Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 547 artikelen

x
Artikel

Access_open Professionele ethiek in het academisch juridisch onderwijs - Enige inhoudelijke en didactische aanknopingspunten

Special issue on Education in (Professional) Legal Ethics, ­Emanuel van Dongen & Jet Tigchelaar (eds.)

Tijdschrift Law and Method, juni 2021
Auteurs Emanuel van Dongen en Jet Tigchelaar
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs inhoudelijke en didactische aanknopingspunten voor de integratie van professionele ethiek in de academische juridische opleiding. Dat gaat wat de auteurs betreft verder dan (enkel) het leren van gedragsregels, maar betreft ook de (kritisch-)ethische reflectie (op de professionele rol) van de jurist en ethische oordeelsvorming. Aanknopingspunten uit rechtstheoretische en onderwijskundige literatuur vragen om een curriculum brede, stapsgewijze, inbedding met passende toetsing. Dit onderwijs dient idealiter een combinatie te zijn van afzonderlijke meta-juridische vakken over recht en ethiek, positiefrechtelijke vakken die ethische elementen bevatten, klinische training en specifieke vakken over beroeps- of professionele ethiek. In dit artikel bespreken de auteurs diverse methoden die kunnen worden gebruikt om het onderwijs vorm te geven en illustreren dit met enkele voorbeelden uit het Utrechts universitair juridisch onderwijs. Actieve participatie, reflectie en – idealiter – eigen ervaringen zijn daarbij van groot belang. Een aantal modellen uit niet-juridische disciplines kan behulpzaam zijn bij het bieden van structuur voor ethische reflectie, voor zover het morele sensitiviteit en morele oordeelsvorming stimuleert. Verscheidene toetsingselementen op het terrein van de ethiek zijn door het curriculum heen nodig. Leeractiviteiten en toetsing kunnen worden opgebouwd in het curriculum van kennis en begrip, naar competenties ten aanzien van ethische dilemma’s en moreel oordelen.


Emanuel van Dongen
Dr. Emanuel van Dongen is Assistant Professor Private Law at the Molengraaff Institute for Private Law, researcher at the Utrecht Centre for Accountability and Liability Law and the Montaigne Centre for Rule of Law and Administration of Justice, Utrecht School of Law.

Jet Tigchelaar
Dr. Jet Tigchelaar is Assistent Professor Legal Theory at the Institute for Jurisprudence, Constitutional and Administrative Law, researcher at the Utrecht Centre for European Research into Family Law, Utrecht School of Law.
Annotatie

Sluiting school

Annotatie bij Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten 14 augustus 2020, ECLI:NL:OGEAM:2020:65

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2021
Auteurs Mr. dr. J. Sybesma en Mr. R.E.R de Knegt
Auteursinformatie

Mr. dr. J. Sybesma
Mr. dr. J. Sybesma is parttime docent staats- en bestuursrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de University of Curaçao. Sybesma is ook lid van de Raad van Advies van Curaçao en bijzondere rechter bij het GHvJ. Hij is tevens redactielid van het CJB.

Mr. R.E.R de Knegt
Mr. R.E.R. de Knegt is wetenschappelijk medewerker staats- en bestuursrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de University of Curaçao. Zij is tevens redactiesecretaris van het CJB.
Artikel

Access_open Wat betekenen advocaten voor het gezondheidsrecht?

Confraternele bijdragen voor Willemien Kastelein en Jaap Sijmons

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2021
Auteurs Mr. A.C. De Die, Mr. dr. L.A.P. Arends, Mr. W.K. Bischot e.a.
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. A.C. De Die
Mieke de Die is advocaat bij Velink & De Die advocaten te Amsterdam.

Mr. dr. L.A.P. Arends
Luuk Arends is advocaat bij Dirkzwager te Nijmegen.

Mr. W.K. Bischot
Willemien Bischot is advocaat bij Van Doorne te Amsterdam.

Mr. drs. M.J.J. de Ridder
Michel de Ridder is advocaat bij KBS te Utrecht.

Mr. dr. W.I. Koelewijn
Wouter Koelewijn is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht.

Mr. dr. M.F. Vermaat
Matthijs Vermaat is advocaat bij Van der Woude De Graaf te Amsterdam.

Mr. T.A.M. van den Ende
Tessa van den Ende is advocaat bij Nysingh te Utrecht.
Trending Topics

De aangifte tegen (oud-)bewindslieden in de toeslagenaffaire

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2021
Trefwoorden strafrechtelijke ministeriële verantwoordelijkheid, ambtsmisdrijven, toeslagenaffaire, ministers, staatssecretarissen
Auteurs Mr. dr. E. Sikkema
SamenvattingAuteursinformatie

    Eerder dit jaar werd namens gedupeerden van de kinderopvangtoeslagenaffaire aangifte gedaan tegen zes (oud-)bewindslieden. Deze (voormalige) ministers en staatssecretarissen zouden zich schuldig hebben gemaakt aan een ambtsmisdrijf. Zij zouden strafrechtelijk verwijtbaar hebben gehandeld, door na te laten wettelijke bepalingen uit te voeren, terwijl dat tot hun taak behoorde. Op basis van een oriënterend onderzoek van de procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft minister Grapperhaus beslist dat geen strafvervolging zal worden ingesteld. De aangifte roept vele interessante vragen op over de strafrechtelijke ministeriële verantwoordelijkheid, de daarbij toepasselijke bijzondere procedure van artikel 119 Grondwet en de wenselijkheid van een (fundamentele) herziening van het bestaande stelsel.


Mr. dr. E. Sikkema
Mr. dr. E. Sikkema is senior wetgevingsadviseur bij de Afdeling advisering van de Raad van State.
Artikel

Access_open Het strafrecht in een aanbestedingsrechtelijk perspectief

De doorwerking van het strafrecht op overheidsopdrachten

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2021
Trefwoorden uitsluitingsgrond, uitsluiting, overheidsopdracht, aanbesteding, veroordeling
Auteurs Mr. T. Beukema
SamenvattingAuteursinformatie

    De rol van het inkoopproces van de overheid is aan het verschuiven. Maatschappelijke thema’s en het bereiken van (Europese) doelstellingen hebben een meer prominente rol gekregen. Met deze verschuiving is ook het integer handelen en de voorbeeldfunctie van de overheid steeds belangrijker geworden, mede gelet op het grote volume aan inkopen.
    Via het inkoopproces heeft de overheid de mogelijkheid om te sturen op integriteit en om invulling te geven aan haar voorbeeldfunctie. Welke handvatten het inkoopproces biedt en wat dit vervolgens inhoudt voor ondernemingen met een strafrechtelijk verleden, wordt in dit stuk nader uiteengezet.


Mr. T. Beukema
Mr. T. Beukema is senior juridisch beleidsadviseur Rijkswaterstaat Grote Projecten en Onderhoud.
Artikel

Access_open Strafbare seks tussen jongeren: ‘ontuchtig’ of ‘anders dan in het kader van een gelijkwaardige relatie’

Wie het weet mag het zeggen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2021
Trefwoorden ontuchtige handelingen, seksuele autonomie minderjarigen, Legaliteit
Auteurs Dr. Renée Kool en Dr. Lydia Dalhuisen
SamenvattingAuteursinformatie

    A revision of the Dutch vice law is to be expected, amongst others with regard to sex between minors. The current standard requires such contacts to be in violation with the social view, indicating that the minor’s perspective is subdue to the majority opinion. Applying the legal standard of ‘indeceny’ (‘ontuchtig’), the judiciary are left with room for interpretation. In order to grant minors more sexual autonomy and to further legality, the legislator wants to change the criterion, opting for the standard of ‘other than in an equal relationship’. This begs the question whether this will solve the interpretive issues that flow from such open criteria. In order to predict whether the standard of ‘other than in an equal relationship’ will contribute to clarify the issues of legality, the jurisprudence with regard to the standard of ‘indecency’ was analyzed in order to learn which variables are applied by the magistracy.


Dr. Renée Kool
Dr. Renée Kool is universitair hoofddocent UCall/WPI bij Utrecht Centre for Accountability & Liability Law (UCALL).

Dr. Lydia Dalhuisen
Dr. Lydia Dalhuisen is universitair docent UCall/WPI, Universiteit Utrecht.
Recensies en signalementen

Annoteren van assumpties als lokmiddel voor juristen

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2021
Auteurs Prof. dr. Peter Mascini
Auteursinformatie

Prof. dr. Peter Mascini
Peter Mascini is werkzaam als universitair hoofddocent sociologie bij de Erasmus School of Social Sciences and Behaviour en als hoogleraar empirische rechtswetenschappen bij de Erasmus School of Law. Hij verricht onderzoek naar de legitimering, uitvoering en handhaving van wets- en beleidsinstrumenten op uiteenlopende terreinen.
Artikel

Stroperige letselschadeprocedures: effectieve remedies tegen rechterlijke termijnoverschrijding?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2021
Trefwoorden redelijke termijn, doorlooptijden, versnelling, Kudla/Polen, Severijnen c.s./Gem. De Bilt
Auteurs Mr. E.A. de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bevat de (beknopte) neerslag van een studie naar de mate van effectiviteit van de bestaande nationale remedie bij een geconstateerde rechterlijke redelijketermijnoverschrijding in de civiele (letselschade)procedure. Op grond van de bevindingen van het verrichte onderzoek is met name de praktische effectiviteit van deze remedie bediscussieerd. De bijdrage bevat derhalve een gedachte-experiment van mogelijke (theoretische) denkrichtingen ter eventuele bevordering van de effectiviteit van de repressieve remedie.


Mr. E.A. de Vries
Mr. E.A. de Vries is junior juridisch medewerker bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant.
Artikel

Access_open Het instellen van een medische tuchtprocedure: een ‘criminal charge’?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden beroepsverbod, tuchtrecht, strafrecht, Engel, EVRM
Auteurs Mr. M.F. Mooibroek
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds de inwerkingtreding van de Wet modernisering tuchtrecht kan de medische tuchtrechter een absoluut beroepsverbod opleggen. Daarmee is het karakter van de medische tuchtprocedure fundamenteel gewijzigd en kan de vraag worden gesteld of de medische tuchtvervolging heeft te gelden als ‘criminal charge’ in de zin van artikel 6 EVRM.


Mr. M.F. Mooibroek
Maurice Mooibroek is advocaat bij KBS Advocaten te Utrecht en buitenpromovendus Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

De csqn-toets bij een nalaten in het licht van het arrest Netvliesloslating: komt bovennormconform gedrag voor rekening van de laedens?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Causaal verband, Onrechtmatige daad, Schade, Schadevergoeding, aansprakelijkheidsrecht
Auteurs Mr. drs. P.A. Fruytier en Mr. L.A. Burwick
SamenvattingAuteursinformatie

    In het Netvliesloslating-arrest oordeelt de Hoge Raad dat bij een onrechtmatig nalaten binnen de csqn-toets het feitelijke gedrag dat de laedens daadwerkelijk zou hebben vertoond bij nakoming van de norm doorslaggevend is. Dat bevreemdt, omdat de laedens daardoor soms voor méér schade aansprakelijk is dan als hij zuiver normconform zou hebben gehandeld. In dit artikel betogen de auteurs dat die invulling van de csqn-toets niet strookt met de empirisch logische uitgangspunten daarvan.


Mr. drs. P.A. Fruytier
Mr. drs. P.A. Fruytier is cassatieadvocaat bij BarentsKrans te Den Haag en redacteur van dit tijdschrift.

Mr. L.A. Burwick
Mr. L.A. Burwick is advocaat bij Houthoff te Amsterdam.

Mr. dr. G.T.J. Hoff
Wetenschap

Wanprestatie/onrechtmatige daad rechtspersoon = onrechtmatige daad bestuurder?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2021
Trefwoorden aansprakelijkheid, bestuurdersaansprakelijkheid, art. 6:162 BW, subsidiaire aansprakelijkheid, directe aansprakelijkheid
Auteurs Mr. H.J. Vetter
SamenvattingAuteursinformatie

    De bestuurder van een rechtspersoon kan op grond van onrechtmatige daad aansprakelijk zijn tegenover een crediteur van de rechtspersoon en gehouden zijn diens schade te vergoeden. Bestuurdersaansprakelijkheid doet zich in de regel alleen voor bij aanwezigheid van een ‘persoonlijk ernstig verwijt’. Meestal is die aansprakelijkheid een subsidiaire aansprakelijkheid: biedt de rechtspersoon geen verhaal voor de vordering van de crediteur, dan richt hij zijn pijlen op de bestuurder, in de hoop daar wel verhaal te vinden. Zijn er gevallen waarin die aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad niet pas aan de orde komt als de rechtspersoon geen verhaal biedt? De voorbeelden liggen niet voor het oprapen, maar het kan zich voordoen als de rechtspersoon door toedoen van de bestuurder zeer ernstig wanprestatie pleegt of de bestuurder de rechtspersoon opzettelijk onrechtmatig laat handelen. In dergelijke gevallen kan de crediteur de bestuurder dadelijk met de rechtspersoon aansprakelijk stellen, ongeacht of de rechtspersoon verhaal biedt of niet.


Mr. H.J. Vetter
Mr. H.J. (Hans) Vetter is rechter in de rechtbank Den Haag.
Artikel

Access_open Het fenomeen ‘pedojagen’: toepassingsbereik van artikel 359a Sv, bezien in het licht van een mogelijke strafzaak tegen de (vermeende) pedoseksueel

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden pedojagen/pedojagers, (evidente) pedoseksueel, (normering) burgeropsporing, (buitensporig) optreden, aanvulling/nuancering artikel 359a Sv
Auteurs Mr. J.D. (Jessica) Schmahl en Mr. L.W. (Lune) Verbeek
SamenvattingAuteursinformatie

    ‘Pedojagen’ is een groeiend fenomeen, zo blijkt uit recente incidenten. Strafvorderlijke autoriteiten dragen uit dat zij door pedojagers ontmaskerde vermeende pedoseksuelen niet zullen vervolgen. Het is de vraag of dit standpunt in de praktijk ook wordt nageleefd en of naleving altijd wenselijk is. De auteurs beargumenteren dat het OM tot vervolging moet kunnen overgaan wanneer door pedojagers een ‘evidente pedoseksueel’ wordt ontmaskerd. Onderzocht is welke ruimte het klassieke beoordelingskader van artikel 359a Sv (genuanceerd in HR 1 december 2020) aan de rechter biedt, dan wel zou moeten bieden, om consequenties te verbinden aan buitensporig optreden door pedojagers jegens de beschuldigde pedoseksueel.


Mr. J.D. (Jessica) Schmahl
Mr. J.D. Schmahl is als docent straf- en strafprocesrecht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht.

Mr. L.W. (Lune) Verbeek
Mr. L.W. Verbeek is als docent straf- en strafprocesrecht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht.
Actualiteiten rechtspraak

NTS 2021/36

HR 2 februari 2021, 19/02027, ECLI:NL:HR:2021:129

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 2 2021
Artikel

Het groeiende doolhof van de Wet voorkoming misbruik chemicaliën voor verplichtingen met drugsprecursoren

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2021
Trefwoorden drugsprecursoren, chemicaliën, Wet voorkoming misbruik chemicaliën, WED, Opiumwet
Auteurs Mr. O.S. Pluimer
SamenvattingAuteursinformatie

    De Wet voorkoming misbruik chemicaliën (Wvmc) bepaalt dat het verboden is om in strijd te handelen met uiteenlopende voorschriften uit Europese verordeningen over drugsprecursoren. Deze Europese voorschriften brengen met zich dat bij handelingen met bepaalde drugsprecursoren, in het bijzonder zogenoemde geregistreerde stoffen, allerlei verplichtingen in acht moeten worden genomen. Zo gelden onder andere vergunning-, documentatie-, registratie- en opslagplichten. Thans is in de Tweede Kamer een wetsvoorstel in behandeling om een nieuw verbod in de Wvmc op te nemen. Met dit verbod wordt beoogd handelingen strafbaar te stellen met stoffen die (nog) niet zijn geregistreerd op grond van de Europese verordeningen maar geen legale toepassing zouden hebben. In dit artikel wordt ingegaan op de verplichtingen met drugsprecursoren en het voorgestelde verbod. Bij het wetsvoorstel worden de nodige kanttekeningen geplaatst.


Mr. O.S. Pluimer
Mr. O.S. Pluimer is advocaat bij JahaeRaymakers te Amsterdam.
Trending Topics

Toelichting gewenst: de nieuwe Aanwijzing opsporing en vervolging buitenlandse corruptie

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2021
Trefwoorden corruptie, aanwijzing, facilitation payments, nationaliteit rechtspersoon, omkoping
Auteurs Mr. J.J. Strijder en Mr. S.J. Lopik
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Openbaar Ministerie (OM) publiceert geregeld zonder toelichting gewijzigde versies van zijn aanwijzingen. Aanwijzingen van het OM zorgen over het algemeen voor (meer) duidelijkheid over en gelijkheid binnen het vervolgingsbeleid. Het ontbreken van een toelichting op wijzigingen kan echter juist onzekerheid en ongelijkheid opleveren. Een toelichting bij nieuwe aanwijzingen is daarom aan te bevelen. Dit werd bijvoorbeeld duidelijk bij de nieuwe Aanwijzing opsporing en vervolging buitenlandse corruptie (Aanwijzing) van het Openbaar Ministerie, die op 1 oktober 2020 in werking trad.1x Stcrt. 2020, 50178. De Aanwijzing vervangt de vorige aanwijzing over dit onderwerp uit 2012,2x Stcrt. 2012, 26939. en voorziet in enkele ingrijpende wijzigingen ten opzichte van haar voorganger. Zo is de uitzondering voor facilitation payments uit de Aanwijzing verdwenen alsook de visie van het OM op de vraag wanneer een rechtspersoon als Nederlander kwalificeert. Enige uitleg over de achtergrond en ratio van deze wijzigingen was op zijn plaats geweest.

Noten

  • 1 Stcrt. 2020, 50178.

  • 2 Stcrt. 2012, 26939.


Mr. J.J. Strijder
Mr. J.J. Strijder is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam.

Mr. S.J. Lopik
Mr. S.J. Lopik is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam en buitenpromovendus aan de Universiteit Leiden.
Redactioneel

COVID-19 als katalysator voor crimmigratie?

Tijdschrift Crimmigratie & Recht, Aflevering 1 2021
Auteurs Maartje van der Woude

Maartje van der Woude
Jurisprudentie

Annotatie Lang

De schoen die wel past, maar toch niet lekker zit. Over inreisverboden en artikel 197 Sr.

Tijdschrift Crimmigratie & Recht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Terugkeerrichtlijn, inreisverbod, aanvang duur, strafrecht, strafbaarstelling van verblijf met wetenschap van inreisverbod
Auteurs Jim Waasdorp
Auteursinformatie

Jim Waasdorp
Mr. J.R.K.A.M. Waasdorp is rechter in opleiding in de rechtbank Den Haag en buitenpromovendus bij de Universiteit Utrecht en redacteur van dit blad.
Artikel

Het verbod op zwijgcontracten in de zorg

Symboolwetgeving of meer dan dat?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden contractsvrijheid, consultatiewetsvoorstel, zwijgbeding, remedies, nietigheid
Auteurs Mr. J.J. Kempkes
SamenvattingAuteursinformatie

    In maart 2020 is een wetgevingsproces ten behoeve van een verbod op zwijgcontracten in de zorg gestart. In deze bijdrage analyseert de auteur de (betwiste) toegevoegde waarde van de voorgestelde nietigheidsbepaling in het licht van bestaande remedies in het BW. Met het oog op de heterogeniteit van typen zwijgbedingen wordt de meerwaarde van het zwijgcontractenverbod bepleit.


Mr. J.J. Kempkes
Mr. J.J. Kempkes is afgestudeerd in de masters Recht van de Gezondheidszorg en Rechtsgeleerdheid, variant Privaatrecht, aan de Erasmus School of Law.
Toont 1 - 20 van 547 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 27 28
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.