework. Through life course calendars and surveys 397 female prisoners were interviewed. Women who were employed, received benefits, experienced childbirth, or were involved with substance abusing partners were less likely to be incarcerated one year later. Women whose parents had divorced, were addicted to hard drugs, worked as prostitutes, were homeless, had debts, had income from crime or a criminal partner, or received treatment for psychological problems were at increased risk for incarceration one year later.


Dr. Katharina Joosen
Dr. K. Joosen is als postdoc onderzoeker werkzaam bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Dr. Anne-Marie Slotboom
Dr. A. Slotboom is universitair hoofddocent aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Wederopsluiting na elektronische detentie en reguliere detentie in België

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1 2015
Trefwoorden electronic monitoring, incarceration, propensity score matching, re-imprisonment
Auteurs Prof. mr. dr. Arjan Blokland, Dr. Hilde Wermink, Drs. Luc Robert e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Electronic monitoring is increasingly used as an alternative to imprisonment. Compared to imprisonment, electronic monitoring presumably is less costly. Furthermore, compared to imprisonment electronic monitoring may have less collateral consequences, as detainees who are electronically monitored are able to keep their job, housing and social networks, which are in turn associated with reduced recidivism. On the other hand electronic monitoring may have less of a deterrent effect than imprisonment, and deviant networks also remain intact, which may increase the likelihood of future crime and with it the likelihood of re-imprisonment. Here we make use of data from the Belgian penitentiary register to compare re-imprisonment of those having served their sentence under electronic monitoring and those regularly imprisoned, and limit our analyses to offenders with a prison sentence between six months and three years. We use propensity score matching to control for pre-existing differences between these groups. Our findings show that detainees are less likely to be re-imprisoned after electronic monitoring than after regular imprisonment.


Prof. mr. dr. Arjan Blokland
Prof. dr. mr. A.A.J. Blokland is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en bijzonder hoogleraar Criminology and Criminal Justice bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Dr. Hilde Wermink
Dr. H.T. Wermink is als universitair docent verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Drs. Luc Robert
Drs. L. Robert is onderzoeker aan het Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie (NICC) te Brussel.

Dr. Eric Maes
E. Maes is onderzoeker bij het Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie (NICC) te Brussel.
Toont 1 - 20 van 53 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.