Zoekresultaat: 32 artikelen

x
Artikel

Constructief omgaan met conflicten en ­geschillen

Inleiding in probleemoplossend onderhandelen en bemiddelen

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2 2021
Auteurs Alain-Laurent Verbeke en Geert Vervaeke
Auteursinformatie

Alain-Laurent Verbeke
Prof. Dr. Alain-Laurent Verbeke (1964) is gewoon hoogleraar aan de KU Leuven. Hij doceert er sinds 1991 onder meer onderhandelen en bemiddelen, nationaal en internationaal familiaal vermogensrecht, bijzondere overeenkomsten, zowel in de bachelor en master rechten als in de master notariaat. Aan de rechtsfaculteit is hij directeur van het Rector Roger Dillemans Instituut Familiaal Vermogensrecht, codirecteur van het Leuvens Centrum Notariaat en van het Instituut Contractenrecht. Aan de faculteit psychologie is hij covoorzitter van het Leuven Center for Collaborative Management (LCM). Hij is mede-oprichter (in 2001), lesgever en lid van de stuurgroep van het postgraduaat bemiddeling van de KU Leuven. Ook is hij (co)promotor van talrijke doctoraten, in de rechten en in de psychologie. Hij is advocaat aan de balies van Brussel en West-Vlaanderen, partner Greenille Private Client Team @ Deloitte Legal. Hij is sinds 2007 Visiting Professor of Law aan Harvard Law School, waar hij negotiation doceert. Sinds 2008 is hij ook Professor of Law & Negotiation aan UCP Lisbon Global School of Law en sinds 1999 deeltijds gewoon hoogleraar privaatrecht en rechtsvergelijking aan Tilburg University. Hij ontving de Francqui Leerstoel (VUB, 2010-2011), de KBC Chair in Family Wealth (Antwerp Management School, 2014-2015) en de Van Oosterwyck Leerstoel notarieel recht (VUB, 2003). In Harvard is hij verbonden aan het Program on Negotiation (PON). Zie www.law.kuleuven.be/fvr/nl/pdf/cvALV.

Geert Vervaeke
Prof. Dr. Geert Vervaeke (1960) is Decaan van de Faculteit Rechtsgeleerdheid van Tilburg University. Hij is tevens deeltijds Gewoon Hoogleraar aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de KU Leuven in de criminologische en rechtspsychologie. Momenteel is hij voorzitter van de European Association on Psychology and Law (https://eapl.eu). Tevens is hij voorzitter van de stuurgroep van het postgraduaat bemiddeling aan de KU Leuven. Hij is gewezen Voorzitter van de Belgische Hoge Raad voor de Justitie (2004-2012: www.hrj.be/nl). Hij was tussen 2004 en 2012 tevens lid van het bestuur van het Europees Netwerk van Hoge Raden (www.encj.eu) en curator van het wetenschappelijk luik van het Stadsfestival Op.Recht.Mechelen (2015-2017: www.oprechtmechelen.be).
Artikel

De financiering van collectieve schadevergoedingsacties onder de WAMCA

Een inventarisatie van onzekerheden en mogelijkheden vanuit het perspectief van een procesfinancier

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden common fund, exclusieve belangenbehartiger, kostenveroordeling
Auteurs Mr. C.E. Santman en Mr. R.J. Philips
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de WAMCA is Nederland klaar om ook de komende decennia een leidende rol te vervullen in de afwikkeling van massaschades. Zoals bij iedere nieuwe wet, bestaan er ook onzekerheden over de toepassing ervan. In dit artikel staat de vergoeding van de belangenorganisatie en de procesfinancier centraal. Aan de orde komen: (i) de toepassing van de common fund doctrine; (ii) de toetsing van de vergoeding door de rechter; (iii) de kostenveroordeling; en (iv) de vergoeding van de niet-exclusieve belangenbehartiger.


Mr. C.E. Santman
Mr. C.E. Santman is general counsel bij Redbreast Associates te Den Haag.

Mr. R.J. Philips
Mr. R.J. Philips is managing director bij Redbreast Associates te Den Haag.
Artikel

Access_open Some thoughts about success fees for mediators

Variations on the theme: ‘The better it helps, the better it pays’ instead of ‘The longer it takes, the better it pays’.

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 4 2019
Trefwoorden success fees, contingency fees, remuneration system, rules of ethics
Auteurs Patrick Van Leynseele
SamenvattingAuteursinformatie

    Traditionally, it has been taught, or prohibited, for mediators to charge ‘success fees’ or ‘contingency fees’ as remuneration for the work they do. This article argues that such overall prohibition lacks nuances. Mediation rules and rules of ethics for mediators should not prevent the parties and the mediators from agreeing on some sort of higher remuneration in case of successful outcome of the mediation. There are limits. In particular, making the mediator’s remuneration a percentage of the settlement amount should remain prohibited.
    However, if the mediator’s interests are aligned with those of the parties, which shall frequently be the case, there should be no blank prohibition for the mediator to charge higher fees in case of successful outcome of the mediation process.
    There is a need for the mediator to be fully transparent about the system he proposes, which includes explaining to the parties and securing their understanding of the pros and cons of the remuneration system he suggests.


Patrick Van Leynseele
Patrick Van Leynseele is attorney (Brussels and New York Bars), arbitrator, mediator and editor of this journal.
Wetenschap

Van WCAM naar WAMCA: class actions in Nederland?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2019
Trefwoorden WAMCA, massaschade, collectief verhaal, collectieve actie, schadevergoedingsrecht
Auteurs Mr. dr. A. van der Krans
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 19 maart 2019 is de wet afwikkeling massaschade in collectieve actie (WAMCA) door de Eerste Kamer aangenomen. Inwerkingtreding wordt verwacht voor 1 oktober 2019. Na de inwerkingtreding van de WAMCA zal het collectief vorderen van schadevergoeding mogelijk zijn. De WAMCA is een belangrijke ontwikkeling op het gebied van het collectief schadevergoedingsrecht in Europa, maar is vatbaar voor verbetering, vooral op het terrein van finaliteit, governance-eisen, financiering en hoger beroep.


Mr. dr. A. van der Krans
Mr. dr. A. (Anatoli) van der Krans is advocaat bij Corona Legal te Amsterdam.
Artikel

Access_open Over meelifters, gelukzoekers en rechters die problemen maken als partijen die niet hebben

Beschouwingen naar aanleiding van de Fortis/Ageas-schikking

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2018
Trefwoorden massaschade, WCAM-schikking, freeriders, belangenbehartigers
Auteurs Mr. M.L.A. Rijndorp en Mr. I. Tillema
SamenvattingAuteursinformatie

    In juni 2017 heeft het Gerechtshof Amsterdam beslist dat het (eerste) schikkingsvoorstel in de Fortis/Ageas-zaak niet verbindend kan worden verklaard. De auteurs bespreken het voorstel en de tussenbeschikking en duiden deze binnen het kader van het freeriderprobleem. Daarnaast bespreken zij het huidige juridische kader voor (toetsing van) de vergoeding aan belangenbehartigers en werpen zij enkele aandachtspunten op voor de verdere ontwikkeling daarvan.


Mr. M.L.A. Rijndorp
Mr. M.L.A. Rijndorp is student-assistent aan de Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. I. Tillema
Mr. I. Tillema is promovenda aan de Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Wetenschap

Access_open Third party litigation funding

De voordelen, aandachtspunten en aanbevelingen om risico’s te beheersen

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2018
Trefwoorden third party litigation funding, litigation funding, procesfinanciering
Auteurs Mr. dr. A. van der Krans
SamenvattingAuteursinformatie

    Third party litigation funding (TPLF, of procesfinanciering door derden) is de rechtsverhouding waarbij een derde zich tegen een in het vooruitzicht gestelde beloning verplicht om een eiser in een civiele procedure of arbitrage van financiering te voorzien om de kosten van procederen te dekken. TPLF kan de toegang tot de rechter vergroten, de onderhandelingskracht vergroten, een preventief effect hebben en een one-shot player laten transformeren in een repeat player. Een deel van de bezwaren tegen procesfinanciering is ongefundeerd, of overdreven. Omdat procesfinanciers hoge eisen stellen aan de (ver)haalbaarheid, omvang en beperking van risico’s is het onwaarschijnlijk dat TPLF zal leiden tot een claimcultuur. TPLF zorgt wel voor een driepartijenverhouding, die mogelijk voor complicaties kan zorgen. Ook kan TPLF grote consequenties voor de gefinancierde hebben, zeker in een volledig ongereguleerde markt als de Nederlandse. Grotere partijen moeten over het algemeen worden geacht deze consequenties te kunnen overzien en daarop te kunnen anticiperen. Consumenten en kleinere partijen zouden echter meer bescherming behoeven. Een gedragscode kan hierbij behulpzaam zijn en helpen misstanden op voorhand te voorkomen. Als deze handschoen door procesfinanciers in Nederland wordt opgepakt, kan TPLF een nuttige bijdrage leveren aan de borging van de toegang tot het recht.


Mr. dr. A. van der Krans
Mr. dr. A. (Anatoli) van der Krans is advocaat bij Corona Legal te Amsterdam.
Artikel

Griffierechten vanuit rechtseconomisch oogpunt

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2017
Trefwoorden griffierechten, rechtseconomie, gedragseconomie, toegang tot de rechter, ongefundeerde vorderingen
Auteurs Mr. drs. T. Vleeschhouwer
SamenvattingAuteursinformatie

    Griffierechten in civiele zaken vormen een bron van debat. Voorstanders wijzen erop dat griffierechten ongefundeerde vorderingen tegengaan. Tegenstanders vrezen ervoor dat de toegang tot de rechter belemmerd wordt. Dit artikel bespreekt de totstandkoming van het Nederlandse griffierechtensysteem en ontwikkelt daarnaast een rechtseconomisch model op basis van gedragseconomische inzichten om te beoordelen of griffierechten inderdaad de toegang tot de rechter beperken. Deze analyse laat zien dat het Nederlandse griffierechtenstelsel degressief is; bij vorderingen met een hogere geldwaarde wordt relatief minder griffierecht geheven. Het rechtseconomische model voorspelt juist dat een progressief stelsel, waarbij de griffierechten laag zijn bij lage vorderingen en relatief steeds hoger worden bij hogere vorderingen, de toegang tot de rechter het minst beperkt. Het verdient dan ook aanbeveling om het stelsel te heroverwegen.


Mr. drs. T. Vleeschhouwer
Mr. drs. T. Vleeschhouwer is advocaat-stagiair bij Houthoff te Rotterdam.
Artikel

Wetsvoorstel collectieve schadevergoedingsactie: een oplossing voor welk probleem ook alweer?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2017
Trefwoorden wetsvoorstel collectieve schadevergoedingsactie, massaschade, schadevergoeding, collectieve actie, collectieve rechtshandhaving
Auteurs Prof. mr. I.N. Tzankova
SamenvattingAuteursinformatie

    Het wetsvoorstel werd ingevoerd als gevolg van de motie Dijksma, die de positie van belangenorganisaties in collectieve schadevergoedingsacties moest verbeteren. Terwijl het systeem van de exclusieve belangenbehartiger in combinatie met het voorgestelde opt-outregime vroeg in de procedure verweerders een grote dienst bewijst, doet het wetsvoorstel weinig voor de adequate financiering van collectieve acties, waardoor een tekort aan rechtsbescherming dreigt. De auteur pleit voor een wettelijke introductie van de ‘common fund’, gekoppeld aan de bevoegdheid voor de rechter om de ‘success fee’ voor de procesfinanciers te bepalen. Dit dient wel te worden geflankeerd door een passende opleiding en training van de rechters die over collectieve acties oordelen. Ook dient de registratieplicht te worden uitgebreid met rapportageplicht aan het einde van een collectieve actie of schikking.


Prof. mr. I.N. Tzankova
Prof. mr. I.N. Tzankova is hoogleraar Global Dispute Resolution and Mass Claims aan Tilburg University en zelfstandig adviseur.
Artikel

Procesfinanciering door derden: een oplossing of een probleem?

Verslag van de najaarsvergadering 2016 van de Nederlandse Vereniging voor Procesrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2017
Auteurs Mr. J.J. Dammingh en Mr. L.M. van den Berg
Auteursinformatie

Mr. J.J. Dammingh
Mr. J.J. Dammingh is universitair hoofddocent burgerlijk (proces)recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen en tevens advocaat te Nijmegen.

Mr. L.M. van den Berg
Mr. L.M. van den Berg is stafjurist in de Rechtbank Gelderland en tevens verbonden aan de sectie burgerlijk (proces)recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Marieke Borren
Dr. Marieke Borren werkte tot voor kort als postdoctoraal onderzoeker aan de faculteit filosofie van de Universiteit van Pretoria, Zuid-Afrika. Op dit moment is ze UD filosofie aan de Open Universiteit en UD gender en postcolonial studies aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Culturen van letselschadeafwikkeling

Indrukken uit een vergelijkend onderzoek naar de wijze van afwikkeling van letselschades in Engeland, Noorwegen en Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2016
Trefwoorden letselschade, schadeafwikkeling, personenschade, cultuurverschillen, rechtsvergelijking
Auteurs Mr. E.S. Engelhard en Prof. mr. S.D. Lindenbergh
SamenvattingAuteursinformatie

    Onderzoek naar de wijze waarop letselschades worden afgewikkeld in Engeland, Noorwegen en Nederland brengt relevante verschillen in afwikkelingsculturen aan het licht. De Engelse wijze van afwikkeling is sterk gericht op afwikkeling in rechte en is vergaand vercommercialiseerd. De Noorse praktijk kenmerkt zich door een op sociale zekerheid gebaseerde afwikkelingscultuur buiten rechte, die in hoge mate is gebaseerd op onderling vertrouwen. De Nederlandse praktijk van schadeafwikkeling heeft met de Engelse gemeen dat zij vorm krijgt in een commerciële setting tegen de achtergrond van het civiele aansprakelijkheidsrecht. Met de Noorse praktijk heeft zij gemeen dat het proces van afwikkeling in hoge mate is gebaseerd op overleg buiten rechte en op onderling vertrouwen.


Mr. E.S. Engelhard
Mw. mr. E.S. Engelhard is als promovenda verbonden aan de Erasmus School of Law.

Prof. mr. S.D. Lindenbergh
Prof. mr. S.D. Lindenbergh is als hoogleraar privaatrecht verbonden aan de Erasmus School of Law.
Article

Access_open Exit, Voice and Loyalty from the Perspective of Hedge Funds Activism in Corporate Governance

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Uncertainty, entrepreneurship, agency costs, loyalty shares, institutional investors
Auteurs Alessio M. Pacces
SamenvattingAuteursinformatie

    This article discusses hedge funds activism based on Hirschman’s classic. It is argued that hedge funds do not create the loyalty concerns underlying the usual short-termism critique of their activism, because the arbiters of such activism are typically indexed funds, which cannot choose short-term exit. Nevertheless, the voice activated by hedge funds can be excessive for a particular company. Furthermore, this article claims that the short-termism debate cannot shed light on the desirability of hedge funds activism. Neither theory nor empirical evidence can tell whether hedge funds activism leads to short-termism or long-termism. The real issue with activism is a conflict of entrepreneurship, namely a conflict between the opposing views of the activists and the incumbent management regarding in how long an individual company should be profitable. Leaving the choice between these views to institutional investors is not efficient for every company at every point in time. Consequently, this article argues that regulation should enable individual companies to choose whether to curb hedge funds activism depending on what is efficient for them. The recent European experience reveals that loyalty shares enable such choice, even in the midstream, operating as dual-class shares in disguise. However, loyalty shares can often be introduced without institutional investors’ consent. This outcome could be improved by allowing dual-class recapitalisations, instead of loyalty shares, but only with a majority of minority vote. This solution would screen for the companies for which temporarily curbing activism is efficient, and induce these companies to negotiate sunset clauses with institutional investors.


Alessio M. Pacces
Professor of Law & Finance, Erasmus School of Law, and Research Associate, European Corporate Governance Institute.
Artikel

Tien jaar WCAM: een overzicht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden WCAM, schikking, belangenbehartigers, claimcultuur, procesfinanciering
Auteurs Mr. I. Tillema
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage geeft de auteur een overzicht van de WCAM-schikkingen die in de afgelopen tien jaar verbindend zijn verklaard. Daarnaast wordt ingezoomd op enkele aspecten omtrent de regeling, de belangenbehartigers en de financiering van hun activiteiten.


Mr. I. Tillema
Mr. I. Tillema is promovenda aan de Erasmus School of Law aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Stefaan Voet
Stefaan Voet is associate professor aan de KU Leuven en redacteur van dit tijdschrift.

Xandra Kramer
Xandra Kramer is a professor at Erasmus School of Law, Erasmus University Rotterdam, and Deputy Judge at the District Court of Rotterdam.

Shusuke Kakiuchi
Shusuke Kakiuchi is a professor at the University of Tokyo.
Article

Access_open Simplified Civil Procedure in Japan

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Japan, civil procedure, simplified procedure, summary courts, actions on small claims
Auteurs Etsuko Sugiyama
SamenvattingAuteursinformatie

    Japanese civil procedure covers four types of simplified procedures: ordinary proceedings in summary courts; actions on bills, notes, and checks; actions on small claims; and payment orders. Actions on small claims were newly introduced as civil procedure in 1996 to promote public access to justice. Summary courts have jurisdiction over these actions. The use of actions on small claims once increased to adjudicate a number of cases for the reimbursement of overpayment against consumer loan companies (Kabaraikin Suits). Although they have been used with less frequency recently due to the decrease of Kabaraikin Suits and increase of the use of other ADR procedures, they have a good reputation among their users and have successfully eased the burden on judges of district courts regardless of budget constraint. However, as more and more difficult cases are filed as actions on small claims, the burden of summary courts and court clerks seems to have increased. Providing information on simplified proceedings by courts and institutions of ADRs to citizens will solve this new problem by helping them to choose appropriate proceedings.


Etsuko Sugiyama
Associate Professor, Hitotsubashi University.
Article

Access_open A View from the Sky

A General Overview about Civil Litigation in the United States with Reference to the Relief in Small and Simple Matters

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2015
Trefwoorden civil procedure, United States, small and simple matters
Auteurs Manuel Gomez en Juan Carlos Gomez
SamenvattingAuteursinformatie

    This article, which is based on the research conducted for the General Report ‘Relief in Small and Simple Matters in an Age of Austerity’ presented at the XV World Congress of Procedural Law, provides a contextualised and broad overview of these phenomena in the United States. After describing the general features of the federal and state judiciaries, including its adversarial model of judging, and the importance of the jury system, the article turns its attention to discuss the factors that affect the cost of litigation in the United States, the different models of litigation funding, the available legal aid mechanisms, and the procedural tools available for handling small and simple disputes. Furthermore, this article briefly revisits the discussion about the effect of austerity on the functioning of the United States legal system on the handling of small and simple matters and ends with a brief conclusion that summarises its contribution and sketches the points for future research on this important topic.


Manuel Gomez
Manuel Gomez is Associate Professor of Law and Associate Dean of International and Graduate Students at the Florida International University College of Law.

Juan Carlos Gomez
Juan Carlos Gomez is Director of the Carlos A. Costa Immigration and Human Rights Clinic at the Florida International University College of Law.
Artikel

Access to justice in consumer law

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2015
Trefwoorden consumer law, enforcement of consumer rights, costs of procedure, obstacles for enforcement
Auteurs Marco Loos
SamenvattingAuteursinformatie

    In many areas of private law, mandatory substantive law protects consumers. In this contribution, I will argue that awarding consumer rights without properly regulating the consumer’s access to the court system renders these rights unenforceable through the ordinary courts. Several obstacles to the proper enforcement of consumer rights by individuals are identified, ranging from consumers’ lack of knowledge of their rights to the formalities of proceedings, the use of complex jargon and the costs involved in court procedures. It is argued that these obstacles produce such disincentives for consumers to maintain their rights that the result is that they do so in an insufficient manner, which leads to under-enforcement of consumer law.


Marco Loos
Marco Loos is Professor of Private Law, in particular of European consumer law, at the Centre for the Study of European Contract Law of the University of Amsterdam in the Netherlands and member of the Board of the Ius Commune Research School.

    In the course of it short existence, Socio-legal studies (SLS) in the Anglo-Saxon world has burgeoned into a rich and variegated field. Reviewing it is therefore a challenging task. I begin with some general reflections and an outline of recent developments. Although these indicate an extremely vibrant field, concerns have been expressed for the future. In my discussion of these, I argue that our analysis of SLS needs to be historicised since the emergence of SLS is connected to processes of social modernization and democratization. The erosion of these processes by neo-liberal discourses and policies is the background to a discussion of my own research into the impact of the cuts to civil legal aid in England and Wales. This leads me to conclude that the fundamental dissonance between neo-liberal rationality and social science may portend a difficult future, in particular for empirical work; however, I note too that other developments such as the ongoing juridification of society and new social media may make continued SL engagement irresistible.


Hilary Sommerlad
Hilary Sommerlad is professor of Law and Research Director of the Centre for Professional Legal Education and Research, University of Birmingham, and Fellow of the Academy of Social Sciences. Dr. Sommerlad’s research interests are access to justice, the cultural practices of the professional workplace and diversity. She is Articles Editor of Legal Ethics, and serves on the editorial boards of the Journal of Law and Society and the International Journal of the Legal Profession.
Artikel

When it takes thousands to tango

Over de buitengerechtelijke collectieve afwikkeling van massaschade in Nederland en België

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 1 2015
Trefwoorden mass damage claims, collective settlement, high profile mediation, shadow of the settlement, 2013 European Commission Recommendation on settling mass damage claims (informal mechanisms)
Auteurs Rob Jagtenberg en Stefaan Voet
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the authors compare Belgian and Dutch (draft) regulation of mass damage claims, and notably the prominent place reserved for the collective amicable settlement of such claims. Though collective action for the recovery of damage is still not possible in the Netherlands, Dutch law does provide for the possibility of the court endorsing collectively agreed settlements, since 2005. One of most notorious settlements, i.e. the Dexia case, is discussed, illustrating how individual victims may retain their standing to sue in court, although in such cases the courts show a tendency to cling to the terms of the collective settlement just the same (‘reflex effect or shadow of the settlement’). Mediation in brokering such high profile settlements does not necessarily follow the vested principles of mediation in ‘regular’ one to one disputes.


Rob Jagtenberg
Rob Jagtenberg is docent aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en lid van de redactie van TMD.

Stefaan Voet
Stefaan Voet is postdoctoraal onderzoeker bij het FWO Vlaanderen, verbonden aan het Instituut voor Procesrecht van de Universiteit Gent en lid van de redactie van TMD.
Toont 1 - 20 van 32 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.