Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 486 artikelen

x
Actualiteiten rechtspraak

NTS 2020/63

HR 7 april 2020, 19/00140, ECLI:NL:HR:2020:625

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 3 2020
Artikel

Access_open Een kinderrechtenproof Vlaams jeugddelinquentierecht?

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Vlaams jeugdstrafrecht, Kinderrechten, IVRK
Auteurs K. (Katrien) Herbots en S. (Sofie) van Rumst
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de aanname van het Jeugddelinquentiedecreet, bepaalt Vlaanderen de richting die het wil uitgaan in het omgaan met personen die op minderjarige leeftijd strafbare feiten plegen of hiervan verdacht worden. Zo ambieerde Vlaanderen onder meer zich ‘internationaal als goede praktijk in de aanpak van jeugddelinquentie te profileren’. Deze bijdrage gaat vanuit een kinderrechtenperspectief na in welke mate het nieuwe Vlaamse decreet deze internationale ambitie waar maakt.


K. (Katrien) Herbots
Katrien Herbots is Raadgever Jeugd en Kinderrechten bij Vlaams minister van Brussel, Jeugd en Media.

S. (Sofie) van Rumst
Sofie van Rumst is advocaat en beleidsadviseur Kinderrechtencommissariaat.
Artikel

Zaken oplossen met behulp van de DNA-databank: een pleidooi voor een brede inhoudelijke discussie over de voorgenomen wijziging van de Wet DNA-V

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden, DNA-databank, conservatoire afname, opsporing, DNA
Auteurs Mr. M. Goos MM en Prof. mr. L. Stevens
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden (Wet DNA-V) worden DNA-celmateriaal en DNA-profielen van veroordeelden bewaard. Omdat sommige veroordeelden onvindbaar blijken voor de afname van hun celmateriaal zal vermoedelijk de wet worden aangepast opdat conservatoire afname mogelijk wordt. DNA wordt dan reeds afgenomen tijdens het opsporingsonderzoek maar pas verwerkt na veroordeling. Deze bijdrage plaatst de discussie over de juridische en praktische houdbaarheid van de conservatoire afname in een breder perspectief, namelijk die van de oorspronkelijke doelstellingen van de Wet DNA-V en de vraag naar de mogelijkheden van het afnemen én het reeds verwerken van DNA-celmateriaal tijdens het opsporingsonderzoek.


Mr. M. Goos MM
Mr. M. Goos MM is juridisch adviseur bij de nationale politie en namens de politie betrokken bij de modernisering van het Wetboek van Strafvordering. Hij schreef deze bijdrage op persoonlijke titel.

Prof. mr. L. Stevens
Prof. mr. L. Stevens is hoogleraar straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Digitale markten

Access_open De Richtlijn elektronische handel en de platformeconomie

Noot bij HvJ 19 december 2019, zaak C-390/18, ECLI:EU:C:2019:1112 (Airbnb Ireland)

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2020
Trefwoorden online platformen, vrij verkeer van diensten, aansprakelijkheid, Digital Single Market
Auteurs Prof. dr. V. Mak
SamenvattingAuteursinformatie

    De uitspraak van het Hof van Justitie in de zaak Airbnb Ireland geeft aanleiding tot een herbezinning op de Richtlijn elektronische handel. Deze richtlijn uit 2000 lijkt onvoldoende toegerust om het hoofd te bieden aan de complexe problemen die ontstaan door de groeiende aanwezigheid van grote online platformen op Europese consumentenmarkten. Deze noot bespreekt de kwalificatie van platformdiensten als ‘dienst van de informatiemaatschappij’ en de daaraan gekoppelde regels voor aansprakelijkheid en mogelijke beperkingen van het vrij verkeer van diensten door nationale regelgeving.
    HvJ EU zaak C-390/18, Airbnb Ireland, ECLI:EU:C:2019:1112


Prof. dr. V. Mak
Prof. dr. V. (Vanessa) Mak M.Jur is hoogleraar privaatrecht aan de Universiteit van Tilburg.
Kroniek rechtspraak

Kroniek Wet marktordening gezondheidszorg

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden belanghebbende, tarieven, contracteervereiste, budgettering, handhaving
Auteurs Prof. mr. J.G. Sijmons
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze kroniek behandelt de rechtspraak op het gebied van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), die van het College van Beroep voor het bedrijfsleven en de bestuursrechter is verschenen in de periode vanaf 1 juli 2016 tot en met 31 december 2019.


Prof. mr. J.G. Sijmons
Jaap Sijmons is hoogleraar Gezondheidsrecht aan de UU en advocaat-partner bij Nysingh advocaten-notarissen te Zwolle.
Artikel

Kroniek Pensioenrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 4 2020
Auteurs Bastian Bodewes, Annemiek Cramer, Jan Aart van de Hoef e.a.
Auteursinformatie

Bastian Bodewes
Bastian Bodewes is advocaat bij Van Heest Bodewes Pensioenrechtadvocatuur te Assen respectievelijk Haarlem.

Annemiek Cramer
Annemiek Cramer CPL is advocaat bij Pensioenadvocaten.nl te Amsterdam.

Jan Aart van de Hoef
Jan Aart van de Hoef CPL is advocaat bij Pensioenadvocaten.nl te Woerden.

Naime Tali
Naime Tali is advocaat bij Talegal te Amsterdam.

Wim Thijssen
Wim Thijssen is advocaat bij Pensioenadvocaten.nl te Heemstede en tevens verbonden aan het VU Expertisecentrum Pensioenrecht te Amsterdam.
Artikel

De benchmarktransitie: van IBOR’s naar RFR’s door een civielrechtelijk labyrint?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2020
Trefwoorden IBOR, benchmark, transitie, fallback, risk-free rate
Auteurs Mr. S. Uiterwijk
SamenvattingAuteursinformatie

    Bekende benchmarks om renteverplichtingen mee te berekenen, zoals LIBOR en EURIBOR, zullen mogelijk verdwijnen. Dit zal een impact hebben op allerlei financiële producten, met een marktwaarde geschat op honderden biljoenen euro’s. Naast professionele partijen kunnen ook consumenten hierdoor worden geraakt. Dit artikel beschrijft de benchmarktransitie en de civielrechtelijke aandachtspunten.


Mr. S. Uiterwijk
Mr. S. Uiterwijk is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Actualiteiten rechtspraak

Access_open NTS 2020/20

HR 1 oktober 2019, 18/01356, ECLI:NL:HR:2019:1456

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 1 2020
Samenvatting

    Opzettelijk handelen in strijd met het in art. 2.A Opiumwet gegeven verbod door invoer van ruim 30 kg ayahuasca-thee bestemd voor kerk. Beroep op recht op vrijheid van godsdienst ex art. 9 EVRM.
    Was ’s Hofs oordeel dat veroordeling voor art. 2A Opiumwet (invoer harddrugs) en daarmee beperking van recht op vrijheid van godsdienst van verdachte in het onderhavige geval in een democratische samenleving noodzakelijk ter bescherming van volksgezondheid?

Trending Topics

De hulpofficier en het onderzoek in de smartphone

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2020
Trefwoorden smartphone, hulpofficier, modernisering, opsporing, strafvordering
Auteurs Mr. dr. E. Gritter
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur gaat in deze bijdrage in op de normering van (beperkt) onderzoek in smartphones en vergelijkbare apparaten, waarbij hij in de toekomst een rol weggelegd ziet voor de hulpofficier van justitie.


Mr. dr. E. Gritter
Mr. dr. E. Gritter is universitair docent straf(proces)recht aan de Rijksuniversiteit Groningen en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Kroniek Materieel strafrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 10 2019
Auteurs Frezia Aarts, Rachel Bruinen, Dirk Dammers e.a.

Frezia Aarts

Rachel Bruinen

Dirk Dammers

Alexandra Emsbroek

Robert Malewicz

Michiel Olthof

Ben Polman

Inge Raterman

Melissa Slaghekke

Paul Verweijen

Linda Marsman
Kroniek rechtspraak

Kroniek rechtspraak rechten van de mens

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2019
Trefwoorden EVRM, EHRM, rechten van de mens, schending
Auteurs Prof. mr. A.C. Hendriks
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM of Hof) heeft in de periode september 2018 tot en met augustus 2019 weer diverse uitspraken gedaan over gezondheidsrechtelijke vraagstukken. Naast uitspraken over de uitleg van ‘bekende’ rechten, zoals het recht op leven, het recht op toegang tot adequate zorg en de procedurele overheidsverplichtingen, waren er verschillende ‘nieuwe’ onderwerpen waarover het Hof zich moest buigen, waaronder de verplichting om een urinetest te ondergaan, de toegang tot een externe deskundige, het recht om te huwen van een onder curatele gestelde persoon en de rechten van naasten en nabestaanden. Het geheel geeft een beeld van de diverse tegen verdragsstaten ingediende klachten.


Prof. mr. A.C. Hendriks
Aart Hendriks is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Leiden.
Legisprudentie

Onpartijdige wetgevingsadviezen

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2019
Trefwoorden legisprudentie, wetgevingsadvisering, onpartijdigheid, verschonen
Auteurs Mr. M. Nap
SamenvattingAuteursinformatie

    De Wet op de Raad van State bevat een voorziening voor het geval een lid zich van deelname aan de wetgevingsadvisering wil verschonen. Het gebruik (of het onbruik) daarvan doet vragen rijzen.


Mr. M. Nap
Mr. M. (Mentko) Nap is docent Staatsrecht aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen.
Annotatie

Het discriminatieverbod als katalysator van de negatieve vrijheid van religie in identiteitsgebonden organisaties

HvJ EU 17 april 2018, C-414/16 (Vera Egenberger/Evangelisches Werk für Diakonie und Entwicklung eV) en HvJ EU 11 september 2018, C-68/17 (IR/JQ)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Kaderrichtlijn 2000/78, Discriminatie op basis van godsdienst of overtuiging, Identiteitsgebonden organisaties, Toegang tot de rechter, Proportionaliteit
Auteurs Prof. dr. F. Dorssemont
SamenvattingAuteursinformatie

    In de hier besproken arresten buigt het Europese Hof van Justitie zich voor de tweede maal sedert de arresten Achbita en Bougnaoui (2017) over de draagwijdte van discriminatie op basis van godsdienst of overtuiging. Stond in de hiervoor genoemde arresten de vraag centraal of de indirecte discriminatie die een hoofddoekverbod in een neutrale organisatie impliceert kon worden gerechtvaardigd, dan botsen in de hier besproken arresten een sollicitant en een werknemer in identiteitsgebonden organisaties op het ethos van die organisatie. De vraag staat centraal in welke mate een identiteitsgebonden organisatie zich op dat ethos kan beroepen om een kandidaat te weigeren die géén lid is van een protestants kerkgenootschap, en om een arts te ontslaan die na het aangaan van een kerkelijk huwelijk dat noch werd nietig verklaard, noch door de dood van zijn voormalige echtgenote werd ontbonden een tweede civiel huwelijk aanging. In deze bijdrage wordt de wijze waarop het Europese Hof van Justitie met dergelijke loyaliteitsconflicten omgaat vergeleken met de jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. De verruimde mogelijkheid die identiteitsgebonden organisaties hebben om directe discriminatie op basis van geloof of overtuiging te rechtvaardigen wordt vergeleken met de gemene rechtvaardiging van directe discriminatie. Een ander punt van aandacht is de vergelijking tussen deze verruimde rechtvaardiging van directe discriminatie én de rechtvaardiging van beperkingen van de vrijheid van godsdienst. De oordelen van het Nederlandse College voor de Rechten van de Mens worden beschouwd in het licht van deze Luxemburgse jurisprudentie.


Prof. dr. F. Dorssemont
Prof. dr. F. Dorssemont is gewoon hoogleraar aan de Université Catholique de Louvain en gastdocent aan de Vrije Universiteit Brussel.
Artikel

Is het mogelijk om alle woningeigenaren verplicht van het aardgas af te schakelen?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2019
Trefwoorden aardgas, energietransitie, wijkgerichte aanpak, verplichten, gemeente
Auteurs Mr. R.A. (Rieneke) Jager
SamenvattingAuteursinformatie

    Alle circa 7 miljoen woningen in Nederland moeten in 2050 aardgasvrij zijn. De verantwoordelijkheid hiervoor ligt bij de gemeente. Onduidelijk is echter of, en zo ja hoe, de gemeente woningeigenaren met het (toekomstig) publiekrechtelijk instrumentarium tot afschakeling van het aardgas kan verplichten. In deze bijdrage wordt deze vraag beantwoord. Waar de gemeente nu nog geen verplichting tot het afschakelen kan opleggen, is dit na de inwerkingtreding van de Omgevingswet naar verwachting wel het geval. Het opleggen van de verplichting moet voldoen aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur en blijft binnen de grenzen van het eigendomsrecht.


Mr. R.A. (Rieneke) Jager
Mr. R.A. Jager is advocaat bij Pels Rijcken en Droogleever Fortuijn te Den Haag.
Artikel

De investeringstoets in vitale infrastructuren: laatste redmiddel of reden tot zorg?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2019
Trefwoorden vitale sectoren, investeringstoets, Europees recht, telecommunicatiesector, openbare veiligheid
Auteurs Tessa van Breugel, Saskia Lavrijssen en Leigh Hancher
SamenvattingAuteursinformatie

    In maart 2019 is het wetsvoorstel ongewenste zeggenschap telecommunicatie ingediend bij de Tweede Kamer. Dit wetsvoorstel introduceert een investeringstoets in de telecommunicatiesector. Het is een aanvulling op het bestaande wet- en regelgevend kader dat veelal is ingevoerd ten tijde van de privatisering en liberalisering van vitale infrastructuursectoren. Dit kader biedt volgens de regering niet langer afdoende bescherming tegen nationale veiligheidsrisico’s die in de huidige tijd door buitenlandse overnames en investeringen in de vitale infrastructuur kunnen ontstaan. De investeringstoets behoort tot een nieuw soort instrumentarium (de zogenoemde ‘tweedegeneratie-instrumenten’) met een grotere reikwijdte en breder toepassingsbereik dat in steeds meer EU-lidstaten zijn intrede doet. Hoewel het recent vastgestelde EU-screeningskader aanzienlijke ruimte laat aan EU-lidstaten om screening van investeringen vorm te geven, moet de wijze waarop deze ruimte wordt ingevuld in overeenstemming zijn met de fundamentele Europese vrijverkeerbepalingen. Dit artikel concludeert dat het wetsvoorstel in de huidige vorm een ongerechtvaardigde belemmering van het vrij verkeer vormt en herbezinning behoeft.


Tessa van Breugel
Mr. drs. T.A.B. van Breugel is afgestudeerd masterstudent ondernemingsrecht aan Tilburg University.

Saskia Lavrijssen
Prof. dr. S.A.C.M. Lavrijssen is hoogleraar regulering en toezicht aan Tilburg University.

Leigh Hancher
Prof. dr. L. Hancher is hoogleraar Europees recht aan Tilburg University en Florence School of Regulation.
Staatssteun

Stimulerende steunverlening volgens het arrest Eesti Pagar

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2019
Trefwoorden stimulerend effect, onrechtmatige staatssteun, terugvordering, rente, verjaring
Auteurs Mr. dr. P.C. Adriaanse
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest Eesti Pagar heeft het Hof van Justitie de taak van steunverleners bij beoordeling van het stimulerend effect van steunverlening afgebakend. Verder heeft het Hof van Justitie een verplichting voor steunverleners uitgesproken om op eigen initiatief alle consequenties te trekken uit niet-naleving van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening, waaronder verplichte terugvordering met inbegrip van rente. In dat kader heeft het Hof van Justitie zich ook uitgelaten over het vertrouwensbeginsel, verjaring en de vordering van rente. Het arrest is voor de praktijk van belang omdat het meer duidelijkheid geeft over de toepassing van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening.
    HvJ 5 maart 2019, zaak C-349/17, Eesti Pagar AS/EAS, ECLI:EU:C:2019:172


Mr. dr. P.C. Adriaanse
Mr. dr. P.C. (Paul) Adriaanse is advocaat bij Justion Advocaten en universitair hoofddocent bij de afdeling Staats- en bestuursrecht van de Universiteit Leiden.
Jurisprudentie en wetgeving

Lachiri/België: het Europees Hof voor de Rechten van de Mens blijft worstelen met de hoofddoek

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Islamitisch recht;, sharia in Europa;, hoofddoek;, vrijheid van religie, Mensenrechten
Auteurs Prof. dr. mr. Maurits S. Berger
SamenvattingAuteursinformatie

    In the ruling on Lachiri/Belgium, commentators discern a new development in the ECHR’s jurisprudence on the relationship between the headscarf and freedom of religion. According to the author, that is not the case: in fact, he observes a continued bias of the Court towards the headscarf.


Prof. dr. mr. Maurits S. Berger
Prof. dr. mr. M.S. Berger is hoogleraar Islam en het Westen aan de Universiteit Leiden en directeur van de Leiden Islam Academie. Tevens is hij senior research associate aan Instituut Clingendael, en hoofdredacteur van het Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid.
Artikel

Access_open Burgerparticipatie onder de Omgevingswet: niet omdat het moet, maar omdat het kan?!

De juridische waarborging van burgerparticipatie in de Omgevingswet

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Burgerparticipatie, Omgevingswet, Rechtsbescherming, Inspraak, maatschappelijk draagvlak, Kerninstrumenten, snellere en betere aanpak
Auteurs Mr. dr. Marlon Boeve en Mr. dr. Frank Groothuijse
SamenvattingAuteursinformatie

    Public participation is an important issue in the forthcoming Dutch Environment and Planning Act (2021). The importance of participation is emphasized in numerous places in the parliamentary documents to the Act. This contribution discusses how the new Act gives legal substance to the objectives that the government is pursuing regarding participation and whether the involvement of citizens is indeed better imbedded by this act. It addresses the important subject of the ‘right moment of participation’ in the fragmented Dutch policy and decision system. Consecutively it deals with the question of potential legal consequences for non-compliance by administrative bodies to the legal participation obligations when drawing up plans and decisions. Can a citizen enforce (substantive) participation in the administrative court after the Environmental and Planning Act comes into force? The possibilities are limited. Findings show that the new Environment and Planning Act does not address the essential problems that arise with participation. The successful creation of local support, better quality and faster decision-making through participation all depend on how the (local) government shapes participation. From a legal perspective, the Environment and Planning Act makes little contribution to this. In the view of the authors this is not surprising, because the role of legislation in safeguarding substantive participation should not be overestimated.


Mr. dr. Marlon Boeve
Marlon Boeve is universitair docent omgevingsrecht aan de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainability Law.

Mr. dr. Frank Groothuijse
Frank Groothuijse is universitair hoofddocent omgevingsrecht aan de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainability Law.
Artikel

‘Ernstig verwijt’ en selectieve betalingen

Enkele beschouwingen naar aanleiding van HR 12 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:576

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2019
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, ernstig verwijt, selectieve betalingen, insolventie, kennelijk onbehoorlijk bestuur
Auteurs Mr. A. Karapetian
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt aan de hand van rechtspraak van de Hoge Raad ingegaan op het ‘ernstig verwijt’ als maatstaf voor de beoordeling van de aansprakelijkheid van bestuurders en wordt aandacht besteed aan het leerstuk van selectieve betalingen. De auteur reflecteert op het nut en de noodzaak van het ‘ernstig verwijt’ bij de verschillende grondslagen van bestuurdersaansprakelijkheid en bespreekt de verwikkelingen rondom de (on)geoorloofdheid van selectieve betalingen.


Mr. A. Karapetian
Mr. A. Karapetian is als universitair docent verbonden aan de vakgroep Privaatrecht en Notarieel Recht van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Access_open Hoe betekenisvol is het participatierecht van het kind in de KNMG-meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld (2018)?

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Participatierecht, KNMG-meldcode, Kindermishandeling, Huiselijk geweld, IVRK
Auteurs Mr. dr. M.P. Sombroek-van Doorm en D.M.A. Conway LLB
SamenvattingAuteursinformatie

    Ieder kind heeft het recht om te participeren in aangelegenheden die hem of haar betreffen (art. 12 IVRK). In de situatie dat een arts vermoedt of weet dat een kind slachtoffer is van kindermishandeling, is betekenisvolle participatie van het kind bovendien cruciaal voor de arts om te kunnen handelen in het belang van het kind (art. 3 IVRK). De KNMG-meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld (2018) regelt de stappen die de arts moet zetten en het afwegingskader dat hij moet volgen voor het doen van een melding van (een vermoeden van) kindermishandeling aan Veilig Thuis. In deze bijdrage wordt nagegaan in hoeverre het participatierecht van het kind gegarandeerd wordt in deze meldcode.


Mr. dr. M.P. Sombroek-van Doorm
Mr. dr. M.P. Sombroek is universitair docent bij de afdeling Jeugdrecht van de Universiteit Leiden.

D.M.A. Conway LLB
D.M.A. Conway LLB is masterstudent Jeugdrecht aan de Universiteit Leiden.
Toont 1 - 20 van 486 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 24 25
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.