Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 1255 artikelen

x
Artikel

Het managen van communicatiefouten in verdachtenverhoren en crisisonderhandelingen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Verdachtenverhoor, Crisisonderhandeling, Communicatiefout, Herstelstrategie, Verdachtenverhoor
Auteurs Dr. Miriam Oostinga
SamenvattingAuteursinformatie

    A vast amount of research focuses on what should be said and done in suspect interviews and crisis negotiations to make the suspect cooperate. This article discusses the most important findings of five empirical studies that focus on the situation in which something wrong is said, which may undermine cooperation. The findings show that communication errors have both positive and negative effects on the suspect and law enforcement officer. Yet, it is the verbal response of the law enforcement officer that determines its overall direction. It is important to acquire knowledge on this topic, as there is a likely chance of making communication errors in these high-stake interactions and with these insights you can prepare yourself for when this situation occurs.


Dr. Miriam Oostinga
Dr. M.S.D. Oostinga is onderzoeker en adviseur Veiligheid bij Twynstra Gudde.
Artikel

Neurogeheugendetectietests in de Nederlandse strafrechtspleging: hoop of huiver?

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2019
Trefwoorden neurogeheugendetectie, Opsporingsmethode, Zwijgrecht, Neurotests, brain-imaging, neurolaw, concealed information
Auteurs Mr. Naomi van Burgsteden
SamenvattingAuteursinformatie

    Neuroscience teaches us that we can obtain information about the brain by the use of neuro tests. An example of a neuro test is the concealed information test (CIT). This test examines whether a suspect recognizes specific details of a criminal offence. Afterwards experts can conclude whether the suspect has knowledge of a criminal offence, which only a perpetrator can know. This way a CIT contributes by the detection and adjudication of criminal offences. In recent decades, the interest in neuro tests such as the CIT has increased, also at the Ministry of Justice and Security. Based on the existing literature, both advantages and disadvantages of the CIT are discussed in this article.


Mr. Naomi van Burgsteden
Mr. Naomi van Burgsteden is juridisch medewerker bij Stichting Rechtswinkel Utrechtse Heuvelrug.
Peer reviewed

Access_open Knokkers en vrije jongens

Het criminele verleden van het Nederlandse kickboksen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Kickboksen, Verknoping criminaliteit, Penoze
Auteurs Dr. Frank van Gemert
SamenvattingAuteursinformatie

    In the early years of kickboxing in the Netherlands, a number of fighters got involved in criminal activities. Literature typically focusses on social learning, but as the inner city of Amsterdam in the eighties provides a specific setting, this article particularly describes a historical process. In the qualitative data from interviews, observations, and various documents, three questions: Who were these kickboxers? Where did they enter the criminal circles? Why did they go along with what happened there? It turns out, successful fighters easily came in contact with people from the underground, as they met in the gyms and in the night life where many fighters worked as bouncers. In a friendly atmosphere, the risks of seduction were hard to recognize for inexperienced fighters.


Dr. Frank van Gemert
Dr. F.H.M. van Gemert is criminoloog en werkt bij de Vrije Universiteit in Amsterdam.
Artikel

Access_open Broken rules, ruined lives

Een verkenning van de normativiteit van de onrechtservaring

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering Pre-publications 2019
Trefwoorden onrecht, slachtofferrechten, Benjamin, Shklar
Auteurs Nanda Oudejans en Antony Pemberton
SamenvattingAuteursinformatie

    Hoewel de rechtspositie van slachtoffers de afgelopen decennia verstevigd lijkt, blijft de relatie tussen slachtoffer en strafrecht ongemakkelijk. Rechtswetenschappers tonen zich bezorgd dat de toenemende aandacht voor de belangen van slachtoffers uitmondt in ‘geïnstitutionaliseerde wreedheid.’ Deze zorg wordt echter gevoed door een verkeerd begrip van slachtofferschap en heeft slecht begrepen wat het slachtoffer nu eigenlijk van het recht verlangt. Deze bijdrage probeert de vraag van het slachtoffer aan het recht tot begrip te brengen. Wij zullen de onrechtservaring van het slachtoffer conceptualiseren als een ontologisch alleen en verlaten zijn van het slachtoffer. Het aanknopingspunt om de relatie tussen slachtoffer en recht opnieuw te denken zoeken wij in deze verlatenheid. De kern van het betoog is dat het slachtoffer (mede) in het recht beschutting zoekt tegen deze verlatenheid, maar ook altijd onvermijdelijk tegen de grenzen van het recht aanloopt. Van een rechtssysteem dat zich volledig uitlevert aan de noden van slachtoffers kan dan ook geen sprake zijn. Integendeel, het recht moet zijn belang voor slachtoffers deels zien in de onderkenning van zijn eigen beperkingen om onrecht te keren, in plaats van de onrechtservaring van het slachtoffer weg te moffelen, te koloniseren of ridiculiseren.


Nanda Oudejans
Nanda Oudejans is universitair docent rechtsfilosofie aan de Universiteit Utrecht

Antony Pemberton
Antony Pemberton is hoogleraar victimologie aan Tilburg University.
Artikel

Access_open De wettelijke bedenktijd: ter achtergrond

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden wettelijke bedenktijd, responstijd, agenderingsrecht, openbaar bod, corporate governance
Auteurs A. Duldar en Prof. mr. E.C.H.J. Lokin
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs de achtergrond van het wetsvoorstel voor de invoering van een wettelijke bedenktijd. Na een korte schets van de afwijzende houding van de minister tien jaar geleden en de recente ontwikkelingen die alsnog hebben geleid tot het wetsvoorstel, benoemen de auteurs de meest prangende vragen die het wetsvoorstel oproept. Dit ter introductie van de andere bijdragen over de wettelijke bedenktijd.


A. Duldar
A. Duldar is masterstudent Recht & Onderneming aan de Universiteit Utrecht. Hij schrijft zijn scriptie over de wettelijke bedenktijd.

Prof. mr. E.C.H.J. Lokin
Prof. mr. E.C.H.J. Lokin is hoogleraar Ondernemingsrecht aan de Universiteit Utrecht, advocaat bij Stibbe te Amsterdam en hoofdredacteur van MvO.
Artikel

De voorgestelde wettelijke bedenktijd: een (on)gerechtvaardigde belemmering?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden voorontwerp wettelijke bedenktijd, Europeesrechtelijke toetsing, wettelijke bedenktijd
Auteurs Mr. R. Traas
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage beschouwt de mogelijke strijdigheid van de voorgestelde wettelijke bedenktijd met het vrij verkeer van kapitaal en de vrijheid van vestiging. Meer specifiek wordt de door de minister aangedragen rechtvaardiging voor een eventuele belemmerende werking van wettelijke bedenktijd op deze beginselen aan Europees recht getoetst.


Mr. R. Traas
Mr. R. Traas is advocaat bij Clifford Chance te Amsterdam.
Jurisprudentie

Artikel 4:36 BW en werkzaamheden verricht voor een bv

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden artikel 4:36 BW, salaire différé, uitgesteld loon, andere wettelijke rechten, vennootschap
Auteurs Mr. drs. M.R. Beuker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage gaat de auteur in op een aantal aspecten van artikel 4:36 BW. Dit wordt gedaan aan de hand van een arrest van het Gerechtshof Amsterdam dat gewezen is op 12 februari 2019. Daarin kwam de vraag aan de orde of ook recht op een som ineens bestaat indien werkzaamheden zijn verricht voor een bv waarin de erflater gerechtigd was. De auteur analyseert de toepasselijkheid van artikel 4:36 BW bij werk dat verricht is voor kapitaalvennootschappen of personenvennootschappen. Ook wordt stilgestaan bij de rol van de verrichte werkzaamheden en de wenselijkheid van de huidige regeling. De conclusie luidt dat onvoldoende grond bestaat voor onderscheid tussen werkzaamheden die zijn verricht voor een kapitaalvennootschap dan wel voor de erflater zelf. Besloten wordt daarom met een oproep om de wet op dit punt aan te passen.


Mr. drs. M.R. Beuker
Mr. drs. M.R. Beuker is als NWO-promovendus verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Artikel

Wat kunnen België en Nederland van elkaar leren over zakelijke bemiddeling?

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Zakelijke mediation, Advocaten, Rechters, bedrijven, België
Auteurs Theo De Beir en Willem Meuwissen
SamenvattingAuteursinformatie

    This article discusses the Belgian perspective on the Dutch ‘ZAM/ACB research on possibilities and impediments for commercial mediation’ which was undertaken by the Montaigne Centre of the University of Utrecht. In Belgium bMediation, the Federal Mediation Committee and the Ghent University periodically monitor the practice of mediation in Belgium with the instrument of the 'Bemiddelingsbarometer'. It turns out that parties and their advisers in both Belgium and the Netherlands still prefer a traditional judicial approach instead of mediation, mostly because of a lack of information.


Theo De Beir
Theo De Beir is erkend bemiddelaar in burgerlijke, handels- en sociale zaken, advocaat, docent en managing partner van Agrementor Brussels.

Willem Meuwissen
Willem Meuwissen is erkend bemiddelaar in burgerlijke, handels- en sociale zaken, advocaat, docent en managing partner van Agrementor Antwerp.

    This research aims to contribute to the development of an adequate handling of the complex, conflictual family situation that occurs during a parental abduction. The following research question is answered: to what extent can the methods of conflict resolution – in the Belgian context – be optimized so that the interests of the child are guaranteed, in the light of the theoretical insights provided by Glasl’s conflict theory? Attention is paid to the limited effectiveness of legal procedures on the one hand and the mediation on the other. The method of de-escalation, developed by Glasl, offers a useful diagnostic tool for the conflict counsellor. In addition, the metaphor of the ladder he uses is extremely valuable as a tool for gaining insight into the mechanisms of conflict-escalation. A clear theoretical framework for the judiciary in the interpretation of an escalated conflict can lead to a better understanding of the possibilities and limits of cooperation between ex-partners, which benefits the best interests of the child.


Elise Blondeel
Elise Blondeel is doctoraatsstudent aan de Universiteit Gent in het domein van Strafrecht en Kinderrechten. Master in de Criminologie en gestart aan een doctoraat in de Rechten op 1 oktober 2018. Het doctoraat handelt over de wisselwerking tussen burgerlijk recht en strafrecht in zaken van internationale parentale ontvoering. Het doctoraat vindt plaats onder de supervisie van Prof. Dr. Wendy De Bondt.
Artikel

De implementatie van de herziene Aandeelhoudersrichtlijn – de eindsprint is ingezet

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2019
Trefwoorden aandeelhoudersrechten, beloningsbeleid, transparantie, langetermijnbetrokkenheid, corporate governance
Auteurs Mr. T.C.A. Dijkhuizen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat het door de wetgever gepubliceerde wetsvoorstel ter implementatie van de herziene Aandeelhoudersrichtlijn centraal. De auteur behandelt in zijn bijdrage het wetsvoorstel, plaatst enkele kanttekeningen hierbij en besteedt ook aandacht aan enige amendementen die zijn aangenomen door de Tweede Kamer en het wetsvoorstel hebben gewijzigd.


Mr. T.C.A. Dijkhuizen
Mr. T.C.A. Dijkhuizen is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam en als promovendus verbonden aan de afdeling Ondernemingsrecht en het Hazelhoff Centre for Financial Law van de Universiteit Leiden.
Article

Access_open Autonomy in old age

Tijdschrift Family & Law, mei 2019
Auteurs prof. dr. Tineke Abma en dr. Elena Bendien
SamenvattingAuteursinformatie

    Background: In many European countries caring responsibilities are being reallocated to the older people themselves to keep the welfare state affordable. This policy is often legitimized with reference to the ethical principle of autonomy. Older people are expected to be autonomous, have freedom to make their own decisions, and be self-reliant and self-sufficient as long as possible.
    Aim: The purpose of this article is to explore whether and how older people can remain autonomous in order to continue living their lives in accordance with their own values in the context of declining professional caring facilities and shrinking social networks, and which concepts of autonomy can guide professionals and other involved parties in facilitating the choices of older people.
    Method: An empirical-ethical approach is used to interpret the moral values enacted in the caring practice for older people. Two cases are presented. One is the narrative of a woman who lives by herself; she has been hospitalized after a fall and hip fracture, but does not want to be operatied. The second is the narrative of man living in a residential home; he wants to be actively involved, doing good deeds like he always did as a Scout. The cases are evaluated with the help of two concepts of autonomy: autonomy as self-determination and relational autonomy.
    Results: In both cases the enactment of autonomy remains problematic. In the case of the woman there was not enough care at home to live up to her own values. After she was admitted to a hospital her wish not to be operated was questioned but ultimately honoured due to compassionate interference by close relatives and her oncologist. In the second case there was not enough space for the man to lead his life in the way he always had; his plans for improving the social environment in the care home were torpedoed by management and ultimately the man decided to step back.
    Conclusion: In order to do justice to the complexity of each empirical case that involves autonomy of an older person more than one concept of autonomy needs to be applied. Relying on self-determination or relational autonomy exclusively will give professionals and all involved parties a restricted view on the situation, where the wishes of older people are at stake. In both cases autonomy was overruled by system procedures and stereotypical ideas about old people as being weak and not able to make their own decisions. Both cases show, however, that older people - even if they are physically and mentally frail - long to remain morally responsible for the direction their lives are taking, in accordance with their own values. They communicate their wish to determine their own future and at the same time they are interdependent on others to realize their (relational) autonomy and require support in their attempt to maintain their identity. This conclusion has implications for the normative behaviour of the professionals who are involved in care and treatment of older people.
    ---
    Achtergrond: In veel landen wordt de verantwoordelijkheid voor de zorg voor ouderen naar de ouderen zelf verplaatst, dit teneinde de welvaartstaat betaalbaar te houden. Dit beleid wordt veelal gelegitimeerd met referentie naar het ethische principe van autonomie. Oudere mensen worden geacht autonoom te zijn, vrij te zijn om hun eigen beslissingen te nemen, en om zo lang mogelijk zelfredzaam te blijven.
    Doel: Het doel van dit artikel is om te onderzoeken of en hoe oudere mensen autonoom kunnen blijven teneinde hun leven in overeenstemming met hun eigen waarden te kunnen voortzetten in de context van teruglopende professionele zorgactiviteiten en krimpende sociale netwerken, en welke concepten van autonomie zorgprofessionals en andere betrokken partijen kunnen helpen bij het faciliteren van de keuzes door ouderen.
    Methode: Een empirisch-ethische benadering wordt gebuikt om de morele waarden in de zorgpraktijk voor ouderen te interpreteren. Twee casussen worden gepresenteerd. De eerste is het verhaal van een vrouw die op zichzelf woont. Ze is na een val waarbij haar heup is gebroken, in een ziekenhuis opgenomen, maar ze wil niet geopereerd worden. De tweede is het verhaal van een man die in een verzorgingshuis woont. Hij wil actief betrokken worden en goede dingen doen zoals hij die altijd heeft gedaan toen hij padvinder was. Beide verhalen worden met behulp van twee concepten van autonomie geëvalueerd: autonomie als zelfbeschikking en relationele autonomie.
    Resultaat: In beide casussen blijft de verwezenlijking van autonomie problematisch. In het geval van de vrouw was er thuis onvoldoende zorg om volgens haar waarden te kunnen leven. Toen zij in het ziekenhuis was opgenomen werd haar wens om niet te worden geopereerd tegen gehouden, maar uiteindelijk ingewilligd als gevolg van bemoeienis uit hoofde van barmhartigheid door directe verwanten en haar oncoloog. In het tweede geval was er voor de man onvoldoende ruimte om zijn leven te leiden op de manier zoals hij dat altijd had gedaan. Zijn plannen om de sociale omgeving in het verzorgingshuis te verbeteren werden door het management getorpedeerd en uiteindelijk heeft hij zich ervan teruggetrokken.
    Conclusie: Teneinde recht te doen aan de complexiteit van beide casussen die betrekking hebben op de autonomie van een oudere, dient meer dan één concept voor autonomie te worden ingezet. Het vertrouwen in zelfbeschikking of relationele autonomie alleen zal aan de professionals en alle andere betrokken partijen een beperkt zicht geven van de situatie wanneer het de wensen van ouderen betreft. In beide gevallen werd de autonomie ter zijde geschoven door protocollen en stereotypische ideeën over ouderen als kwetsbare personen die niet in staat zouden zijn om zelf hun beslissingen te nemen. Echter tonen beide voorbeelden aan dat ouderen, zelfs als ze fysiek en mentaal kwetsbaar zijn, de wens hebben om moreel verantwoordelijk te blijven voor de richting die hun leven zal nemen, in overeenstemming met hun eigen waarden. Zij geven de wens aan om hun eigen toekomst te bepalen en tegelijkertijd zijn ze onderling afhankelijk van anderen om hun (relationele) autonomie te verwezenlijken, én hebben ze behoefte aan steun bij hun poging om hun identiteit te behouden. Deze conclusie heeft gevolgen voor het normatieve handelen van professionals die bij de zorg en behandeling van ouderen betrokken zijn.


prof. dr. Tineke Abma
Professor dr. Tineke A. Abma is a full professor of Participation and Diversity at the Department of Medical Humanities of Amsterdam UMC, location VUmc.

dr. Elena Bendien
Dr. Elena Bendien is a social gerontologist and a senior researcher at the Department of Medical Humanities of Amsterdam UMC, location VUmc.
Artikel

De orthodoxe kerken en de mensenrechten in de 21ste eeuw

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Theologie, mensenrechten, menselijke waardigheid, oosters christendom
Auteurs Prof. dr. Alfons Brüning
SamenvattingAuteursinformatie

    The article examines and explains the relation of current Eastern Orthodox Theology to the concept of Human Rights. Putting the controversies into a larger historical and theological context, it seeks to highlight the conditions of a variety of Orthodox theological positions. Such positions, with their common features and strong differences, concern issues such as church and state, universalism or theological anthropology and human dignity. Considerations end with arguing, that much of the treasures of the Orthodox tradition still needs to be unearthed – to the benefit of Human Rights, and of all participants in current debates worldwide.


Prof. dr. Alfons Brüning
Prof. dr. A. Brüning werkt sinds 2007 als wetenschappelijk medewerker bij het Instituut voor Oosters Christendom (IvOC) aan de Radboud Universiteit Nijmegen. In 2012 werd hij benoemd tot bijzonder hoogleraar Orthodoxie, mensenrechten, vredesopbouw in Europa, onder andere aan de Protestantse Theologische Universiteit Amsterdam (PThU). Zwaartepunten van zijn onderzoek zijn de vroege moderne tijd in Oost-Europa (Polen, Litouwen, Oekraïne, Wit-Rusland, Rusland), religie in de Sovjet-Unie, religie en kerk in Oekraïne, orthodoxe theologie en mensenrechten.
Overwegende ...

De moeilijke opgave van tolerantie

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Nvt, Nvt, Nvt
Auteurs Dr. Marcel Maussen
Auteursinformatie

Dr. Marcel Maussen
Dr. M.J.M. Maussen is universitair hoofddocent bij de afdeling Politicologie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is als redacteur verbonden aan het Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid.
Artikel

Islamitische scholen dragen bij aan integratie

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden islamitische scholen, Integratie, bijzonder onderwijs, Schoolidentiteit
Auteurs Dr. Marietje Beemsterboer
SamenvattingAuteursinformatie

    Unlike the common expectations, Islamic primary schools can contribute to the integration of Muslims in the Dutch society. This article is a reflection of Dr Beemsterboer’s doctoral research and asks what this conclusion can say about other religion based primary schools.


Dr. Marietje Beemsterboer
Dr. M.M. Beemsterboer promoveerde in 2018 op het proefschrift Islamitische basisscholen in Nederland. Ze werkt als leerkracht in het basisonderwijs en is verbonden aan het Centre for the Study of Islam and Society van de Universiteit Leiden (LUCIS). m.m.beemsterboer@gmail.com
Artikel

Extremisme gezien vanuit de Dialogical Self Theory

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Extremism, zelf, Democratie, Dialog, Diversiteit
Auteurs Prof. dr. Frans Wijsen en em. prof. dr. Hubert Hermans
SamenvattingAuteursinformatie

    Extremism is a phenomenon that bothers various EU member states. It is difficult to define, and difficult to study. In this contribution we look at extremism from the perspective of the Dialogical Self Theory (DST). This theory is well-known in personality psychology. Recently is has got a development that could make it relevant for understanding, predicting and preventing extremism. The issue at stake is the relation between diversity, dialogue and democracy.


Prof. dr. Frans Wijsen
Prof. dr. F.J.S. Wijsen is hoogleraar Religie- en missiewetenschap, en decaan van de faculteit Theologie aan de Radboud Universiteit, Nijmegen. Hij redigeerde onder andere (met Kocku von Stuckrad) Making Religion. Theory and Practice of Discursive Study of Religion (Brill, 2016).

em. prof. dr. Hubert Hermans
Dr. H.J.M. Hermans is emeritus hoogleraar Psychologie aan de Radboud Universiteit, Nijmegen. Hij is de grondlegger van de Dialogical Self Theory en president van de International Society for Dialogical Science. Hij is auteur van Society in the Self: A theory of identity in democracy (Oxford University Press 2018). hhermans@psych.ru.nl
Artikel

Access_open Het boeddhisme en de ideale staat

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Aziatisch leiderschap, Koningschap, ideale staat in Azië
Auteurs Prof. dr. Paul van der Velde
SamenvattingAuteursinformatie

    Buddhism has very specific ideas about an idealized form of government in Asia. These ideas may be ancient but they very often play a part in the background of politics up to modernity. Even within republics where religious monarchy has long since disappeared, a certain supernatural foundation on the basis of which a government functions may still be present. Opposition to a government can often imply resistance to a world order that is actually of supranatural origin. This article focuses on historical dimensions of this phenomenon (the position of the Buddha, the origin of the monarchy and Emperor Ashoka), but also on modern forms (Sri Lanka, Thailand and Myanmar). Concerning Myanmar, the recent developments around the Rohingyas are placed in a cultural perspective.


Prof. dr. Paul van der Velde
Prof. dr. P.J.C.L. van der Velde is hoogleraar Aziatische religies aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Zijn belangrijkste onderzoeksterrein is het boeddhisme in de moderniteit en de transformaties die deze religie mondiaal doormaakt. Recente publicaties zijn onder meer: De oude Boeddha in een nieuwe wereld. Verkenningen in de Westerse Dharma. (2015); Sundarikatha, het verhaal van Sundari, schoonzus van de Boeddha. Sundarikatha, the story of Sundari, sister in law of the Buddha. A poem in Sanskrit (2016). Met Thomas Quartier osb schreef hij Zinzoekers. Dialogen over religie tussen oost en west (2018). p.vandervelde@ftr.ru.nl
Artikel

Christelijke identiteit als cultureel gegeven in Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden christendom, Warden, Cultuur, Macht
Auteurs Prof. dr. Matthias Smalbrugge
SamenvattingAuteursinformatie

    The Dutch approach of religious matters is still characterized by an approach that fits in the 19th century, not in the 21st. This approach considers religion as a private matter without taking into account the cultural dimension of religion. Such an approach is not keeping the pace of the development of religion in a post-secular world and it loses sight of the modern debate on religion elsewhere in Europe. In particular it tends to ignore the cultural value of Christianity by pointing at the deconfessionalization. The article focuses on the role the Christian narrative has in making visible the issue of power.


Prof. dr. Matthias Smalbrugge
Prof. dr. M.A. Smalbrugge is hoogleraar Europese cultuur en Christendom aan de faculteit Religie en Theologie van de VU. Zijn onderzoeksveld is begrippen als beeld, herinnering, autobiografie en de breukvlakken in de religieuze tradities van Europa. Hij publiceerde met name over Augustinus.
Artikel

De kerk als werkgever

De spanningsvolle relatie tussen kerkelijk recht en het arbeidsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Kerkgenootschap, Grondrechten, Gelijke behandeling, Tendenswerkgever, Ontslagrecht
Auteurs Wijnand Zondag
SamenvattingAuteursinformatie

    As a special employer, the church has an interest in shaping its own personnel policy in order to achieve the mission and objective. In part, the legislator has met this need. After all, various laws in the field of appointment, terms of employment and dismissal take account of the specific interests of the church as described before. The external border consists of fundamental human rights that are included in the ECHR and the European Directive on equal treatment. It is not always clear where the external border is exactly. The Dutch legislation regarding the battle of ‘church law’ and fundamental rights is not consistent. Moreover, there we notice a tension between national law and the European directive.


Wijnand Zondag
Dr. W. Zondag was van 2003 tot 2015 hoogleraar Arbeidsecht aan de Rijksuniversiteit Groningen. Sinds 2015 is hij voorganger in een kerkelijke gemeente. Daarnaast publiceert hij op het terrein van het snijvlak religie en recht en verricht hij onder andere promotieonderzoek aan de Theologische Universiteit Apeldoorn.
Artikel

‘Advocaten kunnen ook zelf getuigen horen’

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 4 2019
Auteurs Sabine Droogleever Fortuyn en Sjoerd van der Hucht
Auteursinformatie

Sabine Droogleever Fortuyn

Sjoerd van der Hucht
Beeld
Toont 1 - 20 van 1255 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.