Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 715 artikelen

x
Artikel

Dismissal protection in Denmark

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 4 2021
Trefwoorden protection against dismissal, flexicurity, industrial relations, social security, dynamic and adjustable labour market
Auteurs mr. dr. Natalie Munkholm
SamenvattingAuteursinformatie

    The article gives an overview of the protection against dismissal according to Danish statutory acts and collective agreements.


mr. dr. Natalie Munkholm
Natalie Munkholm is werkzaam als associate professor Labour Law aan de Aarhus Universiteit, Denemarken.
Article

Access_open The Common Law Remedy of Habeas Corpus Through the Prism of a Twelve-Point Construct

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2021
Trefwoorden Habeas corpus, common law, detainee, consitution, liberty
Auteurs Chuks Okpaluba en Anthony Nwafor
SamenvattingAuteursinformatie

    Long before the coming of the Bill of Rights in written Constitutions, the common law has had the greatest regard for the personal liberty of the individual. In order to safeguard that liberty, the remedy of habeas corpus was always available to persons deprived of their liberty unlawfully. This ancient writ has been incorporated into the modern Constitution as a fundamental right and enforceable as other rights protected by virtue of their entrenchment in those Constitutions. This article aims to bring together the various understanding of habeas corpus at common law and the principles governing the writ in common law jurisdictions. The discussion is approached through a twelve-point construct thus providing a brief conspectus of the subject matter, such that one could have a better understanding of the subject as applied in most common law jurisdictions.


Chuks Okpaluba
Chuks Okpaluba, LLB LLM (London), PhD (West Indies), is a Research Fellow at the Free State Centre for Human Rights, University of the Free State, South Africa. Email: okpaluba@mweb.co.za.

Anthony Nwafor
Anthony O. Nwafor, LLB, LLM, (Nigeria), PhD (UniJos), BL, is Professor at the School of Law, University of Venda, South Africa. Email: Anthony.Nwafor@univen.ac.za.
Peer-reviewed artikel

Privaat toezicht als onderdeel van publiek toezicht

Een vergelijking tussen de voedselsector en de bouw

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden bouwtoezicht, privaat toezicht, voedselveiligheid, publiek-private samenwerking, Toezicht
Auteurs Annalies Outhuijse en Tetty Havinga
SamenvattingAuteursinformatie

    Combinaties van publiek en privaat toezicht zijn niet weg te denken uit onze huidige maatschappij. In deze bijdrage vergelijken we de manier waarop privaat en publiek toezicht worden gecombineerd in twee sectoren, namelijk toezicht op voedselveiligheid en toezicht op veilige nieuwbouw. Na een uiteenzetting van de samenwerkingsarrangementen wordt ingegaan op de sterke en zwakke kanten van de gemaakte keuzes. Daarbij staat in het bijzonder één criterium centraal: betrouwbaarheid. Kan de overheid vertrouwen op toezicht en controle door private partijen? Zijn de private partijen in staat en bereid om effectief toezicht op voedselveiligheid en bouwkwaliteit uit te oefenen en welke factoren uit het samenwerkingsarrangement hebben hier invloed op? Naast de constatering dat private toezichthouders een toegevoegde waarde kunnen bieden aan de stelsels van toezicht, wijzen we op enkele potentiële risico’s die we in praktijk van bouw- en voedseltoezicht hebben geïdentificeerd: onvoldoende onafhankelijkheid en belangenverstrengeling, beperkte intrinsieke motivatie, kans op papieren werkelijkheid en onvoldoende corrigerende werking van het publieke toezicht.


Annalies Outhuijse
Mr. dr. A. Outhuijse is advocaat bij Stibbe binnen de praktijkgroep bestuursrecht. Eerder heeft zij een proefschrift geschreven op het gebied van het mededingingstoezicht bij de Rijksuniversiteit Groningen.

Tetty Havinga
Dr. ir. T. Havinga is rechtssocioloog en als fellow verbonden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit te Nijmegen.
Artikel

Access_open Drie kernthema’s uit de evaluatie van de Wkkgz

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 5 2021
Trefwoorden kwaliteit van zorg, patiëntenrechten, wetgeving, meldplichten, klachtrecht
Auteurs prof. mr. J. Legemaate, mr. dr. R.P. Wijne, mr. L.J. Knap e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2016 trad de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) in werking. In dit artikel wordt verslag gedaan van de eerste evaluatie van deze wet. Hieruit blijkt dat de wet bijdraagt aan de daarmee beoogde doelen, maar dat zich in de praktijk ook knelpunten voordoen. De belangrijkste daarvan worden besproken.


prof. mr. J. Legemaate
Johan Legemaate is als hoogleraar gezondheidsrecht verbonden aan de UvA (Law Center for Health and Life).

mr. dr. R.P. Wijne
Rolinka Wijne is als docent/onderzoek gezondheidsrecht verbonden aan de UvA (Law Center for Health and Life).

mr. L.J. Knap
Linda Knap is als onderzoeker werkzaam bij het Nivel.

prof. dr. R.D. Friele
Roland Friele is adjunct-directeur van het Nivel en bijzonder hoogleraar bij TRANZO (Tilburg University).
Artikel

Constructief omgaan met conflicten en ­geschillen

Inleiding in probleemoplossend onderhandelen en bemiddelen

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2 2021
Auteurs Alain-Laurent Verbeke en Geert Vervaeke
Auteursinformatie

Alain-Laurent Verbeke
Prof. Dr. Alain-Laurent Verbeke (1964) is gewoon hoogleraar aan de KU Leuven. Hij doceert er sinds 1991 onder meer onderhandelen en bemiddelen, nationaal en internationaal familiaal vermogensrecht, bijzondere overeenkomsten, zowel in de bachelor en master rechten als in de master notariaat. Aan de rechtsfaculteit is hij directeur van het Rector Roger Dillemans Instituut Familiaal Vermogensrecht, codirecteur van het Leuvens Centrum Notariaat en van het Instituut Contractenrecht. Aan de faculteit psychologie is hij covoorzitter van het Leuven Center for Collaborative Management (LCM). Hij is mede-oprichter (in 2001), lesgever en lid van de stuurgroep van het postgraduaat bemiddeling van de KU Leuven. Ook is hij (co)promotor van talrijke doctoraten, in de rechten en in de psychologie. Hij is advocaat aan de balies van Brussel en West-Vlaanderen, partner Greenille Private Client Team @ Deloitte Legal. Hij is sinds 2007 Visiting Professor of Law aan Harvard Law School, waar hij negotiation doceert. Sinds 2008 is hij ook Professor of Law & Negotiation aan UCP Lisbon Global School of Law en sinds 1999 deeltijds gewoon hoogleraar privaatrecht en rechtsvergelijking aan Tilburg University. Hij ontving de Francqui Leerstoel (VUB, 2010-2011), de KBC Chair in Family Wealth (Antwerp Management School, 2014-2015) en de Van Oosterwyck Leerstoel notarieel recht (VUB, 2003). In Harvard is hij verbonden aan het Program on Negotiation (PON). Zie www.law.kuleuven.be/fvr/nl/pdf/cvALV.

Geert Vervaeke
Prof. Dr. Geert Vervaeke (1960) is Decaan van de Faculteit Rechtsgeleerdheid van Tilburg University. Hij is tevens deeltijds Gewoon Hoogleraar aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de KU Leuven in de criminologische en rechtspsychologie. Momenteel is hij voorzitter van de European Association on Psychology and Law (https://eapl.eu). Tevens is hij voorzitter van de stuurgroep van het postgraduaat bemiddeling aan de KU Leuven. Hij is gewezen Voorzitter van de Belgische Hoge Raad voor de Justitie (2004-2012: www.hrj.be/nl). Hij was tussen 2004 en 2012 tevens lid van het bestuur van het Europees Netwerk van Hoge Raden (www.encj.eu) en curator van het wetenschappelijk luik van het Stadsfestival Op.Recht.Mechelen (2015-2017: www.oprechtmechelen.be).
Artikel

Access_open GMO Regulation in Crisis – The Experimental Potential of Regulation (EU) 2020/1043 on Covid-19 in Addressing Both a Crisis and a ­Pandemic

Special Issue Experimental Legislation in Times of Crisis Sofia Ranchordás & Bart van Klink (eds.)

Tijdschrift Law and Method, september 2021
Trefwoorden experimental legislation, regulatory knowledge, GMO regulation, evaluation
Auteurs Lonneke Poort en Willem-Jan Kortleven
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article, we analyse Regulation (EU) 2020/1043 on Covid-19 against the backdrop of the current deadlock in EU-regulation of genetically modified organisms (GMOs). We build on temporary and experimental legislation scholarship and employ a normative framework of regulatory knowledge. The Covid-19 Regulation aims at speeding up the development of GMO-based Covid-19 treatments or vaccines by temporarily suspending requirements that otherwise would have made for time-consuming and burdensome authorization processes. Although the Regulation lacks an explicit experimental purpose, we hypothesize that experiences with its functioning may be utilized in evaluation processes serving attempts to change the GMO legal framework. As such, it may fulfil a latent experimental function. We reflect on the types of knowledge that are relevant when evaluating experimental legislation and developing regulation more generally and argue that the inclusion of social knowledge is pertinent in dealing with complex issues such as GMO regulation. Experimental law literature focuses on gathering evidence-based knowledge about the functioning of legislation but virtually neglects knowledge about different experiences and value appreciations of various societal actors and social-contextual mechanisms. We propose that such social knowledge be included in the design of experimental legislation and that evaluation be approached bottom-up instead of top-down.


Lonneke Poort
Lonneke Poort is Associate Professor at the department of Sociology, Theory and Methodology of Law at Erasmus School of Law.

Willem-Jan Kortleven
Willem-Jan Kortleven is Assistant Professor at the department of Sociology, Theory and Methodology of Law at Erasmus School of Law, Rotterdam.
Artikel

Naar een adequate aanpak van naastplaatsingen

Onderzoek naar verklarende factoren voor het probleem van afval naast containers Dit artikel is gebaseerd op onderzoek van De Vries, Epskamp en Ergun uit 2019 (zie De Vries et al., 2019).

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 3 2021
Trefwoorden feelings of unsafety, overflowing garbage containers, litter
Auteurs Chris de Vries, Martijn Epskamp en Julien van Ostaaijen
SamenvattingAuteursinformatie

    Litter in the street is a great annoyance for many people, especially in the large cities. This includes overflowing garbage containers caused by people incorrectly placing garbage: next to these containers. In this study, carried out in the municipality of Rotterdam, we have developed a model that provides insight into which factors contribute to where this is done (or not). In summary, days when people are not working, the number of people that depend on the container(s), the bonding and social cohesion of that group, and the social-economic circumstances of the people in that group are the most important factors in determining at which container locations people incorrectly place their garbage. These insights provide starting points for an effective municipal approach to overflowing garbage containers and thereby reducing the residents’ feelings of nuisance and unsafety.


Chris de Vries
Chris de Vries is als onderzoeker werkzaam bij Gemeente Rotterdam.

Martijn Epskamp
Martijn Epskamp is als onderzoeker werkzaam bij Gemeente Rotterdam.

Julien van Ostaaijen
Julien van Ostaaijen is als lector Recht & Veiligheid werkzaam bij Avans Hogeschool en als universitair docent Bestuurskunde bij Tilburg University.

    In its decision rendered on 28 February 2019, the Luxembourg Court of Appeal (Cour d’appel de Luxembourg) examined under which circumstances on-call duty performed at the workplace qualifies as actual working time.
    The issue raised was whether the time spent at night by an employee (i.e. the presence of an employee at the workplace) performing the work of a live-in carer was to be considered as ‘actual working time’.
    The Court expressly referred to EU case law and decided that the concept of actual working time is defined by two criteria, namely (i) whether the employee during such a period must be at the employer’s disposal, and (ii) the interference with the employee’s freedom to choose their activities.
    In view of the working hours provided for in the employment contract and in the absence of evidence proving that the employee would not have been at the employer’s home during her working hours, the Court found that the employee stayed at the employer’s home at night and at the employer’s request. It was irrelevant in this respect whether it was for convenience or not. It was further established that the employee could not leave during the night and return to her home and go about her personal business, so that the hours she worked at night were to be considered as actual working time.
    Given that the employee’s objections regarding her salary were justified (as the conditions of her remuneration violated statutory provisions), the Court decided that the dismissal was unfair.


Michel Molitor
Michel Molitor is the managing partner of MOLITOR Avocats à la Cour SARL in Luxembourg, www.molitorlegal.lu.

    The Bucharest Tribunal has ruled that the time spent by employees in isolation at work during a Covid-19 pandemic state of emergency represents working time. However, the time spent in isolation at home following the period of isolation at work does not constitute rest time.


Andreea Suciu
Andreea Suciu is Managing Partner of Suciu | The Employment Law Firm.

Teodora Manaila
Teodora Manaila is a Senior Associate at Suciu | The Employment Law Firm, Bucharest, Romania.
Rulings

ECJ 8 July 2021, case C-428/19 (Rapidsped), Posting of Workers and Expatriates

OL, PM, RO – v – Rapidsped Fuvarozási és Szállítmányosi Zrt., Hungarian case

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 2 2021
Trefwoorden Posting of Workers and Expatriates
Samenvatting

    A daily allowance is part of the minimum wage during posting, unless it is paid in reimbursement of expenditure actually incurred on account of the posting. A bonus to reduce fuel consumption is allowed, unless it encourages the driver to endager road safety.

    Deze analyse bespreekt uitvoerig de argumenten van voor- en tegenstanders van het wetsvoorstel ter versoepeling van de Belgische abortuswetgeving (2019-…). Het fel bediscussieerde wetsvoorstel beoogt het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon uit te breiden en abortus te destigmatiseren. Door vrijwillige zwangerschapsafbreking als gezondheidszorg te kwalificeren geven de indieners van het wetsvoorstel tevens de voorkeur aan een gezondheidsrechtelijk traject op maat van de zwangere persoon als patiënt. De inkorting van de wachtperiode-en het schrappen van abortusspecifieke informatieverplichtingen geven in die zin blijk van vertrouwen in de zwangere persoon, in het kwalitatief handelen van de zorgverlener en in de waarborgen die het gezondheidsrecht reeds biedt. De wetgever dient met andere woorden uit te maken (1) welke regels hij in de context van abortus nodig acht, (2) of deze regels reeds worden gewaarborgd door de algemene gezondheidswetten- en deontologie, en (3) of de vooropgestelde regels hun doel bereiken. Een uitbreiding van het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon wordt tevens bewerkstelligd door de termijnuitbreiding van twaalf naar achttien weken voor abortus op verzoek. Een keuze voor een termijn is steeds in zekere mate willekeurig, doch reflecteert een beleidsethische keuze waarbij wordt gezocht naar een evenwicht tussen de bescherming van ongeboren leven en het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon. Praktische bekommernissen vormen hierbij geen fundamenteel bezwaar tegen een termijnuitbreiding maar dienen, in overleg met de betrokken sector, te worden geanticipeerd en maximaal te worden opgevangen door middel van organisatorische (niet-noodzakelijk juridische) initiatieven. Ten slotte beogen de indieners van het wetsvoorstel opheffing van alle strafsancties voor vrijwillige zwangerschapsafbreking. Op rechtstheoretisch vlak blijven echter vragen bestaan omtrent de manier waarop dit voorstel een volledige depenalisering doorvoert. Hoewel het tuchtrecht enige rol kan spelen bij gebrek aan strafsancties, creëert de vooropgestelde depenalisering van ongeoorloofde zwangerschapsafbreking door een arts een rechtsonzekere situatie.
    ---
    This analysis extensively discusses the arguments of supporters and opponents of the legislative proposal to relax the Belgian abortion legislation (2019-…). The heavily debated proposal primarily aims to expand the pregnant person’s right to self-determination and to destigmatise abortion. By qualifying consensual termination of pregnancy as health care, the supporters of the proposal also prioritise an individualised, health-oriented approach towards the pregnant person as patient. In the same vein, the diminished waiting period and the removal of abortion-specific information duties express trust in the pregnant person, in the qualitative conduct of the health care provider, and in the guarantees that the health law already provides. In other words, the legislator must determine 1) which regulations it deems necessary in the context of abortion, 2) whether these regulations are already guaranteed by general health laws and ethics, and 3) whether the proposed regulations achieve their intended purpose. An expansion of the pregnant person’s right to self-determination is also achieved by the extension from twelve to eighteen weeks as a limit for abortion on request. Although a time limit is always arbitrary to some extent, it mainly reflects a policy-ethical decision in which a balance is sought between the protection of unborn life and the pregnant person’s right to self-determination. Practical concerns do not establish a fundamental objection to the extension of such limit, but must, in consultation with the medical profession, be anticipated and dealt with as much as possible by means of organisational (not necessarily legal) initiatives. Finally, the proposal lifts all criminal sanctions currently applicable to consensual termination of pregnancy. On a legal-theoretical level, however, questions remain about the way in which the proposal implements full depenalisation. Although disciplinary law can play some role in the absence of criminal sanctions, the depenalisation of unlawful termination of pregnancy by a health care professional produces legal uncertainty.


F. De Meyer
Fien De Meyer doet doctoraatsonderzoek naar regelgeving inzake abortus aan de Universiteit van Antwerpen.

C. De Mulder
Charlotte De Mulder doet doctoraatsonderzoek naar het statuut van ongeboren leven aan de Universiteit van Antwerpen.
Artikel

Levensbeschouwelijk perspectief op goed bestuur in onzekere tijden

De dreiging van een gesloten samenleving keren

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2021
Trefwoorden reflexiviteit, open samenleving, post-seculier, Nederigheid, improvisatie
Auteurs Robert van Putten
SamenvattingAuteursinformatie

    What is a good governance approach to uncertainty or reflexivity? Reducing uncertainty is an important task of policy and governance, but it can also derail. That is why good governance includes holding space for uncertainty. A Christian worldview provides insights for a more relaxed handling of uncertainty. The notions of certitudo, improvisation and humility are then central. Together, they form building blocks for a post-secular perspective on governance in times of crisis.


Robert van Putten
Dr. R.J. van Putten promoveerde aan de Vrije Universiteit Amsterdam op een bestuursfilosofisch proefschrift getiteld De ban van beheersing (2020). Momenteel werkt hij als onderzoeker aan het Wetenschappelijk Instituut van de ChristenUnie en aan het lectoraat Bezieling & Professionaliteit van de Christelijke Hogeschool Ede.
Artikel

Access_open We need to talk to Martha

Or: The desirability of introducing simple adoption as an option for long-term foster children in The Netherlands

Tijdschrift Family & Law, juni 2021
Trefwoorden Adoption, foster care, guardianship, parental responsibility, supervision orders for minors
Auteurs mr. dr. M.J. Vonk en dr. G.C.A.M. Ruitenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article you will be introduced to Martha. Martha will turn eighteen in a couple of weeks and is afraid of losing her foster family when she becomes an adult (I). You will be taken on a journey through the Dutch child protection system and recent research on the desirability of forging an additional legal instrument, such as the introduction of simple adoption, for children like Martha and her two families. The following questions will be answered: How do children like Martha end up in a foster family (II)? Who is responsible or who makes decisions about Martha’s care and future and what problems may occur? Five possible situations in long-term foster care will be discussed in this context on the basis of current law and research (III). Would simple adoption (eenvoudige adoptie) solve some of the problems discussed in the earlier section and thus be a feasible and desirable option for long-term foster children and their foster parents (IV)? At the end of this journey you will be invited to take a brief glance into the future in the hope that Martha’s voice will be heard (V).
    ---
    In dit artikel stellen we u voor aan Martha. Martha wordt over een paar weken achttien en is bang haar pleeggezin kwijt te raken als ze meerderjarig wordt. Aan de hand van het verhaal van Martha nemen we u mee op een reis langs het Nederlandse jeugdbeschermingsstelstel en langs recent onderzoek naar de wenselijkheid van de introductie van een nieuwe juridische mogelijkheid waarmee een band tussen Martha en haar beide families kan worden gevestigd: eenvoudige adoptie. De volgende vragen worden daarbij beantwoord: Hoe komen kinderen zoals Martha in een pleeggezin terecht? Wie is verantwoordelijk voor of mag beslissingen nemen over Martha’s opvoeding en toekomst en wat voor problemen kunnen zich daarbij voordoen? Zou eenvoudige adoptie een oplossing bieden voor een aantal van de problemen die worden besproken en daarmee een wenselijke oplossing zijn voor langdurige pleegkinderen en hun pleeggezinnen? Aan het einde van deze reis werpen we een korte blik op de toekomst in de hoop dat de stem van Martha gehoord zal worden.


mr. dr. M.J. Vonk
Machteld Vonk is associate professor at the Amsterdam Center for Family Law of the Private Law Department at VU University Amsterdam.

dr. G.C.A.M. Ruitenberg
Geeske Ruitenberg is assistant professor at the Amsterdam Center for Family Law of the Private Law Department at the VU University Amsterdam.
Artikel

De Scheldestad of Manhattan aan de Maas? Een vergelijkende analyse van de Antwerpse en Rotterdamse havens bij de in- en doorvoer van cocaïne

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2021
Trefwoorden cocaine trafficking, Transnational organized crime, Corruption, public-private partnership, routine activity approach
Auteurs Richard Staring, Lieselot Bisschop, Charlotte Colman e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    The ports of Rotterdam and Antwerp are among the main European ports of entry for the import and further distribution of cocaine. Earlier research underlines the interchangeability of these ports regarding the criminal networks trafficking cocaine into Europe. In this contribution, the interchange­ability of these European sea ports regarding cocaine trafficking is questioned. Based on empirical research, and applying the routine activity approach, the Port of Rotterdam and the Port of Antwerp are compared with respect to their physical characteristics, the potential, motivated offenders, as well as the existing public and private security measures.


Richard Staring
Prof. dr. R.H.J.M. Staring is hoogleraar Empirische Criminologie bij de sectie Criminologie van de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.

Lieselot Bisschop
Prof. dr. L.C.J. Bisschop is Professor of Public and Private Interests bij Department of Criminology & Erasmus Initiative on Dynamics of Inclusive Prosperity van de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.

Charlotte Colman
Prof. dr. C. Colman is docent Criminologie bij de Faculteit Recht en Criminologie van de Universiteit Gent. Zij is tevens postdoctoraal onderzoeker bij het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek.

Jelle Janssens
Prof. dr. J. Janssens is hoofddocent bij het Institute for International Research on Criminal Policy van de Vakgroep Criminologie, Strafrecht, Sociaal Recht, Faculteit Recht en Criminologie, van de Universiteit Gent.

Robby Roks
Dr. R.A. Roks is universitair docent Criminologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Toine Spapens
Professor Toine Spapens is hoogleraar criminologie aan Tilburg University. a.c.spapens@tilburguniversity.edu
Artikel

Burgers als institutioneel werkers. Een nieuw perspectief op burgerparticipatie in veiligheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 3 2021
Trefwoorden institutional work, citizen participation, fire, disruption, actor perspective
Auteurs Jasper Bongers en Wim de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article we show how the concept of ‘institutional work’ can be used to study citizen participation in the field of security arrangements. Institutional work starts from the perspective of actors trying to influence security institutions, and not from the perspective of government (as concepts like the ‘participation society’ and ‘ladder’ do). As such, this dynamic concept can be a useful addition to the conceptual arsenal of security experts. By applying the concept to the case of the Voluntary Fire Brigade in nineteenth-century Utrecht (1879-1890) we show how institutional work can work in practice. Finally, we reflect on the contribution that institutional work can make to our understanding of citizen participation in the field of safety.


Jasper Bongers
Jasper Bongers is promovendus aan de Open Universiteit. jasper.bongers@ou.nl

Wim de Jong
Wim de Jong is postdoc aan de Universiteit van Amsterdam en Radboud Universiteit. wpthdejong@gmail.com
Artikel

Access_open Dismissal protection in Germany

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden Statutory and judge-made dismissal protrection in germany, Dismissal protection and constitutional law, The importance of the case law, Legal principles, Payments during sickness
Auteurs dr. Bernd Waas
SamenvattingAuteursinformatie

    The article provides overview of the main elements of protection against dismissal in germany. In particular, the possible reasons for dismissal and the substantive requirements are discussed. The procedural aspects and remedies are also dealt with. Finally, it is explained, how the payment during sickness is organized.


dr. Bernd Waas
Bernd Waas is Chair of Labour Law and Civil Law under consideration of European and International Labour Law at Goethe-Universität.

Emily Moir
Dr. E. Moir is a Lecturer in the School of Law and Society, University of the Sunshine Coast.
Artikel

Mensenhandel en mensensmokkel op Curaçao: een crime-scriptanalyse

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1 2021
Trefwoorden exploitation, crime scripting, situational crime prevention, Caribbean, Latin America
Auteurs Zahyanne Luisa
SamenvattingAuteursinformatie

    This article contains the results of a crime script analysis regarding the processes of human trafficking and human smuggling in Curaçao. The crime script analysis was conducted using data from five criminal investigations of human trafficking and seven criminal investigations of human smuggling. The results show that human trafficking in Curaçao consists of labor exploitation and sexual exploitation in bars, cafes and clubs. Young women are recruited from Colombia, Venezuela and the Dominican Republic to work as waitresses, trago girls and/or prostitutes. Once they arrive on the island, the women are dependent on the perpetrators and are subjected to exploitation In this research, two types of human smuggling have been witnessed. The first type consists of Venezuelan smugglers who transport fellow Venezuelan nationals to Curaçao by boat in exchange for payment. The second type of smugglers are Curaçao locals who rent out rooms to Venezuelans that reside on the island illegally.


Zahyanne Luisa
Z.C.R. Luisa MSc, LLM is momenteel werkzaam bij het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Rulings

ECJ 11 February 2021, Joined Cases C-407/19 and C-471/19 (Katoen Natie Bulk Terminals and General Services Antwerp), Other Forms of Free Movement

Katoen Natie Bulk Terminals NV and General Services Antwerp NV – v – Belgische Staat and Middlegate Europe NV – v – Ministerraad, Belgian cases

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Other Forms of Free Movement
Samenvatting

    Legislation which reserves dock work to recognised workers may be compatible with EU law if it is aimed at ensuring safety in port areas and preventing workplace accidents. However, the intervention of a joint administrative committee in the recognition of dockers is neither necessary nor appropriate for attaining the objective pursued.

Toont 1 - 20 van 715 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 35 36
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.