Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 1576 artikelen

x
Strafrecht

Access_open Zorgen om de rechtsstaat in Polen bij uitvoering van een Europees aanhoudingsbevel

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 (incompleet) 2021
Trefwoorden Europees aanhoudingsbevel, overlevering, Rule of Law, onafhankelijkheid rechtspraak Polen
Auteurs Prof. mr. P.A.M. Verrest
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie heeft in een arrest van 17 december 2020 prejudiciële vragen beantwoord van de rechtbank Amsterdam. De rechtbank wilde weten of de aantasting van de onafhankelijkheid van de rechtspraak in Polen betekent dat de overlevering van personen aan die lidstaat op grond van een Europees aanhoudingsbevel dient te worden geweigerd, ook zonder de concrete omstandigheden in de desbetreffende zaak aan een gedetailleerd onderzoek te onderwerpen. Het Hof van Justitie herhaalt dat de dreiging van een mensenrechtenschending voor de opgeëiste persoon altijd moet worden beoordeeld op het niveau van de individuele zaak. Er is bovendien geen reden om een Poolse rechter niet langer als ‘rechterlijke autoriteit’ in de zin van het kaderbesluit Europees aanhoudingsbevel aan te merken.
    HvJ 17 december 2020, gevoegde zaken C-354/20 PPU en C-412/20 PPU, ECLI:EU:C:2020:1033 (L. en P.)


Prof. mr. P.A.M. Verrest
Prof. mr. P.A.M. (Pieter) Verrest is hoogleraar straf(proces)recht, in het bijzonder Europees en Internationaal strafrecht, aan Erasmus School of Law te Rotterdam.
Artikel

Access_open Ethiek en recht, actio in distans

Special issue on Education in (Professional) Legal Ethics, ­Emanuel van Dongen & Jet Tigchelaar (eds.)

Tijdschrift Law and Method, april 2021
Trefwoorden ethiekrecht, juridische beroepspraktijk, juridische opleiding
Auteurs Marcel Becker
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze text belicht achtergronden van het ethiekonderwijs aan juristen, zoals dat aan de Radboud Universiteit vorm krijgt. Centraal staat eerst de praktisch én theoretisch relevante spanning tussen ethiek en recht. Na een verkenning van deze spanning bespreekt Marcel Becker de status van ethische theorieën en de meerwaarde van sociaalwetenschappelijke kennis voor ethiekonderwijs.


Marcel Becker
Dr. Marcel Becker is associate professor Ethics and Political Philosophy, Radboud Universiteit, Nijmegen.
Artikel

De black box van de WETS

Gebrek aan transparantie en rechtsbescherming in de procedure van strafoverdracht

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden WETS, strafoverdracht, rechtshulp, wederzijdse erkenning, Handvest
Auteurs Mr. F.T.C. (Frederieke) Dölle en Mr. T. (Tom) de Boer
SamenvattingAuteursinformatie

    De bijdrage bespreekt de erkenning en tenuitvoerlegging van in andere EU-lidstaten opgelegde vrijheidsbenemende sancties in Nederland. De EU-lidstaten wilden door middel van kaderbesluiten de stroperige traditionele rechtshulp efficiënter maken. Nederland heeft aan deze wens gehoor gegeven bij de totstandkoming van de WETS. De WETS kent een belangrijke rol toe aan het hof Arnhem-Leeuwarden, dat de minister adviseert over de toelaatbaarheid van de strafoverdracht. De veroordeelde is niet bij deze procedure betrokken. De auteurs concluderen dat deze procedure op gespannen voet staat met het Unierecht en aanpassing verdient.


Mr. F.T.C. (Frederieke) Dölle
Mr. F.T.C. Dölle is advocaat bij Prakken d’Oliveira Human Rights Lawyers.

Mr. T. (Tom) de Boer
Mr. T. de Boer is advocaat bij Prakken d’Oliveira Human Rights Lawyers.

    Het ontgrendelen van elektronische gegevensdragers met een biometrisch kenmerk staat nog steeds in de schijnwerpers van de rechtswetenschap en de rechtspraktijk. Uit de literatuur is een duidelijke meerderheidsopvatting te distilleren, namelijk dat de verdachte verplicht kan worden elektronische gegevensdragers met een biometrisch kenmerk te ontgrendelen, maar dat van een verplichting zijn wachtwoord af te staan geen sprake kan zijn. Verschillende nationale gerechten hebben dezelfde conclusie getrokken. Ondanks de duidelijke meerderheidsopvatting werd tegen een van de eerste uitspraken, een vonnis van de rechtbank Noord-Holland, cassatie in het belang van de wet ingesteld waarin advocaat-generaal Bleichrodt onlangs concludeerde. In deze bijdrage wordt de zojuist genoemde conclusie besproken, in het licht van de afwezigheid van een fundamentele bezinning op de normering van opsporingsbevoegdheden in de digitale wereld.


D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
D.A.G. van Toor PhD LLM BSc is verbonden als universitair docent aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open Toegang tot het recht in de rechtsstaat

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering Pre-publications 2021
Trefwoorden rechtsstaat, toegang tot het recht, sociale dimensie, Nicholas Barber, Pierre Bourdieu
Auteurs Nathalie Franziska Hendrika Schnabl
SamenvattingAuteursinformatie

    This paper considers access to the rule of law as a requirement for the well-functioning of the rule of law in society. In most rule of law debates, access to the rule of law is not a topic of discussion because these scholars focus themselves solely on the legalistic dimension of the rule of law. Barber was the first to mention the social dimension explicitly but without a theoretical framework. Based on the three capitals of Bourdieu, this paper offers a framework to determine the elements of the social dimension. With these capitals, barriers to the access to the rule of law for individuals can be identified, and solutions can be offered.


Nathalie Franziska Hendrika Schnabl
Nathalie Schnabl is promovenda aan de Faculteit Rechtswetenschappen van de Open Universiteit.
Artikel

Het contact tussen gedetineerden en interne en externe re-integratieprofessionals in Nederlandse penitentiaire inrichtingen

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 1 2021
Trefwoorden contact, professionals, gevangenis, re-integratie, casemanagement
Auteurs Amanda Pasma, Esther van Ginneken, Anouk Bosma e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Prisoners often encounter multiple barriers when returning to society, resulting in higher risks of recidivism. To overcome these barriers, prison-based and community-based professionals assist with preparation for release. Prison-based professionals, such as the case manager and mentor, screen and monitor the problems regarding work and income, housing, healthcare, financial debts and valid identification. Community-based professionals, such as municipal officials, parole officers, healthcare professionals and volunteers, can provide additional and specialized help. First, this research discusses the current policy of the Dutch Custodial Institutions Agency (DJI) and the role of different types of professionals. Second, it presents a nationwide picture of the extent to which prisoners report contact with prison-based and community-based professionals, and to what degree prisoners appreciate this contact. The results are specified for various types of regimes and time served and are based on 4308 prisoner surveys of the Dutch Prison Visitation Study (DPVS), part of the Life in Custody Study (LIC-study). It turns out that most prisoners seem to be in close contact with prison-based professionals and that prisoners positively value this contact. However, contact with community-based professionals is limited and prisoners are somewhat dissatisfied about their contact with parole officers and municipal officials. Furthermore, the amount of contact differs across various types of regimes and time served. In particular, individuals who recently entered prison report less contact. To conclude, policy implications will be discussed.


Amanda Pasma
Amanda J. Pasma is PhD-student aan de Universiteit Leiden, Faculteit der Rechtsgeleerdheid.

Esther van Ginneken
Esther van Ginneken is Universitair Docent Criminologie aan de Universiteit Leiden, Faculteit der Rechtsgeleerdheid.

Anouk Bosma
Anouk Bosma was ten tijde van het onderzoek Universitair Docent Criminologie aan de Universiteit Leiden, Faculteit der Rechtsgeleerdheid.

Hanneke Palmen
Hanneke Palmen is Universitair hoofddocent Criminologie aan de Universiteit Leiden, Faculteit der Rechtsgeleerdheid.

Paul Nieuwbeerta
Paul Nieuwbeerta is Hoogleraar Criminologie aan de Universiteit Leiden, Faculteit der Rechtsgeleerdheid.
Artikel

Samenhang in beleid op het terrein van veiligheid en justitie

Een longitudinale analyse van de geleverde prestaties per bestede euro in de V&J-sector in de periode 1980-2016

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 1 2021
Trefwoorden justitie, veiligheid, productiviteit, beleid, systeembenadering
Auteurs Jos Blank en Alex van Heezik
SamenvattingAuteursinformatie

    Policy coherence in the area of safety and justice – A longitudinal analysis of service delivery per euro spent in the S&J sector during the period 1980-2016

    In the safety and justice policy area, there is a strong intertwining between performances of the various sectors, such as police, judiciary and prison system. The question is whether policy takes these interdependencies into account sufficiently. Are the resources used – from a broader wealth perspective – optimally allocated amongst the various safety and justice provisions? The authors answer this question on the basis of an integrated time series analysis of the productivity development of the Dutch safety and justice system in the period 1980-2016. The analysis shows that productivity of safety and justice services has hardly changed since 1980. At best, in 2016, citizens will receive as much value per euro of taxpayers’ money as in 1980, but probably slightly less. It is striking, however, that the S&J system as a whole operates more efficient than the sum of its parts (the individual sectors). There have been substantial changes in the allocation of resources over time. Obviously money from the police was transferred to the judiciary and municipalities.


Jos Blank
Jos Blank is voormalig hoogleraar Productiviteit van de Publieke Sector aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, Associate professor aan de TU Delft en voorzitter van de stichting Instituut Publieke Sector Efficiëntie Studies. Hij is een erkende autoriteit op het gebied van productiviteitsmeting in de publieke sector en treedt al decennialang op als adviseur voor politici, beleidsmakers en vertegenwoordigers van publieke instellingen en organisaties.

Alex van Heezik
Alex van Heezik is sinds 1993 zelfstandig onderzoeker op het terrein van de publieke dienstverlening. Hij richt zich daarbij voornamelijk op het uitvoeren van historische beleidsevaluaties en (kwantitatieve) trendanalyses. De doelmatigheid en productiviteit van het beleid staan hierin vaak centraal.
Artikel

‘Zittingzaal van den Kinderrechter’

Pionierswerk in het jeugdstrafrecht

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden juvenile judge, court room, childfriendly justice, youth detention, police station
Auteurs Mr. Coosje Peterse
SamenvattingAuteursinformatie

    In 1932 the court room of the Juvenile Judge in Amsterdam was redesigned and this work was marked as 'spadework'. In 2021 in a joined project of law student and art students ‘Design of Justice’ a concept for a court room of the future is developed. Again 'spadework'? In this article the author reflects on this and other current developments in the field child-friendly justice in criminal youth cases.


Mr. Coosje Peterse
Mr. Coosje Peterse is (jeugdrecht)advocaat bij Hof-Recht Advocaten in Den Haag, bestuurslid van de Nederlandse Vereniging Jeugdrechtadvocaten (VNJA), rechter-plaatsvervanger in de rechtbank Rotterdam en lid van de redactie van PROCES.
Artikel

Van culturele delicten naar schadelijke praktijken

Veertig jaar culturele factoren in het strafrecht in PROCES

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden culturele delicten, cultureel verweer, schadelijke praktijken, publiceren in PROCES
Auteurs Prof. dr. mr. Jeroen ten Voorde
SamenvattingAuteursinformatie

    In 1981, PROCES published its first article on the criminal justice system in a pluriform or multicultural society. That article turned out to be the first of many articles on so-called cultural offences, like honour related violence and female genital mutilation, and the ways in which the criminal justice system could and should respond to these offences. This article reviews the various articles written on these topics for the past forty years and tries to finds an answer why it was that authors choose PROCES to publish their articles.


Prof. dr. mr. Jeroen ten Voorde
Prof. dr. mr. Jeroen ten Voorde is universitair hoofddocent Straf(proces)recht. Hij is tevens als bijzonder hoogleraar Strafrechtsfilosofie, leerstoel Leo Polak, verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen en redacteur van PROCES.
Artikel

De eeuwige zoektocht naar de meest fundamentele persoonlijke oorzaken van misdadigheid

Een historische schets van de forensische psychiatrie

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden forensische psychiatrie, mensbeeld, toerekeningsvatbaarheid
Auteurs Prof. dr. Joke Harte en Mr. Hanneke Beekman
SamenvattingAuteursinformatie

    For this anniversary issue of the centenary of the journal PROCES, we focused on the field of forensic psychiatry. What does one hundred years of PROCES tell us about the developments in this domain? Our starting point was an article from 1930. At that time, forensic psychiatry was not yet an integrated part of the criminal process. The anonymous author makes a plea for this to be the case. He substantiates this on the basis of four cases from his own practice. Now, one hundred years later, we conclude that this integration of forensic psychiatry into the criminal justice practice has been accomplished: there is ample attention to the mental health of suspects and detainees. The cases also show us how drastically the perspective on delinquents with a mental condition has changed, as a suspect suffering from a mental disorder was seen, by definition, as not criminally responsible. Reviewing the developments of the past hundred years has made us realize how temporary and transient our current perspective is. We are, however, convinced that the interest in individual motives of delinquents will always remain.


Prof. dr. Joke Harte
Prof. dr. Joke Harte is hoogleraar bij de afdeling Strafrecht en Criminologie van de Vrije Universiteit en lid van de redactie van PROCES.

Mr. Hanneke Beekman
Mr. Hanneke Beekman, juriste, is werkzaam als stafjurist in het Pieter Baan Centrum te Almere en bij de Dienst Noord-Holland van het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie (NIFP) te Amsterdam.
Artikel

Detentie als proces van beschaving

Van abolitionisme naar herstel

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden Abolitionism, restorative justice, prison system, Detention, community boards
Auteurs Dr. Gert Jan Slump, Veronique Aicha Achoui, Frans Douw e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In 1985 the Second International Congress on (Prison) Abolitionism took place. The organizers wanted to denounce the formalistic-legal approach to crime and revise the criminal pretensions. The aim was to develop a non-repressive process of conflict regulation. This contribution addresses the question of whether or to what extent the development of restorative justice in recent decades is an extension of the abolitionist perspective. Among other things, the developments in punishment and restorative detention and restorative justice in The Netherlands are discussed. It is concluded that restorative justice in a broad sense- and the introduction of small-scale, tailor-made detention are a realistic, at this time appropriate continuation of the efforts to find solutions for resolving conflicts outside criminal law.


Dr. Gert Jan Slump
Dr. Gert Jan Slump is criminoloog en medeoprichter van Restorative Justice Nederland en Jongerenrechtbanken Nederland en medeontwikkelaar van Communityprocessing.

Veronique Aicha Achoui
Veronique Aicha Achoui is sociaal psycholoog en nationaal coördinator RESCALED.

Frans Douw
Frans Douw is voormalig gevangenisdirecteur, host van Prison Show en bestuurder van de stichting Herstel en Terugkeer.

Dr. Jaap A. van Vliet
Dr. Jaap A. van Vliet is zelfstandig gevestigd adviseur en onderzoeker en sinds 1999 lid van de redactie van PROCES.

    La présente contribution vise à analyser les développements jurisprudentiels de la Commission européenne des droits de l’homme et de la Cour européenne des droits de l’homme en matière d’interruption de grossesse. Nous formulons une réponse à la question suivante: vu de l’évolution de la jurisprudence, quelles conclusions pouvons-nous tirer sur la position actuelle de la Cour européenne des droits de l’homme sur la question du droit et de l’accès à l’avortement? À travers une analyse des décisions et arrêts rendus par la Commission et la Cour, nous étudions la façon dont les différents intérêts et droits s’articulent, à savoir ceux de la femme enceinte, du père potentiel, de l’enfant à naître et de la société. Au terme de cette étude, nous déterminons la marge d’appréciation dont jouissent les états membres en la matière, ainsi que la manière dont la Cour réalise une balance des différents intérêts en présence.

    ---
    This contribution aims to analyze the case-law developments of the European Commission of Human Rights and the European Court of Human Rights in matters of termination of pregnancy. We formulate an answer to the following question: regarding the case-law developments, what can we conclude on the European Court of Human Rights’ current position on the right and access to abortion? Through an analysis of the Commission and the Court’s decisions and judgments, we study how the different interests and rights are articulated, namely those of the pregnant woman, the potential father, the unborn child, and the society. At the end of this study, we determine the member states’ margin of appreciation regarding abortion and how the Court finds a balance between the various concerned interests.


A. Cassiers
Aurélie Cassiers est assistante - doctorante à l'UHasselt. L’auteure souhaite remercier la relecture attentive et les remarques pertinentes de sa promotrice et sa co-promotrice, prof. dr. Charlotte Declerck (UHasselt) et prof. dr. Géraldine Mathieu (UNamur).
Artikel

Access_open The ECHR and Private Intercountry Adoptions in Germany and the Netherlands: Lessons Learned from Campanelli and Paradiso v. Italy

Tijdschrift Family & Law, januari 2021
Trefwoorden Private intercountry adoptions, surrogacy, ECHR, UNCRC, the best interests of the child
Auteurs dr. E.C. Loibl
SamenvattingAuteursinformatie

    Within the past half century, a market in adoptable children has emerged. The imbalance between the demand for and the supply of adoptable children, combined with the large sums of Western money, incite greedy actors in poor countries to illegally obtain children for adoption. This renders intercountry adoption conducive to abuses. Private adoptions are particularly prone to abusive and commercial practices. Yet, although they violate both international and national law, German and Dutch family courts commonly recognize them. They argue that removing the child from the illegal adopters would not be compatible with the rights and best interests of the individual child concerned. In 2017, the ECtHR rendered a ground-breaking judgement in Campanelli and Paradiso v. Italy. In this case, the Court dealt with the question as to whether removing a child from the care of an Italian couple that entered into a surrogacy agreement with a Russian clinic, given that surrogacy is illegal in Italy, violated Article 8 ECHR. Contrary to previous case law, in which the ECtHR placed a strong emphasis on the best interests of the individual child concerned, the Court attached more weight to the need to prevent disorder and crime by putting an end to the illegal situation created by the Italian couple and by discouraging others from bypassing national laws. The article argues that considering the shifting focus of the ECtHR on the prevention of unlawful conduct and, thus, on the best interests of children in general, the German and Dutch courts’ failure to properly balance the different interests at stake in a private international adoption by mainly focusing on the individual rights and interests of the children is difficult to maintain.

    ---

    In de afgelopen halve eeuw is er een markt voor adoptiekinderen ontstaan. De disbalans tussen de vraag naar en het aanbod van adoptiekinderen, in combinatie met grote sommen westers geld, zet hebzuchtige actoren in arme landen ertoe aan illegaal kinderen te verkrijgen voor adoptie. Dit maakt interlandelijke adoptie bevorderlijk voor misbruik. Particuliere adoptie is bijzonder vatbaar voor misbruik en commerciële praktijken. Ondanks het feit dat deze privé-adopties in strijd zijn met zowel internationaal als nationaal recht, worden ze door Duitse en Nederlandse familierechtbanken doorgaans wel erkend. Daartoe wordt aangevoerd dat het verwijderen van het kind van de illegale adoptanten niet verenigbaar is met de rechten en belangen van het individuele kind in kwestie. In 2017 heeft het EHRM een baanbrekende uitspraak gedaan in de zaak Campanelli en Paradiso t. Italië. In deze zaak behandelde het Hof de vraag of het verwijderen van een kind uit de zorg van een Italiaans echtpaar dat een draagmoederschapsovereenkomst met een Russische kliniek is aangegaan, in strijd is met artikel 8 EVRM, daarbij in ogenschouw genomen dat draagmoederschap in Italië illegaal is. In tegenstelling tot eerdere jurisprudentie, waarin het EHRM sterk de nadruk legde op de belangen van het individuele kind, hechtte het Hof meer gewicht aan de noodzaak om de openbare orde te bewaken en criminaliteit te voorkomen door een einde te maken aan de illegale situatie die door het Italiaanse echtpaar was gecreëerd door onder andere het omzeilen van nationale wetten. Het artikel stelt dat, gezien de verschuiving in de focus van het EHRM op het voorkomen van onwettig gedrag en dus op het belang van kinderen in het algemeen, de Duitse en Nederlandse rechtbanken, door met name te focussen op de individuele rechten en belangen van de kinderen, er niet in slagen om de verschillende belangen die op het spel staan ​​bij een particuliere internationale adoptie goed af te wegen.


dr. E.C. Loibl
Elvira Loibl is Assistant Professor Criminal Law and Criminology, Universiteit Maastricht.
Article

Access_open The Common Law Remedy of Habeas Corpus Through the Prism of a Twelve-Point Construct

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2021
Trefwoorden Habeas corpus, common law, detainee, Consitution, liberty
Auteurs Chuks Okpaluba en Anthony Nwafor
SamenvattingAuteursinformatie

    Long before the coming of the Bill of Rights in written Constitutions, the common law has had the greatest regard for the personal liberty of the individual. In order to safeguard that liberty, the remedy of habeas corpus was always available to persons deprived of their liberty unlawfully. This ancient writ has been incorporated into the modern Constitution as a fundamental right and enforceable as other rights protected by virtue of their entrenchment in those Constitutions. This article aims to bring together the various understanding of habeas corpus at common law and the principles governing the writ in common law jurisdictions. The discussion is approached through a twelve-point construct thus providing a brief conspectus of the subject matter, such that one could have a better understanding of the subject as applied in most common law jurisdictions.


Chuks Okpaluba
Chuks Okpaluba, LLB LLM (London), PhD (West Indies), is a Research Fellow at the Free State Centre for Human Rights, University of the Free State, South Africa. Email: okpaluba@mweb.co.za.

Anthony Nwafor
Anthony O. Nwafor, LLB, LLM, (Nigeria), PhD (UniJos), BL, is Professor at the School of Law, University of Venda, South Africa. Email: Anthony.Nwafor@univen.ac.za.
Artikel

Access_open Het spanningsveld tussen regels en ruimte: een onderzoek naar taakgerelateerd ongeoorloofd handelen binnen de Nederlandse politie

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2020
Trefwoorden taakgerelateerd ongeoorloofd handelen, noble cause corruption, politie, leiderschap, ethiek
Auteurs Robin Christiaan van Halderen en Benjamin Rafaël van Gelderen
SamenvattingAuteursinformatie

    The aim of the present research was to gain insight into the topic of ‘task-related rule-breaking behavior’ (TRB) among Dutch police officers. TRB is a more refined alternative for the concept of noble cause corruption and has been defined as: police officers breaking rules or formal agreements for the purpose of acting in a manner that contributes to the lawful police task. Qualitative research has been conducted within one of the ten regional police forces in the Netherlands. Results show that TRB appears to be a relatively common phenomenon during policework. Behaviors are categorized in sixteen categories and five overarching outlines. In addition, attention is given to several important factors that could be related to TRB being distinguishable between police officers’ individual responsibility and organizational factors. To handle TRB, it is recommended to pay attention to the police officers’ approach of judging and rationalizing their own behavior, their level of knowledge, and social skills. Furthermore, organizational structure (i.e., spam of control) and police leadership may, among other factors, play an important role in encouraging TRB. Especially the way supervisors deal with police officers’ professional autonomy needs specific attention in order to reduce TRB. Autonomy needs guidance in the form of clear orders followed by feedback and coaching. Also, an active form of ethical leadership is needed. An action framework is presented that could be helpful to supervisors to judge and thereby reduce forms of TRB.


Robin Christiaan van Halderen
Robin Christiaan van Halderen is werkzaam bij het Expertisecentrum Veiligheid van Avans Hogeschool te 's-Hertogenbosch.

Benjamin Rafaël van Gelderen
Benjamin Rafaël van Gelderen is Sectorhoofd Politie van de Eenheid Limburg, District Noord- en Midden-Limburg.
Artikel

Boulevard Zuid in Rotterdam: een onderzoek naar het vertrouwen van winkeliers in politie en gemeente

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2020
Trefwoorden shopkeepers, procedural justice, the Netherlands, ethnic minorities, performance theory
Auteurs Marc Schuilenburg, Laura Messie en Darnell de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article, we analyze which aspects of performance theory and the procedural justice-based model are explaining the trust of shopkeepers in the police and local government. Utilizing a survey of 156 shopkeepers and 94 semi-constructed interviews with shopkeepers, which are located at the South Shopping Boulevard in Rotterdam (The Netherlands), the study finds that shopkeepers have a relatively high trust in the police and local government. This is surprising because various attempts in the past 30 years to revive the high street by the government have failed to improve its bad image, as dwindling visitor numbers, poor turnover, limited range of retailers, empty shops and high crime and offence levels show only too plainly. The findings also highlight that ethnic minority respondents have more trust in local government than Dutch shopkeepers. The explanation therefor is sought in the dual frame of reference theory.


Marc Schuilenburg
Marc Schuilenburg is universitair docent Strafrecht en Criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Laura Messie
Laura Messie, MSc was ten tijde van het initiële onderzoek masterstudente aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Darnell de Vries
Darnell de Vries, MSc was ten tijde van het initiële onderzoek masterstudente aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Vrijheidsontneming, penitentiaire beginselen en de eendentest

Over de aard van vreemdelingenbewaring

Tijdschrift Crimmigratie & Recht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden vreemdelingenbewaring, vrijheidsontneming, penitentiair recht, Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring, visitatie isoleercel
Auteurs Mr. drs. Frans-Willem Verbaas
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands, immigration detention is classified under administrative law. More precisely: it is a form of administrative coercion. But immigration detention is also deprivation of liberty, or a habeas corpus measure. This makes it the most far-reaching form of administrative coercion you can think of. The regime and house rules of immigration detention differ just a little from those of criminal deprivation of liberty. The draft bill on the Return and Detention Act provides some improvements. For asylum seekers that cause nuisance, there is the Enforcement and Supervision Location, where the foreign national is given an area restriction and must remain within the municipal boundaries. Due to the liberty restrictions, immigration detention should always be the last resort.


Mr. drs. Frans-Willem Verbaas
Mr. drs. F.W. Verbaas is advocaat bij Collet Advocaten Alkmaar. Hij is mensenrechtenadvocaat en gespecialiseerd in penitentiair recht en vreemdelingenrecht, waaronder vreemdelingenbewaring.
Artikel

Access_open ‘Ik verblijf in een gevangenis, daar is niets moreels aan.’ Ervaren procedurele rechtvaardigheid bij binnenkomst in vreemdelingenbewaring.

Tijdschrift Crimmigratie & Recht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden procedurele rechtvaardigheid, legitimiteit, vreemdelingenbewaring, binnenkomstprocedure, vreemdelingen
Auteurs Nicolien de Gier MSc, Mieke Kox MA, Prof. mr. dr. Miranda Boone e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Qualitative research in an immigration detention center in the Netherlands shows that detained unauthorized migrants consider the entry procedure in Immigration Centre Rotterdam procedurally just. These migrants are generally positive on the fairness of the entry procedure as their safety and welfare are guaranteed and existing procedural justice criteria are respected. However, they believe that immigration detention in itself is illegitimate and that they do not deserve to be detained. This shows that the focus on procedures and interactions is insufficient to understand the perceived legitimacy of immigration detention if shared values and consent with the legal basis of immigration detention are lacking.


Nicolien de Gier MSc
C.N. de Gier MSc is docent Criminologie bij de Universiteit Leiden.

Mieke Kox MA
M.H. Kox MA is postdoc Sociale Geografie bij de Universiteit Utrecht.

Prof. mr. dr. Miranda Boone
Prof. mr. dr. M.M. Boone is hoogleraar Criminologie en Vergelijkende Penologie bij de Universiteit Leiden.

Dr. Gabry Vanderveen
Dr. G.N.G. Vanderveen is universitair docent Erasmus School of Law bij de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Werk in uitvoering

Herstelrecht op het terrein van verkeersongevallen.

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2020
Trefwoorden restorative justice, motor vehicle accidents, victimology, personal injury settlement
Auteurs Iris Becx MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    Those involved in a motor vehicle accident often have emotional needs that are not being met within the current framework of personal injury settlement. These needs include sharing one’s (side of the) story, getting in touch with the other person(s) involved and offering or receiving apologies. Following Nils Christie’s theory of ‘stolen’ conflicts, the fact that the people involved are often represented by lawyers or insurance companies is problematic because it alienates them from each other and it thwarts proper recovery. Incorporating restorative justice could offer a solution to this ‘theft’ of conflict, as it focuses on bringing all involved together to restore any of the harm done by concentrating on their needs. The central question to this dissertation is: how can restorative justice play a role in the sustainable resolution of conflicts after motor vehicle accidents so that the current insurance and liability system can better meet the immaterial needs of victims and perpetrators? Via several projects, the role of lawyers and insurance companies is studied. How beneficial or adversarial are their influences on victims and offenders? And can they incorporate restorative justice in their practice? The first publication is expected at the end of this year.


Iris Becx MSc
Iris Becx is victimoloog en is promovenda aan de Vrije Universiteit Amsterdam (VU) en het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR). Ze volgde de masterstudie Victimology and Criminal Justice aan Tilburg University.
Toont 1 - 20 van 1576 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.