Zoekresultaat: 419 artikelen

x
Annotatie

Private handhaving en het weerbarstige leerstuk van verjaring

HvJ EU 28 maart 2019, zaak C-637/17, Cogeco Communications Inc./Sport TV Portugal, ECLI:EU:C:2019:263

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2019
Auteurs Berend Jan Drijber
Auteursinformatie

Berend Jan Drijber
Mr. B.J. Drijber is advocaat-generaal bij de Hoge Raad en redacteur van dit tijdschrift.
Annotatie

Van een kikker kan men geen veren plukken – het mededingingsrechtelijke ondernemingsbegrip in het kader van de civielrechtelijke handhaving

HvJ EU 14 maart 2019, zaak C-724/17, Skanska Industrial Solutions, ECLI:EU:C:2019:204

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2019
Auteurs Robbert Jaspers en Tom Binder
Auteursinformatie

Robbert Jaspers
Mr. R.M.T.M. Jaspers is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Europees en mededingingsrecht van AKD Benelux Lawyers te Brussel.

Tom Binder
Mr. T.J. Binder is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Europees en mededingingsrecht van AKD Benelux Lawyers te Brussel.

Marek Zilinsky
Mr. M. Zilinsky is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en verbonden aan Houthoff.
Vrij verkeer

De PEPP-verordening. Pensioenfondsen: Quo vadis?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden PEPP-verordening, pensioeninstellingen, verplichtstelling, meeneembaarheid van pensioenen, Europees pensioenrecht
Auteurs Prof. dr. H. van Meerten en A.K.R. Wouters LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Het voorstel van 29 juni 2017 betreffende een Verordening van het Europees Parlement en de Raad voor een Pan-Europees Persoonlijk Pensioenproduct (hierna: PEPP) werd in Nederland met argusogen ontvangen. Met dit voorstel wilde de Europese Commissie een impuls geven om de fragmentatie van nationale markten op het gebied van persoonlijke pensioenen aan te pakken. Via het PEPP wil de EU-wetgever een vrijwillig, aanvullend, eenvoudig en kostenbesparend pensioenproduct in het leven roepen dat grotendeels op EU-niveau wordt gereguleerd. Vanwege de meeneembaarheid voor consumenten is PEPP een welkome aanvulling voor de pensioenen van EU-burgers. Nederland echter heeft te allen tijde kritisch tegenover de komst van een PEPP gestaan vanwege onder andere een vermeende inbreuk op de ‘verplichtstelling’ en de rol voor de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen (EIOPA). In dit artikel wordt het PEPP besproken: wat is de meerwaarde van het PEPP? Is de vrees van Nederland wel terecht?
    Voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake een pan-Europees persoonlijk pensioenproduct (PEPP).


Prof. dr. H. van Meerten
Prof. dr. H. (Hans) van Meerten is hoogleraar Europees Pensioenrecht aan de Universiteit Utrecht.

A.K.R. Wouters LLM
A.K.R. (An) Wouters LLM is Fellow aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Het non-concurrentiebeding in de ondernemingsrechtpraktijk: vergeet het mededingingsrecht niet!

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden non-concurrentiebeding, overnames, joint venture, aandeelhoudersovereenkomst, kartelverbod
Auteurs Mr. L.E. Haanraadts en Mr. drs. G. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt aan de hand van wet- en regelgeving en jurisprudentie het wettelijk kader besproken dat geldt voor non-concurrentiebedingen in overnameovereenkomsten en aandeelhoudersovereenkomsten. Ook worden mogelijke sancties in geval van een inbreuk op het mededingingsrecht behandeld. Afgesloten wordt met enkele aanbevelingen en aandachtspunten bij het opstellen van non-concurrentiebedingen.


Mr. L.E. Haanraadts
Mr. L.E. Haanraadts is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. drs. G. de Jong
Mr. drs. G. de Jong is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Het mededingingsrechtelijke speelveld bij bestuursakkoorden

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2019
Trefwoorden bestuursakkoorden, mededingingsrecht, Unietrouw, nuttig effect, wetsvoorstel duurzaamheidsinitiatieven
Auteurs Mr. G.J. van Midden
SamenvattingAuteursinformatie

    Afspraken die overheden en ondernemingen in bestuursakkoorden maken kunnen in strijd komen met de (Europese) mededingingsregels. Daarbij lopen niet alleen de ondernemingen een risico, ook overheden riskeren het verwijt tot mededingingsbeperkende gedragingen ‘aan te zetten’ en daarmee de nuttige werking van de mededingingsregels in gevaar te brengen. In een recent wetsvoorstel heeft de regering een wettelijk systeem voorgesteld, waarmee duurzaamheidsinitiatieven van de mededingingsregels kunnen worden uitgezonderd. Dit wetsvoorstel lijkt ook interessant voor bestuursakkoorden. Het is echter onzeker of deze wet in lijn is met het Europese recht. Alternatieven, waaronder de leer van de inherente beperkingen, zijn denkbaar. Zekerheid hierover zal echter van de Commissie of het Hof van Justitie moeten komen.


Mr. G.J. van Midden
Mr. G.J. (Gijs) van Midden is EU-jurist bij de Afdeling advisering van de Raad van State.
Annotatie

Servier: een bittere pil voor de Commissie

Uitspraak van het Gerecht van 12 december 2018, zaak T- 691/14, ECLI:EU:T:2018:922 (Servier e.a./Commissie)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2019
Auteurs Pepijn van Ginneken en Gaëlle Béquet
Auteursinformatie

Pepijn van Ginneken
Mr. P.P.J. van Ginneken is advocaat bij Brinkhof N.V. in Amsterdam.

Gaëlle Béquet
Mr. G.D.G.M.G. Béquet is advocaat bij Brinkhof N.V. in Amsterdam.

Cees Dekker
Mr. C.T. Dekker is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen N.V. en redacteur van dit tijdschrift.

Ekram Belhadj
Mr. E. Belhadj is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen N.V.
Artikel

Samenwerking in de landbouw en de mededingingsregels

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2019
Trefwoorden ProducentenOrganisatie, kartelverbod, Verordening inzake de gemeenschappelijke marktordening, uitsluiting toepassing mededingingsregels, Afwijking kartelverbod
Auteurs Maria Litjens en Thomas van Rijn
SamenvattingAuteursinformatie

    De Nederlandse regering wil de wetgeving aanpassen om samenwerking in de landbouw te stimuleren. De meest recente Europese PO-regels (2018) zouden de basis moeten zijn, maar deze regels zijn niet duidelijk en niet afgestemd op de uitspraak van het Hof van Justitie in de Franse witlofzaak (2017). In dit artikel werken we uit hoe de Europese benadering uitgelegd kan worden. Het Hof van Justitie spreekt over uitsluiting waardoor bij een PO het kartelverbod niet van toepassing is, terwijl de Europese wetgever alleen een afwijking aangeeft. Dit verschil in benadering en ook de complexe regelgeving maakt het invullen van de regels op nationaal niveau lastig maar niet ondoenlijk. De Nederlandse overheid moet aansturen op verheldering van de Europese PO-regels en kan tegelijkertijd naar het voorbeeld van de Duitse regelgeving haar nationale regels verbeteren.


Maria Litjens
Mr. M.E.G. Litjens was werkzaam binnen Wageningen Universiteit en heeft in september 2018 bij de Universiteit van Groningen haar proefschrift over samenwerking binnen PO’s afgerond.

Thomas van Rijn
Mr. T.P.J.N. van Rijn was als juridisch hoofdadviseur verbonden aan de Juridische Dienst van de Europese Commissie.

Anna Gerbrandy
Prof. dr. mr. A. Gerbrandy is hoogleraar mededingingsrecht aan de Universiteit Utrecht.
Kroniek

Kroniek civiele rechtspraak mededingingsrecht 2018

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2019
Auteurs Marieke Bredenoord-Spoek en Stijn de Jong
Auteursinformatie

Marieke Bredenoord-Spoek
Mr. M.G. Bredenoord-Spoek is werkzaam als advocaat bij Stibbe.

Stijn de Jong
Mr. S. de Jong is werkzaam als advocaat bij Stibbe.
Annotatie

Wettelijke maximering van de vertrekvergoeding onder de Wbfo: géén verplichting voor de rechter tot ambtshalve toepassing

HR 1 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:818

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Wbfo, Vertrekvergoeding, ambtshalve toepassing, openbare orde
Auteurs Mr. drs. A.M. Helstone
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 juni 2018 (ECLI:NL:HR:2018:818) heeft de Hoge Raad zich voor het eerst uitgelaten over de procesrechtelijke status van het wettelijk maximum voor de vertrekvergoeding van bestuurders ex artikel 1:125 lid 2 Wft. Volgens de Hoge Raad is deze bepaling geen regel van openbare orde die ex artikel 25 Rv ambtshalve door de rechter zou moeten worden toegepast. In deze annotatie worden de relevante gezichtspunten voor de verplichting tot ambtshalve toepassing ex artikel 25 Rv geanalyseerd. Tevens wordt stilgestaan bij de oorsprong en de doelstellingen van de beloningsnormen van de Wft en de Europese regels. Hiermee wordt beoogd een bijdrage te leveren aan de bredere gedachtevorming over de duiding van wettelijke beloningsnormen als onderdeel van publiekrechtelijke regulering in het civiel procesrecht en de hiervoor geldende rechterlijke toetsing.


Mr. drs. A.M. Helstone
Mr. drs. A.M. Helstone is advocaat en partner bij Stibbe te Amsterdam. Zij behaalde naast haar doctoraal Nederlands recht ook een doctoraal Franse taal en letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam. Thans is zij gespecialiseerd in arbeidsrecht en pensioenrecht. Een bijzonder specialisme binnen haar praktijk richt zich op beloningsgerelateerde onderwerpen op het snijvlak van het arbeidsrecht, de Wft en de WNT. Hierover schrijft en publiceert zij regelmatig.
Kroniek rechtspraak

Kroniek Mededingingsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Autoriteit Consument en Markt, Mededingingswet, concentratiecontrole, informele zienswijzen, ziekenhuiszorg
Auteurs Mr. C.T. Dekker, mr. E. Belhadj en mr. V. Jasarevic
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek staat de praktijk van de Autoriteit Consument & Markt (ACM) centraal voor wat betreft de toepassing van de Mededingingswet in de zorg. Tevens worden twee informele zienswijzen van de ACM en enkele uitspraken van de Rechtbank Rotterdam en het College van Beroep voor het bedrijfsleven over besluiten van de ACM behandeld. Tot slot wordt stilgestaan bij twee door de ACM gepubliceerde leidraden. De periode die door deze kroniek wordt bestreken betreft 1 juli 2016 tot 1 november 2018.


Mr. C.T. Dekker
Cees Dekker is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen.

mr. E. Belhadj
Ekram Belhadj is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen.

mr. V. Jasarevic
Vanessa Jasarevic is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen.

Tom Ottervanger
Prof. mr. T.R. Ottervanger is hoogleraar mededingingsrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open De Mededingingswet en de onderkant van de arbeidsmarkt

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2018
Trefwoorden zzp’ers, mededinging, sociale dumping, kluseconomie, minimumtarieven
Auteurs Marcel Canoy en Kees Hellingman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het grote aantal zzp’ers in Nederland groeit nog steeds, mede door de komst van online platforms en de kluseconomie. Dit artikel verkent hoe de voordelen van een flexibele arbeidsmarkt kunnen worden gecombineerd met het verhinderen van sociale dumping in situaties van monopsonie. Het beschermen van schijnzelfstandigen door cao-afspraken, zoals voorzien in het arrest FNV KIEM, biedt niet in alle situaties voldoende duidelijkheid en soelaas. Alternatieven smoren mogelijk de ontwikkeling van nieuwe vormen van ondernemerschap. De auteurs bezien daarom welke ruimte de Mededingingswet aanvullend zou kunnen bieden voor het invoeren van goed onderbouwde minimumtarieven als variant met de minste schadelijke bijwerkingen.


Marcel Canoy
Dr. M.F.M. Canoy is adviseur bij Autoriteit Consument & Markt.

Kees Hellingman
Mr. K. Hellingman is specialistisch medewerker Juridische Zaken bij Autoriteit Consument & Markt.
Artikel

Het grondrecht op collectief onderhandelen van zelfstandigen versus het Europese mededingingsrecht

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Mededingingsrecht, Zelfstandige, Cao-exceptie, Vrijheid van vakvereniging, Recht op collectief onderhandelen
Auteurs Mr. R.F. Hoekstra
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat centraal dat de beperking van de door het Hof van Justitie geformuleerde ‘cao-exceptie’ op het Europese mededingingsrecht tot ‘werknemers’ en ‘schijnzelfstandigen’ zich moeilijk tot een grondrechtenbenadering lijkt te verhouden. Zelfstandigen met een zwakke arbeidsmarktpositie hebben namelijk evenzeer behoefte aan collectieve middelen om hun arbeidsvoorwaarden te verbeteren en vallen ook onder grondrechtenverdragen. Door een uitgebreide beschouwing van de relevante rechtsinstrumenten van de VN, de IAO en de Raad van Europa en de uitleg die de toezichtorganen hieraan geven blijkt dat het grondrecht op vrijheid van (vak)vereniging, collectief onderhandelen en collectieve actie evenzeer aan deze groep lijkt toe te komen, en een te rigoureuze inperking vanwege het mededingingsrecht niet gerechtvaardigd wordt geacht. De conclusie bevat enkele gedachten over hoe het Europese mededingingsrecht met een grondrechtenbenadering overeenstemming te brengen. Daarbij passeren zowel de recente ontwikkelingen rondom het zelfstandigenvraagstuk in Nederland als initiatieven op Europees niveau de revue.


Mr. R.F. Hoekstra
Mr. R.F. (Robert) Hoekstra is werkzaam als onderzoeker bij de Wiardi Beckman Stichting Den Haag. Daarnaast is hij als promovendus verbonden aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Zijn promotieonderzoek ziet op het snijvlak van cao’s en grondrechten.
Artikel

Clementie aanvragen of de afspraak voortzetten, wat te doen met het oog op schadeclaims?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2018
Trefwoorden karteldeelname, clementieaanvraag, publieke en private kartelhandhaving, schadeclaims, vignettenanalyse
Auteurs Nicole Rosenboom en Daan in ’t Veld
SamenvattingAuteursinformatie

    Karteldeelnemers lopen zowel het risico op een publieke boete als op een schadeclaim van één of meer afnemers. Door middel van een succesvolle clementieaanvraag kan een boete geheel of gedeeltelijk worden vermeden. De vraag is of de dreiging van civiele schadeprocedures ten koste gaat van de aantrekkelijkheid om clementie aan te vragen. Dit artikel beschrijft de resultaten van een empirische analyse naar de verschillende factoren van publieke en private kartelhandhaving en hun effect op de kans dat een onderneming clementie aanvraagt. De analyse betreft een vignettenanalyse op basis van een enquête onder Nederlandse bedrijven en Nederlandse mededingingsjuristen.


Nicole Rosenboom
N. Rosenboom MSc is senior consultant bij Oxera Amsterdam. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.

Daan in ’t Veld
Dr. D. in ’t Veld is onderzoeker bij SEO Economisch Onderzoek. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Annotatie

Goldman Sachs/Europese Commissie. Private equity in het vizier van mededingingsautoriteiten

Gerecht 12 juli 2018, zaak T-419/14, ECLI:EU:T:2018:445

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2018
Trefwoorden private equity, investeerder, toerekening, aansprakelijkheid, bewijsvermoeden
Auteurs Robin Struijlaart en Mark Brabers
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 12 juli 2018 heeft het Gerecht een beroep van Goldman Sachs tegen een boetebesluit van de Commissie verworpen. Dit arrest maakt (nogmaals) duidelijk dat private equity-investeerders een reële kans lopen om aansprakelijk te worden gesteld voor kartelgedrag van hun portfolio-ondernemingen. De toets die de Commissie en het Gerecht uitvoeren, komt er in essentie op neer dat volstaat dat de moederonderneming zeggenschap heeft in de zin van het concentratietoezicht en dat er bewijs is dat zij die zeggenschap aantoonbaar heeft uitgeoefend. Veel investeerders zullen aan die beide criteria voldoen en bevinden zich dus in de gevarenzone.


Robin Struijlaart
Mr. R.A Struijlaart is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Mededinging en Overheid van Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.

Mark Brabers
Mr. drs. M.C. Brabers is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Mededinging en Overheid van Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.
Mededinging

Gun jumping en de EU-Concentratieverordening: wanneer is sprake van een valse start?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2018
Trefwoorden concentratiecontrole, gun jumping, voortijdige totstandbrenging, standstill-verplichting
Auteurs Mr. dr. J.C.A. Houdijk en Mr. R.M.T.M. Jaspers
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze zaak geeft het Hof van Justitie antwoord op de vraag welke criteria gelden om te bepalen of sprake is van een totstandbrengingshandeling in het kader van het EU-concentratiecontroleregime. Het Hof van Justitie geeft hiermee een verdere uitleg van de standstill-verplichting ex artikel 7 lid 1 EU-Concentratieverordening. De uitspraak bevat voorts criteria om de risico’s omtrent gun jumping in de praktijk beter te kunnen inschatten.
    HvJ 31 mei 2018, zaak C-633/16, Ernst & Young P/S/Konkurrenceradet, ECLI:EU:C:2018:371.


Mr. dr. J.C.A. Houdijk
Mr. dr. J.C.A. (Joost) Houdijk is advocaat bij AKD.

Mr. R.M.T.M. Jaspers
Mr. R.M.T.M. (Robbert) Jaspers is advocaat bij AKD.
Artikel

Ambtshalve toetsing en het ‘aureool’ van de openbare orde bij overeenkomsten in strijd met een wettelijke norm

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2018
Trefwoorden ambtshalve toepassing, overeenkomst, nietigheid, Wft, artikel 3:40 BW
Auteurs Mr. P.W. den Hollander
SamenvattingAuteursinformatie

    Moet de rechter toetsen of een overeenkomst in strijd is met een wettelijke norm en daarmee nietig, als partijen dat niet aanvoeren? In HR 1 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:818 (Rabobank/X) bevestigt de Hoge Raad dat deze verplichting is beperkt tot wettelijke normen van openbare orde. Dat is toe te juichen.


Mr. P.W. den Hollander
Mr. P.W. den Hollander is advocaat bij Stibbe te Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.
Toont 1 - 20 van 419 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 20 21
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.