Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 520 artikelen

x
Digitale markten

Access_open Het voorstel voor de Digital Services Act

Op zoek naar nieuw evenwicht in regulering van onlinediensten met betrekking tot informatie van gebruikers

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden Digital Services Act, Wet inzake digitale diensten, Richtlijn elektronische handel, onlinediensten, illegale inhoud
Auteurs Mr. dr. F. Wilman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt het recente voorstel voor de Digital Services Act besproken. De voorgestelde verordening is bedoeld om de digitale interne markt te versterken en, meer specifiek, de activiteiten van aanbieders van onlinediensten die draaien om de doorgifte, opslag en publieke verspreiding van informatie van hun gebruikers – zoals videoplatforms, onlinemarktplaatsen, sociale media en internetaanbieders – beter te reguleren. Het gaat onder meer om hun activiteiten ter bestrijding van illegale inhoud en desinformatie, hun aansprakelijkheid en hun verantwoordelijkheden jegens de gebruikers. We zullen zien dat het DSA-voorstel in verschillende opzichten ambitieus en vernieuwend is, terwijl het op andere punten eerder nuttig-maar-voorspelbaar en behoudend kan worden genoemd. Na een inleiding worden de voorgestelde verplichtingen voor de verschillende onlinedienstverleners achtereenvolgens besproken, gevolgd door enkele algemene opmerkingen.
    Europese Commissie, Voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende een eengemaakte markt voor digitale diensten (Wet inzake digitale diensten) en tot wijzing van Richtlijn 2000/31/EG, COM(2020)825, 15 december 2020


Mr. dr. F. Wilman
Mr. dr. F. (Folkert) Wilman is lid van de Juridische Dienst van de Europese Commissie. De zienswijzen opgenomen in deze bijdrage zijn uitsluitend die van de auteur en kunnen niet worden toegeschreven aan de Europese Commissie.

Gijs van Maanen
Gijs van Maanen is PhD researcher at Tilburg Law School.
Artikel

Access_open Art, Science and the Poetry of Justice – ­Pragmatist Aesthetics and Its Importance for Law and Legal Education

Special Issue on Pragmatism and Legal Education ­Sanne Taekema & Thomas Riesthuis (eds.)

Tijdschrift Law and Method, maart 2021
Trefwoorden legal research, legal education, epistemology, law, science and art
Auteurs Wouter de Been
SamenvattingAuteursinformatie

    Classic pragmatists like John Dewey entertained an encompassing notion of science. This pragmatic belief in the continuities between a scientific, ethical and cultural understanding of the world went into decline in the middle of the 20th century. To many mid-century American and English philosophers it suggested a simplistic faith that philosophy and science could address substantive questions about values, ethics and aesthetics in a rigorous way. This critique of classic pragmatism has lost some of its force in the last few decades with the rise of neo-pragmatism, but it still has a hold over disciplines like economics and law. In this article I argue that this criticism of pragmatism is rooted in a narrow conception of what science entails and what philosophy should encompass. I primarily focus on one facet: John Dewey’s work on art and aesthetics. I explain why grappling with the world aesthetically, according to Dewey, is closely related to dealing with it scientifically, for instance, through the poetic and aesthetic development of metaphors and concepts to come to terms with reality. This makes his theory of art relevant, I argue, not only to studying and understanding law, but also to teaching law.


Wouter de Been
Wouter de Been is a legal theorist who has written widely on pragmatism and legal realism. I would like to thank the reviewers for their comments. Their critical commentary made this a much better article. Any remaining shortcomings are of course my own. I dedicate this article to the memory of Willem Witteveen, who always saw the art in law.

    Sinds inwerkingtreding van de WAMCA kent de collectieve actie een procedurele tweedeling in een ontvankelijkheidsfase en een inhoudelijke fase. Inhoudelijke behandeling van de vordering vindt ingevolge art. 1018c lid 5 Rv pas plaats indien en nadat de rechter over de ontvankelijkheid heeft beslist. De vraag is in hoeverre de twee fasen los van elkaar kunnen worden gezien, nu elementen van de ontvankelijkheidstoets nauw zijn verweven met de inhoudelijke beoordeling. De auteur maakt een vergelijking met de Amerikaanse federale class action, die een soortgelijke problematiek kent, en betoogt dat een genuanceerde toepassing van art. 1018c lid 5 Rv aangewezen is.


Pim Wissink
Mr. P.G.J. Wissink is promovendus en docent burgerlijk recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Samenhang in beleid op het terrein van veiligheid en justitie

Een longitudinale analyse van de geleverde prestaties per bestede euro in de V&J-sector in de periode 1980-2016

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 1 2021
Trefwoorden justitie, veiligheid, productiviteit, beleid, systeembenadering
Auteurs Jos Blank en Alex van Heezik
SamenvattingAuteursinformatie

    Policy coherence in the area of safety and justice – A longitudinal analysis of service delivery per euro spent in the S&J sector during the period 1980-2016

    In the safety and justice policy area, there is a strong intertwining between performances of the various sectors, such as police, judiciary and prison system. The question is whether policy takes these interdependencies into account sufficiently. Are the resources used – from a broader wealth perspective – optimally allocated amongst the various safety and justice provisions? The authors answer this question on the basis of an integrated time series analysis of the productivity development of the Dutch safety and justice system in the period 1980-2016. The analysis shows that productivity of safety and justice services has hardly changed since 1980. At best, in 2016, citizens will receive as much value per euro of taxpayers’ money as in 1980, but probably slightly less. It is striking, however, that the S&J system as a whole operates more efficient than the sum of its parts (the individual sectors). There have been substantial changes in the allocation of resources over time. Obviously money from the police was transferred to the judiciary and municipalities.


Jos Blank
Jos Blank is voormalig hoogleraar Productiviteit van de Publieke Sector aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, Associate professor aan de TU Delft en voorzitter van de stichting Instituut Publieke Sector Efficiëntie Studies. Hij is een erkende autoriteit op het gebied van productiviteitsmeting in de publieke sector en treedt al decennialang op als adviseur voor politici, beleidsmakers en vertegenwoordigers van publieke instellingen en organisaties.

Alex van Heezik
Alex van Heezik is sinds 1993 zelfstandig onderzoeker op het terrein van de publieke dienstverlening. Hij richt zich daarbij voornamelijk op het uitvoeren van historische beleidsevaluaties en (kwantitatieve) trendanalyses. De doelmatigheid en productiviteit van het beleid staan hierin vaak centraal.
Artikel

Access_open Waarom de islam en de moslimgemeenschap onmisbare bondgenoten zijn bij de bestrijding van terrorisme

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2021
Trefwoorden islam, moslimgemeenschap, terrorisme, gemeenschapsinitiatief, rehabilitatie
Auteurs Prof. Tom Zwart
SamenvattingAuteursinformatie

    Terrorism can only be brought to an end if Islam and the Muslim community are enlisted as allies in combating it. Underlying militant jihadism is a violent interpretation of Islam which can best be challenged with the assistance of Islam and the Muslim community. Since the effects of the current state-led approach are questionable, while its criminal law component is close to exceeding the limits set by the rule of law and turns Muslims into a suspect community, it is important to test by way of a pilot whether an approach based on Islam can reap more promising results.


Prof. Tom Zwart
Prof. Tom Zwart is hoogleraar Crosscultureel recht aan de Universiteit Utrecht, directeur van het Cross-cultural Human Rights Centre van de Vrije Universiteit Amsterdam en lector Islam en maatschappelijke verbondenheid aan de Islamic University of Applied Sciences Rotterdam.

    La présente contribution vise à analyser les développements jurisprudentiels de la Commission européenne des droits de l’homme et de la Cour européenne des droits de l’homme en matière d’interruption de grossesse. Nous formulons une réponse à la question suivante: vu de l’évolution de la jurisprudence, quelles conclusions pouvons-nous tirer sur la position actuelle de la Cour européenne des droits de l’homme sur la question du droit et de l’accès à l’avortement? À travers une analyse des décisions et arrêts rendus par la Commission et la Cour, nous étudions la façon dont les différents intérêts et droits s’articulent, à savoir ceux de la femme enceinte, du père potentiel, de l’enfant à naître et de la société. Au terme de cette étude, nous déterminons la marge d’appréciation dont jouissent les états membres en la matière, ainsi que la manière dont la Cour réalise une balance des différents intérêts en présence.

    ---
    This contribution aims to analyze the case-law developments of the European Commission of Human Rights and the European Court of Human Rights in matters of termination of pregnancy. We formulate an answer to the following question: regarding the case-law developments, what can we conclude on the European Court of Human Rights’ current position on the right and access to abortion? Through an analysis of the Commission and the Court’s decisions and judgments, we study how the different interests and rights are articulated, namely those of the pregnant woman, the potential father, the unborn child, and the society. At the end of this study, we determine the member states’ margin of appreciation regarding abortion and how the Court finds a balance between the various concerned interests.


A. Cassiers
Aurélie Cassiers est assistante - doctorante à l'UHasselt. L’auteure souhaite remercier la relecture attentive et les remarques pertinentes de sa promotrice et sa co-promotrice, prof. dr. Charlotte Declerck (UHasselt) et prof. dr. Géraldine Mathieu (UNamur).
Uit het veld

Fiscaal toezicht in tijden van crisis

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden COVID-19, Belastingdienst, fiscaal toezicht, toezichtstrategie, crisis
Auteurs Lisette van der Hel-van Dijk en Sjoerd Goslinga
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage verkent de consequenties van de COVID-19-crisis voor het fiscale toezicht door de Belastingdienst. De crisis en de lockdownmaatregelen hebben korte- en langetermijngevolgen voor burgers en bedrijven en consequenties voor het werk van de Belastingdienst als uitvoerder en toezichthouder. De psychologische en economische impact van de crisis en de gewijzigde werkwijze van de Belastingdienst kunnen van invloed zijn op de mogelijkheden en motivatie om belastingverplichtingen na te komen. Dit zal verschillen in de opeenvolgende fasen van de crisis. Onze belangrijkste conclusie is dat de Belastingdienst in de verschillende fasen sterk rekening zal moeten houden met de veranderingen in de context van burgers en bedrijven en meer dan voor de crisis zal moeten handelen vanuit zijn maatschappelijke rol.


Lisette van der Hel-van Dijk
Prof. dr. mr. E.C.J.M. van der Hel-van Dijk RA is als hoogleraar effectiviteit van overheidstoezicht verbonden aan Nyenrode Business University (Toezicht Academie).

Sjoerd Goslinga
Dr. S. Goslinga is werkzaam bij de Belastingdienst en is als senior onderzoeker verbonden aan de Universiteit Leiden.
Article

Access_open The Influence of Strategic Culture on Legal Justifications Comparing British and German Parliamentary Debates Regarding the War against ISIS

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2021
Trefwoorden strategic culture, international law, ISIS, parliamentary debates, interdisciplinarity
Auteurs Martin Hock
SamenvattingAuteursinformatie

    This article presents an interdisciplinary comparison of British and German legal arguments concerning the justification of the use of force against the Islamic State in Iraq and Syria (ISIS). It is situated in the broader framework of research on strategic culture and the use of international law as a tool for justifying state behaviour. Thus, a gap in political science research is analysed: addressing legal arguments as essentially political in their usage. The present work questions whether differing strategic cultures will lead to a different use of legal arguments. International legal theory and content analysis are combined to sort arguments into the categories of instrumentalism, formalism and natural law. To do so, a data set consisting of all speeches with regard to the fight against ISIS made in both parliaments until the end of 2018 is analysed. It is shown that Germany and the UK, despite their varying strategic cultures, rely on similar legal justifications to a surprisingly large extent.


Martin Hock
Martin Hock is Research Associate at the Technische Universität Dresden, Germany.

    Hartendorp emphasizes in his contribution that a judge is a decision-maker bound by the law. He agrees with Klijn that this position makes it difficult to act as a problem solver. However, this does not alter the fact that, in order to act effectively, a judge must have a dual orientation on the conflict and the dispute between the parties. The Judiciary can only increase its social effectiveness if it manages to bring about a synthesis between its classic decisive task and an orientation aimed at effectiveness.


Prof. mr. Rogier Hartendorp
Rogier Hartendorp is senior rechter in de Rechtbank Den Haag, team handel, en bijzonder hoogleraar Maatschappelijke effectiviteit van de rechtspleging aan de Universiteit Leiden.
Article

Access_open Correcting Wrongful Convictions in France

Has the Act of 2014 Opened the Door to Revision?

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Final criminal conviction, revision procedure, grounds for revision, preparatory investigative measures, Cour de révision et de réexamen
Auteurs Katrien Verhesschen en Cyrille Fijnaut
SamenvattingAuteursinformatie

    The French ‘Code de procédure pénale’ provides the possibility to revise final criminal convictions. The Act of 2014 reformed the procedure for revision and introduced some important novelties. The first is that it reduced the different possible grounds for revision to one ground, which it intended to broaden. The remaining ground for revision is the existence of a new fact or an element unknown to the court at the time of the initial proceedings, of such a nature as to establish the convicted person’s innocence or to give rise to doubt about his guilt. The legislature intended judges to no longer require ‘serious doubt’. However, experts question whether judges will comply with this intention of the legislature. The second is the introduction of the possibility for the applicant to ask the public prosecutor to carry out the investigative measures that seem necessary to bring to light a new fact or an unknown element before filing a request for revision. The third is that the Act of 2014 created the ‘Cour de révision et de réexamen’, which is composed of eighteen judges of the different chambers of the ‘Cour de cassation’. This ‘Cour de révision et de réexamen’ is divided into a ‘commission d’instruction’, which acts as a filter and examines the admissibility of the requests for revision, and a ‘formation de jugement’, which decides on the substance of the requests. Practice will have to show whether these novelties indeed improved the accessibility of the revision procedure.


Katrien Verhesschen
Katrien Verhesschen is PhD candidate and teaching assistant at the Institute of Criminal Law KU Leuven.

Cyrille Fijnaut
Cyrille Fijnaut is Emeritus Professor of Criminal Law & Criminology at Erasmus University Rotterdam, KU Leuven and Tilburg University.
Vrij verkeer

De Europese Toegankelijkheidsrichtlijn voor mensen met een handicap: grondrechtenbevordering binnen de Europese interne markt

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2020
Trefwoorden toegankelijkheid, interne markt, personen met een beperking, grondrechten, VN-verdrag handicap
Auteurs Prof. mr. dr. S. de Vries en Mr. T. de Sterke
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de in april 2019 aangenomen Europese Toegankelijkheidsrichtlijn wordt gepoogd de toegankelijkheid van producten en diensten voor personen met een beperking te verbeteren. De richtlijn geeft hiermee uitvoering aan het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap. Dit artikel beschrijft de totstandkomingsgeschiedenis van de richtlijn, de belangrijkste kenmerken ervan en wat de te verwachten toegevoegde waarde van de richtlijn zal zijn.
    Richtlijn (EU) 2019/882 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2019 betreffende de toegankelijkheidsvoorschriften voor producten en diensten, PbEU 2019, L 151/70.


Prof. mr. dr. S. de Vries
Prof. mr. dr. S.A. (Sybe) de Vries is hoogleraar EU internemarktrecht en grondrechten aan de Universiteit Utrecht en Jean Monnet leerstoelhouder.

Mr. T. de Sterke
Mr. T. (Thijs) de Sterke is recent afgestudeerd van de masteropleiding Europees Recht aan de Universiteit Utrecht.
Article

Access_open Mechanisms for Correcting Judicial Errors in Germany

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2020
Trefwoorden criminal proceedings, retrial in favour of the convicted, retrial to the disadvantage of the defendant, Germany, judicial errors
Auteurs Michael Lindemann en Fabienne Lienau
SamenvattingAuteursinformatie

    The article presents the status quo of the law of retrial in Germany and gives an overview of the law and practice of the latter in favour of the convicted and to the disadvantage of the defendant. Particularly, the formal and material prerequisites for a successful petition to retry the criminal case are subject to a detailed presentation and evaluation. Because no official statistics are kept regarding successful retrial processes in Germany, the actual number of judicial errors is primarily the subject of more or less well-founded estimates by legal practitioners and journalists. However, there are a few newer empirical studies devoted to different facets of the subject. These studies will be discussed in this article in order to outline the state of empirical research on the legal reality of the retrial procedure. Against this background, the article will ultimately highlight currently discussed reforms and subject these to a critical evaluation as well. The aim of the recent reform efforts is to add a ground for retrial to the disadvantage of the defendant for cases in which new facts or evidence indicate that the acquitted person was guilty. After detailed discussion, the proposal in question is rejected, inter alia for constitutional reasons.


Michael Lindemann
Michael Lindemann is Professor for Criminal Law, Criminal Procedure and Criminology at the Faculty of Law of Bielefeld University, Germany.

Fabienne Lienau
Fabienne Lienau is Research Assistant at the Chair held by Michael Lindemann.
Artikel

Access_open ‘Dividing the goods or dividing the beds?’ De dreiging van triage in de risicomaatschappij

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Risk society, Cosmopolitan solidarity, Refexive modernization, Healthcare regulation, COVID-19
Auteurs Mr. dr. Tobias Arnoldussen
SamenvattingAuteursinformatie

    The COVID-19 pandemic caused overcrowded IC units. In the Netherlands a discussion erupted on what category of patients should be granted a bed, if there would not be enough place to treat everybody. In this article the medical guidelines for this situation as well as the public discussion are examined and related to Ulrich Beck’s theory of reflexive modernization. It is argued that discussion and regulation of this dilemma follow reflexive patterns, albeit patchy. The discussion and regulation displayed reflective understanding of the perilous position of the elderly and frail but issues of class and ethnicity were not discussed. This research revealed that Beck’s theory holds its own when tested in an empirical situation, but it has weaknesses in regard to the predicted emergence of cosmopolitan solidarity.


Mr. dr. Tobias Arnoldussen
Tobias Arnoldussen is werkzaam als universitair docent rechtstheorie aan de Universiteit van Tilburg. Hij onderzoekt de invloed van groeiend milieubewustzijn op recht en regulering, zowel empirisch als theoretisch.
Annotatie

One train! (but different working conditions)

CJEU 19 December 2019, C-16/18, ECLI:EU:C:2019:1110 (Michael Dobersberger v Magistrat der Stadt Wien)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Posting of workers, International train, Transport sector, Subcontracting, Short-term posting
Auteurs Marco Rocca
SamenvattingAuteursinformatie

    The Dobersberger decision of the Court of Justice of the European Union deals with the legal situation of posted workers on an international train. These workers, employed by a Hungarian company and based in Hungary, operate on a train connecting Budapest with Salzburg and Munich. The Court concludes against their inclusion under the Posting of Workers Directive, considering their connection to the Austrian territory as too limited. This decision is based on a selective representation of the facts and sits difficultly with the letter of the law and the intention of the legislator.


Marco Rocca
Dr. M. Rocca is werkzaam als CNRS Researcher aan de University of Strasbourg, UMR 7354 DRES, France, https://marcorocca.wordpress.com, mrocca@unistra.fr.
Titel

Huwelijkse gevangenschap onder Nederlands-Pakistaanse moslims

Een analyse van religieuze en socioculturele factoren

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2020
Trefwoorden huwelijkse gevangenschap, nikah, transnationaal huwelijk, Nederlands-Pakistaans, familie-eer
Auteurs Mr. Diewertje Wapstra
SamenvattingAuteursinformatie

    While the legal path to ending marital captivity has been cleared, socio-cultural obstacles continue to prevent victims from going to court. This article focuses on the religious and socio-cultural elements within the Dutch-Pakistani community that promote the continued existence of marital captivity, thereby zooming in on the importance of the nikah, the prevalence of (transnational) arranged marriages, and the concept of family honor.


Mr. Diewertje Wapstra
Mr. D. Wapstra is een jurist met een achtergrond in het internationaal publiekrecht en is tevens in het bezit van een mastergraad Religiewetenschappen – met een gerichte focus op de islam – van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Robots en dieren in de (veiligheids)zorg

Vragen over dierenwelzijn naar aanleiding van ervaringen met robotisering

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2020
Trefwoorden Veiligheidszorg, animal assisted interventions, Robots, Zorg
Auteurs Dr. Louis Neven en Prof. dr. Janine Janssen
SamenvattingAuteursinformatie

    In law enforcement animal assisted interventions have become popular. Unfortunately in evaluation studies often animal welfare is not included. The question rises to what extent this work might be harmful for participating animals and what alternatives we may offer. In this contribution we describe how robots have been introduced and are being used in the world of care. Might robots be a good alternative for animal participation in risky situations in law enforcement? We conclude by raising a number of pertinent questions for further research.


Dr. Louis Neven
Dr. Louis Neven is lector Active Ageing aan Avans Hogeschool.

Prof. dr. Janine Janssen
Prof. dr. Janine Janssen is hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld van de Nationale Politie, lector Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties aan Avans Hogeschool, bijzonder hoogleraar Rechtsantropologie aan de Open Universiteit en tevens voorzitter van de redactie van PROCES.

    This article focuses on the posting of workers in the aviation industry. The main problem is that it is not clear in which situations the Posting of Workers Directive should be applied to aircrew (i.e. cabin crew and pilots). The aviation sector is characterised by a very mobile workforce in which it is possible for employees to provide services from different countries in a very short timeframe. This makes it, to a certain extent, easier for employers to choose the applicable social legislation, which can lead to detrimental working conditions for their aircrew. This article looks into how the Posting of Workers Directive can prevent some air carriers from unilaterally determining the applicable social legislation and makes some suggestions to end unfair social competition in the sector. This article is based on a research report which the authors drafted in 2019 with funding from the European Commission (hereafter the ‘Report’)


Gautier Busschaert
Gautier Busschaert (PhD) is senior associate at the Brussels law firm Van Olmen & Wynant.

Pieter Pecinovsky
Pieter Pecinovsky (PhD) is counsel at the Brussels law firm Van Olmen & Wynant.
Article

Access_open The Right to Claim Innocence in Poland

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2020
Trefwoorden wrongful convictions, right to claim innocence, reopening of criminal proceedings, miscarriage of justice, revision of final judgment
Auteurs Wojciech Jasiński Ph.D., habilitation en Karolina Kremens Ph.D.
SamenvattingAuteursinformatie

    Wrongful convictions and miscarriages of justice, their reasons and effects, only rarely become the subject of academic debate in Poland. This article aims at filling this gap and providing a discussion on the current challenges of mechanisms available in Polish law focused on the verification of final judgments based on innocence claims. While there are two procedures designed to move such judgment: cassation and the reopening of criminal proceedings, only the latter aims at the verification of new facts and evidence, and this work remains focused exactly on that issue. The article begins with a case study of the famous Komenda case, which resulted in a successful innocence claim, serving as a good, though rare, example of reopening a case and acquitting the convict immediately and allows for discussing the reasons that commonly stand behind wrongful convictions in Poland. Furthermore, the article examines the innocence claim grounds as regulated in the Polish criminal procedure and their interpretation under the current case law. It also presents the procedure concerning the revision of the case. The work additionally provides the analysis of the use of innocence claim in practice, feeding on the statistical data and explaining tendencies in application for revision of a case. It also presents the efforts of the Polish Ombudsman and NGOs to raise public awareness in that field. The final conclusions address the main challenges that the Polish system faces concerning innocence claims and indicates the direction in which the system should go.


Wojciech Jasiński Ph.D., habilitation
Wojciech Jasiński is Assistant Professor in the Department of Criminal Procedure of the University of Wroclaw, Poland. orcid.org/0000-0002-7427-1474

Karolina Kremens Ph.D.
Karolina Kremens is Assistant Professor in the Department of Criminal Procedure of the University of Wroclaw, Poland. orcid.org/0000-0002-2132-2645
Artikel

‘Dirty money, pretty art’

Witwassen en ondermijning in tijden van financialisering van kunst

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2020
Trefwoorden art market, financialization, money laundering, financial crime, jaw enforcement
Auteurs Christoph Rausch, Léonie Bouwknegt, Jeroen Duijsens e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    What is the current nature and extent of money laundering on the art market in times of an increasing financialization of art? This article introduces the problem of money laundering through art and reflects on the associated risks of financial crime. Drawing on two recently published research reports the article describes art market and art financialization practices that may facilitate money laundering. It presents an overview of relevant rules and regulations and points to the challenges of preventing art-based financial crimes.


Christoph Rausch
Dr. C. Rausch is als universitair hoofddocent verbonden aan het Maastricht Centre for Arts and Culture, Conservation and Heritage (MACCH) van de Universiteit Maastricht.

Léonie Bouwknegt
Mr. L. Bouwknegt is operationeel specialist bij de Politie Limburg en adviseur Ondermijning & Internationale Samenwerking, taakaccent Kunstgerelateerde Criminaliteit.

Jeroen Duijsens
Drs. J.M.H. Duijsens is als programmamanager verbonden aan het Platform Veilig Ondernemen Limburg.

Frank Assendelft
Dhr. F. Assendelft is werkzaam bij de afdeling Tactische Opsporing Financieel-Economisch van de Politie Limburg, taakaccent Kunst en Antiek.
Toont 1 - 20 van 520 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 25 26
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.