Zoekresultaat: 31 artikelen

x
Artikel

Tegenstrijdig belang bij een bestuurder van een stichting. Hoe de redelijkheid en billijkheid te hulp schiet

Annotatie bij Hof ’s-Hertogenbosch 3 september 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:3263

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2019
Trefwoorden tegenstrijdig belang, stichting, redelijkheid en billijkheid, Bibolini
Auteurs Mr. S.L. Haanschoten
SamenvattingAuteursinformatie

    Een bestuurder met een tegenstrijdig belang vertegenwoordigt een stichting in strijd met de statuten. Volgens het hof is de vertegenwoordigingsbevoegdheid van de bestuurder niet aangetast, maar mag de wederpartij de stichting met toepassing van het Bibolini-arrest niet aan de overeenkomst houden. De auteur betoogt dat deze beslissing onjuist is.


Mr. S.L. Haanschoten
Mr. S.L. Haanschoten is advocaat bij Boonk van Leeuwen Advocaten te Rotterdam en promovendus aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Is het mogelijk om alle woningeigenaren verplicht van het aardgas af te schakelen?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2019
Trefwoorden aardgas, energietransitie, wijkgerichte aanpak, verplichten, gemeente
Auteurs Mr. R.A. (Rieneke) Jager
SamenvattingAuteursinformatie

    Alle circa 7 miljoen woningen in Nederland moeten in 2050 aardgasvrij zijn. De verantwoordelijkheid hiervoor ligt bij de gemeente. Onduidelijk is echter of, en zo ja hoe, de gemeente woningeigenaren met het (toekomstig) publiekrechtelijk instrumentarium tot afschakeling van het aardgas kan verplichten. In deze bijdrage wordt deze vraag beantwoord. Waar de gemeente nu nog geen verplichting tot het afschakelen kan opleggen, is dit na de inwerkingtreding van de Omgevingswet naar verwachting wel het geval. Het opleggen van de verplichting moet voldoen aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur en blijft binnen de grenzen van het eigendomsrecht.


Mr. R.A. (Rieneke) Jager
Mr. R.A. Jager is advocaat bij Pels Rijcken en Droogleever Fortuijn te Den Haag.
Artikel

De ontwikkeling van de Wet Damocles: burgemeesters trekken zwaard in de strijd tegen drugs

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Trefwoorden 13b Opiumwet, Drugscriminaliteit, Empirical legal research, Hennepteelt, Drugshandel
Auteurs Mr. L.M. Bruijn
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van artikel 13b Opiumwet sluiten burgemeesters elk jaar honderden panden vanwege drugshandel en hennepteelt. Dit artikel geeft een zo volledig mogelijk overzicht van de ontwikkeling, uitleg en toepassing van deze sluitingsbevoegdheid. Allereerst wordt onderzocht hoe vaak de bevoegdheid wordt toegepast. Daarna vindt een kwantitatieve jurisprudentieanalyse plaats, waarbij o.a. wordt gekeken naar de winkans van belanghebbenden. Deze resultaten worden vervolgens verklaard aan de hand van een meer kwalitatieve jurisprudentieanalyse. Door gebruik van verschillende onderzoeksmethoden en de uitvoerige jurisprudentiebespreking levert dit onderzoek een wetenschappelijke bijdrage aan de discussie over de toepassing en uitbreiding van artikel 13b Opiumwet.


Mr. L.M. Bruijn
Mr. L.M. Bruijn is docent en promovenda aan de Rijksuniversiteit Groningen. Haar promotieonderzoek betreft de legalisering van cannabis en de niet-strafrechtelijke aanpak van drugscriminaliteit in Nederland en Amerika.
Artikel

De hoogtepunten uit vijf jaren milieustrafrechtjurisprudentie (2013-2018)

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Milieustrafrecht, Jurisprudentie, Milieu, Strafrecht, Handhaving
Auteurs Mr. M. Velthuis
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt een overzicht gegeven van de jurisprudentie op het gebied van het milieustrafrecht over de afgelopen vijf jaren (2013-2018). De zaken tegen Odfjell, Trafigura, Dow Benelux en Chemiepack komen aan de orde. Daarnaast wordt jurisprudentie behandeld waaruit volgt dat rechters kritisch beoordelen of het OM ontvankelijk is, of de relevante delictsbestanddelen bewezen kunnen worden, of voldaan is aan de vereisten voor daderschap en/of deelneming en of de overtreding opzettelijk is begaan. Ook worden relevante ontnemingsuitspraken gesignaleerd. De auteur sluit af met een blik op de toekomst.


Mr. M. Velthuis
Mr. M. Velthuis is advocaat bij Stibbe.
Artikel

Access_open De plaats van het interne toezicht in de praktijk van het externe toezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2017
Trefwoorden extern toezicht, intern toezicht, relatie, proxytoezicht, aanvullen en versterken
Auteurs Leonie Schakel en Annemiek Stoopendaal
SamenvattingAuteursinformatie

    Politici en wetenschappers zijn het er al jaren over eens dat extern toezicht en intern toezicht kunnen verbeteren wanneer zij elkaar zouden aanvullen en versterken. Toch spreken interne en externe toezichthouders elkaar zelden. Dit artikel brengt de plaats van het interne toezicht in de praktijk van extern toezichthouders in kaart. Uit het onderzoek blijkt dat interne toezichthouders zich gestaag een plek verwerven in de toezichtpraktijk van externe toezichthouders, maar structureel beleid is nog schaars. Door inzichten uit de literatuur en de praktijk van de externe toezichthouders is het mogelijk de keuzes die gemaakt worden in het vormgeven van de relatie tussen intern en extern toezicht beter te onderbouwen.


Leonie Schakel
Mr. drs. L.A. Schakel is promovenda bij de Erasmus School of Health Policy & Management (ESHPM), Erasmus Universiteit Rotterdam en senior beleidsmedewerker bij de Nederlandse Zorgautoriteit

Annemiek Stoopendaal
Dr. A.M.V. Stoopendaal is universitair docent bij de Erasmus School of Health Policy & Management (ESHPM), Erasmus Universiteit Rotterdam
Artikel

Bouwen in een circulaire stad

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2017
Trefwoorden circulair, circulaire economie, hergebruik
Auteurs Mr. dr. M.N. (Marlon) Boeve
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt onderzocht of het huidige en toekomstige omgevingsrechtelijk instrumentarium voldoende mogelijkheden en/of stimulansen biedt om volledig circulaire steden mogelijk te maken. Daarbij komen de volgende onderwerpen aan de orde. Eerst wordt ingegaan op de eisen die aan de circulariteit van bouwwerken kunnen worden gesteld in de ontwerpfase. Besproken wordt in hoeverre de ambities van gemeentelijke ‘koplopers’ kunnen worden vormgegeven door strenge(re) eisen te stellen aan het materiaalgebruik bij nieuwbouw. Vervolgens wordt ingegaan op de vraag in hoeverre circulariteit bij bestaande bouw kan worden bereikt. Daarbij gaat het zowel om het planologisch instrumentarium om leegstand tegen te gaan, als om de eisen die kunnen worden gesteld aan verantwoord materiaalgebruik bij renovatie. Daarna komen de mogelijkheden in de sloopfase van een bouwwerk aan de orde: in hoeverre kunnen eisen worden gesteld ten aanzien van de scheiding van waardevol bouw- en sloopmateriaal?


Mr. dr. M.N. (Marlon) Boeve
Mr. dr. M.N. Boeve is als universitair docent verbonden aan het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainability Law van de Universiteit Utrecht.
Artikel

De Omgevingswet en het privaatrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Omgevingswet, privaatrecht, kostenverhaal, handhaving, Lex Michiels
Auteurs Prof. mr. G.A. (Gerrit) van der Veen
SamenvattingAuteursinformatie

    Auteur belicht drie privaatrechtelijke onderwerpen en hun relatie met de Omgevingswet: het stellen van regels via het privaatrecht, het privaatrechtelijke kostenverhaal en de privaatrechtelijke handhaving.


Prof. mr. G.A. (Gerrit) van der Veen
Prof. mr. G.A. van der Veen is advocaat bij AKD te Rotterdam, bijzonder hoogleraar milieurecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en lid van de redactie van het Tijdschrift voor Omgevingsrecht.
Artikel

Het omgevingsplan in de Omgevingswet

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1-2 2016
Trefwoorden Omgevingswet, omgevingsplan, omgevingswaarde, omgevingsvergunning, bestemmingsplan
Auteurs Mr. J.R. (Jan Reinier) van Angeren
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt het omgevingsplan besproken. Na een weergave van de totstandkomingsgeschiedenis van dit instrument wordt de inhoud van het omgevingsplan behandeld. Aan de orde komen de verschillende regels die het omgevingsplan moet bevatten, de bevoegdheid om het omgevingsplan vast te stellen, de omgevingswaarden en de programma’s. Ook wordt ingegaan op de wijze waarop het omgevingsplan als toetsingskader voor omgevingsvergunningen gaat functioneren.


Mr. J.R. (Jan Reinier) van Angeren
Mr. J.R. van Angeren is advocaat bij Stibbe.
Artikel

Alles woelt hier om verandering … Bestendige omgevingswetgeving?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2014
Trefwoorden bestendigheid van wetgeving, omgevingswetgeving, instrumentele wetgeving, milieubeleid, Europese omgevingsregelgeving
Auteurs Mr. Th.G. Drupsteen
SamenvattingAuteursinformatie

    Bestendigheid van wetgeving speelt geen rol van betekenis in de omgevingswetgeving. Deze wetgeving draagt in belangrijke mate een instrumenteel karakter. Zij is erop gericht om te komen tot een samenhangend en effectief milieubeleid. Veranderingen in de omgevingswetgeving zijn het gevolg van verschillende invloeden, waaronder de Europese omgevingsregelgeving. Deze veranderingen beogen steeds de omgevingswetgeving beter te laten beantwoorden aan haar doel.


Mr. Th.G. Drupsteen
Mr. Th.G. Drupsteen is staatsraad in buitengewone dienst. Hij is werkzaam in de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Artikel

Milieuaansprakelijkheid en zorgplichten in de Omgevingswet

Oratie Rijksuniversiteit Groningen

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 03/04 2014
Trefwoorden Omgevingswet, Milieuaansprakelijkheid, Chemie-Pack, Zorgplicht, Aansprakelijkheid
Auteurs Prof. mr. G.A. van der Veen
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage is de licht aangepaste schriftelijke versie van de rede uitgesproken bij de openbare aanvaarding van het ambt van bijzonder hoogleraar Milieurecht aan de Rijksuniversiteit Groningen op 14 oktober 2014. De auteur gaat in op de samenloop van grondslagen om milieuschade te verhalen bij de burger zoals milieuaansprakelijkheid, algemene zorgplichten en bijzondere wettelijke regelingen. In het wetsvoorstel voor de Omgevingswet blijft deze veelheid aan instrumenten bestaan.


Prof. mr. G.A. van der Veen
Prof. mr. G.A. (Gerrit) van der Veen is advocaat bij AKD Advocaten en Notarissen te Rotterdam en bijzonder hoogleraar Milieurecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Twisten tussen woningcorporatie en huurder: garandeert het Unierecht een recht op schotelantennes?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden horizontale directe werking, vrijedienstenverkeer, woningcorporatie, cassatie wegens onvoldoende motivering, Europees recht
Auteurs Mr. dr. H.J. van Harten en Mr. S.R.W. van Hees
SamenvattingAuteursinformatie

    In het huurreglement van de Arnhemse woningcorporatie SVA is opgenomen dat een huurder niet zonder voorafgaande schriftelijke toestemming het gehuurde mag wijzigen. Daaronder wordt mede begrepen het plaatsen van antennes.
    De vordering van de woningcorporatie tot verwijdering van een door een huurder geplaatste schotelantenne heeft uiteindelijk geleid tot een uitspraak van de Hoge Raad. Deze uitspraak is interessant omdat de civiele kamer van de Hoge Raad casseert vanwege onvoldoende Europeesrechtelijke motivering in het oordeel van het Gerechtshof Arnhem. Daarnaast raakt het geschil aan het materiële vraagstuk van de horizontale directe werking van het vrijedienstenverkeer en reikwijdte van het vrijverkeerrecht in privaatrechtelijke verhoudingen.
    HR 1 februari 2013, ECLI:NL:HR:2013:BX9761
    Conclusie advocaat-generaal Keus, ECLI:NL:PHR:2013:BX9761


Mr. dr. H.J. van Harten
Mr. dr. H.J. (Herman) van Harten is verbonden aan het Montaigne Centrum en het Europa Instituut van de Universiteit Utrecht.

Mr. S.R.W. van Hees
Mr. S.R.W. (Sander) van Hees is verbonden aan het Europa Instituut van de Universiteit Utrecht.

    Gebruiksverbod uit bouwverordening blijft van toepassing op uitbreidingsplannen. Toepasselijk recht ingevolge Invoeringswet Wabo inzake vragen of van een overtreding dan wel zicht op legalisatie sprake is

Jurisprudentie

De Vogelaarheffing

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2 2011
Trefwoorden Vogelaarheffing, steunmaatregel, bijzonder projectsteun, staatsteun
Auteurs Mr. drs. N. Saanen
SamenvattingAuteursinformatie

    De Rechtbank Utrecht haalde op 26 november 2010 een streep door de Vogelaarheffing. Deze heffing was destijds ingesteld om de investeringen in de 40 krachtwijken mede te financieren. Een van de argumenten die de woningcorporaties gebruikten om tegen de heffing op te komen, was het argument dat de heffing een integrerend onderdeel uitmaakte van de steunmaatregel (bijzondere projectsteun) en dat deze steunmaatregel ten onrechte niet was gemeld bij de Europese Commissie. Daardoor zou de steunmaatregel, inclusief de heffing, onrechtmatig zijn. Dat argument trof doel. Dit artikel verkent hoe solide de argumentatie van de rechtbank is.


Mr. drs. N. Saanen
Mw. mr. drs. N. Saanen, universitair docent TU Delft, Faculteit TBM, sectie Policy, Organisation, Law and Gaming (POLG).


Peter Willems
Discussie

Duurzaamheidseisen in de bestaande bouw

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden duurzaamheid, bestaande bouw, Bouwbesluit, Woningwet, convenanten
Auteurs Mr. G. Aarts
SamenvattingAuteursinformatie

    De bestaande bouwsector kent een aanzienlijk besparingspotentieel. Reden genoeg dus om bestaande bouw (verder) te verduurzamen. Anders dan in de nieuwbouwsector, heerst in de bestaande bouw evenwel de opvatting dat het ontbreekt aan kansen en verplichtingen om bestaande bouw (verder) te verduurzamen. Veel gehoorde bezwaren zijn dat duurzaamheidseisen bij bestaande bouw (vaak) niet afdwingbaar zijn en aanwezige (financiële) instrumenten onvoldoende prikkels bieden. Mogelijkheden om bestaande bouw (verder) te verduurzamen zijn niettemin wel degelijk aanwezig. Een voorbeeld hiervan is de aanschrijvingsbevoegdheid van burgemeester en wethouders op grond van artikel 13 Woningwet. Toch schiet de huidige wet- en regelgeving naar de mening van de auteur op dit moment tekort. Wijziging, c.q. uitbreiding van het huidige juridische instrumentarium verdient daarom aanbeveling. Daarnaast zou (nog) meer de nadruk op het nut en de noodzaak van de toepassing van convenanten kunnen worden gelegd.


Mr. G. Aarts
Mr. G. (Godelieve) Aarts is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.
Discussie

Duurzaamheidseisen bij aanbestedingen

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden duurzaamheidseisen, aanbesteding, gebiedsontwikkeling, gunningscriteria, technische specificaties
Auteurs Mr. P. Ürper
SamenvattingAuteursinformatie

    De aanbestedende dienst kan bijzondere voorwaarden verbinden aan de uitvoering van een overheidsopdracht. Deze voorwaarden kunnen verband houden met milieuoverwegingen (art. 26 Algemene richtlijn, art. 26 Bao). Voor de wijze van beschrijven van milieueisen en het gebruik van milieukeuren geldt de bijzondere regeling van artikel 23 lid 6 Algemene richtlijn. Voor dergelijke bijzondere voorwaarden geldt ook dat deze verenigbaar moeten zijn met de beginselen van gelijke behandeling en transparantie en dat ze in verband moeten staan met de opdracht. Duurzaamheidseisen kunnen dus een onderdeel vormen van de aanbesteding. Ten aanzien van inrichting van de openbare ruimte en bebouwing kunnen duurzaamheidseisen in de vorm van technische en gunningscriteria worden opgesteld. Europees recht gaat voor Nederlands recht. In bepaalde gevallen zou dat dan ook artikel 122 Woningwet moeten overtroeven.


Mr. P. Ürper
Mr. P. (Perihan) Ürper is adviseur bij PurpleBlue te Deventer.
Diversen

VMR-, VBR- en VBR-A-studiemiddag op 22 september 2010

‘Duurzaam ruimtegebruik, bouwen en wonen’

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden duurzaam, verslag, ruimtegebruik, bouw, wonen
Auteurs Mr. C. Pasteuning en Mr. R.G.M. van Ekdom
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage is een verslag van de studiemiddag van de Vereniging voor Milieurecht en de Vereniging voor Bouwrecht/Bouwrecht-Advocaten met als thema ‘Duurzaam ruimtegebruik, bouwen en wonen’. Deze middag vond plaats op 22 september 2010. Drie sprekers bespraken de elf bijdragen, die weer onderverdeeld waren in bestaande bouw/situaties, nieuwbouw en duurzame ruimte. Daarna kwamen twee referenten aan bod, die hierop konden reageren. De middag werd afgesloten met een discussie. Vele bestaande, potentiële en creatieve (juridische) instrumenten zijn aan de orde gekomen.


Mr. C. Pasteuning
Mr. C. (Charlotte) Pasteuning is advocaat bij Boekel De Nerée N.V.

Mr. R.G.M. van Ekdom
Mr. R.G.M. (Renske) van Ekdom is Senior Legal Counsel bij N.V. Nuon Energy en voorzitter van de Werkgroep Duurzame Energie van de Vereniging voor Milieurecht.
Discussie

Duurzaam ruimtegebruik, bouwen en wonen

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden duurzaamheid, ruimtegebruik, energiebesparing, ECP-grenswaarde
Auteurs Mr. N.S.J. Koeman
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur gaat in op de uitgebrachte preadviezen over duurzaam bouwen en duurzaam ruimtegebruik. In dat kader worden tevens voorstellen gedaan om de bestaande gebouwenvoorraad energiezuiniger en daarmee duurzamer te maken. In verband met de economische recessie wordt ook aandacht besteed aan de financiële haalbaarheid van mogelijke oplossingen. De Wro biedt nu al goede mogelijkheden om tot duurzaam ruimtegebruik te komen. Belangrijk in dat verband is de mogelijkheid om in bestemmingsplannen voorwaardelijke verplichtingen op te nemen. Daardoor kan zeker worden gesteld dat beoogde duurzaamheidsvoorzieningen ook daadwerkelijk gerealiseerd zullen worden. In de algemene regels van de provincie of het Rijk die in de nieuwe Wro mogelijk zijn, kunnen gemeenten worden verplicht dergelijke verplichtingen in een bestemmingsplan op te nemen.


Mr. N.S.J. Koeman
Mr. N.S.J. (Niels) Koeman is lid van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Discussie

Duurzaamheidseisen bij (projectontwikkel)overeenkomsten

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden artikel 122 Woningwet, EPC, excellente gebieden, Crisis- en herstelwet, exploitatieplan
Auteurs Mr. M.Y.C.L. de Wit
SamenvattingAuteursinformatie

    Artikel 122 Woningwet blijkt voor gemeenten een belangrijke belemmering te vormen voor het stellen van privaatrechtelijke duurzaamheidseisen aan nieuwbouw. Dit wetsartikel staat eraan in de weg dat een gemeente bij het aangaan van een privaatrechtelijke overeenkomst afspraken maakt over de energiezuinigheid, zoals de EPC, nu over dit onderwerp al publiekrechtelijke normen zijn neergelegd in het Bouwbesluit. De Woningwet en de Crisis- en herstelwet kennen weliswaar mogelijkheden om voor bepaalde projecten af te wijken van deze publiekrechtelijke normen, maar alleen in experimentele en bijzondere gevallen. Voor meer reguliere nieuwbouwprojecten kunnen derhalve geen privaatrechtelijke afspraken worden gemaakt over de energiezuinigheid ervan. Voorgesteld wordt om artikel 122 Woningwet buiten toepassing te verklaren voor de hoofdstukken 5 en 6 van het Bouwbesluit (de hoofdstukken over energiezuinigheid en milieu), zodat voor gemeenten en marktpartijen ruimte ontstaat om over de mate van duurzaamheid te onderhandelen en afspraken te maken, ook over de kosten en opbrengsten daarvan, in (anterieure of posterieure) overeenkomsten. De publiekrechtelijke pendant hiervan zou zijn dat het mogelijk wordt om in een exploitatieplan duurzaamheidseisen voor bebouwing vast te leggen die afwijken van de hoofdstukken 5 en 6 van het Bouwbesluit.


Mr. M.Y.C.L. de Wit
Mr. M.Y.C.L. (Maaike) de Wit is advocaat-partner bij nichekantoor Straatman Koster Advocaten en gespecialiseerd in projectontwikkeling en (ruimtelijk) bestuursrecht.
Artikel

Access_open Doorwerking van het publiekrecht in het privaatrecht in drievoud

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 2 2009
Trefwoorden rechtsmachtverdeling, privaatrecht, publiekrecht, bestuursrechtelijke geldschulden
Auteurs Dr. mr. M.W. Scheltema
SamenvattingAuteursinformatie

    Er bestaan in verhoudingen tussen een burger en de overheid drie vormen van doorwerking van het publiekrecht in het privaatrecht. De eerste vorm van doorwerking hangt samen met de rechtsmachtverdeling tussen de burgerlijke rechter en de bestuursrechter. De tweede vorm van doorwerking hangt samen met de voorrang van publiekrechtelijke normen in het privaatrecht. Deze voorrang kan op twee manieren worden bereikt. Het is mogelijk dat publiekrechtelijke normen op onaanvaardbare wijze worden doorkruist indien gebruik gemaakt wordt van een privaatrechtelijke bevoegdheid. Een andere wijze waarop deze voorrang kan worden bewerkstelligd is het opnemen van een regeling in het publiekrecht van materie die ook in het BW is geregeld. De derde vorm van doorwerking betreft de doorwerking van publiekrechtelijke regels via open normen in het privaatrecht. Met het oog op de toekomst rijst de vraag welke van deze drie vormen van doorwerking in de toekomst zullen blijven bestaan en welke het meest prominent zullen worden.


Dr. mr. M.W. Scheltema
Dr. mr. M.W. Scheltema is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn advocaten en notarissen te Den Haag.
Toont 1 - 20 van 31 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.