Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 3004 artikelen

x
Actualiteiten rechtspraak

NTS 2020/100

HR 19 mei 2020, 18/04881, ECLI:NL:HR:2020:895

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 4 2020

    Eind 2019 wees de Hoge Raad twee arresten in zaken waarin de Mr. Big-methode is ingezet om bewijsmateriaal, in de zin van een bekennende verklaring van de verdachte, te vergaren. In beide zaken is de inzet van deze methode gebaseerd op artikel 126j Sv, het stelselmatig inwinnen van informatie. Naar aanleiding van voornoemde arresten staat de auteur stil bij de verschijningsvormen van de bevoegdheid tot het stelselmatig inwinnen van informatie anno nu en de (juridische) bijzonderheden die daaraan verbonden zijn. Tevens pleit de auteur voor meer transparantie over de inzet van deze undercovermethode als een noodzakelijke voorwaarde voor een effectieve rechtmatigheids- en betrouwbaarheidstoets.


Mr. dr. S. (Sven) Brinkhoff
Mr. dr. S. Brinkhoff is als hoogleraar straf(proces)recht verbonden aan de Open Universiteit.

    Na bijna twintig jaar raadsheer in de Hoge Raad te zijn geweest is Van Schendel per 1 september 2020 met pensioen gegaan. Zijn afscheid wil NTS niet onopgemerkt voorbij laten gaan. In dit interview passeren achtereenvolgens de volgende onderwerpen de revue: civiel recht in het strafrecht, de vordering benadeelde partij, rechtsbescherming, de geen belang redenering, ambtshalve cassatie, de ‘billijke rechter’, de zichtbaarheid van de Hoge Raad in de trias politica en de levenslange gevangenisstraf.


Mr. D.J. (Douwe) Herbrink
Mr. D.J. Herbrink is wetenschappelijk medewerker bij de Hoge Raad en redactiesecretaris van dit tijdschrift.
Artikel

Waarover men niet kan spreken, daarover moet men zwijgen

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden zwijgrecht, bewijsrecht, prima facie-case, procespositie, nemo tenetur
Auteurs Mr. J.C. (Justus) Reisinger
SamenvattingAuteursinformatie

    In het straf(proces)recht is het zwijgrecht een fundamenteel recht voor de verdachte. De redenen om gebruik te maken van het zwijgrecht kunnen zeer divers en uiteenlopend zijn: van schuldige tot en met onschuldige, alle gradaties daartussen. Omdat de rechter normaliter niet weet wat de reden is, roept de auteur van het artikel op om niet langer gebruik te maken van het betrekken van het zwijgen van een verdachte in de bewijsvoering. Welbeschouwd is dat – bewijsrechtelijk gezien – ook helemaal niet nodig. Het voorkomt in elk geval (de schijn van) een afbreuk aan de wezenlijke belangen die aan het zwijgrecht ten grondslag liggen.


Mr. J.C. (Justus) Reisinger
Mr. J.C. Reisinger is advocaat bij Van Boom Advocaten.
Wetenschap

De concernenquête na SNS

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2020
Trefwoorden concernverhoudingen, rechtszekerheid, economische werkelijkheid, houders van (certificaten van) aandelen, Landis
Auteurs Mr. dr. R.P. Jager
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn Landis-beschikking uit 2005 heeft de Hoge Raad de concernenquête gesanctioneerd, zodat aandeel- of certificaathouders van een moedermaatschappij de Ondernemingskamer (mede) bevoegdelijk, ex art. 2:346 lid 1 onder b of c BW, kunnen verzoeken om een onderzoek bij een daaronder hangende dochtermaatschappij. Vijftien jaar later heeft hij opnieuw een beschikking gegeven over deze enquête, en wel in de SNS-zaak. Die beschikking wordt in dit artikel onder de loep genomen. Met de Landis-beschikking is onze cassatierechter weggedobberd van de rechtszekerheid. In zijn SNS-beschikking roeit de Hoge Raad daar weer naartoe. Niettemin heeft hij die bestemming, de rechtszekerheid, nog niet bereikt.


Mr. dr. R.P. Jager
Mr. dr. R.P. (Paul) Jager was als legal counsel verbonden aan Vereniging van Effectenbezitters (VEB). Hij is echter in die hoedanigheid niet op directe wijze betrokken geweest bij de procedure die heeft geleid tot de SNS-beschikking d.d. 3 april 2020. Thans is hij als senior beleidssecretaris ondernemingsrecht & corporate governance werkzaam bij VNO-NCW en MKB-Nederland.
Wetenschap

Het wetsvoorstel wettelijke bedenktijd beursvennootschappen onderzocht

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2020
Trefwoorden bedenktijd, openbaar bod, bestuurstaak, Aandeelhoudersrichtlijn, beursvennootschap
Auteurs Prof. mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    Eind 2019 is het wetsvoorstel over het inroepen van een bedenktijd door het bestuur van een beursvennootschap bij de Tweede Kamer ingediend. De voorgestelde wettelijke regeling behelst dat het bestuur op basis van het voorgestelde art. 2:114b BW de mogelijkheid heeft een bedenktijd van maximaal 250 dagen in te roepen. Hiermee krijgt het bestuur de tijd voor inventarisatie en weging van de belangen van de onderneming en de stakeholders als zich bepaalde omstandigheden voordoen. Daarnaast bevat het wetsvoorstel een codificerende aanvulling van de wettelijke omschrijving van de bestuurstaak in art. 2:129 lid 1 BW. In dit artikel onderzoekt de auteur dit voorstel.


Prof. mr. H. Koster
Prof. mr. H. (Harold) Koster is verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht (afdeling Ondernemingsrecht) van de Universiteit van Leiden als hoogleraar Ondernemingsrecht. Hij is tevens verbonden aan de Universiteit van Dubai.
Artikel

Het bewijs van excepties

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Bewijsrecht, Excepties, Formeel recht
Auteurs Mr. dr. W.H.B. (Wilma) Dreissen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt betoogd dat de stelling dat het bewijs van excepties een lagere bewijsdrempel niet juist is. De strafrechter geeft een oordeel over het bewijs van het tenlastegelegde én over de strafbaarheid van feit en dader. Voor elk van die oordelen geldt de eis dat de feiten buiten redelijke twijfel moeten vaststaan. Er is in die zin geen onderscheid tussen de eerste vraag zoals genoemd in artikel 350 Sv en de tweede en derde vraag die in die bepaling genoemd worden. Wel wijkt de wijze waarop de rechter tot zijn oordeel over de strafbaarheid komt af van de wijze waarop hij meestal tot het bewijsoordeel komt.


Mr. dr. W.H.B. (Wilma) Dreissen
Wilma Dreissen is universitair hoofddocent straf- en strafprocesrecht aan de Open Universiteit.
Artikel

(On)geschreven excepties

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Excepties, Codificatie, Strafuitsluitingsgrond, Kwalificatie-uitsluitingsgrond, Ontbreken van materiële wederrechtelijkheid
Auteurs Mr. S.R. (Sven) Bakker
SamenvattingAuteursinformatie

    Naast de geschreven algemene en bijzondere strafuitsluitingsgronden en de ongeschreven algemene strafuitsluitingsgronden ontbreken van materiële wederrechtelijkheid en afwezigheid van alle schuld, zijn in de jurisprudentie ook verschillende ongeschreven contextgebonden excepties aanvaard, bijvoorbeeld de medische exceptie, de kunstexceptie en de sport- en spelexceptie. In deze bijdrage wordt ingegaan op de vraag of c.q. in hoeverre er aanleiding bestaat dergelijke ongeschreven excepties in de wet te verankeren.


Mr. S.R. (Sven) Bakker
Sven Bakker is als docent en onderzoeker verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden en verricht promotieonderzoek naar contextgebonden excepties in het Nederlandse strafrecht. Tevens is hij redactiesecretaris van dit tijdschrift.
Artikel

Access_open Samenwerkingsverbanden en de strafrechtspleging

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 5 2020
Trefwoorden samenwerkingsverbanden, verdedigingsrechten, nemo tenetur-beginsel, onrechtmatig bewijs, convenanten
Auteurs Prof. mr. M.J.J.P. Luchtman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het wetsvoorstel ‘Gegevensuitwisseling in samenwerkingsverbanden’ beoogt kaders te bieden voor de multilaterale samenwerking tussen strafrechtelijke, bestuursrechtelijke en privaatrechtelijke actoren ter bestrijding van ongewenste maatschappelijke fenomenen, waaronder de bestrijding van fraude. Het voorstel richt zich uitsluitend op de normering van de gegevensverwerking die onder de vlag van die samenwerkingsverbanden plaatsvindt. In dit artikel wordt betoogd dat die benadering te beperkt is. Dat wordt geïllustreerd met een analyse van de mogelijke gevolgen van het voorstel voor de verdedigingsrechten en het bewijsrecht, in het bijzonder het leerstuk van het onrechtmatig verkregen bewijs.


Prof. mr. M.J.J.P. Luchtman
Prof. mr. M.J.J.P. Luchtman is hoogleraar Transnationale rechtshandhaving en fundamentele rechten aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open Moet de strafrechter ook de scheidsrechter zijn van het publieke debat?

De scheiding der machten in het licht van de vrijheid van meningsuiting voor volksvertegenwoordigers

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Freedom of speech, Separation of powers, Criminal law, Hate speech, Legal certainty
Auteurs Jip Stam
SamenvattingAuteursinformatie

    This article contains a critical review of the provisions in the Dutch penal code regarding group defamation and hate speech. It is argued that not only these provisions themselves but also their application by the Dutch supreme court, constitutes a problem for the legitimacy and functioning of representative democracy. This is due to the tendency of the supreme court to employ special constraints for offensive, hateful or discriminatory speech by politicians. Because such a special constraint is not provided or even implied by the legislator, the jurisprudence of the supreme court is likely to end up in judicial overreach and therefore constitutes a potential – if not actual – breach in the separation of powers. In order to forestall these consequences, the protection of particularly political speech should be improved, primarily by a revision of the articles 137c and 137d of the Dutch penal code or the extension of parliamentary immunity.


Jip Stam
Jip Stam is onderzoeker en docent bij de afdeling Encyclopedie van de rechtswetenschap aan de Leidse rechtenfaculteit.

    Een rechtsstaat is gebaseerd op zelfbinding van de overheid aan het recht. Deze zelfbinding moet verankerd zijn in regels die onder meer de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht vastleggen. De ontwikkelingen in Polen en elders tonen echter aan dat juridische regels van zelfbinding geen blokkades maar verkeersdrempels zijn op de weg naar despotisch bestuur. Een rechtsstaat vereist vooral een cultuur van zelfbinding. De conceptualisering van deze rechtsstaatcultuur staat nog in de kinderschoenen.


Ronald Janse
Ronald Janse is hoogleraar Encyclopedie van de rechtswetenschap aan de Open Universiteit.
Artikel

Proosten met champagne, heel m’n libi is nu duur

Opzichtige consumptie in Nederlandse rap

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2020
Trefwoorden opzichtige consumptie, hiphop, rap, straatcultuur, uitsluiting
Auteurs Robbert Goverts MSc en Dr. Robert Roks
SamenvattingAuteursinformatie

    This article examines expressions of conspicuous consumption on 19 recent releases by the most popular Dutch rap artists of 2018. In line with Veblen’s (1899/2017) notion of conspicuous consumption, our content analysis of these rap lyrics shows that Dutch rappers ‘spend’ their money on all kinds of ostentatious and eye-catching luxury goods such as designer clothing and jewelry (‘drip’), cars or holidays, but also that rappers ‘stack’ some of the money they earn by putting it aside. Our results indicate that these expressions of conspicuous consumption seem to be rooted in, and fueled by, experiences with poverty, stigmatization, and discrimination.


Robbert Goverts MSc
Robbert A. Goverts is als socioloog en criminoloog werkzaam bij de Department of Public Administration and Sociology aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Dr. Robert Roks
Dr. Robert A. Roks (RA) is als universitair docent verbonden aan de sectie Criminologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Essay

Hebzucht

Over de normalisering van een exces

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Greed, Profit, Trade, Interest
Auteurs Dr. Jeroen Linssen
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the ways in which philosophers have thought about greed are discussed. From antiquity until the Renaissance greed was considered to be a sin. This immoderate desire had to be stopped because it constitutes a threat to the wellbeing of both an individual and society as a whole. This changed since the beginning of the modern era, when a more positive attitude towards this excessive desire arose. The new opinion was: private vices lead to public benefits, and thus the normalization of an excess came about. Greed no longer was considered to be a sin or vice, but instead to be a harmless passion that had a good effect on the welfare of society. The financial crisis of 2008 may have induced some doubts concerning the idea that greed is good, but a real change in opinion has not yet occurred.


Dr. Jeroen Linssen
Dr. J.A.A. Linssen (Jeroen) is directeur onderwijs aan de Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen, en Universitair hoofddocent Praktische filosofie aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

De nationale contactpunten voor de OESO-Richtlijnen

Een uniek systeem voor alternatieve geschillenbeslechting

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2 2020
Trefwoorden OESO, nationaal contactpunt, multinationale onderneming, maatschappelijk verantwoord ondernemen, due diligence
Auteurs Marianne Gratia en Cyril Liance
SamenvattingAuteursinformatie

    In 1976 the OECD Guidelines for Multinational Enterprises, about corporate social responsibility and sustainability, were carried. To implement the guidelines national contact points inform people and enterprises, and mediate in case of a complaint. This article describes the structure, procedure and role of the Dutch and Belgian National Contact Points.


Marianne Gratia
Marianne Gratia is werkzaam bij de Federale Overheidsdienst Economie in Brussel.

Cyril Liance
Cyril Liance is werkzaam bij de Federale Overheidsdienst Economie in Brussel.
Artikel

Welzijn, primaire levensbehoeften en delinquentie bij adolescenten

Etiologische assumpties van het Good Lives Model getoetst

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden GLM, Rehabilitation, Juvenile delinquency, Life satisfaction, Youth
Auteurs Colinda Serie PhD, Prof. dr. Stefaan Pleysier, Prof. dr. Johan Put e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    A recent rehabilitation theory, the ‘Good Lives Model’ (GLM), states that interventions that work towards a higher well-being can reduce recidivism risk more sustainably by promising a happier, pro-social life, rather than just a less harmful one. Although the GLM theory appears promising, limited empirical research has examined its underlying assumptions, applicability and its effectiveness. Research into the GLM with youth is even more limited. Therefore, in the current study, we investigate the main etiological assumptions of the GLM in a large group of adolescents between 14 and 18 years old from the general population (N=5.776), by means of self-report survey data on well-being, primary human goods and delinquency. The results show that a lower subjective global well-being is related to delinquent behavior. Especially the primary human goods of relatedness and working towards a financially stable future appear to be important goals for interventions aimed at rehabilitation of juvenile offenders.


Colinda Serie PhD
C.M.B. Serie is PhD-onderzoeker aan de KU Leuven.

Prof. dr. Stefaan Pleysier
Prof. dr. S. Pleysier is hoofddocent aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de KU Leuven en coördinator van de Onderzoekslijn Jeugdcriminologie en Jeugdrecht aan het Leuvens Instituut voor Criminologie (LINC).

Prof. dr. Johan Put
Prof. dr. J. Put is gewoon hoogleraar jeugd- en welzijnsrecht aan de KU Leuven.

Prof. dr. Corine de Ruiter
Prof. dr. C. de Ruiter is als hoogleraar Forensische Psychologie, verbonden aan de Universiteit Maastricht.
Redactioneel

Access_open Hedendaagse jeugdcriminaliteit: nieuwe vragen en enkele antwoorden na een historische daling

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Auteurs Dr. André van der Laan, Prof. dr. Stefaan Pleysier en Prof. dr. Frank Weerman
Auteursinformatie

Dr. André van der Laan
Dr. A.M. van der Laan is senioronderzoeker bij het Wetenschappelijk Onderzoek en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid in Den Haag.

Prof. dr. Stefaan Pleysier
Prof. dr. S. Pleysier is hoofddocent aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de KU Leuven en coördinator van de Onderzoekslijn Jeugdcriminologie en Jeugdrecht aan het Leuvens Instituut voor Criminologie (LINC).

Prof. dr. Frank Weerman
Prof. dr. F.M. Weerman is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) in Amsterdam en bijzonder hoogleraar Jeugdcriminologie bij de sectie Criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Online jeugdcriminaliteit en ‘verkeerde vrienden’: wanneer is de samenhang het sterkst?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden cyber delinquency, cyber offenders, peer deviance, social network
Auteurs Yaloe van der Toolen MSc, Dr. Marleen Weulen Kranenbarg en Prof. dr. Frank Weerman
SamenvattingAuteursinformatie

    This article investigates whether cyber delinquent behaviour of school friends, other offline friends and online contacts is related to cyber delinquent behaviour of individuals, and whether this relation differs for cyber dependent, cyber enabled and traditional crime. We used both direct and indirect measures of cyber delinquency of friends. We employed data from the first wave of a large-scale study on the causes of online delinquency among Dutch juveniles (n=889; mean age=16.8 years). The results suggest that both direct and indirect measures of levels of friend delinquency were related to levels of individual cyber offending. However, indirect measures had a stronger association with individual online delinquency than direct measures. This suggests that respondents make incorrect estimates of their friends’ levels of online delinquency. Moreover, no differences were found in the strength of the relation between individual online offending and indirect measures of online offending of school friends, offline friends and online friends. This suggests that friends of different types all play an important role in individual online offending.


Yaloe van der Toolen MSc
Y. van der Toolen MSc is junior onderzoeker bij de sectie Criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam en junior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) in Amsterdam.

Dr. Marleen Weulen Kranenbarg
Dr. M. Weulen Kranenbarg is universitair docent Criminologie bij de sectie Criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Prof. dr. Frank Weerman
Prof. dr. F.M. Weerman is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) in Amsterdam en bijzonder hoogleraar Jeugdcriminologie bij de sectie Criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Kroniek

‘Partners in crime’? De rol van de antropologie in de criminologie

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden criminal anthropology, Criminology, anthropology
Auteurs Dr. Brenda Oude Breuil
SamenvattingAuteursinformatie

    Criminology, as an inherently interdisciplinary field, has built on anthropology (and other social sciences) in its development. This contribution addresses the question which insights in criminology have most been inspired by anthropology. First, it looks into the ‘criminal anthropology’ of Lombroso; then it embarks on an appreciation of the ethnographic research design within criminology (as first adopted by the Chicago School); and, finally, it assesses the link between anthropology, and cultural and global criminology. I conclude that anthropology has been valuable to our discipline on four levels: methodologically (in the importance of the ethnographic research design), theoretically (in its role in the development of symbolic interactionism and structuralism, for example), geographically (in the global scope of anthropological research), and analytically, in its experience with ‘doing ethnography’ in economically, politically and culturally embedded ways.


Dr. Brenda Oude Breuil
Dr. B.C.M. Oude Breuil is universitair docent Criminologie aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen in Utrecht.
Artikel

Jonge veelplegers en hun worsteling om te stoppen met criminaliteit

Een vierfasenmodel

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden desistance, young repeat offenders, maturation, longitudinal study
Auteurs Prof. dr. Ido Weijers
SamenvattingAuteursinformatie

    This article presents findings from a longitudinal study of 81 young recidivists examined over fifteen years. By the age of 25, 50 percent had desisted for at least three years. 60 percent had had no new police contacts during the last two years. Four stages could be distinguished in the desistance process. Apart from a small number of explicit persisters, all of the young adults did consciously consider whether the benefits of their criminal activities outweighed the disadvantages. With just a few exceptions, the decision to quit was not motivated by an altruistic goal, nor by extreme fear, but mainly motivated by the feeling of being too old for criminal life and by striving for a pleasant self-esteem. It is concluded that when young adult recidivists give up crime, this must be seen as an extreme and extremely late form of maturation.


Prof. dr. Ido Weijers
Prof. dr. I. Weijers is emeritus hoogleraar jeugdstrafrecht en jeugdbescherming aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

De maatschappelijke onderneming en haar (nieuwe) juridische jas

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2020
Trefwoorden BVm, sociale onderneming, stakeholder, transparant, kapitaalklem
Auteurs Mr. M.J.L.A.M. Zillikens-Loos, Mr. Q.M.J.A. Crul en Mr. T.A. Schriemer
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Ministerie van EZK heeft onderzoek laten doen naar de maatschappelijke onderneming. Auteurs bespreken naar aanleiding daarvan de huidige toepassings- en herkenningsmogelijkheden van de maatschappelijke onderneming met een blik op het verwachte wetsvoorstel voor de BVm.


Mr. M.J.L.A.M. Zillikens-Loos
Mr. M.J.L.A.M. Zillikens-Loos is kandidaat-notaris bij Pels Rijcken te Den Haag.

Mr. Q.M.J.A. Crul
Mr. Q.M.J.A. Crul is kandidaat-notaris bij Pels Rijcken te Den Haag.

Mr. T.A. Schriemer
Mr. T.A. Schriemer is kandidaat-notaris bij Pels Rijcken te Den Haag.
Toont 1 - 20 van 3004 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.