Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 348 artikelen

x

    In recent years, big data technology has revolutionised many domains, including policing. There is a lack of research, however, exploring which applications are used by the police, and the potential benefits of big data analytics for policing. Instead, literature about big data and policing predominantly focuses on predictive policing and its associated risks. The present paper provides new insights into the police’s current use of big data and algorithmic applications. We provide an up-to-date overview of the various applications of big data by the National Police in the Netherlands. We distinguish three areas: uniformed police work, criminal investigation, and intelligence. We then discuss two positive effects of big data and algorithmic applications for the police organization: accelerated learning and the formation of a single police organization.


Marc Schuilenburg
Marc Schuilenburg is bijzonder hoogleraar Digital Surveillance aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en universitair docent aan Vrije Universiteit Amsterdam. m.b.schuilenburg@vu.nl.

Melvin Soudijn
Melvin Soudijn is senior onderzoeker bij de afdeling Analyse & Onderzoek van de Landelijke Eenheid Nationale Politie en research fellow bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving.
Artikel

Access_open Het Europees Openbaar Ministerie in de Nederlandse rechtsorde

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 5 2021
Trefwoorden Europees Openbaar Ministerie, Europees strafrecht, Europese Unie, vervolging, beklag niet (verdere) vervolging
Auteurs Mr. M.J. (Matthias) Borgers
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 juni 2021 is het Europees Openbaar Ministerie (EOM) operationeel geworden. Bij een vervolging door het EOM voor de Nederlandse strafrechter treedt een gedelegeerde Europese aanklager op die tevens aan het Nederlandse openbaar ministerie is verbonden. Deze aanklager heeft in de strafzaak alle bevoegdheden van een lid van het Nederlandse openbaar ministerie. Voor het optreden van het EOM in de deelnemende lidstaten wordt dus gebruikgemaakt van de bestaande juridische infrastructuur. In deze bijdrage wordt ingegaan op de vervolging van strafzaken door het EOM voor de Nederlandse strafrechter. Het gaat daarbij om de vraag of er verschillen of bijzonderheden bestaan in vergelijking met een ‘gewone’ strafzaak waarin het Nederlandse openbaar ministerie het vervolgingsrecht uitoefent en, zo ja, welke die zijn.


Mr. M.J. (Matthias) Borgers
Mr. M.J. (Matthias) Borgers is raadsheer in de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

Knelpunten bij en onduidelijkheden rondom het afgeven van een civiele zorgmachtiging door de strafrechter

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 5 2021
Trefwoorden Wvggz, Wfz, overgangsrecht, geestelijke gezondheidszorg, forensische zorg
Auteurs Mr. T.M. (Tessa) de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    De civiele zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:5 Wvggz kan sinds 1 januari 2020 via de schakelbepaling van artikel 2.3 lid 1 Wfz door de strafrechter worden afgegeven in het kader van de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde. Het nieuwe hybride stelsel, op het snijvlak van het strafrecht en civiele recht, vormt een flinke breuk met de oude, vervallen regeling van artikel 37 Sr en de inbedding daarvan in het strafproces. In deze bijdrage wordt ingegaan op enkele knelpunten en onduidelijkheden die dat nieuwe systeem met zich brengt, zoals het overgangsrecht, de aansluiting van de zorgmachtiging op de voorlopige hechtenis en de verhouding tussen de officier van justitie en de strafrechter.


Mr. T.M. (Tessa) de Groot
Mr. T.M. (Tessa) de Groot is wetenschappelijk medewerker bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

Sextortion

Over de modernisering van de zedentitel, de gevolgen voor de praktijk en de impact op het slachtoffer

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 5 2021
Trefwoorden Sextortion, Modernisering zedenwetgeving, Digitalisering, Zedendelicten, Gender
Auteurs Mr. L.E.M. (Laurie) Schreurs, mr. R.I. (Rachel) Dijkstra en dr. A.K. (Alice) Bosma
SamenvattingAuteursinformatie

    Met het oog op de voorgenomen modernisering van de zedentitel rijzen de vragen of het aangebrachte onderscheid in wettelijke bescherming tussen seksuele en financiële sextortion houdbaar is en in hoeverre strafbaarstelling binnen verschillende titels van het Wetboek van Strafrecht wenselijk is. Aan de hand van een vergelijking tussen de karakteristieken van deze sextortion-varianten en de bestaande kennis over het daaraan gelieerde slachtofferschap beogen wij een eerste bijdrage te leveren aan deze discussie.


Mr. L.E.M. (Laurie) Schreurs
Laurie Schreurs is promovenda straf(proces)recht bij Tilburg University.

mr. R.I. (Rachel) Dijkstra
Rachel Dijkstra is promovenda bij het International Victimology Insti­tute van Tilburg University.

dr. A.K. (Alice) Bosma
Alice Bosma is universitair docent straf(proces)recht bij Tilburg University.
Redactioneel

Gender en strafrecht

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 5 2021
Trefwoorden Gender
Auteurs Mr. dr. M. (Mojan) Samadi en prof. mr. P.A.M. (Pieter) Verrest
Auteursinformatie

Mr. dr. M. (Mojan) Samadi
Mojan Samadi is universitair docent straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit Leiden en tevens redactiesecretaris van Boom Strafblad.

prof. mr. P.A.M. (Pieter) Verrest
­Pieter Verrest is lid van de redactie van Boom Strafblad en hoogleraar straf- en strafprocesrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Kwalitatieve en transparante fraudebestrijding

Een verkennend onderzoek naar handhavingscriteria voor fraudedelicten

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 6 2021
Trefwoorden fraude, handhavingscriteria, optimum remedium, hybride rechtspleging
Auteurs Mr. dr. S.S. Buisman
SamenvattingAuteursinformatie

    Fraude is een complex en wijdverspreid probleem. Terwijl de criminaliteitscijfers de afgelopen jaren zijn gedaald, neemt het aantal fraudegevallen met rasse schreden toe. Het is dan ook niet verwonderlijk dat beleidsmakers hard willen optreden tegen fraudeurs. Echter, zaken zoals de toeslagenaffaire hebben laten zien dat het beleid daarin vaak doorschiet en dat de menselijke maat met enige regelmaat uit het oog verloren wordt. Daarom zou een set van handhavingscriteria dienen te worden ontwikkeld voor transparante en kwalitatieve handhaving van fraudedelicten. In dat kader wordt in dit artikel wordt een eerste verkennend onderzoek gedaan naar de gehanteerde handhavingscriteria bij fraudedelicten.


Mr. dr. S.S. Buisman
Mr. dr. S.S. Buisman is universitair docent straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Access_open De regeling van de schriftelijke wilsverklaring euthanasie in artikel 2 lid 2 Wtl

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 4 2021
Trefwoorden euthanasie, schriftelijke wilsverklaring, gevorderde dementie, zorgvuldigheidseisen
Auteurs Mr. dr. L. (Liselotte) Postma
SamenvattingAuteursinformatie

    Een arts kan op grond van artikel 2 lid 2 Wtl euthanasie toepassen bij een inmiddels wilsonbekwame patiënt op basis van een schriftelijke wilsverklaring. In deze bijdrage staat de regeling van de schriftelijke wilsverklaring centraal. Aan de hand van de ontstaansgeschiedenis van de regeling en de huidige stand van zaken met betrekking tot euthanasie op basis van een schriftelijke wilsverklaring, verdedigt de auteur het standpunt dat de huidige wettelijke modaliteit van regeling van de schriftelijke wilsverklaring niet houdbaar is. De bijdrage sluit af met de noodzaak tot wijziging van de regeling naar een adequate(re) modaliteit en een concreet voorstel daartoe.


Mr. dr. L. (Liselotte) Postma
Mr. dr. L. (Liselotte) Postma is universitair docent strafrecht en strafprocesrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Access_open Een probleem rondom het nemo tenetur-beginsel?

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2021
Trefwoorden nemo tenetur-beginsel, zwijgrecht, zelfincriminatie, strafprocesrecht, eerlijk proces
Auteurs Mr. dr. J.S. (Joost) Nan
SamenvattingAuteursinformatie

    Het recht van een verdachte om niet mee te hoeven werken aan zijn eigen veroordeling (het nemo tenetur-beginsel), is samen met het zwijgrecht een hoeksteen in ons strafprocesrecht. Voor het positieve recht is het echter nog steeds geen uitgemaakte zaak wat de inhoud van het beginsel precies is. Toch kan men daarover duidelijk een divergentie waarnemen tussen de opvatting van de Nederlandse (hoogste) rechters en het EHRM.


Mr. dr. J.S. (Joost) Nan
Joost Nan is universitair hoofddocent straf(proces)recht bij EUR en (cassatie)advocaat bij Wladimiroff Advocaten.
Artikel

Geen coulance maar recht: de actieve raadsman bij het politieverhoor

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2021
Trefwoorden verhoorbijstand, Richtlijn 2013/48/EU, fair trial, Besluit inrichting en orde politieverhoor, tuchtrecht
Auteurs Mr. dr. M. (Marianne) Lochs
SamenvattingAuteursinformatie

    De strafvorderlijke regulering van de verhoorbijstand in Nederland beperkt de advocaat in het op actieve wijze verlenen van bijstand tijdens het politieverhoor. Naar aanleiding van een uitspraak van het Hof van Discipline waarin een klacht over een actief optredende advocaat tijdens een politieverhoor ongegrond werd verklaard, wordt in dit artikel uiteengezet waarom de Nederlandse regeling niet (langer) verenigbaar is met de rechtspraak van het EHRM en Richtlijn 2013/48/EU.


Mr. dr. M. (Marianne) Lochs
Marianne Lochs is universitair docent straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit Leiden.
Kroniek rechtspraak

Kroniek rechtspraak rechten van de mens

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 5 2021
Trefwoorden EVRM, EHRM, rechten van de mens, schending, schadevergoeding
Auteurs prof. mr. A.C. Hendriks
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM of Hof) heeft in de periode september 2020 tot en met augustus 2021 verschillende uitspraken gedaan over mensenrechtelijke vragen op het snijvlak met het gezondheidsrecht. Veel van deze uitspraken borduren voort op eerdere jurisprudentie van het Hof, maar er zijn ook uitspraken over nieuwe onderwerpen, waaronder over COVID-19, de rechten van psychiatrische patiënten, huiselijk geweld en kindermishandeling alsmede over vaccineren.


prof. mr. A.C. Hendriks
Aart Hendriks is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Leiden.
Ten geleide

Domino met strafmaxima

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2021
Auteurs Sigrid van Wingerden
Auteursinformatie

Sigrid van Wingerden
Dr. mr. Sigrid van Wingerden is universitair hoofddocent bij het Instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden en tevens voorzitter van de redactie van PROCES.
Artikel

De licht verstandelijk beperkte verdachte in het gemoderniseerde strafproces

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2021
Trefwoorden licht verstandelijke beperking, modernisering Wetboek van Strafvordering, eerlijk proces, effectieve participatie
Auteurs Rosanne Lagerweij en Heleen Middelkoop
SamenvattingAuteursinformatie

    Suspects with a Mild Intellectual Disability (hereafter: MID) are over-represented in the criminal justice system. Is the right to a fair trial of these vulnerable suspects sufficiently guaranteed in the modernized Dutch Code of Criminal Procedure? To this end, it is first of all important that the MID is recognized by legal professionals in the criminal justice system. In this way, the suspect with an MID can be treated and interrogated in the right way, which can, for example, prevent making a false statement. Secondly, it is important that the compensatory and remedial measures that professionals may take according to the modernization are clarified. The professionals should know in which phase of the criminal proceeding they should apply certain measures. Finally, the question arises whether the addition of a lawyer is the most important measure to compensate the suspect with an MID for his disability.


Rosanne Lagerweij
Mr. R.H Lagerweij is als juridisch medewerker werkzaam bij de rechtbank Midden-Nederland.

Heleen Middelkoop
Mr. H.E. Middelkoop is als adviseur werkzaam bij de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming.
Artikel

Motiveren rechters het gevaar?

Een kwantitatief jurisprudentieonderzoek naar de motivering van waarom aan het gevaarscriterium is voldaan bij het opleggen en verlengen van tbs

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2021
Trefwoorden Tbs, Gevaarscriterium, Motivering, Kwantitatief jurisprudentieonderzoek
Auteurs Max de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    The imposition or extension of a tbs-order requires that the offender is dangerous. This article reports on a quantitative analysis of case law about whether judges provide reasons in their judgment when establishing that an offender is dangerous. The analysis shows that this often is not the case. For example, only one third of the examined judgments explain why the legal criterion for dangerousness is met. The author recommends that judges more often provide reasons for their decision about the dangerousness of the offender.


Max de Vries
Mr. G.M. de Vries is promovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Access_open Tien jaar mediation in de strafrechtelijke jurisprudentie

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden jurisprudentie, mediation, strafrecht, openbaar ministerie
Auteurs Corné van der Wilt
SamenvattingAuteursinformatie

    This article is an analysis of about 350 decisions of Dutch criminal courts since mediation was introduced as an instrument in criminal law (art. 51h of the Dutch criminal code). It appears that mediation not only benefits the offender in terms of reduction of punishment, but also has significant effects on other aspects of the domain of criminal justice. For example on complaints about the decision of the Public Prosecutor not to prosecute a suspect, the eligibility of the Public Prosecutor in a criminal procedure, claims for compensation of the victim, compensation for damage of the offender being in preventive custody, and costs of the offender for a lawyer to defend him in a criminal procedure. Although much progress can be made in applying mediation in criminal procedures, it is concluded that mediation is now an important form of restorative justice in the Dutch criminal justice system.


Corné van der Wilt
Corné van der Wilt (mr. dr. C.J. van der Wilt) is als raadsheer werkzaam in de afdeling strafrecht van het gerechtshof Amsterdam. Tevens werkt hij sinds 2016 voor het mediationbureau van de rechtbank Zeeland-West-Brabant als MfN-geregistreerd mediator in strafzaken.
Trending Topics

Tata Steel, maatschappelijk verantwoord ondernemen en het strafrecht

Een nieuwe balans tussen economische welvaart en maatschappelijk welzijn?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2021
Trefwoorden maatschappelijk verantwoord ondernemen, feitelijk leidinggevende, hybride rechtspleging, Tata Steel
Auteurs Mr. dr. S.S. Buisman
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 19 mei 2021 doet Ficq namens de aangesloten belanghebbenden aangifte tegen de feitelijk leidinggevers van Tata Steel wegens gevaarzetting voor de openbare gezondheid (art. 173a Sr). De bestuurderstop wordt verweten dat hij niet heeft ingegrepen toen Tata Steel jarenlang structureel wet- en regelgeving overtrad, waardoor ernstige en ongerechtvaardigde schade is veroorzaakt voor de gezondheid van mens, dier en milieu. De aangifte tegen Tata Steel past binnen een bredere trend van maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO). Hoewel MVO niet in direct verband lijkt te staan met het strafrecht, kan het strafrecht toch een belangrijke rol spelen bij de bewerkstelliging van MVO.


Mr. dr. S.S. Buisman
Mr. dr. S.S. Buisman is universitair docent straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

    Op 11 maart jongstleden is het conceptwetsvoorstel naar aanleiding van de evaluatie Wet OM-afdoening in consultatie gegaan. Dit conceptwetsvoorstel wijzigt de regeling van de buitengerechtelijke afdoening van strafbare feiten op vier onderdelen. Een van die onderdelen betreft de (hoge)transactieregeling. In deze bijdrage worden de belangrijkste door de minister voorgestelde wijzigingen van deze regeling besproken en daarbij enkele (kritische) opmerkingen gemaakt.


Mr. S. Kerssies
mr. S. Kerssies is senior juridisch medewerker bij de rechtbank Oost-Brabant.
Artikel

Access_open Strafvorderlijke normering van preventief optreden op basis van datakoppeling

Een analyse aan de hand van de casus ‘Sensingproject Outlet Roermond’

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2021
Trefwoorden datakoppeling, privacy, opsporing, preventief politieoptreden, dataprotectierecht
Auteurs Prof. mr. L. Stevens, Prof. mr. M. Hirsch Ballin, Mr. dr. M. Galič e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage doen wij onderzoek naar de vraag hoe preventief politieoptreden op basis van datakoppeling zou moeten worden genormeerd. Onze analyse is gebaseerd op het Sensingproject Outlet Roermond. Wij stellen dat bestaande wetgeving onvoldoende in staat is de privacy van burgers te beschermen als die burgers ten behoeve van preventief politieoptreden in een algoritmische risicogroep worden geplaatst. Om die reden moet nieuwe regelgeving mede worden gebaseerd op een nieuw concept: group privacy. Ook stellen wij dat een nieuwe wettelijke grondslag recht zal moeten doen aan strafvorderlijke basisbeginselen nu preventief optreden op grond van datakoppeling moet worden gezien als opsporing.


Prof. mr. L. Stevens
Prof. mr. L. Stevens is hoogleraar straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Prof. mr. M. Hirsch Ballin
Prof. mr. M. Hirsch Ballin is hoogleraar straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. dr. M. Galič
Mr. dr. M. Galič is universitair docent straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. dr. S.S. Buisman
Mr. dr. S.S. Buisman is universitair docent straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. B. Groothoff
Mr. B. Groothoff is docent/onderzoeker aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. Y. Hamelzky
Mr. Y. Hamelzky is docent aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. C. Lucas
Mr. C. Lucas is PhD-onderzoeker aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. K. Rasul
Mr. K. Rasul is docent aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. S. Verijdt
Mr. S. Verijdt is docent aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

De achterdeur op een gedoogde kier?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2021
Trefwoorden artikel 13b Opiumwet, Damoclesbeleid, coffeeshop, bedrijfsruimte, evenredigheid
Auteurs Mr. M. van Weeren en Mr. R. Salverda
SamenvattingAuteursinformatie

    Het sluiten van bedrijfsruimte die wordt gebruikt als externe afroepbare voorraadlocatie voor coffeeshops op grond van artikel 13b Opiumwet, kan onder bepaalde omstandigheden onevenredig en niet noodzakelijk zijn. Het gaat dan bijvoorbeeld om het feit dat geen sprake is van verstoring van de openbare orde, dat het pand al jarenlang wordt gebruikt als externe afroepbare voorraadlocatie en geen sprake is van feitelijke handel vanuit het pand. Verder speelt de Wet gesloten coffeeshopketen een rol bij de vraag of een sluiting van 24 maanden is gerechtvaardigd. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zal zich hier binnenkort over buigen.


Mr. M. van Weeren
Mr. M. van Weeren is werkzaam als advocaat bij Blenheim advocaten.

Mr. R. Salverda
R. Salverda is werkzaam als juridisch medewerker bij Blenheim advocaten.

    In deze bijdrage wordt aandacht besteed aan de inwerkingtreding van de schakelbepaling uit de Wfz (art. 2.3 Wfz) met de Wvggz per 1 januari 2020, waarbij de focus ligt op de rechtspositionele verschillen tussen de civiele verplichte geestelijke gezondheidszorg en de forensische zorg. Afgesloten wordt met enkele overwegingen, waarbij een inschatting wordt gemaakt van de mate waarin artikel 2.3 Wfz in de huidige vorm bijdraagt aan de beoogde doelstellingen van de Wfz.


Mr. drs. J.B.E. van der Aa
Justine van der Aa is afgestudeerd als jurist gezondheidsrecht (2019) en forensisch psycholoog (2020).
Artikel

Access_open Meer en zwaarder toezicht na detentie

Uitbreiding van de lijst van bijzondere voorwaarden binnen de voorwaardelijke invrijheidstelling

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2021
Trefwoorden voorwaardelijke invrijheidstelling, bijzondere voorwaarden, gedragsbeïnvloedende maatregel, vrijheidsbeperkende maatregel
Auteurs Mirte Bikker
SamenvattingAuteursinformatie

    Part of the new legislation to reform the Dutch conditional release system contains a substantial expansion of the list of individualised conditions under which sentenced prisoners can be released early. These include a prohibition on settlement in a certain area, travelling abroad and on certain voluntary work, an obligation to move and the compensation of damage caused by the offense. These additional individualised conditions have significant implications on the specific character of the conditional release system, the legal protection of offenders, and the ratio between the conditional release system and the already existing conditional measure with regard to serious violent and sex offenders.


Mirte Bikker
Mr. Mirte Bikker is masterstudent Jeugdrecht aan de Universiteit Leiden en heeft een afgeronde master Straf- en strafprocesrecht aan diezelfde universiteit (2019). Daarnaast is zij commissiesecretaris bij de Afdeling rechtspraak van de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming.
Toont 1 - 20 van 348 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 17 18
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.