Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 1285 artikelen

x

    Deze analyse bespreekt uitvoerig de argumenten van voor- en tegenstanders van het wetsvoorstel ter versoepeling van de Belgische abortuswetgeving (2019-…). Het fel bediscussieerde wetsvoorstel beoogt het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon uit te breiden en abortus te destigmatiseren. Door vrijwillige zwangerschapsafbreking als gezondheidszorg te kwalificeren geven de indieners van het wetsvoorstel tevens de voorkeur aan een gezondheidsrechtelijk traject op maat van de zwangere persoon als patiënt. De inkorting van de wachtperiode-en het schrappen van abortusspecifieke informatieverplichtingen geven in die zin blijk van vertrouwen in de zwangere persoon, in het kwalitatief handelen van de zorgverlener en in de waarborgen die het gezondheidsrecht reeds biedt. De wetgever dient met andere woorden uit te maken (1) welke regels hij in de context van abortus nodig acht, (2) of deze regels reeds worden gewaarborgd door de algemene gezondheidswetten- en deontologie, en (3) of de vooropgestelde regels hun doel bereiken. Een uitbreiding van het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon wordt tevens bewerkstelligd door de termijnuitbreiding van twaalf naar achttien weken voor abortus op verzoek. Een keuze voor een termijn is steeds in zekere mate willekeurig, doch reflecteert een beleidsethische keuze waarbij wordt gezocht naar een evenwicht tussen de bescherming van ongeboren leven en het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon. Praktische bekommernissen vormen hierbij geen fundamenteel bezwaar tegen een termijnuitbreiding maar dienen, in overleg met de betrokken sector, te worden geanticipeerd en maximaal te worden opgevangen door middel van organisatorische (niet-noodzakelijk juridische) initiatieven. Ten slotte beogen de indieners van het wetsvoorstel opheffing van alle strafsancties voor vrijwillige zwangerschapsafbreking. Op rechtstheoretisch vlak blijven echter vragen bestaan omtrent de manier waarop dit voorstel een volledige depenalisering doorvoert. Hoewel het tuchtrecht enige rol kan spelen bij gebrek aan strafsancties, creëert de vooropgestelde depenalisering van ongeoorloofde zwangerschapsafbreking door een arts een rechtsonzekere situatie.
    ---
    This analysis extensively discusses the arguments of supporters and opponents of the legislative proposal to relax the Belgian abortion legislation (2019-…). The heavily debated proposal primarily aims to expand the pregnant person’s right to self-determination and to destigmatise abortion. By qualifying consensual termination of pregnancy as health care, the supporters of the proposal also prioritise an individualised, health-oriented approach towards the pregnant person as patient. In the same vein, the diminished waiting period and the removal of abortion-specific information duties express trust in the pregnant person, in the qualitative conduct of the health care provider, and in the guarantees that the health law already provides. In other words, the legislator must determine 1) which regulations it deems necessary in the context of abortion, 2) whether these regulations are already guaranteed by general health laws and ethics, and 3) whether the proposed regulations achieve their intended purpose. An expansion of the pregnant person’s right to self-determination is also achieved by the extension from twelve to eighteen weeks as a limit for abortion on request. Although a time limit is always arbitrary to some extent, it mainly reflects a policy-ethical decision in which a balance is sought between the protection of unborn life and the pregnant person’s right to self-determination. Practical concerns do not establish a fundamental objection to the extension of such limit, but must, in consultation with the medical profession, be anticipated and dealt with as much as possible by means of organisational (not necessarily legal) initiatives. Finally, the proposal lifts all criminal sanctions currently applicable to consensual termination of pregnancy. On a legal-theoretical level, however, questions remain about the way in which the proposal implements full depenalisation. Although disciplinary law can play some role in the absence of criminal sanctions, the depenalisation of unlawful termination of pregnancy by a health care professional produces legal uncertainty.


F. De Meyer
Fien De Meyer doet doctoraatsonderzoek naar regelgeving inzake abortus aan de Universiteit van Antwerpen.

C. De Mulder
Charlotte De Mulder doet doctoraatsonderzoek naar het statuut van ongeboren leven aan de Universiteit van Antwerpen.
Artikel

De positie van de belanghebbende in het enquêterecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden enquêteprocedure, verzoekschriftprocedure, belanghebbenden, kring van belanghebbenden
Auteurs Mr. dr. C.E.J.M. Hanegraaf
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur gaat in deze bijdrage in op de kwesties wie in het enquêterecht als belanghebbenden kwalificeren en wat de bevoegdheden van belanghebbenden zijn. Tevens besteedt hij aandacht aan enkele ‘knelpunten’ in wetgeving en jurisprudentie. De auteur stelt onder meer de introductie van een ‘Leidraad Belanghebbenden’ voor.


Mr. dr. C.E.J.M. Hanegraaf
Mr. dr. C.E.J.M. Hanegraaf is advocaat ondernemingsrecht.

Mr. T. de Vette
Deze rubriek is samengesteld door mr. T. de Vette. De jurisprudentie is gepubliceerd op rechtspraak.nl tussen 22 maart 2021 en 15 juni 2021.
Artikel

Access_open Zes jaar later: met z’n allen verstrikt geraakt in het stelsel?!

Actuele ontwikkelingen op het gebied van de Jeugdwet en jeugdbescherming

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Jeugdwet, Stelsel, Corona, Klacht- en tuchtrecht, kinderbeschermingsmaatregelen
Auteurs Mr. E. Lam en Mr. I.J.M. Schepens
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel borduurt voort op de in 2014 en 2017 verschenen overzichtsartikelen over de twee belangrijke wetswijzigingen op het gebied van de jeugdbescherming en de jeugdzorg: de herziening van de kinderbeschermingsmaatregelen en de jeugdwet . De bedoeling van dit artikel is om een overall beeld te schetsen: een beeld dat duidelijk maakt hoe complex de ondersteuning aan kinderen en gezinnen is georganiseerd waarbij het recht op bescherming van de kinderen door de overheid ernstig onder druk staat. In het eerste deel van dit artikel wordt stilgestaan bij actuele ontwikkelingen stelselbreed. Vervolgens wordt stilgestaan bij de praktijk van de kinderbeschermingsmaatregelen. Achtereenvolgens komen aan de orde de evaluatie herziening kinderbeschermingsmaatregelen, het aantal kinderbeschermingsmaatregelen, de krapte bij de Gecertificeerde Instellingen (hierna: GI): wachtlijsten en de rechtspraak, corona en de invloed op jeugdbescherming, Perspectiefbesluit, Machtiging uithuisplaatsing en reikwijdte, Vaststelling omgangsregeling en Ineffectieve OTS. In het laatste deel van het artikel staan de bevindingen betreffende de Jeugdwet centraal. Daarbij wordt aandacht besteed aan onder meer de zogenaamde ‘drangtrajecten’, het woonplaatsbeginsel, de informatieplicht jegens de gezinsvoogd en het klacht- en tuchtrecht.


Mr. E. Lam
Mr. E. Lam is werkzaam bij &jeugd. &jeugd richt zich op juridische ondersteuning van organisaties en (jeugd)professionals. Zij maakt deel uit van de redactie van dit tijdschrift.

Mr. I.J.M. Schepens
Mr. I.J.M. Schepens is werkzaam bij &jeugd. &jeugd richt zich op juridische ondersteuning van organisaties en (jeugd)professionals. Zij maakt deel uit van de redactie van dit tijdschrift.
Artikel

De verplichting tot het aanbieden van excuses

Over hoe de medische tuchtrechtspraak inspiratie kan bieden voor de civiele rechtspraak

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2021
Trefwoorden excuses, verplichting, vordering, aansprakelijkheid, tuchtrecht
Auteurs Mr. dr. L.A.B.M. Wijntjens
SamenvattingAuteursinformatie

    Er is in de literatuur de afgelopen jaren veel aandacht geweest voor de rol van excuses in het civiele recht. Een vraag die hierbij aan bod komt, is in hoeverre en onder welke omstandigheden een juridische verplichting kan bestaan voor het aanbieden van excuses. Op basis van een jurisprudentieanalyse wordt in dit artikel inzichtelijk gemaakt hoe de medische tuchtprocedure en de civiele procedure invulling geven aan de verplichting tot het aanbieden van excuses. Hoewel de geconstateerde verschillen deels te verklaren zijn door te kijken naar de doelen van de procedures, wordt betoogd dat de civiele rechter inspiratie kan ontlenen aan de wijze waarop het medisch tuchtcollege hiermee omgaat.


Mr. dr. L.A.B.M. Wijntjens
Mr. dr. L.A.B.M. Wijntjens is universitair docent bij Tilburg Law School, Tilburg University. Zij promoveerde 11 september 2020 cum laude aan Tilburg University op haar proefschrift ‘Als ik nu sorry zeg, beken ik dan schuld?’ Over het aanbieden van excuses in de civiele procedure en de medische tuchtprocedure.

Mr. M.F. Murray
Mr. M.F. Murray is advocaat en vennoot bij Murray Attorneys at Law te Curaçao en lid van de redactie van het Caribisch Juristenblad.
Kroniek rechtspraak

Tussenkroniek rechtspraak strafrecht

Euthanasie op basis van een schriftelijke wilsverklaring

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden EuthanasieCode, RTE, dementie, Koffie-euthanasiezaak, gezondheidsrecht
Auteurs Prof. mr. P.A.M. Mevis en Mr. dr. L. Postma
SamenvattingAuteursinformatie

    In het onderstaande wordt de gang van zaken in de Koffie-euthanasiezaak betreffende euthanasie op basis van een schriftelijke wilsverklaring op een rij gezet. Enkele onderdelen daarvan worden van enig commentaar voorzien. Daarnaast wordt aandacht besteed aan de herziene versie van de EuthanasieCode 2018 en RTE-oordelen met betrekking tot euthanasie bij dementie op basis van een schriftelijke wilsverklaring uit de periode ná de beslissingen van de Hoge Raad van 21 april 2020. De conclusie is dat euthanasie op basis van een schriftelijke wilsverklaring van een eigen, op deze modaliteit toegesneden wettelijke regeling moet worden voorzien. Een voorstel daartoe is voorhanden.


Prof. mr. P.A.M. Mevis
Paul Mevis is hoogleraar strafrecht en strafprocesrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. dr. L. Postma
Liselotte Postma is universitair docent strafrecht en strafprocesrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Access_open Wat betekenen advocaten voor het gezondheidsrecht?

Confraternele bijdragen voor Willemien Kastelein en Jaap Sijmons

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2021
Auteurs Mr. A.C. De Die, Mr. dr. L.A.P. Arends, Mr. W.K. Bischot e.a.
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. A.C. De Die
Mieke de Die is advocaat bij Velink & De Die advocaten te Amsterdam.

Mr. dr. L.A.P. Arends
Luuk Arends is advocaat bij Dirkzwager te Nijmegen.

Mr. W.K. Bischot
Willemien Bischot is advocaat bij Van Doorne te Amsterdam.

Mr. drs. M.J.J. de Ridder
Michel de Ridder is advocaat bij KBS te Utrecht.

Mr. dr. W.I. Koelewijn
Wouter Koelewijn is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht.

Mr. dr. M.F. Vermaat
Matthijs Vermaat is advocaat bij Van der Woude De Graaf te Amsterdam.

Mr. T.A.M. van den Ende
Tessa van den Ende is advocaat bij Nysingh te Utrecht.
Kroniek rechtspraak

Kroniek rechtspraak mededingingsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden zorg, ACM, concentraties, Mededingingswet
Auteurs Mr. E. Belhadj en Mr. C.T. Dekker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek staan besluiten en andere handelingen van de Autoriteit Consument & Markt (ACM) voor wat betreft de toepassing van de Mededingingswet (Mw) in de zorgsector centraal. Daarnaast komt een uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) aan bod. Deze kroniek heeft betrekking op de periode 1 november 2018 tot en met 31 december 2020.


Mr. E. Belhadj
Ekram Belhadj is advocaat bij Nysingh te Utrecht.

Mr. C.T. Dekker
Cees Dekker is advocaat bij Nysingh te Utrecht.
Artikel

Migratie met een missie

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 5 2021
Auteurs Erik Jan Bolsius en Jean-Pierre Jans
Auteursinformatie

Erik Jan Bolsius

Jean-Pierre Jans
Beeld
Artikel

Access_open Het strafrecht in een aanbestedingsrechtelijk perspectief

De doorwerking van het strafrecht op overheidsopdrachten

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2021
Trefwoorden uitsluitingsgrond, uitsluiting, overheidsopdracht, aanbesteding, veroordeling
Auteurs Mr. T. Beukema
SamenvattingAuteursinformatie

    De rol van het inkoopproces van de overheid is aan het verschuiven. Maatschappelijke thema’s en het bereiken van (Europese) doelstellingen hebben een meer prominente rol gekregen. Met deze verschuiving is ook het integer handelen en de voorbeeldfunctie van de overheid steeds belangrijker geworden, mede gelet op het grote volume aan inkopen.
    Via het inkoopproces heeft de overheid de mogelijkheid om te sturen op integriteit en om invulling te geven aan haar voorbeeldfunctie. Welke handvatten het inkoopproces biedt en wat dit vervolgens inhoudt voor ondernemingen met een strafrechtelijk verleden, wordt in dit stuk nader uiteengezet.


Mr. T. Beukema
Mr. T. Beukema is senior juridisch beleidsadviseur Rijkswaterstaat Grote Projecten en Onderhoud.
Artikel

Samenloop van een tuchtrechtelijke en een strafrechtelijke procedure

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2021
Trefwoorden tuchtrecht, criminal charge, samenloop, nemo tenetur, medewerkingsplicht
Auteurs Mr. dr. R.L. Herregodts
SamenvattingAuteursinformatie

    Het komt voor dat over hetzelfde feitencomplex zowel een tuchtrechtelijke als een strafrechtelijke procedure wordt gevoerd. Volgens de jurisprudentie van het EHRM en de tuchtcolleges is dit niet in strijd met het ne bis in idem-beginsel. Toch is die samenloop niet zonder complicaties. Dit artikel gaat over een daarvan, namelijk de situatie dat de beroepsbeoefenaar zich, met het oog op een lopende of naderende strafrechtelijke procedure, niet vrij voelt om in de tuchtprocedure mondeling en schriftelijk te verklaren over de inhoud van de klacht.


Mr. dr. R.L. Herregodts
Mr. dr. R.L. Herregodts is universitair docent bij de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

En nu mét mensen met een beperking

De Participatiewet en het ‘VN-verdrag Handicap’ in de praktijk

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Participatiewet, VN-verdrag Handicap, inspraak, Inclusieve arbeidsmarkt
Auteurs Dr. mr. J.H. Bosselaar
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2015 werd de Participatiewet ingevoerd. Met de invoering van de wet werden onder meer de Wajong, de Wet werk en bijstand en de Wet sociale werkvoorziening samengevoegd tot één regeling. Het doel hiervan was om de arbeidsintegratie van werkzoekenden, in het bijzonder van werkzoekenden met een handicap, te stroomlijnen en te verbeteren. Ruim vier jaar na invoering lieten diverse effectevaluaties zien dat de centrale doelstelling van de wet niet was gehaald. In dit artikel worden de resultaten van de Participatiewet geduid aan de hand van artikelen uit het boek Met andere ogen. Onderzoekers over vijf jaar Participatiewet, dat in 2020 verscheen. De centrale boodschap van dit artikel is dat wetgeving, zoals de Participatiewet, niet bijdraagt aan de verbetering van de positie van mensen met een beperking zolang zij niet nadrukkelijk in het discours rond de ontwikkeling en de implementatie van de wetgeving betrokken worden. Waar dit wel gebeurt en hun verhalen en belangen een volwaardige plaats in het debat krijgen, leidt dit tot praktijken die daadwerkelijk (kunnen) aansluiten bij de behoeften, wensen en uitdagingen van de betrokkenen. De ervaringen met de Participatiewet onderstrepen het belang, zoals in het VN-verdrag Handicap is neergelegd, dat bij de totstandkoming en implementatie van wet- en regelgeving voor mensen met een beperking, altijd met hen gesproken moet worden en niet over hen. Het betrekken van mensen met een beperking is een belangrijke voorwaarde om daadwerkelijk te komen tot een inclusieve arbeidsmarkt, ondersteund met adequate voorzieningen.


Dr. mr. J.H. Bosselaar
Dr. mr. J.H. (Hans) Bosselaar is docent/onderzoeker aan de Vrije Universiteit Amsterdam, afdeling Bestuurswetenschap en Politicologie. Correspondentie:
Artikel

De Scheldestad of Manhattan aan de Maas? Een vergelijkende analyse van de Antwerpse en Rotterdamse havens bij de in- en doorvoer van cocaïne

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2021
Trefwoorden cocaine trafficking, Transnational organized crime, Corruption, public-private partnership, routine activity approach
Auteurs Richard Staring, Lieselot Bisschop, Charlotte Colman e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    The ports of Rotterdam and Antwerp are among the main European ports of entry for the import and further distribution of cocaine. Earlier research underlines the interchangeability of these ports regarding the criminal networks trafficking cocaine into Europe. In this contribution, the interchange­ability of these European sea ports regarding cocaine trafficking is questioned. Based on empirical research, and applying the routine activity approach, the Port of Rotterdam and the Port of Antwerp are compared with respect to their physical characteristics, the potential, motivated offenders, as well as the existing public and private security measures.


Richard Staring
Prof. dr. R.H.J.M. Staring is hoogleraar Empirische Criminologie bij de sectie Criminologie van de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.

Lieselot Bisschop
Prof. dr. L.C.J. Bisschop is Professor of Public and Private Interests bij Department of Criminology & Erasmus Initiative on Dynamics of Inclusive Prosperity van de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.

Charlotte Colman
Prof. dr. C. Colman is docent Criminologie bij de Faculteit Recht en Criminologie van de Universiteit Gent. Zij is tevens postdoctoraal onderzoeker bij het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek.

Jelle Janssens
Prof. dr. J. Janssens is hoofddocent bij het Institute for International Research on Criminal Policy van de Vakgroep Criminologie, Strafrecht, Sociaal Recht, Faculteit Recht en Criminologie, van de Universiteit Gent.

Robby Roks
Dr. R.A. Roks is universitair docent Criminologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Kroniek Waterwet 2020

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden watervergunning, lozing, hemelwater, gedoogplicht, Omgevingswet
Auteurs Mr. A. (Alexandra) Danopoulos, Mr. S.F.J. (Stephan) Sluiter, Mr. E.L. (Eline) van Leeuwen e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In TO 2015, afl. 2 verscheen voor het laatst een rechtspraakoverzicht over de Waterwet (Wtw). Met deze kroniek Waterwet wordt het jaarlijkse overzicht nieuw leven ingeblazen. Deze bijdrage geeft een overzicht van de belangrijkste rechtspraak op het gebied van het waterrecht. Achtereenvolgens wordt stilgestaan bij de belangrijkste ontwikkelingen rondom de watervergunning, het projectplan, lozingen, gedoogplichten, nadeelcompensatie, relativiteit en belanghebbendheid in relatie tot de Wtw. De Wtw is een van de wetten die (naar verwachting) in 2022 grotendeels op zal gaan in de Omgevingswet. Per onderwerp gaan wij daarom in deze kroniek eveneens in op de wijze waarop het betreffende onderwerp in de Omgevingswet zal worden geïncorporeerd.


Mr. A. (Alexandra) Danopoulos
Mr. A. Danopoulos is advocaat/partner bij Ploum te Rotterdam en universitair docent bij de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. S.F.J. (Stephan) Sluiter
Mr. S.F.J. Sluiter is advocaat/partner bij Ploum te Rotterdam.

Mr. E.L. (Eline) van Leeuwen
Mr. E.L. van Leeuwen is advocaat-medewerker bij Ploum te Rotterdam.

Mr. M.S. (Miriam) Simman
Mr. M.S. Simman is juridisch medewerker bij Ploum te Rotterdam.
Actualia

Diversen

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 2 2021
Auteurs Mr. T. de Vette
Auteursinformatie

Mr. T. de Vette
Deze rubriek is samengesteld door mr. T. de Vette. De jurisprudentie is gepubliceerd op rechtspraak.nl tussen 13 november 2020 en 21 maart 2021.

Mr. T. de Vette
Deze rubriek is samengesteld door mr. T. de Vette. De jurisprudentie is gepubliceerd op rechtspraak.nl tussen 13 november 2020 en 21 maart 2021.

Mr. T. de Vette
Deze rubriek is samengesteld door mr. T. de Vette. De jurisprudentie is gepubliceerd op rechtspraak.nl tussen 13 november 2020 en 21 maart 2021.
Toont 1 - 20 van 1285 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.