Zoekresultaat: 89 artikelen

x
Wetenschap en praktijk

Wat is de invloed van de coronapandemie op due diligence en contractuele afspraken bij mid-market M&A-transacties?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2022
Trefwoorden M&A, Mid-market, Corona, Due dilligence, contractsbepalingen
Auteurs A. Beljaars en G. Güntekin
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel gaan de auteurs in op de invloed van de corona pandemie en de economische gevolgen ervan op het due diligence onderzoek en contractuele afspraken bij mid-market overnames. De corona pandemie heeft geleid tot een nieuwe dimensie voor juristen en een hernieuwde alertheid voor het verrichten van een due diligenceonderzoek en de te gebruiken contractuele bepalingen. Aan de hand van rechtspraak over de afgelopen twee jaar bekijken de auteurs de contractuele en wettelijke bepalingen die worden gebruikt. Ook doen zij tekstvoorstellen voor contractuele bepalingen die in dat verband in overnamecontracten kunnen worden gebruikt.


A. Beljaars
Mr. A. (Annemarie) Beljaars is advocaat M&A (MKB) bij Rassers Advocaten te Breda.

G. Güntekin
Mr. G. (Günes) Güntekin is advocaat M&A (MKB) bij Rassers Advocaten te Breda.
Actualia

Jeugdige vreemdeling

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 1 2022
Auteurs Mr. T. de Vette

Mr. T. de Vette
Artikel

Gestegen grondstofprijzen en contracten: wie betaalt de rekening?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2022
Trefwoorden Prijsstijgingen, onvoorziene omstandigheden, kostenverhogende omstandigheden, vaste prijzen, Prijswijzigingsbeding
Auteurs Mr. J. den Hartog en Mr. A.Z. Lankhaar
SamenvattingAuteursinformatie

    Het afgelopen jaar kenmerkt zich door hevige prijsstijgingen van grondstoffen en (bouw)materialen. In deze bijdrage gaan wij in op de vraag in hoeverre partijen in tijden van prijsstijgingen gebonden kunnen blijven aan prijsafspraken of prijswijzigingsbedingen. Daarbij wordt stilgestaan bij de mogelijkheden om op grond van onvoorziene omstandigheden of kostenverhogende omstandigheden deze afspraken te omzeilen. Hoewel dit in voorkomende gevallen denkbaar is, zal op de partij die hierop een beroep doet een zware stelplicht en bewijslast rusten. Zoals vaker is voorkomen beter dan genezen en kunnen partijen beter vooraf duidelijke afspraken maken hoe om te gaan met prijsstijgingen.


Mr. J. den Hartog
Mr. J. den Hartog is advocaat bij Van Benthem & Keulen.

Mr. A.Z. Lankhaar
Mr. A.Z. Lankhaar is advocaat bij Van Benthem & Keulen.
Sociaal beleid

Gelijke beloning voor mannen en vrouwen: geen woorden meer maar daden

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2022
Trefwoorden handhaving, toezicht, effectieve rechtsbescherming, transparantie
Auteurs Prof. mr. L.A.J. Senden en Drs. R. Hesdahl
SamenvattingAuteursinformatie

    De loonkloof m/v is een hardnekkig probleem ondanks lang bestaande wetgeving. Dat komt onder meer doordat naleving van het recht op gelijke beloning vooral als een individueel probleem is beschouwd van de klaagster. Het richtlijnvoorstel over meer loontransparantie en betere handhaving van gelijkebeloningswetgeving m/v vormt een welkome trendbreuk doordat het niet alleen individuele rechtsbescherming versterkt maar ook toezicht en handhaving. Het voorstel maakt de loonkloof tot een gedeelde verantwoordelijkheid van werkgevers, sociale partners, gelijke behandelingsorganen, arbeidsinspectie, rechters en een aan te wijzen toezichtsorgaan. Daarmee zet het de lidstaten aan om eindelijk de daad bij het woord te voegen en de loonkloof daadwerkelijk te dichten.
    Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad ter versterking van de toepassing van het beginsel van gelijke beloning van mannen en vrouwen voor gelijke of gelijkwaardige arbeid door middel van beloningstransparantie en handhavingsmechanismen, Brussel, 4 maart 2021, COM(2021)93 final.


Prof. mr. L.A.J. Senden
Prof. mr. L.A.J. (Linda) Senden is hoogleraar Europees recht aan de Universiteit Utrecht, RENFORCE en IOS Gender and Diversity Hub.

Drs. R. Hesdahl
Drs. R. (Rian) Hesdahl, LL.M is onderzoeksassistent aan de Universiteit Utrecht, ­RENFORCE.
Artikel

Ambivalente illusies

Het arrest van het Europese Hof over grondwateronttrekking in het Natura 2000-gebied Doñana

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Kaderrichtlijn Water, stand still, grondwater, bodemdaling, verdroging
Auteurs Drs. H.E. (Hans) Woldendorp
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 27 juni 2021 heeft het Hof van Justitie arrest gewezen over de grootschalige onttrekking van grondwater in de omgeving van het Natura 2000-gebied Doñana in het zuiden van Spanje. De overexploitatie van de aanwezige grondwatervoorraden rond het gebied vindt, vooral, plaats voor de landbouw en, in mindere mate, het toerisme. Hans Woldendorp gaat in op de vraag wat Spanje aan deze overexploitatie had moeten doen en verdiept zich in de mogelijke betekenis van het arrest voor Nederland. Moet er in ons land niet meer worden gedaan tegen verdroging van Natura 2000-gebieden (en wellicht ook andere natuurgebieden) en aan het tegengaan van bodemdaling als gevolg van het waterbeheer in het landelijk gebied? Het arrest is om verschillende redenen interessant. Vanwege de vergelijking tussen de toepassing van het stand still-beginsel in Kaderrichtlijn water en de Habitatrichtlijn maar ook omdat het gaat over het (weinig aan de orde komende) kwantitatieve grondwaterbeheer. In een van zijn conclusies stelt de auteur dat het hem geen slechte zaak lijkt om meer te doen aan het tegengaan van de verdroging van belangrijke natuurgebieden en van verdere bodemdaling. Die bodemdaling, in combinatie met de gevolgen van klimaatverandering op termijn, zet immers zelfs de bewoonbaarheid van de laaggelegen delen van ons land op het spel.


Drs. H.E. (Hans) Woldendorp
Drs. H.E. Woldendorp is als wetgevingsjurist werkzaam bij het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.
Essay

Slachtofferschap: planten en habitats

Waarom habitats en planten ondanks strikte regels toch niet voldoende worden beschermd

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Antropocene, habitat protection, plants, environmental problems, biodiversity
Auteurs Sander Kole
SamenvattingAuteursinformatie

    The current poor conservation status of Dutch nature is a result of human activities and is therefore characteristic of the era of the Anthropocene in which we now live. As a result of climate change, desiccation and a surplus of nitrogen and other environmental problems, the survival of many habitats and plants in the EU and in the Netherlands is at stake. Recent scientific research shows that many habitats and plants are in an unfavorable conservation status. Biodiversity is under great pressure. In almost all cases, the declining biodiversity can primarily be traced back to human activities and the consequences of these activities for nature. The EU Habitats Directive and the Dutch Nature Conservation Act provide a legal system that obliges the protection of all wild habitats and plants. Although the objective of both regulations suggests otherwise, the protection of nature in the application of provisions from the Dutch Nature Conservation Act is not an intrinsic objective. The extent to which habitats and plants are protected is linked to human – often economic – interests. It is this ambivalence in existing laws and regulations – the human perspective – that makes it possible to ‘disable’ rules that are precisely intended to preserve habitat types and plants relatively easily. As a result, environmental problems caused by humans are not or not completely resolved. Remarkably enough, the design and application of current national and international nature conservation law contributes to the undisturbed continuation of the Anthropocene era in which we live.


Sander Kole
Mr. dr. Sander Kole is universitair docent algemeen bestuursrecht en omgevingsrecht bij de Open Universiteit. Sander.Kole@ou.nl

    Het Hof van Justitie oordeelde in het arrest over het Programma Aanpak Stikstof dat een programmatische aanpak op grond van artikel 6 Habitatrichtlijn niet is uitgesloten. Tegelijk oordeelde het Hof van Justitie dat het voorzorgsbeginsel als bedoeld in artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn onverkort in acht moet worden genomen voor alle projecten binnen het programma. Belangrijke vragen zijn hoe dit met elkaar te verenigen is en onder welke voorwaarden een programmatische aanpak dan mogelijk is. Vragen die relevant blijven nu zowel in de Wet natuurbescherming en het recente wetsvoorstel stikstofreductie en natuurherstel als in de komende Omgevingswet is voorzien in een programmatische aanpak.
    HvJ 7 november 2018, gevoegde zaken C-293/17 en C-294/17, ECLI:EU:C:2018:882 (Coöperatie Mobilisation for the Environment UA en Vereniging Leefmilieu/College van gedeputeerde staten van Limburg en College van gedeputeerde staten van Gelderland en Stichting Werkgroep Behoud de Peel/College van gedeputeerde staten van Noord-Brabant).


Mr. dr. R. Kegge
Mr. dr. R. (Rogier) Kegge is universitair docent bestuursrecht en omgevingsrecht bij de afdeling Staats- en Bestuursrecht van de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Naar een wettelijke verankering van de maatschappelijke onderneming

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2021
Trefwoorden ondernemingsrecht, sociale onderneming, BVm, steward ownership, Anbi
Auteurs Mr. Chr.M. Stokkermans
SamenvattingAuteursinformatie

    De recente aanzet van het Ministerie van EZK voor een wettelijke verankering van de maatschappelijke onderneming verdient nog enige aanscherping om er, zonder afbreuk aan het ‘gelijk speelveld’-beginsel, een reële bijdrage aan de marktontwikkeling van dergelijke ondernemingen van te maken.


Mr. Chr.M. Stokkermans
Mr. Chr.M. Stokkermans is oud-notaris te Amsterdam.
Actualia contractspraktijk

Lessen uit de eerste rechterlijke uitspraken over de COVID-19-crisis en onvoorziene omstandigheden en overmacht bij commerciële contracten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2020
Trefwoorden COVID-19, Onvoorziene omstandigheden, Overmacht, Commerciële contracten, Overheidsmaatregelen
Auteurs Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes en Mr. J.V. Tetelepta
SamenvattingAuteursinformatie


Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes
Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes is advocaat bij BarentsKrans en hoogleraar Privaatrecht VU.

Mr. J.V. Tetelepta
Mr. J.V. Tetelepta is advocaat en senior medewerker bij BarentsKrans.
Artikel

Kroniek Arbeidsrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 4 2020
Auteurs Karol Hillebrandt, Christiaan Oberman en Nadia Adnani

Karol Hillebrandt

Christiaan Oberman

Nadia Adnani
Milieu

Finse wolvenjacht: deur op een kier voor ‘ecodictie’ in het Europese natuurbeschermingsrecht?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2020
Trefwoorden Habitatrichtlijn, natuurbescherming, wolven, jacht, gunstige staat van instandhouding
Auteurs Mr. dr. F.M. Fleurke en Mr. dr. A. Trouwborst
SamenvattingAuteursinformatie

    In een arrest over het Finse vergunningsbeleid voor de jacht op wolven geeft het Hof van Justitie uitleg over de betekenis en reikwijdte van een aantal omstreden bepalingen van de Habitatrichtlijn. De twee belangrijkste vragen betreffen (a) of het toegestaan is om vergunning voor jacht te verlenen om meer acceptatie voor grote roofdieren te bewerkstelligen bij de lokale bevolking en (b) op welk bestuursniveau (lokaal, nationaal, biografisch, grensoverschrijdend) de zogenoemde eis van ‘gunstige staat van instandhouding’ voor beschermde soorten moet worden bereikt. Daarnaast benadrukt het Hof van Justitie net als in andere recente arresten het belang van wetenschappelijk bewijs en de prominente rol van het voorzorgbeginsel. Met de vestiging van het eerste Nederlandse wolvenroedel in eeuwen kan de eerste vraag ook zeker relevant geworden voor Nederland. Het antwoord op de tweede vraag is voor Nederland – met zijn gefragmenteerde grondgebied en vele kleine populaties beschermde soorten – zelfs van fundamenteel belang. Het Hof van Justitie geeft meer duidelijkheid maar laat tegelijkertijd nog wel vragen open.
    HvJ 10 oktober 2019, zaak C-674/17, ECLI:EU:C:2019:851 (Luonnonsuojeluyhdistys Tapiola)


Mr. dr. F.M. Fleurke
Mr. dr. F.M. (Floor) Fleurke is universitair hoofddocent bij de vakgroep Public Law and Governance van Tilburg Law School.

Mr. dr. A. Trouwborst
Mr. dr. A. (Arie) Trouwborst is universitair hoofddocent bij de vakgroep Public Law and Governance van Tilburg Law School.
Artikel

De benchmarktransitie: van IBOR’s naar RFR’s door een civielrechtelijk labyrint?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2020
Trefwoorden IBOR, benchmark, transitie, fallback, risk-free rate
Auteurs Mr. S. Uiterwijk
SamenvattingAuteursinformatie

    Bekende benchmarks om renteverplichtingen mee te berekenen, zoals LIBOR en EURIBOR, zullen mogelijk verdwijnen. Dit zal een impact hebben op allerlei financiële producten, met een marktwaarde geschat op honderden biljoenen euro’s. Naast professionele partijen kunnen ook consumenten hierdoor worden geraakt. Dit artikel beschrijft de benchmarktransitie en de civielrechtelijke aandachtspunten.


Mr. S. Uiterwijk
Mr. S. Uiterwijk is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

De PAS-uitspraak zet geen streep door de ADC-toets

Kunnen maatregelen die volgens de PAS-uitspraak niet in een passende beoordeling mogen worden betrokken wel een rol spelen in de ADC-toets?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2019
Trefwoorden stikstof, alternatieven, Natura 2000, Habitatrichtlijn
Auteurs Mr. C.J. (Christine) Visser
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel bespreekt de auteur de vraag of maatregelen en autonome ontwikkelingen die blijkens de PAS-uitspraak niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling op grond van art. 6, derde lid, van de Habitatrichtlijn wel een rol kunnen spelen in de ADC-toets op grond van art. 6, vierde lid, van de Habitatrichtlijn. Dit is interessant, omdat dit (bij een positief antwoord) de haalbaarheid van deze oplossingsrichting (al dan niet door toepassing in een nieuw programma) kan vergroten.


Mr. C.J. (Christine) Visser
Mr. C.J. Visser is advocaat bij Ten Holter Noordam advocaten te Rotterdam.
Artikel

Access_open De stand van de stelselherziening: het primaat bij de senaat

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Omgevingswet, Aanvullingswet natuur, Aanvullingswet geluid
Auteurs Mr. H.W. (Wilco) de Vos
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel bevat een beschrijving van de stelselherziening Omgevingsrecht in het tweede en derde kwartaal van 2019.


Mr. H.W. (Wilco) de Vos
Mr. H.W. de Vos is werkzaam bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en is als juridisch projectleider betrokken bij de totstandkoming van de nieuwe omgevingswetgeving.
Vrij verkeer

Het arrest Tjebbes: de evenredigheidstoets als complexe brug tussen nationaliteitswetgeving en Unieburgerschap

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden Unieburgerschap, artikel 20 VWEU, intrekking van nationaliteit, bevoegdheidsverdeling, evenredigheidstoets, beroeps- en familieleven in de EU
Auteurs Prof. dr. P. Van Elsuwege en H.H.C. Kroeze LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    De zaak Tjebbes gaat over de verenigbaarheid van een Nederlandse regeling met het Unierecht op grond waarvan tien jaar verblijf in een derde land het van rechtswege verlies van het Nederlanderschap met zich meebrengt voor Nederlanders die nog een tweede nationaliteit hebben. De zaak is daarmee een vervolg op het arrest Rottmann, waarin het Hof van Justitie bepaalde dat intrekking van de nationaliteit van de lidstaten in overeenstemming moet zijn met het Europeesrechtelijke evenredigheidsbeginsel. In Tjebbes vraagt de Raad van State of die Europeesrechtelijke evenredigheidstoets met zich meebrengt dat de gevolgen in het individuele geval moeten worden getoetst, of dat het voldoende is dat er een evenredigheidstoets in abstracto in het beleid verdisconteerd is. Anders dan advocaat-generaal Mengozzi oordeelt het Hof van Justitie dat incidenteel een geconcretiseerde evenredigheidstoets plaats moet kunnen vinden, ‘vanuit het oogpunt van het Unierecht’, wat betekent dat het effect van het verlies van de nationaliteit op het beroeps- en gezinsleven van de betrokkene meegewogen moet worden. Deze bijdrage evalueert deze uitspraak vanuit het perspectief van de bevoegdheidsverdeling tussen de EU en de lidstaten. Daarnaast wordt ingegaan op de beperktheid van de Unierechtelijke evenredigheidstoets zoals die in dit arrest geformuleerd wordt en worden enkele mogelijke implicaties voor de rechtspraktijk besproken.
    HvJ 12 maart 2019, zaak C-221/17, Tjebbes e.a./Minister van Buitenlandse Zaken, ECLI:EU:C:2019:189


Prof. dr. P. Van Elsuwege
Prof. dr. P. (Peter) Van Elsuwege is hoogleraar Europees recht aan de Universiteit van Gent en verbonden aan het Ghent European Law Institute.

H.H.C. Kroeze LL.M.
H.H.C. (Hester) Kroeze LL.M. is promovenda in het Europees recht aan de Universiteit van Gent en verbonden aan het Ghent European Law Institute.
Kroniek rechtspraak

Kroniek Mededingingsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Autoriteit Consument en Markt, Mededingingswet, concentratiecontrole, informele zienswijzen, ziekenhuiszorg
Auteurs Mr. C.T. Dekker, mr. E. Belhadj en mr. V. Jasarevic
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek staat de praktijk van de Autoriteit Consument & Markt (ACM) centraal voor wat betreft de toepassing van de Mededingingswet in de zorg. Tevens worden twee informele zienswijzen van de ACM en enkele uitspraken van de Rechtbank Rotterdam en het College van Beroep voor het bedrijfsleven over besluiten van de ACM behandeld. Tot slot wordt stilgestaan bij twee door de ACM gepubliceerde leidraden. De periode die door deze kroniek wordt bestreken betreft 1 juli 2016 tot 1 november 2018.


Mr. C.T. Dekker
Cees Dekker is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen.

mr. E. Belhadj
Ekram Belhadj is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen.

mr. V. Jasarevic
Vanessa Jasarevic is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen.
Artikel

Kroniek Bestuursprocesrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 8 2018
Auteurs Jan Coen Binnerts, Marieke Dankbaar en Rachel Hoeneveld

Jan Coen Binnerts

Marieke Dankbaar

Rachel Hoeneveld

    Een cultuurhistorisch belang is een dwingende reden van openbaar belang.


Marieke Kaajan
Artikel

Gebiedsbescherming en soortenbescherming in de Aanvullingswet natuur Omgevingswet

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2017
Trefwoorden Omgevingswet, Aanvullingswet natuur, natuurbescherming
Auteurs Prof. dr. Ch.W. (Chris) Backes en Prof. mr. dr. A.A. (Annelies) Freriks
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs gebieds- en soortenbescherming in de consultatieversie van de Aanvullingswet natuur die op 21 november 2016 is gepubliceerd. De auteurs bespreken de wijze waarop de bestaande regeling wordt geïntegreerd in het systeem van de Omgevingswet en de vraag of dit gevolgen heeft voor het beschermingsniveau.


Prof. dr. Ch.W. (Chris) Backes
Prof. dr. Ch.W. Backes is verbonden aan het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainability Law (UCWOSL).

Prof. mr. dr. A.A. (Annelies) Freriks
Prof. mr. dr. A.A. Freriks is verbonden aan het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainability Law (UCWOSL) en voorts advocaat/partner van ELEMENT Advocaten te Eindhoven.
Artikel

Reguleringsinstrumenten in de spoorsector: wisselend succes

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2016
Trefwoorden overheidsregulering, aandeelhouderschap, regulering met contracten, zelfstandig bestuursorgaan, publiekrechtelijke concessie
Auteurs mr. S. Pereth
SamenvattingAuteursinformatie

    De overheid beschikt over verschillende instrumenten om een sector mee te reguleren. In de spoorsector is met een aantal van deze instrumenten ervaring opgedaan. Meer specifiek betreft het regulering door middel van contracten en het aandeelhouderschap. Deze instrumenten en de mogelijkheden om ermee te sturen zijn in de afgelopen decennia veelvuldig onderwerp van (parlementaire) discussie geweest. Wat bleek is dat die mogelijkheden meer dan eens beperkt waren. Gesteld kan worden dat de genoemde privaatrechtelijke instrumenten enkele inherente beperkingen kennen, die in de weg kunnen staan aan effectieve sturing en toezicht van overheidswege. Bij een contract is per definitie meer dan één partij betrokken, waardoor beslissingen niet eenzijdig genomen kunnen worden en het aandeelhouderschap betreft nu eenmaal een rol op afstand. Deze bezwaren kunnen worden ondervangen door in plaats van een contract te kiezen voor een publiekrechtelijke concessie. In plaats van het aandeelhouderschap in een private rechtspersoon kan voor een zelfstandig bestuursorgaan worden geopteerd. De conclusie is niet dat contracten en het aandeelhouderschap kunnen worden afgeschreven als instrumenten om mee te sturen. Contracten en het aandeelhouderschap kunnen in andere gevallen wel voldoende handvatten bieden. Veel is bijvoorbeeld ook afhankelijk van de inhoud en vormgeving van het contract. Ook de onderhandelingspositie bij het vormgeven van de contracten en de mate van verantwoordelijkheid die de overheid wenst te dragen zijn relevant. Per geval zullen die afwegingen moeten worden gemaakt.


mr. S. Pereth
mr. S. (Sven) Pereth is wetgevingsjurist bij de Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken van het ministerie van Infrastructuur en Milieu.
Toont 1 - 20 van 89 gevonden teksten
« 1 3 4 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.