Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 4890 artikelen

x
Rechtsbescherming

De financiële crisis en de niet-contractuele aansprakelijkheid van de Unie als rechtsbeschermingsinstrument

Arrest in de gevoegde zaken Chrysostomides en Bourdouvali

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 (incompleet) 2021
Trefwoorden financiële crisis, Eurogroep, toegang tot de Unierechter, niet-contractuele aansprakelijkheid van de Unie
Auteurs Mr. M.K. Bulterman
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds 2012 verleent het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM) financiële steun aan lidstaten die in financiële nood verkeren, wanneer deze nood zo groot is dat dit de financiële stabiliteit van de eurozone in gevaar brengt. Om voor steun in aanmerking te komen moeten lidstaten aan strenge voorwaarden voldoen en ingrijpende maatregelen nemen. Die maatregelen kunnen ook individuele burgers en bedrijven hard treffen. Dat roept de vraag op welke rechtsbescherming het Gerecht en het Hof van Justitie kunnen bieden aan gedupeerde particulieren. Het arrest in de gevoegde zaken Chrysostomides en Bourdouvali van 16 december 2020 is de recentste uitspraak in een serie arresten die hierover meer duidelijkheid geven. Dit arrest is met name van belang vanwege het oordeel van het Hof van Justitie over de positie van de Eurogroep binnen het institutionele kader van de Unie en de mogelijkheid de rechtmatigheid van de handelingen van de Eurogroep in een direct beroep bij de Unierechter ter discussie te stellen.
    HvJ 16 december 2020, gevoegde zaken C-597/18 P, C-598/18 P, C-603/18 P en C-604/18 P, ECLI:EU:C:2020:1028 (Raad/K. Chrysostomides & Co. e.a., Raad/Bourdouvali e.a., K. Chrysostomides & Co. e.a./Raad, Bourdouvali e.a./Raad)


Mr. M.K. Bulterman
Mr. M.K. (Mielle) Bulterman is hoofd van de afdeling Europees recht, Directie Juridische Zaken, van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Deze bijdrage is geschreven op persoonlijke titel.

    Het Hof van Justitie oordeelde in het arrest over het Programma Aanpak Stikstof dat een programmatische aanpak op grond van artikel 6 Habitatrichtlijn niet is uitgesloten. Tegelijk oordeelde het Hof van Justitie dat het voorzorgsbeginsel als bedoeld in artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn onverkort in acht moet worden genomen voor alle projecten binnen het programma. Belangrijke vragen zijn hoe dit met elkaar te verenigen is en onder welke voorwaarden een programmatische aanpak dan mogelijk is. Vragen die relevant blijven nu zowel in de Wet natuurbescherming en het recente wetsvoorstel stikstofreductie en natuurherstel als in de komende Omgevingswet is voorzien in een programmatische aanpak.
    HvJ 7 november 2018, gevoegde zaken C-293/17 en C-294/17, ECLI:EU:C:2018:882 (Coöperatie Mobilisation for the Environment UA en Vereniging Leefmilieu/College van gedeputeerde staten van Limburg en College van gedeputeerde staten van Gelderland en Stichting Werkgroep Behoud de Peel/College van gedeputeerde staten van Noord-Brabant).


Mr. dr. R. Kegge
Mr. dr. R. (Rogier) Kegge is universitair docent bestuursrecht en omgevingsrecht bij de afdeling Staats- en Bestuursrecht van de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open De ontwikkeling en implicaties van kinder- en mensenrechten op het gebied van klimaatverandering

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden Klimaat, Kinderrechten/IVRK, Jeugdrecht, Mensenrechten, VN-Kinderrechtencomité
Auteurs Dr. M.J. Wewerinke-Singh, Mr. J.A.M. Stein MSc en Prof. mr. J.E. Doek
SamenvattingAuteursinformatie

    Hoewel kinderen disproportioneel geraakt worden door klimaatverandering, is er tot op heden nog relatief weinig aandacht besteed aan de juridische kant hiervan. Dit artikel tracht bij te dragen door antwoord te geven op de vraag in hoeverre kinderen ‘klimaatrechten’ hebben op mensen- en kinderrechtelijk vlak. In dit kader worden de ontwikkelingen op het terrein van mensenrechten geschetst. Ook wordt ingegaan op de belangrijkste juridische implicaties van kinderrechten zoals neergelegd in het IVRK. Hiervoor zijn ook alle Concluding Observations uit 2019 op dit onderwerp bestudeerd. Bovendien wordt het analytisch rapport van de OHCHR over klimaat en kinderrechten besproken. Tot slot wordt ingegaan op de klimaatklacht die momenteel voorligt bij het VN-Kinderrechtencomité en de mogelijkheden van kinderen in Nederland voor de effectuering van hun rechten op dit vlak.


Dr. M.J. Wewerinke-Singh
Dr. M.J. Wewerinke-Singh is als universitair docent verbonden aan het Grotius Centre for International Legal Studies in Leiden.

Mr. J.A.M. Stein MSc
Mr. J.A.M. Stein is lid van de werkgroep Jeugd- en Gezondheidsrecht van het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM). Dit artikel vloeit voort uit de door het NJCM georganiseerde seminar ‘Kinderrechten & klimaat’ gehouden in februari 2020 te Den Haag.

Prof. mr. J.E. Doek
Prof. mr. J.E. Doek is Emeritus hoogleraar familie en jeugdrecht bij de VU Amsterdam en gastmedewerker bij de afdeling jeugdrecht van de Universiteit Leiden.
General Comment

General Comment No. 19: De Overheidsbegroting en de Rechten van het Kind

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden General Comment, Overheidsbegroting, IVRK, VN-Kinderrechtencomité
Auteurs Prof. mr. dr. C.J.M. Arts
SamenvattingAuteursinformatie

    In juli 2016 publiceerde het VN-Kinderrechtencomité General Comment 19 dat een uitgebreid overzicht biedt van de consequenties van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (hierna IVRK) voor de overheidsbegroting. Na een korte inleiding van het begrip ‘beschikbare middelen’ dat een centrale rol speelt in het Kinderrechtenverdrag, biedt dit artikel een samenvattend overzicht van General Comment 19. Uit dit alles wordt snel duidelijk dat het overheidsbegrotingsproces van groot belang is voor kinderrechten, maar ook dat ervan uit kinderrechtenperspectief vele eisen aan dat proces te stellen zijn die staten voor behoorlijke uitdagingen plaatsen.


Prof. mr. dr. C.J.M. Arts
Prof. mr. dr. Karin Arts is hoogleraar internationaal recht en ontwikkeling aan het International Institute of Social Studies (ISS) te Den Haag, onderdeel van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Access_open Naar een wettelijke verankering van de maatschappelijke onderneming

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2021
Trefwoorden ondernemingsrecht, sociale onderneming, BVm, steward ownership, Anbi
Auteurs Mr. Chr.M. Stokkermans
SamenvattingAuteursinformatie

    De recente aanzet van het Ministerie van EZK voor een wettelijke verankering van de maatschappelijke onderneming verdient nog enige aanscherping om er, zonder afbreuk aan het ‘gelijk speelveld’-beginsel, een reële bijdrage aan de marktontwikkeling van dergelijke ondernemingen van te maken.


Mr. Chr.M. Stokkermans
Mr. Chr.M. Stokkermans is oud-notaris te Amsterdam.
Artikel

De economische realiteit in de SNS Reaal-beschikkingen

Noot bij HR 3 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:478 en ECLI:NL:HR:2020:479 (Concernenquête SNS Reaal en dochtervennootschap SNS Bank)

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2021
Trefwoorden Ondernemingskamer, concernrecht, groepsvennootschap, Landis, artikel 2:24b BW
Auteurs Mr. F. Eikelboom en Mr. M. Krekels
SamenvattingAuteursinformatie

    In een tweetal beschikkingen van 3 april 2020 liet de Hoge Raad zich voor de tweede maal uit over de maatstaf voor het toewijzen van een concernenquête. Zoals uit deze bijdrage blijkt, gebruikte de Hoge Raad deze gelegenheid om de maatstaf uit de Landis-beschikking te herformuleren en versimpelen. Deze beschikkingen worden nader geduid.


Mr. F. Eikelboom
Mr. F. Eikelboom is advocaat bij bureau Brandeis te Amsterdam.

Mr. M. Krekels
Mr. M. Krekels is advocaat bij bureau Brandeis te Amsterdam.
Artikel

De nieuwe juridische jas voor de maatschappelijke onderneming komt eraan: de BVm

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2021
Trefwoorden besloten vennootschap met maatschappelijk doel, sociale onderneming, stakeholder, aanzet, klem
Auteurs Mr. M.J.L.A.M. Zillikens-Loos, Mr. Q.M.J.A. Crul en Mr. T.A. Schriemer
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Ministerie van EZK heeft een ‘Aanzet voor een wettelijke regeling voor een besloten vennootschap met maatschappelijk doel (BVm)’ aangeboden ter internetconsultatie. In dat kader gaan auteurs in op de onderdelen van de Aanzet en zetten zij hun opmerkingen en aanbevelingen voor de wettelijke regeling (de BVm-wet) uiteen.


Mr. M.J.L.A.M. Zillikens-Loos
Mr. M.J.L.A.M. Zillikens-Loos is kandidaat-notaris bij Pels Rijcken te Den Haag.

Mr. Q.M.J.A. Crul
Mr. Q.M.J.A. Crul is kandidaat-notaris bij Pels Rijcken te Den Haag.

Mr. T.A. Schriemer
Mr. T.A. Schriemer is kandidaat-notaris bij Pels Rijcken te Den Haag.
Artikel

Het Monitoring Rapport Corporate Governance Code over boekjaar 2019: tijd voor vernieuwing?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2021
Trefwoorden Corporate Governance Code 2016, Monitoring Rapport 2019, corporate governance, beursvennootschap, Monitoring Commissie
Auteurs Mr. S. Rietveld
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur het op 14 december 2020 gepubliceerde Rapport monitoring boekjaar 2019 van de Monitoring Commissie Corporate Governance Code. In dit Rapport wordt verslag gedaan over de Corporate Governance Code 2016 en de naleving daarvan over boekjaar 2019. Daarnaast besteedt de Monitoring Commissie aandacht aan enkele specifieke governance-onderwerpen en geeft zij guidance bij het begrip beloningsverhoudingen.


Mr. S. Rietveld
Mr. S. Rietveld is Staff Associate bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

De participantenvennootschap: gedachten over een mogelijke nieuwe rechtsvorm

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2021
Trefwoorden corporate governance, stakeholders, maatschappelijke verantwoordelijkheid, beursvennootschap, strategie
Auteurs Mr. dr. S.B. Garcia Nelen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage beschrijft de auteur een toekomstperspectief dat geschetst wordt in zijn proefschrift. De ‘participantenvennootschap’ is een mogelijke nieuwe rechtsvorm, waarbinnen ook andere stakeholders dan aandeelhouders inspraak gegeven wordt in de vennootschappelijke besluitvorming. Het doel hiervan is een ondernemingsvorm te creëren met oog voor alle betrokkenen en maatschappelijke belangen.


Mr. dr. S.B. Garcia Nelen
Mr. dr. S.B. Garcia Nelen is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam en onderzoeker aan de Erasmus School of Law te Rotterdam.
Artikel

Ernstig verwijt revisited bij Wet bestuur en toezicht rechtspersonen 2020 en de evaluatie van de Wet bestuur en toezicht 2011

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2021
Trefwoorden onbehoorlijk bestuur, bestuurdersaansprakelijkheid, collegialiteitsbeginsel, collectieve verantwoordelijkheid, Artikel 2:9 BW
Auteurs Mr. dr. W.A. Westenbroek
SamenvattingAuteursinformatie

    De ‘ernstig verwijt’-problematiek binnen het bestuurdersaansprakelijkheidsrecht is nog steeds onderwerp van discussie. In deze bijdrage wordt ingegaan op hoe deze problematiek aan de orde is gekomen bij de evaluatie van de Wet bestuur en toezicht 2011 en bij de behandeling van de eind 2020 aangenomen Wet bestuur en toezicht rechtspersonen.


Mr. dr. W.A. Westenbroek
Mr. dr. W.A. Westenbroek is advocaat bij WestLegal te Amsterdam en verbonden aan Erasmus School of Law.
Artikel

Boterzacht criterium met messcherp gevolg

Europees Hof zet streep door de rol van vervangend aanvullend recht na vernietiging van een oneerlijk beding

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2021
Trefwoorden boete, contractenrecht, algemene voorwaarden, onredelijk bezwarend beding, aanvullend recht
Auteurs Prof. mr. H.N. Schelhaas en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 27 januari 2021 wees het HvJ EU een verstrekkend arrest over de rol van aanvullend recht na vernietiging van een oneerlijk beding. De reikwijdte van het arrest en de consequenties voor het Nederlandse recht worden in kaart gebracht.


Prof. mr. H.N. Schelhaas
Prof. mr. H.N. Schelhaas is hoogleraar privaatrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en redacteur van dit tijdschrift.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat onder de naam facily LAW advocatuur, adviseur bij La Gro Geelkerken Advocaten en honorair universitair docent aan de Universiteit Utrecht.
Digitale markten

Access_open Het voorstel voor de Digital Services Act

Op zoek naar nieuw evenwicht in regulering van onlinediensten met betrekking tot informatie van gebruikers

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden Digital Services Act, Wet inzake digitale diensten, Richtlijn elektronische handel, onlinediensten, illegale inhoud
Auteurs Mr. dr. F. Wilman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt het recente voorstel voor de Digital Services Act besproken. De voorgestelde verordening is bedoeld om de digitale interne markt te versterken en, meer specifiek, de activiteiten van aanbieders van onlinediensten die draaien om de doorgifte, opslag en publieke verspreiding van informatie van hun gebruikers – zoals videoplatforms, onlinemarktplaatsen, sociale media en internetaanbieders – beter te reguleren. Het gaat onder meer om hun activiteiten ter bestrijding van illegale inhoud en desinformatie, hun aansprakelijkheid en hun verantwoordelijkheden jegens de gebruikers. We zullen zien dat het DSA-voorstel in verschillende opzichten ambitieus en vernieuwend is, terwijl het op andere punten eerder nuttig-maar-voorspelbaar en behoudend kan worden genoemd. Na een inleiding worden de voorgestelde verplichtingen voor de verschillende onlinedienstverleners achtereenvolgens besproken, gevolgd door enkele algemene opmerkingen.
    Europese Commissie, Voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende een eengemaakte markt voor digitale diensten (Wet inzake digitale diensten) en tot wijzing van Richtlijn 2000/31/EG, COM(2020)825, 15 december 2020


Mr. dr. F. Wilman
Mr. dr. F. (Folkert) Wilman is lid van de Juridische Dienst van de Europese Commissie. De zienswijzen opgenomen in deze bijdrage zijn uitsluitend die van de auteur en kunnen niet worden toegeschreven aan de Europese Commissie.
Rechtsbescherming

Van meelwormen, krekels, sprinkhanen en andere wijzen van uitlegging van Unierecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden Verordening (EG) nr. 258/97, dynamische uitlegging, hele insecten, uitlegging materiële werkingssfeer van de verordening
Auteurs Mr. drs. K.J. Defares
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 oktober 2020 gaf het Hof van Justitie van de Europese Unie antwoord op de door de Franse Conseil d’État gestelde prejudiciële vraag of hele insecten, zoals wormen, sprinkhanen en krekels, een novel food zijn in de zin van Verordening (EG) nr. 258/97. Tegen de achtergrond van deze vraag besteedt advocaat-generaal Michal Bobek in zijn conclusie, naast de standaardmethoden van uitlegging van het Unierecht, aandacht aan de minder vaak toegepaste dynamische uitlegging. In deze bijdrage wordt derhalve nader stilgestaan bij de beperkingen en mogelijkheden van de toepassing van de dynamische interpretatie in de context van het Unierecht.
    Conclusie A-G Bobek 9 juli 2020, zaak C-526/19, ECLI:EU:C:2020:552 (Entoma)


Mr. drs. K.J. Defares
Mr. drs. K.J. (Kenneth) Defares is advocaat te Amsterdam.
Mededinging

CK Telecoms/Commissie: ‘bridging the gap’ tussen Airtours en SIEC-test?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden mededinging, SIEC, telecom, fusiecontrole
Auteurs Mr. B.J.H. Braeken en Mr. X.Y.G. Versteeg
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 28 mei 2020 heeft het Gerecht van de Europese Unie de beschikking van de Europese Commissie vernietigd waarin de Commissie de overname van Telefónica UK door CK Hutchison UK (nadien ‘CK Telecom UK’) – een zogenoemde 4-naar-3-telecomfusie in het Verenigd Koninkrijk – verbood. In dit arrest wordt voor de eerste maal de toepassing van de ‘significant impediment to effective competition’ (SIEC)-test op zogenoemde ‘gap’-zaken onderworpen aan een (indringende) rechterlijke toetsing. Gap-zaken zijn concentratiezaken waarbij geen sprake is van het creëren of versterken van een dominante machtspositie, maar waarbij mogelijk een significante beperking van de concurrentie optreedt doordat de fusie leidt tot de vermindering van concurrentiedruk op een beperkt aantal overgebleven marktspelers. De maatstaf die het Gerecht in CK Telecoms/Commissie aanlegt, lijkt bijzonder zwaar en nadert de bewijsstandaard voor collectieve dominantie zoals geformuleerd in het Airtours-arrest. Dit zal het moeilijk maken voor de Commissie (en nationale mededingingsautoriteiten) om dergelijke fusies in oligopolide markten in de toekomst nog te verbieden.
    Gerecht 28 mei 2020, zaak T-399/16, ECLI:EU:T:2020:217 (CK Telecoms UK Investments/Commissie).


Mr. B.J.H. Braeken
Mr. B.J.H. (Bas) Braeken is advocaat en partner bij bureau Brandeis.

Mr. X.Y.G. Versteeg
Mr. X.Y.G. (Jade) Versteeg is advocaat bij bureau Brandeis.

    De begroting van de omvang van de schadepost huishoudelijke hulp leidt vaak tot verdeeldheid tussen (belangenbehartigers van) slachtoffers en verzekeraars. Dit is met name het geval wanneer de schadepost niet onder de normering van de Richtlijn Huishoudelijke Hulp van De Letselschade Raad valt. Dit artikel gaat in op de vraag wanneer het inschakelen van professionele huishoudelijke hulp normaal en gebruikelijk is, hetgeen als criterium voor vergoeding van huishoudelijke hulp heeft te gelden. Er worden – na een uitvoerige analyse van de rechtspraak – diverse handvatten aangereikt ter beantwoording van deze vraag.


Mr. M.W.H.M. Janssen
Mr. M.W.H.M. Janssen is advocaat bij REX Advocaten te Wijchen.
Artikel

Access_open Is de legitieme portie nog legitiem?

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden geldvordering, som ineens, testeervrijheid, onterving, legitimaris
Auteurs Mr. dr. J.H.M. ter Haar
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat het onlangs verschenen rapport Legitieme portie centraal, dat tot stand is gekomen in een samenwerking van het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen en Netwerk Notarissen. De onderzoekers bevelen aan de legitieme portie af te schaffen. Het is echter de vraag of het onderzoek deze aanbeveling rechtvaardigt, temeer omdat uit de peilingen ook blijkt dat een groot deel van het Nederlands publiek de legitieme portie juist omarmt. De wetgever koos er in 2003 voor de legitieme portie te handhaven, maar in sterke mate te ontkrachten. Schrijver concludeert dat de cijfers uit het rapport eerder bevestigen dat deze keuze de juiste was en pleit voor behoud van de legitieme portie.


Mr. dr. J.H.M. ter Haar
Mr. dr. J.H.M. ter Haar is universitair docent Notarieel recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Fiscaal-‘Zwitserse’ beneficiaire aanvaarding

Artikel 48 Invorderingswet

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 13 2021
Auteurs Prof. mr. dr. B.M.E.M. Schols

Prof. mr. dr. B.M.E.M. Schols
Kroniek rechtspraak

Kroniek wetgeving gezondheidsrecht 2018-2020

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden wetswijziging, regelgeving, gezondheidszorg, wetsvoorstel, overzicht
Auteurs Mr. W.F. van der Wel en mr. M.E. Jannink
SamenvattingAuteursinformatie

    De Kroniek geeft een overzicht van ontwikkelingen in de Nederlandse wetgeving relevant voor de gezondheidszorg in de periode 1 juli 2018-31 december 2020. Een bijzondere periode vanwege de coronapandemie. Onder andere wetgeving die ‘on hold’ staat, aandacht voor preventie en mogelijk een opmars voor ingrijpendere wijzigingen in het zorgstelsel.


Mr. W.F. van der Wel
Willemijn van der Wel is juridisch adviseur bij het OLVG te Amsterdam.

mr. M.E. Jannink
Marlou Jannink is advocaat bij AKD te Amsterdam.
Artikel

Access_open Het instellen van een medische tuchtprocedure: een ‘criminal charge’?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden beroepsverbod, tuchtrecht, strafrecht, Engel, EVRM
Auteurs Mr. M.F. Mooibroek
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds de inwerkingtreding van de Wet modernisering tuchtrecht kan de medische tuchtrechter een absoluut beroepsverbod opleggen. Daarmee is het karakter van de medische tuchtprocedure fundamenteel gewijzigd en kan de vraag worden gesteld of de medische tuchtvervolging heeft te gelden als ‘criminal charge’ in de zin van artikel 6 EVRM.


Mr. M.F. Mooibroek
Maurice Mooibroek is advocaat bij KBS Advocaten te Utrecht en buitenpromovendus Radboud Universiteit Nijmegen.
Redactioneel

Art. 6:13 Awb in nood

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Aarhus, ontvankelijkheid, inspraak, zienswijze, fuik
Auteurs Prof. mr. G.A. (Gerrit) van der Veen
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit redactioneel wordt ingegaan op de uitspraak van het Europese Hof van Justitie van 14 januari 2021 over de toepassing van art. 6:13 Awb.


Prof. mr. G.A. (Gerrit) van der Veen
Prof. mr. G.A. van der Veen is advocaat bij AKD te Rotterdam, bijzonder hoogleraar milieurecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en lid van de redactie van het Tijdschrift voor Omgevingsrecht.
Toont 1 - 20 van 4890 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.