Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 2792 artikelen

x
Artikel

Access_open Over meelifters, gelukzoekers en rechters die problemen maken als partijen die niet hebben

Beschouwingen naar aanleiding van de Fortis/Ageas-schikking

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2018
Trefwoorden massaschade, WCAM-schikking, freeriders, belangenbehartigers
Auteurs Mr. M.L.A. Rijndorp en Mr. I. Tillema
SamenvattingAuteursinformatie

    In juni 2017 heeft het Gerechtshof Amsterdam beslist dat het (eerste) schikkingsvoorstel in de Fortis/Ageas-zaak niet verbindend kan worden verklaard. De auteurs bespreken het voorstel en de tussenbeschikking en duiden deze binnen het kader van het freeriderprobleem. Daarnaast bespreken zij het huidige juridische kader voor (toetsing van) de vergoeding aan belangenbehartigers en werpen zij enkele aandachtspunten op voor de verdere ontwikkeling daarvan.


Mr. M.L.A. Rijndorp
Mr. M.L.A. Rijndorp is student-assistent aan de Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. I. Tillema
Mr. I. Tillema is promovenda aan de Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Jurisprudentie

Afwijzing van voorziening doventolk. Geen sprake van ongeoorloofd onderscheid op basis van leeftijd of handicap

Centrale Raad van Beroep 8 september 2017 (ECLI:NL:CRVB:2017:3229)

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Artikel 19a WOOS, artikel 34a en 35 Wet WIA, artikel 26 IVBPR, artikel 14 EVRM, Richtlijn 2000/78/EG, VN-verdrag Handicap
Auteurs Mr. M.J.A.C. Driessen
SamenvattingAuteursinformatie

    Betrokkene is doof en vraagt een voorziening doventolk aan ten behoeve van een opleiding die zij wil gaan volgen. De aanvraag wordt afgewezen door de Centrale Raad van Beroep. Voor een voorziening op grond van de Wet Overige OCW-subsidies is zij te oud. Een beroep op leeftijdsdiscriminatie slaagt niet omdat het gemaakte onderscheid op grond van leeftijd gerechtvaardigd wordt geacht. Ook een voorziening in het kader van de Wet WIA wordt afgewezen. Een voorziening krachtens die wet wordt alleen toegekend als de opleiding als een toeleiding naar werk kan worden gezien. Nu betrokkene al werk heeft is daarvan geen sprake. Een beroep op het VN-verdrag Handicap helpt betrokkene niet. Opmerkelijk is wel dat de Centrale Raad van Beroep toetst aan dit verdrag zonder de toepasbaarheid van dat verdrag separaat te beoordelen.
    In dit artikel wordt de vraag aan de orde gesteld of deze motivering wel voldoet aan de procedurele verplichting die, volgens de rechtspraak van het EHRM, voortvloeit uit artikel 14 EVRM. In het concrete geval moet een rechterlijk onderzoek plaatsvinden naar het bestaan van een redelijke en objectieve rechtvaardigingsgrond voor de inbreuk op het recht op gelijke behandeling. De rechtbank neemt in deze uitspraak tot uitgangspunt dat de ruime beleidsvrijheid van de wetgever in de weg staat aan een rechterlijke belangenafweging in het concrete geval. Betoogd wordt dat vaste rechtspraak van de Hoge Raad bepaalt dat de rechter, bij wijze van uitzondering, wel mag treden in een beleidskeuze van de wetgever. Dit kan hij doen wanneer het resultaat van die beleidskeuze strijd zou opleveren met een rechtstreeks werkende verdragsbepaling zoals artikel 14 EVRM. De besproken uitspraak miskent die rechterlijke bevoegdheid.


Mr. M.J.A.C. Driessen
Mr. M.J.A.C. (Malva) Driessen is docent sociaal recht aan de Maastricht University
Column

Onbillijke prijzen

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2018
Auteurs Winfred Knibbeler
Auteursinformatie

Winfred Knibbeler
Mr. W. Knibbeler is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP.
Artikel

Van sancties naar schadeclaims?

Een analyse van de publiekrechtelijke handhaving van het mededingingsrecht bij inbreuken door natuurlijke personen en een verkenning van de civielrechtelijke handhavingsmogelijkheden

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2018
Trefwoorden boete, ACM, natuurlijke personen, schadeclaim, handhaving
Auteurs Linde Bremmer
SamenvattingAuteursinformatie

    Natuurlijke personen kunnen nu ruim tien jaar, sinds 1 oktober 2007, door de Autoriteit Consument en Markt (ACM) een boete opgelegd krijgen voor betrokkenheid bij overtredingen van de Mededingingswet. Het tienjarige jubileum van deze bevoegdheid van de ACM vormt een goede aanleiding de balans op te maken van de handhaving van het mededingingsrecht bij inbreuken door natuurlijke personen. In dit artikel wordt niet alleen een analyse gemaakt van de huidige boetetoemeting aan natuurlijke personen door de ACM. Ook wordt vooruitgekeken naar nieuwe rechtsontwikkelingen op het gebied van (civielrechtelijke) handhaving van het mededingingsrecht met betrekking tot natuurlijke personen. Zo wordt onderzocht in hoeverre het reëel is schadevorderingen jegens feitelijke leidinggevers in te dienen.


Linde Bremmer
Mr. L.L. Bremmer LLM is advocaat bij Stek te Amsterdam.
Jurisprudentie

Expedia en Groupement des cartes bancaires nu ook civielrechtelijk merkbaar

HR 14 juli 2017, ECLI:NL:HR:2017:1354, Stichting ‘Geborgde Dierenarts’ en de vereniging Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde/Agib B.V.

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2018
Auteurs Celine van der Weide
SamenvattingAuteursinformatie


Celine van der Weide
Mr. C.J.A. van der Weide is advocaat bij Kneppelhout & Korthals Advocaten. Deze bijdrage is afgesloten op 15 januari 2018.
Artikel

Stoelendans aan boord van de KLM

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Stoelendansmethode, Methode de Blécourt, Omgekeerde afspiegelingsbeginsel, Uitwisselbaarheid, Reorganisatie
Auteurs mr. Mirjam de Blécourt
SamenvattingAuteursinformatie

    In de praktijk blijft behoefte aan een reorganisatie op basis van de stoelendansmethode. Indien nieuw gecreëerde functies een deel van de werkzaamheden van de oude (te) vervallen functies bevatten, kan de werkgever niet langer de meest geschikte werknemer plaatsen. De werkgever dient in dat geval af te spiegelen over die geschikte werknemers van wie een deel van de functie terugkeert en automatisch te plaatsen op basis van omgekeerde afspiegeling. Pas daarna mogen de rest van de geschikte werknemers worden geplaatst. In de literatuur en jurisprudentie worden de termen (her)plaatsen, automatisch plaatsen, direct plaatsen, tewerkstellen en benoemen door elkaar gebruikt. In deze bijdrage wordt een terminologie-suggestie gedaan om duidelijkheid te scheppen. Om in de praktijk een reorganisatie op basis van de stoelendansmethode volgens een juist stappenplan uit te voeren is een visueel stappenplan in deze bijdrage opgenomen.


mr. Mirjam de Blécourt
Advocaat
Artikel

De complicaties voor de werkgever bij het uit dienst treden van een zieke werknemer: een (praktisch) overzicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Bezava, Zieke werknemer, Ontslag, Wachttijd, Eigenrisicodrager
Auteurs mr. Hylda Wiarda en mr. Ilse Baijens
SamenvattingAuteursinformatie

    Een zieke werknemer brengt gedurende het dienstverband veel verplichtingen voor de werkgever mee. De Wet Bezava heeft er in de praktijk toe geleid dat werkgevers huiverig zijn geworden om een werknemer ziek uit dienst te laten gaan vanwege de premiestijging. Bovendien stuit het beeindigen van het dienstverband van een zieke werknemer op andere praktische bezwaren. In dit artikel gaan wij nader in op de problematiek waarmee de werkgever wordt geconfronteerd bij het uit dienst treden van een zieke werknemer tijdens en na de wachttijd. Achtereenvolgens gaan we daarbij in op beëindiging tijdens de eerste twee ziektejaren en beëindiging na afloop van de wachttijd, waarbij we de mogelijke stijging van de premielast voor de werkgever bij instroom van werknemers in de Ziektewet en de WIA, het eigenrisicodragerschap, het opzegverbod bij ziekte en het slapende dienstverband bespreken.


mr. Hylda Wiarda
Senior Associate

mr. Ilse Baijens
Junior Associate
Actualia contractspraktijk

Detailhandelaren en leveranciers in distributieland treden toe tot het walhalla van de Dienstenrichtlijn

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Algemene voorwaarden, Informatieplicht, Dienstenrichtlijn, Detailhandel, Distributiehandel
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    De Dienstenrichtlijn is op 28 december 2009 geïmplementeerd in het BW. De regeling in het BW bevat een eigen, van artikel 6:234 BW afwijkende, lichte wijze van informeren over algemene voorwaarden. Omdat de informatieplicht onder de Dienstenrichtlijn lichter is dan die onder het BW, streven veel partijen naar de status van dienstverrichter. Op 30 januari 2018 oordeelde het HvJ EU dat ook detailhandel en distributiehandel onder het bereik van de Dienstenrichtlijn vallen. De reikwijdte van dit arrest valt niet te onderschatten, De gevolgen van dit arrest voor de algemenevoorwaardenregeling in het BW worden besproken.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

De waarborgfunctie van het rechtspersonenrecht

Over de bewaarnemersrol van eerste- en tweedegraadsbestuurders en hun (ogenschijnlijk) verschillende processuele positie na het arrest Le Roux Fruit Exporters

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2018
Trefwoorden waarborgfunctie, bewaarnemersrol, vennootschappelijk belang, ernstig verwijt, bestuurdersaansprakelijkheid
Auteurs Mr. dr. W.A. Westenbroek
SamenvattingAuteursinformatie

    Om het recht te begrijpen is het soms van belang stil te staan bij de vraag waarom dat recht bestaat. In deze wetenschappelijke bijdrage wordt daarom ingegaan op de zogenoemde waarborgfunctie van het rechtspersonenrecht. Het artikel onderbouwt de eerder door de auteur ingezette lijn dat het bestuurdersaansprakelijkheidsrecht aan herbezinning toe is.


Mr. dr. W.A. Westenbroek
Mr. dr. W.A. Westenbroek is advocaat bij WestLegal te Amsterdam.
Artikel

Gasorba: ‘stating the obvious’ over parallelle handhaving

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden mededinging, Verordening (EG) nr. 1/2003, toezeggingsbesluit, kartelschadeclaims
Auteurs Mr. B. Nijhof
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie oordeelt dat een toezeggingsbesluit ex artikel 9 lid 1 van Verordening (EG) nr. 1/2003 van de Europese Commissie in beginsel niet in de weg staat aan handhaving van Europees mededingingsrecht door nationale rechters en mededingingsautoriteiten ten aanzien van dezelfde feiten waar een toezegginsbesluit op ziet.
    HvJ 23 november 2017, zaak C-547/16, Gasorba SL e.a./Repsol Comercial de Productos Petrolíferos SA, ECLI:EU:C:2017:891


Mr. B. Nijhof
Mr. B. (Bram) Nijhof is advocaat bij Taylor Wessing te Eindhoven.
Artikel

Access_open De relativiteit van een energielabel: EnergyClaim/Staat

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden relativiteitsvereiste, overheidsaansprakelijkheid, lidstaataansprakelijkheid, rechten toekennen aan particulieren, energielabel
Auteurs Mr. R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel bespreekt het arrest van het Gerechtshof Den Haag van 11 april 2017 waarin de vorderingen van de Stichting EnergyClaim tegen de Nederlandse Staat tot schadevergoeding wegens een onjuiste implementatie van het Unierecht op het gebied van het verplichte energieprestatiecertificaat zijn afgewezen. De afwijzing van de vorderingen door het hof is met name gebaseerd op het Europese en Nederlandse relativiteitsvereiste. De auteur plaatst enkele kanttekeningen bij dit oordeel.


Mr. R. Meijer
Mr. R. Meijer is advocaat bij ZIPPRO MEIJER CITTEUR te Amsterdam.
Artikel

Voertuigautomatisering en productaansprakelijkheid

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden voertuigautomatisering, productaansprakelijkheid, zelfrijdende auto
Auteurs Dr. mr. K.A.P.C. van Wees
SamenvattingAuteursinformatie

    De invoering van de zelfrijdende auto lijkt nog maar een kwestie van jaren. Van automatisering van de rijtaak wordt veel verwacht in termen van verbetering van de verkeersveiligheid, rijcomfort en doorstroming. Maar de techniek brengt ook nieuwe risico’s en daaruit voortvloeiende aansprakelijkheidsvragen mee. Een van die vragen betreft de potentiële aansprakelijkheid van de producent. In deze bijdrage bespreekt de auteur de op de Europese richtlijn gebaseerde aansprakelijkheidsregeling van afdeling 6.3.3 BW.


Dr. mr. K.A.P.C. van Wees
Dr. mr. K.A.P.C. van Wees is universitair docent privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Market economy operator: de economische ratio van een crediteurenakkoord is bepalend

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden staatssteun, criterium van de marktdeelnemer in een markteconomie, insolventie, crediteurenakkoord, onderzoekverplichtingen van de Europese Commissie
Auteurs Mr. D. Ninck Blok en Mr. G. Van der Wal
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie en het Gerecht hebben in hun arresten in de langlopende zaak Frucona Košice voor de toepasselijkheid en toepassing door de Commissie van het beginsel van de marktdeelnemer in een markteconomie (‘market economy operator’ (MEOP)) duidelijke regels vastgesteld. Het arrest Frucona Košice zet de lijn van eerdere jurisprudentie verder door een objectieve economische toets van de transactie bij de beoordeling van het voordeelcriterium centraal te stellen. De subjectieve gedragingen of bewustheid van de overheidsinstanties zijn daarbij ondergeschikt.
    HvJ 20 september 2017, zaak C-300/16 P, Europese Commissie/Frucona Košice, ECLI:EU:C:2017:706.


Mr. D. Ninck Blok
Mr. D. (Doortje) Ninck Blok is werkzaam als advocaat Europees en mededingingsrecht bij Windt Le Grand Leeuwenburgh te Rotterdam.

Mr. G. Van der Wal
Mr. G. (Gerard) van der Wal is werkzaam als advocaat Europees en mededingingsrecht bij Windt Le Grand Leeuwenburgh te Rotterdam.
Artikel

Dienstenrichtlijn 2.0: bestemming bereikt?

Een analyse van het arrest Visser Vastgoed/Appingedam

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Dienstenrichtlijn, Verdrag, Europees recht, ruimtelijke ordening
Auteurs Mr. dr. M.R. (Marleen) Botman
SamenvattingAuteursinformatie

    Auteur bespreekt de antwoorden van het Hof, analyseert de gevolgen en beziet tot welke nieuwe juridische vraagstukken deze (kunnen) leiden. Daarbij richt zij zich met name op de gevolgen voor de systematiek van de vrijheden op de interne markt en de doorwerking hiervan in het nationale recht.


Mr. dr. M.R. (Marleen) Botman
Mr. dr. M.R. Botman is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag en verbonden aan het Centre for Public Contract Law & Governance (CPC) van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Het arrest Visser Vastgoed Beleggingen en de bestemmingsplanpraktijk

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Dienstenrichtlijn, Europees recht, ruimtelijke ordening, bestemmingsplan, Omgevingswet
Auteurs Drs. J.H.M. (Koos) Seerden en Ing. R.G.M. (Ruud) Louwes
SamenvattingAuteursinformatie

    Auteurs, die werkzaam zijn in de bestemmingsplanpraktijk, gaan in op de vraag welke effecten het arrest van het Hof zal en kan hebben voor de gemeentelijke praktijk ten aanzien van het faciliteren van detailhandel. Zij geven daarbij diverse voorbeelden en betrekken bij de vraag naar de toekomst ook de provinciale verordeningen. Tot slot kijken zij vooruit naar de Omgevingswet.


Drs. J.H.M. (Koos) Seerden
Drs. J.H.M. Seerden is directeur van Rho adviseurs voor leefruimte.

Ing. R.G.M. (Ruud) Louwes
Ing. R.G.M. Louwes is juridisch-planologisch adviseur bij Rho adviseurs voor leefruimte.
Artikel

Jurisprudentie Afdeling bestuursrechtspraak over het (niet) van toepassing zijn van de Dienstenrichtlijn bij ruimtelijke besluiten

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Dienstenrichtlijn, Europees recht, ruimtelijke ordening, bestemmingsplan
Auteurs Mr. H.A.J. (Henk) Gierveld
SamenvattingAuteursinformatie

    Auteur gaat in op de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State over het (niet) van toepassing zijn van de Dienstenrichtlijn bij ruimtelijke besluiten, zowel de jurisprudentie over overweging 9 als de uitspraken over de vraag of detailhandel onder de Dienstenrichtlijn valt. Hij gaat tevens in op de mogelijke gevolgen voor het bestemminsplan van de gemeente Appingedam.


Mr. H.A.J. (Henk) Gierveld
Mr. H.A.J. Gierveld is wetgevingsjurist bij de Hoofddirectie Juridische en Bestuurlijke Zaken van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Deze bijdrage is echter geschreven in zijn hoedanigheid als toegevoegd onderzoeker aan het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainability Law van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Dienstenrichtlijn en bestemmingsplan

Over een ‘goede ruimtelijke ordening’ en de ‘twijfel aan de juistheid’-toets

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Dienstenrichtlijn, Europees recht, ruimtelijke ordening, bestemmingsplan
Auteurs Prof. mr. A.G.A. (Tonny) Nijmeijer
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn bijdrage gaat de auteur in op een tweetal vragen: (1) Strookt het Nederlandse criterium ‘goede ruimtelijke ordening’ van artikel 3.1 lid 1 van de Wet ruimtelijke ordening met het in de Dienstenrichtlijn opgenomen verbod op het hanteren van economische criteria voor de toelating en het verrichten van diensten? (2) Wat betekenen de in artikel 15 lid 3 van de Dienstenrichtlijn opgenomen eisen, met name de eis van evenredigheid, voor de motivering van een bestemmingsplan en de rechterlijke toetsing?


Prof. mr. A.G.A. (Tonny) Nijmeijer
Prof. mr. A.G.A. Nijmeijer is hoogleraar bestuursrecht, in het bijzonder het omgevingsrecht, aan de Radboud Universiteit Nijmegen en verbonden aan Hekkelman advocaten in Nijmegen. Hij is tevens rechter-plaatsvervanger in de Rechtbank Gelderland.
Redactioneel

Access_open De Dienstenrichtlijn: zoeken naar de balans tussen de markt en ruimtelijke ordening

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Dienstenrichtlijn, Europees recht, ruimtelijke ordening, bestemmingsplan
Auteurs Prof. mr. dr. J. (Jurian) Langer
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit gastredactioneel gaat de auteur in op de bijdragen van verschillende auteurs aan het symposium van de Universiteit Utrecht van 16 februari 2018, dat geheel gewijd was aan het arrest van het Hof van Justitie van de EU over de zaak Visser Vastgoed Beleggingen BV versus de raad van de gemeente Appingedam. Hij vat aan het einde van zijn bijdrage samen wat de toetsing aan artikel 15 van de Dienstenrichtlijn tot gevolg kan hebben.


Prof. mr. dr. J. (Jurian) Langer
Prof. mr. dr. J. Langer is ‘agent’ (procesgemachtigde) voor de Nederlandse regering in procedures bij het Hof van Justitie van de EU en hoofd van het Hofcluster bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. In zijn hoedanigheid als agent is hij betrokken geweest bij het in dit themanummer besproken arrest. Hij is ook als bijzonder hoogleraar Europees recht en de nationale rechtsorde verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Toont 1 - 20 van 2792 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.