Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 3045 artikelen

x
Artikel

Predictive policing: een balans na zes jaar ­empirisch evaluatieonderzoek in België

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2021
Trefwoorden predictive policing, big data, police, crime statistics, Belgium
Auteurs Wim Hardyns en Anneleen Rummens
SamenvattingAuteursinformatie

    Predictive policing is the use of historical crime and other data in complex statistical models to predict where and when there is a high risk of new crime events. These predictions can then be used to direct police patrols proactively. Despite the increasing use and commercialisation of predictive policing worldwide, academic research into the methodological and operational dimensions of predictive policing is relatively limited. Since 2015 we have researched and tested several predictive crime models methodologically and operationally, based on police and other (big) data sources in several Belgian police districts. In this article, we summarise the results of six years of empirical research into predictive policing and look to the future of predictive policing research and practice.


Wim Hardyns
Wim Hardyns is professor in de Criminologische Wetenschappen aan het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP), Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht, Universiteit Gent, en gastprofessor in de Veiligheidswetenschappen aan de Universiteit Antwerpen. wim.hardyns@ugent.be

Anneleen Rummens
Anneleen Rummens werkte onder promotorschap van Wim Hardyns als onderzoekster aan het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP), Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht, Universiteit Gent.

    In recent years, big data technology has revolutionised many domains, including policing. There is a lack of research, however, exploring which applications are used by the police, and the potential benefits of big data analytics for policing. Instead, literature about big data and policing predominantly focuses on predictive policing and its associated risks. The present paper provides new insights into the police’s current use of big data and algorithmic applications. We provide an up-to-date overview of the various applications of big data by the National Police in the Netherlands. We distinguish three areas: uniformed police work, criminal investigation, and intelligence. We then discuss two positive effects of big data and algorithmic applications for the police organization: accelerated learning and the formation of a single police organization.


Marc Schuilenburg
Marc Schuilenburg is bijzonder hoogleraar Digital Surveillance aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en universitair docent aan Vrije Universiteit Amsterdam. m.b.schuilenburg@vu.nl.

Melvin Soudijn
Melvin Soudijn is senior onderzoeker bij de afdeling Analyse & Onderzoek van de Landelijke Eenheid Nationale Politie en research fellow bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving.
Boekbespreking

In gesprek met Noortje de Boer

Proefschrift: On the outside, looking in. Understanding transparency at the frontline

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2021
Auteurs Anna Merz en Pieter Welp
SamenvattingAuteursinformatie

    In de serie ‘in gesprek met een pas gepromoveerde onderzoeker’ geven we aandacht aan promotieonderzoeken die voor toezichthouders relevant zijn. Hiervoor interviewen we als redactie van het Tijdschrift voor Toezicht (recent) gepromoveerde onderzoekers over hun onderzoek en de betekenis ervan voor het toezicht.
    In dit interview spraken Anna Merz en Pieter Welp, redacteuren van het Tijdschrift voor Toezicht, met Noortje de Boer die in 2020 promoveerde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam op haar onderzoek naar het effect van transparantie op uitvoerende toezichthouders. Zij werkt momenteel bij de vakgroep Public Governance and Management aan de Universiteit Utrecht.


Anna Merz
A. Merz MA is promovenda bij de sectie Criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam en redactielid van Tijdschrift voor Toezicht.

Pieter Welp
Drs. P. Welp is senior wetenschappelijk medewerker van de Inspectieraad en redactielid van Tijdschrift voor Toezicht.
Peer-reviewed artikel

‘Denkfouten, die heb ik niet’

Aandacht voor de blinde vlek van toezichthouders

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2021
Trefwoorden besluitvorming, bias, blinde vlek, denkfouten, psychologie
Auteurs Tessa Coffeng, Elianne F. van Steenbergen, Femke de Vries e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Een denkfout (of bias) ontstaat wanneer mensen op basis van aannames onbewust een verkeerde conclusie trekken. Onder toezichthouders (Ntotaal = 339) is onderzocht in hoeverre zij een potentiële ‘blinde vlek’ vertonen voor hun eigen denkfouten en hoe deze blinde vlek kan worden beïnvloed. Uit dit onderzoek bleek dat toezichthouders inderdaad inschatten dat denkfouten meer bij anderen voorkomen dan bij henzelf, en dat zelfwaargenomen objectiviteit deze blinde vlek kan vergroten. Ook bleek dat toezichthouders die waakzamer zijn in mindere mate een blinde vlek hebben voor hun eigen denkfouten. Toezichthouders geruststellen over het risico op denkfouten in de besluitvorming maakte hen juist minder waakzaam.


Tessa Coffeng
T. Coffeng, MSc. is promovenda bij de Universiteit Utrecht, toezichthouder bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en redacteur van Tijdschrift voor Toezicht.

Elianne F. van Steenbergen
Prof. dr. E.F. van Steenbergen is bijzonder hoogleraar Psychologie van Toezicht aan de Universiteit Utrecht, senior toezichthouder bij de AFM en redacteur van Tijdschrift voor Toezicht.

Femke de Vries
Prof. mr. dr. F. de Vries is bijzonder hoogleraar Toezicht bij de Rijksuniversiteit Groningen en managing partner bij &samhoud.

Naomi Ellemers
Prof. dr. N. Ellemers is universiteitshoogleraar aan de Universiteit Utrecht.
Boekbespreking

Boekbespreking & dialoog: De meeste mensen deugen

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2021
Auteurs Frans van Bruggen en Frédérique Six
Auteursinformatie

Frans van Bruggen
F.P van Bruggen is buitenpromovendus en toezichthouder bij De Nederlandsche Bank en redacteur van Tijdschrift voor Toezicht. Hij schrijft dit stuk op persoonlijke titel.

Frédérique Six
Dr ir F.E. Six MBA is universitair hoofddocent aan de Vrije Universiteit Amsterdam en gastprofessor aan de Universiteit Antwerpen. De focus van haar onderzoek is publieke governancevraagstukken met speciale aandacht voor de relatie tussen vertrouwen en controle.

Danielle Chevalier
Danielle Chevalier is universitair docent Rechtssociologie bij het Van Vollenhoven Instituut voor Recht, Bestuur en Samenleving bij de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit Leiden. Tevens is zij voorzitter van de Vereniging voor de Sociaal-wetenschappelijke Bestudering van het Recht.
Artikel

Kanttekeningen bij een instrumentele waar­dering van procedurele rechtvaardigheid

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Procedural justice, Empirical-legal research, Fact-value distinction, Consequentialism, Deontology
Auteurs Vincent Geeraets
SamenvattingAuteursinformatie

    Procedural justice has been at the forefront of empirical legal research in the Netherlands in past years. One of the major goals of this research is to find out what the effects are of the perception of procedural justice. In this article, I argue that the notion of procedural justice is deontological in nature. It has an intrinsic value, which means that it cannot be weighed against other interests. This is recognized in law: people have a right to a fair trial. However, since in social scientific research the focus is on the effects of procedural justice, researchers treat this concept (also) as a consequentialist notion. It is thought of as a means which can serve some useful end. My aim is to assess whether this way of valuing procedural justice can be considered acceptable. An important upshot of my discussion is that conducting research into procedural justice implies a normative stance. Finally, I suggest ways in which an all too instrumental approach to procedural justice can be avoided.


Vincent Geeraets
Vincent Geeraets is als universitair docent verbonden aan de afdeling Rechtstheorie en rechtsgeschiedenis van de Vrije Universiteit Amsterdam. Hij is gepromoveerd in de rechtsfilosofie en houdt zich onder andere bezig met het thema feiten en normen in empirisch-juridisch onderzoek.
Artikel

Access_open Defensieve geneeskunde: een juridisch-­empirisch perspectief

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Defensive medicine/defensieve geneeskunde, Empirical legal studies/juridisch-empirisch onderzoek, Medical liability law/medisch aansprakelijkheidsrecht, Disciplinary law/medisch tuchtrecht
Auteurs Shosha Wiznitzer
SamenvattingAuteursinformatie

    Some scholars argue that a growing number of Dutch physicians practice defensive medicine. This implies physicians base their professional decisions primarily on a fear of being held liable. The main question of this article is whether empirical evidence corroborates the claim that Dutch medical liability law causes physicians to behave defensively. I argue that this is not the case. If we assume that the law influences physicians’ behavior, we must also assume physicians know the law. Empirical evidence shows this knowledge is limited. Furthermore, Dutch physicians tend to report low levels of defensive behavior.


Shosha Wiznitzer
Shosha Wiznitzer is wetgevingsadviseur bij de Raad van State; daarvoor was zij werkzaam als universitair docent bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht (Universiteit Utrecht) Het artikel is geschreven op persoonlijke titel.
Uit de wetgevingspraktijk

Het toetsingskader ‘Digitalisering en wetgeving’

Een nieuwe impuls voor wetgevingstoetsing

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2021
Trefwoorden techniekafhankelijke wetgeving, uitvoering, algoritme, ICT, privacy
Auteurs G.H. Evers, G.J. van Midden en L.H.M. Weesing-Loeber
SamenvattingAuteursinformatie

    Digitaliseringsvraagstukken zijn voor de wetgever een zekere worsteling, omdat het vaak lastig is vooraf te overzien op welke wijze digitaliseringsaspecten moeten worden geadresseerd in wet- en regelgeving. De Afdeling advisering van de Raad van State heeft daarom, in aanvulling op haar algemene toetsingskader, een specifiek op digitalisering gericht toetsingskader gepresenteerd. Binnen de drie onderdelen van het kader – de beleidsanalytische, de juridische en de wetstechnische toets – wordt een aantal vraagpunten benoemd dat vanwege de digitaliseringsdimensie aandacht behoeft. Door aan te geven hoe zij zelf digitaliseringsaspecten weegt en toetst in haar advisering heeft de Afdeling een nieuwe impuls willen geven aan de discussie over wetgevingstoetsing in het digitale tijdperk. In dit artikel wordt het kader toegelicht en in de context van de bredere discussie rondom digitalisering en wetgeving geplaatst.


G.H. Evers
G.H. (Jenneke) Evers LLM MA is wetgevingsadviseur bij de directie Advisering van de Raad van State.

G.J. van Midden
Mr. G.J. (Gijs) van Midden is coördinerend specialistisch adviseur bij de directie Advisering van de Raad van State.

L.H.M. Weesing-Loeber
Mr. L.H.M. (Leontine) Weesing-Loeber is sectorhoofd bij de directie Advisering van de Raad van State.
Het Ambacht

Onorthodox wetgeven: het wijzigen van een amvb door een wet

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2021
Trefwoorden Wetgevingstechniek, Aanwijzingen voor de regelgeving, Wetgeving, Algemene maatregelen van bestuur, Wijzigingswetten
Auteurs T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het via een hogere regeling (een wet) wijzigen van een lagere regeling (een algemene maatregel van bestuur) wordt sinds 1993 uitdrukkelijk verboden in de Aanwijzingen voor de regelgeving. Toch wordt deze techniek heel af en toe toegepast. In deze bijdrage worden achtergronden en overtredingen van dit verbod belicht aan de hand van casuïstiek uit de afgelopen vier decennia. In het bijzonder wordt daarbij ingegaan op adviezen van de Raad van State, die zich niet kenmerken door consistentie. Aansluitend bij dit themanummer, is het vertrekpunt van deze bijdrage een hooggeleerd en hoogoplopend debat dat in 1987 over deze thematiek plaatsvond in de Eerste Kamer.


T.C. Borman
Mr. T.C. (Tim) Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Objets trouvés

Access_open Wettelijke bescherming van de academische vrijheid?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2021
Trefwoorden wetenschappelijke integriteit, draaideurcontracten, onafhankelijkheid, gedragscodes
Auteurs R.A.J. van Gestel
SamenvattingAuteursinformatie

    De academische vrijheid staat onder druk, mede door de wijze waarop onderwijs en onderzoek gefinancierd worden en wetenschappers ‘gemanaged’ worden. Door ontwikkelingen zoals het langdurig op tijdelijke contracten houden van jonge wetenschappers en toenemende nadruk op valorisatie en cocreatie van onderzoek slinkt de ruimte voor kritiek en voor ongebonden onderzoek. Ook in het onderwijs zien we dat er via toelatingsbeleid, accreditaties en onderwijsprogrammering steeds minder ruimte lijkt voor de eigen professionaliteit van wetenschappers. Bestaande gedragscodes lijken weinig houvast te bieden bij het beschermen van de academische vrijheid. Hierdoor rijst de vraag of het geen tijd wordt voor hardere wettelijke regels.


R.A.J. van Gestel
Prof. dr. R.A.J. (Rob) van Gestel is hoogleraar Regulering aan Tilburg Law School en hoogleraar methodologie van de rechtswetenschap aan de KU Leuven.

Maurits Berger
Prof. dr. mr. M.S. Berger is hoogleraar Islam en het Westen aan de Universiteit Leiden en directeur van de Leiden Islam Academie. Tevens is hij senior research associate aan Instituut Clingendael en hoofdredacteur van het Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid.
Artikel

Cultuurchristendom in de strijd tegen modern gnosticisme (deel 1)

Een alternatieve verklaring voor het huidige populisme

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2021
Trefwoorden cultuurchristendom, gnosticisme, populisme, Voegelin, Immanentisering
Auteurs Hans van de Breevaart
SamenvattingAuteursinformatie

    This article takes issue with the tendency among political scientists and cultural critics to reduce the current rise of populism to resentment among certain groups in society. Instead, the article argues that particularly right-wing populist cultural criticism is derived from the Christian conceptual foundations of Western culture. Typical for these foundations has been the process of ‘diversification’ as defined by the American political philosopher Eric Voegelin (1901-1985). As such, ‘diversification’ is diametrically opposed to the so-called ‘immanentization of the eschaton’ characteristic of modern Gnosticism. Populism is to be understood as a counter-movement to this Gnostic tendency in politics.


Hans van de Breevaart
Dr. J.O. van de Breevaart is historicus en godsdienstwetenschapper. Momenteel is hij verbonden aan het Wetenschappelijk Instituut voor de SGP. Van zijn hand verscheen zeer onlangs Threat or Opportunity? A Christian View on Populism in Europe, geschreven in opdracht van Sallux, denktank van de European Christian Political Movement.
Artikel

Wat heeft het populisme de christelijke kiezer te bieden?

Een vergelijking van de verkiezingsprogramma’s van Forum voor Democratie, de Partij voor de Vrijheid, JA21 en christelijke partijen voor de parlementsverkiezingen van 2021

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Christelijke kiezer, populisme, verkiezingsprogramma’s
Auteurs Marcel Maussen en Vita Appels
SamenvattingAuteursinformatie

    In recent years, it has often been suggested that the CDA, and to a lesser extent the ChristenUnie (CU) and the Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP), are losing voters to right-wing populist parties. To examine this proposition, the article first looks at which ‘Christian voters’ would be inclined to vote for right-wing populist parties. Next, a comparison is made between the positions of Forum voor Democratie (FvD), the Partij voor de Vrijheid (PVV) and JA21 and Christian parties, with respect to issues that are important to Christian voters. An analysis of the various election programmes for the 2021 parliamentary elections shows that while there is overlap between Christian and right-wing populist parties when it comes to limits on religious freedom and moral issues, there also remain significant differences and shared positions are often underpinned by very different arguments.


Marcel Maussen
Dr. M.J.M. Maussen is universitair hoofddocent bij de afdeling Politicologie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is als redacteur verbonden aan het Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid.

Vita Appels
Vita Appels studeert politicologie aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Secularisering in Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Secularisering, Religie, Kerken, Modernisering
Auteurs Joris Kregting
SamenvattingAuteursinformatie

    The Netherlands has witnessed a strong process of secularization, the rapid decline of institutionalized Christianity, i.e. the churches. An important explanation for this process is educational expansion: the increase in the number of highly educated people in the Netherlands contributes to the decline of religion. Other instances of modernization, such as individualization, provide additional explanations for secularization. As modernization continues, secularization will do so too with consequences for the churches themselves, but also for related social and cultural structures in the area of, for example, the media or education, for the tolerance between religious and secular Dutch and for citizen participation.


Joris Kregting
Joris Kregting is godsdienstsocioloog en werkt voor het Kaski, het onderzoekscentrum Religie en Samenleving van de Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen van de Radboud Universiteit Nijmegen. Daarnaast maakt hij deel uit van de leerstoel Empirische en Praktische Religiewetenschappen. Tussen 2016 en 2019 verrichtte hij zijn promotieonderzoek The persistent religious gender gap in the Netherlands in times of secularization, 1966-2015.
Artikel

Access_open Regelingen voor collectieve schade

Twee voorbeelden uit de jeugdzorg

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2021
Trefwoorden erkenning, genoegdoening, slachtofferparticipatie
Auteurs Dr. C.J. Ruppert
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds de Tweede Wereldoorlog heeft de Nederlandse overheid allerlei collectieve schaderegelingen gemaakt. Het overgrote deel van deze schaderegelingen wordt uit de publieke middelen gefinancierd. In een onlangs verschenen onderzoek worden de 44 Nederlandse regelingen voor collectieve schade geanalyseerd. De algemene uitkomst is dat veel van deze regelingen hun doel voorbijschieten. Ze zijn niet goed doordacht en onvoldoende uitgewerkt. Ook geven ze slachtoffers lang niet altijd voldoende erkenning voor wat hun is overkomen. In dit artikel wordt ingegaan op het in het onderzoek gehanteerde beoordelingskader en op de schaderegelingen die werden ingesteld naar aanleiding van seksueel misbruik en geweld in de jeugdzorg. Geconcludeerd wordt dat hier wel geheel of gedeeltelijk gecompenseerd werd, maar dat slachtoffers slechts deels erkenning en genoegdoening kregen. In deze schaderegelingen zaten weeffouten die in de toekomst moeten worden vermeden. Algemene lessen voor de toekomst zijn om beter te luisteren en zo veel mogelijk aan te sluiten bij wat slachtoffers wensen, om de uitvoering van een collectieve schaderegeling niet louter bureaucratisch en formalistisch te doen verlopen, om ruimte te creëren waardoor uitzonderingen mogelijk zijn ten faveure van de slachtoffers, en om de uitvoering te monitoren en collectieve schaderegelingen periodiek te evalueren.


Dr. C.J. Ruppert
Dr. C.J. Ruppert is rechtshistoricus en gastonderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving te Amsterdam.
Artikel

Access_open Beter re-integratieresultaat door Beschrijving Arbeids­belastbaarheid & Re-integratie (BAR)

Tijdschrift Afwikkeling Personenschade, Aflevering 3-4 2021
Trefwoorden Letselschade, Re-integratie, Personenschade, Arbeidsbelastbaarheid
Auteurs E.P. Audenaerde en D. Wieman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het BAR-instrument beschrijft mogelijkheden, beperkingen en voorwaarden voor (ander) werk op een eenduidige manier.


E.P. Audenaerde
Erwin Audenaerde is arbeidsdeskundige bij Trivium Advies en volledig werkzaam in de letselschadepraktijk. Hij is tevens redacteur van dit tijdschrift.

D. Wieman
Diederik Wieman is freelancejournalist, gespecialiseerd in zorg en sociale zekerheid.

Corjo Jansen
Prof. mr. C.J.H. Jansen is hoogleraar Rechtsgeschiedenis en Burgerlijk recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen en is voorzitter van het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht.

Cees Loonstra
Prof. mr. C.J. Loonstra is hoogleraar Arbeidsrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
PROCESperikelen

Psychisch geweld

Vaak nauwelijks zichtbaar en niet expliciet strafbaar

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2021
Auteurs Tako Engelfriet
Auteursinformatie

Tako Engelfriet
T. Engelfriet is voorzitter van Stichting het Verdwenen Zelf (https://professionals.verdwenenzelf.org).
Artikel

Boosheid, verdriet of walging?

Een systematische literatuurreview naar de rol van emotie bij het effect van gruwelijk bewijsmateriaal op schuldbeslissingen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2021
Trefwoorden gruwelijk bewijs, emotie, schuldbeslissing, systematische literatuurreview
Auteurs Dante Hoek, Janne van Doorn en Sigrid van Wingerden
SamenvattingAuteursinformatie

    Previous research has shown that gruesome evidence influences guilt decisions. Several scholars have put forward that the emotional response to gruesome evidence drives this effect. The current systematic review aims to critically scrutinize the current literature on this underlying emotion mechanism, by reviewing studies on the potential mediating role of emotion. A synthesis of the literature suggests that specific emotions have different effects: disgust shows a mediating effect, fear and sadness do not, whereas the effect of anger is inconsistent. The question remains whether an emotional effect is desirable in the courtroom. Recommendations for future research and the legal practice are made.


Dante Hoek
Dante Hoek is een tweedejaars masterstudent van de International Master’s in Advanced Research in Criminology (IMARC). Deze literatuurreview is verricht in het kader van haar bachelorscriptie Criminologie aan de Universiteit Leiden.

Janne van Doorn
Dr. J. van Doorn is universitair docent bij het Instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden.

Sigrid van Wingerden
Dr. mr. Sigrid van Wingerden is universitair hoofddocent bij het Instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden en tevens voorzitter van de redactie van PROCES.
Toont 1 - 20 van 3045 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.