Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 7622 artikelen

x
Artikel

Urgenda en de beoordeling van macro-argumenten

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2019
Trefwoorden Urgenda, Macro-argumenten en macro-effecten, public interest litigation, positieve verplichtingen, rechterlijke risicoregulering
Auteurs Mr. dr. E.R. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Urgenda-arrest illustreert de vragen die ontstaan ten aanzien van de rol die de civiele rechter kan en wellicht ook moet vervullen bij het vormgeven van het publieke leven van het civiele aansprakelijkheidsrecht. In deze bijdrage wordt ingegaan op de vraag hoe de civiele rechter daarbij om kan gaan met macroargumenten.


Mr. dr. E.R. de Jong
Mr. dr. E.R. de Jong is als universitair hoofddocent verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) en het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Nationale aansprakelijkheidsbeperking financiële toezichthouders vanuit Unierechtelijk perspectief: een ingekaderde beperking

HvJ EU 4 oktober 2018, C-671/16 (Kantarev)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2019
Trefwoorden overheidsaansprakelijkheid, lidstaataansprakelijkheid, wettelijke aansprakelijkheidsbeperking, toezichthoudersaansprakelijkheid
Auteurs Mr. R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    In onderhavig artikel wordt ingegaan op de betekenis van het Kantarev-arrest (HvJ EU 4 oktober 2018) voor het Nederlandse recht op het gebied van de aansprakelijkheid van financiële toezichthouders en in het bijzonder voor de huidige aansprakelijkheidsbeperking die is neergelegd in art. 1:25d Wft.


Mr. R. Meijer
Mr. R. Meijer is advocaat bij ZIPPRO MEIJER Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Access_open Betalingstransacties onder PSD2

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2019
Trefwoorden betalingsverkeer, betalingstransactie, PSD2, betaaldienstverlener, betaalinitiatiedienstverlener
Auteurs Prof. mr. W.A.K. Rank
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel betreft een beschrijving van de civielrechtelijke regeling van de betalingstransactie in titel 7B van Boek 7 BW zoals deze regeling sinds de inwerkingtreding van de Implementatiewet PSD2 in februari 2019 luidt. Centraal staat de verhouding tussen de bij een betalingstransactie betrokken betaaldienstverleners en met name die tussen een rekeninghoudende betaaldienstverlener en een betaalinitiatiedienstverlener.


Prof. mr. W.A.K. Rank
Prof. mr. W.A.K. Rank is hoogleraar financieel recht aan de Universiteit Leiden en Of Counsel bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Verkooponbevoegdheid van de hypotheekhouder

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2019
Trefwoorden misbruik van bevoegdheid, hypotheekrecht, executieverkoop, vertegenwoordiging, gerechtvaardigd vertrouwen
Auteurs Mr. S.J.L.M. van Bergen
SamenvattingAuteursinformatie

    In de bijdrage wordt besproken waartoe een geslaagd beroep op misbruik van bevoegdheid leidt bij verkoop van het hypotheekobject door de hypotheekhouder. Ook wordt onderzocht of het verschil maakt of de hypotheekhouder het hypotheekobject executeert of verkoopt krachtens een volmacht.


Mr. S.J.L.M. van Bergen
Mr. S.J.L.M. van Bergen is universitair docent burgerlijk recht en verbonden aan het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Jurisprudentie

De predispositie van de verdachte bij het stelen van een lokfiets: creëert de gelegenheid de dief?

Noot bij HR 12 februari 2019 ECLI:NL:HR:2019:149

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Tallon-criterium, Lokmiddelen, Lokfiets, Uitlokverbod, 6 EVRM
Auteurs Mr. W. Albers
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit de bestendige rechtspraak van de Hoge Raad blijkt dat opsporingsambtenaren op basis van de algemene taakstellende bevoegdheden in beginsel bevoegd zijn tot het inzetten van bepaalde lokmiddelen, mits deze inzet binnen de grenzen van het Tallon-criterium blijft. De verdachte mag zodoende niet door het optreden van de opsporingsambtenaar worden gebracht tot andere handelingen dan die waarop zijn opzet reeds van tevoren was gericht. De vraag die naar aanleiding van de onderhavige uitspraak echter kan worden gesteld, is of de verdachte nog wel een voldoende toereikend beroep kan doen op de rechtsbeschermende waarde die het Tallon-criterium – in het kader van de inzet van niet-menselijke lokmiddelen – beoogt te bieden.


Mr. W. Albers
Mr. W. (Willemijn) Albers is docent Straf(proces)recht bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Afstand of nabijheid?

Publiek-private relaties rondom normovertredend gedrag van werknemers

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Publiek-private samenwerking, Werknemerscriminaliteit, Particuliere opsporing, Particulier onderzoek
Auteurs Dr. C.A. Meerts
SamenvattingAuteursinformatie

    Private veiligheid staat in de belangstelling. Hierbij richt de belangstelling zich dan vooral op de rol die private actoren kunnen spelen in het beheersen van (publieke) veiligheidsvraagstukken in het kader van publiek-private samenwerking. Inmiddels bestaat er een robuuste basis aan empirisch en theoretisch werk over publiek-private verhoudingen in het veiligheidsdomein. Dit werk is echter vooral gefocust op private veiligheid. In dit artikel wordt er gekeken naar private opsporing en de verhoudingen tussen deze private actoren en het strafrechtelijk systeem. Op basis van een aantal interessante kenmerken van de private onderzoeksmarkt pleit dit artikel voor een frisse benadering van publiek-private contacten.


Dr. C.A. Meerts
Dr. C.A. Meerts is universitair docent bij de sectie criminologie, afdeling strafrecht en criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Trending Topics

Over pogingen de ondermijning te ontmijnen

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Ondermijning, Wetsvoorstel bestuurlijk verbod, Artikel 13b Opiumwet, politie
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers
SamenvattingAuteursinformatie

    Zowel door het wetsvoorstel bestuurlijk verbod ondermijnende organisaties als door de verruiming van artikel 13b Opiumwet wil de regering de ondermijning aanpakken. Probleem is wel dat de politie nauwelijks geschoold is in de van het strafrecht afwijkende procesregels uit het bestuursrecht.


Prof. mr. H.J.B. Sackers
Prof. mr. H.J.B. Sackers is hoogleraar bestuurlijk sanctierecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Neurogeheugendetectietests in de Nederlandse strafrechtspleging: hoop of huiver?

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2019
Trefwoorden neurogeheugendetectie, Opsporingsmethode, Zwijgrecht, Neurotests, brain-imaging, neurolaw, concealed information
Auteurs Mr. Naomi van Burgsteden
SamenvattingAuteursinformatie

    Neuroscience teaches us that we can obtain information about the brain by the use of neuro tests. An example of a neuro test is the concealed information test (CIT). This test examines whether a suspect recognizes specific details of a criminal offence. Afterwards experts can conclude whether the suspect has knowledge of a criminal offence, which only a perpetrator can know. This way a CIT contributes by the detection and adjudication of criminal offences. In recent decades, the interest in neuro tests such as the CIT has increased, also at the Ministry of Justice and Security. Based on the existing literature, both advantages and disadvantages of the CIT are discussed in this article.


Mr. Naomi van Burgsteden
Mr. Naomi van Burgsteden is juridisch medewerker bij Stichting Rechtswinkel Utrechtse Heuvelrug.
Artikel

Access_open De dialectiek bij Paul Scholten: haar aard, oorsprong en bronnen

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering Pre-publications 2019
Trefwoorden Paul Scholten, dialectiek, existentialisme, artificiële intelligentie, ethische theologie
Auteurs Wim Borst
SamenvattingAuteursinformatie

    Een bekend kenmerk van Scholtens beschouwingswijze was zijn dialectiek.
    Langemeijer heeft de aard ervan scherp geduid, maar erkend in het duister te tasten over haar oorsprong en bronnen. Hegel en Barth komen niet in aanmerking. Ik wijs op de betekenis die de theoloog P.D. Chantepie de la Saussaye (1848-1920) gehad kan hebben voor de ontwikkeling van Scholtens denken, zowel inhoudelijk als qua dialectiek. Sommige contemporaine auteurs lijken Scholten schatplichtig te achten aan Kierkegaard; ik acht dat te speculatief. Moderne digitale technologie opent potentieel grote mogelijkheden voor de toepassing van computers en artificiële intelligentie (AI) in de rechtspleging. Scholtens dialectiek stelt ons voor fundamentele rechtsfilosofische vragen ten aanzien van de mogelijkheid en wenselijkheid van ‘rechtspraak door computers’.


Wim Borst
Wim Borst is beleidsadviseur op het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Artikel

Access_open Broken rules, ruined lives

Een verkenning van de normativiteit van de onrechtservaring

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering Pre-publications 2019
Trefwoorden onrecht, slachtofferrechten, Benjamin, Shklar
Auteurs Nanda Oudejans en Antony Pemberton
SamenvattingAuteursinformatie

    Hoewel de rechtspositie van slachtoffers de afgelopen decennia verstevigd lijkt, blijft de relatie tussen slachtoffer en strafrecht ongemakkelijk. Rechtswetenschappers tonen zich bezorgd dat de toenemende aandacht voor de belangen van slachtoffers uitmondt in ‘geïnstitutionaliseerde wreedheid.’ Deze zorg wordt echter gevoed door een verkeerd begrip van slachtofferschap en heeft slecht begrepen wat het slachtoffer nu eigenlijk van het recht verlangt. Deze bijdrage probeert de vraag van het slachtoffer aan het recht tot begrip te brengen. Wij zullen de onrechtservaring van het slachtoffer conceptualiseren als een ontologisch alleen en verlaten zijn van het slachtoffer. Het aanknopingspunt om de relatie tussen slachtoffer en recht opnieuw te denken zoeken wij in deze verlatenheid. De kern van het betoog is dat het slachtoffer (mede) in het recht beschutting zoekt tegen deze verlatenheid, maar ook altijd onvermijdelijk tegen de grenzen van het recht aanloopt. Van een rechtssysteem dat zich volledig uitlevert aan de noden van slachtoffers kan dan ook geen sprake zijn. Integendeel, het recht moet zijn belang voor slachtoffers deels zien in de onderkenning van zijn eigen beperkingen om onrecht te keren, in plaats van de onrechtservaring van het slachtoffer weg te moffelen, te koloniseren of ridiculiseren.


Nanda Oudejans
Nanda Oudejans is universitair docent rechtsfilosofie aan de Universiteit Utrecht

Antony Pemberton
Antony Pemberton is hoogleraar victimologie aan Tilburg University.

Ronald Tinnevelt
Ronald Tinnevelt is universitair hoofddocent Rechtsfilosofie aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Advisering door het EHRM in civiele zaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2019
Trefwoorden 16e Protocol, EHRM, Hoge Raad, advies, prejudiciële vragen
Auteurs Johan Valk
SamenvattingAuteursinformatie

    Vanaf 1 juni 2019 kan de Hoge Raad het EHRM in concrete zaken vragen om een (prejudicieel) advies uit te brengen. Wat betekent dit voor civiele zaken? Dit artikel biedt een overzicht. Aan de orde komen onder meer het adviesverzoek door de Hoge Raad, de procedure bij het EHRM en de procedure na advisering door het EHRM.


Johan Valk
Mr. J.J. Valk is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Artikel

Het onderliggende conflict: afblijven of uitdiepen?

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2019
Trefwoorden schikking, civiele rechter, conflictoplossing, comparitie
Auteurs Rick Verschoof
SamenvattingAuteursinformatie

    Op de comparitie na antwoord besteden de civiele rechter en de kantonrechter tegenwoordig vaker aandacht aan het conflict. Het ‘conflict’ als tegenhanger van het ‘geschil’. Hoe maken rechters hun keuze om dat al dan niet te doen? Hoe diep gaat hun aandacht? Beheersen zij de grondbeginselen van het conflictgesprek? Wat vinden partijen van het optreden van de rechters op dit gebied? De antwoorden staan in dit artikel en uitgebreider in het boek Geschikt of niet geschikt van Rick Verschoof en Wibo van Rossum.


Rick Verschoof
Prof. mr. R.J. Verschoof is senior rechter in de Rechtbank Midden-Nederland en hoogleraar rechtspraak aan de Universiteit Utrecht
Artikel

Access_open Waarheidsplicht en bewijslastverdeling

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2019
Trefwoorden burgerlijk procesrecht, waarheidsplicht, bewijslastverdeling, bewijsrecht, artikel 21 Rv
Auteurs Redouan El Gamali en Eric Tjong Tjin Tai
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de verhouding tussen de waarheidsplicht en de bewijslastverdeling aan een nader onderzoek onderworpen. Besproken zal worden de praktische uitwerking van de interactie tussen de twee leerstukken. Het wetsvoorstel vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht wordt daarbij betrokken. Geconcludeerd zal worden dat de waarheidsplicht in zeker opzicht breder is dan de bewijslastverdeling, maar zij is niet los te denken van de vraag wie het bewijsrisico draagt. Een verbeterd sanctiestelsel zou de waarheidsplicht beter doen aansluiten bij de praktijk van het civiele proces.


Redouan El Gamali
Mr. R. El Gamali is advocaat bij Pels Rijcken te Den Haag en afgestudeerd aan Tilburg Law School.

Eric Tjong Tjin Tai
Prof. mr. ir. T.F.E. Tjong Tjin Tai is hoogleraar privaatrecht aan Tilburg University en onderzoeker bij het Tilburg Instituut voor Privaatrecht (TIP).
Artikel

Het slapend dienstverband: van onfatsoenlijk tot slecht werkgeverschap

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Slapend dienstverband, compensatieregeling, goed werkgeverschap, onfatsoenlijk, Scheidsgerecht
Auteurs Mr. dr. Niels Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    In navolging van het Scheidsgerecht Gezondheidszorg oordeelde Rechtbank Den Haag onlangs dat een werkgever, mede met het oog op de Regeling compensatie transitievergoeding, op grond van goed werkgeverschap onder omstandigheden verplicht kan zijn tot beëindiging van de slapende arbeidsovereenkomst over te gaan. Beide uitspraken zijn overwegend kritisch ontvangen, maar de vraag is hoe vreemd de gedachte eigenlijk is dat een werkgever in strijd met het goed werkgeverschap kan handelen door een dienstverband niet te beëindigen. Hoewel ik moeite heb met de compensatieregeling, vind ik voornoemde uitspraken goed verdedigbaar. Een werkgever die geen enkel belang heeft niet te handelen in strijd met het belang van een werknemer handelt meer dan alleen onfatsoenlijk. Onlangs stelde Kantonrechter Roermond prejudiciële vragen aan de Hoge Raad over deze kwestie. Aan de Hoge Raad is onder meer voorgelegd of – kort gezegd – de omgekeerde Stoof/Mammoet-toets werknemers met een slapend dienstverband kan helpen aan een transitievergoeding. Mij lijkt dat geen begaanbaar pad, tenzij het gaat om de aanpassing van een arbeidsovereenkomst van werknemers die na 104 weken ziekte structureel passend werk verrichten. Voor deze werknemers kan de omgekeerde Stoof/Mammoet wellicht behulpzaam zij bij het verkrijgen van een gedeeltelijke transitievergoeding.


Mr. dr. Niels Jansen
Universitair docent
Artikel

De vertrekvergoeding en de Hoge Raad: geen guidance, wel vragen

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden WNT, Wbfo, Hoge Raad, Vertrekvergoeding, Ambtshalve toetsing
Auteurs Mr. Merel Goldschmidt
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad heeft in juni 2018 een van de weinige uitspraken inzake de Wbfo gewezen. Van belang bij deze uitspraak was de vraag of de het hof gehouden was het verweer van Rabobank inzake artikel 1:125 lid 2 Wft ambtshalve te toetsen. Daarnaast is interessant aan dit arrest dat de Hoge Raad zich niet uitspreekt over de vraag of een deel van de vergoedingen waarover wordt geprocedeerd in materiële zin wel valt onder het begrip van ‘vertrekvergoeding’ als bedoeld in artikel 1:125 lid 2 Wft. De Hoge Raad had kunnen bijdragen aan de rechtszekerheid door zich hier (meer concreet) over uit te spreken.


Mr. Merel Goldschmidt
Advocaat
Artikel

Ernstig verwijtbaar gedrag van bestuurders als reden voor ontslag en aansprakelijkheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Bestuurders, Ernstig verwijt, artikel 7:673 lid 7 sub c BW, artikel 2:9 BW, Samenloop
Auteurs Mr. Huib Schrama en Mr. Klaas Wiersma
SamenvattingAuteursinformatie

    De wetgever heeft bij de e-grond en bij de toets van ernstige verwijtbaarheid van artikel 7:673 lid 7 sub c BW (waardoor de aanspraak op een transitievergoeding vervalt) geen concreet onderscheid gemaakt tussen een bestuurder en een ‘gewone’ werknemer. Die toets vergt een aparte beoordeling van het handelen van de bestuurder en lijkt los te staan van de toets of sprake is van ernstig verwijt dat is vereist voor interne bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 2:9 BW. Niettemin zijn rechters geneigd een link te leggen tussen beide maatstaven, waarbij zij veelal de norm voor (on)behoorlijk bestuur vooropstellen. Dit kan een aandachtspunt zijn bij het ontslag van een bestuurder.


Mr. Huib Schrama
Advocaat/senior associate

Mr. Klaas Wiersma
Advocaat/partner
Artikel

De voorgestelde wettelijke bedenktijd: een (on)gerechtvaardigde belemmering?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden voorontwerp wettelijke bedenktijd, Europeesrechtelijke toetsing, wettelijke bedenktijd
Auteurs Mr. R. Traas
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage beschouwt de mogelijke strijdigheid van de voorgestelde wettelijke bedenktijd met het vrij verkeer van kapitaal en de vrijheid van vestiging. Meer specifiek wordt de door de minister aangedragen rechtvaardiging voor een eventuele belemmerende werking van wettelijke bedenktijd op deze beginselen aan Europees recht getoetst.


Mr. R. Traas
Mr. R. Traas is advocaat bij Clifford Chance te Amsterdam.
Artikel

Tijd en rust wettelijk toegevoegd aan de gereedschapskist van het bestuur

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden naamloze vennootschap, beursvennootschap, wettelijke bedenktijd, bestuurstaak, corporate governance
Auteurs Mr. drs. R.H. Kleipool en Mr. R.L. Pouwer
SamenvattingAuteursinformatie

    De wetgever heeft een voorontwerp ter invoering van een bedenktijd voor bestuurders van de naamloze vennootschap gepubliceerd. Een bedenktijd geeft bestuurders gelegenheid in rust een goede belangenafweging te maken. De auteurs beschrijven hun positieve visie op het voorontwerp. Tevens komt een aantal knelpunten van de voorgestelde regeling aan bod.


Mr. drs. R.H. Kleipool
Mr. drs. R.H. Kleipool is kandidaat-notaris bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.

Mr. R.L. Pouwer
Mr. R.L. Pouwer werkt als Corporate Governance Analyst bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Artikel

Voorontwerp bedenktijd; een bedenkelijke geringschatting van het ondernemingsrecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden wettelijke bedenktijd, langetermijnwaardecreatie, ondernemingsrechtelijke redelijkheid en billijkheid, Nederlandse Corporate Governance Code, RNA-beschikking
Auteurs Mr. A.J.J.P.B.M. Kersten
SamenvattingAuteursinformatie

    Het kabinetsvoorstel ter invoering van een wettelijke bedenktijd wekt de indruk dat de stand van het Nederlandse recht buiten de rechtspraktijk onbemind is; immers, ons recht biedt (meer dan) voldoende bescherming aan beursgenoteerde ondernemingen. Daarnaast sluit de voorgestelde wettelijke bedenktijd een beroep op artikel 2:8 BW ter weigering van agendering uit. Aldus oordeelt de auteur dat het voorstel zowel overbodig als onwenselijk is.


Mr. A.J.J.P.B.M. Kersten
Mr. A.J.J.P.B.M. Kersten is werkzaam als hoofd European Relations bij Vereniging van Effectenbezitters.
Toont 1 - 20 van 7622 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.