Zoekresultaat: 197 artikelen

x
Artikel

Sextortion

Over de modernisering van de zedentitel, de gevolgen voor de praktijk en de impact op het slachtoffer

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 5 2021
Trefwoorden Sextortion, Modernisering zedenwetgeving, Digitalisering, Zedendelicten, Gender
Auteurs Mr. L.E.M. (Laurie) Schreurs, mr. R.I. (Rachel) Dijkstra en dr. A.K. (Alice) Bosma
SamenvattingAuteursinformatie

    Met het oog op de voorgenomen modernisering van de zedentitel rijzen de vragen of het aangebrachte onderscheid in wettelijke bescherming tussen seksuele en financiële sextortion houdbaar is en in hoeverre strafbaarstelling binnen verschillende titels van het Wetboek van Strafrecht wenselijk is. Aan de hand van een vergelijking tussen de karakteristieken van deze sextortion-varianten en de bestaande kennis over het daaraan gelieerde slachtofferschap beogen wij een eerste bijdrage te leveren aan deze discussie.


Mr. L.E.M. (Laurie) Schreurs
Laurie Schreurs is promovenda straf(proces)recht bij Tilburg University.

mr. R.I. (Rachel) Dijkstra
Rachel Dijkstra is promovenda bij het International Victimology Insti­tute van Tilburg University.

dr. A.K. (Alice) Bosma
Alice Bosma is universitair docent straf(proces)recht bij Tilburg University.
Artikel

Hoe maken we de taal van de rechtspleging genderneutraal?

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 5 2021
Trefwoorden Genderneutrale taal, Gender en recht, Wetgeving, Gelijkheid, Inclusiviteit
Auteurs Mr. W.H. (Willem) Jebbink en mr. R.E. (Rosa) van Zijl
SamenvattingAuteursinformatie

    Ook nu nog, ver in de 21ste eeuw, is de taal van de rechtspleging niet inclusief. De Hoge Raad verwijst in zijn arresten bijvoorbeeld naar functionarissen en procesdeelnemers met louter mannelijke verwijswoorden, en beoordeelt het optreden van de raadsvrouwe met wat van de raadsman mag worden gevergd. In wetenschappelijke artikelen is eveneens de mannelijke vorm de norm voor het aanduiden van algemeenheden. Dat geldt ook voor wetteksten. Deze mannelijke dominantie in juridische taal is ongetwijfeld een cultureel verschijnsel, maar heeft geen basis meer in de huidige samenleving. Hoe kunnen we bereiken dat taal in de rechtspraktijk ‘inclusiever’ wordt?


Mr. W.H. (Willem) Jebbink
Willem Jebbink is advocaat bij Jebbink Soeteman Advocaten in Amsterdam.

mr. R.E. (Rosa) van Zijl
Rosa van Zijl is advocaat bij Jebbink Soeteman Advocaten in Amsterdam.
Artikel

Access_open Het transigeren in grote fraudezaken: een blik op de toekomst

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 6 2021
Trefwoorden transactie, toetsing
Auteurs Mr. R.T. de Jong en prof. mr. R.M.I. Lamp
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 11 maart 2021 heeft de minister van Justitie en Veiligheid een conceptwetsvoorstel ter consultatie voorgelegd, dat onder meer voorziet in de introductie van een gerechtelijke toetsing van hoge transacties. Blijft de transactie daarmee een buitengerechtelijke afdoeningsmodaliteit (met een moment van gerechtelijke betrokkenheid) of verwordt het tot een pseudogerechtelijke procedure? De auteurs werpen met het oog op die vraag – na een korte beschrijving van de in het conceptwetsvoorstel geïntroduceerde toetsingsprocedure – een blik vooruit.


Mr. R.T. de Jong
Mr. R.T. de Jong is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek N.V.

prof. mr. R.M.I. Lamp
Prof. mr. R.M.I. Lamp is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek N.V. en hoogleraar Financieel strafrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Digital investigation powers and privacy

Recent ECtHR case law and implications for the modernisation of the Code of Criminal Procedure

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2021
Trefwoorden Right to respect for private life, European Court of Human Rights, Digital investigation powers, Modernisation of the Code of Criminal Procedure, Regulation
Auteurs Prof. mr. M.F.H. (Marianne) Hirsch Ballin en Dr. mr. M. (Maša) Galič
SamenvattingAuteursinformatie

    With the Modernisation of the Code of Criminal Procedure, certain digital investigation powers will for the first time be given a specific statutory basis, such as the search of data carriers, open-source investigation and network searches. Nevertheless, considering the high degree of intrusiveness of such techniques, particularly with the right to privacy, it remains important to take note of the jurisprudence of the European Court of Human Rights, which continues to set minimum safeguards for the interference with private life. In this paper, we therefore conduct a brief overview of recent ECtHR case law concerning five types of digital investigation powers. We then consider the implications of this case law for the regulation of such powers in the draft Code of Criminal Procedure and for the Modernisation process more broadly.


Prof. mr. M.F.H. (Marianne) Hirsch Ballin
Marianne Hirsch Ballin is professor of Criminal Law and Criminal Procedure at Vrije Univeristeit Amsterdam and member of the editorial board of this journal.

Dr. mr. M. (Maša) Galič
Maša Galič is assistant professor Criminal Law and Criminal Procedure at Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Access_open Een probleem rondom het nemo tenetur-beginsel?

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2021
Trefwoorden nemo tenetur-beginsel, zwijgrecht, zelfincriminatie, strafprocesrecht, eerlijk proces
Auteurs Mr. dr. J.S. (Joost) Nan
SamenvattingAuteursinformatie

    Het recht van een verdachte om niet mee te hoeven werken aan zijn eigen veroordeling (het nemo tenetur-beginsel), is samen met het zwijgrecht een hoeksteen in ons strafprocesrecht. Voor het positieve recht is het echter nog steeds geen uitgemaakte zaak wat de inhoud van het beginsel precies is. Toch kan men daarover duidelijk een divergentie waarnemen tussen de opvatting van de Nederlandse (hoogste) rechters en het EHRM.


Mr. dr. J.S. (Joost) Nan
Joost Nan is universitair hoofddocent straf(proces)recht bij EUR en (cassatie)advocaat bij Wladimiroff Advocaten.
Redactioneel

Ambtsdelicten van Kamerleden en bewindslieden: het rapport van de commissie-Fokkens

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 5 2021
Trefwoorden ambtsdelicten, ministers, Kamerleden, corruptie, strafrechtelijke ministeriële verantwoordelijkheid
Auteurs Mr. dr. E. Sikkema
SamenvattingAuteursinformatie

    Recent verscheen het rapport van de Commissie herziening wetgeving ambtsdelicten Kamerleden en bewindspersonen (commissie-Fokkens). De commissie stelt vast dat de huidige wettelijke regeling voor de vervolging en berechting van Kamerleden en bewindspersonen wegens ambtsdelicten ernstig tekortschiet. Deze conclusie kan vermoedelijk op brede instemming rekenen. De auteur duidt enkele hoofdlijnen van het rapport aan en signaleert een punt dat nog om nadere aandacht vraagt.


Mr. dr. E. Sikkema
Mr. dr. E. Sikkema is senior wetgevingsadviseur bij de Afdeling advisering van de Raad van State.
Artikel

Access_open De politie als winkelier van smartphones met ‘versleutelde’ communicatiemiddelen: de inzet van de opsporingshandelingen getoetst aan het legaliteitsbeginsel

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 5 2021
Trefwoorden digitale opsporing, legaliteitsbeginsel, Privacy, Operation Trojan Shield, ANOM-smartphone
Auteurs Mr. C.M. Taylor Parkins-Ozephius, Mr. I.N. De Wit, D.A.G. Van Toor PhD LLM BSc e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Met Operation Trojan Shield hebben de (Nederlandse) autoriteiten de populariteit van cryptophones perfect uitgebuit. In deze bijdrage wordt onderzocht welke wettelijke grondslag gebruikt zou kunnen zijn bij (1) de ontwikkeling van de hardware en de daarop geïnstalleerde software; (2) de verspreiding van de toestellen; (3) het verkrijgen van vertrouwelijke communicatie doordat de toestellen zijn gebruikt; en (4) de analyse van de inhoud van de verstuurde en ontvangen communicatie. De inzet van deze handelingen wordt ten slotte beoordeeld in het licht van het legaliteitsbeginsel zoals dat volgt uit artikel 8 lid 2 EVRM.


Mr. C.M. Taylor Parkins-Ozephius
Mr. C.M. Taylor Parkins-Ozephius is verbonden als docent Straf(proces)recht aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht.

Mr. I.N. De Wit
Mr. I.N. de Wit is verbonden als docent Straf(proces)recht aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht.

D.A.G. Van Toor PhD LLM BSc
D.A.G. van Toor PhD LLM BSc is verbonden als universitair docent aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Montaigne Centrum voor Rechtstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht.

Mr. T. Beekhuis
Mr. T. Beekhuis is verbonden als promovenda aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall) van de Universiteit Utrecht.
Trending Topics

Cybersecurity en ‘datagedreven’ opsporing: stand van zaken met betrekking tot de interceptie van versleutelde cryptocommunicatie

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 5 2021
Trefwoorden cybercrime, encryptie, internationale samenwerking, datagedreven opsporingsonderzoek, interceptie
Auteurs Mr. J.S. Boeser
SamenvattingAuteursinformatie

    Er is op dit moment veel te doen op het gebied van cybercrime en cybersecurity. Cyberaanvallen vormen een toenemende dreiging voor onze samenleving. Ook encryptie (de versleuteling van communicatie) levert de nodige uitdagingen op voor opsporingsdiensten. In een digitaliserende samenleving worden ‘datagedreven opsporing’ en digitaal bewijs steeds belangrijker. Tegelijkertijd roept dergelijk opsporingsonderzoek eveneens principiële vragen op, met name in het licht van de positie van de verdediging. In deze Trending Topics staat een typerend voorbeeld van ‘datagedreven’ onderzoek centraal, waar de afgelopen tijd veel om te doen is (geweest): de interceptie van versleutelde ‘cryptocommunicatie’. Reden voor een overzicht van de stand van zaken.


Mr. J.S. Boeser
Mr. J.S. Boeser is advocaat bij Van Doorne N.V. in Amsterdam.
Artikel

De modernisering van de bijzondere opsporing

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 5 2021
Trefwoorden modernisering Strafvordering, bijzondere strafwetgeving, opsporingsbevoegdheden, bijzonder strafrecht, bijzonder strafprocesrecht
Auteurs J.M. Klaasen, S. Mabrouk en R. Swager
SamenvattingAuteursinformatie

    Zou het in het licht van de doelstellingen van de modernisering van het Wetboek van Strafvordering wenselijk zijn om opsporingsbevoegdheden uit bijzondere strafwetgeving in het nieuwe Wetboek te regelen? In dit artikel wordt die vraag bevestigend beantwoord. Tevens wordt een voorzet gedaan voor hoe opsporingsbevoegdheden uit bijzondere strafwetgeving gemoderniseerd en geharmoniseerd hadden, of nog zouden, kunnen worden in het nieuwe Wetboek. Geïllustreerd wordt hoe betreding en inbeslagname in grote mate geharmoniseerd kunnen worden. Waar verdenkingscriteria op dit moment per wet verschillen, kunnen die verschillen gladgestreken of bewust gehandhaafd worden. Hoe dan ook verdient regeling in het nieuwe Wetboek de voorkeur.


J.M. Klaasen
J.M. Klaasen is student van de master Strafrecht van de Universiteit Utrecht.

S. Mabrouk
S. Mabrouk is student van de master Strafrecht van de Universiteit Utrecht.

R. Swager
R. Swager is student van de Legal Research Master van de Universiteit Utrecht.
Ten geleide

Domino met strafmaxima

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2021
Auteurs Sigrid van Wingerden
Auteursinformatie

Sigrid van Wingerden
Dr. mr. Sigrid van Wingerden is universitair hoofddocent bij het Instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden en tevens voorzitter van de redactie van PROCES.
Artikel

De licht verstandelijk beperkte verdachte in het gemoderniseerde strafproces

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2021
Trefwoorden licht verstandelijke beperking, modernisering Wetboek van Strafvordering, eerlijk proces, effectieve participatie
Auteurs Rosanne Lagerweij en Heleen Middelkoop
SamenvattingAuteursinformatie

    Suspects with a Mild Intellectual Disability (hereafter: MID) are over-represented in the criminal justice system. Is the right to a fair trial of these vulnerable suspects sufficiently guaranteed in the modernized Dutch Code of Criminal Procedure? To this end, it is first of all important that the MID is recognized by legal professionals in the criminal justice system. In this way, the suspect with an MID can be treated and interrogated in the right way, which can, for example, prevent making a false statement. Secondly, it is important that the compensatory and remedial measures that professionals may take according to the modernization are clarified. The professionals should know in which phase of the criminal proceeding they should apply certain measures. Finally, the question arises whether the addition of a lawyer is the most important measure to compensate the suspect with an MID for his disability.


Rosanne Lagerweij
Mr. R.H Lagerweij is als juridisch medewerker werkzaam bij de rechtbank Midden-Nederland.

Heleen Middelkoop
Mr. H.E. Middelkoop is als adviseur werkzaam bij de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming.
Artikel

Access_open Strafvorderlijke normering van preventief optreden op basis van datakoppeling

Een analyse aan de hand van de casus ‘Sensingproject Outlet Roermond’

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2021
Trefwoorden datakoppeling, privacy, opsporing, preventief politieoptreden, dataprotectierecht
Auteurs Prof. mr. L. Stevens, Prof. mr. M. Hirsch Ballin, Mr. dr. M. Galič e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage doen wij onderzoek naar de vraag hoe preventief politieoptreden op basis van datakoppeling zou moeten worden genormeerd. Onze analyse is gebaseerd op het Sensingproject Outlet Roermond. Wij stellen dat bestaande wetgeving onvoldoende in staat is de privacy van burgers te beschermen als die burgers ten behoeve van preventief politieoptreden in een algoritmische risicogroep worden geplaatst. Om die reden moet nieuwe regelgeving mede worden gebaseerd op een nieuw concept: group privacy. Ook stellen wij dat een nieuwe wettelijke grondslag recht zal moeten doen aan strafvorderlijke basisbeginselen nu preventief optreden op grond van datakoppeling moet worden gezien als opsporing.


Prof. mr. L. Stevens
Prof. mr. L. Stevens is hoogleraar straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Prof. mr. M. Hirsch Ballin
Prof. mr. M. Hirsch Ballin is hoogleraar straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. dr. M. Galič
Mr. dr. M. Galič is universitair docent straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. dr. S.S. Buisman
Mr. dr. S.S. Buisman is universitair docent straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. B. Groothoff
Mr. B. Groothoff is docent/onderzoeker aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. Y. Hamelzky
Mr. Y. Hamelzky is docent aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. C. Lucas
Mr. C. Lucas is PhD-onderzoeker aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. K. Rasul
Mr. K. Rasul is docent aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. S. Verijdt
Mr. S. Verijdt is docent aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Mediation à la française: de opmars van mediation in het Franse recht

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Frankrijk, mediation, Resultaten, Toezicht, Conciliation
Auteurs Marinka Schillings en Thom Verkuilen
SamenvattingAuteursinformatie

    Mediation is becoming ever more important in French law. For a long time, parties have been able to agree to mediate to avoid expensive and long legal proceedings. Recent reforms have extended the scope of mediation. The courts can ask parties to try and mediate, and in some areas of law, for instance disputes about less than € 5000, mediation has even become a prerequisite for being able to file a case. Whilst mediation is thus playing an important role in everyday disputes, national regulation for mediators is lagging behind. There are no thorough universal standards for mediators and there is no central disciplinary board, even though mediators’ organizations have been creating such professional rules and institutions. It is likely the advent of a mandatory attempt at mediation will lead the French legislator to adopt more universal rules for mediation.


Marinka Schillings
Marinka Schillings is advocaat-partner bij Amstel & Seine Avocats in Parijs en is tevens geaccrediteerd mediator bij het Parijse centrum voor mediation en arbitrage (CPAM).

Thom Verkuilen
Thom Verkuilen is advocaat-stagiair bij Amstel & Seine Avocats.
Artikel

Een voorstel om versneld te procederen in strafzaken bij het Haagse Hof

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Innovatie, Procesafspraken, Consensualiteit, Strafprocesrecht, Tardief
Auteurs Mr. H.C. (Hermine) Wiersinga
SamenvattingAuteursinformatie

    Is het mogelijkheid de strafprocedure in hoger beroep op innovatieve wijze te verkorten? Hier wordt een voorstel gedaan om op basis van consensualiteit te komen tot afspraken over versnelde afdoening in oude zaken. Het proces moet fair zijn en in lijn met uitgangspunten van het Wetboek van Strafvordering. Afspraken gemaakt tussen openbaar ministerie en verdediging worden voorgelegd aan de rechter. Een ingelaste schriftelijke ronde waarin standpunten worden uitgewisseld, goede planning van openbare (avond)zittingen en strakke handhaving van termijnen moeten daadwerkelijke versnelling mogelijk maken.


Mr. H.C. (Hermine) Wiersinga
Hermine Wiersinga is raadsheer bij het Gerechtshof Den Haag.

Angelique Perdaems
Mr. A.J.C. Perdaems is fiscaal advocaat bij Hertoghs advocaten.
Artikel

Access_open Wat betekenen advocaten voor het gezondheidsrecht?

Confraternele bijdragen voor Willemien Kastelein en Jaap Sijmons

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2021
Auteurs Mr. A.C. De Die, Mr. dr. L.A.P. Arends, Mr. W.K. Bischot e.a.
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. A.C. De Die
Mieke de Die is advocaat bij Velink & De Die advocaten te Amsterdam.

Mr. dr. L.A.P. Arends
Luuk Arends is advocaat bij Dirkzwager te Nijmegen.

Mr. W.K. Bischot
Willemien Bischot is advocaat bij Van Doorne te Amsterdam.

Mr. drs. M.J.J. de Ridder
Michel de Ridder is advocaat bij KBS te Utrecht.

Mr. dr. W.I. Koelewijn
Wouter Koelewijn is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht.

Mr. dr. M.F. Vermaat
Matthijs Vermaat is advocaat bij Van der Woude De Graaf te Amsterdam.

Mr. T.A.M. van den Ende
Tessa van den Ende is advocaat bij Nysingh te Utrecht.
Jurisprudentie

Gebleken onschuld tijdens de civiele schadevergoedingsprocedure

Noot bij HR 25 september 2020, ECLI:NL:HR:2020:1526

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2021
Trefwoorden onrechtmatige daad, gebleken onschuld, strafproces, vrijspraak, onschuldpresumptie
Auteurs Mr. dr. J.S. Nan
SamenvattingAuteursinformatie

    Schadevergoeding voor schade door het strafproces De gewezen verdachte kan na een goede afloop van de tsrafzaak om vergoeding van bepaalde kosten en schade verzoeken binnen het strafproces. Die mogelijkheden worden aangevuld door de civiele actie uit onrechtmatige overheidsdaad. De civiele rechter moet behoorlijk strenge eisen stellen eerdat een vordering kan worden toegewezen. Bij de zogeheten ‘gebleken onschuld’ moet vanuit de strafzaak komen vast te staan dat eiser inderdaad onschuldig is. Hoewel dit kan knellen met de onschuldpresumptie van art. 6 lid 2 EVRM, houdt de civiele kamer vast aan deze grondslag voor schadevergoeding.


Mr. dr. J.S. Nan
Mr. dr. J.S. Nan is universitair hoofddocent straf(process)recht (EUR) en cassatieadvocaat (Wladimiroff Advocaten).
Jurisprudentie

De gedwongen biometrische ontgrendeling van een elektronische gegevensdrager: rechtsbescherming gezocht?!

Noot bij HR 9 februari 2021, ECLI:NL:HR:2021:202

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2021
Trefwoorden biometrische ontgrendeling, nemo-teneturbeginsel, onderzoek aan de smartphone, rechtsbescherming, inbeslagname
Auteurs Mr. T. Beekhuis en D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
SamenvattingAuteursinformatie

    Annotatie bij HR 9 februari 2021, ECLI:NL:HR:2021:202. In deze annotatie wordt ingegaan op de gedwongen biometrische ontgrendeling van een smartphone en het daaropvolgende onderzoek aan de gegevens op de smartphone. Kanttekeningen worden geplaatst bij de mate van rechtsbescherming die een verdachte toekomt.


Mr. T. Beekhuis
Mr. T. Beekhuis is verbonden als promovenda aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall) van de Universiteit Utrecht.

D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
D.A.G. van Toor PhD LLM BSc is verbonden als universitair docent straf(proces)recht aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Montaigne Centrum voor Rechtstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open Strafbare seks tussen jongeren: ‘ontuchtig’ of ‘anders dan in het kader van een gelijkwaardige relatie’

Wie het weet mag het zeggen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2021
Trefwoorden ontuchtige handelingen, seksuele autonomie minderjarigen, Legaliteit
Auteurs Dr. Renée Kool en Dr. Lydia Dalhuisen
SamenvattingAuteursinformatie

    A revision of the Dutch vice law is to be expected, amongst others with regard to sex between minors. The current standard requires such contacts to be in violation with the social view, indicating that the minor’s perspective is subdue to the majority opinion. Applying the legal standard of ‘indeceny’ (‘ontuchtig’), the judiciary are left with room for interpretation. In order to grant minors more sexual autonomy and to further legality, the legislator wants to change the criterion, opting for the standard of ‘other than in an equal relationship’. This begs the question whether this will solve the interpretive issues that flow from such open criteria. In order to predict whether the standard of ‘other than in an equal relationship’ will contribute to clarify the issues of legality, the jurisprudence with regard to the standard of ‘indecency’ was analyzed in order to learn which variables are applied by the magistracy.


Dr. Renée Kool
Dr. Renée Kool is universitair hoofddocent UCall/WPI bij Utrecht Centre for Accountability & Liability Law (UCALL).

Dr. Lydia Dalhuisen
Dr. Lydia Dalhuisen is universitair docent UCall/WPI, Universiteit Utrecht.
Artikel

Lost in translation? Remedies voor schendingen van het slachtofferrecht op vertolking en vertaling naar Nederlands en Europees recht

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden slachtofferrechten, remedies, vertolking en vertaling, Slachtofferrichtlijn, recht op een effectieve remedie
Auteurs G.M. (Max) de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    In de rechtspraktijk komen regelmatig schendingen van slachtofferrechten voor. Een vraag is welke remedies slachtoffers (zouden moeten) kunnen aanwenden tegen schendingen van hun rechten. In deze bijdrage bespreekt de auteur de remedies voor schendingen van het slachtofferrecht op vertolking en vertaling van artikel 51c lid 5 en artikel 51ca Sv. Er wordt betoogd dat de naar Nederlands recht beschikbare remedies niet voldoen aan het Europees recht, te weten het recht op een remedie van artikel 7 lid 7 Slachtofferrichtlijn en het recht op een effectieve remedie van artikel 47 Handvest.


G.M. (Max) de Vries
Max de Vries volgt de Master Rechtswetenschappelijk Onderzoek en de Master Nederlands Recht, specialisatie strafrecht, beide aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Toont 1 - 20 van 197 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 10
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.