Zoekresultaat: 45 artikelen


Toen en nu: heeft het gevangeniswezen de middelen om zijn doelen te bereiken?

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 2 2021
Trefwoorden goals of imprisonment, prison facilities, Dutch prison history, implementation, prison staff
Auteurs Toon Molleman

    Starting point in this article is the classical work of Herman Franke on the history of the Dutch prison system. Franke showed how policymakers and other people who influence prison policy and practice tried to reduce criminal behavior in the past two centuries. These attempts had various backgrounds, among which religious, sociological and biological, and varied greatly in scientifical substantiation. Every new prison policy elicited high hopes, but in practice criminal behavior was rarely pushed in the desired direction. The means of the prison system, among which staff, buildings and regime regulations, showed to be much later realized than the formulated goals established by law. Another problem that came up more than once in history was that the urge and compulsion mechanism of a new prison policy lacked support base and (agogical) skills among prison staff. Recommendations are formulated for the (near) future in favor of more successfull prison policy implementations.

Toon Molleman
Dr. T. Molleman is vestigingsdirecteur van de Penitentiaire Inrichting Arnhem.

Doorlooptijden: staat de trein stil of komt die (nu eindelijk) in beweging?

Een bespreking van het eindrapport ‘Doorlooptijden in beweging’

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2021
Trefwoorden doorlooptijden, regie, civiele zaken, kantonzaken
Auteurs Frans van Dijk, Kim van der Kraats en Remme Verkerk

    De lengte van procedures en de onvoorspelbaarheid daarvan vormen een structurele zwakte van de Nederlandse rechtspraak. De verkorting van doorlooptijden istopprioriteit van de Rechtspraak. Ruim een jaar geleden verscheen het eindrapport van het project doorlooptijden Rechtspraak. Het bevat veel suggesties om dit probleem aan te pakken. In deze bijdrage wordt een aanzet gegeven voor een uitwerking van de meest veelbelovende oplossingsrichtingen. Conclusie is dat die oplossing gezocht moet worden in een stappenplan aan het begin van de procedure, regie van begin tot einde door de zaaksrechter, het houden van een zitting in iedere zaak en het direct inroosteren van schrijftijd voor de uitspraak.

Frans van Dijk
Prof. dr. F. van Dijk is hoogleraar Empirische Analyse van Rechtssystemen aan de Universiteit Utrecht.

Kim van der Kraats
Prof. mr. drs. K.G.F. van der Kraats is bijzonder hoogleraar Rechtspraak aan de Universiteit Utrecht en rechter in de rechtbank Midden-Nederland.

Remme Verkerk
Prof. dr. mr. R.R. Verkerk is hoogleraar Burgerlijk Procesrecht aan de Universiteit Utrecht en advocaat bij Houthoff.

Access_open Interactie tussen EU-instellingen: het Europees Parlement, de Raad en het wetgevingsbeleid van de Europese Commissie

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2020
Trefwoorden Impact assessment, Wetsevaluaties, Wetgevingscyclus, betere regelgeving, Koppeling
Auteurs Mr. dr. T.J.A. van Golen MSc

    Met het verschijnen van de Better Regulation Agenda in 2015 presenteert de Europese Commissie één samenhangend wetgevingsbeleid, dat voorheen versnipperd was over verschillende domeinen en documenten. In het nieuwe beleidsdocument wordt bovendien de nadruk gelegd op het feit dat wetgevingstrajecten niet lineair zijn, maar juist cyclisch verlopen. Hierdoor is de koppeling tussen impact assessments vooraf en wetsevaluaties achteraf nog belangrijker geworden. In dit artikel wordt bezien wat de stand van zaken is van dit wetgevingsbeleid, met de nadruk op de koppeling van de beleidsinstrumenten. Specifieke aandacht is er voor de samenwerking tussen de drie EU-instellingen op dit gebied.

Mr. dr. T.J.A. van Golen MSc
Mr. dr. T.J.A. (Thomas) van Golen MSc is wetgevingsjurist bij de afdeling Financiële Stabiliteit van het ministerie van Financiën.

Access_open Hoe de onvrede over het schuldhulpstelsel ontstond

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 1 2020
Trefwoorden overindebtedness, legislation, debt recovery, policy change, coronacrisis
Auteurs Dr. Nadja Jungmann

    In the Netherlands a large number of households is overindebted. Despite the economic prosperity, 20% of the households has to deal with large debts. Dissatisfaction with the position of debtors has grown in recent years. Numerous initiatives are being launched to improve their position. New legislation is provided for and municipalities are starting up all kinds of pilots. There is momentum for improvement. It is important that all initiatives are coordinated. In addition, it is also important to investigate what the legislation and initiatives yield.

Dr. Nadja Jungmann
Dr. N. Jungmann is lector Schulden & Incasso aan de Hogeschool Utrecht. Zij is tevens eigenaar van trainings- en adviesbureau Social Force.

Access_open Consumer Social Responsibility in Dutch Law

A Case Study on the Role of Consumers in Energy Transition

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2019
Trefwoorden consumer, energy transition, social responsibility, Dutch law, EU law
Auteurs Katalin Cseres

    As our economies continue to focus on growth, competition and maximisation of consumer choice, the global increase in consumption takes vast environmental and social costs and cause irreversible harm to our climate and environment. The urgency of reducing human footprint and to diminish one of the root causes of a declining climate and environment is irrefutable. In the shift that globally has to take place, a decentralised energy system relying on more distributed generation, energy storage and a more active involvement of consumers form a crucial component of renewable energy solutions. The move from a highly centralised to a more decentralised power system involves an increasing amount of small-scale (intermittent) generation from renewable energy which is located closer to the point of final consumption. In order to steer consumption towards sustainability national governments and supranational organisations have adopted policies and corresponding legislation that address individual consumers as rational and active choice-makers who make socially responsible choices when they receive the ‘right’ amount of information. By relying on insights from modern consumption theories with contributions from sociology, this article questions the effectiveness and legitimacy of these ‘consumer-centred’ policies and laws. First, the article argues that the single focus on individual consumer behaviour as a rational and utility maximising market actor fails to take into account the complexity of consumption, which is fundamentally influenced by social norms and its broader institutional setting. Although consumers are willing to consume more sustainably, they are often ‘locked in by circumstances’ and unable to engage in more sustainable consumption practices even if they want to. Second, by relying on evidence from sociological studies the article argues that individual consumers are not the most salient actors in support of sustainable consumption. Even though the urgency of the energy transition and the critical role consumers play in (un)sustainable energy consumption is acknowledged in both the EU and its Member States, their laws and policies remain grounded on goals of economic growth with competitive economies, the sovereignty of consumer choice and wealth maximisation, instead of aiming at slower economic growth or even degrowth, reducing overall resource use and consumption levels and introducing radically different ways of consumption.
    Third, the role of law is underlined as a social institution both as a constraint on the autonomous acts of consumption, dictating the normative frameworks within which the role of consumer is defined, and as a facilitator which consumers might also employ, in order to determine for themselves particular normative parameters within which consumption can occur.
    The Netherlands, which serves as a case study in this article, has reached important milestones in its energy transition policy since 2013. Still, it remains strongly focused on economic rationality and market competitiveness. Even though various models of consumer participation exist and local consumer energy initiatives are flourishing and are recognised as key actors in the energy transition, they remain embedded in institutional, structural and behavioural settings where consumers still face challenging sociocultural barriers to sustainable practices.
    In light of these legal, political and social complexity of energy transition, the article offers a critical analysis of the current Dutch law in its broader legal context of EU law in order to answer the question what the role of (energy) law is in steering consumers towards sustainable energy consumption.

Katalin Cseres
Katalin Cseres is Associate Professor of Law, Amsterdam Centre for European Law & Governance (ACELG), University of Amsterdam.

Cassatie in het nieuwe Wetboek van Strafvordering

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 2 2018
Trefwoorden cassatieprocedure, rechtstreeks cassatieberoep, cassatiegronden, prejudiciële vragen, facultatieve OM-conclusie
Auteurs Mr. A.J.A. van Dorst

    Deze bijdrage gaat over voorgestelde wijzigingen ten aanzien van de cassatieprocedure en over enkele wenselijke wijzigingen die niet zijn voorgesteld. Eerst komt aan de orde (de onwenselijkheid van) het rechtstreeks cassatieberoep: de Hoge Raad niet als derde maar als tweede instantie, dus zonder tussenkomst van een appelrechter. In dat verband zal aandacht worden besteed aan de ingewikkelde cassatiedrempel in zaken betreffende overtredingen alsook aan het cassatieberoep in beklagzaken. Vervolgens wordt aandacht besteed aan het karakter van de cassatieprocedure; stilgestaan wordt bij (voorstellen die lijken te schuren met) het schriftelijke karakter van het cassatiegeding alsook bij de mogelijkheid tot tegenspraak. Daarna komt de regeling van de herstelbeslissing en de aanvulling langs. Dan komt de nieuwe regeling van de cassatiegronden aan bod, waarna tot slot aandacht wordt besteed aan wat in het verschiet ligt. Dat betreft de invoering van een cassatiebalie, de prejudiciële vragen en de facultatieve conclusie van het parket. Dat alles natuurlijk voor zover van belang met het oog op de behandeling van strafzaken.

Mr. A.J.A. van Dorst
Mr. A.J.A. (Leo) van Dorst is oud-vicepresident van de Hoge Raad.

Machtsmisbruik op basis van big data

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2018
Auteurs Eric van Damme, Inge Graef en Wolf Sauter

Eric van Damme
Prof. dr. E. van Damme is verbonden aan Tilburg University en aan het onderzoeksinstituut TILEC aldaar.

Inge Graef
Dr. mr. I. Graef is verbonden aan Tilburg University en aan de onderzoeksinstituten TILEC en TILT aldaar.

Wolf Sauter
Prof. mr. dr. drs. W. Sauter is verbonden aan Tilburg University en aan het onderzoeksinstituut TILEC aldaar en daarnaast in dienst bij de ACM. Zijn bijdrage is op persoonlijke titel.

De civiele rechter als problem solver

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2017
Trefwoorden legal profession, conflict resolution, procedural justice
Auteurs Dr. Wibo van Rossum en Prof. Rick Verschoof

    We investigate a recent development in the practice of the civil courts: judges increasingly devote attention to the underlying conflict of parties instead of only to their legal dispute. In administrative law, this development has already been codified and termed ‘de Nieuwe zaaksbehandeling’, but not so in other areas of law.
    Lawyers know that social conflicts are transformed into legally viable disputes so that the court can decide on them. For a long time, the most important task for lawyers was to resolve those legal disputes. Nowadays, that does not seem to be enough: judges should become problem solvers. Civil judges seem to blend in with these new requirements, but the question is whether the new approach really works. Based on our empirical material of 100 observed cases in civil law, we answer the following questions. 1. What do judges actually do in civil cases when they address underlying conflicts and try to steer parties toward a settlement? 2. What effects do these interventions of judges have on the outcome of cases? 3. How are these interventions perceived by the parties in terms of procedural justice?

Dr. Wibo van Rossum
Wibo van Rossum is Universitair Hoofddocent aan het departement Sociology, Theory & Methodology van de Erasmus School of Law te Rotterdam.

Prof. Rick Verschoof
Rick Verschoof is senior-rechter bij de Rechtbank Midden-Nederland en bijzonder hoogleraar rechtspraak aan de Universiteit Utrecht.

Wetgevingspakket Schone Energie voor alle Europeanen

Energie-efficiëntie en de rol van de afnemer nader bekeken

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2017
Trefwoorden Schone energie, energie-efficiëntie, energiebesparing, rol afnemer, marktrol
Auteurs Mr. P.B. Gaasbeek en Mr. N.R. Geerts-Zandveld

    Het wetgevingspakket van de Europese Commissie van 30 november 2016, Schone Energie voor alle Europeanen, telt een 15-tal documenten. Ten behoeve van de hoofddoelstelling ‘Energie-efficiëntie eerst’ zijn onder meer voorstellen opgenomen tot aanpassing van de efficiëntiedoelstelling, een verzwaarde verplichting tot energiebesparing en de invoering van ‘aan verplichtingen verbonden partijen’. Bovendien worden er maatregelen voorgesteld ten behoeve van de aanleg van laadinfrastructuur en de kosteneffectieve renovatie van gebouwen. Dit laatste kan helpen energiearmoede te voorkomen of in elk geval te beperken. Ten behoeve van de hoofddoelstelling ‘Consumenten op een faire manier laten meeprofiteren’ zijn maatregelen opgenomen ten einde consumenten te laten deelnemen aan de markt en het sturen van de vraagkant. Daarbij wordt een nieuwe marktrol geïntroduceerd, de aggregator.

Mr. P.B. Gaasbeek
Mr. P.B. (Pierrette) Gaasbeek is werkzaam bij Coupry.

Mr. N.R. Geerts-Zandveld
Mr. N.R. (Nynke) Geerts-Zandveld is werkzaam bij Coupry.

Integreren we in de toekomst ook wetgeving op het gebied van klimaat en energie?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Omgevingswet, klimaat, energie, Klimaatwet
Auteurs Mr. V.M.Y. (Valérie) van ’t Lam

Mr. V.M.Y. (Valérie) van ’t Lam
Mr. V.M.Y. van ’t Lam is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

    Het sectoronderzoek van de Europese Commissie in 2015-2016 is de eerste toepassing van dit instrument op het gebied van staatssteun en tegelijk een onderzoek in een sector die op het ogenblik veel veranderingen ondergaat: de energiesector. Eind 2016 zal de Europese Commissie het eindverslag van het onderzoek publiceren. Het tussenbericht laat al eerste conclusies toe. Een van de belangrijkere conclusies betreft de vraag naar de noodzaak van staatsteun voor energiezekerheid in de huidige, en toekomstige, energiemarkten.
    Europese Commissie, ‘Tussentijds verslag van het sectoronderzoek naar capaciteitsmechanismen’, C(2016) 2107 final
    Europese Commissie, ‘Commission staff working document accompanying the interim report of the sector inquiry on capacity mechanisms’, SWD(2016) 119 final

Mr. M. Kleis
Mr. M. (Maria) Kleis is Hoofd EU Groep Klimaat en Energie bij ClientEarth.

    Dit artikel is voor een groot deel gelijk aan de tekst van de inaugurele rede die de auteur uitsprak op 4 april 2016 bij de aanvaarding van het ambt van hoogleraar Mededingingsrecht.

Anna Gerbrandy
Prof. mr. A. Gerbrandy is hoogleraar Mededingingsrecht aan de Universiteit Utrecht. Dit artikel is voor een groot deel gelijk aan de tekst van de inaugurele rede die zij uitsprak op 4 april 2016 bij de aanvaarding van het ambt van hoogleraar Mededingingsrecht. Laurens van Kreij wordt hartelijk bedankt voor zijn hulp bij het omwerken van de oratietekst naar deze publicatie.

Begrip, rust, recht en regie: naar een verklaringsmodel voor de werking van herstelbemiddeling

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 1 2016
Trefwoorden Verklaringsmodel, Effecten, Recidivevermindering, procedure, attributie
Auteurs Bas Vogelvang en Gert Jan Slump

    Based on a literature research and program evaluation of the practice of Victim in Focus (Slachtoffer in Beeld) in 2013, two issues are addressed: What are the possible effects of victim offender mediation? Which active mechanisms will cause or contribute to these effects? The authors describe the current context and developments in The Netherlands concerning restorative justice and then describe the effects and possible active mechanisms such as satisfaction, diminishing fear, anger and shame, information and consent, procedural justice, reduction of recidivism, compliance. In a synthesis of active mechanisms they present four domains or mediating factors: from incomprehension to comprehension (cognitive restoration); from unease to ease (emotional restoration); from injustice to justice (moral restoration); from powerless to powerful feelings (restoration of control). The victim offender mediation as a ritual has an impact or is supposed to have an impact on these four domains for both victims and offenders. Within the four domains four activities or interactions within victim offender mediation are presented: creating understanding through inter-subjectivity; expression of fear, trauma and shame; doing justice by excuses/apologies and restorative actions; regaining self control. Further research is needed to validate the model and to get more insight in essential or primary and secondary aspects in the explanation of the impacts of victim offender mediation.

Bas Vogelvang
Bas Vogelvang is lector Reclassering en Veiligheid van de Avans Hogeschool in Den Bosch.

Gert Jan Slump
Gert Jan Slump is criminoloog, sociaal-maatschappelijk ondernemer en consultant, adviseur en trainer. In 2010 was hij medeoprichter van de Stichting Restorative Justice Nederland en sindsdien ontwikkelt hij samen met organisaties en professionals binnen het netwerk rond herstelrecht en herstelgericht werken in Nederland allerlei projecten op dit terrein. Hij is een veelgevraagd spreker op dit terrein. Gert Jan is ook actief op het terrein van professionaliseringsvraagstukken, onder meer binnen de jeugdzorg.

Regelgeving en beleid door onafhankelijke toezichthouders: de praktijk van ACM

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2015
Trefwoorden Autoriteit Consument & Markt, regelgevende bevoegdheden, zelfstandig bestuursorgaan, onafhankelijk toezicht
Auteurs Mr. J.G. Vegter en Mr. P.I.W.R. Maandag

    Deze bijdrage geeft een inkijkje in de dagelijkse praktijk van de ACM. Er wordt beschreven op welke wijze de ACM invulling geeft aan haar wettelijke taken en bevoegdheden om regelgeving en beleid vast te stellen op het gebied van mededinging, consumentenbescherming en sectorspecifiek toezicht op de energie-, telecommunicatie-, post- en vervoersector. Zij heeft hiertoe een aantal wettelijke taken opgelegd gekregen, waaronder het vaststellen van beleidsregels en het maken van marktanalyses, alsmede het voorlichten van consumenten. Daarnaast brengt de ACM handreikingen en visiedocumenten uit, waarmee zij beoogt haar wettelijke doelstellingen en missie te verwezenlijken. Deze zijn niet gebaseerd op een wettelijke taak, maar op de missie en doelstelling van de ACM en zijn dus een meer informele manier om de effectiviteit van het toezicht te vergroten. De auteurs concluderen dat de ACM hierbij onafhankelijk opereert, omdat haar onafhankelijkheid ten opzichte van de verantwoordelijk minister voldoende is geborgd.

Mr. J.G. Vegter
Mr. J.G. Vegter is bestuurslid van ACM.

Mr. P.I.W.R. Maandag
Mr. P.I.W.R. Maandag is als senior jurist werkzaam bij de directie Juridische Zaken van ACM.

Naar marktgerichte regulering van netwerksectoren

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2015
Trefwoorden tariefregulering, natuurlijk monopolie, marktproces, deregulering, onderhandelingsmodel
Auteurs Dr. Bert Tieben

    Toezichthouders concluderen te snel dat netwerkgebonden markten een natuurlijk monopolie zijn waarvoor regulering nodig is. Marktprocestheorieën leggen de nadruk op de betwistbaarheid van ieder monopolie, ook in infrastructurele markten. Het gevolg is dat regulering en toezicht meer op afstand geplaatst kunnen worden. De marktprocesbenadering is ook toepasbaar in Nederlandse markten, zoals de energie, de telecommunicatie, luchthavens en de loodsen.

Dr. Bert Tieben
Dr. L.A.W. Tieben is Hoofd cluster Mededinging en Regulering, SEO Economisch Onderzoek.

A behavioural revolution?

Toepassing van gedragseconomische inzichten bij ACM

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2014
Trefwoorden handhaving, gedragseconomie, gedragsbeïnvloeding, ACM, consumententoezicht
Auteurs Mr. Chris Fonteijn en Drs. Dirk Janssen

Mr. Chris Fonteijn
Mr. C.A. Fonteijn is bestuursvoorzitter van de Autoriteit Consument & Markt.

Drs. Dirk Janssen
Drs. D.J. Janssen is directeur Bestuur, Beleid en Communicatie van de Autoriteit Consument & Markt.

Prof. mr. Tom Ottervanger
Prof. mr. T.R. Ottervanger is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam en hoogleraar Europees recht, in het bijzonder mededingingsrecht, aan de Universiteit Leiden.

Gert Jan Slump
Gert Jan Slump is criminoloog, sociaal-maatschappelijk ondernemer en ervaren adviseur. In 2010 was hij mede oprichter van de Stichting Restorative Justice Nederland en sindsdien ontwikkelt hij samen met Anneke van Hoek en anderen binnen het netwerk rond herstelrecht in Nederland allerlei projecten op dit terrein. Hij is ook actief op het terrein van professionaliseringsvraagstukken, onder meer binnen de jeugdzorg.

Zeven jaar na de Commissie Visser: een nieuw evenwicht?

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2013
Trefwoorden TBS order, mentally disordered offenders, Parliamentary Inquiry Commission, leave permit, forensic care institutions
Auteurs M.J.F. van der Wolf en L. Noyon

    Since 1988 the Dutch entrustment order for dangerous mentally disordered offenders (TBS) is organised around three basic principles: treatment, legal protection and social security. In 2006 the Parliamentary Inquiry Commission ‘Visser’ reviewed the TBS order and made seventeen recommendations. This article seeks to investigate to what extent the implementation of these recommendations contributed to developments like the increasing restraints on leave permits and a lengthened average stay. Since 2006 there has been a strong emphasis on security. For a balanced execution of the TBS order more attention is needed for treatment and legal protection.

M.J.F. van der Wolf
Mr. dr. Michiel van der Wolf is als universitair docent verbonden aan de afdeling strafrecht van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

L. Noyon
Lucas Noyon is als onderzoeksassistent verbonden aan de afdeling strafrecht van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Het temmen van de toekomst

Van een veiligheids- naar een risicocultuur

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 2 2013
Trefwoorden timescape, risk governance, Dutch security culture, historicization
Auteurs Prof. dr. Beatrice de Graaf

    By introducing the historical concept of timescapes, we will investigate the transformation of a security to a risk culture in Dutch post war history. We will test Ulrich Beck’s paradigm of the risk society with respect to the Dutch policy arena, and we will analyze what drove this postulated transformation in the Netherlands. In the Netherlands, not the 1970s/1980s, but the 1990s saw the onset of this change. Concrete trigger moments and the rise of a new populist movement around 1999 signalled the beginning of this new mode of risk governance that was consolidated after 2001. With this description, an attempt to historicize the development of an all encompassing national security culture is provided.

Prof. dr. Beatrice de Graaf
Prof. dr. Beatrice de Graaf is hoogleraar conflict en veiligheid in historisch perspectief aan de Universiteit Leiden. E-mail: b.a.de.graaf@cdh.leidenuniv.nl.
Toont 1 - 20 van 45 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.