Zoekresultaat: 143 artikelen

x
Wetenschap en praktijk

Blind date

Over hoe je als contractspartij van een beleggingsinstelling niet voor verrassingen komt te staan bij de vraag op welk vermogen je vorderingen kunt verhalen

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2021
Trefwoorden art. 4:37j Wft, vermogensafscheiding, beleggingsfonds, commanditaire vennootschap, subfonds
Auteurs M.C. Maters en S. Verkerk
SamenvattingAuteursinformatie

    Met het oog op bescherming van beleggers tegen besmettingsrisico’s bepaalt de Wet op het financieel toezicht (Wft) in artikel 4:37j dat beleggingsinstellingen een afgescheiden vermogen hebben. Bij beleggingsfondsen wordt deze vermogensafscheiding mede bereikt doordat de juridische eigendom van de activa van het fonds wordt gehouden door een separaat opgerichte bewaarentiteit. Ook regelt artikel 4:37j Wft dat de afgescheiden vermogens van verschillende beleggingsinstellingen, of subfondsen daarvan, bij één rechtspersoon kunnen worden ondergebracht. In de praktijk leidt de regeling tot misverstanden over de tenaamstelling van bijvoorbeeld overeenkomsten. Dit artikel beoogt de praktijk enkele handvatten te bieden ter voorkoming van bedoelde misverstanden.


M.C. Maters
Mr. M.C. (Michaël) Maters is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

S. Verkerk
Mr. S. (Sebastiaan) Verkerk is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Kroniek Insolventierecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 6 2021
Auteurs Matthieu Brink, Floris Dix, Dennis Helmons e.a.

Matthieu Brink

Floris Dix

Dennis Helmons

Jaap van der Meer

Bastiaan Rolevink

Bart Smink

René Smink

Sandra Tijssen-Dellemijn

Suzan Winkels-Koerselman
Artikel

De afkoelingsperiode in de WHOA

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2021
Trefwoorden wezenlijke schade, herstructureringsdeskundige, art. 376 Fw, voorwaarden, noodzaak
Auteurs Mr. M.R. Schreurs
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel behandelt de afkoelingsperiode in de WHOA. Aan de hand van de jurisprudentie, het doel van de wetgever en de creditors’ bargain-theorie wordt ingegaan op de vraag wie om de afkoelingsperiode kan verzoeken, in welk stadium dat kan, en aan welke criteria moet worden voldaan voordat een rechtbank tot afkondiging kan overgaan.


Mr. M.R. Schreurs
Mr. M.R. Schreurs is advocaat bij RESOR te Amsterdam.
Wetenschap

De lange arm van art. 54 Fw

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2021
Trefwoorden verrekening, verhaal, faillissement, te goeder trouw, omslagmoment
Auteurs L.F.A. Welling-Steffens
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel geeft de auteur een uiteenzetting van het toepassingsbereik van art. 54 Fw aan de hand van de rechtspraak van de Hoge Raad. Hierbij bespreekt zij kritisch het laatste arrest in die reeks (Eurocommerce) over de toepassing van art. 54 Fw op de uitwinning van een pandrecht gevestigd op een vordering op de pandhouder zelf en geeft zij een analyse van de mogelijke gevolgen van deze uitspraak voor de praktijk.


L.F.A. Welling-Steffens
Dr. mr. L.F.A. (Lilian) Welling-Steffens is Of Council/advocaat bij Greenberg Traurig te Amsterdam. Daarnaast is zij verbonden als gastdocent aan de afdeling Privaatrecht van de Rechtenfaculteit aan de Universiteit van Amsterdam.
Wetenschap en praktijk

Het belang van de klassenindeling onder de WHOA

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2021
Trefwoorden homologatie, dwangakkoord, klassen, rangregeling, priority rule
Auteurs Mr. M.R. van der Zee en Mr. B. Gideonse
SamenvattingAuteursinformatie

    De WHOA biedt de mogelijkheid om een dwangakkoord buiten surseance van betaling of faillissement op te leggen. De schuldenaar of herstructureringsdeskundige legt het akkoord ter stemming voor aan de schuldeisers en aandeelhouders en indien ten minste één klasse van schuldeisers of aandeelhouders vóór het akkoord stemt, kan de rechter het akkoord homologeren. Een juiste klassenindeling is cruciaal voor het al dan niet slagen van een WHOA-traject. In dit artikel wordt ingegaan op de vrijheid die de schuldenaar of herstructureringsdeskundige heeft bij het vormen van de klassenindeling, de rechterlijke toetsing daarvan en de mogelijke consequenties van die toets.


Mr. M.R. van der Zee
Mr. M.R. (Maaike) van der Zee is advocaat bij Pels Rijcken te Den Haag.

Mr. B. Gideonse
Mr. B. (Benjamin) Gideonse is advocaat bij Pels Rijcken te Den Haag.

Mr. dr. G.T.J. Hoff
Wetenschap

De Wet opheffing verpandingsverboden

Een kritische bespreking van de nieuwe regeling van art. 3:83 lid 3 en 4, 3:94 lid 5 en 3:239 lid 5 BW, alsmede van het overgangsrecht

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2020
Trefwoorden cessie- en verpandingsverboden, Overdraagbaarheid, Nietigheid, Vormvoorschrift, goederenrecht
Auteurs Mr. dr. M.H.E. Rongen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt aandacht geschonken aan het wetsvoorstel ‘Wet opheffing verpandingsverboden’. Na inwerkingtreding van de wet kunnen de overdraagbaarheid en verpandbaarheid van een geldvordering op naam die voortkomt uit de uitoefening van een beroep of bedrijf niet meer door een beding tussen schuldenaar en schuldeiser worden uitgesloten of beperkt. De Wet opheffing verpandingsverboden beoogt de kredietmogelijkheden van het bedrijfsleven te vergroten door zeker te stellen dat bedrijfsmatig verkregen geldvorderingen als onderpand voor financieringen kunnen worden ingezet. De nieuwe regeling, de daarin opgenomen uitzonderingen en het overgangsrecht worden kritisch besproken.


Mr. dr. M.H.E. Rongen
Mr. dr. M.H.E. (Martijn) Rongen is senior legal counsel bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Overdracht van kredietvorderingen na Promontoria

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2020
Trefwoorden cessie, vordering, rentebeleid, afhankelijk recht, zorgplicht
Auteurs Mr. J.L. Snijders en Mr. Y.C. Tonino
SamenvattingAuteursinformatie

    De Promontoria-arresten maken duidelijk dat bancaire vorderingen naar hun aard niet onoverdraagbaar zijn en dat, hoewel de bancaire zorgplicht niet op de verkrijgende partij overgaat, onder meer de redelijkheid en billijkheid kunnen meebrengen dat op de verkrijgende partij een eigen zorgplicht rust. Dit artikel gaat in op deze zorgplicht van de verkrijgende partij en de impact daarvan op de positie van de overdragende partij.


Mr. J.L. Snijders
Mr. J.L. Snijders en is werkzaam als advocaat bij FIZ advocaten te Rotterdam.

Mr. Y.C. Tonino
Mr. Y.C. Tonino is werkzaam als advocaat bij FIZ advocaten te Rotterdam.
Wetenschap en praktijk

Verpanding van het recht op teruggaaf van btw: een aantrekkelijke vorm van zekerheid?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2020
Trefwoorden cessie, omzetbelasting, oninbare vorderingen, factoring, pandrecht
Auteurs Mr. M. Broere
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij het aantrekken van een financiering wordt een schuldenaar meestal verplicht om zekerheid te geven over zijn activa. Zekerheid kan worden verstrekt over een specifiek vermogensbestanddeel of over een bepaald type activa. In die laatste categorie vallen vorderingen van de schuldenaar op de Belastingdienst uit hoofde van de Wet op de omzetbelasting 1968 (Wet OB). Ingevolge de Wet OB is een ondernemer verplicht om gedurende een tijdvak in zijn administratie de door hem in rekening gebrachte en terug te vragen belasting toegevoegde waarde (btw) bij te houden. Aan het einde van het tijdvak is sprake van een vordering op of een schuld aan de Belastingdienst. In dit artikel wordt de vraag beantwoordt of verpanding van het recht op teruggaaf van btw een aantrekkelijke vorm van zekerheid is.


Mr. M. Broere
Mr. M. (Michelle) Broere is advocaat bij Loyens en Loeff te Amsterdam.
Artikel

De schikkende pandhouder

De deur op een kier voor goederenrechtelijke partijafspraken?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2020
Trefwoorden Neo-River, pandrecht, art. 3:246 BW, schuldeisersbevoegdheid pandhouder, volmacht
Auteurs Mr. M.C.J. Jonckers en Mr. J.M.J.M. van Eck
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland van 18 december 2019 bespreken de auteurs de vraag of de bevoegdheid tot het schikken van een verpande vordering contractueel aan de pandhouder toegekend kan worden en of die afspraak goederenrechtelijk effect heeft.


Mr. M.C.J. Jonckers
Mr. M.C.J. Jonckers is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

Mr. J.M.J.M. van Eck
Mr. J.M.J.M. van Eck is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Verpanding van andere objecten dan eigendom, beperkte rechten en vorderingsrechten

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2020
Trefwoorden vermogensrecht, overdracht, overdraagbaar, verpandbaar
Auteurs Mr. dr. ing. A.J. Verdaas
SamenvattingAuteursinformatie

    De praktijk heeft behoefte aan de verpanding van andere objecten dan eigendom, beperkte rechten en vorderingsrechten. Onderzocht wordt in hoeverre het vermogensrecht in deze behoefte dient te voorzien. Geconcludeerd wordt tot enkele toevoegingen aan de Aanwijzingen voor de regelgeving.


Mr. dr. ing. A.J. Verdaas
Mr. dr. ing. A.J. Verdaas is advocaat bij Ronald Verdaas advocatuur en onderzoeker bij het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Rangorde van schulden der nalatenschap bij vereffening van nalatenschappen

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2020
Trefwoorden voorrang, voorrecht, hypotheekrecht, pandrecht, uitdelingslijst
Auteurs Prof. mr. J.W.A. Biemans
SamenvattingAuteursinformatie

    Centraal staat de rangorde van de schulden der nalatenschap (inclusief pand, hypotheek, voorrechten en andere voorrang) aan de hand van artikel 4:7 BW en de toepasselijke bepalingen in Boek 3 BW en in bijzondere wetten.


Prof. mr. J.W.A. Biemans
Prof. mr. J.W.A. Biemans is hoogleraar Burgerlijk recht, in het bijzonder Goederenrecht en Notarieel recht, aan de Universiteit Utrecht en raadsheer-plaatsvervanger bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Artikel

Kroniek Vermogensrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 8 2020
Auteurs Coen Drion, Anna Zwalve, Bastiaan Kout e.a.

Coen Drion

Anna Zwalve

Bastiaan Kout

Xandra van Heesch

Mr. dr. G.T.J. Hoff
Artikel

Access_open De WHOA: een nieuw herstructureringsinstrument

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2020
Trefwoorden insolventierecht, faillissementsrecht, herstructurering, akkoord
Auteurs Prof. mr. R.D. Vriesendorp en Mr. dr. O. Salah
SamenvattingAuteursinformatie

    De WHOA introduceert een nieuwe akkoordprocedure (bestaande uit twee varianten) in de Faillissementswet. Hiermee kan een schuldenaar een onderhands akkoord aanbieden aan zijn schuldeisers en aandeelhouders. Indien aan bepaalde voorwaarden is voldaan, kan de rechter het akkoord homologeren. Dan zijn alle stemgerechtigde schuldeisers en aandeelhouders gebonden aan het gehomologeerde akkoord.


Prof. mr. R.D. Vriesendorp
Prof. mr. R.D. Vriesendorp is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam en hoogleraar Insolventierecht aan de Universiteit Leiden.

Mr. dr. O. Salah
Mr. dr. O. Salah is als advocaat werkzaam bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Artikel

De onverpandbaarheid van assurantieportefeuilles

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2020
Trefwoorden zekerheidsrechten, verpanding assurantieportefeuille, uitleg pandakte, bepaaldheidsvereiste
Auteurs Mr. K.J. Krzemiński en Mr. T.A. Hartman
SamenvattingAuteursinformatie

    Auteurs bespreken het arrest ING Bank/Thielen q.q. en gaan in op de vraag wat ‘verpanding van een assurantieportefeuille’ oplevert, nu deze op zichzelf niet vatbaar is voor verpanding. Door middel van uitleg van de pandakte concluderen zij dat een dergelijke verpanding leidt tot verpanding van alle voor verpanding vatbare vorderingen die zich in de assurantieportefeuille bevinden.


Mr. K.J. Krzemiński
Mr. K.J. Krzemiński is advocaat bij NautaDutilh te Rotterdam.

Mr. T.A. Hartman
Mr. T.A. Hartman is advocaat bij NautaDutilh te Rotterdam.

Mr. M.H.E. Rongen
Mr. M. (Martijn) H.E. Rongen is senior legal counsel bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Wetenschap

Zeker en vast

De invloed van de wijziging van leningsvoorwaarden, fusie, splitsing, omzetting, schuldoverneming en overdracht van bezwaarde goederen op goederenrechtelijke zekerheden

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2020
Trefwoorden positie pandhouder, wijziging kredietovereenkomst, contractsoverneming, zaaksvervanging, inhoud pandrecht
Auteurs Mr. G. Kreuze
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel behandelt de positie van de zekerheidshouder na herstructurering van de groep vennootschappen waartoe de zekerheidsgever(s) behoort (behoren). Herstructurering kan leiden tot wijziging van de kredietovereenkomst, tot een ‘wijziging’ van de schuldenaren of zekerheidsgevers (door bijvoorbeeld fusie of splitsing), of tot een herschikking van de goederen binnen de groep. Vanuit kosten-, tijds- en juridisch oogpunt vermijdt zowel de zekerheidshouder als de zekerheidsgever bij voorkeur dat zekerheden hergevestigd moeten worden. De auteur bespreekt of, en in welke gevallen, hervestiging nodig of gewenst is in het geval van wijziging van de kredietovereenkomst, fusie, splitsing of omzetting van een zekerheidsgever, schuldoverneming en overdracht van goederen binnen de groep.


Mr. G. Kreuze
Mr. G. (Gianluca) Kreuze is advocaat bij Loyens en Loeff te Amsterdam.
Wetenschap en praktijk

(On)zekerheden bij het financieren van het product-als-dienstmodel

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2020
Trefwoorden zekerheden, circulaire economie, product-als-dienstmodel, natrekking, financiering
Auteurs Mr. dr. C.H.A. van Oostrum
SamenvattingAuteursinformatie

    Ondernemingen die ondernemen conform de uitgangpunten van de circulaire economie ervaren moeilijkheden bij het aantrekken van vreemd vermogen. Dit komt omdat hun innovatieve verdienmodellen voor kredietverstrekkers onzekerheden bevatten. Deze onzekerheden komen ook tot uitdrukking bij het op waarde schatten van de geboden zekerheden. Deze problematiek speelt met name bij circulaire ondernemingen met een product-als-dienstmodel. De problematiek komt voort uit het gegeven dat deze ondernemingen het product-als-dienstmodel toepassen op producten die een lage waarde vertegenwoordigen of die vatbaar zijn voor natrekking. Dit in tegenstelling tot ondernemingen met een traditionele toepassing van het product-als-dienstmodel zoals auto­lea‍semaatschappijen. In dit artikel bespreekt de auteur onzekerheden die een rol spelen bij het bieden van zekerheid voor de financiering van het product-als-dienstmodel zoals dat wordt toegepast door circulaire ondernemingen. Ook wordt ingegaan op mogelijke oplossingen die zijn aangedragen in de literatuur en de praktijk.


Mr. dr. C.H.A. van Oostrum
Mr. dr. C.H.A. (Chris) van Oostrum is als docent/onderzoeker verbonden aan de Hogeschool Inholland.
Artikel

Cessie(verboden), onoverdraagbaarheidsbedingen en de bescherming van betrokken actoren

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden cessie, onoverdraagbaarheidsbeding, cessieverbod, consumentenbescherming, redelijkheid en billijkheid
Auteurs Mr. A.G.F. Ancery
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij cessie staat contractsvrijheid voorop. Partijen kunnen ervoor kiezen om hun vordering overdraagbaar te houden of onoverdraagbaar te maken. Onder omstandigheden kan de aard van de vordering of de aard van de partijrelatie aan deze vrijheid in de weg staan. Deze bijdrage bespreekt wanneer dit het geval is.


Mr. A.G.F. Ancery
Mr. A.G.F. Ancery is als bedrijfsjurist werkzaam bij ING. Daarnaast is hij gastmedewerker bij het Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Leiden en redacteur van dit tijdschrift.
Toont 1 - 20 van 143 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.