Zoekresultaat: 20 artikelen

x
Nationaal

Access_open VSZ 2021/4

Rb. Noord-Holland 29 oktober 2020, ECLI:NL:RBNHO:2020:8553 (Profvoetballer/Albert Heijn&EMM&ECV)

Tijdschrift Voetbal- & Sportjuridische Zaken, Aflevering 1 2021
Auteurs Tim Wilms en Niels Jansen

Tim Wilms

Niels Jansen
Nationaal

Access_open VSZ 2021/2

Gerechtshof Amsterdam 2 juni 2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:1410 (Picnic/Verstappen&Mavic)

Tijdschrift Voetbal- & Sportjuridische Zaken, Aflevering 1 2021
Auteurs Tim Wilms en Niels Jansen

Tim Wilms

Niels Jansen
Artikel

Het recht van de intellectuele eigendom 2000-2020

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden intellectuele eigendom, intellectuele eigendomsrechten
Auteurs Mr. C.A.D. Jänsch en Mr. J.A. de Baar
SamenvattingAuteursinformatie

    De rol van het intellectuele eigendomsrecht is de laatste jaren aanzienlijk toegenomen, niet in de laatste plaats door de toename van het gebruik van internet, sociale media en smartphones. Dit artikel is een bewerking van de laatste kroniek, gepubliceerd in TAR-Justicia 2000 nr. 4. De auteurs gaan in op relevante ontwikkelingen in de wetgeving en de rechtspraak, onder meer op het gebied van het auteursrecht, het merkenrecht en het octrooirecht sinds het begin van deze eeuw. Daarbij komen ook de verschillen in de vier jurisdicties binnen het Caribische deel van het Koninkrijk aan de orde. Tot besluit worden mogelijke ontwikkelingen in het komende decennium besproken.


Mr. C.A.D. Jänsch
Mr. C.A.D. Jänsch is advocaat-partner bij OX & WOLF legal partners te Curaçao.

Mr. J.A. de Baar
Mr. J.A. de Baar is advocaat-partner bij BBV Legal te Curaçao.

Thijs van Aerde
Mr. A.M. van Aerde is advocaat bij Houthoff te Amsterdam. Hij specialiseert zich in het recht van de intellectuele eigendom en cassatie.

Jan Willem de Groot
Mr. J.W. de Groot is advocaat bij Houthoff te Amsterdam.
Peer reviewed

Onderzoeksjournalistiek en opsporing

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2018
Trefwoorden Opsporing, Persvoorlichting, Onderzoeksjournalistiek, Misdaadjournalistiek, Privacy
Auteurs Dr. Peter Klerks
SamenvattingAuteursinformatie

    Investigative reporters show an increasing interest in criminal phenomena. Dutch journalists may be allowed access to ongoing police investigations on the condition that they comply with data protection legislation. Working in international cooperative projects, using sophisticated research tools and hot sources, journalists by themselves also manage to uncover hidden crimes that may prompt indictments. The article explores possibilities of future collaboration between criminal investigators and reporters, while acknowledging each other’s professional roles and responsibilities.


Dr. Peter Klerks
Dr. P.P.H.M. Klerks werkt als raadadviseur bij het Parket-Generaal van het Openbaar Ministerie en doceert aan de Politieacademie, waar hij van 2004 tot 2010 lector Recherchekunde was.
Artikel

Aansprakelijkheid voor drones

Technologische ontwikkelingen en de toepasbaarheid van het aansprakelijkheidsrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2018
Trefwoorden drones, onbemande luchtvaartuigen, privacy, productaansprakelijkheid, innovatie
Auteurs Mr. dr. ir. B.H.M. Custers
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt onderzocht in hoeverre het Nederlandse aansprakelijkheidsrecht is toegerust op toenemende autonomie van drones en verdergaande miniaturisering in dronetechnologie. Na korte uitleg van relevante luchtvaartwetgeving voor dronegebruik wordt ingegaan op de onrechtmatige daad en productaansprakelijkheid. Daarna wordt besproken in hoeverre het huidige stelsel van aansprakelijkheid aanpassing behoeft.


Mr. dr. ir. B.H.M. Custers
Mr. dr. ir. B.H.M. Custers is associate professor en onderzoeksdirecteur bij eLaw, het centrum voor recht en digitale technologie aan de juridische faculteit van de Universiteit Leiden.
Impressies

Wat is de impact van de Algemene Verordening Gegevensbescherming van de EU op internationale franchiseovereenkomsten?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Algemene Verordening Gegevensbescherming, Franchiseovereenkomsten, Nationaal en internationaal contracteren, E-commerce, Bescherming persoonsgegevens
Auteurs Mr. M. de Koning en Mr. dr. H.H. de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) zal per ingang van 25 mei 2018 van toepassing zal zijn in alle EU-lidstaten. Het artikel zet de belangrijkste veranderingen die de AVG met zich meebrengt en de betekenis voor franchiseovereenkomsten uiteen. In het kort verruimt de AVG de rechten van betrokkenen (natuurlijke personen) op basis van hun fundamentele recht op gegevensbescherming en scherpt het de verplichtingen aan van de bij verwerking van persoonsgegevens betrokken ondernemingen. Ook verzwaart de Verordening het sanctieregime.
    Voor de meeste franchisegevers en franchisenemers geldt dat zij persoonsgegevens verwerken en dus te maken krijgen met het regime van de AVG. De meeste franchisenetwerken maken gebruik van loyaltyprogramma’s en digitale marketingmethodes. Ook komt het in de praktijk voor dat franchisegevers en franchisenemers in geschillen terechtkomen over wie de gegevens met betrekking tot de klanten van de franchisenemers mag gebruiken, tijdens of na beëindiging van de franchiserelatie. Wij behandelen de basisbeginselen van de AVG, de vereisten voor een rechtmatige verwerking van persoonsgegevens, de nieuwe verplichtingen en rechten van betrokkenen. Teneinde aan de AVG te kunnen voldoen, moeten franchisegevers en franchisenemers onder meer de gegevensverwerking van in franchisesystemen in kaart brengen en moeten zij rolduidelijkheid scheppen: wie is de verantwoordelijke en wie is eventuele verwerker jegens de betrokken natuurlijke personen?
    Het artikel concludeert dat de meeste internationaal gebruikte standaard franchiseovereenkomsten vrij veel aanpassingen behoeven om aan de vereisten van de AVG te voldoen. Momenteel zijn de rollen van franchisegevers en franchisenemers en de activiteiten voor bescherming van persoonsgegevens in de franchiseketen niet duidelijk bepaald en vastgelegd. Dan blijft dikwijls in het midden welke partij voor de naleving van de AVG verantwoordelijk is. Niet-naleving kan tot hoge boetes, civielrechtelijek aansprakelijkheid en/of reputatieschade van het gehele franchisenetwerk leiden. De AVG is ook relevant voor buiten de EU gevestigde franchisegevers. Ongeacht of de verwerking van persoonsgegevens in de EU plaatsvindt, is de AVG van toepassing op de verwerking in de context van activiteiten van een vestiging van een verwerkingsverantwoordelijke of een verwerker in de EU.
    Er is voorts nog een e-Privacy Verordening in de maak. Deze zal op het punt van profilering, e-marketing, behavioral advertising en geo-targeting aanvullende eisen stellen.


Mr. M. de Koning
Mr. M. de Koning is advocaat/partner bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam en hoofd van de sectie Commercial.

Mr. dr. H.H. de Vries
Mr. dr. H.H. de Vries is advocaat/partner bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam en hoofd van de sectie Privacy.
Recent

Gekweld

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 1 2017
Auteurs Sabine Droogleever Fortuyn

Sabine Droogleever Fortuyn
Redactioneel

Criminaliteit en criminologie in een gedigitaliseerde wereld

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2013
Trefwoorden cybercrime, cyberspace, criminology
Auteurs Dr. Judith van Erp, Prof. dr. Wouter Stol en Dr. Johan van Wilsem
SamenvattingAuteursinformatie

    This special issue introduces the topic of cybercrime to Dutch criminology. First, it raises the major substantive issues that computer technology involves for criminology, in terms of crime volume, people involved in crime, and the ways that crimes are committed. Also, it deals with research literature on cybercrime on various topics, such as survey methodology, crime prevention and Internet applications open to justice professionals in the fight against crime. Overall, the article concludes that much research remains to be done in this relatively new field.


Dr. Judith van Erp
Dr. J.G. van Erp is universitair hoofddocent Criminologie aan de Erasmus School of Law.

Prof. dr. Wouter Stol
Prof. dr. W.Ph. Stol is lector Cybersafety aan de NHL Hogeschool en Politieacademie en bijzonder hoogleraar Politiestudies aan de Open Universiteit.

Dr. Johan van Wilsem
Dr. J. van Wilsem is universitair hoofddocent Criminologie aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Artikel

Bespiegelingen aangaande de juridisering en commercialisering van het Curaçaose carnaval

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2012
Trefwoorden Carnaval, commercie, retributie, Auteursrecht, portretrecht
Auteurs Dr. J. Sybesma
SamenvattingAuteursinformatie

    Het carnaval van Curaçao is uitgegroeid tot een groot publiek feest van pracht en praal. Grote evenementen kosten veel geld. Waar geld te halen valt zijn commerciële belangen in het spel. En waar geld gemoeid is ontstaan discussies en ruzies. Ruzies lopen uit in juridische procedures omdat iedere partij het gelijk aan zijn kant tracht te krijgen. Tot een van de opvallende procedures tijdens het carnaval 2012 behoorde de poging een platinumsectie tijdens het Tumbafestival naast de bestaande in te stellen. Een ander opvallend geschil betrof schending van het portretrecht van de carnavalsgroepen door de uitzendingen van TeleCuraçao/TDS, indien daarvoor geen vergoeding zou worden betaald. Uiteindelijk kreeg TeleCuraçao/TDS het alleenrecht voor commerciële uitzendingen door betaling van een aanzienlijke geldsom. Dit artikel werkt het juridisch kader van het voornoemde nader uit.


Dr. J. Sybesma
Dit artikel is geheel op eigen initiatief geschreven. Mijn speciale dank gaat uit naar Gedeona, Mirto en Michael.
Artikel

Het arrest Wintersteiger en de plaats van het schadebrengende feit: het Hof van Justitie zet de doos van Pandora verder open

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8/9 2012
Trefwoorden internationale rechtsmacht, onrechtmatige daad, internet, nationaal merk, AdWord
Auteurs Mr. H.W. Wefers Bettink
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie heeft in het arrest Wintersteiger prejudiciële vragen beantwoord van het Oostenrijkse Oberste Gerichtshof over de uitleg van artikel 5 punt 3 Verordening 2001/44/EG in geval van inbreuk op een in Oostenrijk geregistreerd merk. De Merkenrichtlijn, die het nationale merkenrecht van de lidstaten harmoniseert, heeft geen betrekking op procesrechtelijke aspecten zoals de aanwijzing van de bevoegde rechter.1x Richtlijn 2008/95/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2008 betreffende de aanpassing van het merkenrecht der lidstaten, PbEU 2008, L 299/25-33. De nationale rechter bepaalt aan de hand van Verordening 2001/44/EG2x Verordening (EG) nr. 44/2001 van de Raad van 22 december 2000 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken PbEG 2001, L 12/1-23 (Verordening 2001/44/EG). en het nationale procesrecht zijn internationale bevoegdheid. In het arrest Wintersteiger geeft het Hof van Justitie aanknopingspunten voor het bepalen van de bevoegde rechter bij inbreuk op een nationaal merk.

Noten

  • * Met dank aan prof. mr. M. Koppenol-Laforce en mr. M. Zilinsky voor hun commentaar.
  • 1 Richtlijn 2008/95/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2008 betreffende de aanpassing van het merkenrecht der lidstaten, PbEU 2008, L 299/25-33.

  • 2 Verordening (EG) nr. 44/2001 van de Raad van 22 december 2000 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken PbEG 2001, L 12/1-23 (Verordening 2001/44/EG).


Mr. H.W. Wefers Bettink
Mr. H.W. Wefers Bettink is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.
Artikel

De plaats van het schadebrengende feit nader bepaald: het arrest eDate Advertising GmbH en Martinez

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2 2012
Trefwoorden bevoegde rechter, onrechtmatige daad, plaats van het schadebrengende feit, internetpublicatie, portretrecht
Auteurs Mr. H.W. Wefers Bettink
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 25 oktober 2010 heeft het Hof van Justitie uitspraak gedaan in de gevoegde zaken eDate Advertising GmbH/X en Martinez/MGN Limited. Daarin heeft het Hof van Justitie een belangrijke aanvullende regel gegeven om te bepalen voor welke rechter degene die is geschaad door een publicatie op internet zijn volledige schade kan verhalen. Voor een dergelijk geval moet de plaats van het schadebrengende feit van artikel 5 punt 3 EEX-Verordening aldus worden uitgelegd dat tevens de rechter bevoegd is van de plaats waar de gelaedeerde het centrum van zijn belangen heeft. Tevens bepaalde het Hof van Justitie dat de bevoegde rechter daarbij overeenkomstig artikel 3 van de Richtlijn inzake elektronische handel (‘de Richtlijn’)1x Richtlijn 2000/31/EG van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2000 betreffende bepaalde juridische aspecten van de diensten van de informatiemaatschappij, met name de elektronische handel, in de interne markt (Pb. EG 2000, L 178/1). het recht van de vestigingstaat van de uitgever moet toepassen, met inbegrip van het civiele recht.

Noten

  • 1 Richtlijn 2000/31/EG van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2000 betreffende bepaalde juridische aspecten van de diensten van de informatiemaatschappij, met name de elektronische handel, in de interne markt (Pb. EG 2000, L 178/1).


Mr. H.W. Wefers Bettink
Mr. H.W. Wefers Bettink is advocaat bij Houthoff Buruma.
Artikel

Property Rights in Personal Data: A European Perspective

Proefschrift van mr. N. Purtova

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2012
Trefwoorden property rights, personal data
Auteurs Prof. mr. E.J. Dommering
SamenvattingAuteursinformatie

    Bespreking van het proefschrift van mr. N. Purtova.


Prof. mr. E.J. Dommering
Prof. mr. E.J. Dommering is emeritus hoogleraar Informatierecht aan de Universiteit van Amsterdam.
Praktijk

Informatieverlies en de tikkende tijdbom ‘WikiLeaks’

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2011
Trefwoorden WikiLeaks, uitlekken, vertrouwelijke informatie, gedragsregels, risico’s
Auteurs A.G. Wennekes
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt stilgestaan bij de risico’s en de gevaren die het uitlekken van vertrouwelijke informatie met zich mee kunnen brengen voor bedrijven. Aanleiding is de klokkenluiderssite ‘WikiLeaks’, waarop eind 2010 een grote hoeveelheid geheime informatie over onder andere de oorlog in Irak, politici en ambassadeurs van diverse landen werd geplaatst. Maar niet alleen overheden kunnen te maken krijgen met het lekken van gevoelige informatie. Veel bedrijven zijn zich onvoldoende bewust van het feit dat vertrouwelijke informatie gemakkelijk kan uitlekken en terecht kan komen bij iemand die het bedrijf zou kunnen schaden met de informatie. Met behulp van diverse praktijkvoorbeelden wordt in deze bijdrage in het kort uiteengezet op welke wijze er informatie van bedrijven wordt gelekt. Hiernaast worden de belangrijkste juridische aspecten van het uitlekken van informatie besproken. Daarbij wordt gekeken wat de juridische status is van een elektronisch bericht, een elektronische overeenkomst of een elektronische brief als informatievormen. Ten slotte worden kort enkele technische hulpmiddelen besproken die bedrijven kunnen helpen om informatieverlies te voorkomen of te beperken.


A.G. Wennekes
Mr. A.G. Wennekes is senior knowhow adviseur bij Loyens & Loeff te Rotterdam.
Jurisprudentie

Access_open Winstafdracht: einde aan slapend bestaan van artikel 6:104 BW

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 3 2010
Trefwoorden winstafdracht, abstracte schadeberekening, concrete schade, begroting van schade, punitive damages
Auteurs Mr. dr. T.E. Deurvorst
SamenvattingAuteursinformatie

    Door dubbelzinnig taalgebruik in artikel 6:104 BW en een tweeslachtige parlementaire doelstelling wordt dit artikel weinig toegepast in de praktijk. Op 18 juni 2010 heeft de Hoge Raad in twee arresten – Setel/AVR en Ymere/X – artikel 6:104 BW aanzienlijk ruimer geïnterpreteerd in verschillende opzichten. De rechter wordt nu veel vrijheid gegund bij het bepalen van een vergoeding in het geval dat de benadeelde schade heeft geleden en de aansprakelijke winst heeft genoten, mits de vergoeding de vermoedelijke schade niet aanmerkelijk overschrijdt. Aan de begroting van de vermoedelijke schade worden echter geen hoge eisen gesteld. Te verwachten valt daarom dat justitiabelen geen flauw idee zullen hebben hoe groot de vergoeding zal zijn wanneer de rechter overgaat tot toepassing van artikel 6:104 BW. Daardoor komen de rechtszekerheid en een eerlijke rechtsbedeling op de tocht te staan.


Mr. dr. T.E. Deurvorst
Mr. dr. T.E. (Titia) Deurvorst is advocaat te Amsterdam en toegevoegd universitair hoofddocent aan het Molengraaff Instituut van de Universiteit Utrecht (CIER).
Artikel

Knowhow en het vermogensrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7/8 2008
Trefwoorden know-how, octrooi, curator, licentiegever, overeenkomst, vermogensrecht, contract, eigendom, intellectueel-eigendomsrecht, licentie
Auteurs J.L.R.A. Huydecoper

J.L.R.A. Huydecoper
Artikel

Botsende grondrechten, in het bijzonder op internet

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2009
Trefwoorden vrijheid van meningsuiting, persoonlijke levenssfeer, privacy
Auteurs Mr. M. Chébti en Mr. L.A.R. Siemerink
SamenvattingAuteursinformatie

    Het vraagstuk betreffende de grenzen van de vrijheid van meningsuiting bij een botsing met het recht op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer (eer en goede naam, privacy) staat in deze bijdrage centraal. Bezwaren tegen de wijze waarop de Hoge Raad art. 10 EVRM toepast bij een botsing met art. 8 EVRM, met name in het licht van de EHRM-rechtspraak, worden belicht. Er wordt in het bijzonder aandacht besteed aan de botsing van deze grondrechten in het internettijdperk, nu door de opkomst van internet de uitingsmogelijkheden explosief zijn gegroeid. Het is de vraag of het recht wel voldoende instrumenten biedt om het evenwicht tussen vrijheid van meningsuiting en privacy op het internet te handhaven.


Mr. M. Chébti
Mr. M. Chébti is gerechtsauditeur bij de Hoge Raad der Nederlanden.

Mr. L.A.R. Siemerink
Mr. L.A.R. Siemerink is gerechtsauditeur bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

Wat (g)een merk kan zijn

HvJ EG 18 juni 2002, zaak C 299-99 (Philips/Remington), HvJ EG 19 september 2002, zaak C-104/00 (Companyline)

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 54 2002
Trefwoorden merk, onderscheidend vermogen, benelux-gerechtshof, baby, hof van justitie EG, merkenrecht, vormmerk, eerste aanleg, weigeringgrond, mededinging
Auteurs R.W. Holzhauer

R.W. Holzhauer
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.