Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 11154 artikelen

x

    Artikel 15 aanhef en onder c Richtlijn 2011/95/EU (de Kwalificatierichtlijn) bevat de criteria voor het bestaan van ‘ernstige schade’ met het oog op zogenoemde ‘subsidiaire bescherming’. Subsidiaire bescherming is een van de twee vormen van internationale bescherming; vluchtelingschap is de andere vorm. Subsidiaire bescherming wordt verleend indien aannemelijk is dat bij uitzetting van de vreemdeling gegronde redenen bestaan op een reëel risico om te worden onderworpen aan: (a) doodstraf of executie, (b) folteringen, onmenselijke of vernederende behandelingen of bestraffingen, of (c) ernstige en individuele bedreiging van het leven of de persoon van een burger als gevolg van willekeurig geweld in het kader van een internationaal of binnenlands gewapend conflict. In deze uitspraak bevestigt het Hof van Justitie dat de beoordeling van de vraag of sprake is van een artikel 15c-situatie een algemene beoordeling betreft waarbij de verschillende relevante elementen in samenhang moeten worden beoordeeld. Een beoordeling die alleen ziet op het aantal doden en gewonden wordt in strijd geacht met het Unierecht. Het Hof van Justitie gaat met name in op factoren uit het eerdere arrest Diakité; deze worden in dit arrest nogmaals benadrukt.
    HvJ 10 juni 2021, zaak C-901/19, ECLI:EU:C:2021:472 (CF en DN/Bundesrepublik Deutschland).


M. Van Harn LLB
M. (Mayke) van Harn LLB is masterstudent Staats- en bestuursrecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Mr. dr. K.M. Zwaan
Mr. dr. K.M. (Karin) Zwaan is universitair hoofddocent migratierecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Rechtsbescherming

Het nieuwe rechtsstaatmechanisme: een panacee voor alle schendingen van EU-recht?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9-10 2021
Trefwoorden grondrechten, rechtsbescherming, begroting, Conditionaliteitsverordening, rechtsstaat
Auteurs Mr. T.P.J.N. van Rijn
SamenvattingAuteursinformatie

    De laatste maanden werd de Unie opgeschrikt door wetgeving in Hongarije en Polen die door veel lidstaten werd beschouwd als ernstige schending van de rechtsstaat. Er kwamen reacties dat dergelijke inbreuken op de waarden van de EU niet geaccepteerd konden worden en dat beide landen daarvoor via het nieuwe rechtsstaatmechanisme gekort moesten worden in hun subsidies uit de EU-begroting en met name het herstelinstrument. In deze bijdrage ga ik na wat het rechtsstaatmechanisme precies inhoudt en in hoeverre inbreuken op het EU-recht en met name de waarden die in artikel 2 VEU zijn neergelegd daarmee gesanctioneerd kunnen worden. De auteur komt in de analyse tot de conclusie dat dit niet zo eenvoudig is als sommigen aanvankelijk dachten.
    Verordening (EU) 2020/2092 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2020 betreffende een algemeen conditionaliteitsregime ter bescherming van de Uniebegroting (PbEU 2020, L 433/1).


Mr. T.P.J.N. van Rijn
Mr. T.P.J.N. (Thomas) van Rijn is gewezen juridisch hoofdadviseur bij de Juridische Dienst van de Europese Commissie.
Brexit

Access_open Een gelijk speelveld voor EU-ondernemingen?

De staatssteunregeling in de handels- en samenwerkingsovereenkomst tussen de EU en het VK

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden staatssteun, mededinging, externe betrekkingen, Brexit, subsidies
Auteurs Mr. C.T. Dekker
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Handels- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de EU en het VK beoogt de EU met afspraken over subsidiecontrole de vervalsing van concurrentie door subsidies aan Britse ondernemingen tegen te gaan. In deze bijdrage wordt nagegaan in hoeverre de afspraken tussen de EU en het VK inderdaad voorzien in een regime in het VK dat op het gebied van – in EU-termen – staatssteun een gelijk speelveld waarborgt en wat kan worden ondernomen tegen steunverlening die in strijd met de gemaakte afspraken verstrekt wordt. Daarbij zal ook de ‘Subsidy Control Bill’ – het op 30 juni 2021 bij het ‘House of Commons’ ingediende wetsvoorstel voor een ‘Subsidy Control Act’ – in de beschouwing worden meegenomen.
    Handels- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, anderzijds, ondertekend op 24 december 2020 (PbEU 2021, L 149/10).


Mr. C.T. Dekker
Mr. C.T. (Cees) Dekker is advocaat en partner bij Nysingh advocaten-notarissen te Utrecht en redactielid van dit tijdschrift.
Mededinging

Artikel 22 Covo: terug van weggeweest?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden artikel 22 Covo, Concentratieverordening, fusies en overnames, Illumina/Grail, verwijzingsverzoek
Auteurs Mr. F.A. Roscam Abbing
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt ingegaan op de recente ontwikkelingen ten aanzien van artikel 22 Covo en het (nieuwe) beleid van de Europese Commissie betreffende verwijzingen van mededingingszaken onder dat artikel. Ook wordt de zaak Illumina/Grail kort besproken en wordt nader ingegaan op een aantal aandachtspunten voor de praktijk als gevolg van het (nieuwe) beleid van de Europese Commissie.
    Mededeling van de Commissie. Handvatten voor de toepassing van het verwijzingsmechanisme van artikel 22 van de concentratieverordening op bepaalde categorieën zaken (PbEU 2021, C 113/1); zaak M.10188 – Illumina/Grail.


Mr. F.A. Roscam Abbing
Mr. F.A. (Felix) Roscam Abbing is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer.
Externe betrekkingen

De nieuwe Dual use-verordening: een gemiste kans

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden non-proliferatie, ‘dual use’, mensenrechten, nationale veiligheid
Auteurs Mr. N.J. Helder en Mr. C.C. Klaui
SamenvattingAuteursinformatie

    De nieuwe Europese verordening voor de controle op uitvoer van goederen voor civiel en militair gebruik (dual use) laat huidige uitdagingen, zoals geopolitieke machtsverschuivingen, agressieve uitbreiding van de invloedssfeer door sommige staten en de toenemende aandacht voor (en regulering van) nationale veiligheid door de daardoor geraakte staten, opkomende nieuwe technologieën en geglobaliseerde distributieketens (zoals voor semiconductors), grotendeels ongemoeid. Voorstellen van de Europese Commissie en het Europees Parlement om mensenrechten een centralere plaats in de EU-regelgeving inzake exportcontrole te geven zijn slechts in zeer geringe mate overgenomen. Deze uitdagingen zullen moeten worden geadresseerd op andere (nationale) wetgevingsterreinen. De nieuwe verordening laat EU-lidstaten de vrijheid om zelf op nationaal niveau door middel van aanvullende wetgeving en/of uitvoeringsbeleid mensenrechten te adresseren. Dat leidt naar verwachting tot een lappendeken van aanvullende wetgeving en diversiteit bij de uitvoering van de nieuwe verordening binnen de EU. Voor ondernemingen die in meerdere EU-lidstaten opereren, brengt dat een grotere compliancebelasting met zich mee.
    Verordening (EU) 2021/821 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2021 tot instelling van een Unieregeling voor controle op de uitvoer, de tussenhandel, de technische bijstand, de doorvoer en de overbrenging van producten voor tweeërlei gebruik (herschikking) (PbEU 2021, L 206/1-461).


Mr. N.J. Helder
Mr. N.J. (Jasper) Helder is advocaat en partner bij het Londense kantoor van Akin Gump Strauss Hauer & Feld LLP en is gespecialiseerd in onder meer exportcontrole en economische sancties.

Mr. C.C. Klaui
Mr. C.C. (Chiara) Klaui is advocaat en partner bij het Londense kantoor van Akin Gump Strauss Hauer & Feld LLP en is gespecialiseerd in onder meer exportcontrole en economische sancties.
Consumenten

De Richtlijn representatieve vorderingen

Game changer voor het Nederlandse afwikkelingssysteem van massaclaims?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden massaclaims, claimorganisatie, Richtlijn representatieve vorderingen (RVV), WAMCA, toezichthouder
Auteurs Mr. dr. B. van Hattum
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 24 november 2020 is de Richtlijn representatieve vorderingen (RVV) door de Europese Commissie aangenomen en gepubliceerd. De RVV verplicht alle lidstaten om een afwikkelingssysteem van massaclaims aangaande consumentenbelangen te ontwikkelen en in wetgeving te verankeren. Het systeem dient te voorzien in een collectieve actie voor het stoppen of herstellen van een inbreuk op consumentenrechten. Ook moet het systeem voorzien in de mogelijkheid om in collectieve vorm schadevergoeding te kunnen vorderen. Nederland kent al een afwikkelingssysteem voor massaclaims. Dit systeem is sinds de jaren negentig zorgvuldig ontwikkeld op inhoudelijk en strategisch front. In deze bijdrage wordt bekeken hoe de Nederlandse wetgever de kracht van het door hem ontwikkelde afwikkelingssysteem voor massaclaims kan waarborgen in het licht van de inhoud van de RVV.
    Richtlijn (EU) 2020/1828 van het Europese Parlement en de Raad van 25 november 2020 betreffende representatieve vorderingen ter bescherming van de collectieve belangen van consumenten en tot intrekking van Richtlijn 2009/22/EG (PbEU 2020, L 409/1-27).
    Conceptversie van de Implementatiewet richtlijn representatieve vorderingen voor consumenten d.d. 1 mei 2021 inclusief de memorie van toelichting en consultatiereacties.


Mr. dr. B. van Hattum
Mr. dr. B. (Bonne) van Hattum is als preventive law & behavioral risk-expert verbonden aan de Universiteit van Amsterdam, The Evaluators en de ABN Amro Bank N.V.
Sociaal beleid

Gelijk loon voor gelijk werk: beginsel heeft ook voor gelijkwaardig werk directe werking

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden gelijk loon voor gelijk werk, gelijkheid, EU-verdrag, Hof van Justitie, arbeidsvoorwaarden
Auteurs D. De Meyst
SamenvattingAuteursinformatie

    In de zaak Tesco Stores sprak het Hof van Justitie zich op 3 juni 2021 uit over de directe werking van artikel 157 VWEU, dat het beginsel van gelijk loon voor gelijke en gelijkwaardige arbeid bevat. In de praktijk is het voor individuen vaak niet gemakkelijk om het beginsel voor de nationale rechter af te dwingen. In het Tesco-arrest kent het Hof van Justitie expliciet directe werking toe aan het beginsel, zowel voor gelijke als gelijkwaardige arbeid. Hoewel de uitspraak slechts een bevestiging is van de bestaande rechtspraak van het Hof van Justitie, is de uitspraak toch van symbolisch belang. Ze schept nieuwe mogelijkheden om de afdwinging van het beginsel van gelijk loon voor gelijk(waardig) werk te vergemakkelijken.
    HvJ 3 juni 2021, zaak C-624/19, Tesco Stores, ECLI:EU:C:2021:429.


D. De Meyst
Mevr. D. (Dominique) De Meyst is doctoraal onderzoekster sociaal recht aan de UHasselt/KULeuven.
Sociaal beleid

Coördinatie van sociale zekerheid en ‘forumshopping’

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden coördinatie sociale zekerheid, aanwijsregels, detachering, forumshopping, uitzendbureaus
Auteurs Prof. mr. A.P. van der Mei
SamenvattingAuteursinformatie

    De centrale vraag in de in deze bijdrage te bespreken arresten is of, en zo ja, onder welke voorwaarden, ondernemingen gebruik kunnen maken van hun recht op verkeer om profijt te trekken uit verschillen in de socialezekerheidsbijdragen die zij voor hun werknemers moeten betalen. De arresten laten zien dat het Hof van Justitie bijzonder huiverig is voor ‘forumshopping’. De in artikel 12 en 13 Verordening (EG) nr. 883/2004 inzake de coördinatie van sociale zekerheid opgenomen aanwijsregels dienen strikt en op een ‘werknemersvriendelijke’ wijze te worden uitgelegd.
    HvJ 3 juni 2021, zaak C-784/19, ECLI:EU:C:2021:427 (Team Power), HvJ 20 mei 2021, zaak C-879/19, ECLI:EU:C:2021:409 (Format II), HvJ 16 juli 2020, zaak C-6101/18, ECLI:EU:C:2020:565 (AFMB).


Prof. mr. A.P. van der Mei
Prof. mr. A.P. (Anne Pieter) van der Mei is hoogleraar Europees Sociaal Recht aan de Universiteit Maastricht.
Artikel

Collectief ontslag in tijden van (economische) crisis

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 4 2021
Trefwoorden collectief ontslag, flexibele arbeid, overheidsinvloed, steunmaatregelen, ondernemersvrijheid
Auteurs mr. dr. Niels Jansen en em. prof. Teun Jaspers
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage onderzoeken auteurs of in de Wmco wel voldoende rekening is gehouden met ontslag in en van de flexibele schil en zo nee, of aanpassing van de Wmco dan gewenst is met het oog op de doelstelling van de Wmco tegen de achtergrond van de huidige flexibele arbeidsmarkt. Daarnaast onderzoeken zij de rol van de overheid bij een collectief ontslag en meer specifiek over de NOW-1 en NOW-2 en de verhouding tot ondernemersvrijheden. De NOW-1 en -2 beperkten namelijk in zekere zin de vrijheid van ondernemingen om beslissingen te nemen over een collectief ontslag en de vraag is hoe die beperkingen ten aanzien van collectief ontslag zich verhouden tot de ondernemersvrijheden.


mr. dr. Niels Jansen
Niels Jansen is werkzaam als universitair docent aan de Universiteit van Amsterdam, AIAS-HSI.

em. prof. Teun Jaspers
Teun Jaspers is emeritus hoogleraar aan de Univerisiteit Utrecht, en Senior Research Fellow AIAS-HSI.
Artikel

Meervoudige verpanding: rangwijziging, inning en verdeling

Bespreking van HR 9 april 2021, ECLI:NL:HR:2021:524 (Bowie Recycling)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2021
Trefwoorden zekerheidsrechten, rangwijziging pandrechten, inningsbevoegdheid openbaar pandhouder
Auteurs Mr. T.A. Hartman
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel bespreekt de auteur het arrest HR 9 april 2021, ECLI:NL:HR:2021:524 (Bowie Recycling). Hierin heeft de Hoge Raad enkele belangrijke oordelen gegeven over de rangwijziging bij meervoudige verpanding en de inningsbevoegdheid van de openbaar pandhouder.


Mr. T.A. Hartman
Mr. T.A. Hartman is advocaat bij NautaDutilh te Rotterdam.
Artikel

Denken in kansen. Het leerstuk verlies van een kans stevig verankerd

Bespreking van HR 26 maart 2021, ECLI:NL:HR:2021:461, NJ 2021/127 (ISG/Natwest)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2021
Trefwoorden kansschade, proportionele aansprakelijkheid, bancaire zorgplicht, condicio sine qua non-verband, schade
Auteurs Mr. J. den Hoed
SamenvattingAuteursinformatie

    Onlangs zag de Hoge Raad zich in een zaak over bancaire (bijzondere) zorgplicht gesteld voor de vraag of het leerstuk van verlies van een kans ook van toepassing is ingeval het van gedrag van benadeelde zou hebben afgehangen of de kans zich zou hebben verwerkelijkt. In dit artikel wordt onderzocht of de Hoge Raad met het hier besproken arrest het leerstuk oprekte dan wel een eerder ingezette lijn bevestigde.


Mr. J. den Hoed
Mr. J. den Hoed is cassatieadvocaat bij Köster Advocaten
Artikel

De implementatie van de herziene Richtlijn consumentenkoop en de Richtlijn digitale inhoud; nog enkele vraagtekens en verschillen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2021
Trefwoorden consumentenkoop, levering van digitale inhoud, conformiteit, remedies, implementatie
Auteurs Dr. E.A.G. van Schagen
SamenvattingAuteursinformatie

    De herziene Richtlijn consumentenkoop en de Richtlijn digitale inhoud moeten vanaf 1 januari 2022 van kracht zijn. De belangrijkste wijzigingen betreffen de introductie van een objectief en subjectief conformiteitsvereiste, een verplichting van de handelaar om updates te verstrekken, en de mogelijkheid om uitdrukkelijk en afzonderlijk af te wijken van de objectieve conformiteitsverplichtingen. Op een aantal punten bestaat echter nog onduidelijkheid.


Dr. E.A.G. van Schagen
Dr. E.A.G. van Schagen is universitair docent bij het Molengraaff Instituut van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Hoe zet je contractuele verplichtingen door naar subleveranciers bij een uitbesteding?

Een overzicht van de juridische (on)mogelijkheden en enkele praktische aandachtspunten

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2021
Trefwoorden derdenbeding, kettingbeding, outsourcing, EBA Guidelines, onderaannemer
Auteurs Mr. W. van Angeren en Mr. E.C. Hangelbroek
SamenvattingAuteursinformatie

    Uitbesteders hebben wettelijke verplichtingen waaraan zij alleen kunnen voldoen als subleveranciers daar ook aan gebonden worden, terwijl de onderhandelingsruimte van uitbesteders in dit opzicht beperkt is. Op basis van praktijkervaringen bespreekt dit artikel de (on)mogelijkheden van het ‘doorzetten’ van verplichtingen naar subleveranciers middels derden- en kettingbedingen, en aandachtspunten daarbij.


Mr. W. van Angeren
Mr. W. van Angeren is advocaat bij Brinkhof Advocaten te Amsterdam.

Mr. E.C. Hangelbroek
Mr. E.C. Hangelbroek is advocaat bij Brinkhof Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Toepassing van art. 6:136 BW doet aan de werking van een geldige verrekeningsverklaring niet af

Beschouwingen naar aanleiding van HR 11 december 2020, ECLI:NL:HR:2020:2005 (Van Noort Gassler)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2021
Trefwoorden verrekening, verbintenissenrecht, executoriale titel, misbruik van bevoegdheid, executiekortgeding
Auteurs Mr. W.L. Valk
SamenvattingAuteursinformatie

    Als de rechter met toepassing van art. 6:136 BW een niet eenvoudig te beoordelen verrekeningsverweer passeert, doet dit aan de werking van een geldig afgelegde verrekeningsverklaring niet af. Het is dus mogelijk dat de rechter een executoriale titel verschaft, hoewel het onderliggende vorderingsrecht reeds is tenietgegaan. Wat zijn hiervan de consequenties?


Mr. W.L. Valk
Mr. W.L. Valk is advocaat-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

Access_open Maten van openbare orde

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2021
Trefwoorden openbare orde
Auteurs Mr. drs. B.T.M. van der Wiel
SamenvattingAuteursinformatie

    Het privaatrechtelijke begrip ‘openbare orde’ wordt in de heersende leer geduid als ‘contextgebonden’ en dus meerduidig begrip. Bovendien wordt onderscheid gemaakt tussen de nationale en internationale openbare orde. In deze bijdrage wordt een uniforme benadering van het openbareordebegrip verdedigd.


Mr. drs. B.T.M. van der Wiel
Mr. drs. B.T.M. van der Wiel is advocaat bij Houthoff te Amsterdam.
Artikel

De kennisgevingsplicht van de verzekeraar in de zin van art. 7:929 lid 1 BW

Enkele beschouwingen naar aanleiding van het Aegon/Kinderen H.-arrest

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2021
Trefwoorden waarschuwingsplicht, levensverzekering, tweemaandentermijn, mededelingsplicht, verzekering
Auteurs Mr. dr. P.M. Leerink en Mr. dr. K. Engel
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 5 februari 2021 heeft de Hoge Raad opnieuw een belangrijk arrest gewezen voor de verzekeringspraktijk. In dit arrest heeft de Hoge Raad zich uitgesproken over de kennisgevingsplicht van art. 7:929 lid 1 BW, waaraan de verzekeraar die een beroep doet op schending van de precontractuele mededelingsplicht (art. 7:928 BW) zich moet houden. Auteurs bespreken het arrest van de Hoge Raad en de implicaties daarvan.


Mr. dr. P.M. Leerink
Mr. dr. P.M. Leerink is advocaat bij JPR Advocaten in Deventer.

Mr. dr. K. Engel
Mr. dr. K. Engel is medewerker bij het wetenschappelijk bureau van de Hoge Raad en lid van de geschillencommissie van Kifid te Den Haag.

Daphne van Dijk
Artikel

Nieuw meldpunt voor onbehoorlijk bestuur

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 9 2021
Auteurs Sabine Droogleever Fortuyn en Rogier Veldman
Auteursinformatie

Sabine Droogleever Fortuyn

Rogier Veldman
Beeld

Peter Van Elsuwege
Peter Van Elsuwege is professor EUrecht en Jean Monnet Chair verbonden aan de vakgroep Europees, Publiek en Internationaal Recht, Universiteit Gent.

Veeru Mewa
Veeru Mewa is slachtofferadvocaat bij VictimFirst Advocaten te Hoofddorp.
Toont 1 - 20 van 11154 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.