Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 1146 artikelen

x
Vrij verkeer

Access_open Regulering van toeristische verhuur: grenzen en mogelijkheden

De gevolgen van het arrest Cali Apartments voor de Nederlandse rechtspraktijk

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2021
Trefwoorden Dienstenrichtlijn, Vakantieverhuur, regulering B&B’s, woningtekort, Vrijheid van vestiging
Auteurs Mr. dr. M.R. Botman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt aan de hand van het arrest Cali Apartments onderzocht welke ruimte de Europese Dienstenrichtlijn laat om toeristische verhuur van woonruimte te reguleren. In dit licht wordt tevens de Wet toeristische verhuur besproken.
    HvJ 22 september 2020, gevoegde zaken C-724/18 en C-727/18, ECLI:EU:C:2020:743 (Cali Apartments en HX).


Mr. dr. M.R. Botman
Mr. dr. M.R. (Marleen) Botman is senior advocaat bij Pels Rijcken en verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Jurisprudentie

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2021

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2021
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. J.S. Boeser, mr. J. Boonstra e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. J.S. Boeser

mr. J. Boonstra

mr. dr. S.S. Buisman

mr. A.A. Feenstra

mr. K.M.T. Helwegen

mr. A.C.M. Klaasse

mr. dr. I. Koopmans

mr. V.S.Y. Liem

prof. mr. M. Nelemans

mr. dr. J.S. Nan

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. W.S. de Zanger
Artikel

Access_open Strafvorderlijke normering van preventief optreden op basis van datakoppeling

Een analyse aan de hand van de casus ‘Sensingproject Outlet Roermond’

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2021
Trefwoorden datakoppeling, privacy, opsporing, preventief politieoptreden, dataprotectierecht
Auteurs Prof. mr. L. Stevens, Prof. mr. M. Hirsch Ballin, Mr. dr. M. Galič e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage doen wij onderzoek naar de vraag hoe preventief politieoptreden op basis van datakoppeling zou moeten worden genormeerd. Onze analyse is gebaseerd op het Sensingproject Outlet Roermond. Wij stellen dat bestaande wetgeving onvoldoende in staat is de privacy van burgers te beschermen als die burgers ten behoeve van preventief politieoptreden in een algoritmische risicogroep worden geplaatst. Om die reden moet nieuwe regelgeving mede worden gebaseerd op een nieuw concept: group privacy. Ook stellen wij dat een nieuwe wettelijke grondslag recht zal moeten doen aan strafvorderlijke basisbeginselen nu preventief optreden op grond van datakoppeling moet worden gezien als opsporing.


Prof. mr. L. Stevens
Prof. mr. L. Stevens is hoogleraar straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Prof. mr. M. Hirsch Ballin
Prof. mr. M. Hirsch Ballin is hoogleraar straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. dr. M. Galič
Mr. dr. M. Galič is universitair docent straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. dr. S.S. Buisman
Mr. dr. S.S. Buisman is universitair docent straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. B. Groothoff
Mr. B. Groothoff is docent/onderzoeker aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. Y. Hamelzky
Mr. Y. Hamelzky is docent aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. C. Lucas
Mr. C. Lucas is PhD-onderzoeker aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. K. Rasul
Mr. K. Rasul is docent aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. S. Verijdt
Mr. S. Verijdt is docent aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Rechtsbescherming

Facebook Ireland: one-stop-shop confirmed

Het arrest van het Hof van Justitie in zaak C-645/19

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2021
Trefwoorden AVG, één-loketmechanisme, one-stop-shop, privacy, leidende toezichthoudende autoriteit
Auteurs Mr. M.O.G. Temme
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel behandelt het arrest van het Hof van Justitie van 15 juni 2021 in de zaak Facebook Ireland. Het Hof van Justitie bepaalt dat hoewel de leidende toezichthoudende autoriteit voor de grensoverschrijdende verwerking van persoonsgegevens in principe als de one-stop-shop in de zin van artikel 56 AVG moet worden aangemerkt, een betrokken toezichthoudende autoriteit in bepaalde omstandigheden gebruik kan maken van haar bevoegdheid als bedoeld in artikel 58 lid 5 AVG en een rechtsvordering kan instellen. De uitzonderingen op het één-loketmechanisme volgen uit de AVG.
    HvJ 15 juni 2021, zaak C-645/19, ECLI:EU:C:2021:483 (Facebook Ireland Ltd, Facebook Inc. en Facebook Belgium BVBA/Gegevensbeschermingsautoriteit (België)).


Mr. M.O.G. Temme
Mr. M.O.G. (Merle) Temme is advocaat bij CMS in Amsterdam/Brussel.
Rechtsbescherming

Access_open Hof van Justitie sluit zich voor het zwijgrecht en het nemo tenetur-beginsel voor natuurlijke personen aan bij het EHRM

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2021
Trefwoorden zwijgrecht, nemo tenetur, medewerkingsplicht, bestraffend bestuursrecht, Handvest
Auteurs Mr. M.A.A. Traousis
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest DB/Consob oordeelt de Grote kamer van het Hof van Justitie over de reikwijdte van het zwijgrecht en het nemo tenetur-beginsel voor natuurlijke personen. Eerder is dit al gedaan voor rechtspersonen in het kader van het mededingingsrecht, maar voor natuurlijke personen breidt het Hof van Justitie dit nu uit door aan te sluiten bij de rechtspraak van het EHRM. Dit leidt ertoe dat iemand geen boete mag krijgen omdat hij weigert te antwoorden, wanneer die antwoorden mogelijk tegen hem zouden kunnen worden gebruikt bij een criminal charge.
    HvJ 2 februari 2021, zaak C-481/19, ECLI:EU:C:2021:84 (DB/Commissione Nazionale per le Società e la Borsa (Consob)).


Mr. M.A.A. Traousis
Mr. M.A.A. (Marko) Traousis is stafjurist bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven en redacteur van de ABkort.
Artikel

Bewijs uit EncroChat in strijd met het recht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 7 2021
Auteurs RUUD VAN BOOM en JUSTUS REISINGER
Auteursinformatie

RUUD VAN BOOM

JUSTUS REISINGER
Ruud van Boom en Justus Reisinger zijn strafrechtadvocaten bij Van Boom Advocaten.
Artikel

Naar een effectieve handhaving op maat in het omgevingsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Sanctie, handhaving, institutioneel, overtreding, omgevingsdienst
Auteurs Mr. dr. O.D. (Oda) Essens
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 26 november 2019 promoveerde Oda Essens aan de Universiteit Utrecht op haar proefschrift getiteld ‘Operationalising Effective Public Enforcement of Environmental Law in the European Union, with a focus on England, Germany and the Netherlands’. In haar proefschrift heeft zij een model voor effectieve handhaving op maat ontworpen. Dit model bevat eisen aan de handhavingsorganisatie (institutionele eisen) en eisen aan de sancties (instrumentele eisen), zoals vastgelegd in wet- en regelgeving voor de publiekrechtelijke handhaving van het omgevingsrecht. Vervolgens heeft zij dat model toegepast op de publiekrechtelijke handhavingsorganisatie en sancties voor het omgevingsrecht in Nederland, Engeland en Duitsland. De toepassing heeft geleid tot good practices voor een ‘effectieve handhaving op maat’ in de drie landen en vanuit die good practices heeft zij aanbevelingen gedaan voor verbetering van de handhavingsorganisatie en de beschikbare sancties in de drie landen onderling. In dit artikel zet zij haar model voor effectieve handhaving op maat uiteen en belicht zij enkele belangrijke uitkomsten van de toetsing van de Nederlandse organisatie en sancties voor de publiekrechtelijke handhaving van het omgevingsrecht.


Mr. dr. O.D. (Oda) Essens
Mr. dr. O.D. Essens is op 26 november 2019 gepromoveerd aan de Universiteit Utrecht op haar proefschrift getiteld ‘Operationalising Effective Public Enforcement of Environmental Law in the European Union, with a focus on England, Germany and the Netherlands’.
Artikel

Access_open Verantwoordelijkheid voor mensenrechtenschendingen WK voetbal Qatar

Tijdschrift Voetbal- & Sportjuridische Zaken, Aflevering 1 2021
Trefwoorden FIFA World Cup Qatar, arbeidsmigranten, grote sportevenementen, mensenrechtenschendingen, gedeelde verantwoordelijkheid
Auteurs Daniela Heerdt
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds het evenement aan Qatar werd gegund in 2010 is de uitbuiting van arbeidsmigranten op de bouwplaatsen van het WK voetbal een voortdurende bron van zorg voor de internationale gemeenschap. Vanuit een juridisch-pluralistische benadering analyseert dit artikel de verschillende verantwoordelijkheden van de diverse betrokken stakeholders en bespreekt het de uitdagingen bij het ter verantwoording roepen van de verantwoordelijken en hoe een benadering van gedeelde verantwoordelijkheid deze uitdagingen zou kunnen oplossen.


Daniela Heerdt
Dr. D.M. (Daniela) Heerdt is researcher aan de Universiteit van Tilburg en onafhankelijk consultant op het gebied van sport- en mensenrechten.
Artikel

Access_open De impact van de ISU-zaak

Het Europees mededingingsrecht als kader en scheidsrechter in het conflict rond de European Super League?

Tijdschrift Voetbal- & Sportjuridische Zaken, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Europees mededingingsrecht, organisatie van de sport, rol federaties, Voetbal, breakaway league
Auteurs An Vermeersch
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage behandelt de impact van de recente uitspraak van het Gerecht van de Europese Unie in de ISU-zaak op de organisatie van de voetbalsport en toont aan dat zowel de plannen voor een Europese Super League als de reactie van UEFA en FIFA de mededingingsrechtelijke toets mogelijk niet doorstaan.


An Vermeersch
Prof. dr. A.P.L. (An) Vermeersch is gastprofessor Sportrecht aan de Universiteit Gent, lector Europees recht aan de Hogeschool Gent, tuchtrechter bij het Vlaams Sport Sporttribunaal en arbiter bij het Belgisch Arbitragehof voor de Sport.

    In deze bijdrage wordt aandacht besteed aan de inwerkingtreding van de schakelbepaling uit de Wfz (art. 2.3 Wfz) met de Wvggz per 1 januari 2020, waarbij de focus ligt op de rechtspositionele verschillen tussen de civiele verplichte geestelijke gezondheidszorg en de forensische zorg. Afgesloten wordt met enkele overwegingen, waarbij een inschatting wordt gemaakt van de mate waarin artikel 2.3 Wfz in de huidige vorm bijdraagt aan de beoogde doelstellingen van de Wfz.


Mr. drs. J.B.E. van der Aa
Justine van der Aa is afgestudeerd als jurist gezondheidsrecht (2019) en forensisch psycholoog (2020).

    Deze analyse bespreekt uitvoerig de argumenten van voor- en tegenstanders van het wetsvoorstel ter versoepeling van de Belgische abortuswetgeving (2019-…). Het fel bediscussieerde wetsvoorstel beoogt het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon uit te breiden en abortus te destigmatiseren. Door vrijwillige zwangerschapsafbreking als gezondheidszorg te kwalificeren geven de indieners van het wetsvoorstel tevens de voorkeur aan een gezondheidsrechtelijk traject op maat van de zwangere persoon als patiënt. De inkorting van de wachtperiode-en het schrappen van abortusspecifieke informatieverplichtingen geven in die zin blijk van vertrouwen in de zwangere persoon, in het kwalitatief handelen van de zorgverlener en in de waarborgen die het gezondheidsrecht reeds biedt. De wetgever dient met andere woorden uit te maken (1) welke regels hij in de context van abortus nodig acht, (2) of deze regels reeds worden gewaarborgd door de algemene gezondheidswetten- en deontologie, en (3) of de vooropgestelde regels hun doel bereiken. Een uitbreiding van het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon wordt tevens bewerkstelligd door de termijnuitbreiding van twaalf naar achttien weken voor abortus op verzoek. Een keuze voor een termijn is steeds in zekere mate willekeurig, doch reflecteert een beleidsethische keuze waarbij wordt gezocht naar een evenwicht tussen de bescherming van ongeboren leven en het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon. Praktische bekommernissen vormen hierbij geen fundamenteel bezwaar tegen een termijnuitbreiding maar dienen, in overleg met de betrokken sector, te worden geanticipeerd en maximaal te worden opgevangen door middel van organisatorische (niet-noodzakelijk juridische) initiatieven. Ten slotte beogen de indieners van het wetsvoorstel opheffing van alle strafsancties voor vrijwillige zwangerschapsafbreking. Op rechtstheoretisch vlak blijven echter vragen bestaan omtrent de manier waarop dit voorstel een volledige depenalisering doorvoert. Hoewel het tuchtrecht enige rol kan spelen bij gebrek aan strafsancties, creëert de vooropgestelde depenalisering van ongeoorloofde zwangerschapsafbreking door een arts een rechtsonzekere situatie.
    ---
    This analysis extensively discusses the arguments of supporters and opponents of the legislative proposal to relax the Belgian abortion legislation (2019-…). The heavily debated proposal primarily aims to expand the pregnant person’s right to self-determination and to destigmatise abortion. By qualifying consensual termination of pregnancy as health care, the supporters of the proposal also prioritise an individualised, health-oriented approach towards the pregnant person as patient. In the same vein, the diminished waiting period and the removal of abortion-specific information duties express trust in the pregnant person, in the qualitative conduct of the health care provider, and in the guarantees that the health law already provides. In other words, the legislator must determine 1) which regulations it deems necessary in the context of abortion, 2) whether these regulations are already guaranteed by general health laws and ethics, and 3) whether the proposed regulations achieve their intended purpose. An expansion of the pregnant person’s right to self-determination is also achieved by the extension from twelve to eighteen weeks as a limit for abortion on request. Although a time limit is always arbitrary to some extent, it mainly reflects a policy-ethical decision in which a balance is sought between the protection of unborn life and the pregnant person’s right to self-determination. Practical concerns do not establish a fundamental objection to the extension of such limit, but must, in consultation with the medical profession, be anticipated and dealt with as much as possible by means of organisational (not necessarily legal) initiatives. Finally, the proposal lifts all criminal sanctions currently applicable to consensual termination of pregnancy. On a legal-theoretical level, however, questions remain about the way in which the proposal implements full depenalisation. Although disciplinary law can play some role in the absence of criminal sanctions, the depenalisation of unlawful termination of pregnancy by a health care professional produces legal uncertainty.


F. De Meyer
Fien De Meyer doet doctoraatsonderzoek naar regelgeving inzake abortus aan de Universiteit van Antwerpen.

C. De Mulder
Charlotte De Mulder doet doctoraatsonderzoek naar het statuut van ongeboren leven aan de Universiteit van Antwerpen.
Artikel

Aansprakelijkheids- en verhaalsproblemen rondom een FGR

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2021
Trefwoorden beleggingsinstelling, juridisch eigenaar, beheerder, afgescheiden vermogen, beleggingsrestricties
Auteurs Prof. mr. W.A.K. Rank
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt ingegaan op de vraag hoe men dient te contracteren met een fonds voor gemene rekening (FGR) om zeker te stellen dat het fonds aansprakelijk is voor de uit een dergelijke overeenkomst voortvloeiende verbintenissen en dat verhaal op de activa van het fonds tot de mogelijkheden behoort.


Prof. mr. W.A.K. Rank
Prof. mr. W.A.K. Rank is hoogleraar financieel recht aan de Universiteit Leiden, Of Counsel bij NautaDutilh te Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Kroniek Aansprakelijkheidsrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 6 2021
Auteurs Caspar Janssens, Ferah Taptik en Laura Kirch

Caspar Janssens

Ferah Taptik

Laura Kirch
Artikel

Access_open Het Cornelius Haga Lyceum in gevecht met de overheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2021
Trefwoorden onderwijsrecht, onderwijsvrijheid, islamitische scholen, burgerschapsonderwijs
Auteurs Miek Laemers
SamenvattingAuteursinformatie

    Since – and even before – the start of the Cornelius Haga Lyceum (islamic secondary school in Amsterdam) in 2017, the school board has been involved in legal procedures against the government to fight for their right to exist as an islamic school. The difficult way the school was established, the illustrious history in the last ten years and the director’s retreat are described based on literature, media reports, and jurisprudence. The events are placed in the light of the pursuit from the government to fight radicalisation – may be even islamisation – in Dutch society and specially in Dutch schools. Special attention is paid to relevant themes of education law, like freedom of education in article 23 of the Dutch Constitution and citizeneducation.


Miek Laemers
Prof. mr. dr. M.T.A.B. Laemers is sedert 2019 emeritus hoogleraar Onderwijsrecht aan de Vrije Universiteit. Zij vervult thans enkele functies op het terrein van onderwijsrecht, zoals die van voorzitter van het College van Beroep voor de Examens van de Universiteit van Amsterdam, lid van de Commissie uitingen maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef, redactielid van het Nederlands Tijdschrift voor Onderwijsrecht en voorzitter van de landelijke klachtencommissie geschillen medezeggenschap ouders/studenten in het middelbaar beroepsonderwijs.
Artikel

Access_open Professionele ethiek in het academisch juridisch onderwijs - Enige inhoudelijke en didactische aanknopingspunten

Special issue on Education in (Professional) Legal Ethics, ­Emanuel van Dongen & Jet Tigchelaar (eds.)

Tijdschrift Law and Method, juni 2021
Auteurs Emanuel van Dongen en Jet Tigchelaar
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs inhoudelijke en didactische aanknopingspunten voor de integratie van professionele ethiek in de academische juridische opleiding. Dat gaat wat de auteurs betreft verder dan (enkel) het leren van gedragsregels, maar betreft ook de (kritisch-)ethische reflectie (op de professionele rol) van de jurist en ethische oordeelsvorming. Aanknopingspunten uit rechtstheoretische en onderwijskundige literatuur vragen om een curriculum brede, stapsgewijze, inbedding met passende toetsing. Dit onderwijs dient idealiter een combinatie te zijn van afzonderlijke meta-juridische vakken over recht en ethiek, positiefrechtelijke vakken die ethische elementen bevatten, klinische training en specifieke vakken over beroeps- of professionele ethiek. In dit artikel bespreken de auteurs diverse methoden die kunnen worden gebruikt om het onderwijs vorm te geven en illustreren dit met enkele voorbeelden uit het Utrechts universitair juridisch onderwijs. Actieve participatie, reflectie en – idealiter – eigen ervaringen zijn daarbij van groot belang. Een aantal modellen uit niet-juridische disciplines kan behulpzaam zijn bij het bieden van structuur voor ethische reflectie, voor zover het morele sensitiviteit en morele oordeelsvorming stimuleert. Verscheidene toetsingselementen op het terrein van de ethiek zijn door het curriculum heen nodig. Leeractiviteiten en toetsing kunnen worden opgebouwd in het curriculum van kennis en begrip, naar competenties ten aanzien van ethische dilemma’s en moreel oordelen.


Emanuel van Dongen
Dr. Emanuel van Dongen is Assistant Professor Private Law at the Molengraaff Institute for Private Law, researcher at the Utrecht Centre for Accountability and Liability Law and the Montaigne Centre for Rule of Law and Administration of Justice, Utrecht School of Law.

Jet Tigchelaar
Dr. Jet Tigchelaar is Assistent Professor Legal Theory at the Institute for Jurisprudence, Constitutional and Administrative Law, researcher at the Utrecht Centre for European Research into Family Law, Utrecht School of Law.
Annotatie

Wanneer wordt een prijs op billijke wijze vastgesteld?

HvJ EU 25 november 2020, zaak C-372/19, ECLI:EU:C:2020:959 (SABAM/Weareone.World en Wecandance)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2021
Auteurs Jotte Mulder en Wolf Sauter
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze noot bespreken wij de uitspraak van het Hof van Justitie in SABAM/Weareone.World en Wecandance. De uitspraak draagt bij aan een verder gedifferentieerd jurisprudentieel kader voor onbillijke prijzen en voorwaarden. De uitspraak verrijkt de bestaande rechtspraak waarin de onderliggende berekeningsmethode van vergoedingenmodellen van collectieve beheersorganisaties op billijkheid worden getoetst. In navolging van de conclusie van advocaat-generaal Pitruzzella in deze zaak reflecteren wij tevens op de toepasbaarheid van het oordeel van het Hof van Justitie in farmaceutische en platformmarkten.


Jotte Mulder
Mr. dr. J. Mulder is werkzaam bij de Universiteit Utrecht en de ACM.

Wolf Sauter
Prof. mr. dr. drs. W. Sauter werkt bij de VU Amsterdam en eveneens bij de ACM.
Annotatie

Sluiting school

Annotatie bij Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten 14 augustus 2020, ECLI:NL:OGEAM:2020:65

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2021
Auteurs Mr. dr. J. Sybesma en Mr. R.E.R de Knegt
Auteursinformatie

Mr. dr. J. Sybesma
Mr. dr. J. Sybesma is parttime docent staats- en bestuursrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de University of Curaçao. Sybesma is ook lid van de Raad van Advies van Curaçao en bijzondere rechter bij het GHvJ. Hij is tevens redactielid van het CJB.

Mr. R.E.R de Knegt
Mr. R.E.R. de Knegt is wetenschappelijk medewerker staats- en bestuursrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de University of Curaçao. Zij is tevens redactiesecretaris van het CJB.
Artikel

Verschillen in bestuurlijk toezicht tussen gemeenten en BES-eilanden

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2021
Trefwoorden toezicht, indeplaatsstelling, artikel 278a Gemw, artikel 34 lid 5 FinBES, goedkeuring, staatsrecht
Auteurs Mr. E.M. Welling
SamenvattingAuteursinformatie

    De inzet van de grove taakverwaarlozingsregeling ten aanzien van het openbaar lichaam Sint Eustatius illustreert de vergaande strekking van het bestuurlijk toezicht op decentrale overheden. Opvallend is dat er tussen het toezichtinstrumentarium op gemeenten en dat op openbare lichamen verschillen bestaan. In dit artikel wordt ingegaan op de verschillen bij onder andere de bevoegdheid tot indeplaatsstelling bij taakverwaarlozing, spontane vernietiging, de aanwijzingsbevoegdheid en goedkeuring van de begroting. Bovendien wordt ten behoeve van de proportionaliteit en doelmatigheid van het toezicht geadviseerd om verschillen op te heffen.


Mr. E.M. Welling
Mr. E.M. Welling is recent afgestudeerd aan de Radboud Universiteit en heeft ter afronding van haar master Staats- en Bestuursrecht onderzoek gedaan naar het bestuurlijk ingrijpen op Sint Eustatius.

Mr. M.E.B. de Haseth
Mr. M.E.B. de Haseth is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel

Access_open Wat betekenen advocaten voor het gezondheidsrecht?

Confraternele bijdragen voor Willemien Kastelein en Jaap Sijmons

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2021
Auteurs Mr. A.C. De Die, Mr. dr. L.A.P. Arends, Mr. W.K. Bischot e.a.
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. A.C. De Die
Mieke de Die is advocaat bij Velink & De Die advocaten te Amsterdam.

Mr. dr. L.A.P. Arends
Luuk Arends is advocaat bij Dirkzwager te Nijmegen.

Mr. W.K. Bischot
Willemien Bischot is advocaat bij Van Doorne te Amsterdam.

Mr. drs. M.J.J. de Ridder
Michel de Ridder is advocaat bij KBS te Utrecht.

Mr. dr. W.I. Koelewijn
Wouter Koelewijn is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht.

Mr. dr. M.F. Vermaat
Matthijs Vermaat is advocaat bij Van der Woude De Graaf te Amsterdam.

Mr. T.A.M. van den Ende
Tessa van den Ende is advocaat bij Nysingh te Utrecht.
Toont 1 - 20 van 1146 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.