Zoekresultaat: 18 artikelen

x
Artikel

Concurrentie en duurzaamheid gaan hand in hand

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4-5 2020
Trefwoorden duurzaamheid, artikel 101 VWEU, concurrentie, artikel 6 Mw, Mededingingsrecht
Auteurs Eric van Damme
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage belicht de auteur de onderwerpen mededinging, duurzaamheid en klimaatverandering vanuit economisch perspectief en probeer hij te duiden wat de bijdrage van de economische wetenschap aan de discussie over mededinging en duurzaamheid zou kunnen zijn. Zijn belangrijkste stelling is dat mededinging niet slechts een instrument is, maar een publiek belang dat bescherming verdient, dat onze Mededingingswet dit belang onvoldoende beschermt en dat de ACM zich sterker als hoeder van dit belang zou moeten opstellen.


Eric van Damme
Prof. dr. E. van Damme is werkzaam bij het Departement Economie en TILEC van de Universiteit Tilburg.
Discussie en debat

Aandeelhouderskapitalisme en excessieve beloningen wakkeren fraude aan

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2020
Trefwoorden shareholder capitalism, excessive rewards, fraude, shareholder idealism, long-term value creation
Auteurs Prof. dr. mr. Marcel Pheijffer
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution examines shareholder capitalism and shareholder idealism. It is also argued that excessive rewards – often a result of shareholder capitalism – fuel fraud. Supervisory directors and shareholders should therefore act as a counterforce and fulfil a corrective role.


Prof. dr. mr. Marcel Pheijffer
Prof. dr. mr. M. Pheijffer RA is hoogleraar Accountancy aan de Nyenrode Business Universiteit en de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Uitdagingen voor het ondernemingsrecht; op weg naar een echt ondernemingsrecht?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2020
Trefwoorden onderneming, vennootschap, stakeholderdenken, digitalisering, corporate governance
Auteurs Prof. mr. L. Timmerman
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur zet uiteen hoe de verhouding tussen onderneming en vennootschap zich vanaf 1900 heeft ontwikkeld. De auteur verwacht dat de invloed van de politiek op de onderneming en vennootschap in de komende jaren zal toenemen. Aan het slot van zijn beschouwing maakt de auteur een paar opmerkingen over de invloed van digitalisering op het vennootschapsrecht.
    ‘The future is unknowable, but the past should give us hope.’1xUitspraak toegeschreven aan Winston Churchill.

Noten

  • * Tekst van een niet uitgesproken oratie bij het aanvaarden van het vijfjarige honoraire hoogleraarschap ondernemingsrecht, in het bijzonder zijn historische ontwikkeling, aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Ik ben de Erasmus Universiteit dankbaar voor het voorrecht van dit hoogleraarschap (op mijn gevorderde leeftijd van 70 jaar). Een eerdere versie van dit betoog hield de auteur op 13 februari 2020 op een bijeenkomst georganiseerd door het Rotterdamse advocatenkantoor Windt Legrand Leeuwenburgh.
  • 1 Uitspraak toegeschreven aan Winston Churchill.


Prof. mr. L. Timmerman
Prof. mr. L. Timmerman is hoogleraar ondernemingsrecht, in het bijzonder zijn historische ontwikkeling, aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Article

Access_open The Potential of the Dutch Corporate Governance Model for Sustainable Governance and Long Term Stakeholder Value

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2019
Trefwoorden corporate governance, company law, stakeholders, Dutch Corporate Governance Code, long-termism
Auteurs Manuel Lokin en Jeroen Veldman
SamenvattingAuteursinformatie

    This article addresses the question of how the Dutch regulatory and institutional setting enables policy coherence, specifically with regard to safeguarding stakeholders’ interests and promoting sustainable governance. To address this question, we engage with idiosyncratic theoretical notions in the Dutch corporate governance model. We follow the evolution of these notions in statutory company law and case law, their development in the Dutch Corporate Governance Code and their relation to the Enterprise Chamber as a unique institution. We establish how these theoretical views and practical institutions present significant means by which stakeholder concerns may be represented in the operation of company law and corporate governance more broadly and provide a number of ways in which these institutions and their operation can be further developed.


Manuel Lokin
Manuel Lokin is Professor of Company Law at the University of Utrecht and lawyer at Stibbe, Amsterdam.

Jeroen Veldman
Jeroen Veldman is Visiting Professor at the Interdisciplinary Institute for Innovation at Mines ParisTech in Paris, France and Honorary Senior Visiting Fellow at Cass Business School in London, UK.
Artikel

Access_open Verslag MvO-symposium van 29 mei 2019

Een blik op het verleden en de toekomst van het ondernemingsrecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2019
Trefwoorden economisch marktdenken, social entrepreneurship, externaliteiten, BVm
Auteurs Mr. J.E. Devilee
SamenvattingAuteursinformatie

    Verslag van het MvO-symposium van 29 mei 2019, met lezingen over hoe het economisch marktdenken het sociale in het ondernemingsrecht in de verdrukking heeft gebracht, social entrepreneurship en tot slot de rol van het vennootschapsrecht in relatie tot externaliteiten.


Mr. J.E. Devilee
Mr. J.E. Devilee is promovenda ondernemingsrecht aan de Universiteit Utrecht.
Article

Access_open Fostering Worker Cooperatives with Blockchain Technology: Lessons from the Colony Project

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 3 2018
Trefwoorden blockchain, collaborative economy, cooperative governance, decentralised governance, worker cooperatives
Auteurs Morshed Mannan
SamenvattingAuteursinformatie

    In recent years, there has been growing policy support for expanding worker ownership of businesses in the European Union. Debates on stimulating worker ownership are a regular feature of discussions on the collaborative economy and the future of work, given anxieties regarding the reconfiguration of the nature of work and the decline of standardised employment contracts. Yet, worker ownership, in the form of labour-managed firms such as worker cooperatives, remains marginal. This article explains the appeal of worker cooperatives and examines the reasons why they continue to be relatively scarce. Taking its cue from Henry Hansmann’s hypothesis that organisational innovations can make worker ownership of firms viable in previously untenable circumstances, this article explores how organisational innovations, such as those embodied in the capital and governance structure of Decentralised (Autonomous) Organisations (D(A)Os), can potentially facilitate the growth of LMFs. It does so by undertaking a case study of a blockchain project, Colony, which seeks to create decentralised, self-organising companies where decision-making power derives from high-quality work. For worker cooperatives, seeking to connect globally dispersed workers through an online workplace, Colony’s proposed capital and governance structure, based on technological and game theoretic insight may offer useful lessons. Drawing from this pre-figurative structure, self-imposed institutional rules may be deployed by worker cooperatives in their by-laws to avoid some of the main pitfalls associated with labour management and thereby, potentially, vitalise the formation of the cooperative form.


Morshed Mannan
Morshed Mannan, LLM (Adv.), PhD Candidate, Company Law Department, Institute of Private Law, Universiteit Leiden.
Casus

Na AkzoNobel: meer bescherming vereist voor beursvennootschappen?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2018
Trefwoorden activistische aandeelhouder, overnamedreiging, beschermingsconstructies, enquêterecht, bescherming tegen overnames
Auteurs Dr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van de uitspraak van de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam van 29 mei 2017 inzake Elliott International L.P. c.s./AkzoNobel NV bespreekt de auteur in dit artikel de stand van zaken met betrekking tot de reikwijdte van de bevoegdheden en taken van de organen van een beursvennootschap in het kader van het perspectief van een mogelijke overname en soortgelijke situaties. Daarbij wordt ook ingegaan op de recente discussie of Nederlandse beursvennootschappen meer bescherming behoeven.


Dr. H. Koster
Dr. H. (Harold) Koster is universitair hoofddocent aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Naschrift naar aanleiding van: ‘Reactie: convocatierecht en agenderingsrecht – een rechtspolitieke wens als vader van Eikelbooms gedachten’

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2017
Trefwoorden convocatierecht, agenderingsrecht, aandeelhoudersactivisme, EU-recht, stakeholdersbenadering
Auteurs Mr. F. Eikelboom
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur reageert op de reactie van Overkleeft op zijn artikel Wat onder de oppervlakte bleef in de rechtspraak rond AkzoNobel (MvO 2017, afl. 10).


Mr. F. Eikelboom
Mr. F. Eikelboom is advocaat bij bureau Brandeis te Amsterdam.
Article

Access_open Legality of the World Bank’s Informal Decisions to Expand into the Tax Field, and Implications of These Decisions for Its Legitimacy

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2017
Trefwoorden World Bank, legality, legitimacy, global tax governance, tax policy and tax administration reforms
Auteurs Uyanga Berkel-Dorlig
SamenvattingAuteursinformatie

    The emergence of global tax governance was triggered by common tax problems, which are now still being faced by international society of nation-states. In the creation of this framework, international institutions have been playing a major role. One of these institutions is the World Bank (Bank). However, those who write about the virtues and vices of the main creators of the framework usually disregard the Bank. This article, therefore, argues that this disregard is not justified because the Bank has also been playing a prominent role. Since two informal decisions taken in the past have contributed to this position of the Bank, the article gives in addition to it answers to the following two related questions: whether these informal decisions of the Bank were legal and if so, what implications, if any, they have for the Bank’s legitimacy.


Uyanga Berkel-Dorlig
Ph.D. candidate in the Department of Tax Law, Erasmus School of Law, Erasmus University Rotterdam, The Netherlands.
Article

Access_open Keck in Capital? Redefining ‘Restrictions’ in the ‘Golden Shares’ Case Law

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Keck, selling arrangements, market access, golden shares, capital
Auteurs Ilektra Antonaki
SamenvattingAuteursinformatie

    The evolution of the case law in the field of free movement of goods has been marked by consecutive changes in the legal tests applied by the Court of Justice of the European Union for the determination of the existence of a trade restriction. Starting with the broad Dassonville and Cassis de Dijon definition of MEEQR (measures having equivalent effect to a quantitative restriction), the Court subsequently introduced the Keck-concept of ‘selling arrangements’, which allowed for more regulatory autonomy of the Member States, but proved insufficient to capture disguised trade restrictions. Ultimately, a refined ‘market access’ test was adopted, qualified by the requirement of a ‘substantial’ hindrance on inter-State trade. Contrary to the free movement of goods, the free movement of capital has not undergone the same evolutionary process. Focusing on the ‘golden shares’ case law, this article questions the broad interpretation of ‘capital restrictions’ and seeks to investigate whether the underlying rationale of striking down any special right that could have a potential deterrent effect on inter-State investment is compatible with the constitutional foundations of negative integration. So far the Court seems to promote a company law regime that endorses shareholders’ primacy, lacking, however, the constitutional and institutional legitimacy to decide on such a highly political question. It is thus suggested that a refined test should be adopted that would capture measures departing from ordinary company law and hindering market access of foreign investors, while at the same time allowing Member States to determine their corporate governance systems.


Ilektra Antonaki
Ilektra Antonaki, LL.M., is a PhD candidate at Leiden University, The Netherlands.

    Dit artikel is voor een groot deel gelijk aan de tekst van de inaugurele rede die de auteur uitsprak op 4 april 2016 bij de aanvaarding van het ambt van hoogleraar Mededingingsrecht.


Anna Gerbrandy
Prof. mr. A. Gerbrandy is hoogleraar Mededingingsrecht aan de Universiteit Utrecht. Dit artikel is voor een groot deel gelijk aan de tekst van de inaugurele rede die zij uitsprak op 4 april 2016 bij de aanvaarding van het ambt van hoogleraar Mededingingsrecht. Laurens van Kreij wordt hartelijk bedankt voor zijn hulp bij het omwerken van de oratietekst naar deze publicatie.
Artikel

Access_open Freedom of Religion, Inc.: Whose Sovereignty?

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 3 2015
Trefwoorden accommodation, freedom of religion, political theology, liberalism, liberty of conscience
Auteurs Jean L. Cohen
SamenvattingAuteursinformatie

    This article focuses on an expansive conception of religious freedom propagated by a vocal group of American legal scholars – jurisdictional pluralists – often working with well-funded conservative foundations and influencing accommodation decisions throughout the US. I show that the proliferation of ‘accommodation’ claims in the name of church autonomy and religious conscience entailing exemption from civil regulation and anti-discrimination laws required by justice have a deep structure that has little to do with fairness or inclusion or liberal pluralism. Instead they are tantamount to sovereignty claims, involving powers and immunities for the religious, implicitly referring to another, higher law and sovereign than the constitution or the people. The twenty-first century version of older pluralist ‘freedom of religion’ discourses also rejects the comprehensive jurisdiction and scope of public, civil law – this time challenging the ‘monistic sovereignty’ of the democratic constitutional state. I argue that the jurisdictional pluralist approach to religious freedom challenges liberal democratic constitutionalism at its core and should be resisted wherever it arises.


Jean L. Cohen
Jean L. Cohen is the Nell and Herbert M. Singer Professor of Political Thought and Contemporary Civilization at the Department of Political Science of Columbia University (New York) and will be the Emile Noel Fellow at the Jean Monet Center of the NYU Law School from January till June 2016.
Praktijk

Het vijandig bod

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2014
Trefwoorden vijandig bod, openbaar bod, activistische aandeelhouder, biedingsregels, stakebuilding, melding zeggenschap, beschermingsconstructie, KPN, América Móvil
Auteurs Mr. W.W.C.I.G. Bijveld
SamenvattingAuteursinformatie

    Vijandige biedingen komen met enige regelmaat voor in de Nederlandse openbarebiedingenpraktijk. Van een ‘vijandig bod’ wordt gesproken indien de besturen van een potentiële bieder en een doelvennootschap geen overeenstemming kunnen bereiken over het voorgenomen openbaar bod van de potentiële bieder. De huidige regelgeving omtrent openbare biedingen behandelt een ‘vijandig bod’ op enkele bepalingen na niet anders dan een volledig openbaar bod. Enkele belangrijke regels die een vijandige bieder tegen zal komen gedurende het biedingsproces zijn onder andere de regels omtrent het melden van zeggenschap, de bepaling over de aankondiging van een vijandig bod, de ‘put up or shut up’-regeling en art. 4 en 5 van de SER Fusiegedragsregels 2000. Naast deze regels zal in het artikel tevens worden ingegaan op de overnamestrijd tussen América Móvil en KPN.


Mr. W.W.C.I.G. Bijveld
Mr. W.W.C.I.G. Bijveld is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam.
Article

Access_open Towards Context-Specific Directors' Duties and Enforcement Mechanisms in the Banking Sector?

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2013
Trefwoorden banking sector, directors' duties, financial crisis, context-specific doctrines, public enforcement
Auteurs Wasima Khan LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    The global financial crisis gives reason to revisit the debate on directors’ duties in corporate law, mainly with regard to the context of banks. This article explores the need, rationale and the potential for the introduction of context-specific directors’ duties and enforcement mechanisms in the banking sector in the Netherlands from a comparative perspective.
    Chiefly, two legal strategies can be derived from the post-crisis developments and calls for legal reforms for the need and rationale to sharpen directors’ duties in the context of the banking sector in order to meet societal demands. The two strategies consist in shifting the scope of directors’ duties (i) towards clients’ interests and (ii) towards the public interest.
    Subsequently, this article explores the potential for context-specific directors’ duties and accompanying enforcement mechanisms. Firstly, it is argued that the current legal framework allows for the judicial development -specific approach. Secondly, such context-specific directors’ duties should be enforced through public-enforcement mechanisms to enhance the accountability of bank directors towards the public interest but currently there are too much barriers for implementation in practice.
    In conclusion, this article argues that there is indeed a need, rationale and potential for context-specific directors’ duties; yet there are several major obstacles for the implementation of accompanying public-enforcement mechanisms. As a result, the introduction of context-specific directors’ duties in the banking sector may as yet entail nothing more than wishful thinking because it will merely end in toothless ambitions if the lack of accompanying enforcement mechanisms remains intact.


Wasima Khan LL.M.
PhD Candidate at the Erasmus School of Law, Erasmus University Rotterdam. The author wishes to express her gratitude for valuable comments on an earlier draft of this article from Prof. Vino Timmerman and Prof. Bastiaan F. Assink at the Erasmus School of Law, Erasmus University Rotterdam, as well as the Journal‘s editors and peer reviewers. Any errors remain those of the author.
Article

Access_open An Eclectic Approach to Loyalty-Promoting Instruments in Corporate Law: Revisiting Hirschman's Model of Exit, Voice, and Loyalty

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2013
Trefwoorden Eclecticism, corporate law & economics, corporate constitutionalism, loyalty-promoting instruments
Auteurs Bart Bootsma MSc LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    This essay analyses the shareholder role in corporate governance in terms of Albert Hirschman's Exit, Voice, and Loyalty. The term 'exit' is embedded in a law & economics framework, while 'voice' relates to a corporate constitutional framework. The essay takes an eclectic approach and argues that, in order to understand the shareholder role in its full breadth and depth, the corporate law & economics framework can 'share the analytical stage' with a corporate constitutional framework. It is argued that Hirschman's concept of 'loyalty' is the connecting link between the corporate law & economics and corporate constitutional framework. Corporate law is perceived as a Janus head, as it is influenced by corporate law & economics as well as by corporate constitutional considerations. In the discussion on the shareholder role in public corporations, it is debated whether corporate law should facilitate loyalty-promoting instruments, such as loyalty dividend and loyalty warrants. In this essay, these instruments are analysed based on the eclectic approach. It is argued that loyalty dividend and warrants are law & economics instruments (i.e. financial incentives) based on corporate constitutional motives (i.e. promoting loyalty in order to change the exit/voice mix in favour of voice).


Bart Bootsma MSc LLM
PhD candidate in the corporate law department at Erasmus School of Law, Erasmus University Rotterdam. Email: bootsma@law.eur.nl. The research for this article has been supported by a grant from the Netherlands Organisation for Scientific Research (NWO) in the Open Competition in the Social Sciences 2010. The author is grateful to Ellen Hey, Klaus Heine, Michael Faure, Matthijs de Jongh and two anonymous reviewers for their constructive comments and suggestions. The usual disclaimer applies.
Artikel

Access_open Kuhn and Legal Research

A Reflexive Paradigmatic View on Legal Research

Tijdschrift Law and Method, 2013
Trefwoorden legal paradigm, scientific revolution, social theory, reflexivity, responsibility, risk society, cosmopolitanism
Auteurs Ubaldus de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    This article seeks to describe a paradigmatic view on legal research, based on the thought processes underlining Kuhn’s The Structure of Scientific Revolutions, in particular as how revolutionary change is coming about through a reflexive attitude towards developments that do not fit in the prevailing assumptions in an existing paradigm or research methodology. It allows for a description of ‘normal legal research’ and the assumptions upon which normal legal research is based. It also allows for an explanation as to how these assumptions are no longer exclusively valid but carry with them limitations in the face of structural developments at the level of society. An important feature of the paradigmatic view, then, is that it is able to take issue with these developments by incorporating social theory in our understanding of law.


Ubaldus de Vries
Ulbaldus de Vries is lecturer of Legal Theory at the Department of administrative and constitutional law and jurisprudence at the Faculty of law, Utrecht University. He is a founding-member of the Working Group on Reflexive Modernisation and Law.
Artikel

The procedural role of courts in solving cross-border insolvency cases

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2011
Trefwoorden grensoverschrijdende samenwerking tussen rechters, soft law, internationaal procesrecht, voorontwerp Insolventiewet, EU-Insolventieverordening
Auteurs Prof. mr. B. Wessels
SamenvattingAuteursinformatie

    Als onderdeel van lopend internationaal onderzoek wordt ingegaan op de instrumenten die rechters ten dienste staan voor het tot stand brengen en bevorderen van rechterlijke grensoverschrijdende samenwerking in internationale faillissementen. Wetgeving in onder meer de Verenigde Staten, Canada, het Verenigd Koninkrijk en Duitsland (ontwerp) biedt wettelijke steun voor deze samenwerking. De Nederlandse en Europese wetgever zouden moeten volgen, opdat grensoverschrijdende faillissementsafwikkeling effectief gecoördineerd kan worden.


Prof. mr. B. Wessels
Prof. mr. B. Wessels is independent legal counsel, Dordrecht and Professor of International Insolvency Law at Leiden Law School.

Martin de Jong
Martin de Jong (w.m.dejong@tudelft.nl) works at the Faculty of Technology, Policy and Management, Delft University of Technology (Netherlands) and at the School of Management, Harbin Institute of Technology (China).

Suzan Stoter
Suzan Stoter (stoter@frg.eur.nl) works at the Department of Constitutional and Administrative Law of the Erasmus Law School in Rotterdam and is scientific director of the Centre for Law and Innovation.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.