Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 235 artikelen

x

    Op 11 maart jongstleden is het conceptwetsvoorstel naar aanleiding van de evaluatie Wet OM-afdoening in consultatie gegaan. Dit conceptwetsvoorstel wijzigt de regeling van de buitengerechtelijke afdoening van strafbare feiten op vier onderdelen. Een van die onderdelen betreft de (hoge)transactieregeling. In deze bijdrage worden de belangrijkste door de minister voorgestelde wijzigingen van deze regeling besproken en daarbij enkele (kritische) opmerkingen gemaakt.


Mr. S. Kerssies
mr. S. Kerssies is senior juridisch medewerker bij de rechtbank Oost-Brabant.
Rechtsbescherming

Access_open Hof van Justitie sluit zich voor het zwijgrecht en het nemo tenetur-beginsel voor natuurlijke personen aan bij het EHRM

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2021
Trefwoorden zwijgrecht, nemo tenetur, medewerkingsplicht, bestraffend bestuursrecht, Handvest
Auteurs Mr. M.A.A. Traousis
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest DB/Consob oordeelt de Grote kamer van het Hof van Justitie over de reikwijdte van het zwijgrecht en het nemo tenetur-beginsel voor natuurlijke personen. Eerder is dit al gedaan voor rechtspersonen in het kader van het mededingingsrecht, maar voor natuurlijke personen breidt het Hof van Justitie dit nu uit door aan te sluiten bij de rechtspraak van het EHRM. Dit leidt ertoe dat iemand geen boete mag krijgen omdat hij weigert te antwoorden, wanneer die antwoorden mogelijk tegen hem zouden kunnen worden gebruikt bij een criminal charge.
    HvJ 2 februari 2021, zaak C-481/19, ECLI:EU:C:2021:84 (DB/Commissione Nazionale per le Società e la Borsa (Consob)).


Mr. M.A.A. Traousis
Mr. M.A.A. (Marko) Traousis is stafjurist bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven en redacteur van de ABkort.
Artikel

Access_open Professional Ethics for Judges – Lessons Learned from the Past. Dialogue as Didactics to Develop Moral Leadership for Judges

Special Issue on Education in (Professional) Legal Ethics, ­Emanuel van Dongen & Jet Tigchelaar (eds.)

Tijdschrift Law and Method, juli 2021
Trefwoorden professional ethics, ethical dilemmas, judiciary, independence
Auteurs Alex Brenninkmeijer en Didel Bish
SamenvattingAuteursinformatie

    There is an intimate link between good conduct by judges and the rule of law. The quintessence of their role is that judges shape a trustworthy and fair legal system from case to case. Ethical trading is not carved in granite, and judges must determine their course on different levels. First, it concerns personal conduct and requires integrity and reliability. On the second level, the challenge is to achieve proper adjudication by conducting a fair trial in accordance with professional standards. Third, judges exercise discretion, in which normative considerations run the risk of becoming political. They should act independently as one of the players in the trias politica. A triptych of past cases illustrate moral dilemmas judges may encounter in their profession. Calibrating the ethical compass is not an abstract or academic exercise. A dialogue at the micro (internal), meso (deliberation in chambers) and macro levels (court in constitutional framework) could be incorporated in the legal reasoning as a didactic framework to make future judges aware of their ethical challenges.


Alex Brenninkmeijer
A.F.M. Brenninkmeijer, PhD is Member of the European Court of Auditors, Luxembourg. Professor of Institutional Aspects of the Rule of Law at Utrecht University.

Didel Bish
D.A. Bish, LLM is a trainee at the European Court of Auditors, Luxembourg.
Artikel

Samenloop van een tuchtrechtelijke en een strafrechtelijke procedure

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2021
Trefwoorden tuchtrecht, criminal charge, samenloop, nemo tenetur, medewerkingsplicht
Auteurs Mr. dr. R.L. Herregodts
SamenvattingAuteursinformatie

    Het komt voor dat over hetzelfde feitencomplex zowel een tuchtrechtelijke als een strafrechtelijke procedure wordt gevoerd. Volgens de jurisprudentie van het EHRM en de tuchtcolleges is dit niet in strijd met het ne bis in idem-beginsel. Toch is die samenloop niet zonder complicaties. Dit artikel gaat over een daarvan, namelijk de situatie dat de beroepsbeoefenaar zich, met het oog op een lopende of naderende strafrechtelijke procedure, niet vrij voelt om in de tuchtprocedure mondeling en schriftelijk te verklaren over de inhoud van de klacht.


Mr. dr. R.L. Herregodts
Mr. dr. R.L. Herregodts is universitair docent bij de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Dispute settlement among the Nigerian Igbo in Antwerp

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Legal pluralism, Dispute settlement, Igbo, Antwerp
Auteurs Filip Reyntjens
SamenvattingAuteursinformatie

    This is a case study in ‘new legal pluralism’ which is interested in the operation of plural legal orders in countries of the global North. It considers the way in which the Nigerian Igbo living in Antwerp, Belgium settle their disputes. It first presents the Antwerp Igbo’s organisation in a Union possessing a constitution with precise legal stipulations. It then finds that the Igbo take the law with them from their home region into a diasporic community. Next it looks into the concrete organisation of dispute settlement and presents five cases as exemplars. It then discusses the advantages and drawbacks of applying Igbo law and justice, the issue of women’s rights, and the plurality and flexibility of the system. The conclusion underscores the fact that legal pluralism is a universal empirical reality.


Filip Reyntjens
Filip Reyntjens is Emeritus hoogleraar bij het Instituut voor Ontwikkelingsbeleid aan de Universiteit Antwerpen.
Artikel

Access_open Het instellen van een medische tuchtprocedure: een ‘criminal charge’?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden beroepsverbod, tuchtrecht, strafrecht, Engel, EVRM
Auteurs Mr. M.F. Mooibroek
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds de inwerkingtreding van de Wet modernisering tuchtrecht kan de medische tuchtrechter een absoluut beroepsverbod opleggen. Daarmee is het karakter van de medische tuchtprocedure fundamenteel gewijzigd en kan de vraag worden gesteld of de medische tuchtvervolging heeft te gelden als ‘criminal charge’ in de zin van artikel 6 EVRM.


Mr. M.F. Mooibroek
Maurice Mooibroek is advocaat bij KBS Advocaten te Utrecht en buitenpromovendus Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Access_open Het fenomeen ‘pedojagen’: toepassingsbereik van artikel 359a Sv, bezien in het licht van een mogelijke strafzaak tegen de (vermeende) pedoseksueel

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden pedojagen/pedojagers, (evidente) pedoseksueel, (normering) burgeropsporing, (buitensporig) optreden, aanvulling/nuancering artikel 359a Sv
Auteurs Mr. J.D. (Jessica) Schmahl en Mr. L.W. (Lune) Verbeek
SamenvattingAuteursinformatie

    ‘Pedojagen’ is een groeiend fenomeen, zo blijkt uit recente incidenten. Strafvorderlijke autoriteiten dragen uit dat zij door pedojagers ontmaskerde vermeende pedoseksuelen niet zullen vervolgen. Het is de vraag of dit standpunt in de praktijk ook wordt nageleefd en of naleving altijd wenselijk is. De auteurs beargumenteren dat het OM tot vervolging moet kunnen overgaan wanneer door pedojagers een ‘evidente pedoseksueel’ wordt ontmaskerd. Onderzocht is welke ruimte het klassieke beoordelingskader van artikel 359a Sv (genuanceerd in HR 1 december 2020) aan de rechter biedt, dan wel zou moeten bieden, om consequenties te verbinden aan buitensporig optreden door pedojagers jegens de beschuldigde pedoseksueel.


Mr. J.D. (Jessica) Schmahl
Mr. J.D. Schmahl is als docent straf- en strafprocesrecht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht.

Mr. L.W. (Lune) Verbeek
Mr. L.W. Verbeek is als docent straf- en strafprocesrecht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Kiezen of delen?

Over de ondeelbare belastingaangifte en una via

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2021
Trefwoorden una via, hetzelfde feit, dubbele bestraffing en vervolging, boete, strafvervolging
Auteurs Mr. G.M. Boezelman en Mr. A.C.M. Klaasse
SamenvattingAuteursinformatie

    Overtredingen van de belastingwet kunnen zowel worden beboet als strafrechtelijk bestraft. Het una-viabeginsel voorkomt dat twee keer wordt bestraft voor hetzelfde feit. Recent is in twee arresten van gerechtshoven aan de orde gekomen of het onjuist invullen van twee posten in één belastingaangifte separaat kan worden bestraft. De auteurs bespreken deze problematiek aan de hand van deze arresten alsmede de rechtspraak van de Hoge Raad en het EHRM en komen tot de conclusie dat de aangifte ondeelbaar is, zodat het opzettelijk indienen van een onjuiste belastingaangifte slechts éénmaal kan worden bestraft.


Mr. G.M. Boezelman
Mr. G.M. Boezelman is advocaat bij Hertoghs advocaten in Amsterdam.

Mr. A.C.M. Klaasse
Mr. A.C.M. Klaasse is advocaat bij Hertoghs advocaten in Rotterdam.
Artikel

De last onder dwangsom nieuwe stijl: een bestraffende sanctie?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2021
Trefwoorden last onder dwangsom, herstelsanctie, bestraffende sanctie, criminal charge, rechterlijke toetsing
Auteurs Mr. dr. A.P.W. Duijkersloot en Mr. W. Zorg
SamenvattingAuteursinformatie

    Het onderscheid tussen herstelsancties en bestraffende sancties blijft vragen oproepen. Vanwege het verschil in rechtswaarborgen voor de overtreder is de kwalificatie van een sanctie als het een of het ander van belang. Dit geldt met name ook voor de inzet van de last onder dwangsom nieuwe stijl, die de laatste jaren als alternatief voor het stafrecht en de bestuurlijke boete door vooral gemeenten wordt gehanteerd. De ABRvS kwalificeert deze sanctie als niet-bestraffend. Daar is zeker iets voor te zeggen. Toch is enige twijfel op zijn plaats, met name in het licht van het criminal charge-begrip van artikel 6 EVRM.


Mr. dr. A.P.W. Duijkersloot
Mr. dr. A.P.W. Duijkersloot is universitair docent staats- en bestuursrecht aan de Universiteit Utrecht en daar als onderzoeker verbonden aan het Utrecht Centre for Regulation and Enforcement in Europe (Renforce) en het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL).

Mr. W. Zorg
Mr. W. Zorg is jurist bij Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden.
Artikel

Bounding Border Checks

A Comparative Approach to Crimmigration, Race, and Policing at the US Internal Border

Tijdschrift Crimmigratie & Recht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Border checks, US International Border, US Border Patrol, Schengen area
Auteurs David Hamburger
SamenvattingAuteursinformatie

    Crimmigration – the hybridization of criminal law and migration policy – is a transatlantic phenomenon. Despite this growing recognition, however, academic attention has thus far tended to focus more on discrete cases than on the similarities across regional contexts. In considering internal checkpoint stops conducted by US Border Patrol within the context of ongoing debates about racial profiling and policing of the internal border in the Schengen area, this article aims to provide a comparative lens by which to assess the questions at the heart of the current European discussion. An examination of both the jurisprudence and practice of the US internal border, this comparison suggests, offers a cautionary tale for European attempts to balance the fight against cross-border crime with the principles of human rights and the promise of a Europe free of internal frontiers.


David Hamburger
D.J. Hamburger LLM is a recent LLM graduate of the Europa Instituut at Leiden Law School, where he was an NAF-Fulbright fellow.
Artikel

A machine without an engine: why deportation would hardly find its place in the Italian judicial system

Tijdschrift Crimmigratie & Recht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden deportation, convicted foreign nationals, crimmigration, judicial decision-making
Auteurs Eleonora Di Molfetta
SamenvattingAuteursinformatie

    In the last decades, many Western countries have embraced an exclusionary stance towards non-members by increasingly relying on deportation. An important target of ‘crimmigration’ practices is represented by convicted foreign nationals, who are subject to deportation after serving their sentence. In Italy, trial judges can issue a deportation order towards convicted foreign nationals considered socially dangerous. This article examines whether and how deportation has found its space in judicial settings. Drawing on data collected in the court of Turin, this article sheds light on how structural and cultural traits of the Italian judicial system make deportation ‘a machine without an engine’.


Eleonora Di Molfetta
Dr. E. Di Molfetta, sectie Criminologie, Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Access_open Toegang tot het recht in de rechtsstaat

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2021
Trefwoorden rechtsstaat, toegang tot het recht, sociale dimensie, Nicholas Barber, Pierre Bourdieu
Auteurs Nathalie Franziska Hendrika Schnabl
SamenvattingAuteursinformatie

    This paper considers access to the rule of law as a requirement for the well-functioning of the rule of law in society. In most rule of law debates, access to the rule of law is not a topic of discussion because these scholars focus themselves solely on the legalistic dimension of the rule of law. Barber was the first to mention the social dimension explicitly but without a theoretical framework. Based on the three capitals of Bourdieu, this paper offers a framework to determine the elements of the social dimension. With these capitals, barriers to the access to the rule of law for individuals can be identified, and solutions can be offered.


Nathalie Franziska Hendrika Schnabl
Nathalie Schnabl is promovenda aan de Faculteit Rechtswetenschappen van de Open Universiteit.

    La présente contribution vise à analyser les développements jurisprudentiels de la Commission européenne des droits de l’homme et de la Cour européenne des droits de l’homme en matière d’interruption de grossesse. Nous formulons une réponse à la question suivante: vu de l’évolution de la jurisprudence, quelles conclusions pouvons-nous tirer sur la position actuelle de la Cour européenne des droits de l’homme sur la question du droit et de l’accès à l’avortement? À travers une analyse des décisions et arrêts rendus par la Commission et la Cour, nous étudions la façon dont les différents intérêts et droits s’articulent, à savoir ceux de la femme enceinte, du père potentiel, de l’enfant à naître et de la société. Au terme de cette étude, nous déterminons la marge d’appréciation dont jouissent les états membres en la matière, ainsi que la manière dont la Cour réalise une balance des différents intérêts en présence.

    ---
    This contribution aims to analyze the case-law developments of the European Commission of Human Rights and the European Court of Human Rights in matters of termination of pregnancy. We formulate an answer to the following question: regarding the case-law developments, what can we conclude on the European Court of Human Rights’ current position on the right and access to abortion? Through an analysis of the Commission and the Court’s decisions and judgments, we study how the different interests and rights are articulated, namely those of the pregnant woman, the potential father, the unborn child, and the society. At the end of this study, we determine the member states’ margin of appreciation regarding abortion and how the Court finds a balance between the various concerned interests.


A. Cassiers
Aurélie Cassiers est assistante - doctorante à l'UHasselt. L’auteure souhaite remercier la relecture attentive et les remarques pertinentes de sa promotrice et sa co-promotrice, prof. dr. Charlotte Declerck (UHasselt) et prof. dr. Géraldine Mathieu (UNamur).
Artikel

Streven naar coherentie in de publieke sanctionering van financieel recht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2021
Trefwoorden sociaaleconomisch strafrecht, financieel strafrecht, coherentie sanctiestelsels, WED, Wft
Auteurs Em. prof. mr. R.C.P. Haentjens
SamenvattingAuteursinformatie

    De verhouding tussen de strafrechtelijke en bestuursrechtelijke handhavingsstelsels worden benaderd vanuit het oogpunt van coherentie. In de strafrechtelijke sanctionering is de WED het centrale uitgangpunt. De auteur acht uiteindelijk deze wet nog steeds toekomstbestendig. Andere benaderingen verliezen aan coherentie. De auteur doet enkele voorstellen voor verbetering en aanpassing van artikel 1 en 59 WED. De bestuursrechtelijke benadering start bij de Wft als centrale wet, maar de sanctionering is minder gestructureerd als in het strafrecht. De auteur ziet verschillende sanctiefiguren opkomen in het strafrecht en in het bestuursrecht (art. 74 Sr, 257a e.v. Sv), die een samenvloeien van bestuur- en strafsancties mogelijk maken. De procedures zullen voorlopig gescheiden blijven. De auteur geeft afsluitend enkele vuistregels voor humaan sanctioneren.


Em. prof. mr. R.C.P. Haentjens
Em. prof. mr. R.C.P. Haentjens is emeritus hoogleraar Financieel strafrecht aan de Universiteit van Amsterdam, oud-vice-president van het gerechtshof Amsterdam en oud-redacteur van dit blad.
Van de redactie

Access_open Keskin en het onderbouwen van verzoeken tot het horen van getuigen: een presumptie van verdedigingsbelang

“Uitspraak EHRM: Hoge Raad zal jurisprudentie t.a.v. het horen van getuigen à charge moeten aanpassen!”

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 1 2021
Article

Access_open The Common Law Remedy of Habeas Corpus Through the Prism of a Twelve-Point Construct

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2021
Trefwoorden Habeas corpus, common law, detainee, Consitution, liberty
Auteurs Chuks Okpaluba en Anthony Nwafor
SamenvattingAuteursinformatie

    Long before the coming of the Bill of Rights in written Constitutions, the common law has had the greatest regard for the personal liberty of the individual. In order to safeguard that liberty, the remedy of habeas corpus was always available to persons deprived of their liberty unlawfully. This ancient writ has been incorporated into the modern Constitution as a fundamental right and enforceable as other rights protected by virtue of their entrenchment in those Constitutions. This article aims to bring together the various understanding of habeas corpus at common law and the principles governing the writ in common law jurisdictions. The discussion is approached through a twelve-point construct thus providing a brief conspectus of the subject matter, such that one could have a better understanding of the subject as applied in most common law jurisdictions.


Chuks Okpaluba
Chuks Okpaluba, LLB LLM (London), PhD (West Indies), is a Research Fellow at the Free State Centre for Human Rights, University of the Free State, South Africa. Email: okpaluba@mweb.co.za.

Anthony Nwafor
Anthony O. Nwafor, LLB, LLM, (Nigeria), PhD (UniJos), BL, is Professor at the School of Law, University of Venda, South Africa. Email: Anthony.Nwafor@univen.ac.za.
Article

Access_open Correcting Wrongful Convictions in France

Has the Act of 2014 Opened the Door to Revision?

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Final criminal conviction, revision procedure, grounds for revision, preparatory investigative measures, Cour de révision et de réexamen
Auteurs Katrien Verhesschen en Cyrille Fijnaut
SamenvattingAuteursinformatie

    The French ‘Code de procédure pénale’ provides the possibility to revise final criminal convictions. The Act of 2014 reformed the procedure for revision and introduced some important novelties. The first is that it reduced the different possible grounds for revision to one ground, which it intended to broaden. The remaining ground for revision is the existence of a new fact or an element unknown to the court at the time of the initial proceedings, of such a nature as to establish the convicted person’s innocence or to give rise to doubt about his guilt. The legislature intended judges to no longer require ‘serious doubt’. However, experts question whether judges will comply with this intention of the legislature. The second is the introduction of the possibility for the applicant to ask the public prosecutor to carry out the investigative measures that seem necessary to bring to light a new fact or an unknown element before filing a request for revision. The third is that the Act of 2014 created the ‘Cour de révision et de réexamen’, which is composed of eighteen judges of the different chambers of the ‘Cour de cassation’. This ‘Cour de révision et de réexamen’ is divided into a ‘commission d’instruction’, which acts as a filter and examines the admissibility of the requests for revision, and a ‘formation de jugement’, which decides on the substance of the requests. Practice will have to show whether these novelties indeed improved the accessibility of the revision procedure.


Katrien Verhesschen
Katrien Verhesschen is PhD candidate and teaching assistant at the Institute of Criminal Law KU Leuven.

Cyrille Fijnaut
Cyrille Fijnaut is Emeritus Professor of Criminal Law & Criminology at Erasmus University Rotterdam, KU Leuven and Tilburg University.
Article

Access_open Mechanisms for Correcting Judicial Errors in Germany

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2020
Trefwoorden criminal proceedings, retrial in favour of the convicted, retrial to the disadvantage of the defendant, Germany, judicial errors
Auteurs Michael Lindemann en Fabienne Lienau
SamenvattingAuteursinformatie

    The article presents the status quo of the law of retrial in Germany and gives an overview of the law and practice of the latter in favour of the convicted and to the disadvantage of the defendant. Particularly, the formal and material prerequisites for a successful petition to retry the criminal case are subject to a detailed presentation and evaluation. Because no official statistics are kept regarding successful retrial processes in Germany, the actual number of judicial errors is primarily the subject of more or less well-founded estimates by legal practitioners and journalists. However, there are a few newer empirical studies devoted to different facets of the subject. These studies will be discussed in this article in order to outline the state of empirical research on the legal reality of the retrial procedure. Against this background, the article will ultimately highlight currently discussed reforms and subject these to a critical evaluation as well. The aim of the recent reform efforts is to add a ground for retrial to the disadvantage of the defendant for cases in which new facts or evidence indicate that the acquitted person was guilty. After detailed discussion, the proposal in question is rejected, inter alia for constitutional reasons.


Michael Lindemann
Michael Lindemann is Professor for Criminal Law, Criminal Procedure and Criminology at the Faculty of Law of Bielefeld University, Germany.

Fabienne Lienau
Fabienne Lienau is Research Assistant at the Chair held by Michael Lindemann.
Article

Access_open Post-Conviction Remedies in the Italian Criminal Justice System

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2020
Trefwoorden wrongful conviction, revision, extraordinary appeal, rescission of final judgment, res judicata
Auteurs Luca Lupária Donati en Marco Pittiruti
SamenvattingAuteursinformatie

    The Italian Constitution expressly contemplates the possibility of a wrongful conviction, by stating that the law shall determine the conditions and forms regulating damages in case of judicial error. Therefore, it should come as no surprise that many provisions of the Italian Code of Criminal Procedure (CCP) deal with the topic. The aim of this article is to provide an overview of the post-conviction remedies in the Italian legal system by considering the current provisions of the CCP, on the one hand, and by exploring their practical implementation, on the other.


Luca Lupária Donati
Luca Lupária is Full Professor of Criminal Procedure at Roma Tre University, Director of the Italy Innocence Project and President of the European Innocence Network.

Marco Pittiruti
Marco Pittiruti is researcher of Criminal Procedure at Roma Tre University.
Article

Access_open Exoneration in Sweden

Is It Not about Time to Reform the Swedish Model?

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2020
Trefwoorden wrongful convictions, extraordinary legal remedy, exoneration, exoneration in Sweden
Auteurs Dennis Martinsson
SamenvattingAuteursinformatie

    This article reviews exoneration in Sweden, with a focus on the procedure of applying for exoneration. First, it highlights some core features of Swedish criminal procedural law, necessary to understand exoneration in the Swedish context. Secondly, it outlines the possibilities in Swedish law to apply for exoneration, both in favour of a convicted person and to the disadvantage of a previously acquitted defendant. Thirdly, it identifies some challenges with the current Swedish model of administering applications for exoneration. Fourthly, it argues that the current system should be reformed by introducing into Swedish law a review committee that administers applications for exoneration.


Dennis Martinsson
Dennis Martinsson is Assistant Professor in the Department of Law of Stockholm University in Sweden.
Toont 1 - 20 van 235 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.