Zoekresultaat: 48 artikelen

x
Artikel

Access_open Verbanning uit het semipublieke domein

Toegangsverboden in juridisch perspectief

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 2 2018
Trefwoorden The semi-public domain, Misconduct, Exclusion orders, Civil court, Complaints committees
Auteurs Mr. dr. Mandy van Rooij
SamenvattingAuteursinformatie

    The semi-public domain covers the places that are accessible to the public but which are controlled by private entities. Shopping malls, public transport, bars and sports events are examples of such places. In case of misconduct, the private manager may impose exclusion orders. This sanction relies on legal contracts and the exclusive nature of the right to property. The legal framework consists therefore primarily of private law. Exclusion orders may not be imposed without reason. Prevention of disorder and harm may be a legitimate reason. The length and range of the ban must relate to the gravity of the disruption. In addition to this, public laws on non-discrimination and privacy are applicable. The civil court is competent to check the exclusion orders in de semi-public domain. The author sees added value in complaints committees, in which both public and private actors partake. Complaint committees can thrive if their assessment frameworks are transparent.


Mr. dr. Mandy van Rooij
Mr. dr. A.E. van Rooij verdedigde in 2017 aan de Vrije Universiteit Amsterdam haar proefschrift Orde in het semipublieke domein. Particuliere en publiek-private orderegulering in juridisch perspectief, uitgegeven bij Boom juridisch (Den Haag). Deze bijdrage is gebaseerd op dit promotieonderzoek. Inmiddels is zij werkzaam als wetgevingsjurist bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en verbonden als onderzoeker aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de VU.
Artikel

‘I know certainty freaks you out’

Het nut en de noodzaak van decision analysis in de procespraktijk

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2018
Trefwoorden decision analysis, kwantitatieve analyse, procesrisico, schikkingsonderhandelingen, Daniel Kahneman
Auteurs Mr. L.A. van Amsterdam en Mr. Y. Steeg-Tijms
SamenvattingAuteursinformatie

    Juridische procedures zijn naar hun aard complex en onzeker. De auteurs bespreken een manier van werken, decision analysis, die advocaten daarop laat anticiperen door met meer structuur en minder ruimte voor misverstanden over procesrisico’s en schikkingsonderhandelingen te adviseren. Zij gaan daarbij onder meer in op de wetenschappelijke achtergrond van decision analysis en de vijf stappen die samen in een deugdelijke analyse resulteren.


Mr. L.A. van Amsterdam
Mr. L.A. van Amsterdam is als advocaat werkzaam op een procespraktijk van NautaDutilh.

Mr. Y. Steeg-Tijms
Mr. Y. Steeg-Tijms is als advocaat werkzaam op een procespraktijk van NautaDutilh.
Diversen

Yes or no to no oral modification clauses?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Boilerplate, NOM-clausule, No oral modification, Gerechtvaardigd vertrouwen bij totstandkoming, Wil/vertrouwensleer
Auteurs Prof. mr. T.H.M. Van Wechem en Prof. mr. H.N. Schelhaas
SamenvattingAuteursinformatie

    Clausules waarin vooraf afspraken worden gemaakt over vormvereisten waaraan toekomstige wijzingen van de gemaakte afspraken moeten voldoen, zogenoemde NOM-clausules, laten zich lastig juridische plaatsen. Wat gaat vóór: de oude afspraak die aangeeft dat een nieuwe afspraak slechts schriftelijk kan worden gemaakt, of de nieuwe mondelinge afspraak waarbij klaarblijkelijk van de oude is afgeweken? In het artikel wordt min of meer aangegeven dat het hiervoor bedoelde ‘klaarblijkelijk’ het scharnierelement is. Om vast te stellen of partijen een nieuwe afspraak hebben willen maken, dient met precisie naar artikel 3:35 BW te worden gekeken. Volgens de auteurs zal het antwoord op voornoemde vraag afhangen van het ‘gerechtvaardigd’ vertrouwen dat in de nieuwe situatie al dan niet is opgewekt.


Prof. mr. T.H.M. Van Wechem
Prof. mr. T.H M. van Wechem is hoogleraar Professional Leagal Councelling aan de Open Universiteit.

Prof. mr. H.N. Schelhaas
Prof. mr. H.N. Schelhaas is hoogleraar privaatrecht aan de Erasmus Universiteit.
Praktijk

Rechtskeuzebedingen in consumentenovereenkomsten: spitsroeden lopen

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Rechtskeuze, Ambtshalve toetsing, Richtlijn Oneerlijke bedingen, Rome I, Transparantie
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 28 juli 2016 besliste het Hof van Justitie van de Europese Unie in de zaak VKI/Amazon dat een rechtskeuzeclausule in een consumentenovereenkomst oneerlijk is indien de indruk wordt gewekt dat de consument niet terug kan vallen op dwingendrechtelijke bescherming die het recht van zijn woonplaats hem biedt. Dit arrest, de rechtskeuze in internationale overeenkomsten en de ambtshalve toetsing van bedingen in consumentenovereenkomsten worden in deze bijdrage besproken.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.

    In HvJ 28 juli 2016, zaak C-191/15, Verein für Konsumenteninformation/Amazon EU Sárl, ECLI:EU:C:2016:612 heeft het Hof van Justitie geoordeeld dat oneerlijke bedingen in online gesloten of nog te sluiten overeenkomsten met consumenten en tegen het gebruik waarvan met een preventieve collectieve verbodsactie wordt geageerd, het karakter hebben van verbintenissen uit overeenkomst. De rechtmatigheid van dergelijke bedingen moet daarom, ook wanneer de rechtmatigheidstoets als voorvraag opkomt in het kader van een niet-contractuele collectieve verbodsactie, worden beoordeeld naar het recht dat door Verordening (EG) nr. 593/2008 (Rome I) wordt aangewezen. Daarentegen is volgens de advocaat-generaal alleen Verordening (EG) nr. 864/2007 (Rome II) relevant.
    HvJ 28 juli 2016, zaak C-191/15, Verein für Konsumenteninformation/Amazon EU Sàrl, ECLI:EU:C:2016:612


Mr. R.P. Streng
Mr. R.P. (Renze) Streng LL.M. is werkzaam als Professional Support Lawyer bij NautaDutilh NV te Amsterdam. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.

    De geschillenclausule wordt door transactieadvocaten regelmatig behandeld als een boilerplate-bepaling, waar de litigators zich over mogen ontfermen op het moment dat er een geschil ontstaat. De keuze voor arbitrage of overheidsrechtspraak kan echter van enorm belang zijn voor contractspartijen als er een conflict ontstaat.
    Deze bijdrage beoogt de juristen en advocaten die in de praktijk betrokken zijn bij het opstellen van overnamecontracten of handelsovereenkomsten een handvat te bieden bij het opstellen van de geschillenclausule en inzicht te geven in de overwegingen die ten grondslag (zouden moeten) liggen aan het opstellen van een arbitrageclausule.


Mr. L.J.E. Timmer
Mr. L.J.E. Timmer is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven en vertegenwoordigt niet noodzakelijk de mening van Allen & Overy LLP.

Mr. P. Klik
Mr. P. Klik is lector aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de University of Curaçao.
Artikel

De rechterlijke lijdelijkheid in rook opgegaan? De ambtshalve toepassing van de consumentenkoopregels nader toegelicht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2015
Trefwoorden consumentenkoop, ambtshalve toetsing, gemengde overeenkomsten, klachtplicht, bewijsvermoeden
Auteurs Mr. dr. A.G.F. Ancery en Mr. dr. drs. C.M.D.S. Pavillon
SamenvattingAuteursinformatie

    Recent heeft het HvJ vragen over consumentenkoop beantwoord. Deze bijdrage bespreekt de rol van de rechter bij de kwalificatie van de overeenkomst en de vraag wie als consument wordt aangemerkt. Daarnaast wordt ingegaan op de stelplicht en bewijslast bij de klachtplicht en het bewijsvermoeden van art. 7:18 lid 2 BW.


Mr. dr. A.G.F. Ancery
Mr. dr. A.G.F. Ancery is gerechtsauditeur bij de Hoge Raad der Nederlanden, universitair docent privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en redacteur van dit tijdschrift.

Mr. dr. drs. C.M.D.S. Pavillon
Mr. dr. drs. C.M.D.S. Pavillon is universitair docent privaatrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Vorderingen in b2c-verstekken: toetsen of toewijzen?

Ambtshalve toetsen op grond van Heesakkers/Voets, de waarheidsplicht en art. 139 Rv

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2015
Trefwoorden ambtshalve toetsing, Verstek, Consumentenrecht, oneerlijke bedingen, Waarheidsplicht
Auteurs Mr. C.J-A. Seinen en mr. A.G.F. Ancery
SamenvattingAuteursinformatie

    Ook in verstekzaken tussen een professionele eiser en een gedaagde consument zal de civiele rechter ambtshalve moeten toetsen of de vordering (deels) berust op een beding dat dwingendrechtelijke consumentenbeschermende bepalingen schendt. De auteurs schetsen het toetsingskader in het licht van art. 139 Rv. Nu verstekzaken het leeuwendeel van de civiele zaken vormen, kan de plicht tot ambtshalve toetsing tot veel extra werk, kosten en vertraging leiden. De auteurs stellen voor om in verstekzaken een op de waarheidsplicht geënt standaardformulier te gebruiken dat recht doet aan zowel de openbare belangen van consumentenbescherming, waarheidsvinding en efficiënte inzet van overheidsmiddelen als het particuliere belang van efficiënte incasso.


Mr. C.J-A. Seinen
Mr. C.J-A. Seinen is gerechtsauditeur bij het Wetenschappelijk Bureau van de Hoge Raad en gastonderzoeker aan de Vrije Universiteit Amsterdam

mr. A.G.F. Ancery
Mr. A.G.F. Ancery is gerechtsauditeur bij het Wetenschappelijk Bureau van de Hoge Raad en universitair docent burgerlijk procesrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen

Mr. M. Zilinsky
Praktijk

Voor niets gaat de zon op!

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Koop op afbetaling, Consumentenkrediet, Wet op het financieel toezicht, Consumentenrecht
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn arrest van 13 juni 2014 betreffende de prejudiciële vraag over de aanschaf van een mobiele telefoon heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de ‘gratis’ verstrekking van een mobiele telefoon bij een telefoonabonnement kwalificeert als koop op afbetaling en consumentenkrediet. Dit kan ook toepasselijkheid van de wetgeving over consumentenkrediet en financieel toezicht met zich meebrengen. In deze bijdrage wordt het arrest besproken en worden de gevolgen van het arrest belicht.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

Het semi-dwingendrechtelijke karakter van de klantenvergoeding bij het einde van de agentuurovereenkomst nader belicht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2014
Trefwoorden handelsagent, agentuurovereenkomst, klantenvergoeding, goodwillvergoeding, dwingendrechtelijk
Auteurs Mr. ir. M.J. Sturm
SamenvattingAuteursinformatie

    De regeling van de klantenvergoeding ex art. 7:442 BW is semidwingendrechtelijk van karakter. De mogelijkheden om via het internationaal privaatrecht de regeling te omzeilen zijn beperkt, terwijl ook anderszins die mogelijkheden lijken te ontbreken.


Mr. ir. M.J. Sturm
Mr. ir. M.J. Sturm is advocaat bij Houthoff Buruma te Rotterdam.
Artikel

De rechtsmacht van de rechter en het toepasselijke recht op de EU-behandelingsovereenkomst

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2013
Trefwoorden behandelingsovereenkomst, aansprakelijkheid, toepasselijk recht, rechtsmacht rechter
Auteurs Mr. R.P. Wijne
SamenvattingAuteursinformatie

    Patiënten die in een Belgische kliniek een (cosmetische) geneeskundige behandeling ondergaan, zijn niet langer een uitzondering. Net als in Nederland kunnen in België fouten worden gemaakt, kan de patiënt schade lijden en kunnen zich geschillen voordoen. Gewoontegetrouw zal de Nederlandse patiënt zich in zo’n geval tot de Nederlandse rechter wenden. Maar is dit wel de juiste weg en is het Nederlandse recht eigenlijk wel van toepassing? In de onderhavige bijdrage wordt op deze vragen antwoord gegeven aan de hand van een analyse van de Rome I-Verordening en de EEX-Verordening. Na een tussenconclusie wordt voorts bezien of de typering van de behandelingsovereenkomst als een consumentenovereenkomst of afspraken tussen arts en patiënt kunnen leiden tot de toepassing van ander recht.


Mr. R.P. Wijne
Mr. R.P. Wijne is auteur van het proefschrift Aansprakelijkheid voor zorggerelateerde schade, dat zij op 12 september 2013 heeft verdedigd. Wijne is voorts docent gezondheidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam, lid-jurist bij de medische tuchtcolleges en medewerker bij het Wetenschappelijk Bureau van Holla Advocaten te Eindhoven.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

Ontwikkelingen in het Europees Consumentenrecht in 2012

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden oneerlijke bedingen, op afstand gesloten overeenkomsten, internationale bevoegdheid, productaansprakelijkheid, alternatieven geschillenbeslechting
Auteurs Prof. Mr. M.B.M Loos
SamenvattingAuteursinformatie

    In een eerdere bijdrage is aandacht besteed aan de ontwikkelingen op het gebied van het luchtvervoersrecht. In dit artikel wordt stilgestaan bij de ontwikkelingen op andere terreinen van het Europese consumentenrecht, in het bijzonder ten aanzien van oneerlijke bedingen, op afstand gesloten overeenkomsten en de voorgenomen regelgeving betreffende alternatieve geschillenbeslechting.


Prof. Mr. M.B.M Loos
Prof. Mr. M.B.M. Loos is als hoogleraar verbonden aan het Centre for the Study of European Contract Law van de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

De implementatie van de richtlijn betalingsachterstanden: een kritische beschouwing en enkele wenken voor de praktijk

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden betalingsachterstand, betalingstermijn, handelsrente, implementatie, effectiviteit
Auteurs Mr. R. van Tricht en Mr. D.J. Beenders
SamenvattingAuteursinformatie

    Onlangs is de wet ter implementatie van de Richtlijn betalingsachterstanden in werking getreden. Bij de wijze waarop de wetgever de richtlijn in het Burgerlijk Wetboek heeft geïmplementeerd, is een aantal vermogensrechtelijke kanttekeningen te plaatsen die niet bijdragen aan het beoogde doel van wet en richtlijn: het verminderen van betalingsachterstanden.


Mr. R. van Tricht
Mr. R. van Tricht is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam. E-mail: rene.vantricht@debrauw.com.

Mr. D.J. Beenders
Mr. D.J. Beenders is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam. E-mail: daan.beenders@debrauw.com.
Artikel

Private rechtspraak: online én offline een realiteit

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 8 2012
Trefwoorden E-courts, alternative dispute resolution, online dispute resolution, eBay, Paypal
Auteurs C.N.J. de Vey Mestdagh en T. van Zuijlen
SamenvattingAuteursinformatie

    Private administration of justice is an online and offline reality. In this article the reality of online dispute resolution (ODR) is explored, using the example of eBay (60 million conflicts taken on each year). The issue of jurisdiction in online cases is clarified and an analysis is made of the causes of the propagation of ODR. Finally the new phenomenon of online dispute prevention (ODP) is examined. This leads to the conclusion that ODR started as an alternative form of dispute settlement, but more and more becomes a substitute for the public administration of justice.


C.N.J. de Vey Mestdagh
Dr. mr. Kees de Vey Mestdagh is hoofd van het Centrum voor Recht & ICT, Faculteit Rechtsgeleerdheid, Universiteit Groningen, www.rechtenict.nl, e-mail c.n.j.de.vey.mestdagh@rug.nl.

T. van Zuijlen
Tim van Zuijlen is student van de master Recht & ICT van het Centrum voor Recht & ICT.
Praktijk

Arbitrage en ambtshalve toetsing: mag de arbitrageclausule wel of niet?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2012
Trefwoorden Algemene voorwaarden, ambtshalve toetsing, Richtlijn oneerlijke bedingen, arbitragebeding, onredelijk bezwarend beding
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 26 april 2012 overwoog het HvJ EU in het Invitel-arrest dat bij de beoordeling van algemene voorwaarden in een algemeen-belangprocedure in het kader van de Richtlijn oneerlijke bedingen de voorwaarden getoetst moeten worden in het licht van de nationaalrechtelijke regeling, de gehele overeenkomst en de door de gebruiker aangevoerde rechtvaardigingsgronden voor het betreffende beding. Op 21 september 2012 oordeelde de Hoge Raad in een procedure over een arbitraal beding dat de arbitrageclausule niet per definitie onredelijk bezwarend is op grond van de Richtlijn oneerlijke bedingen. Beide arresten worden in deze bijdrage besproken.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Toont 1 - 20 van 48 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.