Zoekresultaat: 13 artikelen

x
Artikel

Het non-concurrentiebeding in de ondernemingsrechtpraktijk: vergeet het mededingingsrecht niet!

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden non-concurrentiebeding, overnames, joint venture, aandeelhoudersovereenkomst, kartelverbod
Auteurs Mr. L.E. Haanraadts en Mr. drs. G. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt aan de hand van wet- en regelgeving en jurisprudentie het wettelijk kader besproken dat geldt voor non-concurrentiebedingen in overnameovereenkomsten en aandeelhoudersovereenkomsten. Ook worden mogelijke sancties in geval van een inbreuk op het mededingingsrecht behandeld. Afgesloten wordt met enkele aanbevelingen en aandachtspunten bij het opstellen van non-concurrentiebedingen.


Mr. L.E. Haanraadts
Mr. L.E. Haanraadts is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. drs. G. de Jong
Mr. drs. G. de Jong is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Access_open De retoriek van gun-jumping

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2018
Trefwoorden gun-jumping, artikel 4 en 7 Concentratieverordening, meldingsplicht, standstillverplichting, artikel 34 Mw
Auteurs Stijn de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel beschrijft de auteur het fenomeen ‘gun-jumping’ (het zonder goedkeuring van de mededingingsautoriteit implementeren van meldingsplichtige concentraties) aan de hand van recente Nederlandse en Europese zaken.


Stijn de Jong
Mr. S. de Jong is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Casus

Contractonderhandelingen met een letter of intent: het opstellen van bedingen

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Afgebroken onderhandelingen, culpa in contrahendo, Aansprakelijkheid, Voorovereenkomst, Intentieverklaring
Auteurs Dr. E. Pannebakker LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Tijdens contractonderhandelingen stellen partijen geregeld een ‘letter of intent’ op. De vraag in hoeverre de partijen aan dergelijke documenten zijn gebonden, staat zowel bij het opstellen van een letter of intent als bij de eventuele geschillen centraal. In deze bijdrage worden de meest voorkomende bedingen van een letter of intent onder de loep genomen en wordt een aantal aanbevelingen over het opstellen van de letter of intent geformuleerd.


Dr. E. Pannebakker LLM
Dr. E. Pannebakker LLM is universitair docent aan de Universiteit Leiden, Instituut voor Privaatrecht.
Diversen: Boilerplates etc.

Overleeft de survival clause?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Survival clause, Boilerplate, Uitleg, Ontbinding, vernietiging
Auteurs Prof. mr. T.H.M. Van Wechem en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    De survival clause wordt in veel contracten aangetroffen en heeft tot doel te bewerkstelligen dat de daarin genoemde artikelen het einde van de overeenkomst overleven. In dit artikel onderzoeken de schrijvers of de survival clause nodig is, dan wel dat de wettelijke regelingen over ontbinding en vernietiging het onderwerp al afdoende regelen. De schrijvers concluderen dat de survival clause nut heeft.


Prof. mr. T.H.M. Van Wechem
Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem is hoogleraar Professional Legal Counseling aan de Open Universiteit.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Diversen: Boilerplates etc.

Is de nietigheidsecarterende (en/)of conversieclausule (severability clause) eigenlijk wel toegestaan?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2017
Trefwoorden boilerplate, nietigheid, bepaalbaarheid, afdwingbaarheid, severability
Auteurs Prof. mr. T.H.M. van Wechem
SamenvattingAuteursinformatie

    In het artikel wordt de vraag behandeld of een “severabilty clause” – een clausule die vaak standaard als boilerplate in een contract wordt opgenomen en waarin partijen nietigheden en vernietigbaarheden op voorhand willen reguleren – wettelijk is toegestaan en/of opname van een dergelijke clausule zinvol is.
    De auteur komt tot de conclusie dat dergelijke clausules – binnen een bepaalde bandbreedte – zijn toegestaan, maar hij bepleit dat opname van een dergelijk clausule tot een dermate grote onduidelijkheid kan leiden, dat opname daarom niet zinvol is. Dit geldt temeer omdat er een uitgebalanceerde wettelijke regeling bestaat voor de gevallen dat partijen geen afspraken hierover hebben gemaakt.


Prof. mr. T.H.M. van Wechem
Prof. mr. E. van Wechem is verbonden aan Baker & McKenzie advocaten, notarissen en belastingadviseurs en (parttime) hoogleraar Professional Legal Counselling OU

    De geschillenclausule wordt door transactieadvocaten regelmatig behandeld als een boilerplate-bepaling, waar de litigators zich over mogen ontfermen op het moment dat er een geschil ontstaat. De keuze voor arbitrage of overheidsrechtspraak kan echter van enorm belang zijn voor contractspartijen als er een conflict ontstaat.
    Deze bijdrage beoogt de juristen en advocaten die in de praktijk betrokken zijn bij het opstellen van overnamecontracten of handelsovereenkomsten een handvat te bieden bij het opstellen van de geschillenclausule en inzicht te geven in de overwegingen die ten grondslag (zouden moeten) liggen aan het opstellen van een arbitrageclausule.


Mr. L.J.E. Timmer
Mr. L.J.E. Timmer is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven en vertegenwoordigt niet noodzakelijk de mening van Allen & Overy LLP.
Praktijk

Het glibberige pad van contracteren in de brandstoffenbranche

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2014
Trefwoorden Mededingingswet, exclusieve afnameovereenkomst, groepsvrijstellingsverordening, partiële nietigheid, conversie
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze Actualia staan twee arresten van de Hoge Raad in de procedure tussen BP en Benschop centraal. Deze arresten gingen over de mededingingsrechtelijke toelaatbaarheid van exclusieve afnameovereenkomsten. De Hoge Raad onderstreept het belang van scherp contracteren en het in acht nemen van onder meer de Groepsvrijstellingsverordening. Daarnaast bevestigt de Hoge Raad dat een mededingingsrechtelijke nietigheid zich niet leent voor conversie en dat de nietigheid algeheel of partieel kan zijn. Dat laatste is een kwestie van uitleg, waarbij ook de inhoud van de overeenkomst een rol zal spelen.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

Access_open Revisiting the Humanisation of International Law: Limits and Potential

Obligations Erga Omnes, Hierarchy of Rules and the Principle of Due Diligence as the Basis for Further Humanisation

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2013
Trefwoorden humanisation, constitutionalism, legal positivism, human rights, erga omnes, due diligence, positive obligations, normative hierarchy, proportionality
Auteurs Dr. Vassilis P. Tzevelekos
SamenvattingAuteursinformatie

    The article critically evaluates the theory of the humanisation of international law. First, it argues that despite human rights having impact on (other areas of) international law, this trend has in the past been somewhat inflated. A number of examples are given where human rights have been tested against other objectives pursued by international law, with humanisation revealing its limits and actual dimensions. The second argument consists in identifying and highlighting obligations erga omnes (partes) and the principle of due diligence as two ‘systemic’ tools, that are central to the humanisation of international law. Both these tools form part of modern positive law, but may also make a positive contribution towards the direction of deeper humanisation in international law, having the potential, inter alia, to limit state will, establish occasional material normative hierarchy consisting in conditional priority in the fulfilment of human rights, give a communitarian tone to international law and invite states to be pro-active in the collective protection of their common interests and values. In its conclusions, the article offers a plausible explanation about the paradox it identifies of the limits of the humanisation on the one hand, and its potential for further development on the other. For, it is inherent in international law that the line separating the law from deontology is thin. The process of humanisation needs to be balanced with the other objectives of international law as well as reconciled with the decentralised and sovereignist origins of the pluralistic international legal system.


Dr. Vassilis P. Tzevelekos
Lecturer in Public International Law, University of Hull Law School; Attorney, Athens’ Bar. PhD and M.Res, European University Institute; MA, European Political and Administrative Studies, College of Europe; DEA Droit international public et organisations internationales, Paris 1 Panthéon-Sorbonne; LLB, National and Kapodistrian University of Athens.
Artikel

Enige vraagstukken van verzekeringsdekking

Proefschrift van mr. F. Stadermann

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2012
Trefwoorden verzekeringsdekking
Auteurs Mr. M.J. Tolman
SamenvattingAuteursinformatie

    Bespreking van het proefschrift van mr. F. Stadermann.


Mr. M.J. Tolman
Mr. M.J. Tolman is juridisch adviseur bij Delta Lloyd Schadeverzekering N.V.
Artikel

Hoge Raad 3 december 2004, C 03/213, Vreugdenhil/BVH

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4/5 2005
Trefwoorden overeenkomst, nietigheid, mededinging, mededingingsrecht, uitleg, Europees mededingingsrecht, exclusiviteit, hof van justitie EG, openbare orde, exclusiviteitbeding
Auteurs B.J. Drijber

B.J. Drijber
Artikel

10 jaar Contracteren – een praktijkvisie

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2009
Trefwoorden ontwikkelingen, praktijk, contract
Auteurs Mr. B.J. Schoordijk
SamenvattingAuteursinformatie

    Schoordijk brengt belangrijke ontwikkelingen van de afgelopen tien jaar in kaart. Dat zijn niet alleen rechtsontwikkelingen, maar (vooral) ook economische, technologische en maatschappelijke ontwikkelingen. Aan de orde komen: globalisering, nieuwe economieën, consolidatie van de industrie, private equity in M&A transacties, opkomst van de grote advocatuur, internet en e-mail, standaardisering, de DCFR en het Global Sales Law Project.


Mr. B.J. Schoordijk
Mr. B.J. Schoordijk is Director Legal Affairs – Corporate en tevens advocaat bij Akzo Nobel NV te Amsterdam.
Artikel

Betekenis van het Europese mededingingsrecht voor het Nederlandse contractenrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2009
Trefwoorden Europese mededingingsrecht, contractenrecht, Kartelverbod, economische machtspositie, concentratiecontrole
Auteurs Mr. R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Een van de leidende beginselen van het contractenrecht is de partijautonomie en de daaraan gekoppelde contractsvrijheid. Zoals iedere vrijheid kent echter ook contractsvrijheid haar grenzen. Het mededingingsrecht is als begrenzing van de contractsvrijheid de laatste jaren steeds belangrijker geworden. Overeenkomsten mogen er niet toe leiden dat de mededinging wordt beperkt. In het onderhavige artikel wordt besproken op welke manier het Europese mededingingsrecht inwerkt op het Nederlandse contractenrecht. Daartoe worden de Europese mededingingsregels op hoofdlijnen weergegeven. In dit artikel wordt onder mededingingsrecht verstaan het kartelverbod, het verbod van misbruik van economische machtspositie en de concentratiecontrole.


Mr. R. Meijer
Mr. R. Meijer is advocaat bij Allen & Overy te Amsterdam.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.