Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 3967 artikelen

x

    Artikel 15 aanhef en onder c Richtlijn 2011/95/EU (de Kwalificatierichtlijn) bevat de criteria voor het bestaan van ‘ernstige schade’ met het oog op zogenoemde ‘subsidiaire bescherming’. Subsidiaire bescherming is een van de twee vormen van internationale bescherming; vluchtelingschap is de andere vorm. Subsidiaire bescherming wordt verleend indien aannemelijk is dat bij uitzetting van de vreemdeling gegronde redenen bestaan op een reëel risico om te worden onderworpen aan: (a) doodstraf of executie, (b) folteringen, onmenselijke of vernederende behandelingen of bestraffingen, of (c) ernstige en individuele bedreiging van het leven of de persoon van een burger als gevolg van willekeurig geweld in het kader van een internationaal of binnenlands gewapend conflict. In deze uitspraak bevestigt het Hof van Justitie dat de beoordeling van de vraag of sprake is van een artikel 15c-situatie een algemene beoordeling betreft waarbij de verschillende relevante elementen in samenhang moeten worden beoordeeld. Een beoordeling die alleen ziet op het aantal doden en gewonden wordt in strijd geacht met het Unierecht. Het Hof van Justitie gaat met name in op factoren uit het eerdere arrest Diakité; deze worden in dit arrest nogmaals benadrukt.
    HvJ 10 juni 2021, zaak C-901/19, ECLI:EU:C:2021:472 (CF en DN/Bundesrepublik Deutschland).


M. Van Harn LLB
M. (Mayke) van Harn LLB is masterstudent Staats- en bestuursrecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Mr. dr. K.M. Zwaan
Mr. dr. K.M. (Karin) Zwaan is universitair hoofddocent migratierecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Mededinging

Toegangsweigering in de digitale economie na de Slovak Telekom-uitspraak en onder de voorgestelde Digital Markets Act

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9-10 2021
Trefwoorden Slovak Telecom, misbruik, leveringsweigering, digitale economie, platform
Auteurs Mr. S.J. The en Mr. W.W. Geursen
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel analyseert de duiding van de Bronner-criteria in het arrest van het Hof van Justitie in de zaak Slovak Telekom a.s./Commissie. Het artikel onderzoekt of het arrest parallel toegepast kan worden op de digitale economie en of er nog een rol voor de Bronner-criteria is nadat de voorgestelde regulering van de digitale economie van kracht wordt.
    HvJ 25 maart 2021, zaak C-165/19 P, ECLI:EU:C:2021:239 (Slovak Telekom a.s./Commissie).


Mr. S.J. The
Mr. S.J. (Stephanie) The is advocaat-partner bij De Brauw Blackstone Westbroek.

Mr. W.W. Geursen
Mr. W.W. (Wessel) Geursen is senior legal adviser bij De Brauw Blackstone Westbroek en buitenpromovendus aan de Vrije Universiteit.
Rechtsbescherming

Het nieuwe rechtsstaatmechanisme: een panacee voor alle schendingen van EU-recht?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9-10 2021
Trefwoorden grondrechten, rechtsbescherming, begroting, Conditionaliteitsverordening, rechtsstaat
Auteurs Mr. T.P.J.N. van Rijn
SamenvattingAuteursinformatie

    De laatste maanden werd de Unie opgeschrikt door wetgeving in Hongarije en Polen die door veel lidstaten werd beschouwd als ernstige schending van de rechtsstaat. Er kwamen reacties dat dergelijke inbreuken op de waarden van de EU niet geaccepteerd konden worden en dat beide landen daarvoor via het nieuwe rechtsstaatmechanisme gekort moesten worden in hun subsidies uit de EU-begroting en met name het herstelinstrument. In deze bijdrage ga ik na wat het rechtsstaatmechanisme precies inhoudt en in hoeverre inbreuken op het EU-recht en met name de waarden die in artikel 2 VEU zijn neergelegd daarmee gesanctioneerd kunnen worden. De auteur komt in de analyse tot de conclusie dat dit niet zo eenvoudig is als sommigen aanvankelijk dachten.
    Verordening (EU) 2020/2092 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2020 betreffende een algemeen conditionaliteitsregime ter bescherming van de Uniebegroting (PbEU 2020, L 433/1).


Mr. T.P.J.N. van Rijn
Mr. T.P.J.N. (Thomas) van Rijn is gewezen juridisch hoofdadviseur bij de Juridische Dienst van de Europese Commissie.

Kroniek rechtspraak

Kroniek Rechtspraak Tuchtrecht 2021

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2021
Trefwoorden tuchtmaatregelen, regiebehandelaar, ontvankelijkheid, COVID, dossiervoering
Auteurs Mr. C.A. Bol, mr. W.R. Kastelein en mr. D. Zwartjens
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Kroniek Rechtspraak Tuchtrecht zijn de voor de rechtsontwikkeling interessante uitspraken verwerkt over de periode van 1 november 2019 tot en met 15 mei 2021. Het gaat om uitspraken over ontvankelijkheid en aanverwante procesrechtelijke onderwerpen, vraagstukken rond ouderlijk gezag, samenwerkingsproblemen, dossiervoering, bekwaamheden en bevoegdheden, de zwaarte van de door tuchtcolleges opgelegde maatregelen. Prioriteit is daarbij gegeven aan die onderwerpen die in een significant aantal zaken tot een tuchtrechtelijke beslissing hebben geleid. Tot slot komen ook de eerste COVID-gerelateerde uitspraken aan bod.


Mr. C.A. Bol
Caressa Bol is docent en onderzoeker aan de Erasmus Universiteit Rotterdam aan de Erasmus School of Health Policy & Management.

mr. W.R. Kastelein
Willemien Kastelein was tot 1 april 2021 advocaat/compagnon Zorg bij Nysingh advocaten-notarissen N.V. te Utrecht en hoofdredacteur van dit tijdschrift.

mr. D. Zwartjens
Danielle Zwartjens is advocaat Zorg bij Nysingh advocaten-notarissen N.V. te Utrecht.
Artikel

De Overleveringswet op de helling: de herimplementatie van Kaderbesluit 2002/584/JBZ

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 5 2021
Trefwoorden Kaderbesluit 2002/584/JBZ, EAB, Overleveringswet, Herimplementatiewet, kaderbesluitconforme uitleg
Auteurs Prof. mr. dr. V.H. (Vincent) Glerum
SamenvattingAuteursinformatie

    De Overleveringswet strekt tot uitvoering van Kaderbesluit 2002/584/JBZ. Deze wet bevatte een groot aantal gebreken. Een deel daarvan was aangetoond in arresten van het Hof van Justitie van de Europese Unie. De op 1 april 2021 in werking getreden Herimplementatiewet beoogde de Overleveringswet in overeenstemming met die arresten te brengen. Deze bijdrage
    toont aan dat de Herimplementatiewet maar ten dele in die opzet is geslaagd, dat deze wet een aantal gebreken die (nog) niet in arresten van het Hof van Justitie zijn aangetoond ongemoeid heeft gelaten en dat deze wet bovendien een aantal nieuwe gebreken heeft gecreëerd.


Prof. mr. dr. V.H. (Vincent) Glerum
Prof. mr. dr. V.H. (Vincent) Glerum is bijzonder hoogleraar internationaal en Europees strafrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en stafjurist Europees strafrecht bij de rechtbank Amsterdam.
Artikel

Access_open Het Europees Openbaar Ministerie in de Nederlandse rechtsorde

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 5 2021
Trefwoorden Europees Openbaar Ministerie, Europees strafrecht, Europese Unie, vervolging, beklag niet (verdere) vervolging
Auteurs Mr. M.J. (Matthias) Borgers
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 juni 2021 is het Europees Openbaar Ministerie (EOM) operationeel geworden. Bij een vervolging door het EOM voor de Nederlandse strafrechter treedt een gedelegeerde Europese aanklager op die tevens aan het Nederlandse openbaar ministerie is verbonden. Deze aanklager heeft in de strafzaak alle bevoegdheden van een lid van het Nederlandse openbaar ministerie. Voor het optreden van het EOM in de deelnemende lidstaten wordt dus gebruikgemaakt van de bestaande juridische infrastructuur. In deze bijdrage wordt ingegaan op de vervolging van strafzaken door het EOM voor de Nederlandse strafrechter. Het gaat daarbij om de vraag of er verschillen of bijzonderheden bestaan in vergelijking met een ‘gewone’ strafzaak waarin het Nederlandse openbaar ministerie het vervolgingsrecht uitoefent en, zo ja, welke die zijn.


Mr. M.J. (Matthias) Borgers
Mr. M.J. (Matthias) Borgers is raadsheer in de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

Consensuele sexting tussen minderjarigen: een bespreking van de exceptie

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 5 2021
Trefwoorden kinderporno, sexting, gelijkwaardige situatie, leeftijdsgenoot, Wet seksuele misdrijven
Auteurs Mr. R.F. (Ruben) Aksay en Mr. drs. M.W. (Maartje) Kouwenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs de voorgestelde uitsluitingsgrond in geval van sexting onder jongeren. Zij bespreken de relatie tussen sexting en kinderporno alsmede het beschermd belang. Hoewel de uitzonderingsgrond als positief wordt beschouwd, plaatsen de auteurs enkele kritische kanttekeningen bij de uitsluitingsgrond. Zij laten zich uit over hoe de bestanddelen ‘als leeftijdsgenoot’ en ‘gelijkwaardige situatie’ moeten worden ingevuld. Verder signaleren zij een discrepantie tussen het delict kinderporno en de exceptie voor wat betreft de vaststelling van de leeftijd. Ten slotte bespreken de auteurs of de gelijkwaardige situatie na uitwisseling van de weergaven nog moet bestaan, en hoe moet worden omgegaan met een eventueel verwijderverzoek van de afgebeelde persoon.


Mr. R.F. (Ruben) Aksay
Mr. R.F. (Ruben) Aksay is als docent en promovendus straf(proces)recht verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Mr. drs. M.W. (Maartje) Kouwenberg
Mr. drs. M.W. (Maartje) Kouwenberg is als docent en promovenda straf(proces)recht verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

De oprichterscommissie van beursvennootschap CM.com

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 11 2021
Trefwoorden beschermingsconstructie, inrichtingsvrijheid, vennootschapsorgaan, vennootschapsbelang, oligarchische besluitvormingsclausules
Auteurs J. Oppatja
SamenvattingAuteursinformatie

    Beursvennootschap CM.com koos bij haar beursgang voor een bijzondere structuur. Om de actieve betrokkenheid van haar oprichters te waarborgen, is een oprichterscommissie in het leven geroepen. De oprichterscommissie heeft verschillende statutaire bevoegdheden. De auteur onderzoekt of de structuur binnen de grenzen van de wet blijft.


J. Oppatja
J. Oppatja is onderzoeksmasterstudent Onderneming & Recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Consumenten

De Richtlijn representatieve vorderingen

Game changer voor het Nederlandse afwikkelingssysteem van massaclaims?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden massaclaims, claimorganisatie, Richtlijn representatieve vorderingen (RVV), WAMCA, toezichthouder
Auteurs Mr. dr. B. van Hattum
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 24 november 2020 is de Richtlijn representatieve vorderingen (RVV) door de Europese Commissie aangenomen en gepubliceerd. De RVV verplicht alle lidstaten om een afwikkelingssysteem van massaclaims aangaande consumentenbelangen te ontwikkelen en in wetgeving te verankeren. Het systeem dient te voorzien in een collectieve actie voor het stoppen of herstellen van een inbreuk op consumentenrechten. Ook moet het systeem voorzien in de mogelijkheid om in collectieve vorm schadevergoeding te kunnen vorderen. Nederland kent al een afwikkelingssysteem voor massaclaims. Dit systeem is sinds de jaren negentig zorgvuldig ontwikkeld op inhoudelijk en strategisch front. In deze bijdrage wordt bekeken hoe de Nederlandse wetgever de kracht van het door hem ontwikkelde afwikkelingssysteem voor massaclaims kan waarborgen in het licht van de inhoud van de RVV.
    Richtlijn (EU) 2020/1828 van het Europese Parlement en de Raad van 25 november 2020 betreffende representatieve vorderingen ter bescherming van de collectieve belangen van consumenten en tot intrekking van Richtlijn 2009/22/EG (PbEU 2020, L 409/1-27).
    Conceptversie van de Implementatiewet richtlijn representatieve vorderingen voor consumenten d.d. 1 mei 2021 inclusief de memorie van toelichting en consultatiereacties.


Mr. dr. B. van Hattum
Mr. dr. B. (Bonne) van Hattum is als preventive law & behavioral risk-expert verbonden aan de Universiteit van Amsterdam, The Evaluators en de ABN Amro Bank N.V.
Sociaal beleid

Gelijk loon voor gelijk werk: beginsel heeft ook voor gelijkwaardig werk directe werking

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden gelijk loon voor gelijk werk, gelijkheid, EU-verdrag, Hof van Justitie, arbeidsvoorwaarden
Auteurs D. De Meyst
SamenvattingAuteursinformatie

    In de zaak Tesco Stores sprak het Hof van Justitie zich op 3 juni 2021 uit over de directe werking van artikel 157 VWEU, dat het beginsel van gelijk loon voor gelijke en gelijkwaardige arbeid bevat. In de praktijk is het voor individuen vaak niet gemakkelijk om het beginsel voor de nationale rechter af te dwingen. In het Tesco-arrest kent het Hof van Justitie expliciet directe werking toe aan het beginsel, zowel voor gelijke als gelijkwaardige arbeid. Hoewel de uitspraak slechts een bevestiging is van de bestaande rechtspraak van het Hof van Justitie, is de uitspraak toch van symbolisch belang. Ze schept nieuwe mogelijkheden om de afdwinging van het beginsel van gelijk loon voor gelijk(waardig) werk te vergemakkelijken.
    HvJ 3 juni 2021, zaak C-624/19, Tesco Stores, ECLI:EU:C:2021:429.


D. De Meyst
Mevr. D. (Dominique) De Meyst is doctoraal onderzoekster sociaal recht aan de UHasselt/KULeuven.
Intellectueel eigendom

Access_open Kunnen (video)deelplatformen de dans ontspringen voor aansprakelijkheid voor illegale downloads?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden e-commerce, Auteursrechtrichtlijn, Richtlijn inzake elektronische handel, (video)deelplatformen, aansprakelijkheid
Auteurs M.P.A. DeKoninck LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    In de zaak YouTube en Cyando verduidelijkt het Hof van Justitie wanneer er sprake is van het verrichten van een mededeling aan het publiek in de zin van de Auteursrechtrichtlijn door exploitanten van onlinedeelplatformen. Uiteindelijk is dit afhankelijk van de specifieke omstandigheden van het (individuele) geval. Het Hof van Justitie legt daarbij de nadruk op het handelen van de exploitant, net als bij de toetsing van een beroep op vrijstelling van aansprakelijkheid door die exploitanten op grond van de Richtlijn inzake elektronische handel. Daarbij is tevens van belang dat een balans gezocht wordt tussen enerzijds het beschermen van auteursrechten en anderzijds het waarborgen van het fundamentele recht van de vrijheid van meningsuiting.
    HvJ 22 juni 2021, gevoegde zaken C-682/18 en C-683/18, ECLI:EU:C:2021:503 (YouTube en Cyando).


M.P.A. DeKoninck LLM
M.P.A. (Martine) DeKoninck LLM is wetgevingsadviseur bij de Raad van State.
Vrij verkeer

Economisch niet-actieve EU-burgers en de zorgverzekeringseis onder de Burgerschapsrichtlijn

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden Richtlijn 2004/38/EG, Verordening (EG) nr. 883/2004, economisch niet-actieve EU-burger, weigering toegang openbaar gezondheidszorgstelsel
Auteurs Dr. L.S.J. Kortese
SamenvattingAuteursinformatie

    Richtlijn 2004/38/EG legt de voorwaarden vast waaronder EU-burgers van hun vrij verkeer gebruik kunnen maken in de EU. Voor economisch niet-actieve EU-burgers zijn bijvoorbeeld specifieke voorwaarden verbonden aan hun verblijf. In het bijzonder gaat het om het hebben van voldoende bestaansmiddelen alsmede het hebben van een dekkende zorgverzekering. Waar het Hof van Justitie in de afgelopen jaren enkele belangrijke uitspraken heeft gedaan over de bestaansmiddeleneis, doet het in de zaak A uitspraak over de zorgverzekeringseis. Deze bijdrage analyseert het nieuwste arrest van het Hof van Justitie in het licht van het geldende Europese recht en rechtspraak.
    HvJ 15 juli 2021, zaak C-535/19, ECLI:EU:2021:595 (A/Latvijas Republikas Veselības ministrija).


Dr. L.S.J. Kortese
Dr. L.S.J. (Lavinia) Kortese is onderzoeker bij de Universiteit Maastricht, Institute for Transnational and Euregional cross border cooperation and Mobility/ITEM.
Artikel

Collectief ontslag in tijden van (economische) crisis

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 4 2021
Trefwoorden collectief ontslag, flexibele arbeid, overheidsinvloed, steunmaatregelen, ondernemersvrijheid
Auteurs mr. dr. Niels Jansen en em. prof. Teun Jaspers
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage onderzoeken auteurs of in de Wmco wel voldoende rekening is gehouden met ontslag in en van de flexibele schil en zo nee, of aanpassing van de Wmco dan gewenst is met het oog op de doelstelling van de Wmco tegen de achtergrond van de huidige flexibele arbeidsmarkt. Daarnaast onderzoeken zij de rol van de overheid bij een collectief ontslag en meer specifiek over de NOW-1 en NOW-2 en de verhouding tot ondernemersvrijheden. De NOW-1 en -2 beperkten namelijk in zekere zin de vrijheid van ondernemingen om beslissingen te nemen over een collectief ontslag en de vraag is hoe die beperkingen ten aanzien van collectief ontslag zich verhouden tot de ondernemersvrijheden.


mr. dr. Niels Jansen
Niels Jansen is werkzaam als universitair docent aan de Universiteit van Amsterdam, AIAS-HSI.

em. prof. Teun Jaspers
Teun Jaspers is emeritus hoogleraar aan de Univerisiteit Utrecht, en Senior Research Fellow AIAS-HSI.
Artikel

De implementatie van de herziene Richtlijn consumentenkoop en de Richtlijn digitale inhoud; nog enkele vraagtekens en verschillen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2021
Trefwoorden consumentenkoop, levering van digitale inhoud, conformiteit, remedies, implementatie
Auteurs Dr. E.A.G. van Schagen
SamenvattingAuteursinformatie

    De herziene Richtlijn consumentenkoop en de Richtlijn digitale inhoud moeten vanaf 1 januari 2022 van kracht zijn. De belangrijkste wijzigingen betreffen de introductie van een objectief en subjectief conformiteitsvereiste, een verplichting van de handelaar om updates te verstrekken, en de mogelijkheid om uitdrukkelijk en afzonderlijk af te wijken van de objectieve conformiteitsverplichtingen. Op een aantal punten bestaat echter nog onduidelijkheid.


Dr. E.A.G. van Schagen
Dr. E.A.G. van Schagen is universitair docent bij het Molengraaff Instituut van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Hoe zet je contractuele verplichtingen door naar subleveranciers bij een uitbesteding?

Een overzicht van de juridische (on)mogelijkheden en enkele praktische aandachtspunten

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2021
Trefwoorden derdenbeding, kettingbeding, outsourcing, EBA Guidelines, onderaannemer
Auteurs Mr. W. van Angeren en Mr. E.C. Hangelbroek
SamenvattingAuteursinformatie

    Uitbesteders hebben wettelijke verplichtingen waaraan zij alleen kunnen voldoen als subleveranciers daar ook aan gebonden worden, terwijl de onderhandelingsruimte van uitbesteders in dit opzicht beperkt is. Op basis van praktijkervaringen bespreekt dit artikel de (on)mogelijkheden van het ‘doorzetten’ van verplichtingen naar subleveranciers middels derden- en kettingbedingen, en aandachtspunten daarbij.


Mr. W. van Angeren
Mr. W. van Angeren is advocaat bij Brinkhof Advocaten te Amsterdam.

Mr. E.C. Hangelbroek
Mr. E.C. Hangelbroek is advocaat bij Brinkhof Advocaten te Amsterdam.
Artikel

De strijd tegen racisme op en naast het voetbalveld

Tijdschrift Voetbal- & Sportjuridische Zaken, Aflevering 2 2021
Trefwoorden voetbal, racisme, antidiscriminatierecht, tuchtrecht, specificiteit van de sport
Auteurs Frea De Keyzer
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de waardenoverlap inzake racisme tussen voetbal en samenleving verduidelijkt, welke een basis en verklaring vormt voor een repressief optreden van zowel de overheid als de sportwereld binnen een voetbalcontext. De verscheidene (Europese, Belgische en Nederlandse) handhavingsinstrumenten en hun tekortkomingen en uitdagingen komen hierbij aan bod.


Frea De Keyzer
F. (Frea) De Keyzer is doctoraatsonderzoekster en onderwijsassistent sportrecht aan de Katholieke Universiteit Leuven, Instituut voor Arbeidsrecht. Daarnaast is zij zetelend lid van de Disciplinaire Raad voor het profvoetbal bij de Koninklijke Belgische Voetbalbond.
Artikel

De opsporing en vervolging van seksueel geweld door de jaren heen vanuit een genderperspectief

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 5 2021
Trefwoorden Gender en strafrecht, Seksueel geweld tegen vrouw, Genderdiscriminatie, Gelijke behandeling, Feminisme
Auteurs Dr. K.M. (Kelly) Pitcher en mr. dr. M. (Mojan) Samadi
SamenvattingAuteursinformatie

    De vanzelfsprekendheid waarmee in huidige internationale instrumenten en zelfs nationale parlementaire stukken geweld tegen vrouwen wordt gekoppeld aan emancipatiebeleid en patriarchale machtsverhoudingen, verhult dat achter dit besef een jarenlange maatschappelijke, politieke en juridische strijd schuilgaat. Deze bijdrage brengt de ontwikkeling van de opsporing en vervolging van seksueel geweld tegen vrouwen in kaart en reflecteert op de onderliggende redenen die ten grondslag liggen aan de knelpunten die hierbij spelen.


Dr. K.M. (Kelly) Pitcher
Kelly Pitcher is universitair docent straf- en strafprocesrecht bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

mr. dr. M. (Mojan) Samadi
Mojan Samadi is universitair docent straf(proces)recht bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden en tevens redactiesecretaris bij Boom Strafblad.
Redactioneel

Verplichte medewerking en het nemo tenetur-beginsel

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 6 2021
Trefwoorden meldplicht, meewerkplicht, zwijgrecht, nemo tenetur
Auteurs Mr. dr. J.S. Nan
SamenvattingAuteursinformatie

    Fraude is van alle tijden en kent veel verschijningsvormen. De Europese Unie poogt fraude onder meer aan te pakken met meldings- en meewerkverplichtingen. Een voorbeeld hiervan is te vinden in het toezicht op de financiële markt, waarvoor de Verordening marktmisbruik geldt. Een probleem kan ontstaan als degene die moet meewerken zelf verdachte is of vervolgens zou kunnen worden. Het zwijgrecht en het nemo tenetur-beginsel geven de betrokkene immers bepaalde bescherming tegen het ongewild meewerken aan de eigen veroordeling. De (potentiële) wrijving tussen beide uitgangspunten wordt steeds nadrukkelijker zichtbaar.


Mr. dr. J.S. Nan
Mr. dr. J.S. Nan is universitair hoofddocent straf(proces)recht, cassatieadvocaat bij Wladimiroff Advocaten en redacteur van dit blad.
Artikel

De strafrechtelijke antifraudebepalingen in het licht van de uitkomsten van de ondervragings­commissie kinderopvangtoeslag

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 6 2021
Trefwoorden uitkeringsfraude, opzet, schulduitsluitingsgronden, straftoemeting, menselijke maat
Auteurs Prof. mr. J.M. ten Voorde
SamenvattingAuteursinformatie

    De Parlementaire ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag velde een negatief oordeel over de bestuursrechtelijke aanpak van fraude met kinderopvangtoeslag. De menselijke maat ontbrak. Het oordeel van de commissie roept de vraag op of ook ten aanzien van de strafrechtelijke aanpak van uitkeringsfraude kan worden gezegd dat de menselijke maat ontbreekt. Of ziet de strafrechter kansen daarmee wel rekening te houden en zo ja, op welke wijze en in welke gevallen? Deze vragen worden aan de hand van rechtspraakanalyse van arresten van hoven beantwoord.


Prof. mr. J.M. ten Voorde
Prof. mr. J.M. ten Voorde is hoogleraar straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit Leiden.
Toont 1 - 20 van 3967 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.