Zoekresultaat: 161 artikelen

x
Artikel

De nieuwe juridische jas voor de maatschappelijke onderneming komt eraan: de BVm

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2021
Trefwoorden besloten vennootschap met maatschappelijk doel, sociale onderneming, stakeholder, aanzet, klem
Auteurs Mr. M.J.L.A.M. Zillikens-Loos, Mr. Q.M.J.A. Crul en Mr. T.A. Schriemer
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Ministerie van EZK heeft een ‘Aanzet voor een wettelijke regeling voor een besloten vennootschap met maatschappelijk doel (BVm)’ aangeboden ter internetconsultatie. In dat kader gaan auteurs in op de onderdelen van de Aanzet en zetten zij hun opmerkingen en aanbevelingen voor de wettelijke regeling (de BVm-wet) uiteen.


Mr. M.J.L.A.M. Zillikens-Loos
Mr. M.J.L.A.M. Zillikens-Loos is kandidaat-notaris bij Pels Rijcken te Den Haag.

Mr. Q.M.J.A. Crul
Mr. Q.M.J.A. Crul is kandidaat-notaris bij Pels Rijcken te Den Haag.

Mr. T.A. Schriemer
Mr. T.A. Schriemer is kandidaat-notaris bij Pels Rijcken te Den Haag.
Actualia contractspraktijk

Het non-concurrentiebeding in de franchiseovereenkomst anno 2021

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Franchise, Franchiseovereenkomst, Wet franchise, Non concurrentiebeding, Jurisprudentie
Auteurs Mr. J.H. Kolenbrander
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt een overzicht gegeven van de jurisprudentie op het gebied van het postcontractuele non-concurrentiebeding in de franchiseovereenkomst. Ook wordt stilgestaan bij de invloed van de Wet franchise op postcontractuele non-concurrentiebedingen in franchiseovereenkomsten.


Mr. J.H. Kolenbrander
Mr. J.H. Kolenbrander is advocaat bij De Clercq Advocaten Notariaat te Leiden en gespecialiseerd in franchising.
Artikel

De gevolgen van de Brexit voor de jaarrekeningvrijstelling ex artikel 2:403 BW

Oppassen voor groepsmaatschappijen met een moeder uit het Verenigd Koninkrijk

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2020
Trefwoorden 403-verklaring, groepsregime, 403-maatschappij
Auteurs Mr. E.A. van Dooren
SamenvattingAuteursinformatie

    Vanaf 1 januari 2021 mag een 403-maatschappij met een moedermaatschappij uit het Verenigd Koninkrijk geen gebruik meer maken van de jaarrekeningvrijstelling ex artikel 2:403 BW. Hoewel er mogelijkheden zijn om toch gebruik te mogen maken van deze vrijstelling, bieden deze niet in alle gevallen op de korte termijn een oplossing.


Mr. E.A. van Dooren
Mr. E.A. van Dooren is universitair docent bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en lid van de redactie van dit tijdschrift.
Artikel

Duurzaamheidsinitiatieven en het kartelverbod – wie is aan zet?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4-5 2020
Trefwoorden duurzaamheid, kartelverbod, Concept Leidraad Duurzaamheidsafspraken, ACM, Europese Commissie
Auteurs Jori de Goffau en Greetje van Heezik
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel gaat in op de beperkte mogelijkheden die er zijn onder het kartelverbod voor ondernemingen die duurzaamheidsafspraken willen maken om definitieve rechtszekerheid te krijgen over de toelaatbaarheid van deze afspraken. In deze bijdrage bespreken wij waarom de procedurele instrumenten die in de huidige systematiek kunnen worden toegepast onvoldoende ruimte bieden voor checks and balances en daardoor ook niet tot rechtsontwikkeling kunnen leiden. Vervolgens doen wij suggesties voor de inzet van bestaande en nieuwe instrumenten om tot aanvullende rechtszekerheid te komen en/of rechtsontwikkeling mogelijk te maken, teneinde de totstandkoming van de genoemde samenwerkingen maximaal te stimuleren.


Jori de Goffau
Mr. J.C. de Goffau is advocaat bij Houthoff te Amsterdam en Brussel.

Greetje van Heezik
Mr. M.C. van Heezik is advocaat bij Houthoff te Brussel.
Artikel

Publieke en private handhaving van het kartelverbod – een convergente toepassing van dezelfde norm?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2020
Trefwoorden kartel, kartelverbod, publieke handhandhaving, private handhaving
Auteurs Ellen Römkens, Anke Prompers, Aron Bouman e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit tweeluik zal aan de hand van rechtspraak worden geïnventariseerd of ten aanzien van (a) het bewijzen van kartelafspraken en (b) de wijze van toerekening, we op het eerste oog kunnen spreken van een convergente toepassing van het kartelverbod door de Nederlandse bestuursrechter en de civiele rechter.


Ellen Römkens
Mr. H.B.M. Römkens is senior medewerker toezicht bij de Directie Juridische Zaken van de ACM.

Anke Prompers
Mr. A.S.M.L. Prompers is coördinator beroepen bij de Directie Juridische Zaken van de ACM.

Aron Bouman
Mr. A. Bouman is medewerker toezicht bij de Directie Juridische Zaken van de ACM.

Marc Kuijper
Mr. M. Kuijper is advocaat/partner bij Dentons Europe LLP.

Reinier Lamberti
Mr. R.J.G. Lamberti is advocaat bij Dentons Europe LLP.

Erik Pijnacker Hordijk
Mr. E.H. Pijnacker Hordijk is advocaat/partner bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn N.V.
Redactioneel

Doe effe normaal

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2020
Auteurs Paul Lugard
Auteursinformatie

Paul Lugard
Mr. H.H.P. Lugard is partner bij Baker Botts LLP in Brussel.
Mededinging

Access_open Terug van weggeweest: een verkenning van verticale prijsbinding in het Europese en Nederlandse mededingingsrecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2019
Trefwoorden verticale overeenkomsten, verticale prijsbinding, Leidraad. Afspraken tussen leveranciers en afnemers, e-commerce, koersverandering
Auteurs Mr. J.B. van der Blij en Mr. dr. T.D.O. van der Vijver
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de publicatie van de ‘Leidraad. Afspraken tussen leveranciers en afnemers’ onderstreept de ACM de nieuw ingeslagen weg met betrekking tot verticale prijsbinding: er zal meer aandacht bestaan voor en strenger worden opgetreden tegen verticale prijsbinding. Deze actievere handhaving staat duidelijk in contrast met het (prioriterings)beleid dat de ACM slechts vier jaar eerder uiteenzette in het Visiedocument over verticale afspraken. De nieuwe koers is mede ingegeven door de vlucht die internetverkoop heeft genomen en zorgt ervoor dat de ACM weer in pas loopt met de Commissie (en de rest van de EU-lidstaten).
    ACM, ‘Leidraad. Afspraken tussen leveranciers en afnemers’, 26 februari 2019, www.acm.nl/sites/default/files/documents/leidraad-afspraken-tussen-leveranciers-en-afnemers.pdf


Mr. J.B. van der Blij
Mr. J.B. (Bernadette) van der Blij is advocaat bij Allen & Overy LLP in Amsterdam.

Mr. dr. T.D.O. van der Vijver
Mr. dr. T.D.O. (Tjarda) van der Vijver is advocaat bij Allen & Overy LLP in Amsterdam.
Artikel

Samenwerking in de landbouw en de mededingingsregels

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2019
Trefwoorden ProducentenOrganisatie, kartelverbod, Verordening inzake de gemeenschappelijke marktordening, uitsluiting toepassing mededingingsregels, Afwijking kartelverbod
Auteurs Maria Litjens en Thomas van Rijn
SamenvattingAuteursinformatie

    De Nederlandse regering wil de wetgeving aanpassen om samenwerking in de landbouw te stimuleren. De meest recente Europese PO-regels (2018) zouden de basis moeten zijn, maar deze regels zijn niet duidelijk en niet afgestemd op de uitspraak van het Hof van Justitie in de Franse witlofzaak (2017). In dit artikel werken we uit hoe de Europese benadering uitgelegd kan worden. Het Hof van Justitie spreekt over uitsluiting waardoor bij een PO het kartelverbod niet van toepassing is, terwijl de Europese wetgever alleen een afwijking aangeeft. Dit verschil in benadering en ook de complexe regelgeving maakt het invullen van de regels op nationaal niveau lastig maar niet ondoenlijk. De Nederlandse overheid moet aansturen op verheldering van de Europese PO-regels en kan tegelijkertijd naar het voorbeeld van de Duitse regelgeving haar nationale regels verbeteren.


Maria Litjens
Mr. M.E.G. Litjens was werkzaam binnen Wageningen Universiteit en heeft in september 2018 bij de Universiteit van Groningen haar proefschrift over samenwerking binnen PO’s afgerond.

Thomas van Rijn
Mr. T.P.J.N. van Rijn was als juridisch hoofdadviseur verbonden aan de Juridische Dienst van de Europese Commissie.
Kroniek

Kroniek civiele rechtspraak mededingingsrecht 2018

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2019
Auteurs Marieke Bredenoord-Spoek en Stijn de Jong
Auteursinformatie

Marieke Bredenoord-Spoek
Mr. M.G. Bredenoord-Spoek is werkzaam als advocaat bij Stibbe.

Stijn de Jong
Mr. S. de Jong is werkzaam als advocaat bij Stibbe.
Artikel

Access_open Selectieve distributieovereenkomsten: het luxepaardje van de onlineverkoper?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2018
Trefwoorden selectieve distributieovereenkomsten, Coty, onlinemarktplaatsen, luxeproduct
Auteurs Elske Raedts en Felix Roscam Abbing
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt getoetst of er door de Coty-uitspraak van het Hof van Justitie een verandering is ontstaan in de toelaatbaarheid van bepaalde verboden binnen selectieve distributieovereenkomsten. Hierbij worden met name de Metro-criteria en bestaande rechtspraak (zoals Pierre Fabre en L’Oréal) vergeleken met de Coty-uitspraak en recente nationale rechtspraak in arresten zoals Asics en Nike. Uiteindelijk wordt geconcludeerd dat recente rechtspraak op een aantal vlakken duidelijkheid heeft gebracht, maar dat er nog steeds onduidelijkheden bestaan over de vragen of vanuit mededingingsrechtelijk perspectief een totaalverbod op verkoop via onlinemarktplaatsen toelaatbaar kan zijn en wanneer een product als luxeproduct kwalificeert.


Elske Raedts
Mr. E.N.M. Raedts is werkzaam als advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer.

Felix Roscam Abbing
Mr. F.A. Roscam Abbing is werkzaam als advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer.
Redactioneel

Zomerse beschouwingen

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2018
Auteurs Erik Pijnacker Hordijk
Auteursinformatie

Erik Pijnacker Hordijk
Mr. E.H. Pijnacker Hordijk is advocaat/partner bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn N.V.
Mededinging

Coty: beperking verkoop via internetplatforms mag

Het Hof van Justitie corrigeert Pierre Fabre maar had krachtiger leiding kunnen geven

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2018
Auteurs Mr. G. Oosterhuis
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage betreft de prejudiciële uitspraak van het Hof van Justitie in het geschil tussen Coty Germany GmbH (Coty) en Parfümerie Akzente GmbH (Akzente).1x HvJ 6 december 2017, zaak C-230/16, Coty Germany GmbH/Parfümerie Akzente GmbH, ECLI:EU:C:2017:91 (hierna: Coty). Het Hof van Justitie oordeelt dat een selectief distributiestelsel verenigbaar kan zijn met het Europese mededingingsrecht indien het is vormgegeven om het luxe-imago van de betreffende producten te beschermen. In dat kader kan ook een verbod aan distributeurs om luxeproducten via platforms van derden te verkopen toegestaan zijn en vormt een dergelijk platformverbod geen hardcore beperking als bedoeld in Verordening (EU) nr. 330/2010. De uitspraak corrigeert Pierre Fabre maar geeft minder krachtig leiding dan had gekund.
    HvJ 6 december 2017, zaak C-230/16, Coty Germany GmbH/Parfümerie Akzente GmbH, ECLI:EU:C:2017:91

Noten

  • 1 HvJ 6 december 2017, zaak C-230/16, Coty Germany GmbH/Parfümerie Akzente GmbH, ECLI:EU:C:2017:91 (hierna: Coty).


Mr. G. Oosterhuis
Mr. G. (Gerrit) Oosterhuis is advocaat bij Houthoff te Brussel.
Jurisprudentie

Misleidende informatie als strekkingsbeding: ontwikkelingen in de nieuwste Hoffmann-La Roche-zaak

HvJ EU 23 januari 2018, zaak C-179/16, F. Hoffmann-La Roche Ltd e.a./Autorità Garante della Concorrenza e del Mercato, ECLI:EU:C:2018:25

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2018
Trefwoorden artikel 101 TFEU, strekkingsbeding, nevenrestricties, relevante markt, Hoffmann-La Roche
Auteurs Alexander Hoogenboom
SamenvattingAuteursinformatie

    In de nieuwste Hoffmann-La Roche-zaak staat de vraag centraal of een overeenkomst om misleidende informatie te verspreiden naar zijn strekking de mededinging beperkt. Bij de beantwoording van deze vraag lijkt het Hof van Justitie een nieuwe definitie van het strekkingsbeding te introduceren: er moet sprake zijn van een concurrentievervalsing die zo evident is dat er geen redelijke twijfel bestaat dat de partijen beoogden de mededinging te vervalsen. Op bepaalde punten stelt de zaak echter teleur: de redenering inzake nevenrestricties is twijfelachtig in het licht van eerdere rechtspraak, en de overwegingen inzake de relevante markt lijken niet aan te sluiten bij de economische realiteit van de (geneesmiddelen)markt.


Alexander Hoogenboom
Mr. dr. A. Hoogenboom is beleidsmedewerker bij de Nederlandse Zorgautoriteit en onderzoekscoördinator bij het Institute for Transnational and Euregional Cross-border Cooperation and Mobility van Maastricht University. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Impressies

Wat is de impact van de Algemene Verordening Gegevensbescherming van de EU op internationale franchiseovereenkomsten?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Algemene Verordening Gegevensbescherming, Franchiseovereenkomsten, Nationaal en internationaal contracteren, E-commerce, Bescherming persoonsgegevens
Auteurs Mr. M. de Koning en Mr. dr. H.H. de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) zal per ingang van 25 mei 2018 van toepassing zal zijn in alle EU-lidstaten. Het artikel zet de belangrijkste veranderingen die de AVG met zich meebrengt en de betekenis voor franchiseovereenkomsten uiteen. In het kort verruimt de AVG de rechten van betrokkenen (natuurlijke personen) op basis van hun fundamentele recht op gegevensbescherming en scherpt het de verplichtingen aan van de bij verwerking van persoonsgegevens betrokken ondernemingen. Ook verzwaart de Verordening het sanctieregime.
    Voor de meeste franchisegevers en franchisenemers geldt dat zij persoonsgegevens verwerken en dus te maken krijgen met het regime van de AVG. De meeste franchisenetwerken maken gebruik van loyaltyprogramma’s en digitale marketingmethodes. Ook komt het in de praktijk voor dat franchisegevers en franchisenemers in geschillen terechtkomen over wie de gegevens met betrekking tot de klanten van de franchisenemers mag gebruiken, tijdens of na beëindiging van de franchiserelatie. Wij behandelen de basisbeginselen van de AVG, de vereisten voor een rechtmatige verwerking van persoonsgegevens, de nieuwe verplichtingen en rechten van betrokkenen. Teneinde aan de AVG te kunnen voldoen, moeten franchisegevers en franchisenemers onder meer de gegevensverwerking van in franchisesystemen in kaart brengen en moeten zij rolduidelijkheid scheppen: wie is de verantwoordelijke en wie is eventuele verwerker jegens de betrokken natuurlijke personen?
    Het artikel concludeert dat de meeste internationaal gebruikte standaard franchiseovereenkomsten vrij veel aanpassingen behoeven om aan de vereisten van de AVG te voldoen. Momenteel zijn de rollen van franchisegevers en franchisenemers en de activiteiten voor bescherming van persoonsgegevens in de franchiseketen niet duidelijk bepaald en vastgelegd. Dan blijft dikwijls in het midden welke partij voor de naleving van de AVG verantwoordelijk is. Niet-naleving kan tot hoge boetes, civielrechtelijek aansprakelijkheid en/of reputatieschade van het gehele franchisenetwerk leiden. De AVG is ook relevant voor buiten de EU gevestigde franchisegevers. Ongeacht of de verwerking van persoonsgegevens in de EU plaatsvindt, is de AVG van toepassing op de verwerking in de context van activiteiten van een vestiging van een verwerkingsverantwoordelijke of een verwerker in de EU.
    Er is voorts nog een e-Privacy Verordening in de maak. Deze zal op het punt van profilering, e-marketing, behavioral advertising en geo-targeting aanvullende eisen stellen.


Mr. M. de Koning
Mr. M. de Koning is advocaat/partner bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam en hoofd van de sectie Commercial.

Mr. dr. H.H. de Vries
Mr. dr. H.H. de Vries is advocaat/partner bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam en hoofd van de sectie Privacy.
Artikel

Het verzetrecht van artikel 2:404 BW

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2017
Trefwoorden verzetrecht, 403-verklaring, overblijvende aansprakelijkheid, artikel 2:404 BW, groepsvrijstelling
Auteurs Mr. K. Notenboom
SamenvattingAuteursinformatie

    In het recente arrest inzake SNS/Propertize kwam het verzetrecht tegen het voornemen van de moedermaatschappij om de overblijvende aansprakelijkheid uit hoofde van een 403-verklaring te beëindigen aan de orde. In deze bijdrage bespreekt de auteur enkele knelpunten ten aanzien van het verzetrecht van artikel 2:404 BW: de verzetgerechtigdheid, de betwiste vorderingen en de omvang van de zekerheid of andere waarborg.


Mr. K. Notenboom
Mr. K. Notenboom is per 1 juli 2017 advocaat bij Van Doorne te Amsterdam.
Artikel

Eindrapport E-Commerce Sector Inquiry: extra aandacht voor geoblocking en verticale prijsbinding

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2017
Trefwoorden E-commerce, Sector inquiry, Verticale prijsbinding, Geoblocking, Mededinging
Auteurs Mr. drs. D.P. Kuipers en Mr. G.P. Sholeh
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 10 mei 2017 heeft de Europese Commissie als onderdeel van haar Digital Single Market-strategie een eindrapport gepubliceerd waarin de conclusies van haar e-commerce sector inquiry zijn opgenomen. Dit eindrapport brengt handelspraktijken aan het licht die tot een beperking van de concurrentie zouden kunnen leiden op (digitale) e-commerce markten. In dit artikel bespreken wij onder andere de belangrijkste en interessantste bevindingen uit het eindrapport. Daarnaast bespreken we de beleidsconclusies van de Europese Commissie, en recente en nieuwe (inbreuk)zaken op het gebied van e-commerce. Wij sluiten af met enkele opmerkingen over de (mogelijke) betekenis van het eindrapport voor de (Nederlandse) rechtspraktijk.
    European Commission, Final Report on the E-Commerce Sector Inquiry, Commission staff working document, 10 mei 2017, SWD(2017) 154 final


Mr. drs. D.P. Kuipers
Mr. drs. D.P. (Pauline) Kuipers en mr. G.P. (Peyma) Sholeh zijn beiden advocaat bij Bird & Bird LLP te Den Haag.

Mr. G.P. Sholeh
Praktijk

De nieuwste maatstaf van de Hoge Raad bij 403-aansprakelijkheid: ‘onmiskenbaar ongegrond’

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2017
Trefwoorden 403-verklaring, overblijvende aansprakelijkheid, onmiskenbaar ongegrond, verzet, niet-ontvankelijkheid
Auteurs Mr. M.R.C. van Zoest
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 31 maart 2017 heeft de Hoge Raad beslist dat een partij die verzet doet tegen een voorgenomen beëindiging van overblijvende 403-aansprakelijkheid (art. 2:404 BW), alleen niet als schuldeiser kan worden aangemerkt als de vordering waarop het verzet is gebaseerd, ‘onmiskenbaar ongegrond’ is. De Hoge Raad voegt eraan toe dat een verzet gegrond dient te worden verklaard indien de schuldeiser als gevolg van de beëindiging van de overblijvende aansprakelijkheid in een slechtere positie zou komen te verkeren. De auteur analyseert de beschikking van de Hoge Raad en plaatst er enkele kritische kanttekeningen bij.


Mr. M.R.C. van Zoest
Mr. M.R.C. van Zoest is advocaat bij CORP. advocaten.

    In dit artikel wordt aandacht besteed aan de Groepsvrijstellingsverordening verzekeringen die op 31 maart 2017 is vervallen. De vraag die zal worden beantwoord, is wat de gevolgen van het verval van de Groepsvrijstellingsverordening zijn voor de toepassing van het mededingingsrecht in de verzekeringssector. Hoewel de keuze van de Europese Commissie gerechtvaardigd lijkt te zijn, resteren nog wel enkele onduidelijkheden, bijvoorbeeld met betrekking tot de opkomst van (samenwerking bij) big data en de afbakening van de relevante markt.


Gerard Baak
Mr. drs. G.T. Baak is als promovendus werkzaam bij de sectie Handels- Ondernemings & Financieel recht van de Erasmus School of Law. Zijn promotieonderzoek gaat over het onderwerp mededinging en verzekering.
Praktijk

Kroniek Nederlands mededingingsrecht 2016

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2017
Auteurs Marc Custers, Marc Wiggers, Robin Struijlaart e.a.
Auteursinformatie

Marc Custers
Mr. drs. M.G.A.M. Custers is advocaat bij Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.

Marc Wiggers
Mr. dr. M.Ph.M. Wiggers is advocaat bij Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.

Robin Struijlaart
Mr. R.A. Struijlaart is advocaat bij Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.

Mark Brabers
Mr. drs. M.C. Brabers is advocaat bij Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 161 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.